ARCHIEF

OKTOBER 2007 - NOVEMBER 2007 - DECEMBER 2007 - JANUARI 2008

FEBRUARI 2008 - MAART 2008 - APRIL 2008 - MEI 2008 - JUNI 2008


 

ANTHONY SMITH'S TRUNK FULLA FUNK - LIFE AS WE KNOW IT

AUDREY AULD MEZERA - MUSIC WITH THE DIRT LEFT ON

HOLLY LONG - LEAVING KANSAS

RICH HARPER - MUSICIAN STANDARD TIME

ROBBIE DUPREE - TIME AND TIDE

LUCKY OVERTON - COLLEGE TOWN

ZYDECO A-GO-GO - LET THE GOOD TIMES ROLL

DAVE MCCANN and THE TEN TOED FROGS - SHOOT THE HORSE

PORTER BLOCK - OFF OUR SHOULDERS

TIM HUS - BUSH PILOT BUCKAROO



 

ANTHONY SMITH'S TRUNK FULLA FUNK
LIFE AS WE KNOW IT
Website
Info: Powderfinger Promotions
Label: Terrestrial Records
VIDEO


 

 

Toegegeven, enkel insiders zullen hem kennen, deze talentvolle toetsenman, zelfs niet als we de twee uitstekende bands waarin hij vroeger voor het mooie weer zorgde , namelijk KD3 (Karl Denson Trio) en Global Funk Council noemen, die hoewel het fantastische bands waren., nooit grote naambekendheid kregen . Ongeveer een half jaar bespraken we de cd van een andere jonge funkband, die bijna een identiek stijltje hanteerde, namelijk Four Finger Five. De producer en mixer was toen Micheal Naramore, net als nu, en bij nader toezien zagen we ook Anthony Smith op een aantal nummers op keyboards als gastmuzikant. Een funky soort R&B, wel nog in de goede betekenis van het woord, met veel rhyhm en wat blues, dat is waar Trunk Fulla Funk voor staat. Invloeden genoeg wat het geheel zeer afwisselend maakt. Soms hoor je Jamiroquai, net als bij Four Finger Five het geval was, maar ook Bill Withers, Stevie Wonder, Meters, Herbie Hancock en zelfs in een paar gevallen de compositorische complexiteit van Mahavishnu Orchestra en Zappa. Anthony steekt zijn bewondering voor echte jambands als Phish, Garaj Mahal, Oteill Burbridge & band, medeski, Martin en Wood niet onder stoelen of banken en vooral met deze laatste heeft hij ook veel gemeen. De combinatie van een reeks muzikanten die duidelijk hun vakonder de knie hebben en spelen op die jam-base manier levert een reeks mooie songs op. Zo combineert “You Got Popped” wat van Stevie Wonder (Superstiton) met Marvin Gaye (Inner City Blues) Zanger Walt Williams heeft dan ook een uitstekende soul stem,wat Al Green, Marvin Gaye, Bill Withers en George Clinton, alles in één. De hechte ritme sectie, gevormd door bassist Matt Shumacher en drummer Jake Najor, leggen een funky basis waarop Igmar Thomas met Miles Davis trompetklanken lekker kan improviseren in de beste jamband traditie. Ik noemde even George Clinton, het nummer “My Own Show” met gekke, vervormde rap-stemmetjes op het einde in de beste Parliament traditie is een knap staaltje daarvan. Mij favoriete song hier is het van sterke blazers voorziene” When The Mony Get’s Better” dat door zijn dansritme, een funky baslijn en simple “hook” zich meteen meester van je maakt. Zeer mooi. Niet meteen de muziek waar we er veel van toegestuurd krijgen bij Rootstime, maar daarom net des te verfrissender. “Trunk Fulla Funk” is zelfs nog een understatement voor deze sterke cd, dit is geen reiskoffertje, maar een hele buslading vol ervan!
(RON)



 

 

 

 

 

 

 


 

 

AUDREY AULD MEZERA
MUSIC WITH THE DIRT LEFT ON
Website Contact Label: Reckless Records

 

 

In de wereld van de singer/songwriters en alternatieve country is de Australische in de VS woonachtige Audrey Auld Mezera een ware groeibriljant. Niet alleen groeit de kracht van haar songs met elke volgende plaat die zij maakt, ook gaat zij steeds mooier zingen. Deze ontwikkeling vindt een voorlopig hoogtepunt in haar nieuwe plaat. "Music With The Dirt Left On" bevat tien gloednieuwe pennenvruchten en is van de eerste tot de laatste noot een genot voor het oor. De zangeres grijpt niet naar grote woorden om haar verhalen te vertellen. Haar liedjes zijn al van eenzelfde eenvoud. Audrey heeft samen met Bill Chambers (vader van Kasey) een eigen label Reckless Records, waarmee ze op haar thuis-continent down-under nog steeds verantwoordelijk is voor de verspreiding aldaar van de muziek van o.a. Fred Eaglesmith, Mary Gauthier en Bill Chambers. Maar dat ze sinds een paar jaar graag in de USA woont was al duidelijk te horen op het album, "Texas" uit 2005, een plaat die een ode is aan haar favoriete Texaanse helden. Deze cd is ook opgenomen in muziekmekka Austin, met medewerking van veel locale helden als Carrie Rodriguez en Kimmie Rhodes. Maar ook met "Lost Men & Angry Girls" (2007) bewees Audrey dat ze een ongelofelijk talent is, een plaat die door de diverse tijdschriften, kranten en websites werd overladen met complimenten. In de lage landen is deze dame echter slechts bekend bij een selecte groep liefhebbers. Toch kan je wel zeggen dat Audrey Auld Mezera na zeven platen, meer dan tien jaar ervaring on the road en diverse nominaties tot de absolute Americana/Roots music behoort. Ook deze nieuwe schijf, "Music With The Dirt Left On" is weer een juweel. Zoals altijd heel mooi opgenomen, en ditmaal live in Da Capo, Nashville, met enkel Brent Moyer zijn gitaarspel mooi rond Audrey's engelachtige stem heen gedrapeerd. En voor wie haar nog niet kent, Audrey is een mooie rijpe vrouw met waanzinnig veel levenservaring die ze ons toevertrouwd in haar liedjes, waar Texas deze keer plaats heeft moeten ruimen voor Nashville, getuige de tracks 2 en 3 als Nashville #1 en Nashville #2. Tien wonderschone liedjes, waaronder slechts één cover "Pub With No Beer" oorspronkelijk van Gordon Parsons. Slechts een dertig minuten muziek op dit schijfje, maar dan wel van een hoog niveau en schoonheid. "Music With The Dirt Left On" is gewoon een plaat die de iets breder geörienteerde Americana liefhebbers zeker zal bekoren.



 

HOLLY LONG
LEAVING KANSAS
Website Myspace
Info: Lotus Nile
Label : Skim Milk Productions
CD-Baby

 

Elke track op de plaat “Leaving Kansas” van de uit Venice, Californië afkomstige zangeres Holly Long vertelt een eerlijk en niet altijd even vrolijk verhaal gezien vanuit haar eigen leefwereld en beleving. Zij beschikt over een typische soulstem die de songs de juiste emoties en klankkleur meegeeft. In de pers wordt haar zangprestatie vergeleken met andere grote stemmen uit de muziekgeschiedenis zoals Annie Lennox, Sarah McLachlan, Fiona Apple en Sheryl Crow. Bij de meestal op pianoklanken geënte muziek lijken haar teksten vaak op een persoonlijke biecht of op privé-gesprekken met haar geliefden. Die teksten zijn ook behoorlijk knappe staaltjes van dichterlijk talent en laten ook enkele keren het bloed vrij uit de wonden stromen. De liefde en wat daarmee gepaard gaat is meestal de oorzaak van vreugde en verdriet want het loopt natuurlijk niet altijd over een leien dakje. Ook moeilijkere thema’s als sterfelijkheid komen aan bod. Zij put hiervoor ook uit eigen levenservaringen nadat ze ziek werd en de diagnose hoorde dat ze aan een ernstige hartinfectie leed. Ze raakte in coma gedurende een week en daarna moest ze aan een lange revalidatie beginnen waarbij ze terug moest leren gaan en haar spieren terug moest beginnen te ontwikkelen. In het liedje “Homeward Bound” brengt ze haar eigen emotionele verhaal op een heel aangrijpende wijze. En in het countrywalsje “Excess” geeft ze haar gevoelens helemaal bloot en zingt ze dat weigert om zichzelf in een staat te bevinden waarin ze stervende is van een “excess of no living” en een “excess of no love”. Dit gebeurde allemaal net voor de eeuwwisseling en toen alles zo goed als achter de rug was bracht ze in 2000 een eerste plaat uit, getiteld “City Girl”. Daarna volgde “Every Little Seam” in 2004 dat geïnspireerd was door haar nieuwe familiale situatie nadat ze een dochtertje Josephine had gekregen. Op “Leaving Kansas” schreef ze nu ook een prachtige blue jazz pianoballade voor haar zoon Truman getiteld “He And I”. De 13 liedjes op deze plaat zijn overigens allemaal zelfgeschreven en er zitten nog enkele heel mooie nummers verborgen in de playlist. Zo vinden we “Cindy”, het funky “Pain And Glory” over de beide zijden van een moeilijke liefde, “Sunday Redemption” en “Softer Now” heel genietbare, moderne popsongs waarin ook wij regelmatig die stem van Annie Lennox menen terug te horen. “Leaving Kansas” is een best genietbare plaat van een dame die vocaal in de categorie van de groten kan toegevoegd worden.
(valsam)



 

RICH HARPER
MUSICIAN STANDARD TIME
Website Contact
Label: Kanawha Street Records
CDBaby
VIDEO 1 VIDEO 2 VIDEO 3

 

Rich Harper is een "self made" gitarist, hij leerde zichzelf gitaar spelen door het meespelen met platen van Clapton, B.B King, Rory Gallagher, Freddy King, Duane Allman en vele andere stergitaristen. Zijn slidespel ontwikkelde hij door bijvoorbeeld hetzelfde medicijnflesje te gebruiken als Duane Allman (Coricidine). Na de stiel door veel praktijk in kleine bluesclubs in Pennsylvania geleerd te hebben, verhuisde hij naar L.A. en vormde zijn eigen band, The Rich Harper Blues Band. Door het onverwachte succes van zijn debuut cd "Don't Think, Just Play" bracht Taxim, een gereputeerd Duits label, een song ervan op één van hun verzamelaars, deze keer getiteld "More Desaster City Blues". Deze verzamelaars van Taxim brachten menige debuterende bands in de schijnwerpers, ik was er ook een fan van, om op die manier uitstekende jonge bands te ontdekken van een bepaalde stad of staat in Amerika. Het resultaat liet niet lang op zich wachten, vooral in Europa deed de groep het goed, en hun tweede cd "Bottled Up Blues" kreeg veel aandacht. Een van de songs "As She Moved In, My Guitar Moved Out" werd een hit en de groep was gelanceerd. Ondertussen heeft Rich Haper en zijn clan de ganse wereld doorreist, vooral Scandinavië is zeer populair, maar evenzeer Australië, en in 2004 speelde hij zelfs voor de troepen in Irak. De volgende maanden staan ook weer bijna alle Scandinavische landen op het programma. Ondertussen is dit Rich' vijfde cd. Hij is samen met zijn drummer en bassist verantwoordelijk voor een robuuste "Wall Of Sound" waarbij zijn slide gitaar de voornaamste smaakmaker is. Regematig gebruikt hij ook zijn wah-wah, hetgeen in openingsong "Musician Standard Time" een mooi resultaat oplevert in combinatie met die snedige slide klanken. De slow blues "One Man's Blues" zit wat in het Gallagher straatje en ook "Nothing Difficult" toont aan dat hij veel luisterde naan onze Ierse gitaarheld, terwijl het ritme geleend is van de Jimmy Reed hit "Baby What You Want Me To Do". Heel apart is ook de slide in "Look Out My Window" waar Rich ze laat jammeren en wenen als een baby, waarna ze uitbarst in volle geweld. Rich heeft nog niet volledig die "eigen" persoonlijke stijl in zijn slide gitaarwerk zoals meesters als Derek Trucks en Sonny Landreth dat wel hebben, maar beheerst zijn instrument verder wel tot in de perfectie, wat nog maar eens hoorbaar is in de poppy song "I'll Never Open My Heart Again", dat twee maal op deze cd staat, éénmaal akoestisch en éénmaal in full power. Dit is een meer dan behoorlijke bluescd, zeker voor de fans van "bottleneck gitaar bluesrock ". We hopen echter op nog iets meer eigenheid, want dit zou hem wat meer kunnen gaan onderscheiden van zijn vele collega's in het genre. Voorlopig blijft hij echter nog één van de zoveelste beloften.
(RON)



ROBBIE DUPREE
TIME AND TIDE
Website - Myspace
Label: Zink Music
Distr.: Hemifran

 

Vijf jaar hebben we moeten wachten op een nieuwe plaat van Robbie Dupree, en laten we het maar meteen bekennen: er is niet veel veranderd sinds "Robbie Dupree with David Sancious" uit 2003 en Robbie's limited edition "Vintage Vol.2". Succesvol was Robbie Dupree het meest in de periode tussen 1980 met zijn titelloze debuut en 1993 met zijn plaat "Walking on Water", uitgebracht voor het Japanese label Polystar, en waarvan de eerste twee tracks, de titeltrack en "Goodbye To L.A.", meteen hits werden. Vanaf het volgende album "Smoke and Mirrors" (1995) kon hij rekenen op keyboardist David Sancious, zoals nu ook op zijn nieuwste album "Time And Tide". Na 1993 bleek het steeds moeilijker om met zijn mix van blue-eyed soul en soft rock aansluiting te vinden met de steeds veranderende tijdsgeest. Na "Robbie Dupree with David Sancious" duurde het dus vijf jaar voordat er weer genoeg materiaal was voor een album. Daardoor is "Time And Tide" een tot in de puntjes verzorgd album geworden, waarop het vertrouwde, op en top Amerikaanse rocksoulgeluid is te horen, waarmee hij ooit groot werd. Robbie Dupree aka Robert Dupuis is in Brooklyn geboren in 1947, en is dus 61 jaar. En gezien zijn leeftijd is op de stembanden van Robbie nog geen spoor van slijtage te ontdekken en zijn de liedjes even aanstekelijk als altijd. Dat het geluid van Robbie Dupree de tand des tijds heeft doorstaan, bewijst deze nieuwe plaat, die qua sound dicht in de buurt komt van Donald Fagen en Steely Dan, hoewel dat bij Dupree natuurlijk slechts relatief is, aangezien zijn sound eigenlijk al ruim vijfentwintig jaar niet wezenlijk meer is veranderd. Weinig nieuws onder de zon dus op "Time And Tide", maar dat maakt helemaal niets, omdat Robbie Dupree er als geen ander in slaagt om tijdloze muziek te creëren, want het draait natuurlijk allemaal om deze muziek en die wordt vanaf de eerste noten van "Wrapped Around Your Finger" tot de laatste van "Judgment Day" gekenmerkt door de overtreffende trap van perfectie. "Time And Tide", is dan ook het wachten meer dan waard.



 

LUCKY OVERTON
COLLEGE TOWN
Website Myspace Contact
Label : Lucky-O Music
CD-Baby

 

 

Lucky Overton oftewel Mike Reisinger is een singer-songwriter uit Flagstaff in Arizona die in zijn muziek een perfecte mix nastreeft van alternatieve country en soul. Als fan van de muziek van mensen als The Rolling Stones, John Prine, Ray Charles en Otis Redding die zijn leven grotendeels bepaalde was het voor deze muzikant al snel duidelijk dat hij zijn eigen “Soulful Americana”-sound moest creëren uit al die invloeden. Dat doet hij erg knap op deze cd “College Town” met 10 songs die een beeld moeten weergeven over zijn leven en zijn gevoelens in de periode vanaf het moment dat hij twintig jaar werd tot vandaag. Zelf zegt Lucky Overton dat zijn liedjes vooral geschikt zijn voor de cd-speler in de auto op een lange reis over de eindeloze Amerikaanse highways. Hij noemt zichzelf de bastaardzoon van Aretha Franklin en Graham Parsons. De invloeden van deze laatste kan je horen in songs als “Thoughts Of Rain”, “Are You Alone Tonight?”, “Sun City Skyline” (had ook iets van Jesse Malin kunnen zijn) en afsluiter Plane To North Carolina”. De soul is daarenboven nog sterker aanwezig in “Ain’t It A Shame”, “Wet 20” en “My Braces”. “Watch Your Back” leunt dan weer meer aan bij de moderne jazzmuziek en het akoestisch gebrachte “Black & Blue” lijkt al helemaal op de beroemde klagerige songs van Neil Young. Bij beluistering van deze plaat is het duidelijk dat deze artiest de muziek van zijn helden altijd al gespeeld heeft en dat die invloeden met de tijd onuitwisbaar zijn geworden. Ze zijn haast op een natuurlijke wijze verweven geworden in de liedjes die hij nu op deze plaat heeft gezet. Als opvolger van zijn ep “The Portland Sessions” uit 2006 kan dit album “College Town” voor een verdiende bevestiging zorgen en een plaatsje reserveren voor Lucky Overton in het overvolle koninkrijk van Americana-talenten.
(valsam)



 

ZYDECO A-GO-GO
LET THE GOOD TIMES ROLL
Website Contact
Label: Eigen beheer
CDBaby VIDEO

 

Zydeco staat samen met Cajun en Tex Mex voor “accordeon ambiance” in het bluesverwante genre. Drie genres die wat met elkaar gemeen hebben, het ene meer met blues invloeden doorspekt (zydeco), het andere wat meer met country en Mexicaans invloeden (Cajun/Tex Mex). Alle drie echter staat de “fun” en het dansritme centraal. Het is dan ook raar dat je ze zelden op Belgische festivalpodia ziet, waarschijnlijk zal het “boerse” imago van de accordeon daar wel de oorzaak van zijn, de vergelijking met de Belgische en Nederlandse ouderwetse “hoempa” muziek die het instrument op zijn geweten heeft, en die maakt dat er op neergekeken wordt. Andere landen hebben daar minder last van, daar heeft de accordeon zijn rockgehalte hoog gehouden. Luister maar even naar een band als deze. Eerste verrassing is dat Zydeco A-Go-Go niet uit Louisiana vandaan komt, maar uit Philadelphia. Bekende songs tussen de playlist natuurlijk met onder meer het van Clifton Chenier bekende ”Les haricots sont pas salés” (te arm om zijn boontjes te zouten) waar de muziekstijl zijn naam vandaan haalde. In het Creools werd Les haricots,.. lez’adico…zydeco voor de Engels sprekenden. Dezelfde uitdrukking die we hier gebruiken voor armoede, het zout op zijn patatten niet verdienen. Genoeg maatschappelijke info, we hadden het hier over dit groepje uit Philly, dat de perfecte mix weet te brengen van echte Creoolse songs, zoals het aanstekelijke “Alons A Lafayette” en “Going To The Rock & Bowl”, meer rock en roll en blues gerichte songs zoals ”Let The Good Times Roll”, “Pamela Jean” en de zelfs Columbiaanse cumbiasongs als “Nunca Se Acaba”. Dit zie ik als sterkste punt van deze band, want een echte pure zydeco band kan al vlug gaan vervelen. Door echter de drie werelden samen te brengen blijft het geluid verfrissend en afwisselend, of het nu gaat om ambiance uit Louisiana, Mexico, Columbia, dansen doet men overal even graag, zelfs in deze kille vochtige landen. Om het met hun eigen titels te zeggen: “Dance All Night” to the “Zydeco Groove”
(RON)



 

DAVE MCCANN and THE TEN TOED FROGS
SHOOT THE HORSE
Website Myspace Contact
Label : Old Man River Folk Music
CDBaby

 

 

De uit Calgary, Canada, komende troubadour Dave McCann heeft nog niet de status bereikt van zijn grote voorbeelden: Steve Earle, Neil Young, Fred Eaglesmith, Chris Knight of een Wyckham Porteous. Met zijn nieuwe plaat "Shoot The Horse" zet de Canadees in ieder geval een ferme stap in hun richting. Bij singer-songwriters die hun liedjes zo pennen meen ik altijd de weidsheid van het land te herkennen en snuif ik dan altijd de sneeuw, de meren en de bergen op. Net als op zijn vorige cd's: "Dave McCann & The Ten Toed Frogs" (1999), "Woodland Tea" (2001) en "Country Medicine" (2004) etaleert McCann wederom zijn schrijverskunsten met nog steeds aangrijpende liedjes over het leven. Dave Bauer (gitaar), Pete Loughlin (bas), Tim Williams (drums) en Charlie Hase (pedal steel) dragen bij aan deze fraai verpakte liedjes, waarvan de opnames live gebeurden in de Sidetrack Cafe, in Edmonton Alberta. Om plaats te maken voor een nieuw bouwproject moest deze bekende tent afgebroken worden en waren Dave McCann met zijn ruige band met de bizarre naam The Ten Toed Frogs, de aangewezen band om in november van 2005 deze plaats muzikaal, maar vooral defenitief te sluiten. McCann wisselt in tien songs rootsrock af met country en folk, zoals op de titelsong van zijn laatste cd, "Country Medicine". Met de scherpe gitaren in deze song, denkt u meteen aan Crazy Horse in betere dagen. Van deze cd speelt hij verder ook nog "Joe’s Bones" dat we kunnen klasseren onder eerder klassiek aandoend singer-songwritermateriaal en de herwerkte versie van Jethro Tull's "Locomotive Breath", een driftige bluegrass-rootsversie zoals alleen Dave McCann dat kan. Uit zijn "Woodland Tea" album, horen we slechts één nummer, het rustige "Circle of Stones", waarin zijn talent als singer-songwriter naar boven komt. De andere songs liggen allemaal lekker in het gehoor en brengen countryrock met de nodige scheurgitaren. Zo vliegen de tien liedjes snel voorbij, zoals dat altijd gaat bij optimaal vermaak. Dave McCann weet daarbij als geen ander te verhalen over uit het leven gegrepen onderwerpen. Vernieuwend is zijn werk allemaal niet, maar dit neemt niet weg dat "Shoot The Horse" een rootsrock plaat is om te smullen. Rebelse rockertjes die meteen een sfeertje oproepen van de outlaw country rock uit de zeventiger jaren.



 

PORTER BLOCK
OFF OUR SHOULDERS
Website Myspace Contact
Label : Engine Room Recordings

 

 

Ondanks de foto van zanger Peter Block op de hoes van de cd “Off Our Shoulders” is Porter Block dus een groep waarin multi-instrumentalist Caleb Sherman een even groot aandeel heeft in de tien songs die op deze cd te beluisteren vallen. Samen met Peter Block schreef hij de vlot in het gehoor liggende popdeuntjes. Twee jaar geleden verscheen hun debuutalbum “Suburban Sprawl” en met “Off Our Shoulders” wilden ze vooral nummers brengen die ook live meteen in de smaak van het luisterpubliek zouden vallen. Met dat doel voor ogen gingen ze naar een opnameruimte in Brooklyn, New York die “The Carriage House” heet. Gedurende vier maanden werden er een dertigtal songs opgenomen die ze na kritisch beraad gereduceerd hebben tot de tien nummers die op deze tweede cd te horen zijn. De eerste song op de plaat is “Second Wind”, een poprocksong die zijn dringende kandidatuur voor de hitparades wil duidelijk maken. “The Times Between The Good Times” is wat zachter en rustiger maar heeft zeker ook nog meer dan voldoende hitpotentieel. “List Of Things To Do” heeft dan weer een opzwepende beat en kan de jongerenradio’s van muziek voorzien of ergens in één of andere tv-serie voor jongeren furore opbouwen. De aanwezigheid van drummer Steve Holly is ook heel prominent en geeft een meerwaarde aan enkele van de songs op dit album. “Lonely Levon” is een aanstekelijk reggaedeuntje met een grappige tekst. “All Of Who I Am” klinkt in het begin als een liefdesverklaring aan een meisje maar naarmate de song vordert blijkt het niet om één of ander vrouwelijk schoon te gaan maar over de liefde voor een Martin-gitaar. “Happy Everything” was een tekst die ze op een vakantiekaartje kregen toegestuurd en in deze song geven ze een cynische kijk op de vakantieperiode die voor vele mensen geen ontspanningsperiode is maar eerder een tijd van spanning en stress. De melodieën van deze nummers zijn stuk voor stuk catchy en kunnen moeiteloos meegezongen worden na enkele beluisteringen. Voor sommigen zal “Off Our Shoulders” een te poppy plaat zijn maar het cliché dat de liefhebbers van het genre hier hun gading vinden geldt ook nu weer.
(valsam)



 

TIM HUS
BUSH PILOT BUCKAROO
Website Myspace Contact
Label: Stony Plain
Distr: Munich records
VIDEO 1 VIDEO 2

 

Drie eigen beheerde releases had Tim Hus uit Alberta, Canada er al opzitten toen plots het bekende Canadese label "Stony Plain" hem oppikte. Net als zijn streek- en labelgenoot Corb Lund zijn de invloeden van cowboy dichters als Ian Tyson en Ramblin Jack Elliot in zijn werk terug te vinden. Songs die handelen over truckchauffeurs, koolmijners, ruige olie-riggers, en de "bush" piloten. De onderwerpen van zijn songs zijn zo gebonden aan dit land dat het wel een nieuw genre kon doen ontstaan "Canadiana". De twee grootse invloeden op Tim Hus' stijl zijn de landgenoten Fred Eaglesmith en Stompin Tom Connors, wat minder bekend hier, maar wel dé Canadese Country legende. Zelf noemt hij zich "the Canadian Cowboy singer" en dat is een goede omschrijver, dit is niet zomaar country, dit is "cowboy"muziek, echte storytelling over types, de moderne cowboy is een trucker, koolmijn arbeider of een arbeider op de boorplatformen. Hij brengt die songs op een traditionele, bijna ouderwetse manier. Banjo, mandoline fiddle en pedal- en twangy gitaren zijn de instrumenten die zijn begeleiders hanteren. Lekker ouderwets klinkende Country en Western, prairieverhalen, met songs als "Dempster Higway" een echte truckerssong, de vrolijke drinksong "Bakersfield Music", "A hundred Grande", het verhaal van een olieboorder die de zwarte smurrie beu is en vol heimwee naar thuis zit of het meer ingetogen "Battle River", evenals de slotsong "The Great Divide". Mooi is ook het duet met Gary Fjellgaard "The Man With The Big Hat". Gary's aparte stem contrasteert mooi met die van Tim. "Bush Pilot Buckaroo" is een mooie verzameling "Canadiana" cowboy songs, en de eerste van zijn drie geplande "Stony Plain" releases.
(RON)