BOBBO BYRNES - TWO SIDES TO THIS TOWN

Het mag rustig “niet te verklaren” genoemd worden, het feit dat de naam van Bobbo Byrnes niet veel meer tot het gemeengoed behoort. De man speelt, in verschillende formaties, tot bijna tweehonderd liveconcerten en heeft in de loop der jaren, of het nu solo is, of met The Fallen Stars of met Riddle & The Stars, de kunst ontwikkeld om gave, goed in het oor liggende rocksongs te schrijven, die, als Bobbo op z’n best is, moeiteloos de vergelijking met Paul Westerberg of John Mellencamp kunnen doorstaan.

Op zijn tweede plaat onder eigen naam, neemt Byrnes het leeuwendeel van de instrumenten zelf voor zijn rekening: hij speelt Hammond B3,pedal steel gitaar, Rhodes piano en 6- of 12-snarige gitaar. Wat dat laatste betreft, deelt hij zelf, in de liner notes, de gitaarsolo’s op in “noisy” -dat zijn die van hemzelf- en “tasty”, die van de hand van Danny Ott zijn. Heel fijn weerzien met Ott trouwens: we zagen hem niet meer echt in beeld sedert zijn passages in onze Lage Landen aan de zijde van wijlen Chris Gaffney….

De ritmesectie wordt gevormd door drummer Matt Froehlich -vaste kompaan bij The Fallen Stars en door vrouwlief Tracy Byrnes, die ook een flinke vocale duit in het zakje doet. Gewapend met zeven songs van eigen makelij en drie covers, gooien Bobbo en de zijnen zich onvervaard in de strijd en leveren ze een bij wijlen broeierige, gemene lap zaterdagavond-rock af, die je heimwee doet krijgen naar de platen van Joe Fournier, naar de vroege dagen van The Old 97’s of, bij uitbreiding, Steve Earle ten tijde van “Guitar Town”.

Even de covers overlopen: “Jealous Kind” is de titelsong van de plaat waarmee we destijds de geweldige songwriter, die Chris Knight is, leerden kennen: een verhaal, waarin, in nauwelijks tien regels tekst, verteld wordt, wat verliefdheid allemaal teweeg kan brengen, als ze maar hevig genoeg is. “Glad” is van de hand van Tracy Huffman en stond een dozijn jaar geleden op zijn “Ever Notice a Crow”-CD, die ook de overheerlijke “Great Unknown”-song bevatte, terwijl de derde cover door Matthew Ryan gemaakt werd: “Dam” stond op diens debuutplaat van meer dan twintig jaar geleden. Een van de mooiste songs, die ooit over foute liefde gemaakt werden en die in de handen van Bobbo Byrnes een smachtende versie krijgt, die heel mooi contrasteert met het eigen werk dat het omringt: “Massachusetts”, dat over heimwee naar de eigen, voorbije jeugd handelt en ”Welfare Cadillac”, een twangy roadsong met jazzy invloeden, waar exact de juiste echo ’n blazers-uit-klavieren aan toegevoegd werden, om het tot een oorwurm te maken.

Op dat Punt slaat opener “Angelia” echter alles: dat is pure Mellencamp-in-een-overpeinzende -bui: hoe het er vandaag in de US aan toe gaat: allen en iedereen lijkt verdeeld te zijn en niemand is nergens nog zeker van, behalve van het eigen Grote Gelijk. Iemand moest het maar eens duidelijk zeggen en dat doet Bobbo Byrnes dus, zij het dat deze plaat absoluut geen politiek pamflet is. Nee, dit is bijzonder goede, stevige, hedendaagse Americana, bijzonder geschikt overigens voor lange, liefst nachtelijke, autoritten!

(Dani Heyvaert)
"This record is all about good, solid, nowadays’ Americana: the country seems to be divided an somebody had to put this situation to music. That’s exactly what Bobbo Byrnes does and that’s why we keep on thinking of John Mellencamp, whenever we spin this CD…." www.rootstime.be

 

Artiest info
Website  
 

Label: SONGS & WHISPERS
Info: Hemifran

video