SUSHEELA RAMAN - GHOST GAMELAN

Heel even heb ik geaarzeld om het label “world” boven te halen voor deze zevende CD van de Britse zangeres van Indische komaf. Bij “world” heb je sowieso al een kader waarbinnen je je verwachtingen gaat vastleggen en dat is nu net wat bij deze plaat absoluut uit den boze is. Toen Susheela ruim vijftien jaar geleden debuteerde, werden we ongeveer allemaal platgeslagen en wisten we niet meteen wat we met haar muziek aan moesten. Vandaag, zes platen verder, is dat voor geen millimeter veranderd, maar hebben we wel een invulling gekregen van het etiket “world”.

Hoe dan ook, de avonturierster, die Susheela altijd geweest is, besloot dat het tijd was om zich te gaan verdiepen in de Gamelanmuziek, die voornamelijk uit Bali en Java stamt, maar waarvan de invloed op de muziek in het algemeen nauwelijks overschat kan worden. Volgens Susheela werden zowat alle grote hedendaagse componisten door de gamelan beïnvloed, van Debussy tot Satie, van Steve Reich tot John Cage en van Miles Davis tot Thurston Moore. Je hebt natuurlijk een geest als die van haar nodig om dat op te merken, maar ze heeft wel gelijk, dat besef ik nu ook, sinds ik “Ghost Gamelan” zo’n keer of tien tot mij genomen heb en tussendoor ook haar concert in de AB meemaakte.

Met echtgenoot en muzikale reisgenoot Sam Mills, ging Susheela deze keer samenwerken met componis en bandleader Gondrong Gunarto en namen ze een achttal nummers op, waarin het bonte gezelschap naar hartenlust grenzen kan overschrijden, genres mag herdefiniëren en vooral mag aantonen dat, mist het toepassen van de juiste verhoudingen, het resultaat van al deze experimenten nergens minder dan “erg goed” en bij momenten “adembenemend straf” genoemd mag worden.

Wat bij Susheela altijd al opviel, was haar gevoel voor melodie en harmonie, en het belang dat zij aan de teksten hecht, ook in de soms iets meer pop-gerichte nummers. Nu, met de toevoeging van de specifieke gamelan-specifieke accenten en de Indische toets, die haar eigen is, krijg je geregeld inderdaad nauwelijks de kans om te ademen, laat staan je te realiseren wat je precies aan het beluisteren bent. Dit is muziek, die fysiek zwaar binnenkomt, al lijkt ze aan de oppervlakte vaak verraderlijk lichtvoetig en eenvoudig.

Opener “Tanpa Nama” is daarvan een bijzonder knap voorbeeld: in minder dan twintig seconden krijg je een samenvatting van wat de plaat de volgende veertig minuten, laagje na laagje zal onthullen: die formidabele, sensuele stem van Susgeela, haar meer dan indringende manier van zingen, de veelvormige percussie die steeds in gesprek gaat met de ongebruikelijke ritmes, zonder er mee te botsen en de mix van gamelanklanken met oerklassieke pop-elementen uit het Westen.

Dit is een plaat, die je in haar geheel moet beluisteren, al bevat ze ook wel een paar tracks, die het als single goed zouden doen op de Radio. “Spoons” is er zo eentje, net als “Rose” of “Annabel”. Opgeteld bij het liveconcert van enkele weken geleden -toen ik de plaat nog niet had en dus de nummers eerst live kon horen- hoort deze plaat op de valreep bijgeschreven te worden op het lijstje van oppers van 2018.

(Dani Heyvaert)


Artiest info
Website  
 

Label: Naïve Records
distr.: PIAS

video