LIEVEN TAVERNIER - LIVE IN GENT

 


‘Wat is dit weer een aangename onderdompeling in een Gents bad vol warme saudade…’

Een plaat opgenomen vóór een levend publiek, dat is wat nog ontbrak in het CV van Vlaamse songsmid par excellence, pardon, bij uitstek, Lieven Tavernier. Onverwacht is dat niet gezien de reputatie van de man als zijnde kortharig podiumschuw tuig. Maar een mens evolueert: de Lieven Tavernier anno nu zal nooit een bühnebeest worden, maar weet om te gaan met het medium, heeft het zelfs in zijn voordeel gekeerd. Het resultaat van zoveel onversaagdheid is er nu en heet ‘Live In Gent’, want ingeblikt op 5 en 6 maart 2017 in de eerbiedwaardige Gentse Minardschouwburg, voor eeuwig gelinkt aan acteur, komiek en regisseur Romain De Coninck en geknipt voor deze gelegenheid. Het werd geen ‘best of’, maar eerder een terugkeer naar de bron (iets van een ronde cirkel), al was dat misschien niet eens bewust en is het een geval van ‘for the sake of the song’, een zeer gezonde houding overigens, en vertaald in een nieuw ei in de collectie van Lieven Faberger.

Stilaan mag je ervan uitgaan dat zo ongeveer iedereen het weet, al zijn er beslist nog hardleerse Facebookers: ‘De eerste Sneeuw’, ‘De Fanfare van Honger en Dorst’ en ‘De verdwenen Karavaan’ kregen de status van Nederlandstalige klassieker via Jan De Wilde die er zijn uitstekende versies van maakte voor zijn iconische ‘Hè Hè’ uit 1990/1. Nu is Jan De Wilde zélf een songsmid van noblesse, maar de vermelde songs, dié zijn wel degelijk van de hand van Lieven Tavernier. Tot dan toe had Lieven, ooit ook actief als lesgever in middelbaar en hoger onderwijs (hij is Germanist), auteur van boeken en in zijn vroege dagen zelfs muziekrecensent, een man van taal dus (zonder -s’ er voor), zijn liedjes aan anderen gegeven. Dat zou hij overigens blijven doen, ook nadat hij ontdekte dat hij ze even goed zelf kon zingen. Thé Lau, Erik Van Neygen, Sabien Tiels, Flip Kowlier en Gerard Van Maasakkers, om maar die te noemen, zo breed zijn Lievens songs uitgevlogen.

Het zou na ‘Hè Hè’ nog even duren voor hij genoeg (zelf)vertrouwen had getankt om die liedjes ook zelf te brengen op geluidsdrager en hij zijn toenmaals legendarische podiumangst binnen aanvaardbare grenzen zou brengen en ombuigen tot een waarmerk, maar enkele vrienden hielpen hem finaal over de streep. In ’91 loodste Koen Wostyn, zanger-gitarist van trio Radio Bangkok, Lieven in wat ‘De Zes van Gent’ zou gaan heten. Dat collectief bracht The Pink Flowers, Gorky, Les Charmeurs, The Paranoid Polaroids, The Candy Dates en ‘De vrienden van Lieven Tavernier’ samen. Lieven moest er eerst zijn vrees voor de twee ‘zware jongens’ van The Pink Flowers overwinnen. No kidding! Hij dacht echt dat ze hem een kopje kleiner zouden maken toen ze hem bij die eerste ontmoeting uit eigen beweging benaderden (u moet niet zoeken, er staan eilaas geen beelden van op YouTroep) Hij ontdekte in gitarist-zanger Bruno Deneckere en viool Nils De Caster enthousiaste medestanders, de ideale partners en vrienden voor het leven, die op hun beurt voor andere vrienden zouden zorgen, al kwam Lieven die niet tekort in het Gentse milieu.

Niets gaat snel bij Lieven, dus duurde het tot 1995 vooraleer een eerste eigen cd uitkwam, ‘Doe het Licht’, waar behalve Bruno, ook Jan De Smet en Patrick Riguelle aan meededen, die laatste ook als producer. Daar stonden onder meer ‘De eerste Sneeuw’, ‘De Gouden Schaar’ (bewerking van ‘Coat Of Many Colours‘, gepend door Dolly Parton), ‘Mooiste Ogen’, ‘Julia Roels’ en ‘Niet bij een Ander’ op. We vermelden die songs omdat hij ze op de liveschive heeft gezet (maar niet ‘De verdwenen Karavaan’ en het populaire ‘Molenstraat’) Na al die tijd vormen ze de ruggengraat van de nieuwe, waar ze wegens tijdloos nog altijd briljant in slagen. De rest van het verhaal vindt u op het net. Het volstaat te zeggen dat Lieven met de regelmaat van Pharaïlde (Gentse klok) fijne songs bleef schrijven en opnemen, songs die de lat erg hoog leggen voor anderen die zich aan het pennen willen wagen. Je vindt dus lang niet alle parels terug op deze ene cd (men zou gerust een tweede en derde volume kunnen samenstellen met even veelzeggende liederen), maar dat hoefde ook niet: de gedachte aan een ‘best of’ bleef gelukkig in de koffer steken.

Zonder exhaustief te zijn, ziehier een paar capita selecta. Van ‘Ilja’ (2003) vind je hier het altijd weer pakkende ‘De Klokken van Sint-Baafs’ terug. ‘Niet voorbij’ (2005) stond zijn titelnummer af. ‘Sprookjesbos’ staat op de enige cd van Het Gespuis (2003), een ander memorabel collectief, dat wat ons betreft toe is aan een glorieuze verrijzenis. Lieven, Bruno, Nils, Dirk Dhaenens alias Derek, Yves Meersschaert bundelden er hun krachten in, bijgestaan door de crème de la crème van de Gentse sien. ‘Patti Smith’ vind je terug, uitgevoerd door Raymond van het Groenewoud, op de door anderen gezongen compilatie-cd ‘Geen kwaaie Vrienden’, die gevoegd is bij het boek ‘Eerste Sneeuw – Alle liedteksten met exclusieve cd’ (2015) ‘Souvenirs’ is een hertaling van de gelijknamige song van Steve Goodman (de jonggestorven en deerlijk gemiste auteur van ‘The City Of New Orleans’… en vele andere mooie songs; Steve was een boezemvriend van John Prine) ‘Sterren in het Slijk’, dat de cd meerstemmig en a capella afsluit, is dan weer een bewerking van ‘Diamonds In The Rough’ van The Carter Family.

Maar die opmerkingen hebben vooral documentaire waarde. Belangrijker is de songs… en dat ze arrangementen kregen, aangepast aan de kwaliteiten van het gezelschap, het werk van producer en snarenwonder Nils De Caster, de viool van ‘The Broken Circle Breakdown’, de film en de latere bluegrass band, maar zoals gebruikelijk ook uitmuntend op mandoline en lap steel. Het geheel rond Lieven heet De Zondaars, vrienden van vroeger en nu, een krans van toppers op hun instrumenten. Bruno Deneckere haalt voor de gelegenheid nog eens de elektrische gitaar boven naast zijn vertrouwde akoestische. Ook niet zonder zonden zijn Yves Meersschaert (piano), Arne Van Dongen (contrabas), Klaas Delvaux (cello en basgitaar), Philippe Thuriot (accordeon) Met Sarah D’hondt krijgt Lieven gepaste vocale steun. Sarah startte haar zangloopbaan onder anderen bij Lieven. Was ze in de dagen van ‘Wind en Rook’ (2008) nog een belofte, dan is ze intussen uitgegroeid tot chansonnière van stand.

Veertien beklijvende liedjes, door de jaren heen uit Lievens in goud gedipte pen gevloeid, dat is ‘Live in Gent’. Alle klinken ze in hun nieuwe livrei om ter mooist, de breekbaar geprevelde liedjes die aangrijpen omdat ze ruimte laten om te dromen, maar precies dat invullen wat iedereen ooit aanvoelde doch niet wist te verwoorden. Omdat ze meerduidig zijn zoals het leven zelf: niets is ooit zo’n warme herinnering of er zit spijt in om wat niet weer kan zijn (‘De eerste Sneeuw’), niets is ooit zo droevig of er gaat wel een dosis humor of (zelf)relativering achter schuil (‘De Fanfare van Honger en Dorst’) Soms neemt het leven revanche voor vroeger onrecht (‘De Gouden Schaar’), soms zet oeverloos verdriet om nooit rechtgezet onrecht aan tot zachte revolte (‘Julia Roels’) of tot volledige berusting (‘De Klokken van Sint-Baafs’) Af en toe is er plaats voor rust en reflectie, zijn de onweerswolken (nog) niet dreigend nabij (‘Mokabon 8 A.M.’, ‘Een oude Dylan-Song’, ‘Niet voorbij’) Deze hele paragraaf hebben we niet van een ander, trouwens. O ja, er is vanzelfsprekend het Ewig Weibliche (‘Slimmer dan Jaap Kruithof’ ‘Lily’, ‘Patti Smith’, ‘Mooiste Ogen’) Wat is dit weer een aangename onderdompeling in een Gents bad vol warme saudade

Antoine Légat

Artiest info
Website  
 

Bio

video