RY COODER, MEESTER IN DE SCHADUW

Wie Ry Cooders soloplaten uit de jaren 1970 en 1980 vandaag nog op de draaitafel kan leggen zal dubbel genieten van dit boek over de veelzijdige Ry Cooder, gitaarvirtuoos, vertolker, klankman, cross-culturele verkenner, chroniqueur, filmcomponist, novellist, protestzanger en evocerende verteller. Een muziekarchivaris of etnomusicoloog wou hij niet genoemd worden, alhoewel hij muziek uit o.m. de Bahama’s, Cuba , de Ganges en Afrika voor de vergetelheid heeft behoed. Schrijver Wouter Bulckaert heeft in een lijvig boek vooral de aspecten muzikant, multi-instrumentalist, researchman, verteller en componist in de figuur van deze muzikale duizendpoot belicht die ervoor koos om in de schaduw te blijven en eigenzinnig naliet om zijn platen te promoten. In een zestal hoofdstukken weidt de auteur uit over het omvangrijk oeuvre en de platenproductie van Ry Cooder die in 1947 in een middenklassengezin in Santa Monica geboren werd.

Bij de vraag, waar was je toen je de platen van Ry Cooder ontdekte, kan ik met plezier refereren naar een platenwinkeltje in het Mechelse waar de broertjes Jan De Smet & Co een platenzaak runden. Inmiddels zijn er vier decennia voorbijgegaan, maar het belang van de maatschappelijk geëngageerde muzikant Ry Cooder in de folk-, blues-, rock-'n-roll, hillbilly, country en western historie is alsmaar toegenomen, waarbij dan nog de fusie van etnische muziek mag worden gerekend. Dankzij de auteur kan je nu ook het verhaal in en achter de muziek lezen, vanaf het ogenblik dat Ry Cooder op vierjarige leeftijd een gitaar kreeg om erop te oefenen. Omdat hij zich verwond had aan zijn oog bood dat instrument hem zowel troost als afleiding. De radio en de platen die hem beïnvloedde, het belang van zijn omgeving, zijn eerste engagementen als sessiemuzikant en zijn eerste soloplaten worden allemaal met veel details beschreven. Zo kom je bijv. ook te weten hoe de eerste platenhoezen tot stand kwamen.

Op zijn tiende verjaardag krijgt Cooder van zijn vader een zessnarige Martingitaar cadeau, het begin van zijn loopbaan als slidegitarist. Als adolescent maakte hij nadien kennis met de muziek van o.m. Woody Guthrie, Robert Johnson, John Lee Hooker, Joseph Spence, Taj Mahal, Tom Paley, Sleepy John Estes, brassbands enz. Het is de aanzet tot zijn muzikale levensgeschiedenis die bijna een halve eeuw omsluit vanaf het startmoment in 1970 toen zijn titelloze debuutplaat werd uitgebracht, geproducet door Van Dyke Parks, gevolgd door het geëngageerde ‘Into The Purple Valley’ geproducet door Jim Dickinson & Lenny Waronker. Je kan raden dat de auteur naast muzikant ook muziekrecensent was of is. Zijn beschrijvingen van de platen en albums die Cooder uitbracht zijn haast lofbesprekingen alsof deze pas recent in de winkel lagen, wat het verhaal nog boeiender maakt.

Van de bejubelde ‘Boomer Story’ en ‘Paradise And Lunch’ tot de laatste ‘Get Rhythm’ - jaren zeventig en tachtig- kom je allerlei bijzonderheden te weten over stijlen, songs, medemuzikanten… Of welke beroemdheden er gestrikt werden, zoals de Hawaïaanse Gabby Pahinui, de Bahamaan Joseph Spence, de Indiaase V. M. Bhatt en de Mexicaan Flaco Jiménez. Steeds verstaat Cooder de kunst om schijnbaar onverenigbare muzikale stijlen met ‘elkaar te matchen, tradities te integreren en er gevoel in te blazen’. Met het digitaal opgenomen ‘Bop Till You Drop’ uit 1979 werd de periode van analoge opnames voorlopig afgesloten. Muziekliefhebbers zullen zich geenszins vervelen met dit stukje muziekgeschiedenis tot 1980 toen Cooder, inmiddels vader, besloot om achttien jaren lang geen soloplaten meer uit te brengen.

Hierna volgde een periode dat Ry Cooder zich ging toeleggen op filmmuziek. Hij werkte mee aan een twintigtal soundtracks, waarvan ‘The Long Riders’ uit 1980 en het atmosferische ‘Paris, Texas’ uit 1984 een haast iconische status kregen. Cooders werk als klankman en componist van filmsoundtracks, waarbij klank en beeld ineenvloeien, zal een twintigtal jaren omspannen. Ook dat compositorisch filmwerk krijgt de volle aandacht van de auteur wat zowel de muziek- als filmliefhebbers erg zal interesseren. De filmmuziek bleef trouwens na al die jaren los van de beelden overeind. Hoe Ry Cooder bij elke film te werk ging en wie hij contacteerde is telkenmale een verhaal op zich, waarbij de auteur erin slaagt dat verhaal aan het filmscenario te koppelen met aandacht voor alle inhoudelijke en muzikale finesses. Wat verder verspringt de auteur naar de periode van Cooders multiculturele samenwerkingen met o.a. de Malinese gitarist Ali Farka Touré, de Cubaanse veteranen van de Buena Vista Social Club en de Cubaanse Manuel Galbán.

De platen die met hen worden opgenomen krijgen allen een Grammy. Als sessiemuzikant begint Cooder opnieuw mee te spelen met muzikanten van divers pluimage, van Captain Beefheart en de Chieftains tot Randy Newman, John Hiatt, Walter Zevon en Terry Evans. Daarna begint Ry Cooder opnieuw soloplaten uit te brengen die alle afzonderlijk lof oogstten. Van het magisch-realistische ‘Chávez Ravine’ uit 2005, - het eerste deel van een trilogie waarin het maatschappelijk engagement boven drijft -, tot het laatste ‘Election Special’ uit 2012, - waarin hij zich ontpopt als politieke waakhond -, kan je de ontstaansgeschiedenis van elk album volgen. Op een of andere manier slaagt de auteur erin om steeds weer zijn enthousiasme te laten overspringen zodat je zowel oude als recentere platen gaat opduiken als begeleidende sound bij het visueel verhaal. Alzo ontdek je effectief dat de bijdragen van Ry Cooder de plaat elke keer weer naar een hoger niveau tillen, zoals de schrijver beweert en illustreert. De gevarieerde discografie waarmee het boek afsluit laat verhopen dat de veelzijdige Cooder nog nieuwe uitdagingen op zijn weg mag vinden.

De grote verdienste van auteur Wouter Bulckaert is dat hij telkenmale de bescheiden Ry Cooder weet neer te zetten als een archetypische ‘muzikale outlaw die zijn eigen wetten volgt en bewust de regels van de rockindustrie vermijdt’. De wijze waarop hij Ry Cooder uitlicht als intuïtieve muzikant die liefst de zijde van de underdogs koos, een empathische verteller en tegelijk virtuoze klankman, een sessiemuzikant, die steeds het gemeenschapsgevoel liet primeren en gewoon plezier beleefde aan het samenspel met authentieke muzikanten, getuigt van voortdurend respect en oprechte bewondering. Het laat vermoeden dat hier zelf een muzikant aan het woord is, al dan niet autodidact, die naast de liefde voor muziek ook diens inlevingsvermogen deelt. Wouter Bulckaert, ook eindredacteur bij het onderwijsmagazine ‘Klasse’ en muziekrecensent, heeft drie jaar lang research gedaan om het wezen en de contouren van de muzikant in beeld te brengen. Zijn verhalende stijl maakt het boek ook voor niet-kenners erg leesbaar. De korte dialoog, voorafgaand aan elk hoofdstuk, de tijdsprongen en het terugkoppelen naar de tijdsgeest, maken dat je telkens midden in het vervolgverhaal gezogen wordt, en het ganse boek lang nieuwsgierig blijft naar het voortschrijdend ‘Cooderesk’ verhaal. Het is ook een boek dat uitnodigt tot herlezen omwille van de rijke, geschakeerde èn gedetailleerde inhoud.

Marcie

Wouter Bulckaert stelt zijn boek voor op 14 december om 20u in boekhandel De Groene Waterman (Wolstraat 7, 2000 Antwerpen). De auteur leest voor uit het boek. Spindokter Wouter Kersbergen gaat in gesprek met de auteur. Klaas Tomme (Ides Moon), Tom Lauwaerts en Antoon Lamon brengen essentiële songs uit Cooders oeuvre.

 Wilt u kans maken om er eentje te winnen? Dan mail je ons gewoon even:
je naam, je adres en de vermelding
: RY COODER, MEESTER IN DE SCHADUW
Binnen een aantal weken wordt uit alle inzendingen de gelukkigen getrokken.
Wij hopen dat u massaal Rootstime - hier - zult mailen
De winnaars worden per mail verwittigd.

 

 

 

Artiest info
Auteur : Wouter Bulckaert  
Uitgeverij : EPO
 

bestellen