|
The
Jayhawks werden in 1985 opgericht door Louris en Olson. Waar Olson in
eerste instantie de songs schreef kreeg ook Louris' songwriting gaandeweg
op hun eerste twee albums meer ruimte. Hun samenzang en melodieën, geworteld
in de country en folk, bleken op het door George Drakoulias geproduceerde
"Hollywood Townhall" uit 1992 uiteindelijk tot een grote doorbraak
te leiden. Kort daarvoor hadden de mannen getekend voor een deal met het
door Rick Rubin vers opgerichte American Recordings. "Waiting For
The Sun" bleek de zeer aanstekelijke single die het album een ware
klassieker maakte. Opvolger "Tomorrow The Green Grass" bleek
al net zo'n tijdloze voltreffer te zijn. Net als bands als Wilco en Whiskeytown
bleken The Jayhawks grondleggers te zijn van de zogenaamde muziekgenre
Americana. Het album bleek ondanks de jubelende recensies en reacties
van het publiek echter niet het grote succes te zijn wat werd gehoopt.
Het lange touren eiste zijn slachtoffers. Olson verliet de band na een
lang slopende tour in 1995 om meer bij zijn vriendin, singer-songwriter
Lucinda Williams, te kunnen zijn. Hij startte eerst met Williams Original
Harmony Ridge Creepdippers en vervolgens een solo carrière.
Louris zette The Jayhawks vervolgens voort. Met de albums "Sound
Of Lies", het meer pop geïnspireerde "Smile" en als laatste
wapenfeit het album "Rainy Day Music". Bepaald geen slechte
albums die de fans op hun wenken leken te bedienen. Het mede door Louris
opgerichte Golden Smog bleek naast The Jayhawks een succesvolle Americana
superband. Jeff Tweedy van Wilco, Jody Stephens van good old Big Star,
Dan Murphy van Soul Asylum en Kraig Johnson van Run Westy Run zijn de
belangrijke andere leden.
Dat er ooit een dag zou komen dat Olson en Louris weer optimaal zouden
gaan samenwerken was te verwachten. Ze deden ten slotte de laatste jaren
ineens weer op elkaars albums mee en gaven vanaf 2005 ook weer samen concerten.
Maar dat hun hernieuwde studiosamenwerking zo goed zou uitpakken als op
"Ready For The Flood", een plaat die vorig jaar verscheen, was
niet echt voorzien. "Ready For The Flood" was dan ook meer een
intiem album van twee uit het oog verloren vrienden die hun vriendschap
nieuw leven inblazen, maar elkaar nog aftasten. De warme melodieën die
op dit album te horen zijn doen echt herinneren aan de gloriejaren van
The Jayhawks en deze plaat was dan ook meteen een prettige (her)kennismaking
en ... was het hopen op meer.
Om de fans bezig te houden, worden we voorlopig getrakteerd op een verzamelaar,
"Music From The North Country", die de beste liedjes van de
Jayhawks albums samenvoegt. De songs komen in chronologische volgorde
voorbij, waarbij alle zes de albums die tussen 1989 en 2003 verschenen
vertegenwoordigd zijn, met op CD1 een prachtig overzicht op CD2 een reeks
vergeten en moeilijk te vinden parels en een DVD die ons tevens toegang
geeft tot een zestal videoclips van "Hollywood Town Hall" en
"Sound of Lies", naast een aantal promotiefilmpjes.
De keuze pakt vooral goed uit op "Blue Earth" (1989), "Hollywood
Town Hall" (1992) en "Tomorrow The Green Grass" (1995),
de drie cd’s waarop zangers Mark Olson en Gary Louris zij aan zij zingen.
Dit laatste album is tevens het laatste waarop Olson te horen is. Opmerkelijk
is dat Louris op "Sound Of Lies" (1997) gemakkelijk overeind
blijft. Bassist Marc Perlman en gastzanger Matthew Sweet vullen moeiteloos
het vocale gat dat Olson heeft achtergelaten. De songs zijn iets steviger,
maar ook meeslepender, met een uitermate hoog kippenvelgehalte. Op het
verdeeld ontvangen "Smile" (2000) lijkt Louris een handreiking
te doen naar het grote publiek, met songs die mede dankzij de achtergrondvocalen
van toetsenist Karen Grotberg uiterst toegankelijk klinken. Een minder
geslaagde zet die in 2003 gecorrigeerd wordt op "Save It For A Rainy
Day".
Met een reeks schoolvoorbeelden aan ideale countryrock liedjes als "Two
Angels", "Waiting For The Sun", "Blue", "Miss
Williams Guitar" en "Tailspin", valt er uiteraard gemakkelijk
een mooie verzameling samen te stellen. Een driedelige verzamelaar, die
u beslist moet aanschaffen, als u toch een beetje interesse heeft in de
Amerikaanse rootsmuziek na The Band en The Grateful Dead. Voor deze liefhebber
herbergt het geen geheimen, vandaar dat er van deze uitgave ook een luxe
versie zal verschijnen, met b-kanten en rariteiten, die veelal het gekozen
songmateriaal aanvult.
"Music From The North Country" is misschien een wat wankele
evenwichtsoefening die Mark Olson oneer aandoet en Gary Louis overbelicht,
maar we zijn zeker dat iedere liefhebber van pure Americana hier zeker
warm gaar voor lopen.
|