MUDDY WATERS – LIVE AT ROCKPALLAST (2CD/2DVD)

 

 “ MUDDY WATERS : The FATHER of modern CHICAGO BLUES… “

McKinley Morganfield aka Muddy Waters was een Amerikaanse blueszanger. Hij wordt in de bluesmuziek gezien als een opvolger van zijn voorgangers Son House, Willie Brown en Robert Johnson. In de lijst van "the 100 Greatest Artists of All Time" van het Amerikaanse muziektijdschrift Rolling Stone (Magazine) staat Muddy Waters op #17. Hij moet artiesten als The Beatles (#1), Bob Dylan (#2), Elvis Presley (#3), Chuck Berry (#5) en de Beach Boys (#12) voor zich dulden, maar “verslaat” muzikanten als Marvin Gaye (#18), John Lennon (#28) en David Bowie (#40).

De Chicago Blues was een nieuwe bluesstijl die in de jaren 1940 ontstond in met name de Amerikaanse steden Chicago en St. Louis. Deze nieuwe muzieksoort werd sterk beïnvloed door Afro-Amerikanen uit Mississippi die meekwamen in de stroom van de zes miljoen Afro-Amerikanen die tussen ruwweg 1915 en 1970 – tijdens de Great Northern Drive of Great Migration – naar het noorden van de Verenigde Staten trokken, waaronder Chicago.

De Chicago Blues was gebaseerd op het gebruik van een elektrische gitaar en een harmonica (beide aangesloten op een versterker), evenals toegevoegde drums. Countryblues en een stedelijk-industrieel jasje werd city blues. Naast Muddy Waters waren artiesten als Bo Diddley, Buddy Guy (1936-) en de invloedrijke songwriter Willie Dixon (1915-1992) – prominente vormgevers van het vernieuwende bluesgenre.

Waters zei meestal dat hij in 1915 (maar ook 1913 of 1915 zijn mogelijk, de bronnen geven geen uitsluitsel) in Rolling Fork, MS, was geboren, maar hij is eigenlijk in het nabijgelegen Issaquena County geboren. Zijn grootmoeder, die in Clarksdale bij de Mississippi rivier woonde, voedde hem op. McKinley’s vader Ollie Morganfield had namelijk kort na diens geboorte het gezin verlaten, terwijl zijn moeder overleden was toen McKinley nog maar drie jaar was. Omdat de kleine McKinley altijd onder de modder thuiskwam omdat hij weer eens bij de rivier had gespeeld, noemde zij hem “Muddy Water”. Deze bijnaam werd later de basis voor McKinley’s artiestennaam Muddy Waters.

In de baptistische kerk kwam Muddy Waters voor het eerst in aanraking met muziek. Op zijn zevende begon Muddy met mondharmonica en had daarmee veel bekijks als hij midden op het plein een deuntje speelde. Later, rond zijn zeventiende, kocht hij zijn eerste gitaar, waarvoor hij zijn handelaarsgeest inzette door het paard van zijn oma te verkopen. Al snel ontwikkelde Waters (die als pachtboer op een plantage werkte) zich tot een getalenteerd slide-gitarist.

In 1941 werd Muddy Waters als bluestalent voor het eerst ontdekt door muziekhistoricus Alan Lomax (1915-2002), die hem opzocht, interviewde en ook muziek opnam. In de zomer van 1941 en nogmaals in 1942 zou hij voor Alan Lomax en de Library of Congress legendarische opnames maken die later zouden worden uitgebracht als D’own On Stovall’s Plantation’.

Enkele jaren later, in 1943, verhuisde Waters naar Chicago, waar hij aan de slag ging in een papierfabriek. Ook begon hij in de Windy City (de bijnaam van Chicago) in muziekclubs en op feestjes te spelen. Aanvankelijk overleeft hij als dagloner en probeert als professioneel blueszanger aan de bak te komen met de hulp van Big Bill Broonzy. Door over te schakelen op elektrische gitaar zal hij mee de basis leggen voor de Chicago sound. Zijn eerste opnames voor Columbia blijven onuitgegeven en pas in 1948 breekt hij door met “I Can't Be Satisfied” voor wat toen nog het Aristocratlabel is. Aristocrat Records verandert dat jaar in Chess Records, genoemd naar de broers Leonard en Phil Chess. Aanvankelijk koppelen zij hem aan Ernest Big Crawford maar geleidelijk aan verzamelt hij de allerbeste muzikanten rond zich: Little Walter, Jimmy Rogers, Elgin Evans en Otis Spann zullen in de vroege jaren ‘50 de scene beheersen in combinatie met componist Willie Dixon. “Hoochie Coochie Man”, “I Just Wanna Make Love to You” en “I'm Ready” brengen hem commercieel succes. Begeesterende cluboptredens vestigen voorgoed de faam van Muddy en enkel rivaal Howlin' Wolf komt in zijn buurt.

In de tweede helft van het decennium stagneert het succes, Little Walter en Jimmy Rogers verlaten de groep maar telkens geeft hij nieuw talent de kans om zich binnen zijn band te ontplooien. Big Walter Horton, Jimmy Cotton, Luther Johnson, Buddy Guy, Fred Below, Bob Margolin, Pinetop Perkins zullen door de jaren heen zijn sound bestendigen.

“Mannish Boy” (Bo Diddleys versie van “Hoochie Coochie Man”), “Forty Days” and “Forty Nights” en “She's 19 Years Old” groeien met de tijd alsnog uit tot klassiekers.

In 1958 reist hij naar Groot-Brittannië waar hij het Engelse publiek overdondert met zijn elektrische blues. Ook zijn optreden op het Newport Jazz Festival in 1960 waar hij een bloedstollende versie van “Got My Mojo Working” brengt, zal het overwegend blanke publiek weten te overtuigen. In de vroege jaren zestig pikken de Britse beatgroepen zijn sound op: bands als The Rolling Stones (genoemd naar zijn vroege hit), The Pretty Things of John Mayall's Bluesbreakers vormen het doorgeefluik voor de blues voor een hele generatie blanke jongeren. Muddy Waters' invloed op de rock is niet te onderschatten.

In een poging aan te sluiten bij de jongerencultuur van eind de jaren zestig, brengt Chess in 1968 ‘Electric Mud’ uit, een album waarop zijn oude successen door de psychedelische mangel worden gehaald. Een auto-ongeluk beperkt hem in zijn mogelijkheden en voortaan zal hij nog slechts sporadisch de gitaar ter hand nemen bij optredens.

De jaren 70 zijn de jaren van zijn comeback. Het toeren in Europa (o.a. in het voorprogramma van the Rolling Stones) brengt hem blijvende erkenning en in 1973 verhuist hij naar het beter gesitueerde Westmont Illinois. In 1972 neemt hij in Londen ‘The London Muddy Waters Sessions’ op met jonge bewonderaars als Rory Gallagher en Steve Winwood. Tijdens het afscheidsconcert van The Band in 1976 speelt hij “Mannish Boy” en is hij te zien in The Last Waltz, de filmische registratie hiervan. Vanaf 1978 neemt hij een viertal elpees op met Johnny Winter voor diens Blue Sky label. Samen met oude getrouwen als James Cotton en Big Walter Horton blaast hij zijn oude hits nieuw leven in op ‘Hard Again’ [1977] en ‘King Bee’ [1981]. Chess Records, waar Waters aanvankelijk zijn platen uitbracht, werd in 1977 ingeruild voor een contract bij Columbia Records. In 1980 ging The Muddy Waters Band uit elkaar.

Op 15 maart 1973 overleed Muddy Waters’ eerste vrouw Geneva. Enkele jaren later ontmoette hij een jong, 19-jarig meisje genaamd Marva Jean Brooks, die hij liefkozend “Sunshine” noemde. Muddy trouwde in 1979 met haar, met Eric Clapton als bruidsjonker aan zijn zijde.

Enkele jaren later, op 30 april 1983, overleed Muddy Waters in Westmont (Illinois) aan een hartaanval, in zijn slaap.

Muddy Waters’ erfenis – muzikaal-geestelijk gezien – was enorm: zijn Chicago Blues had invloed op tal van muziekgenres, zoals de blues, rhytym & blues, rock ‘n roll, hardrock, jazz en countrymuziek. Aardig is ook dat Waters’ zijn muzikale collega Chuck Berry in 1958 aan diens eerste platencontract hielp. Waters werd opgenomen in de Mississippi Musicians Hall of Fame.

“ ROCKPALAST 1978 - Westfalenhalle Dortmund “

MIG Music (independent record label, Hannover, since 2009) start 2018 met een uitzonderlijke WDR Rockpalast release van blues “zwaargewicht” Muddy Waters (1913-1983). Bijna veertig jaar geleden, in december 1978 stond de “Hoochie Coochie Man” en een bijna perfecte band in de Westfalenhalle in Dortmund. Rockpalast maakte van deze show een DVD/CD en vulde de box aan met een bonus DVD/CD.

De Muddy Waters’ backing band waarmee hij van 1974 tot 1980 mee samenwerkte en, die op de opnames te horen/zien is bestaat uit: pianist Pinetop Perkins (1913-2011), drummer Willie “Big Eyes” Smith (1936-2011), bassist Calvin “Fuzz” Jones (1926-2010), de guitaristen Luther “Guitar Jr.” Johnson & Bob Margolin en harmonicaspeler Jerry Portnoy.

Midden jaren ’80 stapt Waters na een financieel meningsverschil uit de band. Hij gaat verder met nieuwe muzikanten, waaronder gitarist John Primer en pianist Lovie Lee. 

“ ROCKPALAST 1996 - Open Air Festival Loreley “

De bonus CD/DVD zijn opnames van de Muddy Waters Tribute Band tijdens het Rockpalast Open Air Festival op de Loreley in de zomer van 1996. In de tribute band speelden al de nog levende (en nog fitte) muzikanten van de oude Muddy Waters Band (Luther Johnson, Bob Margolin, Calvin Jones & Willie Smith). Alle bandleden doen op hun beurt de zang, maar op “Gone To Main Street” zingt Levon Helm en wordt er de link gelegd tussen Muddy Waters en The Band. Mark Lavon Helm (1940-2012) was een Amerikaanse drummer, multi-instrumentalist en rockzanger, die deel uitmaakte van The Band. Deze Canadees-Amerikaanse rockband nam in 1978, onder regie van Martin Scorsese, de documentaire “The Last Waltz” op, die op 25/11/1976 in de Winterland Ballroom in San Francisco het afscheidsconcert vastlegde van de The Band. In deze film treedt Muddy Waters als gast op.

‘Muddy Waters Live At Rockpalast’ is een uniek document van een uitzonderlijk blues muzikant en podiumpersoonlijkheid. Het toont de “echte” Muddy voor een festival publiek. Het ogenblik dat hij tijdens "Mannish Boy" van zijn kruk opstaat en, terwijl hij huppelt en op en neer springt, al manisch predikend klaagt over het feit dat "er weer een muilezel in je kraam zit", zal iedereen bijblijven. Zijn falsetto is hier zoet en echt en geeft ons een glimp van de sterke seksuele aantrekkingskracht die Waters in de jaren vijftig uitstraalde. Wat een artiest, wat een podiumpresentatie! Wat een release…

Eric Schuurmans

 

Track list DVD1/CD1/Vinyl A-B-C: WESTFALENHALLE DORTMUND, : Dezember 10, 1978:
A: 01.”Intro (01:11)” - 02.”I’m Your Hoochie Coochie Man” [Willie Dixon] (03:23) - 03.”Soon Forgotten” [St. Louis Jimmy] (04:42) - 04.”Baby Please Don't Go” [Big Joe Williams] (03:53) - 05.”They Call Me Muddy Waters” [Muddy Waters] (08:04) – B: 06.”Walkin' Thru The Park” [Muddy Waters] (03:28) - 07.”Country Boy (All Night Long)” [Muddy Waters] (05:07)- 08.”Kansas City” [Jerry Leiber, Mike Stoller] (07:13) - 09.”Caledonia” [Fleecie Moore] (04:56) – C: 10.”Everything Gonna Be Alright” [Little Walter] (03:22) - 11.”Mannish Boy” [Muddy Waters, Mel London, Bo Diddley] (06:26) -12.”Got My Mojo Working” [Preston Foster] (02:40) - 13.”Sweet Home Chicago” [Robert Johnson] (04:25)
Vilyl D: 14.”You Ain’t Loose What You Ain’t Had [Muddy Waters] – 15.”You Don’t Have To Go” [Matcher James Reed] – 16.”Honey Bee” [Muddy Waters] – 17.”Everyhing Gonna Be Alright” [Little Walter]

Track list DVD2/CD2: OPEN AIR FEST. LORELEY, June 23, 1996:
01.”Clouds In My Heart” [Muddy Waters] (04:34) - 02.”Walkin' Through The Park” [Muddy Waters] (04:03) – 03.”You Can’t Loose What You Ain’t Got” [Muddy Waters] (04:46) - 04.”You Don’t Have To Go” [Matcher James Reed] (04:50) - 05.”Honey Bee [Muddy Waters] (04:50) - 06.”Everything Gonna Be Alright” [Little Walter] (05:19) - 07.”Laundromat Blues” [Sandy Jones Jr] (06:30) - 08.”I'm Ready” [Willie Dixon] (05:15) - 09.”If the Washing Don't Get You, The Rinsing Will” [Homer Banks, James Cross, Allen Jones] (04:05) - 10.”Hard Hard Way” [Willie Smith, Anthony Melio] (03:32) - 11.”(I’m Your) Hoochie Coochie Man” [Willie Dixon] (05:36) - 12.”Gone To Main Street” feat. Levon Helm [Muddy Waters] (04:03) - 13.”Got My Mojo Working” [Preston Foster] (04:30) - 14.”Mannish Boy” [Muddy Waters, Mel London, Bo Diddley] (06:02)

Line-up Muddy Waters Blues Band - Westfalenhalle Dortmund, Dec. 10 1978:
Muddy Waters: vocs, guitar
Luther “Guitar” Johnson: guitar, vocs
Bob “Steady Rollin” Margolin: guitar
Jerry Portnoy: harmonica
Pinetop Perkins: piano, vocs
Calvin “Fuzz” Jones: bass
Willie “Big Eyes” Smith: drums

Line-up Muddy Waters Tribute Band – Open Air Fest Loreley, June 23 1996:
Luther "Guitar" Johnson: vocs, guitar
Bob "Steady Rollin" Margolin: guitar, vocs
Calvin "Fuzz" Jones: bass, vocs
Willie "Big Eyes" Smith: drums, vocs
Carey Bell: harp, vocs
& Guest: Levon Helm: vocs

Discography MUDDY WATERS:
Live at Rockpalast 1978 (2CD/2DVD) [2018] | Live '76 At Pauls Mall Boston [2016] | Early Morning Blues 1947-1955 [2015] | Steppin' Stone with Various Artists) (3CD/DVD) [2009] | The Lost Tapes [2008] | Breakin'It Up, Breakin'It Down feat. J.Winter & J.Cotton [2007] | Muddy's Blues [2007] | Gold [2007] | Hoochie Coochie Mannish Boy [2006] | I Can't Be Satisfied [2006] | They Call Me Muddy Waters [2006]| Muddy "Mississippi" Waters Live (2CD) [2004] | Anthology [2001] | Rolling Stone [1982] | King Bee [1981] | Muddy "Mississippi" Waters: Live [1979] | I'm Ready [1978] | Hard Again [1977] | Muddy Waters Live [1977] | The Muddy Waters Woodstock Album [1975] | "Unk" in Funk [1974] | Muddy & The Wolf [1974] | Can't Get No Grindin' [1973] | The London Muddy Waters Sessions [1972] | McKinley Morganfield A.K.A. Muddy Waters [1972] | A.K.A. McKinley Morganfield [1971] | Live At Mister Kelly's [1971] | They Call Me Muddy Waters [1970] | Sail On [1969] | Fathers and Sons [1969] | After the Rain [1969] | Electric Mud [1968] | More Real Folk Blues [1967] | Blues From Big Bill's Copacabana [1967] | Down On Stovall's Plantation [1966] | Brass and the Blues [1966] | The Real Folk Blues [1965] | Muddy waters [1964] | Folk Singer [1964] | Folk Festival Of The Blues [1963] | Muddy Waters Sings Big Bill Broonzy [1960] | At Newport [1960]

Artiest info
   
 

Label: Mig Music

video