ELZA SOARES - END OF THE WORLD REMIXES

 

Precies een jaar geleden mocht ik in deze kolommen volkomen terecht de lof zingen van deze Braziliaanse zangeres en dat mag ik vandaag opnieuw doen: de plaat van toen wordt nu heruitge-geven, aangevuld met negen remixes van hedendaagse DJ’s, uit de USA, Frankrijk,Portugal en vanzelfsprekend Brazilië zelf.

Ik herneem hieronder mijn recensie van vorig jaar, met de voorafgaande toevoeging dat de re-mixes aan de ene kant het ultieme bewijs van erkenning zijn door een generatie, die veel en veel jonger is dan de zangeres zelf en aan de andere kant allicht mee uitgelokt worden door het im-mense succes van de plaat in Brazilië. Zijn de remixes onmisbaar? Zover zou ik niet durven te gaan, maar interessant zijn ze meestal wel, zeker omdat ze op de plaat bijna zij aan zij staan met het origineel. Namen als Laraaji (die bewerkt de titeltrack), Izem (O Canal) of Nidia Minaj (Pra Fuder)kent u wel-licht wel, maar de anderen zijn ook mij niet bekend, al hoorde ik al wel eens iets van Gilles Peter-son, die ook al “Pra Fuder” onder handen neemt.

Twee versies dus van “Pra Fuder”, terwijl “Benedita”,”Dança” en “Comigo” geen remix krijgen. Dat levert in totaal eens schijfje met twintig tracks en 74 minuten muziek op. Ik vind de originelen beter, maar, nu ze samen met de remixes op één schijfje beschikbaar zijn, doet u zichzelf natuurlijk geen kwaad als u deze hernieuwde versie in huis haalt….Zeggen dat het levensverhaal van Elza Soares leest als een roman, is zowat het understatement van de eeuw: geboren in 1937, werd ze op haar twaalfde uitgehuwelijkt door haar vader. Op haar zestiende won ze een radiocrochetwedstrijd en tegen de tijd dat ze 21 was, was ze al een weduwe met drie kinderen, waarvan eentje stierf door ondervoeding. Haar zangcarrière startte ze in hotels en clubs, waar ze soms niet eens op het podium mocht vanwege haar huidskleur.

Ze maakte een ris klassieke platen voor Odeon en werd in de sixties vooral in negatieve zin be-kend: ze had namelijk een affaire met voetbalicoon Garrincha en dat werd in het Brazilië van toen niet gedoogd: een zwarte alleenstaande moeder, die het aanlegt met de op één na grootste voet-baller van het land….Het koppel dat later trouwde, werd dan ook het land uitgezet toen de militairen het land overnamen in 1969, maar keerden een paar jaar later toch terug. Ze hadden samen een zoon (in 1976) die op z’n tiende overleed in een auto-ongeval. In de tussentijd was Elza opnieuw weduwe, want Garrincha stierf in 1983 als gevolg van zijn alcoholverslaving. Eén en ander bracht met zich dat de zangcarrière van Elza serieus in de verdrukking kwam en dat ze ruim tien jaar van de podia en de opnamestudio’s wegbleef, tot ze in 1997 tot beste sambazan-geres verkozen werd en twee jaar later door de BBC uitgenodigd werd om deel uit te maken van een serie “Millennium Concerts”. Vanaf dan ging het steeds beter met de zangeres en vandaag, op haar 79ste, wordt ze eigenlijk wereldwijd gelanceerd met deze nieuwe plaat, die haar vierendertig-ste in haar loopbaan is.

In Brazilië heb je tegenwoordig een heel hippe muziekstijl die “samba sumo” genoemd wordt. Dat betekent zoveel als “stoute” of “ondeugende” samba en daarvan is Elza zowat de ongekroonde koningin. Toen haar vaste producer, Guilherme Kastrup, waarover haar nieuwe plaat zou handelen, was het antwoord: “sex and blackness” en of ze gelijk gekregen heeft…! Een heleboel van de moderne artiesten uit woord en muziek werden erbij betrokken: zo is de openingstrack “Coraçao do Mar” een gedicht van Oswald de Andrade, een in Brazilië erg bekende modernistische dichter. De titelsong speelt zich af tegen de achtergrond van carnaval en illustreert volgens componist Romulo Froes de onverwoestbaarheid en de ongelooflijke sterkte van de vrouw Elza Soares. “Maria de Vila Matilde” is van de hand van Douglas Germano en de tekst is eigenlijk een afrekening met zijn vader, die het huiselijke geweld niet schuwde. “Vrouwen mogen niet langer zwijgen”, zingt Elza en ze belooft de eerste man die het waagt zijn hand naar haar te heffen, een behandeling met koken water. Kiko Dinucci leverde “Luz Vertelha” aan en “Pra Fuder”. Dat laatste betekent gewoon “neuken” en is een Afro-punk sambanummer, waarin hij in zijn eigen woorden “het feministische libido in zijn wildste vorm” portretteert. “Benedita” (waarop Celso Sim meedoet) vertelt dan weer het verhaal van een crackverslaafde travestiet en op “Firmeza” krijgt Elza hulp van Rodrigo Campos.

U merkt het: Elza Soares is niet meteen alledaags te noemen. Ze noemt de dingen bij de naam en ze is echt een rolmodel voor alle vrouwen die zich sterk willen tonen en die het geweld van hun mannen niet (langer) dulden. Dat dit alles ook nog op muzikaal verantwoorde wijze ten berde wordt gebracht, (met de hulp van ondermeer enkele leden van Biliga 70), is een extra bonus: de gitaren durven serieus te scheuren, de elektronica doet haar werk en zo krijg je een klankendecor, waarin de zeer bijzondere stem van Elza volop haar werk kan doen. Discriminatie, van welke soort ook, is verwerpelijk en moet bestre-den worden. Muziek is daarbij het wapen waarvan Elza zich bedient en hoewel dergelijk militan-tisme muzikaal wel eens vervelende dingen voortbrengt, is dit hier allerminst het geval: deze plaat boeit van de eerste tot de laatste seconde maar ze grijpt je ook heel zwaar bij het nekvel: ontsnap-pen is gewoon niet mogelijk. `De plaat kwam in Brazilië vorig jaar al uit en werd door de lokale editie van Rolling Stone tot”album van het jaar” uitgeroepen. Ik begrijp waarom en ik denk dat Europa niet zal achterblijven, want dit is werkelijk een indrukwekkende CD.

(Dani Heyvaert)

 


Artiest info
Website  
 

video