JACKY MOLARD QUARTET - MYCELIUM

Binnen de Bretonse muziekscene, klinkt de naam van violist en gitarist Jacky Molard als een klok, en dat hoeft geen verbazing te wekken: de man is noch min noch meer een muzikale duizendpoot, die zowel in folk als jazz en impro een serieuze reputatie wist op te bouwen. Hij maakte, net als zijn broer Patrick, deel uit van heel wat projecten, die de traditionele Bretonse muziek van haat wat ouwelijk aandoende imago af hielpen, doordat de link naar jazz en rock gelegd werd en de Bretonse muziek werkelijk” hedendaags” gemaakt werd. Namen als “Gwerz”, “Pennoù Skoulm” en “Soïg Sibéril” duiken dan op, maar het is vooral de samenwerking met Erik Marchand en diens Quartet, die de naam van Jacky Molard ruimere bekendheid gaf. Een tiental jaar geleden begon hij zijn eigen Quartet, waarmee hij nu aan zijn vierde plaat toe is.

De titel van die plaat betekent in onze taal “zwamvlok” en dat staat dan weer voor het netwerk dat de draden van een schimmel vormen. Volgens Jacky koos hij die titel niet zomaar: “je ziet het mycelium niet, maar het is er wel en het is allernoodzakelijkst. Het oneindige netwerk van alle leven, op hoogst intelligente wijze verweven met de wortels van de bomen. In deze onmenselijk wordende tijden, hebben wij slechts de keuze naar elkaar toe te gaan en samen te zijn om te kunnen creëren. Dit is onmisbaar”. Die uitleg mag dan wel wat hoogdravend klinken, hij geeft wel aan dat Molard met ’s mensen lot begaan is en dat hij ervan overtuigd is dat muziek een heel geschikt medium is om aan de verbetering van dat lot te werken….

De zeven eerder lange stukken van deze plaat hebben, zoals verwacht, flink wat folkcomponenten in zich, maar tegelijk wordt er danig op los geïmproviseerd, zodat je een hoogst intrigerende verzameling muziekjes krijgt, die een heel hedendaagse uitdrukkingsvorm scheppen. Meestal is het de viool van Molard, die de debatten leidt, maar er is ook ruimte voor de diatonische accordeon van Janick Martin, de sax van Yannick Jory en de bas van Hélène Labarrière.

De composities komen uit verschillende hoeken: Molard zelf schreef er twee en maakte arrangementen voor “Bolom” van gastfluitist Jean-Michel Veillon en “Adjihina” dat meegeschreven werd door gitarist Serge Teyssot-Gay. Jory maakte “Jabiru”. Gastgitarist Albert Marcoeur was de bedenker van het afsluitende “Précautions d’Usage” en bariton saxofonist François Corneloup schreef “An Nouveau” en samen leveren deze zeven stukken een klein uurtje erg gevarieerde, intrigerende jazz van vandaag op. Wellicht niet meteen toegankelijk voor neofieten, maar, door het ontstellend hoge niveau waarop gemusiceerd wordt, wel van absolute schoonheid. Klassewerk van een clubje muzikanten die, wat mij betreft, gauw weer eens mogen langskomen om hun ding live op onze podia te doen!

(Dani Heyvaert)

 


Artiest info
   
 

label : Innacor
distr.: Xango

video