JANUARI 2007 - FEBRUARI 2007 - MAART 2007 - APRIL 2007
MEI 2007 - JUNI 2007 - JULI 2007 - AUGUSTUS 2007 - SEPTEMBER 2007
NEWTON FAULKNER - HAND BUILT BY ROBOTS
GEORGIE JAMES - PLACES
ARTHUR ALEXANDER - LONELY JUST LIKE ME: THE FINAL
VARIOUS ARTISTS: BAR VOLUME 4 - THE HOTTEST AUSSIE BLUES & ROOTS 2007
DADDY MACK BLUES BAND - BLUESTONES
MATYAS PRIBOJSZKI BAND - LIVE IN BUDAPEST - DVD
MAGNOLIA ELECTRIC CO. - SOJOURNER
JACKSON TAYLOR - DARK DAYS
CHARLES WALKER BAND - THE WORLD & THINGS
THE JW JONES BLUES BAND - KISSING IN 29 DAYS

NEWTON FAULKNER
HAND BUILT BY ROBOTS
Website myspace
Label : Brightside Recordings / Ugly Truth
Distr. : Sony BMG
VIDEO
Op
de foto kan je zien dat Newton Faulkner er met zijn wapperende dreadlocks zeker
niet uitziet als de typische Brit. En dat is hij allicht ook niet ondanks het
feit dat hij in Surrey, Engeland woont. Amper 22 jaar is deze singer-songwriter
en toch kan hij met deze CD “Hand Built By Robots” al een platinum
album in eigen land op zijn palmares schrijven. Toch verschijnt deze CD in de
rest van Europa pas op 22 oktober. Maar het album stond in digitale vorm al
snel op nummer 1 in de iTunes- en de download-hitlijsten. Newton Faulkner speelt
op zijn akoestische gitaar op een onnavolgbare wijze. Hij noemt het “tapping”
hetgeen een heel specifiek en volle geluid uit die 6 snaren oplevert. Hij leerde
dit aan de muziekacademie van Eric Roche, een gitarist die 2 jaar geleden op
37-jarige leeftijd overleed en aan wie hij deze CD opdraagt. Faulkner beweegt
zich in een muziekgenre dat we ook terugvinden bij die andere surfers-muzikanten
Jack Johnson en Donavon Frankenreiter. Voor deze laatste verzorgde Faulkner
overigens het voorprogramma tijdens zijn recente Europese tournee. Eerder deed
hij al hetzelfde voor James Morrison en Paolo Nutini tijdens hun tournee in
Engeland. Van de nieuwe CD “Hand Built By Robots” is er al wel een
single verschenen “Dream Catch Me”. Een andere opvallende song is
een unieke akoestische versie van “Teardrop”, een song die origineel
door Massive Attack werd opgenomen en die je hier op video
kan zien. Het album bevat 17 tracks, waarvan sommigen amper anderhalve minuut
duren. Opvallende andere tracks zijn “All I Got”, “Feels Like
Home”, “Gone In The Morning”, “Uncomfortably Slow”,
“She’s Got The Time” en “People Should Smile More”.
Daar kunnen we het alleen maar mee eens zijn. En deze CD kan daar in belangrijke
mate toe bijdragen. Sterk debuut van een veelbelovende nieuwkomer waar we allicht
ook in de Benelux heel snel meer gaan van horen.
(valsam)

GEORGIE
JAMES
PLACES
Website myspace
Mail : caroline@aaminc.com
Label : Saddle Creek Europe
Distr. : Munich Records
We
zitten voor deze CD nog eens in de buurt van het Witte Huis in Washington D.C.
maar deze keer zijn we er voor een andere Georgie dan Mr. Bush. Daar is namelijk
ook de thuisbasis van Laura Burhenn en John Davis die onder hun tweetjes de
groep “Georgie James” vormen. Davis was de drummer van de in 2005
ter ziele gegane hardcore en punkgroep “Q And Not U” en toen die
groep zich ophief zocht hij naar een nieuw muzikaal project. Daarbij ontmoette
hij Laura Burhenn die al enkele jaartjes solo optrad in kleinere clubs aan de
East Coast en in Los Angeles. Hun muzikale interesses lagen blijkbaar behoorlijk
dicht bij elkaar, namelijk in de retro- en powerpopmuziek uit de sixties en
seventies. “Georgie Jones” was dan ook snel geboren. Hun eerste
mini-album was “Demos At Dance Place” en werd eind 2005 uitgebracht.
Voor de opname van hun eerste full-CD “Places” - uitgebracht op
het Saddle Creek-label - speelden zij beiden alle instrumenten die je op het
album kan horen. John bekommerde zich om het gitaar- en drumwerk en Laura hield
zich vooral onledig met de toetsen van haar Fender Rhodes. De nummers op de
plaat zijn meestal opgebouwd rond een sterke melodie en vocale harmonieën.
De single “Need Your Needs” had de muziek van Cheap Trick en Chic
als inspiratiebron, maar brengt toch eerder songs van Beach Boys, Fleedwood
Mac of Simon & Garfunkel terug voor de geest. Opener “Look Me Up”
is een upbeatnummer dat opgebouwd is rond enkele leuke riffs en catchy akkoorden.
Ook de recentere flower-powerrevelatie Magic Numbers zou dit nummer kunnen brengen.
Ook tof is “Cake Parade” dat je eventjes een good old sixtiesgevoel
bezorgt. En er is het swingende “Cheap Champagne” met mooie orgel-
en pianoklanken, het Regina Spector-achtige “Long Week” of de Belle
and Sebastian-indachtige folksong “Hard Feelings”. Mijn voorkeur
gaat voornamelijk uit naar de songs waarin Laura Burhenn het voortouw neemt
omdat ze iets milder van opbouw zijn. Als Davis overneemt hoor je soms nog flarden
van zijn vorige ruigere muzikale bestaan terug. In het najaar van 2007 zal Georgie
James een uitgebreide tournee doorheen Europa, Amerika, Canada en Japan doen
om “Places” te promoten. We zullen eens gaan kijken als ze in ons
landje voorbijkomen.
(valsam)

ARTHUR
ALEXANDER
LONELY JUST LIKE ME: THE FINAL CHAPTER
Website
Label: HackTone Records
amazon
VIDEO 1
VIDEO
2
De
Amerikaanse zanger/componist Arthur Alexander overlijdt op 10 juni 1993 aan
een hartaanval. Hij is ondermeer de componist van "Anna" dat door
The Beatles is opgenomen en "You Better Move On" dat The Rolling Stones
op de plaat hebben gezet, maar ook Bob Dylan en Elvis Presley genoten van zijn
songwriting. Waren Redding en Pickett typische vertegenwoordigers van de deep
soul, Arthur Alexander sloeg een brug naar de country & western en stond
zo aan de wieg van de zogenaamde country-soul. "Lonely Just Like Me:The
Final Chapter" is in vele opzichten een bijzondere plaat geworden. De plaat,
die is uitgebracht op het HackTone-label, wil niet enkel zijn album "Lonely
Just Like Me" uit 1993 in de belangstelling brengen maar voornamelijk Arthur
Alexander alle eer toebrengen die hij wel verdiende. Vijftien jaar geleden verscheen
van de in Alabama geboren Alexander het album "Lonely Just Like Me",
een album waarin boven vermelde pop bands veel inspiratie putten. Onder productionele
leiding van Ben Vaughn ontfermt Alexander zich met kennelijke gretigheid over
zijn eigen songs, begeleid door dezelfde muzikanten die hem backing gaven op
zijn hits uit de '60 en '70 jaren, zoals het hartgevoelige "Anna",
het Ray Charles-achtige "You Better Move On" of het meer Sam Cooke-getinte
"Every Day I Have to Cry". Juist bij de release van deze plaat stierf
Alexander, hij was 53 jaar geworden. Op veertigjarige leeftijd keerde hij de
muziekwereld de rug toe, dit omwille van een paar ontgoochelingen. In Cleveland
ging hij zich inzetten voor minder bedeelde kinderen, en dit als buschauffeur,
hetgeen ook de cover van deze cd verklaard, waarachter we tevens een zeer ruime
selectie foto's krijgen voorgeschoteld. "Lonely Just Like Me:The Final
Chapter" laat het hele verhaal horen, beginnende met dit fantastische Elektra/Nonesuch
album. Aangevuld met nooit gehoorde lo-fi demos opgenomen in een hotelkamer
in Cleveland, Arthur's live sessies voor NPR's "Fresh Air", liner
notes van producer Ben Vaughn en om te besluiten een live versie van "Anna"
uit het Bottom Line concert van 1991. Het meest bekoren de songs waarin Arthur
Alexander en zijn begeleiders een laag tempo voeren. Hier legt de zanger een
zekere dramatiek in zijn stem, luister maar eens naar het prachtige "All
The Time", maar deze plaat is rijk aan afwisseling en boeit zo van de eerste
tot de laatste noot. Dankzij HackTone leeft deze legende voort ... Een must-have!
Albums
1 You Better Move On (1962) Label: Dot Records
2 Arthur Alexander (1972) Label: Warner Brothers
3 Soldier of Love (1987) Label: Ace Records
4 Lonely Just Like Me (1993) Label: Elektra
5 Lonely Just Like Me: The Final Chapter (2007) Label: Hacktone

VARIOUS ARTISTS:
BAR VOLUME 4
THE HOTTEST AUSSIE BLUES & ROOTS 2007
Website
Email: promotions@bluesandrootspromotions.com
Label: BAR records
BAR
staat dus wel degelijk voor Blues And Roots of wel kan je voor de "A"
Australian gebruiken. Feit is dat deze cd een mooie bloemlezing is van wat Australië
momenteel te bieden heeft op gebied van blues en roots. Dat is heel wat, en
steeds zijn het complete verrassingen, want er geraakt weinig tot hier van wat
er down under verschijnt. Ware het niet dat Rootstime daar enkele goede contacten
heeft, dan zouden we nu nog nooit gehoord hebben van uitstekende bluesartiesten
als Matt Corcorran, Dallas Frasca en Mississippi Shakedown. Hopelijk biedt deze
verzamelaar de gelegenheid om nog enkele onontdekte parels boven te halen van
down under. Andy Cowan geeft de aftrap met "Never Look Back" en wat
al dadelijk opvalt is een schuurpapieren soulvolle stem ondersteund door funky
blazers. Andy is een begenadigd pianist, en deze live opname laat horen waarom
hij de bijnaam "king of the keys" kreeg en zijn cd uit 2001: "10.30
Thursdays" in Australie "Blues record of the year" dat jaar werd.
Als we zo verdergaan belooft dit! The Others dan, "Smiling Johnny"
heeft een Elmore James slide intro, of beter nog een Dr.Feelgood/Wilco Johnson
intro want dit nummer lijkt heel erg veel op "Back In The Night" van
hun, ook al een sterk nummer dus, vooral door die knappe slide riff. Toby is
een dame die voor het singer songwriter genre gekozen heeft en met haar song
"Satisfaction" kan ze me maar matig bekoren. Dan "Step A Little
Lighter" van Dutch Tilders, een van de twee namen op deze verzamelaar die
ik reeds kende, Dutch doet denken aan Leon Redbone, vooral op gebied van stem,
en deze rustige blues is een uiterst knappe compositie uit zijn CD "Mine
& Some I Addopted". Rootsrockers vervolgens, On The Level met "My
Baby Gone Left Me", met een Crazy Horse sound brengt deze band een langzaam,
bluesgetint rootsnummer, goede middelmaat. Ook Andrea Marr met haar boogiesong
"He Only Rocks On Stage" brengt niet direkt iets aparts, ondanks het
uitstekende gitaarwerk. Nick Charles met zijn fingerpickin gitaarwerk brengt
ook een akoestische bluessong zoals er zovelen zijn, goed gebracht, maar niks
aparts. Dan komt echter de verrassing :Diamond Dave And The Doodaddies, hun
"Much to Much" is zonder twijfel de puikste song op deze CD. Echte
Chess geluiden, deze band klinkt alsof het een authentieke opname is van die
periode, met een of andere onuitgebrachte Little Walter song, en Dave's soepele
stem past daar uitstekend bij. Hopelijk mag ik je de volledige cd binnenkort
voorstellen. Paul Yates die Sonny Terry's "Poor Boy" covert, doet
het erg goed, zijn benadering van deze song, met Albert Collins - en vervolgens
Duane Allman - achtig gitaarwerk is heel origineel. De regelmatige lezers kennen
wellicht wel Mississippi Shakedown, we bespraken reeds de twee cd's die ze maakten,
hun recht toe recht aan slidegitaargeweld met covers van Elmore James, Hounddog
Taylor en eigen werk in dat stijltje, gaan erin als gesneden koek, zo ook deze
"Talking To My Baby". Men In Blues brengt met "Everyday Actress"
een bluesy rootsnummer, heel laid back. Knappe song, zonder meer. Spijtig dat
net de zwakste artiest van de bende als enige een tweede song mag brengen. Het
nummer "Tu Es Belle" van Toby, voor de helft in schabauwelijk Frans
gezongen stelt niks voor. Juzzy Smith echter had voor mij de halve cd mogen
volspelen, deze busker & one man bluesband met zijn "Little Journey"
heeft direkt mijn hart gestolen, mooie National steel, een heel apart warm mondharmonicageluid
en een stukje didgeridoo, dat alles overgoten met een prachtige, gevoelige,
warme stem, de tweede verrassing van de avond. "Run Home To Momma"
van Danny Burton mag er anders ook wezen, knappe ruige vocals en een slidegitaar
die deze sterke compositie ondersteunen. Om eruit te gaan iets aparts en echt
Australisch, het "tweede" Australische volkslied, "Waltzing Mathilda"
kreeg een Delta bewerking door Craig Sinclair, enkel een National steel en zijn
stem vormen dit nummer om tot een Aussie blues. Tot zover dus deze mooie verzamelaar,
die goed materiaal bevat, spijtig van het dipje in het midden, met 3 middelmatige
songs na mekaar, maar we hebben toch weer wat Austalische bands kunnen leren
kennen die zeer de moeite waard zijn. Hopelijk binnenkort meer over die jongens.
G'day mates!
(RON)

DADDY
MACK BLUES BAND
BLUESTONES
Website
Label: Inside sounds
Booking: Road Dawg Touring
Co
roaddawgtouring@comcast.net
De Daddy Mack Band komt uit
Memphis en bestaat naast zanger gitarist Daddy Mack Orr, uit William Faulkner
op drums, en Harold en James Bonner, respectievelijk op bas en gitaar. Daddy
Mack doet mij dadelijk denken aan Otis Grand waarmee Rootstime vorige week een
interview had, namelijk omdat hij ons een geluid laat horen dat ons doet denken
aan de grote namen van weleer, zoals Albert King, waar Daddy Mack ook nog op
lijkt, zeker qua outfit. Op andere momenten klinkt hij dan weer als B.B King
("A Real Good One"), en ook het mooie Stax geluid duikt ook regelmatig
op, zeker in "Slim Jenkins Place" de Booker T. cover, waar ze hulp
krijgen van Charlie Wood, een labelgenoot. (zie recensie mei). Zijn Hammond
B-3 zorgt voor dat warme Booker T. soundje. Op "Saving My Love" een
soulvolle song geschreven door Daddy himself, krijgen we even de indruk te luisteren
naar een van de opnames op het Malaco label met groten als Z.Z.Hill, en dat
gevoel krijgen we nog meer op het daarop volgende "Razor Blade", met
weer sterke gitaarinterventies in Albert King stijl. Nummer voor nummer krijgen
we deze drie elementen mooi met elkaar vermengd, Albert King, zowel vocaal als
qua gitaargeluid, de soulinvloeden van de bekende soullabels uit de jaren tachtig
en een portie hedendaagse invloeden, hetgeen ons een prachtige C.D oplevert
die ik regelmatig zal gaan draaien, zoveel is zeker.
(RON)

MATYAS
PRIBOJSZKI BAND
LIVE IN BUDAPEST - DVD
Website myspace
Contact: matyas@harmonica.hu
Info: booking@harmonica.hu
Label: MMM Records
Deze
dijk van een performer kan zich bogen op een vijftal albums. Zijn eerste solocd
"Christmas Harmonica" stamt uit 1999. Deze cd wordt opgevolgd door
cd's met zijn vorige band, de Blues Fools die hij in 1995 had opgericht. In
de 10 jaar dat deze band heeft bestaan waren ze de meest bekende Hongaarse band
in de Europese bluesscène. In 2005 kwam Matyas Pribojszki op de markt
met een ander juweeltje, "Flavours" genaamd, waarop hij medewerking
kreeg van Ian Siegal en Mike Sponza. Dit prachtige album betekende tevens de
doorbraak naar internationaal niveau. Hierop is te horen dat Pribojszki’s
talent enorm gegroeid is en door de jaren heen meer volwassen is gaan klinken,
maar de kracht en de energie, die zo kenmerkend zijn, zijn zeker niet verloren
gegaan. Met een soul doorspekte stem, omfloerst met een ruig randje, brengt
hij zijn krachtige en melodieuze songs vol overgave ten gehore. Maar in eerste
intantie is deze Hongaarse bluesmaestro een harmonicaspeler die de meest waanzinnige
dingen met diatonische én chromatische mondharmonica's doet en blaast
in één adem alle grenzen tussen jazz en blues aan barrels. Deze
dertigjarige harpist wordt nu al vergeleken met de grote bluesharpisten die
deze wereld heeft gekend en nog kent. Hij begon met de harmonica op z’n
15de nadat hij de zeldzame opname van Sonny Boy Williamson hoorde. Bij een avondje
Matyas Pribojszki Band zal de verveling dan ook niet toeslaan. Degenen die hem
in 2006 aan het werk hebben gezien tijdens het (Ge)Varenwinkel Roots & Bluesfestival,
spraken alleen in superlatieven. Live houdt Matyas ervan grote gitaristen als
gastmuzikant uit te nodigen voor z’n tournee’s, maar ook andersom
want zo was hij dit jaar terug in Herselt, maar deze keer samen met Enrico Crivellaro.
Op deze DVD, die eind vorig jaar opgenomen is, zie en hoor je, één
uur durende wervelende show, een mix van blues, swing en jazz. Een man die van
de eerste tot de laatste seconde een brok dynamiet is! Op "Live In Budapest"
staan voornamelijk opnames van zijn laatste album, zoals "Danger Zone",
"Beauty Queen", "Wet Lips", "TV Boogie", "Kenny's
Theme", "I Heard The News" en "Matyas Walks". Pribojszki’s
jarenlange ervaring zullen zeker doorslaggevend zijn geweest bij het samenstellen
van deze uitzonderlijke goede opname’s die op deze DVD staan. De DVD sluit
daarbij perfekt aan bij Pribojszki’s muzikale als vocale kwaliteiten,
beiden zijn van hoog niveau en vervelen geen moment, want buiten dat hij een
werkelijk uitstekend harmonicaspeler is beschikt hij ook over een krachtige
stem en hij brengt hier met zijn band, bestaande uit József Adamecz (drums,
percussie), Erik Kovács (keyboards), Csaba Pengo (double bass) en Ferenc
Szász (gitaar) twaalf bluesnummers met een soms jazzy ondergrondje waarvan
de knappe solo’s op toetsen van Erik Kovacs ook voor voldoende variatie
zorgen. "Live In Budapest" is een ijzersterke DVD en voor de liefhebber
een ware must.

MAGNOLIA ELECTRIC
CO.
SOJOURNER
Website myspace
Label : Secretely
Canadian
Distr. Konkurrent
Jason
Molina schrijft liedjes zoals wij onze boterhammetjes eten: elke dag wel een
paar. Zijn productiviteit is indrukwekkend, temeer omdat ook de kwaliteit van
die songs steeds uitzonderlijk hoog blijkt te zijn. Hij creëerde twee groepen
om zijn liedjes wereldkundig te maken: Songs:Ohia (tot 2003) en Magnolia Electric
Co. (sinds 2003). Onder die laatste naam lanceert hij tot 2 à 3 keer
per jaar nieuw werk in de vorm van EP’s of CD’s. Vorig jaar verscheen
de laatste full-CD onder de naam “Fading Trails” dat in de categorie
“singer-songwriter meesterwerkjes” thuishoort. Onderwerp van de
liedjes is meestal liefdesverdriet, pijn, verlies, kortom niet echt opbeurende
teksten maar dat wordt ruimschoots gecompenseerd door de prachtige stem van
Molina en de meestal summiere begeleidingsmuziek, vaak enkel een akoestische
gitaar. Heel af en toe is er namelijk ook wel een positievere boodschap te horen
als hij als een volleerde romanticus zijn verliefdheid bezingt. Ook dat doet
hij op een onnavolgbare wijze. Vergelijkingen met Neil Young of Elliott Smith
zijn begrijpelijk maar zeker niet noodzakelijk. Molina is zelf een grote topartiest
en hij zal zijn plaatsje in de muziekgeschiedenis wel probleemloos zelf verwerven
met zijn vele popklassiekers. Onlangs verscheen “Sojourner”, een
houten box met 4 CD’s, een DVD getiteld “The Road Becomes What You
Leave” met de opname van een concert in Canada, een doosje met briefkaarten,
een poster en een medaillon met daarop het logo van de groep. Voor een matig
prijsje kan je dit cadeau van Molina aan zijn trouwe fans zelf toevoegen aan
je verzameling. En dat moet je vooral doen want de vier CD’s die allen
op verschillende tijdstippen zijn opgenomen, bevatten stuk voor stuk schitterende
songs - zowel oude als nieuwe nummers - waardoor er geen seconde ruimte ontstaat
om je de aanschaf van “Sojourner” te betreuren. Er is de “Nashville
Moon”-sessie met vooral countrysongs, die geregisseerd werd door Steve
Albini en de “Sun Session” – een EP met 4 songs - die werd
opgenomen in de legendarische Sun Studios in Memphis Tennessee. De derde CD
is getiteld “The Black Ram” en bevat emotionele en donkere songs
die soms hartverscheurend door de boxen galmen en de start kunnen betekenen
naar een intense zoektocht naar een doosje met anti-depressiva. Andrew Bird
en David Lowery van Cracker stonden Molina bij tijdens deze opnames. Tenslotte
is er CD nummer 4 “Shohola” die geheel akoestisch met gitaar en
zang werd geregistreerd in de huiskamer van Jason Molina. Je wordt helemaal
stil van al die pracht. Ik heb besloten om geen songtitels te noemen in deze
recensie, kwestie van niet de volledige songlijst te moeten vermelden. Er staat
echt niets op deze box dat van mindere kwaliteit is. “Sojourner”
is een absoluut meesterwerk en een nieuw hoogtepunt in de al zo grote muzikale
carrière van een schitterende zanger en mens: Jason Molina. Stop nu maar
met lezen en loop meteen naar de platenzaak om je zelf te laten overtuigen van
de kwaliteit van deze parel.
(valsam)

JACKSON
TAYLOR
DARK DAYS
Website
Label: Smith Entertainment
Group
frank@smithmusic.com
Info: Art Attack Promotions /Gigi Greco
gigigreco@gmail.com
amazon
"Jackson’s songs are so real and honest,
you know straight off he's been there and done that. He writes and sings like
he lives - great songs that, I believe, will live forever."
--Billy Joe Shaver
Het
broodje van de sympathieke Texaane singer/songwriter Jackson Lee Taylor en zijn
kornuiten lijkt met dit nieuwe album zo onderhand wel gebakken. Hun negende
"Dark Days", verscheen immers niet alleen bij Smith Entertainment,
het schijfje deed het ook vrijwel meteen erg goed in tal van Texas Music Charts.
En echt te verwonderen hoeft dat eigenlijk ook helemaal niet. Dat Jackson Taylor
een puike countryrocksong in de vingers heeft, bewees hij in het verleden immers
reeds meermaals. En dat hij met zijn aangename country stem ook over het ideale
instrument beschikt om die deunen te vertolken is al evenzeer oud nieuws. In
een productie van Ronnie Belaire en Jackson zelf brengt hij ditmaal elf tracks
in een aangename mix van aan het werk van Jennings - Cash - Shaver verwant singer-songwritermateriaal,
kloeke ballades en pittige countryrockertjes. Tien eigen songs en een cover
van Shaver's klassieker "Honky Tonk Heroes". Als volbloed-Texaan is
Taylor een voorstander van lekker veel variatie. Openingsnummer "Outlaws
Ain’t Wanted Anymore" is zo recht-toe-recht-aan Western swing, "Drinkin’
Alone" en "Shallow Grave" swingen weliswaar ook nog, maar moeten
het hebben van een wat meer Cash-georiënteerd sfeertje. Andere highlights?
Jazeker, de gedoodverfde hit "Lonely" en de bijzonder lekker uit de
speakers knallende rocker "Dark Days" en afsluiter "Honky Tonk
Heroes" swingt weer een lekker eindje weg, rockende songs die alleen al
de aanschaf van dit album rechtvaardigen. Wie zijn country graag gekruid weet
met een flinke snuif old school honky tonk en rockabilly - Of zijn honky tonk
met een flinke snuif country, da’s maar hoe je het bekijkt… - moet
beslist eens een oor te luister leggen bij "Dark Days" van Jackson
Taylor.

CHARLES WALKER BAND
THE WORLD & THINGS
Website
E-mail: charles@cwalkerbluesband.com
Booking: Road Dawg Touring
Co
Email: roaddawgtouring@comcast.net
De
Charles Walker Bluesband, een vijfkoppige formatie uit Wisconsin, is thuis in
alle blues en R&B richtingen. Leider en saxofonist Charles Walker en de
fantastische zangeres Miss Shanna Jackson bepalen voor 't grootste deel het
geluid van deze band. Op deze cd worden enkel eigen geschreven nummers van Charles
Walker gebracht. Miss Shanna is een zangeres in de stijl van Koko Taylor en
Shemekia Copeland, dus een krachtige soulvolle stem, waarmee ze met gemak en
veel feeling de zeer afwisselende songs brengt. Verrassend is gitarist Emre
Alp, die zoals je aan zijn naam al ziet, geen Amerikaan is, maar een Turk, maar
hij speelt met meer "feeling for the blues" dan veel van zijn collegas
uit bijvoorbeeld Texas of Chicago die ik al aan 't werk hoorde. Zoals ik al
zei variatie is troef, van stampende boogieritmes ("Queen Bee", neen
niet de bekende cover) tot zeer ingetogen ("Holdin Out") en alles
daartussen in. De mooie sax van Charles en de Hammond van Rob Waters leggen
een mooie basis neer voor het gitaarwerk van Emre en de echte bluesstem van
Shanna Jackson. Aanrader is de mooie slow blues "Ain't No Doors" met
glansrollen voor de Hammond van Rob Waters, maar vooral de gitaar van Emre Alp.
De band bewijst ook nog eens hoe goed ze live wel zijn, want er staat één
live nummer op de cd "Gamblin On Love" maar er is geen verschil merkbaar
met de studio-opnames. Ook de pers is unaniem lovend over de live shows van
de band, en "These guys are really good" is een quote van Robert Cray
die ergens de groep bezig zag op een festival waar hij hoofdact was. Niet vernieuwend,
maar ijzersterk deze "The World & Things".
(RON)

THE JW JONES BLUES
BAND
KISSING IN 29 DAYS
Website
Label: Nothern Blues Music
VIDEO
Booking: Road Dawg Touring
Co
roaddawgtouring@comcast.net
In
1998 is the JW-Jones Blues Band opgericht, en al snel voorzien van een demo
die bestond uit studio opnames, live opnames, en zelfs thuis opgenomen nummers.
In 1999 versterkt door Southside Steve, vlak nadat hij de Blues Harp Blow-Off
gewonnen had. Ondersteund door Nathan "Doghouse" Morris op contrabas,
en Matt Sobb op drums, is dit een van de beste blues bands uit Canada. JW-Jones
kreeg bekendheid door zijn eerste CD "Defibrillatin'", waaraan onder
andere werd meegewerkt door de toen 17 jaar oude Southside Steve op harmonica.
De band kreeg pas echt succes in 2001, na de nominatie voor de Mable Blues Awards
en een energieke show met Junior Watson, een gast optreden van de Fabulous Thunderbirds
met Kirk Fletcher, en een show met Little Charlie & The Nightcats &
Rusty Zinn. In 2002 krijgt de band maar liefst 2 nominaties voor de Maple Blues
Awards en mag de band voor 2 avonden de back-up zijn van Kim Wilson, die ook
als gast meespeelt op "Bogart's Bounce", tweede album uit 2002. Op
dit opmerkelijke album, waarbij hij ook naast Kim een gastbijdragen van niemand
minder dan Gene Taylor kon rekenen, op basis van die cd zou je hem zonder meer
willen plaatsen in het rijtje Rusty Zinn, Nick Curran en Rick Holstrom. In 2004
bracht Jones het album "My Kind of Evil" uit, en kon daarvoor weer
op de steun van Kim Wilson rekenen. Het lag voorhanden dat Kim dit nieuw album
ging produceren. Kim ergens in 2001 over JW: "JW heeft de potentie om zeer
zeer goed te worden, hij speelt al echt ongelofelijk voor zijn leeftijd en kan
alleen nog maar groeien". We zitten nu in 2006, hij is nu 26, en heeft
ondertussen samengespeeld met The Fabulous Thunderbirds, Junior Watson, Little
Charlie & The Nightcats, Rusty Zinn, Rick Holmstrom, Rod Piazza & The
Mighty Flyers, Anson Funderburgh & The Rockets om er maar enkele te noemen
en jawel zijn vierde album "Kissing In 29 Days" bij NorthernBlues
ligt nu bij de platenboer. Opvallend is noch steeds JW’s gitaarspel, zijn
puntig uithalen die hij in langgerekte soli verpakt en in hoog tempo uit zijn
Stratocaster doet rollen. Een vleugje cool jazz is hem niet vreemd, maar vooral
kun je BB King en T-Bone Walker als meest aantoonbare invloeden in zijn spel
aanwijzen, zonder dat je hem kunt betrappen op het schaamteloos naspelen van
zijn helden. Hij weet zich te omringen door een stel competente begeleiders,
nl. The Wind-Chill Factor Horns als blazers, Nathan Morris aan de bas, Artie
Makris aan de drums en Geoff Daye aan de toetsen. De grootste verrassing op
deze plaat is de special guest, nl. de legendarische High Note artist, David
"Fathead" Newman op tenor sax, die jaren geleden gedurende twaalf
volle jaren sax speelde in de band van Ray Charles en nu te horen is in de songs
"Parasomnia", "Here She Comes" en natuurlijk in de cover
van Ray Charles "Hallelujah I Love Her So". The JW-Jones Blues Band
bewijst op "Kissing In 29 Days" dat de formule van drums, gitaren,
harmonica, contrabas, piano, en zang nog steeds een lekker swingend geluid geeft,
deze muziek laat zich het best omschrijven als swingende West Coast blues, gekenmerkt
door messcherpe gitaaruithalen en een scheurende sax. Alle swingende nummers
zijn van gelijk hoog niveau, waarbij elf van de veertien songs door Jones zelf
zijn neergepend met als hoogtepunten de nummers "Fly To You","Got
Me Chasin" en "No Love" naast de reeds vernoemde cover van Ray
Charles. Kortweg: Het is heel duidelijk waar JW-Jones de mosterd heeft gehaald.
De cd baadt in een 'Roomful of Blues'-sound, en fans van bijvoorbeeld Rod Piazza
zullen deze cd zeker smaken.