OKTOBER 2007 - NOVEMBER 2007 - DECEMBER 2007 - JANUARI 2008
FEBRUARI 2008 - MAART 2008 - APRIL 2008 - MEI 2008 - JUNI 2008
FLACO JIMENEZ - HE’LL HAVE TO GO
NILS LOFGREN - THE LONER – NILS SINGS NEIL
ALANIS MORISSETTE - FLAVORS OF ENTANGLEMENT
EDDIE COLE - IT’S THE APOCALYPSE, BABY
JEFF FINLIN - BALLAD OF Of A PLAIN MAN
SHAMMER - OLD TUCSON 69 $
CHRISTINE ALBERT - PARIS, TEXAFRANCE
PUTUMAYO PRESENTS QUEBEC
LYNN JACKSON - SOFT STARS
TRAVEL BY SEA - DAYS OF MY ESCAPE

FLACO
JIMENEZ
HE’LL HAVE TO GO
Website Myspace
Info: Redhouse Music Productions
Label : Americana Me & My Records
Distr. : Rounder Europe
VIDEO
1 VIDEO
2
Flaco
Jiménez voorstellen aan het muziekminnende publiek is hetzelfde als zeggen
dat het mooi weer is als de zon schijnt. Overbodig dus. Volgend jaar wordt deze
koning van de Tejano Music zeventig. Vanuit zijn thuisbasis San Antonio in Texas
vertrekt hij nog met de regelmaat van een klok om over de gehele wereld zijn
beroemde accordeonmuziek te gaan spelen voor zijn eigen shows maar ook samen
met een ellenlange reeks van topmuzikanten die zijn unieke spelstijl met de
trekzak allemaal in hun muziek willen verwerken. Zo deden sterren als Bob Dylan,
Ry Cooder, Emmylou Harris, Los Lobos, The Rolling Stones, Carlos Santana, Willie
Nelson, John Hiatt, Buck Owens en Dwight Yoakam ooit een beroep op Flaco Jiménez
voor hun platenopnames. Zijn schitterende bijdragen aan het succes van The Texas
Tornados en Los Super Seven zijn overigens evenzo algemeen bekend. Oersympathiek
is hij overigens ook zoals we zelf al meermaals hebben mogen ervaren als hij
in onze contreien opduikt zoals voor een paar weken nog in Nederland. De vijf
Grammy-awards die hij kreeg in de jaren negentig zijn dus zeker geen overdreven
beloning voor zijn indrukwekkende carrière als topmuzikant. Zijn vader
Santiago Jiménez Sr. was een beroemde pionier voor de con,junto-muziek.
Hij leerde de piepjonge Flaco op zevenjarige leeftijd kennismaken met het accordeon,
een instrument dat zijn hele latere leven zou bepalen en dat onafscheidelijk
met zijn naam verbonden zal blijven. In 1999 scoorde hij zijn grootste internationale
platensucces met de cd “Said and Done” waarvoor hij één
van z’n Grammy’s binnenrijfde. Op dat album nam de toen totaal onbekende
Raul “Nunie” Rubio de honneurs waar als zanger van de meeste songs
en hij toerde geruime tijd samen met Flaco om deze plaat te promoten. Beiden
zijn sindsdien onafscheidelijke vrienden gebleven. Het hoeft dus zeker niet
te verwonderen dat deze zanger ook nu weer zijn bijdrage mag leveren voor de
allernieuwste plaat van Flaco Jiménez: “He’ll Have To Go”.
Natuurlijk wordt deze hitklassieker van Jim Reeves hier uitmuntend gecoverd
naast nog een andere topper uit de muziekgeschiedenis: “Crying Time”
van Buck Owens. Andere covers zijn de wat minder bekende songs “Lonely
Letters” van Tiny Morrie (hier erg mooi gezongen door Nunie Rubio) en
“Pass Me By” van Tom T. Hall. Het overgrote deel van de liedjes
op deze plaat bestaat echter uit Spaanstalige traditionals zoals “Morenita
Mia”, de two-step “La Viejita”, “Quisiera Amarte”
en “Vuelve A Quererme”. Voor al deze liedjes is Rudy Calderon de
zanger van dienst. Alleen voor “La Carta De Raquel” werd Fred Ojeda
uitgenodigd als gastzanger en het zangwerk voor de trage ballad “Ni El
Llanto De Los Ninos” is voor rekening van Placido Salazar. Flaco Jiménez
draagt zoals steeds in elke song zijn accordeonklanken bij om de sfeer hoog
te houden en het vrolijke aspect in al die liedjes te accentueren. In de instrumentale
cd-afsluiter en polka “Bailando En Espana” mag hij zich nog eens
helemaal smijten. Verwacht niets wereldvernieuwends meer van Flaco Jiménez
maar daarentegen krijg je wel weer een zoveelste bevestiging van ’s mans
ongelooflijk grote muzikale talent via deze alweer erg mooie plaat “He’ll
Have To Go”. Wij zijn het al bijna dertig jaar en we blijven onvoorwaardelijk
grote fans van deze prachtmens en legendarische Tex-Mex icoon.
(valsam)

NILS
LOFGREN
THE LONER – NILS SINGS NEIL
Website
Label : Vision Music Inc.
Distr. : Bertus
Op amper 17-jarige leeftijd werd Nils Lofgren al professioneel muzikant bij
de formatie Crazy Horse, de beroemde begeleidingsgroep van Neil Young waarin
hij piano en gitaar speelde en backing vocals zong op diens legendarische seventies-albums
“After The Gold Rush” en “Tonight’s The Night”.
In 1975 probeerde hij het voor het eerst solo met zijn debuutplaat “Nils
Lofgren”. In 1979 scoorde hij een wereldhit met de song “Shine Silently”
uit zijn cd “Nils”. Voor de “Born In The USA”-tournee
sloot hij zich aan bij de roemrijke E Street Band van Bruce Springsteen, waarin
hij ook tegenwoordig nog als lead gitarist de honneurs waarneemt. Als gewaardeerde
gitarist speelt hij ook regelmatig mee als begeleidend muzikant tijdens tournees
van andere groepen. Zo deed hij mee in Ringo Starr’s All Starr Band en
stond hij op het podium bij live shows van Neil Young en Willie Nelson. Tussendoor
bleef hij regelmatig eigen soloalbums uitbrengen die achteraf zeer verdienstelijke
werkjes bleken te zijn. Zo duiken zijn twee laatste cd’s “Breakaway
Angel” en “Sacred Weapon” nog regelmatig in mijn cd-speler
op voor een paar uurtjes muzikaal luisterplezier. Want naast zijn uitstekende
gitaarwerk is Nils Lofgren ook een erg goede zanger met een zeer herkenbaar
stemgeluid. Voor zijn meest recente plaat verkoos hij om het werk van zijn goede
vriend Neil Young te eren en de kracht van diens songs te etaleren door een
selectie van 15 nummers uit het rijke songrepertoire van Young te coveren voor
het album “The Loner – Nils Sings Neil”. Nils Lofgren wou
de songs in al hun puurheid laten horen en koos daarom voor een akoestische
opzet. Zijn stem overheerst met enkel gitaar en piano als muzikale begeleiding.
Dat kan vrij eentonig lijken maar is het echt niet. Met bakken vol respect voor
Neil Young brengt Lofgren op indrukwekkende wijze de liedjes van de grootmeester-songschrijver.
Hij koos ook niet meteen voor de gemakkelijkste weg door alleen maar te kiezen
voor de hits van Neil Young. “Birds”, “Flying On The Ground”,
Don’t Be Denied”, “World On A String” en “Mr.
Soul” zijn zeker niet de bekendste songs van Young maar door deze selectie
worden ze wel in de schijnwerpers gezet door deze muzikale bewonderaar van het
repertoire van Neil Young. Vanzelfsprekend krijgen we natuurlijk ook wel enkele
hits uit het dikke Neil Young-songbook te horen: “Long May You Run”,
“I Am A Child”, “Only Love Can Break Your Heart”, “Harvest
Moon”, “Like A Hurricane”, “Wonderin’” en
“Don’t Cry No Tears” krijgen een eigenzinnige maar zeer respectvolle
interpretatie door Nils Lofgren. Het album “The Loner – Nils Sings
Neil” is het vastleggen van het grote respect van een topartiest voor
het werk van een rockmonument. Dit alles mondde finaal uit in een intrigerend
en heel ontroerend meesterwerk.
(valsam)

ALANIS
MORISSETTE
FLAVORS OF ENTANGLEMENT
Website
Label : Maverick Recording Company
Distr. : Warner Music
Het
is alweer vier jaar geleden dat we de laatste studioplaat van de amper 33-jarige
Canadese singer-songwriter Alanis Morissette mochten beluisteren. “So-Called
Chaos” was de titel en niet echt een onverdeeld succes. In 2005 verscheen
er dan nog een verzamelplaat getiteld “The Collection” en leek het
erop dat de zangeres het al voor bekeken ging houden. Niets blijkt nu echter
minder waar te zijn. Vandaag staat deze donkerharige nachtegaal er weer helemaal
terug met een splinternieuwe cd: “Flavors Of Entanglement”. Meer
dan twaalf jaar na haar succesvol debuutalbum “Jagged Little Pill”
waarvan ze 30 miljoen exemplaren verkocht en waarvoor ze 4 Grammy-awards mocht
ontvangen swingt Alanis Morissette op deze nieuwe plaat weer als vanouds. Dat
doet ze in elf nieuwe songs die ze samen met haar muzikale partner en producer
Guy Sigsworth bij elkaar pende. De single uit dit album “Underneath”
kleurt al enkele weken je dag op de moderne popradiostations. De zeer herkenbare
sound van Morissette, haar unieke stemgeluid en de stereotiepe opbouw van de
songs staan weer als een huis op dit nieuwe album. Een zacht gezongen intro,
gevolgd door een losbarstende kakofonie van klanken en zachtjes aflopend naar
het einde toe. Dat is hoe de songs van Alanis Morissette meestal geconstrueerd
worden. In de muziek wordt er regelmatig en veelvuldig gebruik gemaakt van elektronica.
Synthesizers, drum-beats en bass-loops zijn de alom gekende ingrediënten
van haar songs. Voor al die programmeringen doet ze een beroep op het talent
van o.a. Guy Sigsworth die eerder samenwerkte met o.a. Madonna en Björk.
Ook gitarist Andy Page en toetsenist Sean McGhee zijn bedreven met de computerknopjes
terwijl Blair Sinta op ouderwetse wijze met gewone stokjes de drums blijft bespelen.
Akoestisch gezongen met enkel pianobegeleiding is de prachtige melancholische
ballad “Not As We” waarin de heerlijke en soms droevig klinkende
stem van Alanis Morissette mooi tot zijn recht kan komen. De teksten die zij
voor haar songs schrijft zijn vaak heel persoonlijk en autobiografisch. Morissette
ging dan ook zelf door vrij turbulente tijden waarin het stopzetten van een
vijf jaar lange relatie met Ryan Reynolds centraal stond. Die idioot liet haar
vallen om zich in de armen (nou ja?) van Scarlett Johansson te kunnen storten.
Alanis Morissette’s woorden getuigen van een ontroerende oprechtheid en
tonen haar eerlijke kwetsbaarheid voor emoties en onrecht aan. De song “In
Praise Of The Vulnerable Man” is een schoolvoorbeeld van zo’n knap
opgebouwde nummer en dit nummer zouden wij graag tippen als opvolger voor de
successingle “Underneath”. Een andere optie voor een nieuwe single
lijkt ons “Torch” te zijn dat gaat over die foutgelopen relatie.
Maar al snel daarna wordt het verdriet weggeblazen tot nieuwe levensvreugde
in “Giggling Again For No Reason”. In andere songs zoals “Citizen
Of The Planet” en “Versions Of Violence” wordt er vlotjes
gerockt en in het swingende “Straitjacket” laat Morissette zich
nog eens helemaal gaan en lijkt ze soms kwaad, zelfs woest te gaan worden. Daarbij
duiken herinneringen op aan de zangeres ten tijde van “Jagged Little Pill”.
“Flavors Of Entanglement” wordt ook uitgegeven in een deluxe-editie
waar de koper nog 5 overblijvertjes extra te horen krijgt die eigenlijk ook
best de moeite waard zijn, zoals “Limbo No More”, “Orchid”
en “Madness”. Alanis Morissete is back, laat dat vooral geweten
zijn. Voor wanneer zijn die optredens in de Benelux eigenlijk gepland? (valsam)

EDDIE
COLE
IT’S THE APOCALYPSE, BABY
Website Myspace
Contact
Label : Groove Eddy Records
CD-Baby
De
verrassing van deze week komt ons vanuit Monbulk, Victoria in Australië
toegewaaid. Met immens grote kangoeroesprongen duikt Eddie Cole ons ritmisch
kloppende muzikale hartje binnen met zijn cd “It’s The Apocalypse,
Baby”. Eddie Cole had als jongeling vooral geen zin om naar school te
gaan en dacht dat hij ook wel zou kunnen leven door overal gitaar te gaan spelen
en zijn liedjes voor een publiek te komen zingen. Ondanks die zuivere ambities
duurde het nadien toch nog erg lang vooraleer iemand van Eddie Cole zou gaan
horen. Ook vandaag de dag is hij nog steeds een nobele onbekende voor de meesten
onder ons. Dus kluste hij links en rechts wat bij om een inkomen te vergaren
en te overleven. Met het moeizaam bij elkaar gespaarde geld trok hij een studio
in voor het opnemen van enkele demo’s die hij daarna enthousiast naar
diverse platenfirma’s stuurde op hoop van zegen. Maar ook dat was spijtig
genoeg geen onverdeeld succes. Intussen trouwde hij, werd vader en zag hij in
dat er iets anders zou moeten gaan gebeuren om zijn gezinnetje toe te laten
om op een fatsoenlijke wijze te kunnen leven. Zijn muzikale ambities werden
voor onbepaalde tijd opgeborgen en hij ging werken in de onderhoudsdienst van
een plaatselijk ziekenhuis. Vijf jaar geleden achtte hij de tijd opnieuw gekomen
om een plaat op te nemen en uit te brengen in de hoop dat er iemand in de wereld
zijn schouders onder het project zou willen zetten en hij zich meer op zijn
muzikale carrière zou kunnen gaan toeleggen. Die eerste plaat was “I
Know What’s Going On” en werd een klein succesje waardoor hij nadien
ook nog een ep “Mellow” kon opnemen in 2005. Nu serveert hij ons
een nieuwe full-cd “It’s The Apocalypse, Baby” met 13 verbluffend
mooie liedjes waardoor wij definitief overstag gaan voor zijn muziek. Knap gitaarwerk,
jazzy ritmes, knappe songs en vooral ijzersterke zangprestaties. In amper 13
tracks levert Eddie Cole ons een uurtje aangename muziek af waarin hij bewijst
dat hij voorbestemd is om te blijven en uit te groeien tot een gevestigde waarde
in het hedendaagse poplandschap. De nummers variëren qua ritme, onderwerp
en muziekstijl. Zowel spirituele thema’s als pure liefdesliedjes en ouderwetse
rock ‘n’ roll komen in de songs ruim aan bod. De eerste song op
de plaat “Lay Down The Dust” is een lekker voortkabbelende jazzmelodie
die leuk is maar niet meteen opvalt. Dat is ook het lot voor “Trouble
Of The World” en “Easy Does It”. Maar daarna krijgen we de
emotioneel gezongen liefdesballad “Maria” met ontzettend mooie vocale
prestaties van Eddie Cole. Ook “Nothing Comes For Free”, “Over
And Over” en “Shadowlands” zijn zulke liedjes die je vrolijk
maken en die je elk uur van de dag terug kan horen: Jack Johnson-songs zou je
kunnen zeggen. De knappe arrangementen in “Honey”, “Shall
I Count The Ways” en “Sitting Alone At A Table For Two” tonen
aan dat deze artiest heel wat in zijn mars heeft. Ik heb de plaat al ettelijke
keren beluisterd en betrap me er op dat ik steeds teruggrijp naar één
liedje uit de cd, namelijk het hartveroverende “Like für Elise”
dat alludeert op het 19-eeuwse pianostuk “Für Elise” van Ludwig
Van Beethoven. Dit nu op gitaar geënte nummer bevestigt voor de zoveelste
keer het cliché dat de eenvoudigste nummers vaak de allermooiste zijn.
We eindigen zoals we begonnen zijn : Eddie Cole is de verrassing van de week.
(valsam)

JEFF
FINLIN
BALLAD OF Of A PLAIN MAN
Website Myspace
Contact
Label: Bent Wheel Records
We
zullen het bij Rootstime tot in den treuren toe blijven herhalen: de in Cleveland,
Ohio geboren en getogen Jeff Finlin is één van de allerbeste storytellers
van zijn generatie. Onbegrijpelijk gewoon, dat een talent van dat kaliber tot
op de dag van vandaag door zo weinig liefhebbers van het singer-songwritergenre
aan de boezem werd gedrukt. Veel beter komen ze immers niet. Dat bewijst ook
de opvolger van de eveneens briljante voorgangers "Alive and Retrospective:
Volume I" (2006), "Angels in Disguise" (2006), "Epinonymous"
(2004) en "Somewhere South of Wonder" (2002). Ook "Ballad Of
A Plain Man" staat immers weer vol met lekkernijen voor allen die van eigenzinnige
rootssongs net dat ietsje meer durven te verwachten. Jeff Finlin begon ooit
zijn muzikale loopbaan als drummer bij diverse High School-bandjes. Na een aantal
jaren in de Bostonse punk-scene te hebben doorgebracht verhuisde Jeff samen
met zijn goede vriend Gwil Owen naar Nashville om rockband 'The Thieves' op
te richten. Uiteindelijk heeft Finlin als singer-songwriter een definitieve
muzikale keuze gemaakt. Door een tiental cd's sinds 1991 heeft Jeff in bescheiden
kring inmiddels een enorme reputatie opgebouwd als een uitstekend singer-songwriter,
maar echt doorbreken wil maar niet lukken. Met al die vorige cd's gaven we hem
een goede kans, maar het werd niks. Of "Ballad Of A Plain Man" daar
verandering in gaat brengen? We weten het niet. Aan de kwaliteit zal het in
ieder geval niet liggen want ook dit is weer een prima cd. Een cd waarop Finlin
wederom wordt bijgestaan door bevriende muzikanten, onder wie Doug Lancio (gitaar),
Brad Jones (bas, orgel, piano) en Tommy Meyer (Drums). Finlin lijkt vooral beïnvloedt
door Bob Dylan, maar hier en daar duiken ook invloeden uit het vroege werk van
Tom Waits, Steve Earle en Randy Newman op. Bovendien beschikt hij over een lekker
gruizige stem, waardoor hij niet alleen op Dylan, maar af en toe ook op Springsteen
in vroegere jaren lijkt. Finlin houdt ook van afwisseling, op "Ballad Of
A Plain Man" wisselt hij folk en country af met pop en zelfs funk (zoals
in "What’s The Big Idea"). Zijn muziek luistert niet alleen
lekker weg, zijn teksten staan ook altijd weer garant voor het nodige excellente
leesvoer. Finlin maakt gewoon pure Americana, wars van gimmicks en gadgets,
die fans van hoger vernoemde artiesten direct aan zal spreken. Bovendien valt
hij op door zijn uitgesproken eerlijke emoties en zijn intensiteit. Met "Ballad
Of A Plain Man" voltooit Jeff Finlin zijn trilogie over Willie Ray Babel
die alle bezittingen opgeeft om als vrij man door het leven te gaan. In de openende
titeltrack horen we meteen Willie Ray Babel's universele zoektocht naar "Spiritual
Liberation". Grootste prijsnummer is echter, "Highway Home",
een song met zijn ervaringen die hij tijdens zijn talrijke reizen opdeed leverde
eveneens stof over de keerzijde van de Amerikaanse samenleving. Maar tegelijkertijd
reisde Finlin af in het diepste van zijn eigen psyche. Met een soms pijnlijke
eerlijkheid beschrijft hij over de grote hoop, en als je dat zoals Finlin doet
kunt vertalen in prachtige liedjes die je niet meer loslaten, dan ben je een
singer-songwriter in de ware betekenis van het woord. "Ballad Of A Plain
Man" is te koop via Jeff Finlin’s website, gewoon doen!

SHAMMER
OLD TUCSON 69 $
Website
Label : Eigen Beheer
CD-Baby
Shammer
is de naam van een groep opgebouwd rond het muzikale brein van de uit Aosta,
Italië stammende zuiderling Claudio Mauro. Met de cd “Old Tucson
69 $” debuteert hij in de muziekwereld. Het album is opgebouwd rond vijf
instrumentale nummers en 5 Engelstalige songs. Bij een eerste beluistering kan
je er al helemaal niet meer om heen dat dit het werk is van een grote fan en
bewonderaar van de muziek van groepen als Calexico, Giant Sand en Friends Of
Dean Martinez. Elke song op dit leuke album zou zo van één of
andere plaat van deze groepen geplukt kunnen zijn. In de instrumentale nummers
kan je de muzikale invloeden van o.a. filmsoundtrackproducent Ennio Morricone
herkennen, evenals het typische twang-gitaarspel van Duane Eddy. “Once
Upon A Time In The West – revisited” zou je kunnen stellen. Ondanks
de Italiaanse roots van Claudio Mauro lijkt het op deze plaat alsof hij zijn
hele leven heeft doorgebracht in de dorre woestijnvlakten van Texas nabij de
grens met Mexico. De instrumentale stukjes zijn vooral gebaseerd op desolate
gitaarklanken die hier gespeeld worden door Pierluigi Ferrari, afwisselend op
elektrische en akoestische instrumenten. Vooral de nummers “Reflejo Agua”,
“Eres Mi Amor” en “Cancion De Cuna” boeien zeer aangenaam
doorheen de gehele duur van de song. Voor de gezongen tracks zocht Claudio Mauro
de steun van een vrouwelijke stem en hij vond die bij Annamaria Musajo. Zij
geeft knappe vocale ondersteuning in de liedjes “It’s Just A Dream”,
“Stone Bullets” en “There Is Hope Tonight”. De meest
opvallende song op deze plaat is het sterk opgebouwde nummer “Black Roses
For Hellen” waarin Claudio Mauro met stemvervormende microfoon zingt en
even later door Annamaria Musajo wordt bijgesprongen voor een knap, intrigerend
en catchy refreintje. Dit is waarachtig een typisch Giant Sand-nummer dat Howe
Gelb zelf kon geschreven hebben maar blijkbaar toch eerst in Milaan op plaat
werd gezet door een Italiaanse cowboy. Vocaal is Claudio Mauro niet onder te
brengen in de categorie ‘sterke zangers’ maar de fantastische klanken
van zijn plaat maken dat ruimschoots goed. Ik heb alvast de hele tijd zitten
rondkijken of er geen “bad guys” om de hoek loerden om me tijdens
deze cd-beluistering een schot in te rug te knallen. Qua sfeermaker is “Old
Tucson 69 $” dus een geslaagde plaat te noemen.
(valsam)

CHRISTINE
ALBERT
PARIS, TEXAFRANCE
Website Contact
Label : Moonhouse Records
CD-Baby
Voor het bedenken van cd-titels moet je niet bij Christine Albert zijn. De titel
van haar eerste plaat was “Texafrance” in 1999, gevolgd door “Texafrance-Encore”
uit 2003 en nu is er een derde plaat met de titel “Paris, Texafrance”.
Deze Texaanse zangeres die al sinds 25 jaar in Austin woont heeft een voorliefde
voor Franstalige liedjes die ze leerde kennen via haar Europese grootmoeder
Lily die afkomstig was van Parijs. Christine Albert heeft nu al voor de derde
keer een weloverwogen selectie gemaakt uit het rijke songrepertoire der Franse
klassiekers en er ofwel een Franstalige, een Engelstalige of een tweetalig Frans-Engelse
interpretatie aan gegeven. Frankrijk zit in haar bloed via genetische overdracht
door haar voorouders en Texas in haar hart door haar verblijf in Austin gedurende
meer dan de helft van haar leven. Met de keuze voor dit songrepertoire probeert
ze beide culturen en rijke geschiedenissen samen te brengen en te verzoenen.
Dat levert unieke en prachtige liedjes op die je zeker nog nooit in deze versie
hebt gehoord, ondanks het feit dat er enkele heel bekende chansons tussen zitten.
Zo horen we Christine Albert op dit album een uitstekende versie brengen van
“The French Song”, het nummer dat in 1963 de geschiedenis werd ingezongen
door Lucille Starr en bij ons vooral bekendheid verwierf in de versie van Petula
Clark. De liefde voor Edith Piaf en haar liedjes wordt geïllustreerd door
het feit dat er drie songs van deze artieste gecoverd worden op deze plaat:
“Chante-Moi”, “C’est D’la Faute à Tes Yeux”
en “Hymne à l’Amour”. Ook die andere Franse chansonlegende
Charles Trenet wordt geëerd in twee liedjes uit zijn uitgebreide repertoire:
“Swing Troubadour” en “Y’a de la Joie”. Als eerbetoon
aan de slachtoffers van de orkaan Katrina die door New Orleans raasde en er
dood en vernieling veroorzaakte koos Christine Albert voor een vaak gecoverd
nummer van Jesse Winchester: “L’Air De La Louisiane”. Muzikale
ritmewisselingen te over op deze plaat: van zuiver chanson via bluegrass, folk
en country naar cajun en tex-mex met zelfs een mooi walsje (“French Waltz”
van Nicolette Larson). De nostalgicus in deze jongen kon zich nog eens volledig
laten gaan op deze plaat en het bezorgde me een heerlijk gevoel. Wegdromend
naar het lang vervlogen historische verleden van het Franse chanson met flitsen
van het leven aan de Amerikaanse Zuidkust: wat kan een mens zich eigenlijk nog
meer toewensen. Heel toffe plaat is dit.
(valsam)


PUTUMAYO
PRESENTS QUEBEC
Label: Putumayo World Music
Website Myspace
De provincie Québec
is de thuishaven van een culturele mengelmoes van oorspronkelijk inlandse bewoners
en aangespoelde migranten, die zowat uit alle overzeese landen komen, het Noordelijk
blank equivalent van Zuidelijk New Orleans. Gastvrij Canada nam hen op en Québec,
waar overwegend Frans wordt gesproken, bood een vruchtbare bodem om diverse
muziekgenres naast elkaar te laten bloeien of wederzijds te bestuiven. Putumayo
met zijn sympathieke illustratieve promotie van wereldmuziek en meer dan 100
uitgebrachte cd-titels in zijn catalogus, is bijgevolg het ideaal Label om een
compilatie van Frans gezongen songs uit te brengen ter gelegenheid van de 400ste
verjaardag van Québec City. Dit album oogt dan ook in de eerste plaats
als een viering en illustratie van de muzikale rijkdom die de Frans Canadese
provincie in petto heeft. Naast melodische Franse chanson (Mathieu Mathieu),
originele reggae funk (DobaCaracol) of jazzy bossa nova ritmes (Myreille Bédard)
onderga je ook de poëtische sfeer zoals bij Martin Léon’s
dromerige en filmische ‘Je m’demande’. Bij Polémil
Bazar en zijn ‘Les Viscères’ valt vooral de gipsy aankleding
op met klarinet en gitaar. En bij ‘Brûlots’ van Chloé
Sainte-Marie kan je wegsmelten als het laatste hoopje sneeuw bij de eerste zomerzon,
wanneer op de toendra de eerste muggen beginnen te dansen. Behalve de inmiddels
internationaal beroemde ‘La Bottine Souriante’ met hun Keltische
instrumentatie van accordeon, viool en dansbare ‘ambiance’ muziek
sprak me vooral ‘Nitshiuenan’ van Florent Vollant aan, in de Algonquian
taal gezongen, één van de talen van de Innu of Native Canadezen.
Deze song, ‘jay-way-nan’ uitgesproken, met harmonica en bluesy gitaarbegeleiding,
zal me gegarandeerd op zoek doen gaan naar zijn ‘Katak’ album toen
hij nog in de popgroep Kashtin zong en daarin zijn verlangen vertolkte om het
spoor naar de vrijheid terug te vinden. Want dat is één van de
verdiensten van de Putumayo’s selecties dat zij de luisteraar nieuwsgierig
maken naar nog niet wereldwijd doorgebroken artiesten. Terwijl met de verkoopopbrengst
via de Vzw ‘Young Musicians Of The World’ ook wordt geïnvesteerd
in de gratis muziekopleiding van kinderen. Met deze Putumayo ‘Québecana’
verzameling biedt het Label na ‘French Café’ en ‘French
Caribbean’ opnieuw een aangename muzikale onderdompeling, nu in French
Québec.
Marcie


LYNN
JACKSON
SOFT STARS
Myspace
Contact
Label : Busted Flat Records
CDBaby
De
de uit Kitchener, Ontario komende singer-songwriter Lynn Jackson debuteerde
vier jaar geleden met het geweldige "Night Songs" (2004). Een plaat
die, net als opvolger "Sweet Relief" uit 2006, bijzonder warm werd
onthaald door met name de Canadese muziekpers. Platen die liefhebbers van de
betere vrouwelijke singer songwriters absoluut in de kast moeten hebben staan,
maar daar helaas meestal ontbreken. Voor haar derde plaat "Restless Days"
heeft Lynn Jackson gelukkig nog steeds onderdak gevonden bij het aansprekend
label Busted Flat Records, waar nu ook haar vierde verschijnt. Deze nieuwe plaat
"Soft Stars" is meteen haar beste plaat, ééntje die
de voorgangers op alle fronten overtreft. Een plaat waarop de Canadese grossiert
in lekker in het gehoor liggende rootssongs. Kwalitatief hoogstaande songs die
naar een hoger plan worden getild door Lynn's heerlijke stem. Bijgestaan door
co-producer Bob Egan (Blue Rodeo), en andere talenten als Lewis Melville (banjo),
Leslie Feist's bandman Bryden Baird (blaaswerk), Nick Storring (cello), Shane
Guse (viool, mandolin), Carrie Ashworth en Ryan Allen (bas), en Jeff Cowell
(percussie) schotelt Lynn ons op deze plaat het ene na het andere hoogtepunt
voor. Voeg daarbij op sommige tracks Bob Egan op steel gitaar en Dan Walsh op
resonator gitaar en we hebben hier een pracht van een CD, waarvan die hoogtepunten
zich citeren uit de folk, country, roots en pop. "Soft Stars" komt
werkelijk aan als een mokerslag. Deze titel van de plaat kan niet verhullen
dat Lynn's klassieke thema’s, het leven van alledag, de liefde en alle
ellende die daardoor ontstaat, in veertien zelfgeschreven liedjes aan de kaak
stelt. "Soft Stars" is in feite een voorbeeldige cd. Vrienden die
haar vroegere cd's reeds hadden aangeschaft, waarschuwden ons alvast voor een
gladde productie en mierzoete ballades. Het bleek loos alarm. Zoet en lief zijn
de meeste liedjes van "Soft Stars" absoluut, maar de rafelige randjes
tussen country en folk zijn - godzijdank - niet helemaal verdwenen. De verleidelijke
countrymelodieën en de manier waarop Lynn zingt, komen soms ook aardig
in de buurt van Kathleen Edwards en Shelby Lynn om nog maar wat namen te noemen.
Vele aardige nummers voor nachtelijke autoritten op maat gemaakt als "4th
of July" en "Mark The Spot", maar het meer singer-songwriterwerk
horen we in "Same Sun", "Devil" en "Saturdays",
songs waarin ze niet zozeer kan verhalen, maar meer haar persoonlijke ideën
laat horen. De uitschieters van deze fijne plaat zijn de reeds vermelde nummers:
"Devil", waarin Dan Walsh's dobro deze song zo tijdloos maakt en "4th
of July" met Bob Egan op pedal steel, songs waarin Lynn pas echt kan laten
horen wat ze in huis heeft. Een gevoelige stem, arrangementen die je soms de
stuipen op het lijf jagen, spanning die wordt opgebouwd tot huiveringwekkende
proporties en vooral emotie. Er zijn niet veel platen die je zo bij de strot
grijpen als deze en hoe vaak je hem ook hoort, het gevoel blijft. Lynn Jackson
is al een jaar of vier een grote belofte, maar ziet haar talent op "Soft
Stars" eindelijk tot volle wasdom komen.

TRAVEL
BY SEA
DAYS OF MY ESCAPE
Website Myspace
Contact
Label : Autumn Tone Records
In deze moderne tijden hoef je niet echt meer in een studio te kruipen om een
cd op te nemen of om muziek te creëren. De techniek staat tegenwoordig
voor niets en Internet biedt alle mogelijkheden voor het uitwisselen van files
en programma’s. Op die wijze ontstaat de muziek van de groep Travel By
Sea dan ook. Kyle Kersten woont in Tustin, Californië en zijn muzikale
partner Brian Kraft enkele honderden kilometers verder in Denver, Colorado.
Deze lange afstandsrelatie leidt tot verrassend imtimistische en elkaar mooi
aanvullende muzikale exploten. Beide heren sturen hun muzikale bijdragen in
elektronische file-vorm naar elkaar en mixen al die stukjes aan elkaar tot een
mooi muzikaal geheel. Travel By Sea kan je dus letterlijk een virtuele band
noemen. In 2006 verscheen hun debuutplaat “Shadows Rise” en nu presenteren
de heren hun opvolger voor dat album in de vorm van een nieuwe full-cd met de
titel “Days Of My Escape”. Muzikaal dwalen ze rond in het alt.countrygenre
en hun vorige plaat riep in de pers vergelijkingen op met Iron And Wine, Will
Oldham en Ryan Adams. Hun timide gebrachte mix van folk en country leidt op
de nieuwe cd tot elf nummers van eigen hand, meestal melancholische en melodieuze
liedjes voorzien van een minimale muzikale begeleiding en doorspekt met weldoordachte
songteksten. Dit zijn liedjes die een plaatsje verdienen in het StuBru-radioprogramma
Duyster waar dergelijk singer-songwriterwerk nog van een ruime appreciatie mag
genieten. De groep is gegroeid sinds de vorige plaat en toont via de volwassen
songs aan dat ze nog heel wat verrassends in hun mars hebben voor de volgende
jaren. Dit is een opeenvolging van stuk voor stuk knappe liedjes die in de juiste
sfeer helemaal tot hun recht zullen komen. Dit soort liedjes is iets wat jammer
genoeg te weinig airplay krijgt in de hedendaagse radio-uitzendingen waar de
eenheidsworst te vaak overheerst. Toch zijn we ervan overtuigd dat liedjes als
“Let It All Die Down”, “Gone” en “Patiently”
een brede schare muziekfans kan aanspreken. Misschien moeten die de liedjes
van Travel By Sea dan ook maar niet via de radio maar via het Internetmedium
leren ontdekken. Fans van artiesten als Dolorean, Jason Molina (Magnolia Electric)
, Will Johnson (South San Gabriel / Centro-Matic)en Great Lakes Swimmers zullen
bij het beluisteren van “Days Of My Escape” zeker hun geliefde gading
vinden. Eenvoud kan zeer mooi zijn, dat blijkt uit alle liedjes op deze plaat
waarbij het vocale gedeelte heel subtiel en haast fluisterend aan de muziek
werd toegevoegd. Zonder ook maar enige afbreuk te willen doen aan de andere
songs die zich allemaal in dit luisterliedjesgenre situeren willen we toch nog
even laten weten dat wij vooral genoten hebben van “Too Much Too Quickly”,
“Split Second Time” (een hartverscheurend maar ook hartverwarmend
duet met zangeres Pink Nasty), “The Morning After” en “When
It Slowly Fades”. “Days Of My Escape” van Travel By Sea krijgt
alvast een mooi plaatsje toebedeeld in mijn persoonlijke cd-collectie. Misschien
nu ook nog in die van u?
(valsam)