HABIB KOITÉ & ERIC BIBB - BROTHERS IN BAMAKO

Zanger/gitarist Eric Bibb zwermt graag uit om nieuwe landen en culturen te ontdekken. Nog niet zo lang geleden trok hij voor zijn album ‘Deeper In The Well’ naar Louisiana. Thans reist hij af naar Bamako in West-Afrika om er zijn bluesbroeder Habib Koité te ontmoeten. Hij kreeg er het gevoel van een thuiskomst, een indruk die hij reeds op de eerste song ‘On My Way To Bamako’ verwoordt. Daar wachtte de Malinese gitarist Habib Koité hem op, ook al iemand die in een muzikale familie opgroeide, evenals Eric Bibb, zoon van folkzanger Leon Bibb. Habib stamt af van de Khassonké griots en leerde gitaar spelen door dit van zijn ouders af te kijken. Hij studeerde bovendien aan het ‘National Institute of Arts (INA)’ in Bamako in Mali en werd later zelf gitaarleraar. Nadien trok de ‘griot van de XXste eeuw’ met zijn eigen band ‘Bamada’ de wereld rond en stond hij met andere Westerse muzikanten op de grote festivalpodia. De twee bereisde zangers ontmoetten elkaar een eerste maal tien jaar geleden bij de opname van het Putumayo album ‘Mali To Memphis’, lang genoeg om er een vriendschapsband te creëren.

De droom om ooit een gezamenlijk album op te nemen wordt nu verwezenlijkt. Beide muzikanten hebben gemeenschappelijk dat zij hun eigen muziek willen overstijgen en zich niet willen laten inperken door grenzen. Dat geeft als resultaat een mix van prachtige exotische muziek waarin Afrikaanse tranceritmes met Gospelachtige songs versmelten zoals o.m. ‘Send Us Brighter Days’, als het ware een gebed dat oprijst vanuit de warme rode aarde van het zwarte continent. Maar ook Westerse invloeden zijn hoorbaar zoals op ‘Los Angeles’, gezongen en gecomponeerd door Habib. Beide muzikanten wisselen af in zang, schreven afzonderlijk of samen en graaien in hun veelheid van akoestische instrumenten zoals gitaar, banjo en ukelele. De diverse 6- of 8-snarige gitaren verrijken het klankenpalet met daarnaast nog de Afrikaanse percussies van drummer Mamadou Kone, ook al een rasmuzikant geworteld in de tradities van zijn volk.

Behalve de enkele instrumentale nummers, de traditionals en de Bob Dylan cover ‘Blowin’ In The Wind’ lieten de muzikanten zich in de eigen songs inspireren door een diep respect voor elkaars eigenheid en tradities, het natuurbehoud en menselijke aspiraties met daarnaast een grote betrokkenheid op individuele menselijke tragedies. De tegenstellingen tussen arm en rijk worden subtiel aangeklaagd, zoals op ‘We Don’t Care’. Het intrieste ‘Khafolé’ verhaalt over een moeder die haar kind verliest als gevolg van een besnijdenis. Op ‘Needed Time’ plooien beide troubadours zich even terug op het proces van creativiteit. En zowel het nostalgische ‘Tombouctou’ als het instrumentale ‘Mami Wata’ voeden zich aan een mythische bron. De melancholie in de melodische zanglijnen is nooit ver weg. Het broederlijk spiritueel gelijkheidsgevoel is de constante doorheen alle songs, nog maar eens benadrukt in ‘With My Maker I Am One’. Dat beide hun culturele eigenheid en taal naast elkaar plaatsen en tegelijkertijd overschrijden geeft aan dit album een meerwaarde. En het bijgevoegd boekje met poëtische teksten maakt deze transatlantische unit ook fotografisch visueel. Alles subliem in zijn complexe eenvoud!

Marcie

Artiest info
Website  
 

video