ARCHIEF

JANUARI 2008 - FEBRUARI 2008 - MAART 2008 - APRIL 2008

MEI 2008 - JUNI 2008 - JULI 2008 - AUGUSTUS 2008 - SEPTEMBER 2008


EACH MONTH MORE THAN 100 REVIEWS FOR YOUR ROOTS LOVIN' EARS!


THE PERPETRATORS - LIVE AT THE HIGH & LONESOME CLUB

THE MOODY BLUES - LIVE AT THE ISLE OF WIGHT FESTIVAL

SHINER TWINS - SOUTHERN BELLES

PETE HERZOG - HOMESTYLE

GREG LASWELL - THREE FLIGHTS FROM ALTO NIDO

LUCINDA WILLIAMS - LITTLE HONEY

LINDSEY BUCKINGHAM - GIFT OF SCREWS

RON HACKER - WHITE TRASH BLUESMAN (BOEK) - MY SONGS

O’ DEATH - BROKEN HYMNS, LIMBS AND SKIN

HOBOTALK - ALONE AGAIN OR

 


 

 

 

 

THE PERPETRATORS
LIVE AT THE HIGH & LONESOME CLUB
Website Myspace Contact
VIDEO 1 VIDEO 2 VIDEO 3

 

The Perpetrators live, heerlijk, want dan zijn ze op hun best. Hun energieke rock en blues is inderdaad best te smaken in een of andere club, zoals volgende dinsdag 28 okt. in Verviers, in Spirit of ' 66 of zoals vorige zomer op het BRBF te Peer waar ze als één van de minder "grote" bands, hun plaats tussen de topacts claimden. Zonder meer waren ze in deze editie de act die het meest over de tongen ging, zowat de enige band waar ik niemand, maar dan ook niemand, kritiek hoorde op geven, iedereen ging voor de bijl voor hun mix van… ja van wat, zowat alles wat zorgt voor sfeer en opwinding: rock, surf, psychedelica, country, honky tonk en boogie, al blijft blues de basis met elementen van Hounddog Taylor en de Fat Possum bende, Burnside, T-model Ford. Teksten die vooral gaan over drank en vrouwen (Malt Liquor /Crack Whore Blues) en...euh, vrouwen en drank (She's Gone /Sixpack) moet kunnen! Op deze "A Night At Times Change(d)...High & Lonesome Club" (hun favoriete club, zowat hun tweede thuis) hoor je dan ook hoe ze langzaam maar zeker het publiek naar het kookpunt brengen. Ruig, wat slordig geluid, maar zo moet het bij deze band. Spilfiguur en gitarist/zanger van het trio Jason Nowicki, één van de beste gitaristen van Canada, weet op deze live cd, het prachtige geluid dat we hoorden in "Tow Truck", nu live op zijn ruigst nog wat te overtreffen. In "Off The Hook" de Stones cover hebben ze je al direct bij de kraag, het aanstekelijke ritme laat je niet meer los, ik kan me zo het dansende en headboppende publiek al bezig zien in mijn gedachten, want stil staan is er zeker niet bij tijdens een Perpetrators show. Het gaat in razend tempo verder in Baltimore, met heerlijke onverwachte tempowisselingen. Het energiek pompende "One Year Ago" of wat honky tonkin' country in "12.000 miles", de vlam gaat niet één keer flakkeren, maar brandt stevig verder. Howlin' Wolf's "Don't You Laugh At Me" is een ander hoogtepunt, de power die uit zo een cover naar boven komt, dat kunnen enkel de Perps. We kunnen natuurlijk blijven opsommen want het peil zakt geen seconde, maar hier zijn nog een paar hoogtepunten voor jullie, het trio songs waarmee deze live registratie afsluit, het eigen "Six Pack" en de ijzersterke coverversies van Hounddog Taylor's "She's Gone" en T-Model Ford's "She Asked Me". Nu we dit gehoord hebben zijn we weer helemaal in de mood for "some intense perpetration", dus vergeet het niet, je kan dit dinsdag live meemaken, meer details hieronder. Kijk gewoon even naar de videos en je zal er zijn. En wat meer is, we gaan de heren daar ook nog even aan de tand voelen, het verslag hierover binnenkort in onze "interview" rubriek.
(RON)

 

 

 

 

 

 

 

 

The Perpetrators and Big Dave McLean in Europe "No Shame Tour 2008"

Oct 28 2008 8:00P - Sprit of 66 - LIVE CD RELEASE with BIG DAVE MCLEAN - Verviers, B
Oct 29 2008 5:00P - PLATO RECORD STORE - INSTORE PROMOTION - Groningen, NL
Oct 29 2008 8:00P - Cafe Koster CD RELEASE with support BIG DAVE MCLEAN - Groningen, NL
Oct 30 2008 8:00P - Blues Cafe - LIVE CD RELEASE with BIG DAVE MCLEAN Apeldoorn, NL
Oct 31 2008 8:00P - The Bella Vista Halloween Party - Apeldoorn, NL
Nov 1 2008 8:00P - Witte Bal - LIVE CD RELEASE with BIG DAVE MCLEAN - Assen, NL

 


 

 

 

THE MOODY BLUES
LIVE AT THE ISLE OF WIGHT FESTIVAL
Website
Label: Eagle Records Distr.: Pias
VIDEO 1 VIDEO 2

 

The Moody Blues is een Britse psychedelische rockband uit Birmingham en vierde haar grootste successen eind jaren ’60 en jaren ’70 van de vorige eeuw. De groep wordt in 1964 opgericht en bestaat in de beginperiode uit Mike Pinder, Denny Laine, Clint Warwick, Ray Thomasen en Graeme Edge. In 1965 scoren ze een nummer 1 hit met "Go Now". Midden jaren ’60 was een keerpunt in de muzikale carrière van The Moody Blues. Als R&B groep bleef een echt succes uit. Twee leden (Denny Laine en Clint Warwick) verlieten in 1966 de groep en voor hen in de plaats kwamen Justin Hayward en John Lodge. De groep ging vervolgens werken aan een geheel nieuw geluid en aan eigen composities. Geen cover-liedjes meer maar songs die dichter bij hun eigen gevoel van muziek lag. Mede dankzij het gebruik van een mellotron (de voorloper op de synthesizer en toentertijd iets heel bijzonders) kwam de groep in 1967 met een spectaculaire nieuw album, genaamd "Days of Future Passed". Naast het gebruik van de mellotron en de fluit, was de intergratie van popmuziek en klassieke muziek ook een bijzonderheid. Ondanks de scepsis van enkele Decca managers, die de muziek niets vonden omdat je er niet op kon dansen, werd "Days of Future Past" het grootste succes van de groep tot dan toe. Van dit album kwam ook de grootste hit, "Nights In White Satin". Ook het nummer "Tuesday Afternoon" werd een hit. Beide nummers zijn geschreven door Justin Hayward. In die periode tot 1970 verschijnen er nog vier succesvolle albums: "In Search Of The Lost Child" (1968), "On The Treshold Of A Dream" (1969), "To Our Children’s Children’s Children" (1969) en "A Question Of Balance" (1970). En dat The Moody Blues tot de pioniers op het gebied van symfonische rock behoren kunnen we nu horen op "Live at the Isle of Wight Festival", waarvan de opnames dateren uit het jaar 1970, een livemuziekalbum dus waarbij Justin Hayward (zang en leadgitaar), Mike Pinder (keyboards en zang), John Lodge (bas en zang), Ray Thomas (fluit en zang) en Graeme Edge (drums en slagwerk) aantonen dat ze toen al bijna op de top van hun kunnen waren. De opnamen van dit concert op het eiland Wight komen nu voor het eerst uit als muziekalbum bij Eagle Records en laat horen waartoe men toentertijd in staat was, met name op het gebied van de mellotron, het muziekinstrument dat het regelmatig liet afweten. Op de affiche stonden ook namen van grootheden als onder andere The Who, The Doors en Jimi Hendrix. Het festival is in totaal drie keer gehouden, maar wegens het hoge aantallen bezoekers, was dit festival in 1970 het laatste. "Go Now" stond niet op hun playlist daar ze met die bluesy beginperiode enigszins hadden gebroken. Maar klassiekers als "Nights In White Satin", "Tuesday Afternoon" en "Question" passeren allemaal de revue, nummers die je ook zou verwachten. Hier en daar is er wel een valse noot te horen, maar algemeen genomen is de kwaliteit van de CD redelijk. "Live at the Isle of Wight Festival" verdient zeker een plekje in de muziekverzameling en is voor fans van The Moody Blues en Justin Hayward een grote aanrader. DVD van dit optreden zal waarschijnlijk in 2009 uitkomen.

Track Listing:
1. Gypsy
2. The sunset
3. Tuesday afternoon
4. Minstrel’s song
5. Never comes the day
6. Tortoise and hare
7. Question
8. Melancholy man
9. Are you sitting comfortably?
10. The dream
11. Have you heard (I en II)
12. Nights in white satin
13. Legend of a mind
14. Rise my see saw

Al veertig jaar lang zijn The Moody Blues een gevestigde waarde op podia in de hele wereld. Hun tijdloze muziek heeft al veel verschillende generaties fans kunnen bekoren sinds de jaren zestig. Tot hun oeuvre behoren enkele absolute klassiekers waaronder het onsterfelijke "Nights In White Satin". Ze verkochten wereldwijd al meer dan 55 miljoen albums. The Moody Blues – Justin Hayward, John Lodge en Graeme Edge – spreken nog steeds vele duizenden fans aan, generatie na generatie, jaar na jaar… The Moody Blues zijn te gast in Kursaal Oostende voor een eenmalig concert op dinsdag 28 oktober 2008.

 


 

SHINER TWINS
SOUTHERN BELLES
Website Contact
Label: Stagger Lee
Distr: Suburban
SOUTHERN BELLES COMMERCIAL
VIDEO 1 VIDEO 2 VIDEO 3

Twee jaar geleden was hun terecht spraakmakende debuut één van de cd's die ons gedurende een heel lange tijd het meeste luisterplezier bezorgde. Terecht, want met deze ijzersterke eersteling plaatsten zij zich met één klap in de eredivisie van de rootsmuziek, niet alleen in Nederland, maar zelfs veel Amerikaanse collega’s lieten ze daarbij het nazien. Hun Americana muziek met Southern roots brachten zij op "All In Store" met zo'n vakkennis en verve dat zij het voor deze "Southern Belles", de langverwachte opvolger, niet makkelijk zullen krijgen om die prestatie te evenaren, laat staan te overtreffen. Maar voor Richard (Van Bergen) en Jack (Hustinx) was dat natuurlijk dé uitdaging en ze wisten dat ze niets aan het toeval mochten overlaten. Ze speelden gedurende de laatste twee jaren zo veel mogelijk live en dat wierp zijn vruchten af. Ze klinken hechter dan ooit. Hun sound werd lichtjes agressiever en rockender dan vroeger, maar ze bleven hun Zuiderse Americana geluid trouw. Er is wat extra plaats gemaakt voor gospel, maar de sound die we op "All In Store" kregen is er terug, wees gerust. Die hemelse slide van Richard, die me bij bijna elke noot kippenvel weet te bezorgen, is er net als voorheen, net als Jack's voorliefde voor de straight ahead rockin' rhythms van Dave Edmunds en Kim Wilson en de songschrijvers kwaliteiten van beide heren. Voeg daarbij de vocale sterkte van deze tandem en je weet dat de dertien nieuwe songs die ze hier brengen, weer juweeltjes zijn geworden. De cd opent sterk met het gospelgeïnspireerde "Guide Me Lord", een song met een "hook" als een walvisharpoen, je zingt 'm de ganse dag als je 'm eens gehoord hebt. En dan is er nog die slide, Ry Cooder waardig. Klasse! De New Orleans grooves in "Chance For Romance" waarbij de ritme tandem van de jonge Hustinx (Jack's zoon Nicky) en Dick Wagensveld sterk bezig zijn, is een waardig tribute voor de Meters. "Best Days In Your Life" een song die Jack twee jaar geleden startte naar aanleiding van de problemen van een vriend, en die onlangs pas beëindigd werd nadat hij bijna exact dezelfde weg bleek te zijn gegaan, maar die hoop als gouden leiddraad heeft. "Better Believe" dan, een echte "worksong", Alan Lomax style, met hedendaagse tekst en een gospelsausje. Mooi gebracht, je kunt de ketens en hamers zo horen en de bewakers van de Chain gang kijken je zo te zeggen op de vingers. Bevrijdende, simpele recht voor de raapse rock dan na al die kommer en kwel, in “Ain’t Nobody”. Dave Edmunds meets Kim Wilson, rock on! "So Many Tears" volgt, een prachtsong, deze bluesy ballade over stil, verborgen verdriet…. If you have to cry, just cry! De rusteloosheid van menig muzikant, mooi beschreven door Jack in "Waiting For A Train" met de mooie mondharmonica van vijfde Twin: Gait Klein Kromhof, de stille kracht, een meester van het weglaten. Gait speelt ook een hoofdrol in "Love Is My Religion" een korte spontane en verstilde song, straight from the Delta. Niet gepland, impulsief, maar gelukkig toch op de cd terecht gekomen. Nog wat no nonsens rock daarna met "Every Little Once In A While", neen, geen song van rocker Jack, maar van Richard… surprise! Het sfeervolle "Take You All The Way" en vooral die typische Shiner song "Love Can Be Undone", een song over liefde die het allemaal zegt met weinig woorden, gezongen en geschreven door Jack, met een heerlijk accordeonnetje door Roel Spanjers. "Nothing In This World" heeft iets Thunderbirds achtigs, vooral in de intro, pure fun! In de afsluiter "Be Ready" proberen de heren wat gospel, een New Orleans street parade en Django Reinhardt in een hoedje te stoppen en het is ze nog gelukt ook, want wat er even later bovenkomt is een mooie natuurlijke mix geworden. Onnodig te zeggen dat we deze "Southern Belles" die lichtjes rauwer klinkt dan zijn voorganger zonder meer al op hetzelfde trapje zetten dan "All In Store", en na wat beluisteringen waarschijnlijk vlug nog ééntje hoger. De hoes met foto van de Amerikaanse topfotograaf Henry Horenstein uit zijn “Roadhouse” series is zeer toepasselijk, en natuurlijk zijn we hier ook zeer vereerd dat voor de binnenhoes gekozen werd voor werk van onze "huisfotograaf" Yvo Zels. Zijn foto vertoeft in goed gezelschap!
(RON)

(foto: Yvo Zels)

 

SHINER TWINS LIVE

Vrijdag 24 Oktober: BLUESPOTTING RADIO - MAASTRICHT FM (acoustic duo)
(interview en live-sessie: van 20.00 tot 22.00 uur online te beluisteren via deze link)
Zaterdag 25 Oktober: BLUES & ROOTS FESTIVAL - DE WITTE HOEVE - VENRAY (aanvang 21.30 uur)
Zondag 26 Oktober: CD-PRESENTATIE - CAFE WILHELMINA - EINDHOVEN - 16.30 uur
(met special guests Roel Spanjers en Gait Klein Kromhof)

Woensdag 29 Oktober: VPRO'S CANTINA op RADIO 6 - HILVERSUM (acoustic duo)
(interview en live-sessie: van 12.00 tot 14.00 uur live op Radio 6)
Woensdag 29 Oktober: CAFE DE TRAM - AMERONGEN (aanvang 21.00 uur)
(alléén toegang met kaarten gekocht in de voorverkoop via locomdata@tiscali.nl)

 


 

 

 

PETE HERZOG
HOMESTYLE
Website CDBaby

 

 

Een halfvolwassen tiener die zichzelf lapsteel en slidegitaar aanleert, ‘cool’ staat anders. Pete Herzog kwam tijdig tot dat besef en schakelde dan maar over op het reguliere meer ‘heavy’ gitaarwerk. Bluegrass, Delta blues, jug band, worksongs en zelfs de Hawaïaanse gitaarresonanties bleven hem echter intrigeren. En waar je voorliefde naar uitgaat duikt vroeg of laat toch opnieuw op tijdens je levensparcours. Tenminste wanneer men artiest genoeg is om vooral je eigen stijl uit te proberen en je eigen weg te volgen. Afgaande op dit Live album, opgenomen in de Hartkop Productions Studio temidden van vrienden, heeft Pete uit Oregon zijn Homestyle of ‘Back Porch’ stijl gevonden. Vroeger speelde hij in bandjes. Daarvan teruggekeerd sluit hij nu, decennia later, liever aan bij de oude countryblues, alsof hij zijn ‘Cold Wind Blues’ alvast naar warmere streken vooruitstuurt als levensteken dat de countrybluesgitaristen nog niet zijn uitgestorven. Al is Pete in de stad geboren toch verkiest hij het leven op het platteland waar hij met zijn bottleneck of met zijn oude ‘Kay arch top’ rustig op de veranda kan spelen, de finger picking en flat picking inoefenend. Het is die sfeer die als een verglijden van gemoedstoestanden de songs afwisselend bekoorlijk, weemoedig, dartel of laconiek maakt. ‘Pretty Mama Take Me Home’ is droefgeestig. ‘Jump On Blues’ is oppeppend. ‘We All Fall Down’ zit gekneld in pijnlijke treurnis. En steeds is er de resonerende weerklank van zijn gitaren die huid en ziel beroert. Pete heeft er een handje van weg om met zijn warme stem en vaardige gitaartechniek je mee te voeren naar zijn privé blueskoninkrijk. Op ‘Hanalei Farewell’ denk je dat Richard Thompson het even van hem overneemt, wanneer deze een ballade zingt. Idem op ‘Murphy’s Cabin’ met dat aanklampend smartgevoel. Tussen de achttien songs zijn er drie traditionals, die Pete eveneens een ‘Herzog’ verfje geeft. Vooral de ‘Last Kind Words’ van Geeshie Wiley wist hij te vervlechten met zijn eigen zielsroerselen. Pete’s verknochtheid aan zijn gitaar maakt dat deze a.h.w. een eigen leven gaat leiden als tweede zangmelodie. Eén van zijn instrumenten is een oude gitaar uit de jaren 1930 die hij opkalfaterde en waarin hij nog de stemmen vermoedt van alle vorige blueszangers die ooit deze gitaar hebben gestemd. Het karakteriseert intuïtieve Pete ten voeten uit als hij zegt dat hij soms de indruk heeft dat deze gitaar dus meer over de blues weet dan hijzelf. Dit is dan ook een van de redenen om dit album te koesteren, want muzikale bruggenbouwer Pete Herzog zingt en speelt resonerende blues waarin verleden en heden in elkaar overvloeien.
Marcie


 

 

 

GREG LASWELL
THREE FLIGHTS FROM ALTO NIDO
Website Myspace
Label : Vanguard Records
Distr. : Munich Records

 

Greg Laswell is een muzikant, audio-engineer en producer die afkomstig is uit San Diego, Californië. Omstreeks de eeuwwisseling was hij de frontman bij de obscure band ’Shillglen” maar na enkele jaren besloot hij om een solocarrière na te streven. Zijn eerste solo-cd “Good Movie” werd in 2005 opgevolgd door “Through Toledo” en begin dit jaar kregen we een ep-tje “How The Day Sounds” (zie cd-reviews mei 2008) als voorsmaakje voor zijn net verschenen derde plaat “Three Flights From Alto Nido”. Tijdens de voorbije lente hoorden wij echter zelf voor het eerst van Greg Laswell toen hij deel uitmaakte van een consortium van een vijftal singer-songwriters die samen met Tom McRae de wereld rondtoerden voor de ‘Hotel Café Tour’. Die show mochten we op 10 mei zelf aanschouwen in een uitverkochte Botanique (zie concertverslag op deze site). Wat dieper graafwerk informeerde ons dan ook nog dat hij al een tijdje een romantische relatie onderhield met de mooie Amerikaanse popster Mandy Moore. Dat en zijn opvallende performance bij het optreden in Brussel deed ons besluiten dat we met een uiterst getalenteerde toekomstige ster te maken hadden. Greg Laswell heeft uit zijn songrepertoire al meerdere liedjes mogen leveren aan bekende tv-series zoals ‘Grey’s Anatomy’, ‘One Tree Hill’ en ‘Smallville’ en hij toerde live ook al met o.a. Matt Costa en The Jayhawks. Maar we zullen het nu best even over die nieuwe plaat hebben, bestaande uit 11 zelfgecomponeerde liedjes. Er is ook een hidden track: een akoestische versie van de eerder op deze cd met uitgebreid orkest gespeelde song en hitsingle “That It Moves”. Enkel “Days Go On” stond ook al op de bovenvermelde ep. Geënt op piano of akoestische gitaar brengt Greg Laswell sterke en zeer melodieuze songs die een hoog maturiteitsniveau uitstralen. Af en toe doen de liedjes - net als zijn stem - me denken aan Chris Martin van Coldplay. Vooral in “How The Day Sounds”, “Days Go On”, “I’d Be Lying” en het ijzersterke “Not Out” gaat die vergelijking het best op. Die nummers starten in alle stilte om geleidelijk aan uit groeien tot epische werkstukjes zonder ook maar ergens te bombastisch te worden. Eerder monotoon voortkabbelende liedjes als “It’s Been A Year “, “The One I Love” en “Comes And Goes (In Waves)” vormen een welgekomen afwisseling tussen die andere tracks. “Three Flights From Alto Nido” is de cd die onze positieve verwachtingen omtrent Greg Laswell enkel maar komt bevestigen. Deze artiest mag met zijn geëtaleerd professionalisme een mooie toekomst tegemoet zien in de muziekscène. (valsam)


 

 

 

LUCINDA WILLIAMS
LITTLE HONEY
Website Myspace
Label: Lost Highway
Distr.: Universal Music Group

 

Lucinda Williams heeft me live en op plaat nog nooit teleurgesteld! En met haar nieuwste album "Little Money" gaat dit zeker niet veranderen, want mijn eerste evaluatie klinkt behoorlijk positief. In 1998 maakte Lucinda diepe indruk met haar meesterwerk "Car Wheels On A Gravel Road", en vervolgens heeft ze een rij sterke platen afgeleverd. Na het melancholieke "West" (2007), waarop verlies (het overlijden van haar moeder, het stuklopen van een relatie) het thema was, en waarop ze duidelijk meer de traditionele, vaak diepdroeve country- en Americanawegen bewandelde is het meer opgewekte "Little Honey" iets steviger en bij momenten meer rootsy. Die afwisseling tussen de "ruige" blues met de meer ballad achtige blues en country werkt wat mij betreft erg goed op deze plaat. Meer nog, op haar 55e bezit Williams meer lef en sex appeal dan menige jonge vrouw van amper de helft van haar jaren. Op "Little Honey" refereert ze voortdurend aan de nieuwe liefde die haar leven is binnengegleden. Ze heeft inderdaad de liefde gevonden bij haar manager en producer Tom Overby. Al in het slippende openingsnummer "Real love" giert ze fataal de bocht uit in een ode aan een man, een vrouw en een vette gitaar, ronduit adembenemend hoe dit nummer gelijk uit je speakers knalt. In de titeltrack, "Honey Bee", neemt ze geen blad voor de mond getuige de uitdagende "Now I’ve got your honey/all over my tummy!". Naast deze liefdes thema’s behandeld Lucinda ook andere thema’s zoals in "Little Rock Star" waar onze cowgirl zich ontfermt over artiesten die niet met hun plotseling vergaarde roem kunnen omgaan. Allemaal redelijk up-tempo en bluesy nummers waarmee ze deze plaat opent en steeds ondersteund door het heerlijk smerige gitaarspel van Doug Pettibone. Halfweg in het honkytonk-duet "Jailhouse Tears" doet ze echter te hard haar best om gastvocalist Elvis Costello de cel uit te knokken in plaats van hem te binden. Andere gastbijdragen zijn er van Matthew Sweet en Susana Hoffs die de meeste achtergrondvocalen voor hun rekening nemen. Er mag ook een eervolle vermelding gemaakt worden voor de 80 plusser, Charlie Louvin die samen met Jim Lauderdale de gastvocalen waarnemen in de countrysong "Well Well Well". Bovendien verzamelde onze heldin een bijzonder straffe band rond zich. Leden van ondermeer Eels en The Bangles nemen de muzikale partijen voor hun rekening. Op de tweede helft van de plaat gaat het tempo omlaag. Door de combinatie van Williams' lijzige southern drawl en het lage tempo wordt het dan minder toegankelijk, al zijn "If Wishes Were Horses", "Knowing" en "Heaven Blues" prachtige verstilde ballads. "Little Honey" heeft overeenkomsten met Lucinda’s hogervernoemde album "Car Wheels On A Gravel Road”. Ook in andere opzichten is het minstens even sterk. Er is veel afwisseling en toch blijft het een geheel met de nadruk op rustige country/blues met af en toe een lekker ruig uitstapje zoals in het afsluitende nummer, de AC/DC-cover "Long Way To The Top", waar Williams en consorten weer lekker vuil uithalen en wij hopen dat ze daar, aan die top, nog lang mag vertoeven.

 

Tracks:
# Real Love
# Circles and X's
# Tears of Joy
# Little Rock Star
# Honey Bee
# Well Well Well
# If Wishes Were Horses
# Jailhouse Tears
# Knowing
# Heaven Blues
# Rarity
# Plan to Marry
# It's a Long Way to the Top


 

 

 

LINDSEY BUCKINGHAM
GIFT OF SCREWS
Website Contact
Label : Reprise Records
Distr. : Warner Music

 

Als gitarist bij de legendarische popformatie Fleetwood Mac kennen we de nu 59-jarige Lindsey Buckingham als een artiest die met zijn muzikale privé-uitstapjes resoluut kiest voor de meer commerciële popsound. Zopas heeft hij met het album” Gift Of Screws” zijn vijfde soloplaat uitgebracht. De opvolger van de voornamelijk akoestische voorganger “Under The Skin” uit 2006 werd een totaal andere conceptplaat. Er staan tien zelfgecomponeerde songs op deze cd en de typische Fleetwood Mac-sound is duidelijk herkenbaar aanwezig in zowat elk nummer. Vooral cd-opener “Great Day” zou ook op een plaat van de groep hebben kunnen staan. Voor “Gift Of Screws” heeft Lindsey Buckingham twee liedjes in een co-productie met Rob Cavallo - bekend van zijn werk met My Chemical Romance en Green Day - opgenomen. Buckingham is een meester-virtuoos op gitaar en experimenteert steeds opnieuw met klanken die hij op onnavolgbare wijze uit die zes snaren weet te creëren. Een schoolvoorbeeld hiervan is het etherische nummer “Time Precious Time”. Hoogtepunt van deze plaat is de eerste single “Did You Miss Me” dat van begin tot einde Fleetwood Mac uitstraalt en de originele seventies- en eightiessound uitademt. De samenwerking met zijn langdurige collega’s en vrienden John McVie (bas) en Mick Fleetwood (drums) als ritmesectie op enkele nummers zal daar ook niet vreemd aan zijn. Een paar liedjes dateren al van midden jaren negentig toen ze op de songlist voor de toenmalige Fleetwood Mac-cd “Say You Will” voor kwamen maar deze plaat net niet haalden. Lindsey Buckingham heeft de songs wat geactualiseerd en aangepast waardoor ze geschikt werden bevonden voor zijn nieuwste soloplaat, die in vergelijking met “Under the Skin” veel meer rockklanken vertoont. Op deze cd speelt hij eigenhandig zowat alle instrumenten op een paar hierboven vermelde uitzonderingen na. Als schrijver van klassiekers als “Go Your Own Way”, “Big Love” en “Trouble” toont hij dat hij het vakmanschap als songsmid nog niet verleerd is, o.a. in songs als “Love Runs Deeper”, “The Right Place To Fade” en de erg mooie cd-afsluiter “Treason”. Lindsey Buckingham gaat binnenkort op wereldtournee ter promotie van “Gift Of Screws” en er is ook sprake van een (zoveelste) reünietournee met Fleetwood Mac in 2009. De mannen van de groep speelden voor deze cd alweer in harmonie samen. Nu de nukkige vrouwtjes en ex-echtgenotes Stevie Nicks en Christine McVie nog proberen te overtuigen en de fans hebben weer iets om naar uit te kijken.
(valsam)


 

 

 

RON HACKER
WHITE TRASH BLUESMAN (BOEK)
MY SONGS
Website Myspace
VIDEO 1 VIDEO 2 VIDEO 3

 

"White Trash Bluesman" is een vlot lezend bluesboek, de memoires van een prima slide gitarist die ondertussen reeds acht cd's uitgebracht heeft, waarvan we er een viertal in ons bezit hebben natuurlijk. Hij leerde het vak van Yank Rachell, de rechterhand en vriend van Sleepy John Estes. Via acteur Peter Coyote raakte hij aan zijn eerste optredens en wat later richtte hij zijn eigen band op, The Hacksaws, waarmee hij States afreisde en later ook intensief Europese festivals aandeed. In 2006 werd hij ook gevraagd door Tom Waits om op zijn laatste cd "Orhans" wat slide bijdragen te doen. Op 1 januari 2007 echter, was het dan bijna de fatale dag voor hem, enkele uren voordien speelde hij het oudejaarsconcert in Minneapolis in Famous Dave's (tevens de opnames voor de live cd "Mr Bad Boy"), toen hij na het optreden naar het toilet ging kreeg hij daar een hartaanval, en stierf bijna op dezelfde wijze als Elvis. Hij was drieënzestig op dat moment. Gelukkig kon men hem reanimeren en enkele maanden geleden gaf hij daar opnieuw een wervelende show weg. Voor wie Ron nog niet moest kennen, hij maakt muziek die wat in het verlengde ligt van wat George Thorogood en Jim Suhler doen. Energiek boegiënde slideblues dus. Het boek dat een biografisch verhaal is van zijn leven en carrière, vol ruige, grappige en droevige anekdotes en is zeker niet geschikt voor minderjarigen of zij die gevoelig van aard zijn. Het verhaal van zijn totaal foute opvoeding, jeugdcriminaliteit, de 12 stielen, dertien ongelukken routine. Vanaf zijn geboorteplaats Indianapolis, via Duitsland, Florida, San Fransisco en terug naar zijn geboorteplaats gaat het verhaal van zijn leven via ups en downs. Wat ons natuurlijk als muzieksite zeker zoveel interesseert is de bijgevoegde cd, "My Songs" die de vermelding "These are some of the keepers in my twenty years of writing blues songs" draagt. En dat blijkt het ook te zijn een 'best of' die chronologisch in 1988 begint en eindigt met een opname uit 2007. Dertien heel sterke songs krijg je te beluisteren, beginnend met "I Do Not Dance With Short Girls", een song die twintig jaar geleden heel lang tot mijn meest gedraaide nummers behoorde, maar deze 'best of' bevat natuurlijk nog meer juweeltjes, zo is er ook nog "Hear Me Sing Like Elmore James" het prachtige "I Got Tattood", het erg als Thorogood klinkende "Diddley Widdley", natuurlijk met Bo’s ritme. Het nieuwste nummer op deze bloemlezing "Whatch What You Say" is een rechtstreekse aanval op Bush (video3). We kunnen blijven songs opnoemen, maar wees verzekerd, deze cd staat boordevol met enkel echt sterke bluesnummers, zeker voor hen, die net als mij houden van slidegitaren. De dokter die deze jongen reanimeerde verdient een vermelding in de blues hall of fame, want we hopen dat hij ons nog lang van deze prachtige muziek laat genieten. Well done, naamgenoot!
(RON)


 

O’ DEATH
BROKEN HYMNS, LIMBS AND SKIN
Website Myspace Contact
Label : City Slang Distr. : V2 Music

 

Veertien liedjes waarvan er vijf korter dan 2 minuten duren en een hele cd die net 39 minuten muziek oplevert is iets waar we principieel iets op tegen hebben. Natuurlijk mag je dit niet op een zwart-witte wijze benaderen, maar als consument en koper van cd’s verwacht de liefhebber toch iets meer waar voor zijn geld te krijgen. De in 2003 opgerichte Amerikaanse punk-folk-indie-countryband O’Death uit New York slaagt er in om dit werkstuk af te leveren met hun recentste cd “Broken Hymns, Limbs And Skin”. De groep rond zanger Greg Jamie verraste ons eind 2006 op aangename wijze met hun debuutplaat “Head Home” die vol stond met traditionele Amerikaanse folkliedjes waaraan ze een punkerige toets toevoegden. Hierdoor kon je op zijn minst stellen dat O’Death opviel tussen het grote muzikale aanbod dat wij wekelijks in de bus krijgen. Op de nieuwe plaat wordt af en toe afgeweken van de traditionele sound van de groep. Zo bevat de song “Legs To Sin” heel wat elementen uit de bluegrass en is “Mountain Shifts” een ruwe countrybolster die eens open tot volle uitbarsting komt en een zigeunersound in grungestijl met Pogues & Pixies-achtig dronkemansgezang oplevert. Het vioolspel van Bob Pycior probeert aan de meeste songs nog een redelijk melodieus geluid mee te geven. En het onconventionele drumwerk van David Rogers-Berry is ook een opvallend gegeven voor de typische stijl van de groep. Maar het is vooral de rauwe stem van Greg Jamie die de sound van O’Death bepaalt. Producer Alex Newport die we kennen van zijn voortreffelijke productiewerk met ‘Two Gallants’ heeft het ongepolijste live zang- en muziekwerk van de groep onaangeroerd gelaten en dat komt de authenticiteit natuurlijk ten goede. Er zit ook een diepmenselijk kantje aan de song “A Light That Does Not Dim” waarin verhaald wordt over wat een warme persoonlijkheid en goed mens Eliza Sudol wel was. Zij was de verloofde van drummer David Rogers-Berry en stierf geheel onverwacht in november 2007, waarna de groep hun geplande Europese tournee onmiddellijk afgelaste en we dus nog steeds op een doortocht van O’Death op ons continent moeten wachten. Verder op deze plaat komt er wat meer rust in enkele nummers. Zo vinden wij “Home“ een liedje met knap zigeunervioolspel, het instrumentale “Leininger” hoogst genietbaar en het vlot in het gehoor liggende en zelfs hitgevoelige “Angeline” een behoorlijk uitgewerkte song. Anderzijds is “Crawl Through Snow” een song die gemakkelijk kan wedijveren met nummers zoals we die kennen van bands als ‘The Decemberists’ en ‘Arcade Fire’. O’Death zijn rockende cowboys op speed en we vermoeden dat de Amerikaanse alcoholproducenten wat blij zijn dat de groep zo’n 100 optredens per jaar afwerkt voor dikwijls uitverkochte zalen. De omzet die daar gemaakt wordt zal de jaarbalansen van die firma’s positieve credit ratings van de banken opleveren. Ongeorganiseerde herrie, nu op cd.
(valsam)


 

 

 

HOBOTALK
ALONE AGAIN OR
Website Myspace
Label : Glitterhouse Records
Distr.: Munich Records
VIDEO 1 VIDEO 2 VIDEO 3

 

Hobotalk, ofwel de Schotse singer-songwriter Marc Pilley charmeert met zachtmoedige, grotendeels akoestisch ingeblikte songs die beurtelings herinneren aan vader en zoon Buckley, Tim Hardin, David Crosby, Neil Young, Nick Drake, Leonard Cohen, Gram Parsons, James Taylor en Jimmy Webb. De goede verstaander weet zodoende genoeg: een prettig gevoel van weemoedigheid overheerst inderdaad vrijwel constant in de voortdurend tussen pop, folk en hier en daar zelfs even Americana twijfelende, bijna schoorvoetend in je onderbewustzijn binnen sijpelende liedjes. In 2000 verscheen hun eerste cd "Beauty In Madness" vol prachtige folk-pop songs en de opvolgers "Notes On Sunset" (2005) en "Homesick For Nowhere" 2007, beide uitgebracht op Glitterhouse waren opnieuw voltreffers. De verwachting is niet dat Hobotalk groot zal worden, maar toch kan de band bogen op deze drie hartverscheurend mooie platen. "Alone Again Or" is derhalve allesbehalve een product dat je uit het veelal killige Schotland verwacht, want Pilley zoekt deze keer namelijk het experiment op door rauwe en dwarse elektrische gitaren op te nemen in zijn sound van piano, orgel en omfloerste stem. De cd is verdeeld in twee kanten, namelijk "The Electric Night", de naam zegt het al, en "The Acoustic Morn", waarin we de kenmerkende verstilling weer tegenkomen. Hobotalk maakt net als op hun vorige cd's op deze "The Acoustic Morn" wederom buitengewoon knap in elkaar zittende akoestische songs. Vanaf het zesde nummer "All We Know", horen we weer het vertrouwde Hobotalk met liedjes die de ene keer ingetogen zijn en de andere keer iets meer uitbundig. Liedjes die met gemak dertig jaar geleden gemaakt hadden kunnen zijn en waarvan je hoopt dat ze over dertig jaar nog steeds worden gemaakt. Muziek die opvalt door zijn eenvoud en zijn schoonheid. De eerste vijf songs behoren tot de "The Electric Night" kant en zijn meteen een aangename verrassing aan hun reeds interessant oeuvre. Na het radiovriendelijke "Mother Creation Cries", laat "Love Is Hard To Do" meer horen dat Pilley in zijn jeugd goed heeft geluisterd naar Dylan, Springsteen en Simon & Garfunkel. Hammondorgel en de nodige gitaar-riffs maken van "Rise" een zeer aangename song, om deze A-kant af te sluiten met het Jimi Hendrix getinte "Hobo Chang Ha" en het psychedelische "White Rabbits In The Snow". Deze songs maken van "Alone Again Or", weer een heerlijk gevarieerde cd, waarop Pilley en co ons weten te verrassen en te vermaken. De volgende zeven songs, de B-kant, zijn zeer kenmerkend voor deze band: sfeervolle ingetogen nummers voorzien van subtiele, vrijwel akoestische, begeleiding met intelligente teksten. Het is in feite een cd waar we eigenlijk niet al te veel woorden aan vuil zouden moeten maken, want iedere keer dat je hem hoort klinkt hij weer anders en bovendien is de muziek van deze Schotten zo divers dat het toch nauwelijks te omschrijven is. "Alone Again Or", twaalf nummers in krap 35 minuten, komt over als een overgangsalbum, maar iedereen die de vorige platen van de band kent weet al lang genoeg. Iedereen die ze niet kent mist steeds meer.


Tracklist:
1.Mother Creation Cries
2.Love Is Hard To Do
3.Rise
4.Hobo Chang Ha
5.White Rabbits In The Snow
6. All We Know
7.Naked In The Afternoon
8.Under The Spell Of Love
9.Bring Down The Moon
10.Round And Round
11.If I Make The Mornin
12.Until The End