THE MONOTROL KID -  RAIN IN THE FACE

The Monotrol Kid is het pseudoniem of, meer nog, het alter ego van singer-songwriter Erik Van den Broeck. Het is zelfs een groep. Na twee EP’s en twee full cd’s is er ‘Rain In The Face’. Dat is niet zomaar een leuke zinsnede: single ‘The Rain’ was de aanleiding om te zoeken naar een passende titel en Erik kwam uit bij Rain-In-The-Face (ong. 1835-1905; in Lakota heette hij Ité Omáǧažu) In de hoogdagen van het Indiaans verzet onder leiding van het beroemde Sioux opperhoofd Sitting Bull, vocht hij befaamde Battle of Little Big Horn uit. Daar werd generaal George A. Custer mede door eigen roekeloosheid in de pan gehakt, ‘with his boots on’, tezamen met een aantal familieleden en een groot deel van de 7th US Cavalry (25/6/1876) Longfellow vereeuwigde de bijdrage van de Lakota aanvoerder in zijn ‘The Revenge of Rain in the Face’. Het verklaart meteen de foto op de klaphoes, waar de chief fier voor zich uit kijkt. De rest van het bijzonder knappe art work sluit hierop helemaal aan.

Die keuze heeft een functie. De geschiedenis van Rain-In-The-Face vertoont, aldus Erik, opvallende parallellen met het levensverhaal van zijn overleden vader, over wie de plaat eigenlijk gaat. De story vervult dus zowat de rol van bliksemafleider. De citaten uit elke song in het hoesje verwijzen hoogstwaarschijnlijk ook naar zijn relatie met vader, al zijn ze voor de buitenwacht misschien niet allemaal duidelijk. Af en toe kan je het vermoeden als bij ‘I noticed you don’t know my name no more’ uit ‘The Coming Down’. Ook de wat vrolijker songs van de plaat passen in die context, incluis liefdeslied ‘Fine Looking Lady’. De plaat sluit vrij lichtvoetig af (de bonus track even niet meegerekend) met ‘From The Start’, het enige nummer dat niet van Van den Broeck is, maar van gitarist (en zoveel meer) Dries Vanhove. The Monotrol Kid bestaat verder nog uit Bart Strubbe (bas) en Philip Mathuis (drums en percussie) Het zijn dezelfde mensen die ook de vorige ‘My Talk My Song’ opnamen en intussen is The Monotrol Kid dan ook een hecht kwartet geworden. Voor de klavieren zorgt Luc Weytens. En dan is er nog een kennis van Erik van lang geleden, Neeka (Ilse Goovaerts), die na de basisopnames backings toevoegde op ‘Clouds’. Dat zou ze vaker mogen doen.

Meer volk heeft het gezelschap niet nodig om van ‘Rain In The Face’ een sterk album te maken. Daar hebben zowel de centrale thematiek als Eriks gegroeide kunde als songschrijver mee te maken, schatten we, plus het groepsgevoel en het feit dat de opnames er pas kwamen toen de songs goed ingespeeld waren en de arrangementen al vastlagen. De plaat ligt van begin tot einde goed in het oor (wat we kort geleden ook mochten zeggen van ‘Parallel Minds’, de uitstekende hommageplaat van Bart Buls) Opener ‘Call My Name’ heeft iets van de het coulante, de drive van de eerste Dire Straitsplaat, iets wat nog een aantal nummers bezitten, ‘The Rain’ of ‘The Writing’ bij voorbeeld. Wij houden het meest van de songs met een iets ernstige ondertoon, zoals ‘Overnight’ en het volgens ons beste nummer, het subtiel dreigende ‘Hands Touching Sound’. Maar het zou me niet verbazen als men voor het langzaam opbloeiende ‘Clouds’ of het ingehouden, betekeniszwangere ‘The Coming Down’ opteert. Bonus track ‘7 Times’ staat qua klank en uitwerking een beetje buiten de andere tien, maar sluit inhoudelijk aan bij het thema. ‘Rain In The Face’ is een ‘coming of age’ die kan tellen, een voldragen album van een artiest en een groep die hun richting gevonden hebben. Dat belooft voor het vervolg.

Antoine Légat.

Artiest info
Website  
 

Label: SPIRAL RECORDS / Blue Ear Music

Monotrol Management

monotrolmanagement@gmail.co