ROB LUTES - WALK IN THE DARK

Nu hij al aan zijn zevende plaat toe is, behoor tRob Lutes vast niet meer tot het peloton van “aankomende singer songwriters” en zou zijn naam stilaan tot de gekende leerstof moeten gaan behoren, alvast bij al diegenen, die min of meer met de roots genres bezig zijn. De organisatoren van de herdenking van het einde van WO I wisten in elk geval wie ze in huis haalden, toen ze Rod vroegen om als Canadese vertegenwoordiger daar te komen spelen in Vimy, beter gekend als het Canadian National Memorial…

De Canadees heeft in de loop der jaren een eigen stijl ontwikkeld -ik schreef haast “formule”, maar dat klinkt negatief en zo bedoel ik het helemaal niet-, die hem heel herkenbaar maak: hij houdt zich op in de buurt van de raakvlakken tussen blues en folk, tussen Americana en pure singer songwriterstuff en creëert van daaruit, geholpen door een meer dan gemiddeld ontwikkeld observatie- en formuleringstalent op muziek gezette verhalen over het leven zoals dat kan lopen en een paar eerbetoonsongs aan helden van hem, zoals James Cotton (in “There’s No Wa To Tell You That Tonight” en Joseph Spence, de grote Bahamese gitarist, die ook door Ry Cooder op handen gedragen wordt (in de instrumentaal “Spence”. Daarvoor krijgt hij de hulp van zijn vaste kompaan Rob MacDonald, die ook nu weer de dienst uitmaakt, naast een keur aan andere Canadese topmuzikanten als toetsenist Bob Stagg en Joe Grass.

De plaat bevat, naast een cover van een niet zo bekende John Prine-song (“Rocky Mountain Time” (uit “Diamonds in the Rough” van 1972), twaalf nieuwe originals, waarvan “Rabbit” en “Whistling Past The Graveyard” samen met de in deze kolommen erg geliefde Dale Boyle geschreven werden en “Walk In The Dark” voortkwam uit een samenwerking met Monique Riedel, een galeriste uit Montréal, waarvan ik een stil vermoeden heb dat ze in het gewone leven ook Mrs. Lutes is. De wat hese, aan Steve Forbert herinnerende stem van Lutes, grijpt je vanaf opener “A Little Room” bij het nekvel, terwijl ook zijn bovengemiddelde gitaarspel je aandacht vereist: dat is zeer duidelijk beter en beter geworden door het veelvuldige optreden én door de aanwezigheid van MacDonald, die zelf ook een meesterlijk improvisator is en dus Rob verder en verder stuwt.

Die gegevens, plus, zoals al gezegd, de aanwezigheid van een hele schare van de beste Canadese sessiemuzikanten, maken dat deze plaat, die, naar ik verneem, in nauwelijks drie dagen tijd ingeblikt werd, een heel hoog live-gehalte in zich heeft en dat is uiteraard altijd leuk om te horen. Mensen als Rob Lutes hebben geen uren knippen en plakken in een studio nodig: hun prestaties stààn er en zo klinken ze ook. Nu eens heel literair ingesteld, dan weer grappig en mild-ironisch, dat ik hoe Rob Lutes klinkt op zijn nieuwe plaat: hoogstaande songkwaliteit, geloofwaardige zang, fraaie muzikale inkleuring en straffe observaties, in verhalen omgezet. Die dingen zijn nodig om toe te kunnen treden tot de galerij der groten uit het genre. De namen van Forbert en Prine vielen al en dat is precies het rijtje waarin ook Rob Lutes thuishoort. Het wordt weer uitkijken naar zijn volgende passage in de Lage Landen….

(Dani Heyvaert)

 


Artiest info
Website  
 

CD Baby

video