ARCHIEF

JANUARI 2008 - FEBRUARI 2008 - MAART 2008 - APRIL 2008

MEI 2008 - JUNI 2008 - JULI 2008 - AUGUSTUS 2008


EACH MONTH MORE THAN 100 REVIEWS FOR YOUR ROOTS LOVIN' EARS!


ADAM CARROLL - OLD TOWN ROCK AND ROLL

BUSHMASTER - LIVE & BLUE

LIL' ED & THE BLUES IMPERIALS - FULL TILT

RHYTHM BOMBS - BETTER BE READY

SEAN RYAN - LONESOME DRIVER MUSIC

REDISCOVERING LONNIE JOHNSON - BLUES ANATOMY WITH JEF LEE JOHNSON

JEFF JOHANSSON - THIS DELICATE WALL

TANEYTOWN - EAST OF EVERYTHING

ROGER SALLOOM - LA TE DA

THE WATER CALLERS - SPRINGBOARD



 

 

 

 

ADAM CARROLL
OLD TOWN ROCK AND ROLL
Website Myspace CDBaby
Distr.: Lucky Dice
VIDEO 1 VIDEO 2 VIDEO 3

 

Er verschijnen momenteel zo verschrikkelijk veel singer-songwriter cd's dat we de nieuwe Adam Carroll bijna zouden vergeten. Deze kleine, zeer timide troubadour uit San Marcos, Texas maakt inmiddels al een achttal jaren uitstekende platen. Op zijn debuut-cd "Lookin' Out The Screen Door" (2000) en "South Of Town" (2000) liet Carroll de kunst om je naar zijn verhalen te laten luisteren best verstaan. Hij is dan ook een echte storyteller, veel meer in ieder geval dan een poëet. Zijn stijl is traditioneel en beweegt zich ergens tussen Bob Dylan, John Prine, Todd Snider en Townes van Zandt, zoals vrijwel alle hedendaagse troubadourmuziek uit Texas op de een of andere manier wel bezeten is door Van Zandt. Platen die echter in kleine kring stuk voor stuk werden geprezen, maar desondanks niet de waardering kregen die ze eigenlijk verdienden. Met het prachtige "Far Away Blues" (2005) begon Carroll vijf jaar later met ware comeback. Hij leverde niet alleen één van zijn beste platen af maar kwam samen met Scrappy Jud Newcomb (van o.a. The Resentments en Ian McLagans Bump Band) de plas over voor een succesvolle duo-tour. Laatst genoemde Newcomb zal Adam begin volgend jaar wederom vergezellen tijdens een tour door Belgie en Nederland. Het nu verschenen "Old Town Rock and Roll" is zo mogelijk nog beter en wat mij betreft Carroll’s beste plaat tot dusver. Een plaat die alles heeft wat een singer-songwriter plaat moet hebben: bezieling, emotie, mooie verhalen, vaardige muzikanten en een stem die je in de ziel raakt. Bijgestaan door een aantal van de betere muzikanten uit het genre slaat Carroll zich op fraaie wijze door een negental indringende eigen songs, waarvan de meeste nummers daar Adam alleen werden geschreven en enkele samen met Scott Nolan, Gordy Quist, Brian Rung en Scrappy Jud Newcomb. In de studio van collega singer-songwriter Mark Jungers vond hij in de al genoemde Scott Nolan de ideale producer voor zijn knap het midden tussen folk, country en blues houdende liedjes. Scott en Adam speelden bijna alle instrumenten zelf (diverse gitaren, bas, piano, orgel, mandoline en mondharmonica) en in Joanna Miller (drums, percussie en vocals), Adrian Schoolar (dobro), Mark en zijn vrouw Joy Jungers (backing vocals) waren ook de ideale begeleiders voorhanden. Geen wonder dan ook, dat alles op "Old Town Rock and Roll" ontzettend af klinkt en de sfeer van Texas ademt van waaruit Carroll al jaren opereert. "Old Town Rock and Roll" is een cd waaraan je eigenlijk niet al te veel woorden vuil moet maken. Heel veel is er namelijk niet over te zeggen. Het is een cd met oerdegelijke, maar mooi aangeklede roots-songs die worden gedragen door Carroll's geweldige stem. Songs met tragische en amusante levensverhalen, die je bij de eerste luisterbeurten bevallen, maar die niet direct opvallen. "Old Town Rock and Roll" is een cd die desondanks steeds weer in de cd-speler verdwijnt en vervolgens steeds dierbaarder wordt. Muziek die net als goede wijn een tijdje moet rijpen, maar vervolgens wel buitengewoon verfijnd en smaakvol is. Goede wijn behoeft geen krans; deze nieuwe Adam Carroll wel. Hierbij dus.

ADAM CARROLL LIVE

Jan 30 2009 Adam Carroll @ Concert In The Woods in Lage Vuursche, Utrecht - NL
Feb 6 2009 Adam Carroll @ Peticantus in Hoorn, - NL
Feb 7 2009 Adam Carroll @ Cultureel Podium Roepaen in Ottersum, - NL
Feb 8 2009 Adam Carroll @ Patronaat in Haarlem, - NL



 

 

BUSHMASTER
LIVE & BLUE
Website CDBaby VIDEO

 

Gitaarliefhebbers, aandacht! Als je houdt van een uurtje prachtig gitaarwerk in de spirit van Jimi Hendrix, moet je hier zijn. Bushmaster, voor de vrienden Gary Brown uit Pennsylvania, is zo'n gitarist, die niet alleen de fakkel van Hendrix op gitaargebied verder draagt, zijn stem heeft ook wat datzelfde timbre. Ik herinner me nog dat ik in onze bespreking van zijn vorige release "Drowning On Dry Land" schreef dat ik vermoedde dat Bushmaster live zeker de moeite waard moest zijn. Bij deze bewijst hij dat dan ook. Een artiest waar aan Bushmaster ons ook herinnert is John Mooney, live vertonen ze sterke gelijkenissen. De live cd van deze laatste is een van mijn lievelingscd's en daardoor vallen deze gelijkenissen in het gitaarspel van beide heren me zo sterk op. Deze live opname is niet gladgeschaafd, ze heeft nog alle ruwe randjes, en dat is helemaal niet erg, de geluidskwaliteit is goed en het gaat hier allemaal om de sfeer. In de titelsong van de vorige studioplaat "Drowning on Dry Land" steekt Gary zijn bewondering voor Hendrix niet onder stoelen of banken, het gitaargeluid is vrijwel identiek, en flarden zinnen in de tekst zoals "Castles made of sand" zijn een bijkomende verwijzing. In "Nappy's Boogie" bewijst Bushmaster ook de meer complexe jazzy arrangementen niet te schuwen, maar steeds blijft hij in de buurt van Jimi's sound. Zoals ik in het begin al aangaf, de echt gitaarfreaks zullen duimen en vingers aflikken bij nummers als "Thousand Miles From Nowhere" en zeker bij de titelloze bonus track op het eind, ook al lijkt dat een zoveelste variatie op "Red House". Toch kan ik zeggen, Gary Brown is zoveel meer dan alleen maar een Hendrix imitatie, hij voegt genoeg eigen elementen toe om het geheel van begin tot eind boeiend te houden. Ik heb er alleszins volop van genoten.
(RON)



LIL' ED & THE BLUES IMPERIALS
FULL TILT
Website
Label: Alligator Records
Distr.: Munich Records
VIDEO 1 VIDEO 2 VIDEO 3 VIDEO 4

 

Met zijn primitieve kroegblues leent Chicago's Lil' Ed Williams zich beter voor clubs en festivals getuige zijn optreden tijdens het Belgium Rhythm 'n Blues Festival in 2004, 20th Spring Blues Festival in 2007, en voor verder in het verleden te gaan, 1991 - tijdens het Moulin Blues festival, dit om maar mee te geven dat deze band toch al meer dan twintig jaar bestaat en als we hun nieuwste plaat horen, zeker weten dat ze niet aan stoppen denken. Maar de vraag naar die optredens moet hij natuurlijk wel op peil houden. En daarom gehoorzaamt hij elke keer weer gedwee wanneer Bruce Iglauer hem om de drie jaar de studio in stuurt. Zo verscheen na zijn debuut "Roughhousin'"(1986), vervolgens "Chicken, Gravy & Biscuits" (1989), "What You See Is What You Get" (1992), "Get Wild" (1999), "HEADS UP!" (2002), "Rattleshake" (2006) en nu is er het nieuwe album "Full Tilt". Muzikale ontwikkeling op profilering is echter niks voor Ed. Nog altijd houdt hij het bij die uitbundige slide-herrie die hij heeft afgekeken van J.B. Hutto, zijn oom. Om begrijpelijke redenen wijst Iglauer in de pers natuurlijk op Hound Dog Taylor en Elmore James. Met vooral Hutto echter heeft Ed gemeen dat in zijn combootje zowat elk instrument ontbreekt dat aan het geluid enige kleur zou kunnen geven. Naast Ed horen we als tweede gitarist Michael Garrett, bassist en Ed's halfbroer James 'Pookie' Young, drummer Kelly Littleton en als gast op sommige tracks: Johnny Iguana (piano), Eddie McKinley (tenor sax) en David Basinger (baritone sax). Of Ed nu kiest voor covers als de twee afsluiters: de slow blues van James Young's "Every Man Needs A Good Woman", het vertrouwde "Take Five" van Hound Dog Taylor of allerlei andere herkenbare patronen, zoals jump blues, trage klassieke Delta, Hank Williams country stijl, Texas Gulf Coast- en Chicago blues, zijn slide rinkelt als die van Hutto. Dat betekent ook dat hij het ene na het andere overgangsakkoord mist, wat trouwens wel net dat hoekige effect veroorzaakt. Ook vocaal is hij nauwelijks van Hutto te onderscheiden. En om de parallel nog verder door te trekken heeft hij nog steeds zo'n fez opgezet. Uitschietende songs zijn vooreerst het zeer gevoelige "Check My Baby's Oil", zijn zelf gepende en zeven minuten durende slow blues "Life Got in the Way", een nummer dat klinkt als een echte West Side Chicago klassieker en het gedreven "First I Look at the Purse" dat herinneringen oproept aan SRV’s "Willie the Wimp". De een zal weglopen met dit vitale en explosieve geratel, de ander zal juist vallen over het gebrek aan raffinement. Kortweg: "Full Tilt" bevat wederom een high octane Chicago slide gitaar blues met rauwe vocalen en is daarom best inwisselbaar voor de zes vorige cd's. Maar de fans van deze old-school Chicago boogie blues band, Lil' Ed & the Blues Imperials, kunnen weer een paar jaar vooruit. En die aanhoudende monomanie van Ed heeft wel iets karikaturaals. Hij trekt zich van geen radio- of ander media-format iets aan en blijft geloven in dat schamele aantal akkoorden.



 

RHYTHM BOMBS
BETTER BE READY
Website
Myspace
Label: Naked productions Contact
Distr: Bertus
VIDEO 1 VIDEO 2

 

"You better be ready" voor onze eigenste Belgisch / Nederlands Limburgse Rhythm Bombs, want hier komen ze: "Alive 'n' Kickin", recht voor de raap, ready to kick your ass, net zoals ze dat deden in het Witte Theater te IJmuiden op 20 januari van dit jaar voor de radioshow van Bluestrain FM. Wouter Celis en de zijnen hadden er duidelijk zin in die avond (zoals elke avond trouwens) en dat straalde duidelijk af op die opname. De spontaniteit en het vuur waarmee ze hun blues, een mix van Texaanse boogies, swing, Louisiana swamp rhythms en zelfs wat gospel tijdens hun show brengen, is zo aanstekelijk en voor je het weet zit je mee te boogiën of te swingen op je stoel, of als je toevallig rechtstaat, te dansen als een gek. Luister bijvoorbeeld maar even naar "All Said & Done" of "Jaguar and Thunderbird " en je zult het geweten hebben. Bij "Swinging Sue" en "Change My Ways" moet je er helemaal aan, terwijl het smeuïge "Disconnect my Phone" in beste Texaanse T-bird traditie zo te horen ook de laatste twijfelaars onderuit haalt, en het Witte Theater zijn naam bijna kan veranderen in het "Wit-hete" theater. De boel staat duidelijk in lichter laaie en om wat af te koelen komt er daarna nog "Aint Nobody", al is ook dat nog een up-tempo nummer vol vuur. De "slow" song hebben ze vanavond duidelijk thuisgelaten, maar niemand die daar om maalt, want iedereen heeft met volle teugen genoten van deze nieuwste Rhythm Bombs. Wij bij Rootstime wisten het door "onze" Freddy al lang, maar hiermee is het nog maar eens bewezen, een Celis kan je niet intomen, inblikken lukte nog net, gelukkig maar voor ons, bluesfans.
(RON)



 

 

SEAN RYAN
LONESOME DRIVER MUSIC
Website Contact CD-Baby

 

Quad Cities, Illinois is de thuishaven van singer-songwriter Sean Ryan die ons met het ep-tje “Lonesome Driver Music” een moderne country en folkplaat heeft toegestuurd. Zelf zegt hij de mosterd gehaald te hebben bij muzikale voorbeelden als Wilco, Whiskeytown, Uncle Tupelo en the Jayhawks. Het is dan ook in dit muzikale genre dat we zijn songs dienen te plaatsen. De zeven nummers op dit album werden over een periode van meerdere jaren door Sean Ryan bij elkaar gepend. Naast dit eerste solowerk speelt Sean Ryan samen met enkele vrienden ook mee in de groep ‘The Dawn’. Dat deze ep een voorbode moet worden van een eerste full-cd is duidelijk. De countrysongs “Life’s In Grey” en “My Way” met overvloedig aanwezige pedal steelklanken geven meteen aan wat genre muziek we op die komende full-cd mogen verwachten. Zijn Americana-sound wordt momenteel echter al door zovele anderen gebracht waardoor we Sean Ryan moeten aanmoedigen om te proberen iets af te wijken van deze traditionele sound om op te vallen tussen die grote meute. De song “Walk Right In” is zo’n stap in de juiste richting. Het is een meeslepende ballad die overigens voortreffelijk vocaal gebracht wordt door deze jonge artiest. Ook de nummers “Wasting My Time” en de knappe cd-afsluiter “Easy” weten ons gemakkelijk te bekoren. De andere liedjes “You Said It” en “Whatever I Have To Do” missen echter nog dat sprankeltje dat van een liedje een sterke song moet maken. Eindconclusie van Rootstime voor “Lonesome Driver Music”: heel verdienstelijk werkstuk maar er is nog nood aan wat meer vijl- en schaafwerk om ons een full-cd van Sean Ryan tot een hoger kwalificeringniveau te doen brengen. We hopen dat hij heel snel ons ongelijk mag komen bewijzen.
(valsam)



 

 

REDISCOVERING LONNIE JOHNSON
BLUES ANATOMY WITH JEF LEE JOHNSON
Myspace
Label: Range Records Amazon

 

 

Het leven van Alonzo ‘Lonnie’ Johnson leest als een roman. Deze gitarist/violist werd nog vóór 1900 in New Orleans geboren en speelde met zijn broer in de plaatselijke clubs en kroegen. Tijdens Wereldoorlog I trok hij met een revuegezelschap mee naar Engeland. Terug in Amerika speelde hij in een rivierband. Rampspoed kende hij ook, want toen hij in Engeland zat kwam gans zijn familie om, weggemaaid door de Spaanse griepepidemie. Slechts één broer ontkwam. Achtereenvolgens werkte hij als spoorweg- en fabrieksarbeider en trok het ganse land door, van Texas naar Mississippi, Ohio, Chicago, New York, Toronto. Een vriendin ging er met zijn geld, platen en gitaren vandoor. Tenslotte bezweek hij in 1970 aan de gevolgen van een verkeersongeluk. Maar ook zijn blues- en jazzcarrière is boeiend om volgen. In 1925 kreeg hij een contract bij Okeh toen hij een blueswedstrijd won. Als jazzgitarist en sessiemuzikant maakte hij naam en hij speelde naast Eddie Lang en aan de zijde van jazziconen Louis Armstrong en Duke Ellington. Na jaren mediastilte vond zijn herontdekking plaats in 1959 waar producer/schrijver Joe Boyd een rol in speelde. Johnson werkte toen in een hotel in Philadelphia en werd daar door de nog jonge Boyd opgehaald voor een avondlijke bluessessie voor studenten in Princeton. Je zou kunnen zeggen dat deze ‘Rediscovering’ hier aansluit, want zo geraakte Johnson weer in de running met ook nu weer hernieuwde aandacht voor deze allround gitarist. Voor dit tribuut aan Johnson zocht producer Aaron Luis Levinson een quasi ‘kameleon’ gitarist om de songs van Lonnie Johnson te laten herleven. Hij kwam uit bij veelzijdig gitarist Jef Lee Johnson uit Philadelphia, zowel bekend in jazz- als in popmiddens. Voor de zang koos hij Eddie Davis. Deze maakte deel uit van de band ‘Blues Anatomy’ uit Philadelphia. Zelf afkomstig van Philadelphia wou Levinson het liefst werken met een Philadelphia Crew. Alleen voor Geoff Muldaur maakte hij een uitzondering, die Johnson in New Jersey nog Live meemaakte en hier de klassieker ‘He’s A Jelly Roll Baker’ vertolkt. Op deze ‘Rediscovering’ kan je een dwarsdoorsnede beluisteren van Johnson’s succesvolle carrière, te beginnen met W.C. Handy’s ‘St.Louis Blues’ over de jazzy song ‘6/88 Glide’, - ragtime van het eerste uur-, tot het bekende ‘Tomorrow Night’, dat na hem zovele muzikanten inspireerde met inbegrip van Bob Dylan. De helft van de songs zijn van de hand van Lonnie Johnson. Louis Armstrong’s ‘I’m Not Rough’, waar de koperblazers als in een New Orleans parade hun optocht houden, springt er uit met gastmuzikant/trombonist Jared Melson in een glansrol. Hij maakt deel uit van ‘Real Live Horns’. Ook Joe Mass met zijn Resonatorgitaar weet sfeer te creëren alsof zijn gitaarklanken je vanachter vergeelde gordijnen uit het ‘Ben Franklin Hotel’ toewaaien. Voor zanger Eddie Davis is het moeilijk om Johnson’s stem te benaderen. Gelukkig blijft hij zichzelf, want onmogelijk om in ‘Broken Levee Blues’ het origineel te imiteren, meermaals gezongen door zangers die het hebben meegemaakt. Als Jef Lee Johnson zich echter uitleeft in het instrumentale ‘Playing With the Strings’ dan bespeur je toch weer dat authentieke. Ook wanneer in het pittige ‘Have To Change Keys’ gastmuzikant Rick Nollet meedoet. Levinson’s keuze om Vintage instrumenten te gebruiken doet recht aan Lonnie Johnson en met deze ‘Rediscovering’ bewijst hij een dienst aan alle fans met interesse voor tijdloze jazzblues.
Marcie



 

JEFF JOHANSSON
THIS DELICATE WALL
Website CD-Baby

 

 

Met Jeff Johansson uit Asheville, North Carolina hebben we alweer een DIY (“do it yourself”) artiest te pakken. Voor zijn debuutalbum “This Delicate Wall” schreef hij tekst en muziek voor alle tien liedjes, speelde hij alle instrumenten die te horen zijn op de plaat en zorgde hij in eigen beheer voor de opnames en de productie van de cd. In de lente van 2007 begon het hele project als een demo en na ongeveer een heel jaar knutselen en bijschaven was de full-cd klaar voor release en voor bespreking bij o.a. Rootstime. Muzikaal verzamelde hij stukjes country, blues en folk en completeerde die klanken tot een aangenaam muzikaal werkje. Jeff Johansson leerde doorheen zijn jeugdjaren spelen op gitaar, drums, piano en keyboards en werd later door meerdere andere artiesten gevraagd om deze instrumenten te bespelen voor hun platenopnames. Maar zoals de meeste muzikanten wilde hij ook wel eens weten of zijn eigen liedjes sterk genoeg zouden zijn om aan de kritieken van het muzikale luisterpubliek te weerstaan. Vandaar dus deze nieuwe plaat “This Delicate Wall” met tien mooie, melancholische en mooi georkestreerde liedjes. In de songteksten toont Jeff Johansson dat hij zowel ernstige, gracieuze als kwetsbare woorden kan neerschrijven en zingen. De eerste song op het album is “Loving Side” en kan als een eyecatcher gezien worden. Het nummer is tevens representatief voor wat de luisteraar nadien nog te horen zal krijgen. Songs als “The Witness Was You”, titeltrack “This Delicate Wall”, “Lock Your Sorrows”, “Lover Don’t Go” en afsluiter “Let’s Start Over” kunnen dienst doen als ideale soundtrack voor geliefden en voor hen die zonder liefde gevallen zijn en hun verdriet proberen te verwerken. Een eervolle vermelding vanwege onze redactie krijgt het instrumentale werkstuk “Cricketsong”. Het dichtst bij country aanleunende nummer op dit album is “Goin’ To Kentucky”. Zoals hij zelf schrijft in zijn autobiografie zit er heel veel zoets maar ook veel bitterheid in de songs, maar als onderliggende toon voor de meeste liedjes wordt steeds een vleugje verlangen, hoop en eerlijkheid verweven in de teksten. Dit album is vrij eenvoudig opgebouwd en naakt in zijn eerlijkheid. We hebben dan ook een vermoeden dat “This Delicate Wall” zeker niet het laatste is wat we van Jeff Johansson zullen gehoord hebben. Hij heeft alvast de meeste kwaliteiten van een grote songschrijver in zich verzameld en we hopen dat hij dit gauw zal bevestigen via een nieuwe plaat.
(valsam)



 

TANEYTOWN
EAST OF EVERYTHING
Website Myspace Contact
Label: CoraZong CD.Baby
VIDEO 1 VIDEO 2 VIDEO 3

 

De wereld is aan doorzetters, zoveel hebben de heren van Taneytown wel van vaders wijze raad onthouden. Deze Nederlandse band wist met hun titelloze debuutplaat twee jaar geleden de nodige deuken in de boter te slaan om te kunnen spreken van een lichte sensatie en bevestigt eigenlijk alleen maar al het goede wat we toen al in hun meenden te mogen horen bij het beluisteren van hun nieuwste cd, "East Of Everything". Na tal van optredens slaan ze keihard terug met een zeer geslaagde opvolger. U moest al bij de dichtstbijzijnde platenwinkel staan.
Sommige bands hoeven maar een scheet te laten en de wereldpers springt er bovenop en haalt de betreffende groep juichend binnen. Af en toe is dat begrijpelijk maar soms kunnen we alleen maar bedenkelijk ons hoofd schudden. Het andere uiterste bestaat ook: bands die jarenlang aan de weg timmeren, de ene kwalitatief hoogstaande plaat na de andere uitbrengen, zichzelf te pletter toeren, maar geen kat die er om maalt. Het uit Groningen afkomstige Taneytown valt onder de eerste categorie. "East Of Everything" is hun tweede cd waarvoor ze een platencontract met het kwaliteitslabel Corazong tekenden. Maar of ze met dit album eindelijk een publiek gaan aanboren dat qua grootte bij hun talent aansluit? We vragen het ons eerlijk gezegd af. Hun debuutalbum verdween hier in de vergetelheid nog voor ze goed en wel uitgebracht was. "Waarom?" vraagt een mens zich dan af, als hij even geen zin heeft om zich met andere wereldproblemen bezig te houden. Hopelijk komt er met deze nieuwe plaat eindelijk verandering in de ongeïnteresseerde houding van pers en publiek. Wie of wat is Taneytown eigenlijk? Laten we dat om te beginnen misschien eens uitleggen, dan weet u tenminste wat u de voorbije jaren gemist heeft. De sixties begonnen pas echt op de ochtend - de zon kwam net op - dat Roger McGuinn voor het eerst z'n Rickenbacker aansloeg. Sindsdien wil de muziek uit die gouden jaren maar niet verslijten, en daar hebben al duizenden groepen hun voordeel mee gedaan, The Jayhawks of The Eagles misschien voorop maar nu hebben we ook Taneytown. Over hun debuut schreven we twee jaar geleden dat hun muziek in eerste instantie vooral liet denken aan Bruce Springsteen, Reckless Kelly, Kris Kristofferson en John Mellencamp, artiesten die steeds op de een of andere manier van invloed geweest zijn op hun songs, maar heel treffend zijn de overeenkomsten nooit. Na enkele draaibeurten waren zelfs ook invloeden van The Cash Brothers hoorbaar en kwam de jonge Steve Earle geregeld om de hoek kijken. "Taneytown" is dan ook het stadje waar Steve Earle over zong op diens album "El Corazon". Door de keuze voor deze naam, kwam frontman Edwin Jongedijk via internet in contact met een inwoonster van het stadje Taneytown, een contact dat uitgegroeid is tot drie Amerikaanse tours en een hechte vriendschap tussen de band en het stadje. Maar goed, hun nieuwe album: die klinkt - wat dacht u - misschien niet veel anders dan hun debuut, dat wil zeggen: goed tot fantastisch. Niet dat ze nooit eens over het muurtje kijken. De twaalf nieuwe songs klinken helemaal zoals men van Taneytown kan verwachten: zeer fris en spannend. Van opener "Picking Up the Pieces" tot afsluiter "The Way I Feel Tonight" grijpt de groep je bij de lurven met hun Amerikaanse mix van onbezorgde Westcoast in combinatie met singer/songwriter met lichte country-tic. Deze opener en opvolger "Lie to Me" ruiken meteen al naar het vroegere werk van The Byrds en Eagles, daartegenover zijn de daaropvolgende songs "Train of Thought" en "Perfect Sins" meer familie van Chris Knight. "Moonlight Serenade" is één van de mooiste nummers die we dit najaar hoorden, even ingetogen als groots, met een prachtige akoestische gitaar, een subtiele pedal steel gitaar van Dave Hadley (Shane Gamble & The Gentlemen) en Amanda Shires (Billy Joe Shaver, Rod Picott) op viool en backing vocals op de achtergrond. "It Was Cold That Night" om bij de dromerige nummers te blijven, met Dave Hadley wederom in een glansrol, vindt net zoals de nummers van Tom Waits zijn oorsprong in de onderkant van een harde samenleving, al vult Taneytown dat op een eigen muzikale manier in, er is namelijk al een Tom Waits. Moe worden ze er niet van. Want songs als "Dog Eat Dog" en "Harvest Time", liggen meer in het vaarwater als diezelfde Waits of een Springsteen. Gelukkig wordt er naast al dit moois ook een potje gerockt in "I Don't Need You Anymore" en dat maakt dit album tot een prettig afwisselende plaat en bewijst nogmaals dat we in de toekomst wellicht rekening moeten gaan houden met Taneytown. Op "East Of Everything" brengt deze vijfmansformatie in zijn songs gewoon zoveel boeiends te berde, dat een beoordeling op eigen merites niet anders dan zeer positief kan uitvallen. "East Of Everything" is behalve een hele mooie titel een prachtplaat van een groep die z’n plaats in het muzieklandschap aan het vinden is. Het enige waar Taneytown nog naar op zoek is, is een publiek dat de schoonheid van zijn werk inziet. Misschien voelt u zich wel aangesproken?


Taneytown bestaat uit:
Edwin Jongedijk: zang, gitaar
Joost Prinsen: gitaar, zang
Benjamin Vernooij: toetsen, zang
Martin Wieringa: bas, harmonica, zang
Niek Stok: drums, zang

TANEYTOWN LIVE

03/10'08 CD release party, CC van Berestijn, Veendam
(aanvang: 20:00)
12/10'08 One for the road 2008, Purmerend
www.stichting-amp.nl aanvang: 16:00
18/10'08 Cafe Bax,
Amsterdam
aanvang: 21:30
30/11'08 Cafe Koster, Groningen
aanvang: 16:30
13/12'08 Cafe 't Keerpunt, Spijkerboor
aanvang: 21:00
10/04'09 Muziek cafe de Cerck, Beilen
aanvang: 21:30



 

ROGER SALLOOM
LA TE DA
Website Myspace
Label : Florence Records
CDBaby

 

Waar maakt een singer-songwriter het verschil ? Juist, met in het oog springende teksten, mooie melodieën en zeker met een opvallend stemtimbre. Roger Salloom is gezegend met al die kwaliteiten. Zijn stem is een kruising tussen Steve Forbert en het nasale, scherpe van Bob Dylan. Zijn teksten zijn gevat, uit het leven gegrepen en doorspekt met humor. Zijn nieuw album “La Te Da” is het ultieme bewijs van zijn groot talent. In 2006 werd Salloom’s boeiend levensverhaal zelfs verfilmd in “So Glad I Made It, the saga of Roger Salloom, America's Best Unknown Songwriter “, een aangrijpend verhaal over man’s carrière en voortdurende tweestrijd tussen roem en vaderlijke plicht om zijn alleen zijn twee zonen op te voeden. De film won maar liefst zes awards. De lovende kritieken van de film zorgden ervoor dat Roger opnieuw in the picture kwam als muzikant. Velen waren al vergeten dat hij in de zestiger jaren podia deelde met muzikanten zoals Van Morrisson, Santana, Procul Harum, BB King en andere grootheden. Op het openingsnummer en titelsong van het album “La Te Da” staan er twee andere kleppers hem bij om dit jazzy nummer de juiste originele toets te geven. De warme saxofoonklanken van Charles Neville van The Neville Brothers voeren je samen met Eilen Jewell, die een omhelzend, hartverwarmend duet vormt met Roger Salloom, recht naar de rokerige sferen van een saloon in New Orleans. We blijven rondzwerven in de buurt van de Missippi River met “The Grayson Capps” die Roger vocaal en met slidegitaar bijtreden in de rootsblues en vrolijke meezinger “Tappin’ That Thing”. Protestsong in pure Bob Dylan stijl krijgen we te horen in het antioorlogslied “Gotta Stop Killin’ Them”, waar hij het schrijnende verlies en het grote verdriet van moeders die hun zonen verliezen aanklaagt. Roger is niet te beroerd om zijn eigen zwakke kantjes bloot te leggen in een paar intrigerende songs zoals het niets verhullende “Mr. Jealous” en de bekentenis dat hij geen verstand heeft van vrouwen in “When It Comes To Women”. In “So Glad I Mad I It” schotelt hij je dan weer zo’n prachtig arrangement voor dat het eigenhandig door Paul McCartney zou kunnen geschreven zijn. “I Love You Baby” ruikt sterk naar een swingende Travelling Willburry’s in hun glorieperiode. Roger Salloom is een duizendpoot als singer-songwriter. Hij heeft een hoop ervaring en dit is duidelijk merkbaar in de manier waarop hij elke song de juiste gevoelsnoot weet mee te geven. Fenomenaal bewijs hiervan is het melancholische en instrumentaal sobere “Wrong Thing”, waar hij met een hoge tremolostem en gevoelig uitgezongen noten de droevigste Ryan Adams naar de kroon steekt. Deze Roger Salloom hoort gewoon bij de top. Niet twijfelen en laat je verleiden door de charmes en de veelzijdigheid van deze man en zijn aanstekelijke muziek.
Blowfish



 

 

THE WATER CALLERS
SPRINGBOARD
Website Myspace Contact CD-Baby

 

De in 2005 ontstane groep ‘The Water Callers’ is eigenlijk een duo bestaande uit zanger-gitarist-percussionist Jason Fagg en zanger-gitarist Bart Matthews. Beide muzikanten schrijven hun songs zelf en ze opereren vanuit Durham, North Carolina. Hun sound is beïnvloed door de traditionele Amerikaanse muziekstijlen uit het Zuiden zoals jazz, country, bluegrass, gospel en folk. De heren schrijven ook muziek voor film en theaterprojecten maar voor hun cd-project “Springboard” doken ze 11 songs op uit hun eigen repertoire en voegden er één echte traditional aan toe met het nummer “Green Pastures”. “Springboard” is de tweede cd van dit duo en werd eind 2006 voorafgegaan door “The Finest Of The Wheat” dat ook al volledig uit originele maar op traditionele muziek geïnspireerde Americana-songs bestond en gekenmerkt wordt door de typische samenzang van Fagg en Matthews. Op het hoesje van hun nieuwe cd bedanken ze Jason Merritt uitvoerig. Hij is de zanger van ‘Timesbold’ en ook bekend als ‘Whip’ en stond in voor de opnames en de mixing van “Springboard”. Merritt is zelf ook een fervente aanhanger en performer van dergelijke traditionele muziek met een hedendaags tintje. Het aanstekelijke en vlot meezingbare nummer “A Night Like This” steekt het vuur aan de lont op dit album en songs als “Requiem” en “Magnolia” houden het vuurtje brandend - zij het op een waakvlam – want ze missen toch wat kracht. Het liedje “Hold Out” doet ons vooral denken aan de akoestische sound van de jonge James Taylor. Pas in de song “Caroline” over een verloren liefde en de bijhorende hartenpijn kunnen ze onze verhoogde aandacht terug opeisen. Zuivere Americana-rootsmuziek die je eigenlijk op een 78-toerenplaat zou verwachten. De traditionele pedal steel country in het langzame walsje “She Was The One” is vrij onopvallend en zou eigenlijk op elke plaat van een countryzanger kunnen staan. “Mama” is countryfolk unplugged net als de uptempo cd-afsluiter “Time After Time”. Beide liedjes kunnen zo met enkele andere cowboys rond het kampvuur meegezongen worden. Dat geldt ook voor de songs “Remember To Breathe” en “Miner’s Lullaby”. ‘Woody Guthrie revisited’ zou je kunnen stellen. The Water Callers brengen ouderwetse muziek in een actueel kleedje gestoken maar kunnen er ons niet helemaal mee overtuigen, ondanks het feit dat er ergens zeker een luisterpubliek voor hun sound gevonden zal worden. Of dat in Europa zal zijn valt echter te betwijfelen.
(valsam)