ARCHIEF

OKTOBER 2007 - NOVEMBER 2007 - DECEMBER 2007 - JANUARI 2008

FEBRUARI 2008 - MAART 2008 - APRIL 2008 - MEI 2008 - JUNI 2008


 

JONNY KAPLAN & THE LAZY STARS - RIDE FREE - SEASONS

DAVID FERRARD - BROKEN SKY

CONRAD WALZ AND THE WRECKING BALL - CONRAD WALZ AND THE WRECKING BALL

ANDY FAIRWEATHER LOW - THE LOW RIDER - THE VERY BEST OF

MATT KOGER - THE COYOTE’S CALL

SCOTT KEMPNER - SAVING GRACE

SHANNON LYON - EL SOL

MARC RIBLER - THIS LIFE

JOEL RAFAEL - THIRTEEN STORIES

ADAM RAVEN - GOODBYE CALIFORNIA

 


 

JONNY KAPLAN & THE LAZY STARS
RIDE FREE - SEASONS

Website
Label : Better Tasting Tunes
Info: Hemifran
CDBaby - RIDE FREE CDBaby - SEASONS

 

 

Na twee solo albums heeft Jonny Kaplan weer een plaat afgeleverd met zijn vaste begeleidingsband, The Lazy Stars. Op het eerste gehoor lijkt er weinig aan de hand. Jonny Kaplan & The Lazy Stars maken in roots gedrenkte gitaarmuziek, tegenwoordig American rock and roll genoemd, waarop weinig valt af te dingen, maar waarover ook weinig ophef valt te maken. Degelijk. Toch is dit zo'n album dat uiteindelijk vaker in de cd-speler belandt dan je in eerste instantie denkt, gewoon omdat het lekkere muziek is. In 1996 toog Jonny Kaplan met zijn maatje Anthony Smedile naar Seattle om daar ten huize van Blind Melon-gitarist Christopher Thorn opnamen te maken: vijf ervan zijn op zijn vorige debuut plaat, "California Heart" (2002) terechtgekomen. Het zijn liedjes in de bekende singer-songwriter traditie, vrij sober opgenomen. Jonny's stem roept sterke herinneringen op aan die van Gram Parsons. Terug in California werden onder productionele leiding van Mike Bosley opnamen gemaakt maar in een duidelijk Bakersfield/California country-rock idioom, met een uitgebreider instrumentatie en gastrollen van Jay Dee Maness op steel en Don Heffington (Jayhawks en Lone Justice) op drums. Dit muzikale idioom plus de combinatie van Jonny's stem en de nachtegaaltjes op de achtergrond brengen inderdaad flarden van de GP/Emmylou samenwerking naar boven. Op zijn album "Ride Free" (2004) kunnen we genieten van zijn West Coast country rock, waarin hij meer kracht, passie en magie naar boven haalt dan in zijn vorige album. Ook mag hij weer rekenen op gastoptredens van o.a Mitch Marine, Rik Sanchez, Don Heffington, Doug Pettibone en Skip Edwards. Zijn nieuwste album "Seasons" verwijst naar het verstrijken van de tijd, het verstrijken van de seizoenen, maar duidt ook de plaats aan waar deze muziek het beste tot haar recht komt: in de auto langs eindeloze wegen. Jonny Kaplan bewijst op deze derde plaat weer een geniale verhalenverteller te zijn die herkenbare beelden weet te creëren met de voor hem gebruikelijke ironie, vreemde beeldspraken en warme sympathie afgewisseld met bijtende bitterheid. Maar wees gerust, ondanks deze soms serieuze, soms grappige, soms ontroerende, intelligente teksten is "Seasons" vooral ook een erg fijne plaat. De plaat past dan ook precies in het stramien van zijn vorige platen. "Seasons" staat vol met rijpe, intelligente singer-songwritermuziek verpakt in aanstekelijke popmelodieën. Jonny Kaplan & The Lazy Stars grossieren in ouderwetse maar oerdegelijke rock-'n-roll die nergens buiten de lijntjes kleurt. Eens te meer bewijst Kaplan zijn vakmanschap met zijn composities, zijn gitaarspel en zang, precies dat te doen waar hij goed in is. De plaat start zo geïnspireerd en melodieus met "Smoking Tar" en de titeltrack, prachtige liedjes, best te omschrijven als zomerse popliedjes. De roerende nummers "Still Lonely", "Golden Years" en "Together In The Morning", zijn intieme mijmeringen die aangeven dat Kaplan nog altijd een onverbeterlijk melancholicus is. "Seasons" is daarbij een typische Kaplan plaat geworden waarvan de nummers je misschien wel aan Tom Petty And The Heartbreakers, Ryan Adams, Wilco, Wallflowers zullen doen denken. Er zullen vast wel weer de nodige vergelijkingen getrokken worden met andere artiesten, maar de critici zullen er toch niet onderuit kunnen dat deze plaat toch vooral erg naar Jonny Kaplan & The Lazy Stars klinkt, en daar ligt nou precies de waarde van deze plaat. Het tijdsbeeld van die vroege '70er jaren is met deze country rock terug te vinden op "Ride Free" en "Seasons", dit is gewoon onverslijtbare Americana.


 

 

DAVID FERRARD
BROKEN SKY
Website Myspace Contact
Label : Flamingo West CD-Baby

 

 

Met de cd “Broken Sky” debuteert de uit het Schotse Edinburgh afkomstige David Ferrard op een heel fraaie wijze. Zijn liedjes refereren naar de gouden sixtiesperiode waarin de folkmuziek erg populair was. Voor deze plaat heeft David Ferrard elf sterke melodieën samengebracht die hij allemaal zelf componeerde en van romantische teksten voorzag. Enkel de song “This Heart” is een compositie van de tevens Schotse folkzangeres Karen Dietz die hier in een emotievolle coverversie wordt gebracht. Vocaal positioneert Ferrard zich in de categorie van James Taylor, Woody Guthrie en Tom Paxton. De titeltrack “Broken Sky” is een nummer over doorzetten en stimuleert om de hoop op een betere toekomst blijven vast te houden. Ook het daaropvolgende “Rain” over eenzaamheid en droefheid wordt op akoestische gitaar met minimale instrumentatie op een zeer sfeervolle wijze gebracht. Daarna volgt een op ware feiten gebaseerde romantische verhaal in het nummer “Dmitri’s Pocket Radio” waarin een viool de hoofdrol krijgt toebedeeld voor de muzikale omkadering. Dmitri was een Russische soldaat die op een dag een Engelstalig nummer op zijn transistorradiootje hoorde en besloot om te deserteren en naar dat beloofde land te trekken. In Engeland aangekomen werd hij echter opgesloten als politieke vluchteling en asielzoeker. Toen hij er verliefd werd op een meisje dacht hij dat hij mocht blijven als hij met haar trouwde maar hij werd teruggestuurd. Na een lange en verwoede strijd slaagde zijn vrouw er uiteindelijk in om hem terug naar Engeland te halen waar ze nu herenigd samen naar de romantische liedjes op dat oude transistorradiootje kunnen luisteren. “One Hell Of A Ride” is een typisch countrydeuntje met een ritmische melodie die rond het kampvuur het best tot zijn recht zal komen. David Ferrard is een storyteller van sociaal geëngageerde liedjes, niet direct een recht-voor-de-raap protestzanger maar hij blijkt toch duidelijk anti-oorlog geïnspireerd te zijn. Hij beschikt over een tenorstem die wel gemaakt lijkt te zijn voor deze folkmuziekstijl en die vocale capaciteiten etaleert hij ten volle in liedjes als “Hills Of Virginia” over het lijden van een soldaat in de Iraakse oorlog en “Visions Of Our Youth”. In het liedje “Take Me Out Waltzing Tonight” zingt hij over hoe getrouwde koppels dikwijls vergeten om elkaar nog de nodige aandacht binnen een relatie te geven. David Ferrard bezingt dus oorlogsverhalen op het slagveld maar ook de harde strijd die soms gevoerd wordt in hartsaangelegenheden. De meest emotionele song uit deze playlist is de cd-afsluiter. “Never Let Go” gaat over een man die alles verloren lijkt te hebben door het feit dat hij met AIDS besmet geraakte. Ferrard is een geëngageerde persoon en heeft dat willen duidelijk maken aan de buitenwereld door zijn productie van een verzamelalbum getiteld “Not In Our Name” met voornamelijk folkliedjes over de oorlogen in Irak en Afghanistan. Die cd kan besteld worden op de website van het Songs For Change-label. De debuutplaat “Broken Sky” van David Ferrard is met zijn betekenisvolle teksten op aangename luistermuziek alvast een welkome afwisseling in deze tijd van discobeats.
(valsam)


 

 

 

 

CONRAD WALZ AND THE WRECKING BALL
Website Myspace Contact
CD-Baby

 

In april van vorig jaar maakten we bij Rootstime voor het eerst kennis met de Canadese singer-songwriter Conrad Walz via zijn met positieve kritieken overladen debuutalbum “Millionaires Blues”. Deze all-round muzikant woont in Calgary, Alberta en beweert zelf muzikaal beïnvloed te zijn geworden door groepen als de Rolling Stones, Beatles, The Band en The Who en door collega singer-songwriters als Wilco, Tom Petty, Neil Young en Bob Dylan. Zelf schrijft hij dan ook vooral roots rock’n’rollsongs voor zijn platen. Er is zopas een opvolger gereleased voor die uitstekende debuutplaat onder de titel “Conrad Walz And The Wrecking Ball”. Daarop staan 13 volwaardige songs en een korte introsong die “Burning Out” heet. ‘Burn out’ is iets waar deze getalenteerde muzikant zeker nog geen last van heeft. In een periode volgend op een relatiebreuk pende hij swingende rocksongs bij elkaar die hij met zijn collega-muzikanten Jim Kukko (gitaren), Brian Sovereign (bas) en Stacey Petersen (drums) in de studio opnam en ons nu via deze nieuwe cd wil laten aanhoren. Links en rechts zijn er wel wat invloeden uit de blues en countrymuziek terug te vinden maar de overheersende sound is toch die van pure rock and roll. In een aantal songs worden ook wat meer emotionele momenten beschreven maar ook dat is eerder zeldzaam. “Good to Love You”, “Lover’s Eyes”, “Night Without Fire” en “Fading Away” zou je mits wat goede wil onder de noemer liefdesliedjes of eerder liefdesverdrietliedjes kunnen catalogiseren. Meestal gaan de nummers over minder belangrijke dingen uit het leven en is een catchy melodie de belangrijkste factor. “Don’t Mean Nothing”, “Dance Across Your Heart” en “While You’re Alive” hebben als voornaamste boodschap dat je maar best van het leven kan genieten in de korte tijd dat je op deze aardbol rond mag lopen. Samen met muzikale vriend Chris Finch wordt daarna een bluesgeïnspireerde song “Works For Me” gebracht, gevolgd door “You’re Right, Black Is White” met een behoorlijk cynische songtekst waarvan we vermoeden dat er revancherend verhaald wordt over het irritante gedrag van zijn ex-vriendin. In “Sunday’s Mother” toont Conrad Walz ons even zijn humoristische zijde. Soms doet zijn specifieke zangstijl me wat denken aan Tom Petty en George Harrison zoals in het gevoelig gebrachte “Fading Away”. Het toepasselijk getitelde “One More Song” sluit dit album mooi af waarna wij besluiten dat deze eerste plaat met zijn band ‘The Wrecking Ball’ toch behoorlijk verschilt van de muziek die hij ons op zijn vorige cd serveerde en ons een artiest in volle ontwikkeling toont. Conrad Walz is een bezige bij in de muziek want naast zijn solocarrière klust hij ook nog bij in twee andere groepjes zijnde ‘Swamp Donkey’ en ‘Wax Poets’ waarvan later dit jaar ook nog verse cd’s zullen gelanceerd worden.
(valsam)


 

 

 

 

 

 

ANDY FAIRWEATHER LOW
THE LOW RIDER - THE VERY BEST OF
Label: Proper Records Distr.: Rough Trade

 

 

Andy Fairweather Low is nu niet gelijk een pakkende naam die vele Rootstime lezers een belletje doet rinkelen, maar zijn huidige label, Proper Records, afficheert hem terecht als 'one of the UK's most charismatic and enduring musicians of the last 40 years'. Met zijn band Amen Corner scoorde hij in de jaren '60 diverse hits met onder meer "Gin House Blues" (67), "Bend Me Shape Me" (68), "High In The Sky" (68), de UK#1-song "(If Paradise Is) Half As Nice" (69) en "Hello Suzie" (69). De opvolger van Amen Corner werd de groep Fairweather waarmee hij met "Natural Sinner" een grote hit scoorde in 1970. In de jaren '70 had hij solosucces met onder meer de top 10-hits "Reggae Tune" (74) en "Wide Eyed And Legless" (75) en werd zijn album "La Booga Rooga" een megaseller. Hij werd met name hierna een veel gevraagd sessie- en live-muzikant en speelde hij werkelijk met de allergrootsten ter aarde o.a. Jeff Beck, Jimi Hendrix, Eric Clapton, David Crosby, Van Morrison, Richard Thompson, Bob Dylan, Jimmie Page, Roger Waters, George Harrison, The Who, Satriani, Bill Wyman’s Rhythm Kings. Voor het eerst sinds 26 jaar ("Mega-Shebang" dateert alweer van 1980) bracht Fairweather Low twee jaar geleden weer een soloplaat uit, "Sweet Soulful Music" (2006), perfect getiteld, want de hier geboden ritmische smeltkroes van blues, gospel en soul op singer/ songwriter-basis is nu eenmaal zijn specialisatie uit ervaring. Deze plaat staat vol met bluesy pareltjes, soms met een soulful randje als in "Ashes And Diamonds". Tevens laat Fairweather Low horen dat hij het schrijven van goede nummers nog steeds niet verleerd is, luister ook maar eens naar het gospel getinte "Hymn 4 My Soul" en het soulvolle "I Don't Need" op deze plaat. En schrijven kan hij: wijs zonder belerend, grappig zonder komisch en toch een paar etages onder de oppervlakte van de diepgang. Na beluistering van bovenvernoemde songs en terug te vinden op "The Very Best Of Andy Fairweather Low – The Low Rider" kunnen we alleen maar concluderen dat de meesterverzamelaars van Proper Records er wederom in zijn geslaagd om het onmogelijke te doen. "The Low Rider" geeft een prima overzicht van de carrière van Andy Fairweather en bevat vernieuwde versies van vele hoogtepunten uit zijn indrukwekkende loopbaan. Hierbij is een fraai evenwicht gevonden tussen zijn bekendste nummers en zijn meest gevraagde songs tijdens zijn optredens. Een betere kennismaking met het werk van deze invloedrijke singer-songwriter is er niet. De vele fans van Andy Fairweather Low's 'delightfully singing and finger picking' kunnen weer ruimschoots hun hart ophalen. Voor de fijnproevers!

TRACKS:
1. Bend Me Shape Me
2. Reggae Tune
3. Spider Jiving
4. Wide Eyed And Legless
5. Champagne Melody
6. La Booga Rooga
7. Hello Susie
8. Natural Sinner
9. Gin House Blues
10. (If Paradise Is) Half As Nice
11. Hymn 4 My Soul
12. I Don't Need
13. Ashes And Diamonds
14. When You're Smiling


 

MATT KOGER
THE COYOTE’S CALL
Website Myspace Contact
Label : Eigen Beheer
CD-Baby

 

 

In 2006 verscheen het debuutalbum “Blackland” van de Texaanse singer-songwriter Matt Koger. Die plaat leverde hem toen een finaleplaats op in de categorie ‘Rising Star’ van een Music Award in Texas. Twee jaar later is er een nieuwe plaat verschenen van deze artiest-hobbyist: “The Coyote’s Call” met 14 originele liedjes van zijn hand en met uit zijn dagelijkse leven opgepikte verhalen als songteksten. Dat vertellen van verhaaltjes komt op deze cd vooral aan bod in vier liedjes: “Blackland Reprise”, “El Coyote”, “Mobile Bay” en “The Pony Song”. Er is ook geen probleem om het wat luchtiger op te nemen in het grappige “The Poultry Judgement Day”. Maar het sterkst vinden we Matt Koger in de zachte ballads waarin het emotionele wat meer aan bod komen. Zo zijn de op pedal steel gebaseerde, klagerige countrysong “Ramblin’ Rose” en het aan zijn vrouw opgedragen nummer “Me&U” samen met “Songwriter’s Lament” onze favoriete songs op “The Coyote’s Call”. In het dagelijkse leven is Matt Koger een naar de vijftig op weg zijnde gehuwde huisarts met vier kinderen. Zijn allereerste gitaar kocht hij op latere leeftijd in 2001 en met vallen en opstaan leerde hij het instrument bespelen om er nadien songs mee beginnen te componeren. Zijn inspiratie zoekt hij in hetgeen er om hem heen gebeurt in het dagelijkse leven. Zo behouden de liedjes een authentiek karakter en kan hij zich heel vlotjes inleven bij het zingen van zijn songs voor een groter publiek. Hij hoeft geen compromissen te sluiten als het op zijn muziek en songteksten aankomt. Zelf zegt hij dat hij zich dat kan permitteren doordat hij niet moet leven van zijn muziek omwille van zijn dokterspraktijk. Hij zegt ook heel veel te danken te hebben aan de producer van zijn nieuwe plaat John Kent omdat die er in de studio in slaagt de juiste timbres en klankkleuren aan zijn liedjes mee te geven. De songstijl is gebaseerd op rock, country en folk die op Americana-wijze gebracht wordt. “Blackland Reprise” is zo’n rocksong in de stijl van Neil Young en Bob Dylan. Vocaal is Matt Koger geen echte hoogvlieger maar ook geen slechte zanger. Zijn stem typeert de meeste songs en is op zijn minst gezegd zeer herkenbaar. In de countrysong “Black-Eye Susan” worden de pedal steel en de fiddle van stal gehaald. We blijven nog even in de countrysfeer met het grappige “The Hangover Song”. En wij houden ook van het knap in elkaar geknutselde “Monday Morning Blues”. Dokter, dokter, zing nog eens een liedje voor me. Matt Koster zal het met veel plezier doen bij een consultatie in zijn praktijk.
(valsam)


 

 

SCOTT KEMPNER
SAVING GRACE
Website Myspace
Label: 2:59 Records Contact

 

 

Voordat singer-songwriter Scott Kempner in het begin van de jaren negentig wordt binnengehaald als de toekomst van de rock 'n roll, maakte hij een cd die slechts een klein publiek wist te bereiken, maar die wel zeer de moeite waard was. Kempner is bekend als gitarist van de fabuleuze Dicatators en natuurlijk als leider van de Del Lords een band waarin hij samen zat met Eric Ambel, bekend producer van o.a. Bottle Rockets. Met zijn tweede solo cd "Saving Grace", de opvolger van "Tenement Angels" uit 1992 raakt Kempner met zijn stadsrock altijd de randen van country, blues, gospel en soul. Op dit debuut maakt Kempner vooral door Springsteen geïnspireerde muziek. Muziek die Kempner overigens wel voorziet van een stevige rock 'n roll injectie. "Saving Grace" is weer een typische Kempner cd. Een cd met volop invloeden uit de rock 'n roll en natuurlijk het uit duizenden herkenbare stemgeluid van Kempner die zo uitgeblust klonk de laatste jaren, maar na zestien jaar het oude vuur gelukkig weer helemaal heeft teruggevonden. "Saving Grace", valt op door sterke songs en doorleefde zang, maar vooral door de gedrevenheid waarmee Kempner anno 2008 aan het werk is. De sterke opener "Beyond The Pale" laat horen dat Kempner moeiteloos balanceert op de grenzen van zachte rock, punk en pop. Kempner's rockerstembanden klinken doorleefd, eerlijk en rauw. Hier en daar doet hij wat aan het donkere werk van Lou Reed denken, maar misschien nog meer aan het nostalgische van Jack Nitzche's samenwerking met Mink DeVille, of de jaren tachtig rock van Springsteen. "Saving Grace" is een mooie plaat, die het vooral moet hebben van Kempner's imponerende stem en zielsroerselen. Het aanbod van de dertien songs op deze cd is misschien niet wereldschokkend, maar absoluut bovengemiddeld in het genre van deze stads-roots-rock. Voor zijn teksten grijpt de beste man door de band genomen naar het leven van alledag - inclusief al zijn onvolkomenheden. Hij schuwt dus ook zeker wat diepgaandere thema’s niet. "Saving Grace" is ook een afwisselende plaat, waarop Kempner gezellig grasduint in wat er aan Amerikaanse folkpoprock’n’roll voor handen is. Zwakke nummers zitten er niet tussen; opvallend zijn vooral de kalme schoonheden als de titeltrack met backingvocals van Dave Kincaid en de enige cover op deze plaat, het emotionele "I'll Give You Needles" van Tommy Womack. Maar luister ook naar de meer ruige rockers als het rockende "Baby's Room", de Stones-achtige riff-rocker "Stolen Kisses" en "Here Comes My Love" met een meer Link Wray gerichte gitaarsound. "Passion Red" is dan weer meer wat bluesy, waarmee Kempner wederom doet waar hij goed in is en dat kunnen we alleen maar toejuichen. "Saving Grace" laat een muzikant in hart en nieren horen. Een muzikant die misschien niet laat zien dat hij er nog verschrikkelijk veel plezier in heeft, maar dat wel degelijk laat horen. Scott Kempner wordt door velen dan ook gezien als één van dé coming men binnen het actuele Americana-wereldje. En op basis van zijn nieuwe cd "Saving Grace" lijkt ons dat terecht ook. Deze plaat moet je gewoon horen. Grote kans dat deze cd je vervolgens voorlopig niet meer los laat. Kortweg: Pittige rock wordt afgewisseld met ballads en melodieuze rockliedjes van hoog niveau.

 


 

 

SHANNON LYON
EL SOL
Website Myspace
Label: Busted Flat Records
VIDEO 1 VIDEO 2

 

De in Kitchener, Ontario geboren Shannon Lyon is een singer- songwriter die een flinke reputatie aan het opbouwen is. Na verscheidene jaren van het verdelen van zijn tijd tussen Canada en Europa, voornamelijk Nederland en Duitsland, verhuisde hij naar Berlijn. Bij onze Noorderburen kwam hij in contact met CRS, met wie dan ook een overeenkomst tekende voor zijn nieuwe album "El Sol". In diverse media werd hij al vergeleken met Neil Young, Nick Drake, Richard Buckner en Townes Van Zandt, om even aan te geven in welke hoek u Shannon Lyon moet zoeken. Zijn vorige cd's, "Wandered" (2002) en "Safe inside" (2006) werden door diezelfde media al omschreven als uitstekende Americana platen. "El Sol" werd in Canada opgenomen, en bevat elf intieme nummers, vooral akoestisch, met hier en daar schaarse backing van co-producer/keyboardspeler Chris Giesbrecht en gastvocalen van Sarah Hallman. Ze leggen daarbij een uitstekend fundament voor de stem en gitaar van Lyon. Sarah die een aantal nummers van bijzondere fraaie achtergrondvocalen voorziet past prachtig bij Lyon's zijn enigszins hese, emotierijke stem. Lyon schrijft daarnaast uitstekende, afwisselende, rustige folk en country gestoelde songs, liedjes waarmee hij de luisteraar direct in het hart treft. Hij is een soort troubadour, die vertelt over liefde, eenzaamheid en het zwervend bestaan, getuige songs als "Back In Town", "Get Over You" en "Telephone", songs die een bitterzoete reflectie zijn van de tijd die hij in de afgelopen jaren in andere delen van de wereld, waaronder Australië en Amsterdam, doorbracht. Lyon schreef 9 van de 11 nummers van "El Sol" zelf. De titelsong is van de hand van Mark Lanegan en "Same Old Walk" is een cover van een nummer van Paul Kelly. Met zijn "Safe Inside" album wist deze Canadese artiest twee jaar geleden ons enorm te verrassen. Een kunstje dat hij nu weet te herhalen met het minstens even fraaie "El Sol". Een plaat waarmee hij nog steeds in de voetsporen van illustere collega’s als Townes Van Zandt treedt. Het levert wederom een hele mooie plaat op. Een plaat die zich, net als zijn voorganger, wentelt in zijn muzikale omzwervingen. Waar "El Sol" het moet hebben van de eenvoud, horen we toch een stemmig en gevarieerd klankenpalet. Een klankenpalet dat fraai kleurt bij Lyon’s warme stem. "El Sol" is daarmee in ieder geval een hele verrassende plaat, maar het is ook nog eens een hele mooie.


 

 

MARC RIBLER
THIS LIFE
Website Myspace
Label : Mondo Melodies
CD-Baby

 

 

Het zal je maar overkomen dat één van je liedjes wordt geselecteerd als tune voor een promotiefilmpje van condooms. Dat gebeurde er nochtans met Marc Ribler wiens song “This Life” gedurende een paar jaren te horen was op radio en televisie als er geadverteerd werd voor Trojan-condooms. Na dat succes zong hij ook nog commercials in voor o.a. Office Depot, Danone Activia-yoghurt en voor V8. Marc Ribler is een New Yorkse gitarist, vocalist, producer en singer-songwriter. Die composities belanden niet enkel op zijn eigen albums want hij schrijft ook nummers voor andere bekende artiesten. Deze nieuwe cd “This Life” is nog maar pas de tweede plaat die onder zijn naam verschijnt. De eerste cd “Life Is But A Dream” stamt uit 2003 en werd nu ook opnieuw uitgebracht als “Life Is But A Dream …revisited” in het zog van het succes van die commercial-song “This Life”. Die oudere plaat is overigens gratis te downloaden op zijn website als je de nieuwe cd koopt. Marc Ribler heeft al op het podium gestaan met gevestigde namen als Roger McGuinn, Carole King en Jethro Tull’s Ian Anderson. Maar we zouden het nu dus vooral over zijn eigen nieuweling hebben. “This Life” bestaat uit 16 tracks, incl. een kort gezongen “Welcome” en een beleefde afsluiter “Thanks For Coming”. De veertien echte liedjes werden allemaal door Marc Ribler zelf geschreven en zijn stuk voor stuk knappe gitaar- of pianosongs die voorzien werden van mooi afgewerkte songteksten. Liedjes die thuishoren in de categorie pop en rock en allemaal als radiosongs door het leven kunnen gaan. ”The World We’ve Left Behind”, “This Life”, “Another Perfect Day” hebben allen hitpotentieel als ze maar in de juiste handen belanden bij de radio-programmators. Je kan deze cd eigenlijk probleemloos laten doorspelen want alle nummers hebben een specifiek profiel en worden hier in een coherent geheel aangeboden. Enkele ballads vallen daarbij toch op. Zo genieten wij vooral van “Bird In A Cage”, “Lost And Found” en de epische popballad “Runnin’ Out Of Pain”. Eind jaren negentig werd de muzikale loopbaan van Marc Ribler ernstig verstoord door een zware levensbedreigende ziekte die de wetenschappelijke naam ‘Ulcerative Colitis’ heeft en een afwijking is die veroorzaakt wordt door een combinatie van genetische problemen en een zwakke stressbestendigheid. Dat bracht hem 4 maanden in het ziekenhuis waar hij mits talloze bloedtransfusies terug te been werd gebracht en zijn muzikale loopbaan probleemvrij kon verder zetten. De debuut-cd was het eerste resultaat gevolgd door het commercial-succes en nu zijn nieuwe cd “This Life” waarin hij zijn levenservaringen van de voorbije jaren in songvorm wil presenteren. Vooraleer af te sluiten willen we toch nog even melden dat we ook de songs “Not Much Of Anything”, “All About You”, “True To Me” en “Story Road” zeer weten te appreciëren en dat we “This Life” als geheel een zeer verdienstelijke plaat vinden die gemaakt werd door een getalenteerde artiest.
(valsam)


 

 

 

JOEL RAFAEL
THIRTEEN STORIES
Website Info: Hemifran
Label : Inside Recordings
Distr.: Rough Trade Records

 

Eindelijk is hij er dan, het nieuwe album van folk muzikant Joel Rafael. Deze in Chicago geboren volgeling van Woody Guthrie was ook aanwezig op het tweede deel van het Pete Seeger tribuut album "If I Had A Song: The Songs Of Pete Seeger vol. 2". Na de eerder verschenen albums "Woodeye: Songs of Woody Guthrie" (2003) en "Woodyboye: Songs Of Woody Guthrie And Tales Worth Telling, Vol. 2" (2005) is het deze keer de beurt aan de opvolger die de titel "Thirteen Stories" meekreeg en waar we kunnen van zeggen dat dit weer een buitengewoon imponerende cd is. Op zijn voorgangers troffen we een hele reeks gastvocalisten als Arlo Guthrie, Jackson Browne, Jimmy LaFave, Jennifer Warnes en de Burns Sisters, maar ook zeer gewaardeerde muzikanten als Van Dyke Parks en Matt Cartsonis (o.a. Warren Zevon). Wat deze cd's dan ook heel bijzonder maakten was dat deze schijfjes dan ook alleen maar Guthrie- composities bevatten, hetgeen we nu niet meer van zijn nieuwste kunnen zeggen. Naast elf zelfgepende songs treffen we hier twee covers aan: "Rich Man’s War" uit Steve Earle’s album "The Revolution Starts Now" en de klassieker "I Ought to Know" van Jack Hardy. Rafael heeft zich alleen maar verder ontwikkeld en heeft inmiddels de allure van een gerespecteerd singer-songwriter; overigens zonder dat dit ten koste is gegaan van de originaliteit en de spontaniteit van zijn songs. Deze ontwikkeling uit zich vooral in het diverse karakter van "Thirteen Stories", want deze cd gaat werkelijk alle kanten op, zoals de titel ook aangeeft, dertien verhalen. Folk is nog altijd het belangrijkste ingrediënt van de muziek van Rafael, want dit nieuwe album bevat dan ook weer die prachtige folky composities. "Thirteen Stories" behoort dan bij de cd's die we zeker meenemen op vakantie. Klasse liedjes als het openende "This Is My Country" een protest song met een heerlijke vocale bijdrage van David Crosby en Graham Nash, de lovesong "Ball and Chain", en de eveneens reeds vermelde nummers, de protestsong "Rich Man's War" en het plezierige folk rockende "I Ought to Know" mogen wat ons betreft immers onmiddellijk worden gecategoriseerd onder de noemer "superieure Americana", songs die gewoon doen denken aan het betere werk van Tom Russell, Dave Alvin en Guy Clark. Onze voorkeur gaat echter meer naar zijn zelfgepende songs: "Promised Land", dewelke hij zelf omschrijft als "to hell and back song", de folk ballade "Wild Honey" en "Missing Pages", songs die aan het album een meer sociale rechtvaardigheid meegeven. "Thirteen Stories" is een indrukwekkende serie liedjes die meestal de zelfkant van de Amerikaanse samenleving als onderwerp hebben. Liedjes die vol gevoel worden gezongen en zo doorleefd klinken als goede folk moet klinken. Bijgestaan door prima muzikanten, bewijst deze troubadour dat hij een hele grote is, of zou moeten zijn. Dus 'grote kans' dat "Thirteen Stories" snel zal uitgroeien tot zijn beste cd.


 

 

ADAM RAVEN
GOODBYE CALIFORNIA
Website Contact
Label : Royal Records
CD-Baby

 

 

Adam Raven is een Amerikaanse singer-songwriter die zijn jeugdjaren doorbracht in Minnesota en er leerde gitaar spelen in de lokale bluesscène. Na een carrière als groepslid van een serie obscure schoolbandjes besloot hij om zijn geluk elders te gaan beproeven. Hij verhuisde naar San Francisco waar hij de groep The Dean Del Ray Band vervoegde als vervanger van David Immergluck die zich op zijn lidmaatschap van Counting Crows toespitste. Het was vooral de bluesmuziek die zijn aandacht bleef wegdragen en via een aantal omzwervingen in lokale bluesgroepen besloot hij om het eens solo te gaan proberen. Met de ep “Goodbye California” gooit Adam Raven het op de akoestische rocktoer en demonstreert hij zijn capaciteiten als zanger en liedjesschrijver. Het schijfje bevat acht nummers waarvan er drie de vijf minutengrens overschrijden. De eerste song op de plaat is de knappe titeltrack “Goodbye California”, een ijzersterke song die meteen vlot in het gehoor komt te liggen. Wij kunnen ons alvast niet van de indruk ontdoen dat we dit nummer al jarenlang kennen, zo vertrouwd klinkt dit. Adam Raven heeft een mooie stem om dergelijke ballads te brengen. Ook de muzikale keuzes die voor deze plaat gemaakt werden zijn niet als alledaags te omschrijven. De vol klinkende sound is een verademing voor de liefhebbers van stevige popmuziek. Zo gaat het er hard aan toe in het swingend rockende “It’s Been A Shame”. In “Hellhound” is het vooral de melodie die de song moet dragen maar ook hier scheuren de gitaren stevig door. “Something’s Goin’ On” is trager en incorporeert typische bluesgitaarspel. Als liefhebbers van melodieuze pop mag het geen wonder heten dat wij vooral houden van de country- en popballads “Been Down So Long” en “Losing My Faith”. Zeven van de acht nummers werden door Adam Raven geschreven en die ene cover is de bluessong “Killing Floor” die geschreven werd door Chester Burnett. Maar uiteindelijk moeten we toch stellen dat er volgens ons eigenlijk maar één song het potentieel heeft om de geschiedenisboeken der popmuziek te halen en dat is de titeltrack “Goodbye California”. De opvolger voor dit album zal ons moeten overtuigen van de langere houdbaarheidsdatum voor Adam Raven en zijn muziek. Tot dan krijgt hij van ons nog het klassieke voordeel van de twijfel.
(valsam)