BOEK : BLUES - SEKS, MOED EN TEGENSPOED - JOHAN OP DE BEECK

Het lezen van dit boeiend, gedocumenteerd maar ook emotioneel betrokken boek maakte mij nieuwsgierig naar de auteur, zijn ideeën, drive en de aanleiding van dit boek. Daarom stelde ik hem enkele vragen, waarvan ik de antwoorden aan deze boekbespreking toevoeg. Ik kan het boek ten zeerste aanbevelen aan iedereen die van ver of dichtbij betrokken is bij de bluesgenese, de tijdslijn en de taalrijkdom van de blues zelf.

 Niets of toch weinig in de journalistieke loopbaan van Johan Op de Beeck liet veronderstellen dat hij tot de blues ‘aficionado’s mag worden gerekend, maar in zijn pas uitgekomen boek ‘Blues’ met ondertitel ‘Seks, moed en tegenspoed’ geeft hij blijk van zowel brede als diepgaande kennis over dit onderwerp. In tien hoofdstukken licht hij het bluesgenre toe met een grondigheid en liefde die een persoonlijke betrokkenheid verraadt. In zijn inleiding liet de auteur al doorschemeren dat de blues voor hem zijn ‘favoriete mentale karate’ is en dus een tegengif voor zijn sores of hem besluipende demonen. Of een arm om de schouder. En ‘achterhalen hoe dat precies in zijn werk gaat’ is wellicht de belangrijkste drijfveer achter het schrijven van zijn boek. (1)(2)(3)

 Het boek leest tegelijk als een geschiedenisboek en als een spannende verkenningstocht naar de ontknoping van het raadsel: ‘Where, when and why’ geraakten bekende Belgische bluesmuzikanten of getuigen geïnfecteerd met de blues. Met de logische daaropvolgende vraag: ‘wie was de dader’?. Die dader is dan niet alleen Robert Johnson, op wiens leven, poëtische songs en nalatenschap uitvoerig wordt ingegaan, maar verschilt naargelang de bevraagde persoon. In de keuze van zijn gespreksgenoten opteerde Op de Beeck voor alom bekende bluesmuzikanten of oude vrienden zoals Karel Bogaert, die, behalve het uitbrengen van een bluesplaat, in 1971 ook een Blueslexicon samenstelde.(4)

 In hoofdstuk 1 vernemen we meer over de beginjaren: ontstaansgeschiedenis, de eerste optekeningen, de ‘work songs’, ‘field hollers’,  Gospels en Spirituals en enkele belangrijke figuren uit die tijd die maakten dat dit eerste ‘zwarte’ erfgoed ten velde of op vinyl niet verloren ging.  W.C. Handy, Alan Lomax en Jim McKune verlegden zo elk wat steentjes in de doorstroming van de Delta blues. Ook de economische en culturele setting krijgt Johan’s aandacht, alsmede de nieuwe twijfels over de oorsprong van de blues. Zowel Afrika als Europa maken kans.  

 In de volgende hoofdstukken belicht de schrijver dan meerdere markante figuren in de blues, zoals o.m. John Lee Hooker, Muddy Waters, Lightnin’ Hopkins, B.B. King enz., waarbij hij zich laat leiden door zijn bronnen en de gecontacteerde muzikanten die hem van nieuw voedsel voorzien via anekdotes uit het verleden. Het gaat dan niet alleen over ‘deep’ blues, maar ook over boogie, rock -‘n’ roll en het entertainmentgehalte van de blues. In de marge bewegen zich de platenhandelaars, talentschouten, de bluesmaffia, concertpromotoren en uiteraard de verzamelaars.

 Tot slot buigt de schrijver, tevens communicatieadviseur, zich over het vraagstuk of de blues in zijn huidige of evoluerende vorm nog een toekomst heeft. De antwoorden die men hem geeft zijn van diverse aard. Maar het debat daarover reikt wellicht veel verder dan dit boek en ligt voor een deel bij de organisatoren van kleinere festivals die jong talent een kans geven of bij bevlogen bluesliefhebbers zoals Johan Op De Beeck, die op zeker moment geraakt worden door het mysterie van de blues, die ‘je niet alleen met je hart voelt, maar ook met je voeten’. (5)(6)

 Marcie 

Aansluitende vraagstelling : 

1. Heb je enig idee waarom het veertig jaar wachten was vooraleer er in België opnieuw een gedocumenteerd bluesboek wordt uitgebracht na het Blues Lexicon van Karel Bogaert uit 1971?

 Ik denk dat velen dachten ze het allemaal wisten. Maar in dit boek zal je zien dat er nog veel verhalen zijn die we niet kennen en bovenal ben ik er trots op dat ik denk te zijn doorgedrongen tot het allermoeilijkste : schrijven over iets dat je meestal alleen kan horen. Doordringen tot de essentie zonder te vervallen in hooggeleerde theorie die niemand aanspreekt of begrijpt, dat is verdraaid moeilijk geweest.

 2. Uw literaire inspiratie bij de zoektocht naar authenticiteit en de roots van alle moderne muziek komt niet uit de lucht gevallen, maar vroeg vermoedelijk rijping en jarenlang voorbereiding?

 Rijping in de geest allicht wel, maar geen voorbereiding. Ik ben twee jaar geleden ‘s nachts wakker geworden met het idee: laat ik nu eindelijk eens mijn zin doen en schrijven over iets dat er toe doet. Iets dat zal blijven en iets dat relevant is. Ik heb de vragen die ik tracht te beantwoorden in mijn boek al jaren in mijn hoofd zitten, maar heb nooit een echt plan opgebouwd, het idee was er plots. Maar niet toevallig natuurlijk.

 3. Hoe ontdekte je uiteindelijk zelf dat de blues een tegengif kan zijn voor dagelijkse zorgen of voor de ‘woekering van demonen’?

 Toen ik de verhalen leerde kennen van de mensen achter de muziek.  Het levensverhaal van B.B. King, gestart als wees en stotteraar, getuige van lynchpartijen en discriminaties allerhande. Die man heeft er zich doorgeslagen dankzij muziek en liefde, geen revanche en ‘haatzaaierij’. Een lichtend voorbeeld voor ons allemaal.

 4. Hanteerde je criteria of toevalligheden bij de keuze van uw gesprekspartners?

 Ik wilde een mix : bekenden, oudere en vergeten artiesten , jonge mensen en vooral mensen die een verdienste hebben. Ook mensen die het aspect “ levenslust” in de Blues belichamen.

 5. Wat is jouw persoonlijk aanvoelen of voorspelling wat de toekomst van de blues betreft?

 Geen zorgen, de Blues is al een paar keer gestorven en weer opgestaan. Zonder McKune en Lomax kenden we Son House en Skip James niet, zonder de Stones  was Howlin Wolf en Muddy aan ons voorbij gegaan en vooral : de Blues gaat over de kern van de zaak en zolang die niet verandert, zal die muziek mensen blijven aanspreken en boeien.

 6. Welke troost of geluk schonk deze muziek ‘die je zowel met je hart als je voeten voelt’ jou persoonlijk?

 Troost en geluk gaan hand in hand bij ontroerende muziek, maar je voelt het nog het meest als je zelf een geslaagde blues speelt met gelijkgestemden. Dat is meer dan de optelsom van de delen.

Met dank aan Johan Op de Beeck

Marcie

 

 

Artiest info
Uitgeverij - EPO