BRUCE GERRISH AND THE SHINOLAS – QUIRKOPHONY

Bruce Gerrish is een nieuwe naam die zijn eerste plaat uitbrengt. Dit wil echter niet zeggen dat hij een jonge, beginnende artiest is. Integendeel, hij heeft al heel wat muzikale watertjes doorzwommen. Hij begon zoals vele jongeren met musiceren op de high school van zijn stad Minneapolis. Na het afmaken van die studie verhuisde hij naar New Orleans om er bij vrienden van de familie te gaan werken. Die vrienden waren de uitbaters van de befaamde Preservation Hall in de French Quarter van New Orleans. Tijdens zijn verblijf aldaar kreeg hij een muzikaal bad met onderdompeling in jazz, cajun, country blues…. Kortom, alles wat er in Louisiana aan muziekstijlen te vinden is. Van daaruit is hij wat rondgetrokken om uiteindelijk nu te resideren in Vancouver, Canada. Daar is hij nu oa. directeur van de Vancouver City Limits, een zaal dat plaatselijk talent de kans geeft voor een publiek te spelen.

Voor deze eerste plaat deed hij beroep op een kennis uit Vancouver: producer Bill Buckingham en kreeg hij hulp van veel schoon volk uit de Canadese roots muziekscene. De meest bekende is natuurlijk Steve Dawson, een beetje de godfather van Canada rootsmuziek. Maar tevens ook een kwaliteitslabel. De plaat bestaat uit 13 zelf geschreven songs die een veelheid aan stijlen bevat. Dat is net de grote troef van deze plaat: de afwisseling die maakt dat deze “Quirkophony” blijft boeien. De plaat doet me qua sfeer en speelsheid ook een beetje denken aan de platen van Jimmy Buffet.

De opener “I Wanna New Life” is een vrolijk huppelende song met een country en gospel invloed door het gebruik van dobro en backing vocals. Sterk radiovriendelijk nummer. “Man Bound” gaat in dezelfde lijn voort: snel, opzwepend tempo, enkele stemmen en een boogie feeling waar de Dr. Van Radio 21 goedkeurend zou voor knikken. Ook vrolijk, uptempo en met een grote geut bluegrass en boogie piano in de song is “Montana Man”.

Maar ze kunnen ook een ander repertoire aan. Zo is “Red River” een song die meer aan Little Feat doet denken. Pompend orgel, achtergrond zang en slide gitaar zijn de hoofdbestanddelen van dit nummer. Verder moeten volgende songs zeker een vermelding krijgen: “Coulda, Shoulda, Woulda”, een vrolijk klinkende song die doet denken aan Lyle Lovett en waarin Bruce op het einde een New Orleans fanfare laat opdraven. “I Said I Do” een texmex nummer met accordeonsolo in beste Augie Meyers traditie.”Another Silent Night” is een goed alternatief voor de kleffe muziek die de kop weer zal opsteken. Vrolijke song. Een van de sterkste nummers van de plaat is “Treadmill” met knap gitaarwerk van vermoedelijk Stve Dawson dat doet denken aan Ry Cooder.

Buitenbeentjes op de plaat zijn de 2 afsluitende nummers. “You Don’t Know Shit From Shinola” is een swingende song met pedal steel en blazers die je kan bestempelen als honky tonk country met een scheut New Orleans. Denk hierbij terug aan Lyle Lovett en Jimmy Buffet. “ Jumbo Shrink” is een Fats Domino pastiche.

Het heeft blijkbaar lang geduurd voor dat Bruce Gerrish zijn eerste plaat maakte maar dat is misschien net de sterkte: het is een afwisselend album geworden met vele sterke songs en mooie momenten. Liefhebbers van rootsmuziek die vrolijk is, wat niet altijd het geval is in dit genre, moeten deze plaat zeker een luisterbeurt geven.

(Lisael)

Artiest info
Website  
 

Label : DMI Records

video