JANUARI 2007 - FEBRUARI 2007 - MAART 2007
APRIL 2007 - MEI 2007 - JUNI 2007
BILL PERRY - DON’T KNOW NOTHIN’ ABOUT LOVE
KELLIE RUCKER - CHURCH OF TEXAS
ELVIS PERKINS - ASH WEDNESDAY
ALICE STUART & THE FORMERLYS - FREEDOM
VAN MORRISON - THE BEST OF ... VOLUME 3
ROBERT FORSTER GRANT McLENNAN - INTERMISSION
RANI ARBO & DAISY MAYHEM - BIG OLD LIFE
KEVIN DEAL - ROLL
FRANK BLACK - 93-03
THE WAY- GONERS - KICKIN ' UP DUST

(1957 - 2007)
Op
dinsdag 17 juli 2007 overleed de Amerikaanse bluesartiest Bill Perry aan de
gevolgen van hartaandoeningen. Perry bouwde een carrière uit om u tegen
te zeggen. Niet alleen in de blues waar hij een geliefde artiest was, maar ook
in andere genres laat hij een grote leemte achter. Hij speelde met The Band's
Garth Hudson en Levon Helm e.a., na voornamelijk geïnspireerd te zijn door
zijn leermeester folk-rock singer Richie Havens waarmee hij in de beginne vier
jaar als gitarist fungeerde in die zijn band. Zijn gitaarspel bezorgde hem de
naam "six-string superman more powerful than a locomotive" en zijn
laatste album kwam vorig jaar uit onder het label Blind Pig Records waarvan
hier de recensie:

BILL PERRY
DON’T KNOW NOTHIN’ ABOUT LOVE
Website: www.billperry.com
Email: rio@billperry.com
Label : Blind Pig Records
Distr.: Parsifal
www.parsifal.be
Kwaliteit
is meer dan voldoende aanwezig op het zevende album van bluesgitarist Bill Perry.
Helaas blijft hij in de schaduw van zijn grote voorbeelden zoals Jimi Hendrix,
Stevie Ray Vaughan, Johnny Winter en Freddie King. Bill Perry is een moderne
bluestraditionalist, en is met zijn nieuwe album aan zijn zoveelste label toe.
Dat betekent niet dat zijn muziek slecht is: hij schrijft nummers met vaak swingende
melodieën die gemakkelijk blijven hangen, hij zingt met een krachtige stem
inclusief aangename grom en soleert bekwaam en enthousiast. Bovendien wordt
hij in de rug gedekt door een capabele band. Op deze cd probeert hij de kloof
tussen blues en rock te overbruggen. Het aantrekken van gitarist Popa Chubby
als producer op zijn vorige cd "Raw Deal" (2004) had wel tot gevolg
dat deze plaat het stevigste en meest volwassen album van Perry was geworden,
dat voor de liefhebber van goed en stevig gitaarwerk zeker een aanrader genoemd
mocht worden. Chubby produceerde "Raw Deal", en zijn gitaarspel was
ook op enkele nummers te horen. Voor het nieuwe album "Don't Know Nothin'
About Love" ligt de productie wederom in handen van Popa Chubby en ik snap
wel waarom Chubby bluesman Bill Perry heeft getekend voor zijn label Dixiefrog
Records. Okay, Perry is niet zo indrukwekkend als de fat man himself maar wie
is dat wel? Ondertussen maakt vriend Bill wel een lekker potje heavy blues die
dicht tegen bluesrock aanligt. Met zo nu en dan een uitstapje naar de meer traditionele
blues, zoals in het titelnummer, is Perry het sterkst in de up-tempo stampende
blues met jankende gitaren, zoals in de track "Ball Of Confusion".
Mensen die van subtiliteit houden, kunnen nu dus beter weg wezen, want deze
muziek klasseren we onder traditionele stoere-mannenblues, stereotiep aan dit
genre. Perry toont zich een volleerd notenpoeper, met en zonder slide. Zijn
stem blaast als een misthoorn boven het geluid van zijn viermansband uit. Naast
acht Perry-originals telt het album vier originele covers van oa Fats Domino’s
rock-the-house "Hello Josephine" en Jimmy Hendrix’s "Are
You Experienced". En ook die ontkomen niet aan Perry’s notendiarree.
Voor de mensen met een sterke maag dus. Uitschieters zijn "Leavin' Home"
waarin Bill laat horen dat hij jarenlang een poster van Robin Trower op zijn
slaapkamer had hangen en "Down In New Orleans" waarin de dreiging
van Katrina hoorbaar is. Kortweg: New Yorker Bill Perry brengt pittige bluesrock,
vingervlug gitaargeweld en roestige vocale bravoure, al heeft producer Popa
Chubby voor deze plaat meer nadruk gelegd op Perry's zang, zonder zijn stevige
gitaarspel te vergeten.

KELLIE
RUCKER
CHURCH OF TEXAS
Website: myspace
Label : Eigen Beheer
Info:killerharmonica@yahoo.com
vids.myspace.com
myspace.com/richiearndt
Exil
Galerie
Nu
het blijkbaar een rage geworden is in bepaalde muzikantenmiddens om je erg belangrijk
te voelen en zelfs personen naast hun schoenen doet lopen is deze eenvoudige
jongen 'gewoon tevreden' dat het album "Church of Texas" van onze
vriendin Kellie Rucker opnieuw zijn Europese en misschien wel wereldprimeur
mag meemaken bij Rootstime. Het is moeilijk om bescheiden te blijven maar ook
het debuutalbum "Ain't
Hit Bottom"onderging hetzelfde lot en was meteen het startsein voor
ondergetekende om dit brokje natuurtalent (1m.52) in de schijnwerpers te plaatsen.
(zie rev: Juni '06). Ondertussen is the American blues/roots/rock, female harmonica
player/singer Kellie Rucker een graag geziene gast geworden in Duitsland (zie
Richie Arndt feat. Kellie Rucker (04/2007) - Photos by Hans Abry // MySpaceTV:
Richie Arndt & The Bluenatics - Live in Osnabrück 2005 ) en wie op
het einde van juli zijn vakantie doorbrengt in Italie
kan een concertje van deze dame als nog meepikken. Wij moeten het voorlopig
doen met het album "Church of Texas" en zijn daar eigenlijk niet rouwig
om (alhoewel) want met het uitstekende niveau dat Kellie onder leiding van de
legendarische blues -gitarist/producer/Grammy Nominee Jon
Butcher (myspace)
momenteel haalt zien wij niet onmiddelijk veel kandidaten in ons kikkerlandje
die in staat zijn om dit fenomeen "deskundig" te begeleiden. De opener
"I Ain't Scared of Nothin' But Love", de schitterende songs "Never
Going home" (John Gillotin/Hammond B - 3 & piano), "Take Me As
I Am" , Elysium" (Ben Schultz - lap steel, squareneck, dobro) en titelnummer
"Church of Texas" die Rucker in concurrentie - slag brengen met ondermeer
Susan Tedeshi & Bonnie Raitt zijn zeker te hoog gegrepen voor het Belgisch
bluesbandje dat zich via My Space Music in de gunst willen werken van "Miss
Killerharmonica". "Mississippi Rain" hoort ook nog in dat rijtje
thuis en onderstreept nog maar eens dat Jon Butcher heus niet overdreef toen
hij terecht opmerkte: "And I play with this woman Kellie Rucker who plays
blues harmonica to blow your mind. She always causes a stir 'cause she looks
good but nobody expects her ...". Mocht je nog niet overtuigd zijn luister
dan maar eens naar het jazzy "Love and War" (Kevin Mc Court - piano)
waar het lijkt of onze Jean "Toots" Thielemans om het hoekje komt
gluren, of het mini - harmonica festijn "Shrimp Cocktail" (juist geteld
een minuutje) dat de voorbode blijkt te zijn van een bluesrock tochtje door
"The Wild Wild West". Helemaal niet de bedoeling om ook maar iemand
de (Belgische) wind uit de zeilen te halen ("Took the Wind Out Of My Sails")
maar Kellie Rucker onderstreept met dit album dat zij, na meer dan twintig jaren
toekijken aan de zijkant , anno 2007 volop in de running is om binnenkort plaats
te nemen onder de spotlights van Moulin Blues/Belgium Rhythm & Blues Festival
...enz. "The Heart's Got a Mind of its Own" ... nemen wij onze wensen
voor werkelijkheid? Kellie Rucker is een fantastische blues/roots - madame die
zowel letterlijk als figuurlijk lijfelijk aanwezig is in de elf songs die "Church
of Texas" in huis heeft.

ELVIS
PERKINS
ASH WEDNESDAY
Website: www.elvisperkins.net
myspace
Label: XL Recording
www.xlrecordings.com
Distr.: Beggars Banquet Records Ltd
www.beggars.com
VIDEO:
All The Night Without Love
Elvis
Perkins is een singer-songwriter van de nieuwe generatie, overduidelijk geïnspireerd
door Bob Dylan, maar met een eigen geluid en absoluut geen imitator. Dat willen
we al dadelijk kwijt! Maar Elvis is ook de zoon van de legendarische, in 1992
aan AIDS overleden, acteur Anthony Perkins, die we natuurlijk vooral kennen
als de norse motelhouder Norman Bates uit Alfred "Hitchcock’s Psycho".
Zes jaar geleden verloor hij ook nog eens zijn moeder toen het vliegtuig waarin
zij zat zich in één van de torens van het World Trade Center in
New York boorde. Dat de familie Perkins daarnaast een gezonde dosis humor bezat,
bewezen ze door hun zoon Elvis te dopen. Maar dat persoonlijk leed heeft duidelijk
zijn sporen nagelaten op zijn debuut "Ash Wednesday" (De titel verwijst
overigens naar de dag na 9/11, wanneer de as is neergedwarreld en er alleen
dode lichamen en puin overblijven), waarop Elvis een diepe indruk als singer-songwriter
nalaat. Een singer-songwriter die op zijn debuut zowel tijdloos als eigentijds
weet te klinken. Aan de ene kant maakt Elvis Perkins geen geheim van zijn liefde
voor de platen van Nick Drake, Leonard Cohen en vooral het vroege werk van Bob
Dylan, maar tegelijkertijd vindt hij aansluiting bij hedendaagse melancholische
singer-songwriters als Rufus Wainwright en Damien Rice. Perkins haalt in sommige
songs er een elektrisch geluid bij en in andere nummers weerklinken trompet,
viool, harmonium en tamboerijn. Ondanks alle instrumenten en de vele muzikanten
slaagt Perkins erin zijn folky liedjes intiem te laten klinken. Daar zorgen
trouwens ook zijn breekbare stem voor en de beklijvende teksten, zoals van titelsong
"Ash Wednesday", waarin hij de dood van zijn moeder verwerkt. Denk
nu ook niet dat al deze songs één en al kommer en kwel zijn, want
de opener "While You were Sleeping" klinkt zelfs zeer vrolijk en "May
Day" doet zich voor als een dronkemanslied. "It's A Sad World After
All" combineert alweer op uitzonderlijke wijze lieflijkheid met tristesse
en alweer schurkt een lieve vrouwenstem zich teder tegen de leadvocals van Perkins.
Soms werkt de zachte treurigheid in zijn stem onherroepelijk op je gemoed, vooral
in donkere songs als "It's Only Me' of 'The Night & The Liquor".
"Ash Wednesday" is gewoon een doorleefde plaat van een singer-songwriter
die recht van spreken heeft en gewoon vol met intieme prachtliedjes staat. Prachtliedjes
die opvallen door hun eenvoud en schoonheid. Sobere en vaak wat droevige songs
die een diepe indruk weten te maken. Elvis Perkins zou wel eens een hele grote
kunnen worden, met zijn pastorale folk en lichtelijk orkestrale, zweverige popliedjes
vindt hij zeker aansluiting bij de huidige generatie singer-songwriters. In
ieder geval, "Ash Wednesday" doet zonder meer verlangen naar een vervolg.

ALICE
STUART & THE FORMERLYS
FREEDOM
Website : www.alicestuart.com
myspace
Info: Alice@alicestuart.com
Label : Country con Fusion Records
cdbaby
VIDEO1
VIDEO2
VIDEO3
VIDEO4 VIDEO5
"There would be no Bonnie Raitt without Alice Stuart " en "Alice cut the road that Bonnie travelled".
Met
het schaamrood op de wangen moesten wij in februari 2006 bekennen dat Alice
Stuart voor ons een nobele onbekende was. Maar het album "Live at the Triple
Door" bracht daar gelukkig verandering in en meteen de aanleiding om ons
te gaan verdiepen in de carrière van een dame die after all those years
nog steeds still crazy bezig is with the blues. Alice Stuart was één
van de eerste vrouwen die niet alleen als singer/songwriter aan bod kwam in
een band maar ook duchtig haar mannetje kan staan als uitstekend gitariste.
Frank Zappa moet het opgemerkt hebben want naast een "fast & furious
love affair" met Alice nam hij haar een tijdje op in zijn Mothers of Invention.
Maar de liefde was van kortstondige duur en Stuart probeerde het nog met enkele
solo-albums maar hield het dan voor bekeken en spendeerde een twintigtal jaren
aan de opvoeding van haar kinderen. Maar het bloed kruipt waar het niet kan
gaan en met de oprichting van the Formerlys (Mark Willett - bass & vocals,
Steve Potts - drums, Steve Flynn - keyboards & vocals en Charlie Wallace
- pedal & lap steel) kwam in 2003 alles opnieuw in een stroomversnelling.
De onderscheidingen vielen als trossen bananen uit de bomen ... Stuart has been
recognized by Seattle Weekly for Seattle's Best Guitarist (2005), Best Band
(2004- 2006) and by the Washington Blues Society as Best Songwriter (2003 –
2006) en het kersje op de taart is wel het volgende: Alice Stuart has been chosen
as the top player to compete at the 2008 International Blues Challenge in Memphis,
TN. The competition is held worldwide by The Blues Foundation's affiliated organizations;
Stuart will represent the Portland, Oregon, based Cascade Blues Association.
Terecht is dan ook wel David Wilson's opmerking (Mountain Messenger): "She
gives the impression that she has not lost years of career, but has saved them".
"I've Got Something for You" laat Alice weten op het album "Freedom"
(producer Jim Gaines & engineerd by John Hampton & recorded in Memphis
at the legendary Ardent Studios) en het cadeautje wordt in dank aangenomen.
De schitterende gitaar-keyboards duels op het titelnummer, de instrumental "Sophia"
en "I Won't Bleed" zijn de ideale waardemeters voor het volledige
album dat enkel met de rocker "Highway Blues", Bob Dylan's "It's
All Over Now Baby Blue" de voorzichtige reggae - beat op "Harmony"
en het country deuntje "Train of Love" (J. Cash) buiten de traditionele
bluespaadjes kleurt. "Down To Earth Man", "Rhythm Train",
"If You Want It to Last" en "Basket Case" geven aan waar
Bonnie Raitt destijds de mosterd haalde en het album "Freedom" zorgt
er wereldwijd voor dat "Everybody Knows" dat Alice Stuart de leverancier
is.

VAN
MORRISON
THE BEST OF ... VOLUME 3
Website: www.vanmorrison.com
Label: EMI
www.emimusic.be
VIDEO: with John
Lee Hooker - Gloria
Na zijn verscheiden van de R&B-band Them in 1967 begon de Ierse muzikant Van Morrison aan een solocarrière die tot op de dag van vandaag voortduurt. In bijna veertig jaar maakte Van The Man even zovele platen. Op elke plaat neemt Van Morrison ons mee op een muzikale reis die voert van zijn geboorteland (Noord- Ierland), naar het Zuiden van de Verenigde Staten en weer terug. Soms verwijlt hij wat langer aan de overkant van de oceaan en maakt daar diverse omzwervingen, andere keren reiken zijn muzikale expedities niet veel verder dan de grenzen van zijn geboortegrond. Met klassiekers als "Brown Eyed Girl", "Bright Side Of The Road" en het melancholieke "Have I Told You Lately", heeft de wereldberoemde Ier geschiedenis geschreven. Hij heeft met bijna ieder genre geflirt en is daardoor niet gemakkelijk in één hokje te stoppen. Of het nou om blues, jazz, folk, rock, R&B of gospel gaat, Morrison draait zijn hand er niet voor om. In de 40 jaar die zijn muzikale loopbaan inmiddels omspant is deze Ierse troubadour vele muzikale paden ingeslagen en heeft hij gaandeweg een ontzagwekkend groot oeuvre opgebouwd. In welke richting de muziek van Van Morrison zich ook bewoog, op alle platen waart zijn geest vanaf de eerste noten onmiskenbaar rond. Na muzikale projecten en zijn vier goed onthaalde vorige studioalbums: "Pay The Devil" (2006), "Magic Time" (2005), What's wrong with the picture? (2003) en "Down The Road" (2002), komt Van nu weer met een een "The Best Of". Rekenen we het nog maar onlangs verschenen "At The Movies", een verzameling liedjes die tot achtergrondmuziek van diverse films hebben gediend, niet mee, dan dateert de laatste officiële compilatie met werk van Van Morrison van 1993. Sindsdien hebben alweer dertien nieuwe platen het licht gezien en dus was de tijd rijp voor een derde deel in de reeks. Zo'n verzamelaar samenstellen is ondoenlijk. Maar deze "Volume 3" doet zelfs geen poging daartoe. De compilatie wil slechts een aardige indruk geven van wat hij sinds 1990 (het jaar van de eerste "The Best Of") heeft gedaan. Toch is de dubbelaar een feestje. Met instemming van de meester zelf zijn naast goed gekozen (re-mixen van) tracks van jongere albums nogal wat minder bekende opnamen bij elkaar gebracht, opnamen die bijvoorbeeld alleen een (promotie-)singletje haalden, op een soundtrack stonden, een benefietcd (o.a. het nummer "Blue And Green" dat Morrison bijdroeg aan de benefiet-cd Hurricane Relief ten bate van de slachtoffers van de orkaan Katrina) waren gemaakt of liedjes die ooit als b-kantje van een single zijn uitgegeven als "I Don’t Want To Go On Without You" met James Hunter. Maar ook liedjes, waarin hij samenwerkt met door hem bewonderde grootheden, zoals Carl Perkins of de soulvolle uitvoering van "Tupelo Honey" met zijn held Bobby Bland zijn misschien wel de hoogtepunten van deze compilatie naast andere duetten met o.a. Ray Charles ("Crazy Love") en B.B. King ("Early In The Morning"). Eén track is echt nieuw, een met Tom Jones gezongen versie van "Cry for home", een aardig duet doch niet bijzonder. "Volume 3" bestaat uit twee cd’s met maar liefst 31 tracks waarvan sommige liedjes bijna in de vergetelheid waren geraakt, maar weten ons bij deze hernieuwde kennismaking opnieuw te imponeren, zoals het prachtige, lang uitgesponnen "Too Long In Exile" uit 1993. "The Best Of Van Morrison Volume 3" is gewoon een essentiële aanvulling op het monumentale oeuvre van deze zanger. Een mooi hebbedingetje met vele minuten heel veel mooie muziek.
Disc 1
1. Cry For Home (with Tom Jones) (previously unreleased)
2. Too Long In Exile
3. Gloria (with John Lee Hooker)
4. Help Me with Junior Wells (live)
5. Lonely Avenue / 4 O' Clock In The Morning (with Jimmy Witherspoon,
Candy Dulfer & Jim Hunter) (live)
6. Days Like This
7. Ancient Highway
8. Raincheck
9. Moondance
10. Centerpiece (with Georgie Fame & Annie Ross)
11. That's Life (live)
12. Benediction (remix) (with Georgie Fame & Ben Sidran)
13. The Healing Game (re-mix)
14. I Don't Want To Go On Without You (with Jim Hunter)
Disc 2
1. Shenandoah (with The Chieftains)
2. Precious Time
3. Back On Top (remix)
4. When The Leaves Come Falling Down
5. Lost John (with Lonnie Donegan) (live)
6. Tupelo Honey (with Bobby Bland) (previously unreleased)
7. Meet Me In The Indian Summer (orchestral version) (remix)
8. Georgia On My Mind
9. Hey Mr. DJ
10. Steal My Heart Away
11. Crazy Love (with Ray Charles)
12. Once In A Blue Moon
13. Little Village
14. Blue and Green
15. Sitting On Top Of The World (with Carl Perkins)
16. Early In The Morning (with B.B. King)
17. Stranded

ROBERT
FORSTER GRANT McLENNAN
INTERMISSION
the best of the solo-recordings 1990-1997
Website: www.forster-mclennan.com
Label: Beggars Banquet Records Ltd
www.beggars.com

Als
belangrijkste steunpilaren van de uit Brisbane, Australië stammende groep
The Go-Betweens vormden Robert Forster en Grant McLennan al een onafscheidelijk
songschrijversduo. In de jaren negentig hebben ze allebei ook nog 4 solo-CD's
op de markt gebracht nadat ze in 1989 de groep ontbonden hadden. En nu - ongeveer
één jaar na het jammerlijke overlijden van Grant McLennan op 6
mei 2006 - werden beide getalenteerde songschrijvers opnieuw herenigd in een
speciale Limited De-Luxe editie op het uitstekende alternatieve label Beggars
Banquet. Elk met zijn eigen schijfje met daarop 13 songs die zorgvuldig geselecteerd
werden uit hun solo-albums + een mooi 28 pagina's tellende boekje met de teksten
van alle nummers op de 2 CD's. Hiermee krijg je een uitstekend overzicht van
het werk van beide artiesten uit een periode in hun loopbaan die toch maar beperkt
bekend was bij het grotere publiek en zelfs bij de fans van the Go-Betweens.
Beiden hadden rocksongs en mooie liefdesliedjes op hun repertoire waarbij ze
poëtische en soms zeer persoonlijke teksten op heerlijke popmelodieën
wisten te brengen. De nummers op de CD van Grant McLennan staan in chronologisch
correcte volgorde, terwijl Robert Forster een mengeling serveert waardoor de
opbouw van de sfeer op die plaat wat beter gestructureerd lijkt. Hun website
vermeldt dat McLennan net voor zijn overlijden persoonlijk nog de 13 nummers
koos die op deze CD terug te vinden zijn en dat hij ook verantwoordelijk is
voor de betekenisvolle titel "Intermission". Tussen 1998 en 2006 verschenen
er overigens nog 3 albums van de herenigde Go-Betweens waaronder het uitstekende
"Oceans Apart"uit 2005, maar Robert Forster besloot wijselijk om de
groep 3 dagen na het overlijden van zijn co-schrijver Grant McLennan voor altijd
te ontbinden. Robert Forster had voor zijn eerste solo-album "Danger In
The Past" uit 1990 samengewerkt met zijn landgenoot Mick Harvey, die wij
vooral kennen van zijn werk bij Nick Cave en ook van zijn recente prachtige
solo-albums. "I've Been Looking For Somebody" is een instant klassieker
en het rockende "121" is zo fris dat het ook vandaag probleemloos
in de hitlijsten kan belanden. In "Beyond Their Law" klinken flarden
Lou Reed-achtige monologen door. Ook het dreigende "Danger In The Past"
krijgt een extra betekenis door de dood van McLennan. Vooral bij Forster kan
ik me maar moeilijk ontdoen van de herinneringen aan de songs van The Triffids
zoals bijvoorbeeld in "Crying' Love". Ook zijn stem lijkt in vele
songs angstwekkend sterk op die van David McComb. En de muziek stamt natuurlijk
ook uit diezelfde glorieuze nineties-periode. Grant McLennan is dan weer de
auteur van voornamelijk poëtische songs en rustige liefdesliedjes, getuige
daarvan songs als "Haven't I Been A Fool", het van violen doordrenkte
"Horsebreaker Star", "Hot Water", "Black Mule"
en de pianosong "Lighting Fires". "Intermission" is een
absolute aanrader voor de vele liefhebbers met nostalgie voor de betere popsongs
uit de golden 90's.
(valsam)


RANI
ARBO & DAISY MAYHEM
BIG OLD LIFE
Website: www.raniarbo.com
Label: Signature Sounds / www.signaturesounds.com
Rounder Europe / www.roundereurope.com
Distr.: Munich Records www.munichrecords.com
Op
"Big Old Life" draait alles om vocale harmonieën en ze zijn werkelijk
wonderschoon. De muzikale begeleiding is uiterst sober en vooral akoestisch.
Dit om de stemmen van Rani Arbo en haar band Daisy Mayhem alle ruimte te geven.
Dit is een wijs besluit, want wat zingen ze mooi. De muziek van dit combo komt
vanuit de Amerikaanse folkhoek en is puur en eerlijk. Op "Big Old Life"
de opvolger van "Gambling Eden" (2003) en "Cocktail Swing"
(2001), brengen zij een selectie van eigen werk, traditionals, en covers van
o.a. Leonard Cohen en Bob Dylan. De composities lijken in dienst te staan van
de samenzang van dit gezelschap. Die stemmensymfonieën vinden we terug
in het bluesy “Oil In My Vessel”, gevolgd door het met een intimistisch
streepje mondharmonica gedrapeerd prachtsliedje "Farewell, Angelina",
je voelt je hier met deze songs als luisteraar ogenblikkelijk thuis. Ook de
door Kevin Barry van een lap steel voorziene stukken als "Roses" en
"Thief" zijn adembenemend. Toch bewerkstelligd het stel een eigentijdse
invulling te geven aan het genre waar menig veertig plusser naar terug verlangt.
Hoogtepunt is wel, de titeltrack geschreven door Rani Arbo (bekend van haar
werk met Salamander Crossing gedurende de jaren ’90), gewoon prachtig.
Er staat gewoon niet één slecht liedje op "Big Old Life".
De inhoud van deze CD bestaat gewoon uit adembenemende samenzang met sterke
staaltjes songschrijverij die van "Big Old Life" tot een vaak kippenvel
opwekkende belevenis maken. Zet de cd op, sluit je ogen en je waant je in de
late jaren 60 of de vroege jaren 70. De jaren waarin de Amerikaanse country-
en folkmuziek, werden bedacht en waarin vocale harmonieën tot kunst werden
verheven. Jazz, country, blues, swing, u noemt het maar ... Rani Arbo en Daisy
Mayhem switchen moeiteloos van het ene naar het andere genre en maken van "Big
Old Life" een bijzonder samenhangend geheel. We zouden Arbo en Co liefst
eens live willen beleven. Want dat moet gegarandeerd een belevenis zijn.



KEVIN
DEAL
ROLL
Website : www.kevindeal.com
www.myspace.com/kevindealband
Label : Blind Nello Records
Info: kevinadeal@MSN.com
cdbaby
VIDEO
Niet
alleen de bluesguru's kunnen prat gaan op een "eigenzinnige" programmatie
ook de alt. Country/Americana/roots organisators kennen er wat van! Met mijn
jaarlijkse smeekbede om Texaan Kevin Deal eens op de affiche te plaatsen van
Take Root, Blue Highways, Roots of Heaven wordt jammer genoeg nog steeds geen
rekening gehouden. Een belangrijk steuntje in de rug om in die boosheid te volharden
is het spiksplinternieuwe blinkende schijfje dat de erg vriendelijke singer/songwriter,
en eigenaar van een bouwbedrijfje, op de markt bracht. Meteen de opvolger van
het schitterende live album "Raw Deal" dat in September '05 door deze
jongen onder handen werd genomen. Misschien dat wij binnenkort moeten gewagen
van het duo Kevin Deal/Lloyd Maines want de multi-instrumentalist/producer Maines
drukt net als op "Lovin', Shootin', Cryin' and Dyin'" ('97) "Honky
Tonks - N - Churches" ('99), "Kiss On The Breeze" (01) en "The
Lawless" (03) een belangrijke stempel op Deal's muzikale bezigheden. In
de beste Texas troubadour traditie en op het niveau van collega's als Ray Wylie
Hubbard, Joe Ely, Blue Edmondson, Mark David Manders, Steve Earle laat Kevin
Deal ons weer genieten van een klein uurtje rousing roadhouse, honky tonk en
gritty Americana. Met de opener "Just the Way I Roll" laat Kevin meteen
Freddie Lee Spears (mandolin) en Richard Bowen (violin) de eerste open doekjes
in ontvangst nemen. Wanneer de volumeknop een kwartslag naar rechts draait op
"Road Trip" en "On Down On the Line" mogen drummer Mark
Crocklin en bassist Bob Penhall zich uitleven al blijft de hoofdrol ditmaal
weggelegd voor de fantastische smoelschuiverpartij van Deal zelf die in "Texas
Beer" Rick Hood op pedal steel de kastanjes uit het vuur laat halen. Een
rol die aan Lloyd Maines voorbehouden blijft in "Another Drinkin' Song"
en de weg opent voor wat Irish, Celtic invloeden op "Luck Of the Irish"
(Terry Hendrix - harmony vocals, Sam Hendricks - accordeon, Lloyd Maines - oa
: big ol drum). Diezelfde Terry Hendrix mag samen met het duo Deal/Maines voor
het eerste sublieme hoogtepunt zorgen op "We Belong In Love" dat de
concurrentie moet aangaan met "What Am I Fighting for" (president
make speeches, generals makes plans, soldiers say hello) op in aanmerking te
komen voor "Song of the Year". De nieuwkomertjes "Hard Times"
en "I've Got to Believe" waren ook van de partij op het live album
"Raw Deal" en worden nu opnieuw voor de wolven gegooid en bevestigen
wat wij destijds al verkondigden .... Kevin Deal’s music is the sound
of a long-neck bottle in yer hand, sawdust and peanut shells under yer boots,
ridiculous hope (or unimaginable betrayal) in yer heart, a quarter-tank in the
truck, the reflection of neon in the back-bar’s mirror, and hopin’
the check floats till payday". Dus, voor de zoveelste maal .... Kevin Deal
(en Lloyd Maines) naar de Lage Landen! "What's Your Problem Man" om
het niet te doen?

FRANK
BLACK
93-03
Website: www.frankblack.net
Label: Cooking Vinyl
Distr.: V2
Op zijn eerste soloplaten ging de frontman van The Pixies surf-rockend op zoek naar zijn (alter) ego. Later verkende hij begeleid door The Catholics met wisselend succes zijn muzikale roots. In 1993 werden de Pixies ontbonden en begon Frank Black aan een solocarrière. Met name zijn eerste twee soloplaten ("Frank Black" uit 1993 en "Teenager Of The Year" uit 1994) waren erg sterk. Daarna zakte het niveau wat in, tot Black zijn oude vorm aan het begin van het huidige millenium hervond. Want nu dat hij zijn vroegere band opnieuw op de rails heeft staan, lijkt hij echt in de stemming om zijn eigen pad als singer-songwriter te plaveien met de country- en folkgeluiden uit zijn jeugd. Zo nam Black het album "Honeycomb" (2005) vlak voor de reünietournee van de Pixies op. En zo wild en uitgelaten als die tour was, zo ingetogen klinkt deze plaat. Het resultaat is organisch en qua thematiek Blacks meest volwassen solowerk. De zanger heeft het hart op de tong, ook als het gaat over zijn meest donkere dagen, maar de eindbalans is dat je alles moet aanvaarden zoals het is, en daar put hij uiteindelijk kracht en hoop uit. Opvolger "Fastman/Raiderman"(2006) is een dubbelplaat waarop Black zich weer van veel verschillende kanten laat zien. Net als bij zijn vorige plaat, "Honeycomb", werkte hij samen met producer Jon Tiven en werd ditmaal bijgestaan door muzikale grootheden als Levon Helm (The Band), Tom Petersson (Cheap Trick) en Al Kooper. Black blikt op deze plaat terug op de begindagen van de Pixies met enkele ongepolijste tracks en maakt ontspannen uitstapjes richting country en losjes rockende pop, iets dat herinnert aan "Honeycomb". Uiteindelijk blijft Black natuurlijk gewoon zichzelf op deze twee albums. Nu juist voor de vakantieperiode gooit Black er nog een tussendoortje op de markt. "93-03" fietst lustig door ’s mans solo-carrière na de split van de Pixies tot en met 2003, tien jaren waarin hij onmiskenbaar zijn stempel op de rockgeschiedenis heeft gedrukt. Spijtig komt er niets van de reeds vermelde albums, de meer country en folk gerichte albums "Honeycomb" en "Fastman/Raiderman", op deze verzamelaar aan bod. We vinden relatief veel werk uit de eerste twee albums "Frank Black" en "Teenager of the Year", vier en vijf tracks respectievelijk. Het is vooral een blij weerzien met vinnige rockers als "Czar", "Old Black Dawning" of "Freedom Rock". Uit The Catholics periode onthou ik vooral "I Gotta Move", "Bad Harmony", "Massif Centrale" en "Hermaphroditos". Songs als "Los Angeles", "Headache" en "You Ain't Me" zullen de luisteraar absoluut bekend in de oren klinken. Twee mooie rustpunten zijn "Manitoba", met meezingrefrein ("I have seen the face of god and I was not afraid, I have seen the face of god and I have dearly paid"), en "I Don’t Want to Hurt You (Every Single Time)". Songs die wat mij betreft niet onder doen voor het beste wat Black met de Pixies maakte, maar totaal anders klinken. Van aanstekelijke popsongs waarin Black geen geheim maakt van zijn bewondering voor Iggy Pop, David Bowie, The Velvet Underground en The Beach Boys tot meer singer-songwriter georiënteerd materiaal. Songs die stuk voor stuk onderstrepen dat we hier te maken hebben met één van de meest getalenteerde songwriters van de afgelopen twee decennia. Als extra track is er een voorproefje uit "Bluefinger", het echte nieuwe album dat Black binnenkort als Black Francis uitbrengt. "Threshold Apprehension" heet die track, en die is ruiger en wilder dan wat Black de laatste jaren uitbracht, met een zangpartij die expliciet naar de vroege Pixies verwijst. Naar het schijnt was het de bedoeling dat dit op een nieuw Pixies-album zou terecht komen, maar die plaat lijkt dus niet te lukken. Er zit nog een tweede cd bij "93-03", met daarop negen liveregistraties "Bullet", "Nadine", "Living On Soul", "That Burnt Out Rock 'n' Roll", "All Around The World", "Six Sixty Six", "Horrible Day", "Gyaneshwar" en een versie van Roxy Music’s "Remake/Remodel". "93-03" laat horen dat hij in die tien jaren onmiskenbaar ook solo zijn stempel op de rockgeschiedenis heeft gedrukt, en biedt daarom een mooi overzicht van Blacks carrière na de Pixies, de groep in wiens schaduw zijn solo-werk wel eeuwig zal blijven staan. "93-03" is een fraaie compilatie van een in alle opzichten groot muzikant en verplichte aanschaf voor degene die zijn solo-platen niet konden volgen.


THE
WAY - GONERS
KICKIN ' UP DUST
Website: www.theway-goners.com
myspace
Label : Big Bender Records
www.bigbender.net
cdbaby
In
tegenstelling met Rootstime en Alt. Country (B) liet Americana UK zich niet
erg lovend uit over het Ep'tje (vijf songs) dat in het begin van 2006 op ons
werd losgelaten en dat meteen de eerste kennismaking was met the Way - Goners
( ex Honky Tonk Disciples) uit Hammond, Louisiana. (30 minutes right between
New Orleans & Baton Bouge).Volgens Phil Edwards het zoveelste honky tonk
bandje in het rijtje en kon alleen het bijwonen van een optreden van Michael
Howes (Vocals & Guitar), Danny Bond (Lead Guitar & Harmonica), Randy
Colona (Drums), Buz Sibley (Fiddle, Backing Vocals, Banjo) en Colin Wiegand
(Bass Guitar) in een of andere "Southern bajou juke joint or dance hall"
de man misschien op andere gedachten brengen. The Way - Goners (ex - Honky Tonk
Disciples) zorgden meteen voor lik op stuk, namen niemand minder dan Dan
Baird , ex-Georgia Satellites en Yayhoos-lid) onder de arm als producer
en het fraai resultaat van die noeste arbeid ligt momenteel bij de platen/cd
Boer. "Kickin' Up The Dust" telt een twaalftal songs, waarvan "Too
Late for Me", "Truck Stop Girl" en "Hard As Hell" oude
bekenden zijn, en slagen erin om hun actieterrein dat zich oorspronkelijk uitstrekt
rond de traditionele honky tonk gevoelig uit te breiden. Gaat het met "When
I Drink I Cheat", "Lonely Town", "Pil Poppin' Pistol Packin
Woman" en "Hey Baby,Too Late For Me" (country/line bestseller!)
nog voorspelbaar van wal, dan geven Buz Sibley op fiddle en de scheurende gitaartjes
toch al meteen aan dat the Way - Goners (ex - Honky Tonk Disciples ) veel meer
in hun mars hebben. Dan Baird laat de jongens (country) rocken als nooit voorheen
met "Shake It Off", "Hell Bent" en lijken the Backsliders,
the Flying Burrito's, Hangdogs, Allman Bros meer en meer in het vizier te geraken.
Southern rawk songs ... Wij lusten er wel pap van en de bluesy harmonica op
"Big City Lights" en "Dry County Blues" zorgt in zijn eentje
voor een * meer. "Someday" is de geschikte song om de discussies over
"What is Alt. Country Music" weer levendig te maken .... The Way -
Goners & Dan Baird hebben met "Kickin' Up the Dust" de waarheid
in pacht .... " Alt. Country is just that; an alternative to the mainstream.
Since mainstream Country music has gone "Pop", Alt. Country has become
home to anything from the traditional influenced hillbilly honky tonk of East
Nashville to the hopped up cow-punk music of Austin Texas."