NOSTOC - SKIN IN THE GAME

Er kan al eens wat tijd verstrijken tussen twee platen, maar Stan en Bart Reekmans deden er wel héél lang over: vijftien jaar geleden was het, dat hun “Too Big for His Boots” verscheen, toen geproduceerd door Mike Butcher. Nog eens tien jaar daarvoor, richtten de broers de band op, waarmee ze inn 1997 de Limbomania-wedstrijd wonnen. Dat leek allemaal op een droomstart, temeer omdat de band, in de nasleep van die plaat, tot voorprogramma schopte bij Arno, Los Lobos en Manu Chao en mede daardoor in 2005 op het Pukkelpop-podium belandde, samen met Buscemi.

De Reekmansen stopten er dan nogal abrupt mee en concentreerden zich op film, grafiek en theater (Speelman), waarin ze beiden meer dan gemiddeld succesvol bleken en een behoorlijke faam opbouwden. Maar u weet: het bloed kruipt waar het niet gaan kan en een jaar of zes geleden begonnen de broers zoetjesaan te denken over een nieuwe plaat en na een ruime incubatietijd is ze er en ze valt meteen op, door de foto op het hoesje: een creatie van Koen Vanmechelen siert de cover en de Siamese hanen -u kent Vanmechelen vast wel als kippenspecialist- op de afbeelding staan symbool voor de twee broers: haal ze uit elkaar en ze verliezen beiden hun gedeelde identiteit. Dat Vanmechelen dat beeld wilde uitlenen, zegt voldoende over de faam van de broers, waarover ik het eerder had…

Op muzikaal vlak is er eigenlijk weinig veranderd sinds de vorige plaat, al bestond de band toen nog uit vijf muzikanten en zijn ze nu nog slechts met twee, plus af en toe een gastsaxofonist (Bertel Schollaert/Olaf Meilke) of -zangeres (Ciska Vanhoyland op “Breaking The Waves). Voor het overige doen de broers alles zelf, van zang en percussie, tot toetsen en bluesharmonica.

De composities zijn ook allemaal van hun hand en situeren zich, zoals voorheen in de broeierige swampy sfeer van de zuidelijke Verenigde Staten, waar latin, rock en blues elkaar ontmoeten en waar filmische rootsmuziek de boventoon voert. Dat blijkt heel duidelijk uit de vuile lappen bluesrock, die opener “Bobby Wearing Blue”,”Bad Boys Needed” en “Ghost Train” zijn: een trio binnenkomers dat je eerder in een donkere joint in New Orleans zou situeren dan in het stille Limburgse Alken. Met “A Traitor’s Hymn” duiken we de soundtracks in, door “Mad Man” waait heuse woestijnwind en “Mean” klinkt zoals het heet. Een lichtjes opgefokt drumpatroon, vergezeld van een geweldige saxpartij, een orgel dat naar Booker T. neigt en de stem van Ciska Vanhoyland in duet , maken van “Breaking The Waves” een potentiële radiohit en de dansende bas en dito percussie brengen inderdaad de geest van Willy Deville mooi weer tot leven in “Don’t Mind The Illusion”, terwijl afsluiter “The One Who Won’t Dance” een al even onweerstaanbaar orgellijntje herbergt en een compleet losgeslagen sax laat horen.

Door al de songs heen, zijn het echter de stemmen, die het meest fascineren: ik weet nooit welke broer wanneer aan het zingen is, maar beide heren doen me meer dan eens aan wijlen El Fish denken, al zitten ze zeker in een ander genre, maar ik heb het vooral over de sfeer die Nostoc weet te scheppen. Ik ben er haast zeker van dat Nostoc live een heuse gebeurtenis is, maar ik kan me perfect bezighouden met deze hele knappe plaat, tot ik de kans krijg de band in het echt bezig te zien.

(Dani Heyvaert)


Artiest info
Website  
 

Label: Fons Records

video