ARCHIEF

JANUARI 2008 - FEBRUARI 2008 - MAART 2008 - APRIL 2008

MEI 2008 - JUNI 2008 - JULI 2008 - AUGUSTUS 2008 - SEPTEMBER 2008


EACH MONTH MORE THAN 100 REVIEWS FOR YOUR ROOTS LOVIN' EARS!


JAMES MCMURTRY - JUST US KIDS

CELILO - BUSH PILOT (EP)

LAURA VECCHIONE - GIRL IN THE BAND

RAIN PERRY - CINDERBLOCK BOOKSHELVES

BOB DYLAN - TELL TALE SIGNS - RARE AND UNRELEASED 1989 - 2006

JON RONIGER - CHARMED LIFE

MARK ERELLI - DELIVERED

THE MIGHTY ORQ - TO THE BONE

THE REDWALLS - UNIVERSAL BLUES

MATT ANDERSEN - SOMETHING IN BETWEEN


 

 

 

 

JAMES MCMURTRY
JUST US KIDS
Website
Label: Lightning Rod Records/ Blue Rose Records
Distr: Sonic Rendezvous

 

Toen James McMurtry als zevenjarig jochie z'n eerste gitaar kreeg had Bob Dylan al een van de boeiendste hoofdstukken van de rock-'n-roll geschreven. Een paar jaar eerder was Dylan elektrisch gegaan. Op dat spoor van Dylan’s "Like A Rolling Stone" zou McMurtry consequent doorgaan toen hij twintig jaar na die eerste gitaar eindelijk zijn eerste album mocht opnemen. McMurtry is een singer-songwriter met een karakteristieke stem, erg nasaal en niet de meest sterke. Op zijn laatste album "Just Us Kids", opgenomen in zijn favoriete verblijfplaats, Austin in Texas, staat hij echter zijn mannetje. Bijgestaan door zijn vaste vakkundige begeleiders Ronnie Johnson (bas), Daren Hess (drums) en een aantal fabuleuze pianosolo’s van oudgediende Ian McLagan, schotelt hij sompige countryrock voor, vrijwel altijd midtempo, dreigend, altijd uitgerekt, naturel en neigend naar roots en blues. Die aan Dylan ontleende stijl is McMurtry inmiddels al negen albums trouw, met als hoogtepunten "It Had To Happen" (1997) en het energieke live-album "Live in Aught-Three" (2004). Op zijn nieuwe plaat staan nu eens geen ingewikkelde arrangementen, maar goed in het gehoor liggende twang met teksten die zich voor de afwisseling eens niet in poëtische of cryptische bochten wringen, maar die ons vertellen waar het op staat - dat is de countryrock die ik graag mag horen. Ook op "Just Us Kids" blijft hij koersvast, dus wederom een instant-klassieker. Muzikale experimentjes zijn niet meer dan variaties op een onverwoestbaar thema. Met het van z'n literaire vader Larry geërfde talent voegt James als gebruikelijk ook het uiteindelijk belangrijkste element van Bob Dylan's werk toe: bijtende teksten, waarin onder titels als "God Bless America" en "Cheney's Toys" genadeloos wordt afgerekend met het hedendaags Amerika. Niets minder dan twaalf prachtige songs staan op deze cd. Ach, het voegt allemaal nauwelijks iets toe aan het oeuvre van McMurtry, maar toch is "Just Us Kids", typisch zo'n plaat die je op ieder willekeurig moment kan draaien. Zoals gewoonte nam McMurtry hier ook zelf de honneurs van producer waar. En, eerlijk is eerlijk, hij heeft zich meer dan behoorlijk van die taak gekweten. Op "Just Us Kids", in de VS uitgebracht op het piepkleine onafhankelijke label Lightning Rod Records, doet hij geen enkele commerciële concessie. In muzikaal opzicht is deze plaat veruit het ruigste wat hij tot nu toe heeft geproduceerd. Zo zit de uitgestrektheid in de song "Hurricane Party", het falen van de regering-Bush bij het bestrijden van de ramp die het gevolg was van de orkaan Katrina, dit nummer bijvoorbeeld als gegoten. Andere uitschieters zijn de rockende openingstrack "Bayou Tortous", met een vinnig rock & roll gitaartje, het jazzy instrumentale "Brief Intermission" en het rootsy "Fire Line Road" met de huilende gitaar van Jon Dee Graham, een song die aan het latere werk van Johhny Cash doet denken. En dan vielen wij tenslotte ook nog voor het eerder vernoemde "God Bless America", met als subtitel "Pat MacDonald Must Die", de sociale bekommerheid van McMurtry, héél straf dus! Sterke plaat trouwens in haar geheel van een grote meneer, die eindelijk z’n juiste draai lijkt te hebben gevonden. "Just Us Kids" is een briljante plaat die geen enkele rootsliefhebber over het hoofd mag zien.

James McMurtry - Eerste Europese tour - Januari 2009

27 jan: Amsterdam NL, Paradiso
28 jan: Den Haag NL, Paard van Troje
29 jan: Den Bosch NL, W2
30 jan: Diksmuide Belgium, Club 4AD


 

 

 

CELILO
BUSH PILOT (EP)
Website Myspace Contact CD-Baby

 

Met “Ricochet” uit 2005, “Homesweet And Leery” uit 2006 en “The Man Who Owns The Sand” uit 2007 al op hun palmares moet ik vooraan in deze recensie eerst toegeven dat ik zelf nog niet eerder van Celilo gehoord had. Tot ik al googlend kon achterhalen dat onze eigenste Freddy deze jongens in 2005 al een veelbelovende toekomst toebedeelde in zijn bespreking van het album “Ricochet”. En dat Freddy een goede neus heeft voor talent wordt voor de volle 100% bevestigd bij de beluistering van de vierde plaat van Celilo, een ep-tje genaamd “ Bush Pilot”. Toch is dit geen echte ep in de ware betekenis van het woord want dit schijfje bevat elf tracks waaronder vier live-songs en een bonustrack. De groep rond zanger en liedjesschrijver Sloan Martin stamt uit Portland, Oregon. Enkele jaren geleden kwam hij achter zijn tot op dan bespeelde drumstel vandaan om een gitaar ter hand te nemen en er liedjes op te componeren. Mijn eerste indruk bij beluistering van deze cd was dat er toch wel heel wat vergelijkingspunten terug te vinden zijn met de momenteel zeer populaire sound van bands als ‘My Morning Jacket’ en ‘Band Of Horses’. Ook Sloan Martin’s stem leunt aan bij die van Jim James (MMJ) en die van Benjamin Bridwell (BOH). De rootspopsound van Celilo is voornamelijk dromerig en donker van opbouw. Soms lijkt het of alle miserie in de wereld op de rug van de band is neergedaald zoals in de nummers “Pink Sofa” en “Pleistocene”. Qua songteksten denken we dat Celilo ook fans zijn van Ryan Adams en andere vertellers als Neil Young, Dolorean en Iron And Wine. Als liefhebber van dit alt.country genre kan deze plaat ondergetekende ten zeerste bekoren. Vooral liedjes als “Easter Lily”, “Bush Pilot” en “December Pills (red, white + blues)” gaan er bij ons in als zoete broodjes en laten het allerbeste vermoeden voor de nieuwste full-cd die er tegen eind van het jaar zit aan te komen. Van de vier bonustracks bekoort ons vooral “Hangover Song” dat ook op de nieuwste plaat van ‘Donna the Buffalo’ had kunnen staan. En ook de country-tearjerker “Back To The Sun” met prachtig pedal steelwerk is erg mooi. Celilo ontleende hun groepsnaam aan de oudste stad van Oregon die aan de oevers van de Columbia River gelegen is. Met de muziek die de groep ons op “Bush Pilot” biedt denken wij dat Celilo dit stadje echter snel zal ontgroeien tijdens hun verovering van de wereldpodia. Deze plaat was een zeer aangename verrassing en een ware ontdekking voor (valsam).


 

 

LAURA VECCHIONE
GIRL IN THE BAND
Website Myspace Contact CDBaby VIDEO
NEW SINGLE: "Tell 'Em About the Dream" inspired by Sen. Obama's campaign!!

 

Met een prachtige video van de sterke titelsong "Girl In The Band" van haar tweede cd (ook te zien hier) heeft ze onmiddellijk je aandacht vast, deze New Yorkse die momenteel in Boston woont. Haar stem is zo helder en diep en vol emotie, dat je verplicht bent tot luisteren zo gauw ze begint te zingen. Toen we twee jaar geleden als een van de eersten in Europa haar debuut, dat in Nashville opgenomen werd, toegestuurd kregen, waren we dadelijk getroffen door de kwaliteiten van "Deeper Waters". We waren er dan ook als de kippen bij om deze opvolger die op haar eigen Selkie label verscheen, te mogen beluisteren. Ze heeft ons allerminst ontgoocheld. Deze keer ging ze het dichter bij huis zoeken en nam ze de cd op in Boston, haar hometown. Met de hulp van topmuzikanten zoals Bonnie Raitt's gitarist, de getalenteerde George Marinelli en top mixer Jim Scott (Tom Ptty, Wilco, Dixie Chicks) leverde ze een kwalitatief topproduct af. Deze productie is verzorgd tot in de puntjes, en dat op alle vlakken. Sterke songs, prachtig uitgevoerd, en van een perfecte geluidskwaliteit. Als je de video en de foto's op de site bekijkt, merk je dadelijk, deze dame is enkel tevreden als het van perfecte kwaliteit is. Haar teksten zijn diep menselijk met een onderliggende boodschap van hoop en medeleven. Dit blijkt nog eens uit haar betrokkenheid met vele projecten voor een goed doel, iets wat bij haar debuut ook al zo was. Zo staan er op deze cd's twee New Orleans songs (toevallig onze favorieten) waarvan de opbrengst van de downloads naar Sweet Home New Orleans gaat, een project voor de heropbouw van Nola. Maar dit is slechts één van de vele liefdadigheidswerken. Een andere song werd gekozen voor een compilatie cd over Martin Luther King Jr. voor zijn Dream on project. Een goed mens dus, en een goede zangeres evenzeer. Zoals ik al zei is onze favoriete song op deze cd een Nola song "Indian Red", een a-cappela gebrachte bekende Mardi gras song waar, Laura het eigen geschreven " Fly Home Flag Boy" aan vastplakt. Een knappe funky New Orleans compositie waar de Neville Brothers fier zouden op zijn. Maar die is niet het enige moois op dit schijfje. "How We Choose to Hold" is als opener al dadelijk een schot in de roos. "Better Run", met Marinelli op zijn best en Laura's stem die zich op haar krachtigst toont. Het country getinte "Don't Come Creepin" met mooie dobrobijdragen van Wanda Vick, die ook in "Magnolia" voor het mooie weer zorgt. Heel ingetogen komt ze daarna over in "A Lover Is Forever" en in zulke songs komt de emotie pas helemaal aan de oppervlakte. Wat een pracht van een song! De titelsong zit wat in dezelfde sfeer, bekijk hem hierboven, en geniet tegelijkertijd van het vakmanshap van videomaker Ralph Modica. "The Girl In The Band" is een klein meesterwerkje. Schaf hem je maar aan, zou ik zeggen, maar nog even wachten, hij verschijnt pas binnen een weekje in de States. Ik zei toch dat we er vroeg bij waren, ook deze keer.
(RON)


 

 

 

RAIN PERRY
CINDERBLOCK BOOKSHELVES
Website Myspace Contact CD-Baby
Label : Precipitous Records

 

Een sterke stem doet het nog altijd in de muziek en dat is iets waarover de Californische Rain Perry absoluut beschikt. Als sinds haar debuutplaat “Balance” uit 1999 werd dit sterke punt duidelijk voor de buitenwereld. Haar recente cd “Cinderblock Bookshelves” is een schijfje publiciteit voor excellente countryfolkmuziek. Tom Russell - een andere grote naam in het genre die in 2003 haar mooie song “Yosemite” coverde - heeft deze zangeres al een hele tijd geleden ontdekt en steunt haar nu met volle kracht in de ontwikkeling van haar carrière. Haar songs vertrekken van een akoestische benadering en hier en daar worden wat extra instrumenten toegevoegd, meestal gespeeld door Mark Hallman die ook de producerstoel voor de opname van dit album mocht bezetten. Hij vergaarde roem via eerder productiewerk voor Ani DiFranco en Carole King. Enkele traditionele instrumenten als bouzouki, viool en mandoline geven enkele songs een speciale klankkleur. Maar het sterkste instrument op alle tracks is de mooie zangstem van Rain Perry zelf. Zij schreef ook de muziek en de teksten voor alle dertien cd-tracks. Naast de cd staat “Cinderblock Bookshelves” ook voor een breder multimediaproject met ook nog een boek en een éénakter toneelstuk. De cd begint met een hernieuwde versie van het liedje “Yosemite” over het prachtige Californische landschap waarmee Rain Perry vijf jaar geleden de ‘John Lennon Songwriting Contest’ won. Haar poëtische songteksten zijn niet zelden autobiografische reflecties op haar leven en de dingen die om haar heen gebeuren in de wereld. Ook haar problematische kindertijd en haar rol als moeder van twee dochters worden tot onderwerp voor de songs aangewend. Zo geeft ze zich helemaal bloot in de song “Girl In The Boy’s Room” en het gelijkaardige “Girl On The Side”. En in de titeltrack “Cinderblock Bookshelves” zingt ze over haar artistieke maar onverantwoordelijke vader die al op 27-jarige leeftijd overleed en over het moment dat ze in het ziekenhuis voorgoed afscheid neemt van haar pas overleden moeder. Er zijn op deze cd ook enkele bekende artiesten die hun vocale of muzikale ondersteuning verlenen aan een track. Zo zingt Victoria Williams mee op “Wild Child” en Sara Hickman op “Dear Dana” dat een open brief is aan de vrouw die haar vriendje van haar gestolen heeft. Eliza Gilkyson speelt zowel gastzangeres als onderwerp in het verhaal in de song “Eliza On The Car Tour” en de legendarische Kevin McCormick speelt bas op “There’s A Problem With The Dam”. Perla Batalla en Julie Christensen - die vroeger de backing vocals verzorgden voor Leonard Cohen en die toevallig net als Rain Perry in hetzelfde stadje Ojai wonen - springen op heel wat tracks bij. Even terug naar de liedjes op deze cd want er zijn nog enkele pareltjes te vermelden: “Patty”, “Airborne”, “Thank You” en de cd-afsluiter “Beautiful Tree”, songs die allemaal ontroerende en melancholische muzikale overpeinzingen zijn en voornamelijk akoestisch gebracht worden. In zijn genre is “Cinderblock Bookshelves” een absolute aanrader voor liefhebbers van eerlijke en emotionele songs, gebracht door een sterke zangeres.
(valsam)


 

 

BOB DYLAN
TELL TALE SIGNS - RARE AND UNRELEASED 1989 - 2006
Website Myspace
Label: Columbia Records / Legacy Recordings
Distr.: Sony BMG Music Entertainment

 

Zanger/dichter Bob Dylan is één van de belangrijkste artiesten aller tijden. De stem van een generatie, de man die rock volwassen maakte, meer dan vijfhonderd songs, bijna veertig platen in even zoveel jaren. Dylans songteksten en zeer eigen muziekopvatting hebben grote invloed gehad op de ontluiking van de popmuziek in de jaren zestig. De tekstuele vernieuwing was te danken aan Dylan's brede belangstelling voor de rijke tradities van het Amerikaanse lied, van folk en country/blues tot rock'n'roll en rockabilly, tot aan Keltische balladen, zelfs jazz, swing en Broadway. Over de kwaliteiten van de nummers van Bob Dylan hoeven we niet te discussiëren. Over de kwaliteit van de verschillende verzamelaars die in de loop der jaren verschenen zijn, lopen de meningen uiteen. De dubbelaar "Tell Tale Signs: The Bootleg Series Vol. 8 " wint het echter van de vorige releases uit deze serie want het werk op "Tell Tale Signs" beslaat Dylan's carrière van de afgelopen 20 jaar, met enkele outtakes van de opnames van "Oh Mercy" uit 1989 en opnames van eind jaren '90, toen Dylan zich met zijn grauwer geworden stem en met hulp van producer Daniel Lanois weer opnieuw uitvond op het prachtalbum "Time Out Of Mind". De outtakes van "Oh Mercy" waren grotendeels bij de fans al bekend (op een schitterende akoestische uitvoering van "Most Of The Time" na), maar de nummers die Dylan voor "Time Out Of Mind" heeft opgenomen zijn hier voor het eerst te horen. En daar zitten ware juweeltjes tussen als het ronkende "Dreamin’ Of You", de slepende blues van "Marchin’ To The City" en ruwe versies van "Mississippi" dat later op "Love & Theft" zou belanden. Ook staan er niet eerder uitgebrachte nummers op uit de periodes rond Dylan's laatste album "Modern Times" (2006), bepaald niet Dylan’s minste periode. Want erg fraai zijn wel de alternatieve versies van "Ain’t Talkin’" en "Someday Baby", maar ook de Robert Johnson-cover "32-20 Blues" is gewoonweg geweldig. "Tell Tale Signs" is dus het achtste deel in de geroemde Bootleg Series, met 27 nummers, veel studio-outtakes (vooral van "Oh Mercy" en "Time Out Of Mind"), maar ook live-opnames (o.a."The Girl From The Greenbriar Shore") en eerder - o.a. op soundtracks - uitgebrachte nummer, zoals "Cross The Green Mountain" en "Huck's Tune". Ook bevat de cd het duet "The Lonesome River" dat Dylan in 1998 opnam met Bluegrass-legende Ralph Stanley voor Stanley's album "Clinch Mountain country". Heer en meester Bob Dylan mag dan onderhand 67 jaar oud zijn, hij en uiteraard zijn platenmaatschappij gaan wel met hun tijd mee. Want Dylan's nieuwste cd was gedurende een week lang in z'n geheel op internet te beluisteren via een stream op de Amerikaanse National Public Radio. Het vorige, zevende deel was tegelijkertijd de soundtrack bij Martin Scorsese's film over de vroege jaren van Bob Dylan: "No Direction Home". Naar ieder deel van Dylan’s Bootleg Series wordt reikhalzend uitgekeken door de echte Dylan-fanaten. Dat geldt zeker voor dit achtste deel, dat u zich nu kan aanschaffen. Deze dubbel-cd geeft een uitstekend overzicht van de grootste singer-songwriter uit de vorige eeuw maar omvat nu outtakes, demo’s, live-opnamen en soundtrackwerk uit de periode 1989-2006.

Tracklist:
Disc 1
1. Mississippi [Unreleased, Time Out of Mind]
2. Most of the Time [Alternate Version, Oh Mercy]
3. Dignity [Piano Demo, Oh Mercy]
4. Someday Baby [Alternate Version, Modern Times]
5. Red River Shore [Unreleased, Time Out of Mind]
6. Tell Ol' Bill [Alternate Version, North Country Soundtrack]
7. Born In Time [Unreleased, Oh Mercy]
8. Can'T Wait [Alternate Version, Time Out of Mind]
9. Everything is Broken [Alternate Version, Oh Mercy]
10. Dreamin' of You [Unreleased, Time Out of Mind]
11. Huck'S Tune [From Lucky You Soundtrack]
12. Marchin' To the City [Unreleased, Time Out of Mind]
13. High Water (For Charley Patton) [Live, 2003]

Disc 2
1. Mississippi [Unreleased Version #2, Time Out of Mind]
2. 32-20 Blues [Unreleased, World Gone Wrong]
3. Series of Dreams [Unreleased, Oh Mercy]
4. God Knows [Unreleased, Oh Mercy]
5. Can'T Escape From You [Unreleased, December 2005]
6. Dignity [Unreleased, Oh Mercy]
7. Ring Them Bells [Live At the Supper Club, 1993]
8. Cocaine Blues [Live, 1997]
9. Ain'T Talkin' [Alternate Version, Modern Times]
10. The Girl On the Greenbriar Shore [Live, 1992]
11. Lonesome Day Blues [Live, 2002]
12. Miss the Mississippi [Unreleased, 1992]
13. The Lonesome River [With Ralph Stanley]
14. `Cross the Green Mountain [From Gods and Generals Soundtrack]


 

 

 

JON RONIGER
CHARMED LIFE
Website Myspace Contact CD-Baby

 

“The Way I Feel”, de eerste track op het album “Charmed Life” van de Amerikaanse zanger Jon Roniger, begint met een stevige drumbeat gevolgd door een gitaarriff en het melodieuze zangwerk van deze singer-songwriter. Daarmee is de toon gezet voor de gehele cd die overloopt van dromerige en krachtige popsongs over de liefde, het verlies van die liefde en de bijhorende hartenpijn, de hoop op beterschap en andere dingen des levens. Producer van “Charmed Life” is Robert Reynolds die wij al vele jaren kennen als lead gitarist bij de intussen ter ziele gegane countryrockformatie ‘The Mavericks’ rond zanger Raul Malo. Ook de andere muzikanten die hun bijdrage aan deze plaat afleverden zijn van goeden huize en speelden in een vorig leven mee met o.a. Roy Orbison, The Eagles en Counting Crows. Toch wel een knappe verzameling muziekspecialisten die Jon Roniger wist te verzamelen voor zijn derde cd. De liedjes zijn helemaal niet onder de noemer tranerig of droevig te klasseren want er zit in de meeste songs een stevige beat verwerkt. Daardoor zijn “Over And Over”, “Just A Shame”, “Only Human”, “Hard Enough”, “Falling Star” en de titeltrack “Charmed Life” eerlijke maar ook swingende en rockende liedjes geworden die vooral zeer radiovriendelijk zijn. Qua stem kan je Jon Roniger vergelijken met sterke vocalisten als Elliot Smith, John Cougar of Tom Petty. Ook de muziek zit in dezelfde categorie als die van beide laatste zangers. Vlotte Americana- en rockfolk-deuntjes met een catchy melodie en een ultramoderne sound. In enkele liedjes wordt het gas wat teruggenomen en zingt Jon Roniger akoestische en romantische ballads à la Radiohead in “Just A Shame” en in “Perfect Evening” dat we zelfs graag eens door Dylan zouden gezongen willen horen. Ook de akoestische cd-afsluiter en Ray Lamontagne lookalike “Can’t Wait To Get Home” gaat er bij ons in als een zeemzoet broodje. Voor de song “Believe” lijkt het alsof de koperinstrumenten van Stax Records even geleend werden voor de instrumentale ondersteuning. De lichtjes hese stem van Jon Roniger doet hier wel erg sterk denken aan John Cougar. Pedal steel country gespeeld door de legendarische Al Perkins vormt nadien de basis van “Magic Wand”. Na zijn vorige soloalbums “Addicted” uit 2004 en het akoestische “My World” is “Charmed Life” een totaal anders geconcipieerde plaat geworden en naar wij vermoeden is de sound van dit album het geluid waarmee Jon Roniger zijn verdere loopbaan zal gaan uitbouwen. Moderne, stevige en hitgevoelige pop en rocksongs doen het tegenwoordig erg goed in de zo al terugvallende cd-verkoop. Maar we voorspellen dat dit album toch behoorlijke verkoopcijfers zal kunnen voorleggen, zeker in Amerika dat gek is van deze muziekstijl.
(valsam)


 

 

MARK ERELLI
DELIVERED
Website Myspace
Label: Signature Sounds
Distr: Continental Records Munich Records
Info: Lotos Nile

 

Amper vierentwintig jaar oud gaf hij zijn eerste album uit . Tien jaar later volgt nu al zijn zevende. Al die jaren trok hij van concertzaal naar koffiehuis of club wat hem de eretitel opleverde van ‘hardest working man in folk business’. Ook als sideman/gitarist werd hij veel gevraagd en hij toerde o.m. met Lori McKenna. In totaal stond hij ongeveer duizend maal op een af ander podium waar hij zijn gevarieerde songs ten gehore bracht van rockabilly, over ballades, liefdes- en wiegeliedjes tot politiek gekruide songs. Singer-songwriter Erelli uit Massachusetts weet dus wat hij wil, al zijn er af en toe tegenstrijdige polen aan het werk. ‘Delivered’ begint met het eigentijds liefdeslied ‘Hope Dies Last’ als een introspectief rustpunt in deze te gekke wereld waarin zelfmoordterroristen en opeenvolgende rampen blijvend onrust zaaien. Andere songs zijn onstuimiger alsof Erelli gevangen zit in de slingerbeweging tussen een zich terug plooiende samenleving of sociale bewogenheid met alleen de hoop als reddingsboei. ‘Shadowland’ bijvoorbeeld is behoorlijk furieus, a.h.w. een vervolg op Bob Dylan’s ‘With God On Our Side’. Het instrumentale geheel van high-strung en elektrische gitaren, resonator en contrabas plaatst het zelfs in een driftiger toonaard. Vlak daarna komt dan het bedrieglijke zachte en klaaglijke ‘Volunteers’, met banjobegeleiding van Wes Corbett, waarin eveneens de waanzin van de oorlog wordt uitgebeeld maar dan vanuit het perspectief van een vrijwilliger National Guardsmen. Telkens gebruikt Erelli prangende of poëtische beeldtaal die de schildersziel in hem reveleert. Erelli zingt narratieve folky songs waarin het bluesgevoel sterk naar voor komt al is het dan geen blues. Vooral in ‘Five Beer Moon’ of het desperate ‘Not Alone’ met harmonica- en uitschreeuwende saxbegeleiding breekt dat ‘unheimlich’ gevoel versterkt door. En het slotnummer ‘Abraham’ met orgel komt over als een moderne hymne. Mark Erelli leunt echter aan bij de troubadourdichters die in afwisselend simpele of complexe bewoording een ganse gevoelswereld oproepen. Naast Erelli, zelf multi-instrumentalist, dragen andere muzikanten eveneens bij om dit album rijk en afwisselend te maken. Zack Hickman, hier ook producer - en bij Josh Ritter bassist en mandolinespeler -, bespeelt op zijn minst zes verschillende instrumenten. Liam Hurley geeft aan het zielsmooie ‘Delivered’ een mythisch oerdrum mee, waar ook Aoife O’Donovan’s ijle stem zich met de melodielijnen verstrengelt. Alsof in de maanloze nacht een onzichtbare engel met de twee bootjes meevaart en deze stilletjes zegent. Afgaande op al zijn vorige albums en zijn verleden kan je gissen dat Erelli toch weet dat muziek zijn oriëntatiepunt en gids zal blijven al heeft hij inmiddels een thuishaven met vrouw en kind. In zijn tijdloze songs lijkt hij immers te reiken naar wat achter de gezichtseinder valt, wat hij trouwens zelf toegeeft in zijn ‘Five Beer Moon’. Een nieuw album zal ongetwijfeld weer lukken, al word je het voorlopig niet moe om dit ‘Delivered’ album telkens opnieuw te beluisteren.
Marcie


 

 

 

 

THE MIGHTY ORQ
TO THE BONE
Website Myspace Contact
Label: Pepper Cake
Distr: ZYX
VIDEO

 

Het zwaardere werk. Mighty Orq is een Texaans rock trio dat zich begeeft op de rand van bluesrock en pop. Mighty Orq is de gitarist en zanger, Westside Johnny is de bassist en Matt Johnson de drummer. Hoewel ze zelf vertellen geinspireerd te zijn door de Arc Angels, de verderzetting van Stevie Ray Vaughan's Double Trouble met Doyle Bramhall !! en Charlie Sexton, klinken ze meer als Led Zeppelin, Cream en aanverwanten.Ze komen uit Houston en namen deze cd op in Dover, New Jersey.in vijf sessies van elk 16 uur nonstop. "Falling Down" opent de cd en is inderdaad wat Arc Angels geinspireerd, met hier en daar wat Govt Mule. Soms echter gaat het er ook wat rustiger aan toe zoals in "Rainy Day", een poging in de richting van artiesten als John Mayer. Prachtige song overigens, Mighty Orq is een sterke zanger, met een melodieuze, soepele stem die haaks staat op het ruige geluid van de band, maar er toch wonderwel in versmelt. Dan "Ho", geen uitroep maar gewoon slang voor ..., je weet wel, je hebt rappers genoeg bezig gehoord op MTV. Teksfragmenten als "You were always good on you knees" moeten alle twijfels wegnemen. Goed voor wat Billy Gibbons achtig gitaarwerk tevens. In "Set Me Free" en vooral "Hangin' On" nog meer Govt Mule /Zeppelin riffs, het power trio op zijn best. In "Blue Eyes" nemen ze echter onverwacht voluit gas terug, gaat het weer even in de John Mayer richting, en komt Mighty's stem weer voor volle 100% tot zijn recht. In "The Good Love", de meest bluesy song op de cd, is Govt Mule, (ik val in herhaling) weer heel inspirerend, met prima slide passages, die naar het schijnt in de live versies "over the top" gaan. In de afsluiter "Scars" blijft die slide prominent aanwezig, ditmaal naar eigen zeggen in de liner notes, geinspireerd door Louisiana's beste slidegitarist (en voor mij ver daarbuiten) Sonny Landreth. Een echte aanrader voor fans van Zeppelin, Cream en die andere hierboven vermelde jam band. Kwaliteit verzekerd.
(RON)


 

 

THE REDWALLS
UNIVERSAL BLUES
Website
Label: Fargo Records
Distr.: Munich Records
VIDEO 1 VIDEO 2 VIDEO 3

 

Geloof het of niet, maar veel bands zijn beïnvloed door een Engels jaren '60-bandje dat The Beatles heet. Ja echt! Niet alleen hebben vele bands de decennia erna gemeend hun nummers te moeten coveren, ook bestaan er tribute-bands die in Beatles-stijl liedjes maken. Verschillende karakteristieke Beatles-geluiden worden dan in de popliedjes geplaatst zodat je een complete popquiz kan vullen. Ook The Redwalls hebben erg goed naar dit legendarische bandje geluisterd. En met goed wordt hier ook goed bedoeld want het levert een fris album op. Feitelijk het debuutalbum van deze band dat Fargo nu na amper vijf jaar nogmaals uitgeeft. The Redwalls (voorheen The Pages) is een indie rockband uit Chicago, Illinois. De 4-koppige band is opgericht door de broers Logan Baren (vocals, gitaar) en Justin Baren (vocals, bas). De andere bandleden heten Andrew Langer (gitaar) en Rob Jensen (drums). Ze hebben 3 officiële albums "Universal Blues", "De Nova" en "The Redwalls". Deze retro act is dus grotendeels geïnsprireerd door The Beatles en doet ook denken aan Dylan of zelfs aan Oasis, met wie ze in 2005 en 2006 diverse malen de openings act deden van de "Don't Believe The Truth tour". Maar verwacht geen standaard 3-minute popsong want daar zijn The Redwalls weer nét iets te eigenwijs voor. Ook wordt er lekker ouderwets en losjes gejengeld zoals op de snel meezingbare songs, "Colorful Revolution" en "It's Alright". Knisperende Fendergitaren, koortjes, handclaps en een vuige rock ‘n’ roll-sound. Het kan niet op. The Redwalls zijn alshetware dé remedie tegen een winterdepressie. Driemaal daags "Universal Blues" in de speler en je vergeet bijna je jas aan te trekken als je naar buiten gaat. De heren hebben er werkelijk zin in. Vijf jaar geleden brachten ze dit debuutalbum uit en nu net heruitgebracht bij het Fargo label als de Beatles van nu! Feel good rock ‘n’ roll voor alle dagen.



 

 

 

 

 

 

MATT ANDERSEN
SOMETHING IN BETWEEN
Website Myspace Distr.:Bertus

 

Van Matt Andersen uit Bairdsville, New Brunswick, Canada verscheen deze maand na zijn debuut "Second Time Around", nu het album, "Something in Between". Hij speelde ooit met America, Randy Bachman, Little Feat, wijlen Bo Diddley en anderen. Zijn stijl kan roots/blues genoemd worden. "Something in Between" luidt de titel van de nieuwe cd en omschrijft dan ook zowat zijn muziekstijl. Hij produceerde de plaat samen met de Canadese Paul Milner, wie in het verleden werkte met Eddy Grant, Luba, Chucky Danger Band, Sass Jordan, maar best gekend is voor zijn werk met Keith Richards. De opnames gebeurden in de Chapel Recording Studios in Lincoln, Engeland, drie uren ten noorden van Londen. Op de voorganger "Second Time Around" maakte Andersen met zijn rauwe stem reeds veel indruk, maar nu op zijn nieuwste laat hij daadwerkelijk horen wat een groot hij wel is. Een stem tussen hoop en eenzaamheid, een zware gitaar, met nu en dan een viool of cello... waardoor het geheel een beetje onduidelijk was in welk vakje we deze plaat moesten steken, want genres als rock, R&B, soul, blues, country en gospel gaan hier allen mooi hand in hand. Al is er nu ook ruimte voor slidewerk zoals in "Working Man Blues" mat de prachtige backing vocals van Amoy Levy, Ciceal Levy en Nevon Sinclair. Andersen heeft er verstandig aan gedaan zijn in blues en country gewortelde songs te voorzien met meer elektrische instrumenten, waarbij ook een uitstekende rol is weggelegd voor Eric Clapton's post-Cream band. Zijnde de drummer Henry Spinetti (George Harrison, Pete Townshend, Bob Dylan) en bassist Dave Markee (Frank Zappa, Charlie Watts, Townshend, Bing Crosby), maar beter bekend van Clapton's live en studio band in de laat '70 en begin jaren '80, maar het resultaat mag er best zijn: dertien uitstekende songs waarbij dynamiek wordt afgewisseld met subtiele ballads met als meest uitschietende nummers: het rustgevende "So Gone Now", het rockend soulvolle "Stay With Me" en het met strijkers versierde "Bold And Beaten". Hij verwoordt in zijn songs wat hij allemaal heeft meegemaakt, en geloof me vrij, een turbulent verleden heeft hij wel gekend. Een leven zoals de echte rootsmen met verhalen over het harde leven en eenzaamheid. Andersen is een songwriter met een eigen stijl, al doet Fogerty-cover "Wrote A Song For Everyone" vermoeden dat hij hiermee terug denkt aan zijn jeugd. Alleen zijn stem al, doorrookte, rauwe stem met veel gruis. Daarmee doet hij meer dan de geijkte paden van blues en roots bewandelen. Andersen, een storyteller pur sang, speelt met akkoorden en instrumenten waardoor ieder liedje weer anders klinkt. Niet alleen muzikaal pakt hij het breed aan, hetzelfde geldt voor zijn teksten. Andersen kan donkere verhaaltjes vertellen, over allerlei onderwerpen, en schildert deze teksten als het ware over pakkende melodieën. Het resultaat zijn muzikale portretten die gehoord mogen worden. Kortweg: De man heeft een prachtige stem en het moet een lust voor oog en oor zijn om hem bezig te zien. Je doet jezelf ernstig tekort als je "Something in Between" niet op zijn minst een luisterbeurt gunt, dat zou namelijk moeten volstaan om je van Andersen's enorme kwaliteiten te overtuigen!