ARCHIEF

OKTOBER 2007 - NOVEMBER 2007 - DECEMBER 2007 - JANUARI 2008

FEBRUARI 2008 - MAART 2008 - APRIL 2008 - MEI 2008 - JUNI 2008 - JULI 2008


SUSAN TEDESCHI - MAMA, HE TREATS YOUR DAUGHTER MEAN

REGINA HEXAPHONE - INTO YOUR SLEEPING HEART

JULIE CHRISTENSEN AND STONE CUPID - WHERE THE FIREWORKS ARE

BUZZ CASON - HATS OFF TO HANK

SCOTT PERKINS - PALM TREES IN DA KEWEENAW

PHILIPP FANKHAUSER - LOVE MAN RIDING

K.C. McKANZIE - HAMMER & NAILS

DALE INSKEEP - SMILE & PRETEND

HEY NEGRITA - YOU CAN KICK

THOMAS PAULSBERG - COME WHAT MAY / COME ALONG FOR THE RIDE

 


 

 

 

SUSAN TEDESCHI
MAMA, HE TREATS YOUR DAUGHTER MEAN
Website
Label: Blues Boulevard records / Music Avenue
VIDEO 1 VIDEO 2 VIDEO 3 VIDEO 4

 

 

Het label Music Avenue blijft ons steeds weer verrassen met origineel re-issue materiaal, ditmaal van een van de meest expressieve vrouwelijke stemmen aan het huidige bluesfirmament, en daarnaast ook een verdienstelijk gitarist en songwriter: Susan Tedeschi. Ze beschikt over de gave om haar muziek, die een mix is van blues , gospel, rock en R&B, op zulke wijze te brengen dat ze een eigen herkenbare stijl creëerde. Qua stem worden dikwijls vergelijkingen gemaakt met Bonnie Raitt en Janis Joplin, terecht overigens, en sinds ze met haar recentere cd's meer de gospel richting uitgaat kan zelfs een vergelijking met Aretha Franklin's stemgeluid geen kwaad. Op gitaargebied komen de invloeden van Johnny Guitar Watson, Stevie Ray, Buddy Guy en Freddy King, om er maar een paar te noemen. Toen we haar in 1995 voor het eerst hoorden, waren we meteen gewonnen voor haar muziek, de cd "Better Days" was echter hier niet verkrijgbaar en moest via import besteld worden, maar dat hadden we er graag voor over. Bij de release van de opvolger "Just Won't Burn" had Susan echter al een contract met Tone Cool kunnen verschalken en deze was dan ook hier in distributie. Opmerkelijk was 't zeer jonge talentrijke gitaristje dat haar hier begeleide, een zekere Sean Costello. Susan bleek een fijne neus te hebben voor jonge talentvolle gitaristen, en niet alleen om mee te werken, want supergitarist Derek Trucks werd even later haar man. Terug naar deze re-release, het is een prachtige compilatie geworden van materiaal uit "Just Won't Burn" en de opvolger "Wait For Me", zestien prachtnummers, sommige met hulp van Sean Costello, wiens talent spijtig genoeg niet tot volle bloei kon komen, en enkele songs met het magistrale gitaarspel van manlief Derek. Vooral "Gonna Move" is hier een prachtig voorbeeld van, op deze live opname kan Derek zich volledig geven en toont hij ons dat hij, en niemand anders de ware opvolger van "Skydog", Duane Allman kan zijn. Voor wie nog geen van beide cd's "Just Won't Burn" en "Wait For Me" van Tedeschi in huis heeft, is dit een prachtaankoop. Ondertussen wachten wij op een release van de "Soul Stew Revival", de band van Trucks en Tedeschi samen, laat ons hopen dat die er ooit (en vlug) komt, want dat zal ongetwijfeld genieten worden.
(RON)


 

 

REGINA HEXAPHONE
INTO YOUR SLEEPING HEART
Website Myspace Contact
Label : Superfan Records
CD-Baby

 

 

De Amerikaanse zangeres Sara Bell is de centrale figuur in de band Regina Hexaphone. Zowat tien jaar geleden besloot ze dit vijfkoppige collectief op te richten samen met Chris Clemmons die nog steeds de basgitaar hanteert in de formatie. Gitarist Nathan Brown, drummer Jerry Kee en violiste Margaret White vervolledigen deze groep uit Durham, North Carolina, USA. Sara Bell schrijft al de liedjes van Regina Hexaphone’s tweede plaat “Into Your Sleeping Heart” die als opvolger voor de in 2004 uitgebrachte debuutplaat “The Beautiful World” nu op de markt verschijnt. Een hutsepot van genres als folk, pop, rock en Americana maar steeds via songs die met hart en ziel gecomponeerd en gezongen werden. Zelf klasseert de groep hun sound als Amerikaanse zigeunermuziek en de vele vioolklanken ondersteunen deze classificatie ten volle. Sara Bell leerde het vak als muzikante in begeleidingsgroepen van o.a. Jeffrey Dean Foster en Tres Chicas. In deze band neemt ze het piano- en akoestische gitaarwerk voor haar rekening. Met veel aandacht voor de melodie in elke song betovert Regina Hexaphone de luisteraar via enkele heel toffe liedjes. Een dromerige sfeersong als openingstrack “Empty The Rivers” klinkt fris en leuk en wordt laid back ingezongen door Sara Bell. “The Forty-Niner” volgt daarna in uptempo-stijl op een bedje van honky-tonk pianospel. Dan doo-woppen we gezellig voort op de tonen van “Move”. De pianoballad “Bella Lilla” zwelt langzaamaan van een intimistische song tot een klassiek episch muziekstuk waarbij de zangprestatie ons herinnert aan iemand als Neko Case. Dat gebeurt even later ook in de zachte ballade “Baby Come Down”. “Spider Boys” is een song die mij doet denken aan ‘Belle And Sebastian” maar de vocale prestaties van Sara Bell zijn niet echt vergelijkbaar met deze van Isobel Campbell. Haar stembereik is eerder beperkt te noemen maar dat stoort dan weer helemaal niet in de pseudo-gospelsong “Glory Be” die op een knap zydeco-orgelriffje gebaseerd is. BeBop krijgen we voorgeschoteld in het nummer “Waiting For The Wind” waarin het orgeltje weer een bepalende rol krijgt toebedeeld naast de toffe lead gitaarsolo. Een nummer dat we maar moeizaam kunnen verteren is de afsluiter “Mehitabel” die ons alweer erg dicht bij Belle And Sebastian probeert te brengen. “Into Your Sleeping Heart” is geen onverdeeld succes te noemen maar de beluistering heeft ons toch enkele keren intens weten te boeien en slaagde er zelfs in om sporadisch de vreugde in ons hartje aan te wakkeren. En dat kan je tegenwoordig al van heel veel platen niet meer zeggen. Dus toch nog een ‘geslaagd’ op het rapport van Regina Hexaphone.
(valsam)


 

 

 

JULIE CHRISTENSEN AND STONE CUPID
WHERE THE FIREWORKS ARE
Website Myspace Contact
Label : Household Ink Records CD-Baby

 

 

Zangeres Julie Christensen uit California is een dame met vele muzikale facetten. Ze heeft een stem als een klok die ze al voor de eeuwigheid heeft vastgelegd op drie soloalbums, waarvan dit “Where The Fireworks Are” het recentste resultaat is. Het respect voor haar vocale prestaties blijkt het best uit de lijst van namen met wie ze ooit op het podium stond als co-zangeres of backing vocaliste. Als mensen als Iggy Pop, Todd Rundgren, Van Dyke Parks, Steve Wynn en k.d. Lang je graag mee op tournee nemen kan je stellen dat je bij de betere vocalisten ter wereld hoort. Maar de meeste roem vergaarde Julie Christensen via haar samenzang met Leonard Cohen met wie ze gedurende meerdere jaren op tournee is geweest . Tijdens die optredens mocht ze liedjes als “Joan Of Arc” en “I’m Your Man” in duet met de grootmeester meezingen. Ook in de recente filmdocumentaire “Leonard Cohen: I’m Your Man” kan je Julie Christensen zien participeren. In de jaren tachtig maakte zij samen met haar man deel uit van de rockgroep “The Divine Horsemen”. In 2006 bracht ze als soloartieste een album uit, getiteld “Something Familiar”, met daarop een selectie van muzikale standards. “Love Is Driving” en “Soul Driver” waren twee eerdere albums die met haar band Stone Cupid werden uitgebracht, respektievelijk in 1997 en in 2000. Op dit nieuwe album “Where The Fireworks Are” kiest Julie Christensen voor een soulvolle mix van jazz-, blues- en folkliedjes waarin ze met haar emotioneel geladen stem sfeervolle beelden weet te creëren. De bezongen onderwerpen behandelen politiek geëngageerde waarnemingen van een complexe wereld die sterk uit balans is. Dat doet ze met voornamelijk zelfgeschreven liedjes. Zo gaat “Something Pretty” over hoe de mensen de wereld wat mooier zouden kunnen doen worden mits wat goede wil en de bereidheid om uit die koppige oorlogszucht te stappen. “Boy In Pain” beschrijft het lijden en de pijn van een liefhebbende moeder die haar zoon zwaargehavend en vooral ook geestelijk verminkt uit de oorlog ziet terugkomen. “Have A Pretty Dream“ is een echt vredesliedje. En de titeltrack “Where The Fireworks Are” gaat over de frustraties van de mannen die liefde ontberen en dat dan maar uitwerken door een weerzinwekkende oorlogsmachine op gang te brengen. Maar er zijn ook enkele bewust geselecteerde en politiek geïnspireerde covers terug te vinden, weliswaar in een haast onherkenbare versie opgenomen door Julie Christensen. Zo is Talking Heads-klassieker “Psycho Killer” in een bombastisch en dramatisch kleedje gestoken en worden “Shipbuilding” van Elvis Costello en “I Think It’s Going To Rain Today” van Randy Newman in een jazzversie afgeleverd. Julie Christensen heeft ook een eerbetoon aan haar voorbeeld Joni Mitchell opgenomen voor dit album in de vorm van de poëtische song “Woodstock” over het historische vredesconcert waar ze zelf nooit heeft kunnen aan deelnemen . Dit is al bij al geen gemakkelijke plaat geworden maar enkele beluisteringen later bemerk je de immense motivatie van deze artieste om een anti-oorlogsplaat aan de wereld te overhandigen en de luisteraar te dwingen om over de zin – en vooral de onzin – van oorlogen na te denken. Daardoor wordt deze cd een indrukwekkende ‘position statement’ ten opzichte van de huidige Republikeinse regering in Amerika.
(valsam)


 

 

 

 

 

BUZZ CASON
HATS OFF TO HANK
Website Myspace
Info: Hemifran
Label: Palo Duro Records

 

Je bent nooit te oud om te leren, zo bewijst Buzz Cason fijntjes. Op bijna 69-jarige leeftijd maakt deze countryzanger uit Nashville nu pas zijn cd-debuut, dat beklonken werd met een platendeal bij Palo Duro Records. Cason was één van de oprichters van The Casuals, algemeen beschouwd als Nashville's eerste rock 'n roll-groep. Met Buzz op gitaar, namen zij "My Love Song For You" op (co-written door Cason en de zanger/toetsenist, Richard Williams, van de band), en dit voor het kleine Nu Sound label in Nashville. The Casuals gaan op tour, en werden gehoord door Brenda Lee's manager, Dub Allbritten, die hen dadelijk vraagt voor Brenda's backing band. In 1962 verlaat Cason de Casuals, om te werken als Snuff Garrett's assistent bij Liberty Records. Hij verhuisde naar Los Angeles en zorgde voor het productiewerk bij the Crickets en deed ook de achtergrond vocalen voor Bobby Vee, Jackie DeShannon en Walter Brennan. Later konden ook Kenny Rogers, Jimmy Buffet, en zelfs Elvis Presley van zijn backing vocals genieten. Na ontslagen te zijn door Liberty in 1964, gaat Buzz terug naar Nashville om daar Bill Justis's uitgeverij, Tuneville Music, te leiden. In 1967, had Cason zijn grootste succes als songwriter, met "Everlasting Love". Deze hit voor Robert Knight werd gepubliceerd door Cason's eigen uitgeverij, Rising Sons (ook een record label, waarop de Robert Knight versie uit kwam), die hij begon in 1966, samen met zijn oude makker Bobby Russell en Fred Foster van Monument Records. In de jaren zestig en zeventig, nam Cason onder zijn eigen naam ook een paar songs op voor verschillende labels, maar zonder succes. Al die jaren bleef hij steeds songs schrijven, waarmee hij soms dan wel scoorde. O.a. met de country hit "Ann (Don't Go Running)" van Tommy Overstreet in 1972, gaande over andere songs naar de jaren 1990 met de release van de Beatles "Live op de BBC"-opnames, met Cason's nummer "Soldier of Love", dat eerder al opgenomen was door Arthur Alexander. Anno 2008 leeft Buzz nog steeds in Nashville, waar hij de eigenaar is van twee opname studio’s, en weet ons nu te verrassen met "Hats Off To Hank", waarop hij goed overweg kan met country, blues en rock, spits schrijft, en zich met zijn krachtige warme stem ook van zijn gevoelige kant laat horen. Naast deze romantische luisterliedjes en de meer countryrockers vinden we ook wat meer fruitige country met viool ("Texas Wildflower") en met steel gitaar (in de titeltrack) plus soms een stevig rockmoment, dat vet knipoogt naar de jaren vijftig. "Hats Off To Hank" bevat gewoon 15 gevarieerde liedjes, waarin hij met veel vakmanschap country, folk, rock, akoestische blues-boogie tot Jimmy Buffet - achtige songs (als "I Love The South"), tot een pakkend, uiterst retro geheel weet te smeden. Mooie verhalen, een doorleefde stem en countrymuziek die ook invloeden uit blues en rock niet schuwt, het zijn de ingrediënten van een plaat die vooral bij liefhebbers van singer-songwriters als Billy Joe Shaver en Steve Forbert zeer in de smaak zal vallen.


 

 

 

SCOTT PERKINS
PALM TREES IN DA KEWEENAW
Myspace CDBaby



Scott Perkins motto ‘als muzikant er blijvend naar streven om te groeien en hoger te reiken’ is een nobele betrachting. Met zijn tweede album, opgenomen in zijn studio in Houghton, Michigan, lijkt hij er ook in te slagen. Dit bluesy album straalt tegelijkertijd professionaliteit en sfeer uit. De zanger/gitarist, ook zeiler en familievader, zoekt op deze Cd weer de havenkant op die hem toelaat als singer-songwriter zijn creatieve talenten te exploreren. De songs op deze Cd kabbelen als warmtegolven tegen de kade, waar de luisteraar gegrepen wordt door de wisselende gemoedsstemmingen en het ritme van de songs. Zijn gitaarspel past harmonisch bij zijn warme stem, die zich nergens verheft. Je hoort a.h.w. dat Scott de zeeën heeft bevaren en hier en daar exotische elementen heeft opgepikt, zoals in het calypsoachtige ‘Global Warming’. Da Keweenaw is weliswaar geen uitheems eiland, maar een schiereiland aan ‘Lake Superior’, gans Noordelijk in de Staat Michigan, waar vandaan ‘Yooper’ Scott Perkins soms zijn inspiratie haalt. Decennia terug trok Scott met zijn gitaar nog door het land, van Canada over Michigan naar Florida, om hier en daar halt te houden en er zijn songs te spelen, maar het zeilen of familieleven zorgden voor langere pauzes. De songwriter in hem bleef echter aan het werk en deze twaalf songs zijn daarvan het resultaat. ‘Goodbye Never Came’, ‘Country Time’ en ‘Closer To You’ vloeien soepel weg als ‘good feeling’ muziek. J.J. Cale, Mark Knopfler of Chris Rea zijn dan niet ver weg. Nochtans schuwt hij ook het protest niet zoals in ‘Global Warming’ en ‘Brothers In This Land’. Sommigen neigen naar soulblues zoals ‘Done Me Wrong’ of zijn bitterzoet zoals ‘How Many Times’. Maar de meeste songs verwarmen als een ziltig zoel briesje. Vooral de enkele instrumentale nummers met die warme gitaarklanken, zoals het slotnummer ‘Summer Daze’, bekoren omwille van hun aangename frisheid. Bij dit album kreeg Scott Perkins ook hulp van P.J. Olsson, die hielp mixen en die mee de sound bepaalde, waardoor deze songs je a.h.w. meevoeren naar een florarijke inham waar je ongestoord van Scott’s ‘Palm Trees’ kan genieten.
Marcie


 

 

PHILIPP FANKHAUSER
LOVE MAN RIDING
Website Myspace
Label: Northern Blues / Cross Cut Records
Distr: Bertus

 

 

Wie had ooit gedacht dat iemand uit een klein dorpje in Zwitserland de Blues kon krijgen? De aldaar in Thun geboren Philipp Fankhauser wist het in ieder geval ook niet, maar zijn succes begon in 1987 met de Checkerboard Blues Band. In 1993 trok hij richting USA op aanraden van zijn vriend en mentor Johnny Copeland, gevolgd door een aantal zeer succesvolle tours met de Texas Bluesman, die vroegtijdig in 1997 is overleden. In 2000 stond Philipp terug waar het allemaal begon: in Bern, Zwitserland. Met "Love man Riding" heeft de inmiddels vierenveertigjarige bluesman een fraai album aan zijn imposante carrière toegevoegd. We vallen daarom ook meteen met deur in huis: dit elfde album van Fankhauser is een bijzonder album geworden. De tijdloze, indrukwekkende songs zitten aan de rustige soul zijde van de blues, echter zonder de clichés die daar vaak bij komen kijken. Zoals ook voor zijn vorige cd "Watching From The Safe Side" (2006) is de heldere productie van zijn nieuwste plaat wederom in handen van Dennis Walker (Robert Cray, B.B. King, John Campbell), en is ronduit sprankelend, terwijl de licht doorrookte stem van Philipp voor het ruwe randje zorgt. Daarbij staat een fantastische band, met o.a. bassist Richard Cousins (Robert Cray band, Van Morrison, Joe Louis Walker), vaste drummer Tosho Yakkatokuo, toetsenist Hendrix Ackle, gitarist Marco Jencarelli en gastpercussionist Luis Conté, de Zwitser bij in zijn emotionele perikelen. Met zijn nieuwe album biedt hij ons weer blues in de beste Fankhauser-traditie. Dat wil zeggen: shuffles met grote blazerarrangementen en Southern Soul en dit soms vermengt met een beetje jazz. Verschil met de voorganger is echter nauwelijks te horen, want ook op deze plaat is er wederom een cover van zijn mentor, Johnny Copeland. Philipp's versie van deze song, "I Got a Love", is dan ook wel bijzonder, want deze ballade bevat naast zijn soulvolle stem het akoestische gitaarspel van Stephen Eicher, maar ook bespeelt hij de dulcimer in dit nummer. Wat eveneens opvalt is een aantal flirts met Latin. Fankhauser heeft een liefde voor bossa nova, en meesters als Tom Jobin, Joao Gilberto en Gilberto Gil. Richard Torrance’s "Rio de Janeiro Blue" is dan ook een mooie keuze. Dit zijn dan ook de twee enige covers op deze cd, want de tien andere songs schreef hij zelf of in samenwerking met Dennis Walker. Opvallend nummers tussen deze songs zijn het Santana-achtige "Lonely In This Town", met zeer dynamisch gitaarspel en het professioneel werk op Hammond B-3 van gast Jim Pugh - "You Caught Me Off My Guard" met uitzonderlijk verfijnd blaaswerk - de ballade "I Didn’t See (The Best Of You)" met wederom die gepassioneerde zang - en "Are You Outta Your Head?", samen geschreven met Dennis Walker, en anderen, is ook gewoon weer mooi, een nummer dat eigenlijk geheel op het conto van de touch van Michael Vannice’s sax mag worden geschreven. De rest van de cd is gewoon cool, luister zelf maar. Al met al toch net weer even wat anders, en we zijn dan ook benieuwd hoe snel Fankhauser weer met wat nieuws komt.


 

 

 

 

K.C. McKANZIE
HAMMER & NAILS
Website Myspace Contact
Label : T3 Records

 

 

Folk en countrysongs live vanuit Berlijn, Duitsland. Deze eerder ongebruikelijke combinatie van muziekstijl en land zou je niet verwachten maar toch is het dat wat zangeres en songschrijfster K.C. McKanzie ons voorschotelt op haar album “Hammer & Nails”. Dit is reeds de derde full-cd die de ambitieuze artieste bij mekaar getimmerd heeft na “Weird Tunes From A Wild Mind” uit 2004 en “The Widow Tries To Hide” uit 2006. K.C. brengt haar liedjes meestal op gitaar of banjo en wordt op het podium meestal vergezeld door standupbassist en partner Joe “Budi” Budinsky. In de dertien eerder korte liedjes op de nieuwe plaat valt op hoe ze zich bij de essentie van songschrijven houden via een subtiele mix van ritme, melodie en verhaal. Het geheel klinkt als ontstaan in de sixties of seventies in typische folksongs als “Summers’ Blue”, “Pretty Horse” en de titeltrack “Hammer & Nails”. Tot onze verbazing schakelt het album na enkele songs echter over naar minimalistisch gezongen duistere maar intieme, melancholische folknummers die op haast akoestische wijze gebracht worden. Tussen dit soort liedjes vinden we toch ook enkele pareltjes terug zoals “Wide Awake”, “You Deserve”, “Pretty Little Thing”, “I Remember You” en “That’s All I Am”. Het op één na langste liedje op deze cd is “See, How You’ve Mastered Me” dat weemoedig en doorleefd gebracht wordt en halverwege enkele keren via ritmeversnellingen toch tot een boeiend geheel wordt omgebogen. Maar het is de enige song die over de vijf minutengrens heengaat die ons het meest heeft weten te boeien: “Razorblade” is knap nummer, gezongen door KC. McKanzie en de muzikale omlijsting met banjo, accordeon, cello, drums, gitaar en afsluitende viool zorgt er voor dat dit ook meteen het meest muzikale liedje op “Hammer & Nails” is geworden. De cd is een aanrader als achtergrondmuziek bij een avondje in het schemerlicht.
(valsam)


 

 

 

DALE INSKEEP
SMILE & PRETEND
Website Contact CDBaby

 

 

Vier cd's heeft Dale Inskeep op zijn actief, en alle vier verschillen ze enorm van mekaar, ze lijken wel door verschillende artiesten gemaakt. Dale is een mandolinespeler die opgroeide in het zuiden van Californië, aan de kust. Nu woont hij in de buurt van Charleston, Oregon in een klein vissersdorpje. Een ding kan Dale Inskeep namelijk absoluut niet missen en dat is de zee. In 1999 nam hij samen met gitarist Bill Bartels "The Daily Bills" op, een instrumentale cd met jazzy mandolinemuziek. Ook zijn opvolger "Whiskey Run, Setting Sun" is een instrumentale jazz getinte cd geïnspireerd door de jazzmuziek en invloeden van de stille Zuidzee. De naam komt van het Whiskey Run strand in de buurt waar hij leeft. Na jaren songs geschreven te hebben, maar nooit zelf gezongen te hebben, waagde hij de stap en begon met zingen. Met resultaat, want hij blijkt een behoorlijk singer songwriter. Zijn vorige cd "Saltwater Cowboy" die opgenomen werd in de Sugar Hill studios in Houston. Geïnspireerd door de Texaanse singer songwriters en dan vooral Robert Earl Keen waagde hij zich aan een country getinte release. "De songs rollen er zo maar uit tegenwoordig" zegt Dale "dus...tijd voor een nieuwe cd." Die is er nu dan, gestoken in een fraai kunstzinnig hoesje op gerecycleerd papier. De stille Zuidzee laat hem niet los want de afbeelding op de hoes van "Smile & Pretend" toont een pentekening die de sfeer van de tropische Zuidzee eilanden oproept. Als je zijn dagboek op zijn site even raadpleegt krijg je een vakantieverslag daterend van vorige week te lezen uit Aitutaki op de Cook eilanden, waar hij zo te horen regelmatig vertoeft. Hij vertelt over een heerlijk tochtje met een prauw in een of andere lagoon. Hoogstwaarschijnlijk was 't weer daar vorige week beter dan hier in het grijze natte België. Ook de teksten van deze cd gaan over zijn reizen daar.in dat paradijs, hij noemt zijn muziek zelf "Acoustic surf country", het is dan ook rustige, zelfs rustgevende Americana. Dale's prachtige mandoline, dikwijls ondersteund door fiddle (ook door hem bespeeld) akoestische gitaren en een vrouwelijke backing zangeres weven een laid back sfeer die deze "Smile & Pretend", opgenomen in Austin tot een zeer aangename luisterplaat maken, relaxerend tot en met. Ik zou zeggen: haal een stukje tropen in huis als die verdomde grijze wolken je hier weer eens teveel worden. Meitaki Maata, Dale!
(RON)


HEY NEGRITA
YOU CAN KICK
Myspace Info: Hemifran
Label: Fat Fox Music
VIDEO 1 VIDEO 2 VIDEO 3

 

Felix Bechtolsheimer was met zijn band, Hey Negrita, één van de grote verrassingen van de laatste tijd. De verwachtingen waren dan ook zeer hoog toen we hoorden dat deze Britten een nieuwe cd zou releasen. De losheid en lichtheid van hun vorige albums "We Are Catfish" (2005) en "The Buzz Above" (2006) zijn wat verdwenen op hun nieuwste "You Can Kick", maar daar is wat anders voor in de plaats gekomen. In de eerste plaats speelt Felix fantastisch akoestische gitaar, en dat is nooit zo duidelijk geweest als op de vorige platen. In de tweede plaats is en blijft hij een meer dan voortreffelijk zanger, en in de derde plaats schrijft hij geweldige liedjes die ik ongemerkt de hele dag door loop te zingen en te fluiten. Singer/songwriter, Felix, verhuisde naar Zuid Florida in 2000, eens daar aangekomen begon hij vele songs schrijven, hetgeen na vijf jaar de aanleiding was voor zijn debuutplaat met zijn country blues band, Hey Negrita, genoemd naar het nummer met dezelfde titel uit het album "Black and Blue" van de Rolling Stones uit 1976. Deze Londense singer-songwriter, heeft bovendien een onmiskenbaar eigen geluid, en zeer, zeer sterke liedjes. Liedjes waar andere songwriters waarschijnlijk jaloers naar zullen luisteren. Zijn twaalf songs op "You Can Kick", zijn reeds een perfect staaltje van waar de man op tekstueel gebied toe in staat is. Felix heeft met deze plaat een album gemaakt dat scherp is, en dat tegelijkertijd ontspannen klinkt. Bovendien kan ik na tien keer draaien constateren dat de muziek nog steeds beter wordt, en dat de cd eigenlijk behoorlijk verslavend is, je blijft hem draaien en geniet eigenlijk steeds meer. Collega's hebben waarschijnlijk zijn liedjes al lang geleden ontdekt, maar het grote publiek laat het nog steeds afweten. Jammer, want dit pareltje is te mooi om ongemerkt aan je voorbij te laten gaan. De songs zijn ijzersterk, van melancholiek tot ontzettend grappig. De arrangementen zijn deels akoestisch, er op vele tracks wordt er bij momenten ook stevig gerockt waardoor u van het ene pure genietmoment in het andere glijdt, want dit voorzichtig ingebouwd rockelement zorgt voor het beruchte tikkeltje extra. De Americana van Felix en zijn band krijgt daardoor iets onweerstaanbaars over zich. Daarbij heeft Felix precies de juiste plek gevonden, de Big Blue Music in Londen en de juiste muzikanten. Luister naar de samenstelling van zijn band, en het water loopt je in de mond: Matthew Ord (gitaar/vocals), Paul Sandy (double bass), Neil Findlay (drums, percussie) en Will 'Captain Bliss' Greener (harmonica/vocals). Kenners zijn nu al lang opgeveerd, maar zo'n sublieme bezetting is natuurlijk nog geen garantie voor een goed resultaat. Ik kan je geruststellen, de magie was er wel degelijk. Iedereen speelt de sterren van de hemel en Felix zingt met een aangenaam gruizige stem zijn prachtige liedjes met precies de juiste understatement. Hey Nigrita moet met zijn nieuwe album "You Can Kick" er maar eens echt mee doorbreken, dat verdient deze band nu wel.


 

 

THOMAS PAULSBERG
COME WHAT MAY / COME ALONG FOR THE RIDE
Website Myspace Contact
Label : Thomki Music
CDBaby1 CDBaby2

 

Hamar, Hedmark is een klein stadje in het midden van Noorwegen waar de 34-jarige singer-songwriter Thomas Paulsberg zich gevestigd heeft. Al vanaf zijn zestiende levensjaar toerde hij met zijn gitaar doorheen Noorwegen en de andere Scandinavische landen waarbij hij als een volleerde troubadour overal waar men het maar toeliet ging optreden. Zowel in de winkelstraten als in de clubs zong hij zijn toen al zelfgeschreven liedjes naast een reeks ingestuurde en door het publiek gevraagde en gesmaakte coversongs. Thomas Paulsberg is intussen een universitair geschoolde muzikant. Hij geeft les in muziek en schrijft songs voor andere artiesten die ze in zijn studio kunnen komen opnemen. Naast zijn solocarrière schuimt hij sinds 12 jaren samen met boezemvriend Nils Erik Strømnes ook nog podia af als lid van een akoestisch duo genaamd “The Fabulous Faker Boys”. Als duiveltje-doe-al schrijft en zingt hij al zijn liedjes, speelt hij zowat alle instrumenten eigenhandig in en produceert hij ook zijn platen zelf in zijn eigen Thomki Music-studio. Dat zijn intussen al twee full cd’s geworden. Thomas Paulsberg was zo vriendelijk om ze ons allebei toe te sturen voor deze Rootstime cd-recensie. De eerste plaat die onder zijn naam werd uitgebracht was “Come What May” uit 2005 waarop 12 liedjes zijn terug te vinden die werden opgenomen in een stijl die dicht aansluit bij de songs die we eveneens van artiesten als Steve Earle, Ryan Adams en Shawn Colvin voorgeschoteld krijgen. Het vlotte singletje “We Ain’t Seen Nothing Yet” slaagde er destijds in om door te stoten naar de nummer 1-positie van de Noorse hitparades en daar gedurende 8 weken deze leidersplaats te behouden. De liedjes die hij brengt op zijn albums zijn een afwisselende mix van akoestisch en elektrisch begeleide songs in folk-, country- en rockstijl. Dit debuutalbum bevat nog een aantal andere knappe songs: “Tonight”, “Far Away”, “I Got The Message” en cd-afsluiter “Like Wild Flowers Do”. De stem van Thomas Paulsberg lijkt volgens ons in meerdere songs op die van de Amerikaanse folkzanger James Taylor. Zijn uitspraak van het Engels is overigens uitstekend en verraadt zijn niet-angelsaksische afkomst helemaal niet. Ook zijn recentste cd “Come Along For The Ride” borduurt verder op hetzelfde genre muziek. Deze plaat herbergt opnieuw 12 zelfgeschreven liedjes en verschilt vooral van de eerste cd omdat hij voor deze opnames heeft samengewerkt in de studio met een aantal bekende Noorse muzikanten die hem sindsdien ook begeleiden bij live optredens. Ook hier werd het succes van de eerste single geëvenaard. “Where The Shadows Disappear” stond eveneens op nummer 1 gedurende zeven weken in de Noorse nationale hitparade. Op de nieuwste cd is zijn muziek wat opgeschoven naar het rockgenre à la Eagles en Jackson Browne. Die sound kan je al meteen horen in de titeltrack waarmee de plaat begint maar ook in songs als “Bolt Out Of The Blue”, “Upside Down” en “Different Point Of View”. Maar ook op dit album menen wij toch weer een aantal typische James Taylor-songs te herkennen in “Not Alone”, “Coming Up Roses” en in “Clutching At Straws”. Thomas Paulsberg heeft via deze tweede plaat progressie getoond en zijn vakmanschap als zanger en liedjesschrijver ruim geëtaleerd. Noorwegen herbergt veel muzikaal talent. Dit is er één van.
(valsam)