FLIP NOORMAN – BELLSE PARESE

Bent u toevallig op zoek naar een Nederlandstalige plaat die zonder blozen naast de beste producties uit allerlei verweglanden mag staan? Bent u er zo eentje, die niet vies is van intensiteit, die zijn handje niet omdraait voor getormenteerde teksten en verwrongen muziekjes? Kan u ironie en zwartgalligheid hebben, ook al zijn die verpakt in vrolijke deuntjes? Loopt u niet meteen weg als een melodie op potten en pannen gespeeld lijkt te zijn? Kan u het hebben als een artiest u rechtstreeks lijkt aan te spreken? Houdt u, met andere woorden, van muziek à la Tom Waits of The Latin Playboys?

Ik weet het, dit lijkt wel een Flairtest, maar het leek me een gepaste methode om het doelpubliek voor de debuutplaat van de uit Breda afkomstige speelman Flip Noorman maar meteen te filteren. Dat zit zo: Flip Noorman lijdt aan Bellse Parese ofte aangezichtsverlamming. Van het ene moment op het andere wilde de helft van zijn gezicht niet meer mee, als gevolg van een zenuwontsteking. De man moet dus letterlijk met twee gezichten door het leven maar hij blijft wel die éne man, die hier debuteert met op muziek gezette poëzie, die zijn verscheurdheid , zijn gespletenheid moet weergeven.

Dat leidt tot een ronduit verpletterende, indrukwekkende plaat, die, zo mocht/moest ik zelf ervaren, niet zo makkelijk te combineren valt met verder doen met de gewone dingen van de dag. Wat ik bedoel is dat deze CD mij zodanig midscheeps raakte, dat ik twee dagen lang geen zin had om iets anders te beluisteren. Ik kon geen radio verdragen, vanwege te luchtig, ik raakte geen twee pagina's ver in een nochtans sterke roman...enfin, de plaat nam ongevraagd en ongewild bezit van mijn patroon van denken en doen. Ik weet niet hoe dat met U zit, maar bij mij gebeurt zoiets maar heel, heel zelden.

Ik mag hopen dat U intussen begrepen heeft dat ik vind dat U absoluut deze plaat de grondige luisterbeurten moet geven waar ze recht op heeft. Dan ontdekt U erg fraai geschreven teksten en ingenieus in elkaar gezette songs over de condition humaine van een man die plots geconfronteerd wordt met een werkelijkheid, die hij zelf ook liever niet onder ogen had moeten zien. Er wordt daarenboven erg vakkundig gemusiceerd, zodat de liedjes, die in wezen tot de folk behoren, kleedjes aangetrokken krijgen, waardoor je ze nu eens in de jazz of de avant-garde, dan weel in de kleinkunst of de Americana zou gaan rangschikken. Titels vermelden heeft geen zin, aangezien het hier gaat om een plaat die je, keer op keer op keer in haar geheel moet beluisteren. Alle tien zijn ze fraai en alle tien pakken ze je daar, waar het soms verschrikkelijk pijn kan doen.

Het persblaadje heeft het over een wereld waarin Boudewijn De Groot en Tom Waits een vreemd huwelijk aangaan en zo is het helemaal: taalvirtuositeit wordt aan klankkleuren gekoppeld, die je maar zelden tegenkomt. Deze plaat vraagt heel wat van de luisteraar, maar die wordt dan ook rijkelijk beloond voor de moeite die hij doet en ik ben zo vrij hier en nu, met de hand op het hart, te zeggen dat deze CD over tien, twintig jaar, een klassieker zal blijken te zijn. Hulde ook aan Bastaard Platen, het jonge label van Jeroen Kant en Mathijs Leeuwis, die met hun maatschappijtje startten onder het motto “als de grote platenfirma's niks willen en de kleine niks kunnen, dan doen we het toch gewoon zelf?” Deze CD bewijst alvast hun levensgrote gelijk. Mensen toch, wat is dit mooi....

(Dani Heyvaert)


Artiest info
Website  
 

video

Distr.: Sonic Rendezvous