VARIOUS ARTISTS: THE EVE FOLK RECORDINGS

Dit wordt er eentje voor de ouderen onder ons. Zij, die vijftig jaar geleden al oud genoeg waren om met muziek bezig te zijn en die vandaag jong genoeg zijn om zich dat nog te herinneren.

Als we het dan, zoals op deze dubbelaar het geval is, hebben over de Britse folkbeweging van de vroege tot midsixties, dan kunnen we uiteraard niet om de naam van Donovan heen. Hij krijgt de eer de debatten te openen op de eerste van twee cd's, zij het dat hij een tikkeltje ondervertegenwoordigd is, met slechts vier songs. Vier slechts, maar ze kunnen wel alle vier serieus tellen: “Colours”, natuurlijk, en “Catch The Wind”, dat spreekt vanzelf. Beide waren destijds singles en beide nummers leerden ons toen zowat de Britse folk kennen, die beweging, die een antwoord was op de grote golven die ene Bob Dylan veroorzaakte aan de overkant van de Grote Plas.

Donovan Leitch zat ook aan de overkant, maar dan van de kleine plas en deze twee songs deden destijds massa's jongeren naar hun eerste akoestische gitaar grijpen. Mooie opener dus voor een overzichtsdubbel-CD. “Goldwatch Blues” is wat minder bekend, maar “And The War Drags On” werd toen vaak in menig jongerencafé gedraaid. Dat was,net als “Goldwatch Blues”, een nummer van ene Mick Softley, een man die we pas later, met nogal wat terugwerkende kracht leerden kennen, toen we al in onze “op-zoek-naar-het-origineel”-fase zaten.

Uitgerekend deze Mick Softley krijgt de overige ruimte op de eerste van de twee cd's. Zijn LP “Songs for Swingin' Survivors” belandde later in onze kast en kwam daar zeer geregeld ook weer uit, al was het maar omwille van dat origineel van “The War Drags On”, maar vooral omdat de man een uitstekende exponent was van wat we later gemeenzaan de protestsong gingen noemen. Zijn single”I'm So Confused” was af en toe zelfs op onze nationale radio te horen en zelf mochten we wàt graag zijn hemels mooie versie van Billie Holiday's “Strange Fruit” op onze compilatiecassettes pleuren. De enige andere cover op die plaat was er eentje van Woody Guthrie's “Plains of the Buffalo”, maar die verzonk wat tussen de sterke eigen songs van Softley.

De tweede plaat wordt gewijd aan twee wat minder bekende artiesten van toen: Bob Davenport, een man die je rustig de overgangsfiguur tussen de oude Engelese folk en de revival van de jaren '60 kunt noemen en bij wie bijvoorbeeld de jonge Fairport muzikanten wel eens leentjebuur kwamen spelen.  Vernon Haddock van zijn kant was de man die het pad effende voor bands als The Bonzo Dog Doo-Dah Band en The New Vaudeville Band.

Van Bob Davenport & The Rakes wordt de hele, titelloze LP geserveerd, veertien tracks lang en je krijgt er twee livenummers bovenop. Dat deze traditionele nummers -jigs, reels en de hele reutemeteut inbegrepen, het best live tot hun recht komen, blijkt ten overvloede uit die bonustracks. De rest is bijzonder interessant als documentaire, maar ik betwijfel of die echt klassieke worksongs van toen, vandaag nog zouden aanslaan.

Dat ligt behoorlijk anders bij Vernon Haddock's Jubilee Lovelies: hun, vaak op heel oude songs (“Don't Let our Deal Go Down”, “Viola Lee Blues” en “I Wish I Could Shimmy Like My Sister Kate” worden tot op vandaag geregeld gecoverd) gebaseerde bewerkingen, klinken nog altijd bijzonder aanstekelijk en geven een goed idee van wat er destijds bewoog op de Londense folkpodia.. Ik was iets te jong om toen naar ginder af te reizen, maar de muziek slaagde er wel in om de zee over te steken en ze heeft een groot stuk bepaald van wat ik later graag ging horen.

Alleen al om die reden is deze reissue belangrijk. Verder bevat ze tientallen minuten bijzonder leuke muziek, die de basis vormt van wat later ettelijke keren gekopieerd werd. Waarop zou u dus wachten, nu u, met de kerstboom in zicht, het originele werk (opnieuw) in huis kunt halen?

(Dani Heyvaert)

Artiest info
Label: Cherry Red Records