HABADEKUK - MOLLEVIT

 

Met deze derde CD viert dit Deense gezelschap -acht man sterk- inmiddels al zijn tiende verjaardag en hoe wij over Habadekuk denken, kon u in deze kolommen al lezen naar aanleiding van het verschijnen van “Kaffepunch” en “Hopsadaddy”, de vorige twee platen die het allebei tot “folkplaat van het jaar” schopten in Denemarken in respectievelijk 2011 en 2015. Dat het achttal live een ware belevenis brengt, is bij volgers van de hedendaagse folk ook allerminst een geheim: de band speelt zonder de minste schroom danswijsjes en rust niet, voor het hele publiek minstens “sur place” aan het dansen slaat, zoals bezoekers van Dranouter vorig jaar nog mochten ondervinden.

Op deze plaat wordt dat beproefde recept gewoon overgenomen: negen van de tien nummers hier, zijn wat je “traditionals” kunt noemen: van generatie op generatie overgedragen dansmuziek, afkomstig van de meest gekke plaatsjes met exotisch klinkende namen als Vrøgum, Oksbøl, Sønderho, Møn, Læsø of Ærø. De Hababende arrangeert al die oude wijsjes en frist ze in veel gevallen op, wat mogelijk is doordat ze met z’n achten zijn en dus een ruim instrumentarium bespelen: van piano -niet meteen een folkonstrument, toch?- en accordeon over staande bas en trommel tot viool, sax, trombone en trompet: ze spelen het allemaal en, zoals blijkt uit alledrie de platen, ze weten de mogelijkheden van die “rijke” opstelling, optimaal te gebruiken.

Ik schreef het ook eerder al eens: volksmuziek kent geen grenzen en ook nu klinken bepaalde melodieën ons bekend in de oren. Opener “Gammel Tretur” bij voorbeeld: hoewel de dans uit het westen van Jutland afkomstig blijkt, kennen liefhebbers van “onze” volksmuziek de melodie vast en zeker ook. Althans: mij overkwam het toch, dat ik vanaf de eerste draaibeurt mee aan het neuriën was. Net hetzelfde met “A.P.’s Ottemandsdans”: dat leerde ik als kleine jongen van mijn moeder, al zette zij nooit een voet in Himmerland, waar dit nummer vandaan komt. Het latino aandoende slotstukje dat Habadekuk hier aanbreide, is overigens redelijk fantastisch.

“Trekantet Sløjfe” dateert van het midden van de 19de eeuw, is een van de meest populaire dansen in de Deense volksdansscene en toch hoorde ik het jaren geleden in Schotland gespeeld worden door een trio jonge meisjes. Kunnen melodieën de Noordzee overzwemmen? Nee, allicht niet, maar zeelieden kunnen wel dingen oppikken en mee naar huis nemen…Ik vermoed dat het vaak op die manier gebeurt en daar kunnen we alleen maar blij om zijn. Dat toont Habadekuk voor de derde keer op rij aan en, als je, zoals ik, meteen de melodie herkent van “Femskaft fra Møn”, dan betekent dat niet alleen dat je oud aan het worden bent, maar ook dat volksmuziek een levendige en levende materie is. Habadekuk doet met de traditionele deuntjes net dat tikkeltje meer: ze gooien er salsa, jazz- of rock accenten tegenaan en verplaatsen muziek van generaties geleden naar de dag van vandaag. Ik vind dat een niet-geringe verdienste en het zal u dan ook niet verbazen dat ik zeer, maar dan ook zéér in mijn nopjes ben met deze nieuwe plaat. Mocht u mij niet geloven, ga dan gewoon even luisteren naar één nummer, “Kromans Trippevalse” en u begrijpt dan wel wat ik bedoel. En kijk, als een gevierd en uitermate klassiek geschoold muzikant als tubaspeler Carl Boye Hansen -die man speelt in het symfonie-orkest van Odense- zich niet te goed voelt om op deze plaat te komen meespelen, dan is dat allicht lokwel omdat hij gelooft in deze muziek. Toch?

(Dani Heyvaert)

 


Artiest info
Website  
 

label : Go'Danish
distr.: Xango

video