BRUCE BHERMAN - THE NASHVILLE SESSIONS

 

Het blijft een raadsel waarom sommige singer-songwriters, tevens gitaristen, zelfs na het uitbrengen van een half dozijn albums toch onder de radar blijven. Misschien omdat het buitenbeentjes zijn die eigenzinnig hun eigen weg volgen of omdat zij het eigen ego niet voorop stellen? Voor dit album trok zanger/gitarist Bruce Bherman, met deels Brits/Vlaamse roots, naar de Beech House Studio’s in Nashville, Tennessee, om er samen met een tiental muzikanten, aldaar actief, dertien zelfgeschreven songs op te nemen. Elke instrumentalist kreeg daarin een prominente plaats, waaronder liefst vier gitaristen, pedalsteel gitarist Paul Niehaus, bekend van Calexico, niet meegerekend. Toetsenist, bassist, drummer, fluitist, violist/mandolinespeler enz. vervolledigen het collectief. Elk van hen kreeg reeds in andere formaties bekendheid omwille van hun brille, zoals o.m. in de groep ‘Lambchop’ en de ‘Jack White band’. De zusjes Regina en Ann McCrary bepalen met hun backingzang mede de sound, sfeer en het coloriet van dit album, alsof Bruce hen zó uit het gospelkoortje van Leonard Cohen heeft weggeplukt. Naast hen hebben ook Allen McCrary, Jordan Caress en Paul Burch als vocalisten hun inbreng.

Bruce koos zijn songs uit vorige albums, als een soort ‘complexe best of’, die hij thans in een nieuwe ‘Nashville’ verklanking (her)uitvindt. De lyrische teksten lijken bij hem als poëtische improvisaties spontaan op te borrelen, mogelijk in nachtelijke uurtjes met uitzicht op een net niet volle maan. Bij Bruce lijkt alles waar een donker kantje aan zit hem te inspireren, zowel in ‘Absynthe’ en ‘Clap’ als in het licht chaotische ‘The Row’. Het sublieme ‘Victoria’, met een virtuoze gitaarsolo, doet dan weer filmisch aan en het dromerige ‘The Corridor’, waarbij een pedalsteel tristesse genereert, lijkt op een introspectief gebed. Het stemtimbre van Bruce gelijkt hier en ook elders op dat van Chris Eckman omwille van een gelijksoortige gloedvolle warmte, waardoor de narratieve songlijnen je afwisselend inkapselen of in een melancholische waas omhullen. Van het fragiele ‘Foolish’, met contrabas en piano, gaat een zekere tederheid uit en vanuit het lichtvoetige ‘Little Brother’, met mandoline begeleiding, een delicate en ontroerende speelsheid. Beide zijn gewoon tijdloze songpareltjes met het potentieel om zich als muzikale gedichten in het collectieve geheugen te enten. Zo ook het hartverwarmende ‘Tinseltown’ dat je soulvol overspoelt als bloesems in de wind.

De bijwijlen lijzige manier waarop Bruce zijn songs verhaalt haken ietwat aan bij deze van Leonard Cohen uit diens ‘I’m A Man’ periode, zeker als hij een song als het jazzy ‘Light’ vertolkt of bij het mijmerende ‘Touch’. Het unieke aan dit gediversifieerd gitaaralbum is echter het samengaan van de blanke en zwarte stemmen en de wijze waarop die elkaar in emotie versterken. Bruce Bherman, geboren in Oostende, had reeds als tiener een ontvankelijk gemoed voor de overzeese muzikale verlokkingen, die hem later naar New York en naar Nashville brachten. Zijn droom om daar de ‘Nashville Sessions’ het levenslicht te laten zien en er zich omringd te weten met topmuzikanten, is thans een werkelijkheid. En dat de vermaarde Mark Nevers zijn muzikale liefdesbrief aan de ‘Music City’ wou producen, zoals hij deze sessions omschrijft, is bij wijze van spreken de bekroning. Zoals alle gitaarriffs, solo’s, slides, keys, drums en dies meer, aansluiten is een vernuftige krachttoer. En hoe de zang van Bruce en deze van de goddelijke zusjes McCrary een eigen sound creëren is gewoon uitwaaierende magie, van de Noordzee kusten naar het mythische Nashville, waarnaar alle sensitieve singer-songwriters vroeg of laat hun weg vinden.

Marcie

 

Artiest info
Website  
 

Label: AKR Records

video