DIOGAL - ROADSIDE

Van zijn familienaam heet Diogal Sakho en deze van oorsprong Senegalese zanger en liedjesschrijver is met deze “Roadside” aan zijn vijfde plaat toe. De vorige, “Urban Spirit”, dateert van alweer acht jaar geleden, zodat je rustig kunt zeggen dat het de jongste tijd een beetje stil was rond de man, die in Frankrijk nogal gewild is als bedenker van reclamespots en muziek ter ondersteuning van documentaires.

Op de nieuwe plaat doet hij daar ook wat mee: hij zet zijn klankentekeningen, of “dessins sonores” gewoon tussen zijn “echte” liedjes, zodat je als luisteraar meteen een beetje zicht krijgt op beide aspecten van de muziekscheppende mens, die Diogal is. Wat de liedjes betreft, is deze plaat in de compleet akoestische sfeer te situeren: er is de zachte stem van Diogal, er is zijn akoestische gitaar, heel soms bijgestaan door de cello van Chris White of heel rustig ritmewerk van bassist Papis Diongue en drummer Julien Herné.

De plaattitel heeft een betekenis: naar iogal’s eigen zeggen, doet het hem pijn, te zien hoeveel mensen aan de kant van de weg (moeten) blijven staan: of het nu oorlogen zijn, die dat veroorzaken, of armoede en uitsluiting, of het nu gaat om conflicten tussen landen en/of volkeren, of binnen één bevolkingsgroep, zelfs een familie: uitsluiting is altijd het gevolg van individualisme. De mens heeft de neiging altijd meer te willen en onvoldaan te zijn, zelfs ten koste van al dan niet naaste medemensen, van de mensengemeenschap en van de planeet waar we op leven. De plaat is noch min, noch meer een proep om het roer drastisch om te gooien: laten we dringend proberen samen te leven, elkaar te helpen en ondersteunen, samen te werken, de dingen te delen en op die manier oog te krijgen voor al het mooie dat dit leven op deze aarde ons te bieden heeft.

In de cynische tijden die we beleven, zullen sommigen zich allicht geroepen voelen om een pure, gevoelige natuur als Diogal weg te zetten als naïeve, zwevende Gutmensch, maar wat mij betreft, kunnen er niet genoeg mensen van zijn ingesteldheid zijn, als we tenminste niet willen doorgaan met elkaar binnen de kortste keren en finaal de gracht in te rijden.

Dat Diogal, die zich uitdrukt in zijn Wolof-moedertaal, het daarbij heeft over waarden als “familie” (zie “opener “Retiou”) of ondeugden als jaloezie (in “Fiire”), zal u dus niet verbazen. Tegelijk roept hij op om niet passief toe te kijken, maar zelf de handen uit de mouwen te steken om deze wereld beter te maken (“ Fale”), te beginnen bij de gewoonte om de ander het beste toe te wensen en dat ook te menen (“Yene”). Zoiets veronderstelt dat we leren tevreden te zijn met wat we hebben (“Doy Lu”) en bereid zijn een poging te ondernemen om echt samen te leven met anderen (“Wote”).

De plaat eindigt overigens met een heel fraai eerbetoon aan wijlen Ali Farka Touré, wiens muziek ons nog lang zal vergezellen op onze tocht naar menselijkheid. Klink ik nu melig? Of prekerig? Het zij zo: ik bevind mij dan in het goede gezelschap van Diogal, die een heel mooie, pure plaat gemaakt heeft, waarvan ik dur hopen dat u ze tenminste wil beluisteren.

(Dani Heyvaert)

Artiest info
Website  
 

label : Buda Musique
distr.: Xango