TEN TON FEATHER - DIDIA ESPERITU

Hun eerste gezamenlijk album refereert al direct naar beide vertolkers uit Oakland, Californië. Elk van beiden, Rick DiDia en Aireene Espiritu, bracht vroeger al, in 2006, een apart soloalbum uit, maar in dit rootsy album vullen zij elkaar amicaal aan met intuïtieve gevoelantennes. Aireene heeft Filippijnse roots maar haar stem heeft diezelfde gevoelsdimensie als bij zangeressen met namen als Gillian Welch, Alison Krauss en Rickie Lee Jones.

Rick zingt af en toe solo, kracht en gevoel combinerend, zoals in het intense schrijnende ‘Shine’. Maar meestal zingt het duo samen, al meer dan drie jaar hun talenten samenvoegend, zowel vocaal als instrumentaal. Beiden spelen ukelele en DiDia speelt prachtig gitaar, soms slide op zijn knieën. Bovendien krijgen beide zangers gezelschap van zeven uitmuntende instrumentalisten, allen even geïnspireerd. Zo ontroert fiddlespeler Chad Manning op het bluesy ‘Wailing Sun’ en zet mandolinespeler Brian Judd aan tot dromen in ‘Flying’. Jon Evans, mede-producer, vult aan met bas, toetsen en lapsteel. Bill Evans verlevendigt met zijn banjo de up-tempo folksongs.

Hun country/folk muziek doet denken aan de integere singer-songwriters, die zich een halve eeuw geleden in de schaduw terugtrokken, zoals o.m. Julie Felix, Phil Ochs, David Blue, Burl Ives, Mimi Farina en anderen, waarvan de meesten niet meer leven. Deze traditionele muziek dreigde teloor te gaan, maar komt nu blijkbaar weer in oplevende moderne schittering terug. Muziek met een zekere zwaarte en tegelijk transparant, zoals een veder die dwarrelt en kleuren laat oplichten. DiDia schreef de meeste indringende teksten, maar ook Aireene maakte van het troostliedje ‘Lucky Little Star’ een beeldend miniatuurpareltje.
Over vele van deze songs ligt een waas van kwetsbare schoonheid, met aansluitend de bedenking: hoe diep kan je gaan in een folksong? Met ‘Heaven’s Eyes’ roept Rick al fingerpickend desperate gevoelens op en ‘To The Ends Of Love’ is naar mijn aanvoelen nu al een universele klassieker. Bovendien zijn zowel intro ‘My Country’ als ‘Misissippi’ - met fantastisch drumwerk - van het soort waarnaar Alan Lomax destijds verbeten op zoek zou gaan, desnoods al lopend met alle opnameapparatuur op zijn rug. Zoals het duo a-capella ‘My Country’ vertolkt en daarmee de tragedie en veerkracht van de Katrina overlevenden evoceert, getuigt van humaan inlevingsvermogen.

DiDia en Espiritu profileren zich in dit album als enigmatische rasartiesten die hun muzikale horizonten graag verbreden, maar nergens de diepgang uit het oog verliezen.

Marcie

 

 

Artiest info
Website  
 

video