JANUARI 2008 - FEBRUARI 2008 - MAART 2008 - APRIL 2008
MEI 2008 - JUNI 2008 - JULI 2008 - AUGUSTUS 2008
EACH MONTH MORE THAN 100 REVIEWS FOR YOUR ROOTS LOVIN' EARS!
ADAM CARROLL - OLD TOWN ROCK AND ROLL
BUSHMASTER - LIVE & BLUE
LIL' ED & THE BLUES IMPERIALS - FULL TILT
RHYTHM BOMBS - BETTER BE READY
SEAN RYAN - LONESOME DRIVER MUSIC
REDISCOVERING LONNIE JOHNSON - BLUES ANATOMY WITH JEF LEE JOHNSON
JEFF JOHANSSON - THIS DELICATE WALL
TANEYTOWN - EAST OF EVERYTHING
ROGER SALLOOM - LA TE DA
THE WATER CALLERS - SPRINGBOARD
ADAM
CARROLL
OLD TOWN ROCK AND ROLL
Website Myspace
CDBaby Distr.:
Lucky Dice
VIDEO 1 VIDEO
2 VIDEO 3
Er
verschijnen momenteel zo verschrikkelijk veel singer-songwriter cd's dat we
de nieuwe Adam Carroll bijna zouden vergeten. Deze kleine, zeer timide troubadour
uit San Marcos, Texas maakt inmiddels al een achttal jaren uitstekende platen.
Op zijn debuut-cd "Lookin' Out The Screen Door" (2000) en "South
Of Town" (2000) liet Carroll de kunst om je naar zijn verhalen te laten
luisteren best verstaan. Hij is dan ook een echte storyteller, veel meer in
ieder geval dan een poëet. Zijn stijl is traditioneel en beweegt zich ergens
tussen Bob Dylan, John Prine, Todd Snider en Townes van Zandt, zoals vrijwel
alle hedendaagse troubadourmuziek uit Texas op de een of andere manier wel bezeten
is door Van Zandt. Platen die echter in kleine kring stuk voor stuk werden geprezen,
maar desondanks niet de waardering kregen die ze eigenlijk verdienden. Met het
prachtige "Far Away Blues" (2005) begon Carroll vijf jaar later met
ware comeback. Hij leverde niet alleen één van zijn beste platen
af maar kwam samen met Scrappy Jud Newcomb (van o.a. The Resentments en Ian
McLagans Bump Band) de plas over voor een succesvolle duo-tour. Laatst genoemde
Newcomb zal Adam begin volgend jaar wederom vergezellen tijdens een tour door
Belgie en Nederland. Het nu verschenen "Old Town Rock and Roll" is
zo mogelijk nog beter en wat mij betreft Carroll’s beste plaat tot dusver.
Een plaat die alles heeft wat een singer-songwriter plaat moet hebben: bezieling,
emotie, mooie verhalen, vaardige muzikanten en een stem die je in de ziel raakt.
Bijgestaan door een aantal van de betere muzikanten uit het genre slaat Carroll
zich op fraaie wijze door een negental indringende eigen songs, waarvan de meeste
nummers daar Adam alleen werden geschreven en enkele samen met Scott Nolan,
Gordy Quist, Brian Rung en Scrappy Jud Newcomb. In de studio van collega singer-songwriter
Mark Jungers vond hij in de al genoemde Scott Nolan de ideale producer voor
zijn knap het midden tussen folk, country en blues houdende liedjes. Scott en
Adam speelden bijna alle instrumenten zelf (diverse gitaren, bas, piano, orgel,
mandoline en mondharmonica) en in Joanna Miller (drums, percussie en vocals),
Adrian Schoolar (dobro), Mark en zijn vrouw Joy Jungers (backing vocals) waren
ook de ideale begeleiders voorhanden. Geen wonder dan ook, dat alles op "Old
Town Rock and Roll" ontzettend af klinkt en de sfeer van Texas ademt van
waaruit Carroll al jaren opereert. "Old Town Rock and Roll" is een
cd waaraan je eigenlijk niet al te veel woorden vuil moet maken. Heel veel is
er namelijk niet over te zeggen. Het is een cd met oerdegelijke, maar mooi aangeklede
roots-songs die worden gedragen door Carroll's geweldige stem. Songs met tragische
en amusante levensverhalen, die je bij de eerste luisterbeurten bevallen, maar
die niet direct opvallen. "Old Town Rock and Roll" is een cd die desondanks
steeds weer in de cd-speler verdwijnt en vervolgens steeds dierbaarder wordt.
Muziek die net als goede wijn een tijdje moet rijpen, maar vervolgens wel buitengewoon
verfijnd en smaakvol is. Goede wijn behoeft geen krans; deze nieuwe Adam Carroll
wel. Hierbij dus.
ADAM CARROLL LIVE
Jan 30 2009
Adam Carroll @ Concert In The Woods in Lage Vuursche, Utrecht - NL
Feb 6 2009 Adam Carroll @ Peticantus in Hoorn, - NL
Feb 7 2009 Adam Carroll @ Cultureel Podium Roepaen in Ottersum, - NL
Feb 8 2009 Adam Carroll @ Patronaat in Haarlem, - NL

BUSHMASTER
LIVE & BLUE
Website CDBaby
VIDEO
Gitaarliefhebbers,
aandacht! Als je houdt van een uurtje prachtig gitaarwerk in de spirit van Jimi
Hendrix, moet je hier zijn. Bushmaster, voor de vrienden Gary Brown uit Pennsylvania,
is zo'n gitarist, die niet alleen de fakkel van Hendrix op gitaargebied verder
draagt, zijn stem heeft ook wat datzelfde timbre. Ik herinner me nog dat ik
in onze bespreking van zijn vorige release "Drowning On Dry Land"
schreef dat ik vermoedde dat Bushmaster live zeker de moeite waard moest zijn.
Bij deze bewijst hij dat dan ook. Een artiest waar aan Bushmaster ons ook herinnert
is John Mooney, live vertonen ze sterke gelijkenissen. De live cd van deze laatste
is een van mijn lievelingscd's en daardoor vallen deze gelijkenissen in het
gitaarspel van beide heren me zo sterk op. Deze live opname is niet gladgeschaafd,
ze heeft nog alle ruwe randjes, en dat is helemaal niet erg, de geluidskwaliteit
is goed en het gaat hier allemaal om de sfeer. In de titelsong van de vorige
studioplaat "Drowning on Dry Land" steekt Gary zijn bewondering voor
Hendrix niet onder stoelen of banken, het gitaargeluid is vrijwel identiek,
en flarden zinnen in de tekst zoals "Castles made of sand" zijn een
bijkomende verwijzing. In "Nappy's Boogie" bewijst Bushmaster ook
de meer complexe jazzy arrangementen niet te schuwen, maar steeds blijft hij
in de buurt van Jimi's sound. Zoals ik in het begin al aangaf, de echt gitaarfreaks
zullen duimen en vingers aflikken bij nummers als "Thousand Miles From
Nowhere" en zeker bij de titelloze bonus track op het eind, ook al lijkt
dat een zoveelste variatie op "Red House". Toch kan ik zeggen, Gary
Brown is zoveel meer dan alleen maar een Hendrix imitatie, hij voegt genoeg
eigen elementen toe om het geheel van begin tot eind boeiend te houden. Ik heb
er alleszins volop van genoten.
(RON)

LIL'
ED & THE BLUES IMPERIALS
FULL TILT
Website
Label: Alligator Records
Distr.: Munich Records
VIDEO
1 VIDEO
2 VIDEO
3 VIDEO 4
Met
zijn primitieve kroegblues leent Chicago's Lil' Ed Williams zich beter voor
clubs en festivals getuige zijn optreden tijdens het Belgium Rhythm 'n Blues
Festival in 2004, 20th Spring Blues Festival in 2007, en voor verder in het
verleden te gaan, 1991 - tijdens het Moulin Blues festival, dit om maar mee
te geven dat deze band toch al meer dan twintig jaar bestaat en als we hun nieuwste
plaat horen, zeker weten dat ze niet aan stoppen denken. Maar de vraag naar
die optredens moet hij natuurlijk wel op peil houden. En daarom gehoorzaamt
hij elke keer weer gedwee wanneer Bruce Iglauer hem om de drie jaar de studio
in stuurt. Zo verscheen na zijn debuut "Roughhousin'"(1986), vervolgens
"Chicken, Gravy & Biscuits" (1989), "What You See Is What
You Get" (1992), "Get Wild" (1999), "HEADS UP!" (2002),
"Rattleshake" (2006) en nu is er het nieuwe album "Full Tilt".
Muzikale ontwikkeling op profilering is echter niks voor Ed. Nog altijd houdt
hij het bij die uitbundige slide-herrie die hij heeft afgekeken van J.B. Hutto,
zijn oom. Om begrijpelijke redenen wijst Iglauer in de pers natuurlijk op Hound
Dog Taylor en Elmore James. Met vooral Hutto echter heeft Ed gemeen dat in zijn
combootje zowat elk instrument ontbreekt dat aan het geluid enige kleur zou
kunnen geven. Naast Ed horen we als tweede gitarist Michael Garrett, bassist
en Ed's halfbroer James 'Pookie' Young, drummer Kelly Littleton en als gast
op sommige tracks: Johnny Iguana (piano), Eddie McKinley (tenor sax) en David
Basinger (baritone sax). Of Ed nu kiest voor covers als de twee afsluiters:
de slow blues van James Young's "Every Man Needs A Good Woman", het
vertrouwde "Take Five" van Hound Dog Taylor of allerlei andere herkenbare
patronen, zoals jump blues, trage klassieke Delta, Hank Williams country stijl,
Texas Gulf Coast- en Chicago blues, zijn slide rinkelt als die van Hutto. Dat
betekent ook dat hij het ene na het andere overgangsakkoord mist, wat trouwens
wel net dat hoekige effect veroorzaakt. Ook vocaal is hij nauwelijks van Hutto
te onderscheiden. En om de parallel nog verder door te trekken heeft hij nog
steeds zo'n fez opgezet. Uitschietende songs zijn vooreerst het zeer gevoelige
"Check My Baby's Oil", zijn zelf gepende en zeven minuten durende
slow blues "Life Got in the Way", een nummer dat klinkt als een echte
West Side Chicago klassieker en het gedreven "First I Look at the Purse"
dat herinneringen oproept aan SRV’s "Willie the Wimp". De een
zal weglopen met dit vitale en explosieve geratel, de ander zal juist vallen
over het gebrek aan raffinement. Kortweg: "Full Tilt" bevat wederom
een high octane Chicago slide gitaar blues met rauwe vocalen en is daarom best
inwisselbaar voor de zes vorige cd's. Maar de fans van deze old-school Chicago
boogie blues band, Lil' Ed & the Blues Imperials, kunnen weer een paar jaar
vooruit. En die aanhoudende monomanie van Ed heeft wel iets karikaturaals. Hij
trekt zich van geen radio- of ander media-format iets aan en blijft geloven
in dat schamele aantal akkoorden.

RHYTHM
BOMBS
BETTER BE READY
Website
Myspace
Label: Naked productions Contact
Distr: Bertus
VIDEO 1 VIDEO
2
"You
better be ready" voor onze eigenste Belgisch / Nederlands Limburgse Rhythm
Bombs, want hier komen ze: "Alive 'n' Kickin", recht voor de raap,
ready to kick your ass, net zoals ze dat deden in het Witte Theater te IJmuiden
op 20 januari van dit jaar voor de radioshow van Bluestrain FM. Wouter Celis
en de zijnen hadden er duidelijk zin in die avond (zoals elke avond trouwens)
en dat straalde duidelijk af op die opname. De spontaniteit en het vuur waarmee
ze hun blues, een mix van Texaanse boogies, swing, Louisiana swamp rhythms en
zelfs wat gospel tijdens hun show brengen, is zo aanstekelijk en voor je het
weet zit je mee te boogiën of te swingen op je stoel, of als je toevallig
rechtstaat, te dansen als een gek. Luister bijvoorbeeld maar even naar "All
Said & Done" of "Jaguar and Thunderbird " en je zult het
geweten hebben. Bij "Swinging Sue" en "Change My Ways" moet
je er helemaal aan, terwijl het smeuïge "Disconnect my Phone"
in beste Texaanse T-bird traditie zo te horen ook de laatste twijfelaars onderuit
haalt, en het Witte Theater zijn naam bijna kan veranderen in het "Wit-hete"
theater. De boel staat duidelijk in lichter laaie en om wat af te koelen komt
er daarna nog "Aint Nobody", al is ook dat nog een up-tempo nummer
vol vuur. De "slow" song hebben ze vanavond duidelijk thuisgelaten,
maar niemand die daar om maalt, want iedereen heeft met volle teugen genoten
van deze nieuwste Rhythm Bombs. Wij bij Rootstime wisten het door "onze"
Freddy al lang, maar hiermee is het nog maar eens bewezen, een Celis kan je
niet intomen, inblikken lukte nog net, gelukkig maar voor ons, bluesfans.
(RON)

SEAN
RYAN
LONESOME DRIVER MUSIC
Website Contact
CD-Baby
Quad
Cities, Illinois is de thuishaven van singer-songwriter Sean Ryan die ons met
het ep-tje “Lonesome Driver Music” een moderne country en folkplaat
heeft toegestuurd. Zelf zegt hij de mosterd gehaald te hebben bij muzikale voorbeelden
als Wilco, Whiskeytown, Uncle Tupelo en the Jayhawks. Het is dan ook in dit
muzikale genre dat we zijn songs dienen te plaatsen. De zeven nummers op dit
album werden over een periode van meerdere jaren door Sean Ryan bij elkaar gepend.
Naast dit eerste solowerk speelt Sean Ryan samen met enkele vrienden ook mee
in de groep ‘The Dawn’. Dat deze ep een voorbode moet worden van
een eerste full-cd is duidelijk. De countrysongs “Life’s In Grey”
en “My Way” met overvloedig aanwezige pedal steelklanken geven meteen
aan wat genre muziek we op die komende full-cd mogen verwachten. Zijn Americana-sound
wordt momenteel echter al door zovele anderen gebracht waardoor we Sean Ryan
moeten aanmoedigen om te proberen iets af te wijken van deze traditionele sound
om op te vallen tussen die grote meute. De song “Walk Right In”
is zo’n stap in de juiste richting. Het is een meeslepende ballad die
overigens voortreffelijk vocaal gebracht wordt door deze jonge artiest. Ook
de nummers “Wasting My Time” en de knappe cd-afsluiter “Easy”
weten ons gemakkelijk te bekoren. De andere liedjes “You Said It”
en “Whatever I Have To Do” missen echter nog dat sprankeltje dat
van een liedje een sterke song moet maken. Eindconclusie van Rootstime voor
“Lonesome Driver Music”: heel verdienstelijk werkstuk maar er is
nog nood aan wat meer vijl- en schaafwerk om ons een full-cd van Sean Ryan tot
een hoger kwalificeringniveau te doen brengen. We hopen dat hij heel snel ons
ongelijk mag komen bewijzen.
(valsam)

REDISCOVERING LONNIE
JOHNSON
BLUES ANATOMY WITH JEF LEE JOHNSON
Myspace
Label: Range Records Amazon
Het
leven van Alonzo ‘Lonnie’ Johnson leest als een roman. Deze gitarist/violist
werd nog vóór 1900 in New Orleans geboren en speelde met zijn
broer in de plaatselijke clubs en kroegen. Tijdens Wereldoorlog I trok hij met
een revuegezelschap mee naar Engeland. Terug in Amerika speelde hij in een rivierband.
Rampspoed kende hij ook, want toen hij in Engeland zat kwam gans zijn familie
om, weggemaaid door de Spaanse griepepidemie. Slechts één broer
ontkwam. Achtereenvolgens werkte hij als spoorweg- en fabrieksarbeider en trok
het ganse land door, van Texas naar Mississippi, Ohio, Chicago, New York, Toronto.
Een vriendin ging er met zijn geld, platen en gitaren vandoor. Tenslotte bezweek
hij in 1970 aan de gevolgen van een verkeersongeluk. Maar ook zijn blues- en
jazzcarrière is boeiend om volgen. In 1925 kreeg hij een contract bij
Okeh toen hij een blueswedstrijd won. Als jazzgitarist en sessiemuzikant maakte
hij naam en hij speelde naast Eddie Lang en aan de zijde van jazziconen Louis
Armstrong en Duke Ellington. Na jaren mediastilte vond zijn herontdekking plaats
in 1959 waar producer/schrijver Joe Boyd een rol in speelde. Johnson werkte
toen in een hotel in Philadelphia en werd daar door de nog jonge Boyd opgehaald
voor een avondlijke bluessessie voor studenten in Princeton. Je zou kunnen zeggen
dat deze ‘Rediscovering’ hier aansluit, want zo geraakte Johnson
weer in de running met ook nu weer hernieuwde aandacht voor deze allround gitarist.
Voor dit tribuut aan Johnson zocht producer Aaron Luis Levinson een quasi ‘kameleon’
gitarist om de songs van Lonnie Johnson te laten herleven. Hij kwam uit bij
veelzijdig gitarist Jef Lee Johnson uit Philadelphia, zowel bekend in jazz-
als in popmiddens. Voor de zang koos hij Eddie Davis. Deze maakte deel uit van
de band ‘Blues Anatomy’ uit Philadelphia. Zelf afkomstig van Philadelphia
wou Levinson het liefst werken met een Philadelphia Crew. Alleen voor Geoff
Muldaur maakte hij een uitzondering, die Johnson in New Jersey nog Live meemaakte
en hier de klassieker ‘He’s A Jelly Roll Baker’ vertolkt.
Op deze ‘Rediscovering’ kan je een dwarsdoorsnede beluisteren van
Johnson’s succesvolle carrière, te beginnen met W.C. Handy’s
‘St.Louis Blues’ over de jazzy song ‘6/88 Glide’, -
ragtime van het eerste uur-, tot het bekende ‘Tomorrow Night’, dat
na hem zovele muzikanten inspireerde met inbegrip van Bob Dylan. De helft van
de songs zijn van de hand van Lonnie Johnson. Louis Armstrong’s ‘I’m
Not Rough’, waar de koperblazers als in een New Orleans parade hun optocht
houden, springt er uit met gastmuzikant/trombonist Jared Melson in een glansrol.
Hij maakt deel uit van ‘Real Live Horns’. Ook Joe Mass met zijn
Resonatorgitaar weet sfeer te creëren alsof zijn gitaarklanken je vanachter
vergeelde gordijnen uit het ‘Ben Franklin Hotel’ toewaaien. Voor
zanger Eddie Davis is het moeilijk om Johnson’s stem te benaderen. Gelukkig
blijft hij zichzelf, want onmogelijk om in ‘Broken Levee Blues’
het origineel te imiteren, meermaals gezongen door zangers die het hebben meegemaakt.
Als Jef Lee Johnson zich echter uitleeft in het instrumentale ‘Playing
With the Strings’ dan bespeur je toch weer dat authentieke. Ook wanneer
in het pittige ‘Have To Change Keys’ gastmuzikant Rick Nollet meedoet.
Levinson’s keuze om Vintage instrumenten te gebruiken doet recht aan Lonnie
Johnson en met deze ‘Rediscovering’ bewijst hij een dienst aan alle
fans met interesse voor tijdloze jazzblues.
Marcie

JEFF
JOHANSSON
THIS DELICATE WALL
Website CD-Baby
Met
Jeff Johansson uit Asheville, North Carolina hebben we alweer een DIY (“do
it yourself”) artiest te pakken. Voor zijn debuutalbum “This Delicate
Wall” schreef hij tekst en muziek voor alle tien liedjes, speelde hij
alle instrumenten die te horen zijn op de plaat en zorgde hij in eigen beheer
voor de opnames en de productie van de cd. In de lente van 2007 begon het hele
project als een demo en na ongeveer een heel jaar knutselen en bijschaven was
de full-cd klaar voor release en voor bespreking bij o.a. Rootstime. Muzikaal
verzamelde hij stukjes country, blues en folk en completeerde die klanken tot
een aangenaam muzikaal werkje. Jeff Johansson leerde doorheen zijn jeugdjaren
spelen op gitaar, drums, piano en keyboards en werd later door meerdere andere
artiesten gevraagd om deze instrumenten te bespelen voor hun platenopnames.
Maar zoals de meeste muzikanten wilde hij ook wel eens weten of zijn eigen liedjes
sterk genoeg zouden zijn om aan de kritieken van het muzikale luisterpubliek
te weerstaan. Vandaar dus deze nieuwe plaat “This Delicate Wall”
met tien mooie, melancholische en mooi georkestreerde liedjes. In de songteksten
toont Jeff Johansson dat hij zowel ernstige, gracieuze als kwetsbare woorden
kan neerschrijven en zingen. De eerste song op het album is “Loving Side”
en kan als een eyecatcher gezien worden. Het nummer is tevens representatief
voor wat de luisteraar nadien nog te horen zal krijgen. Songs als “The
Witness Was You”, titeltrack “This Delicate Wall”, “Lock
Your Sorrows”, “Lover Don’t Go” en afsluiter “Let’s
Start Over” kunnen dienst doen als ideale soundtrack voor geliefden en
voor hen die zonder liefde gevallen zijn en hun verdriet proberen te verwerken.
Een eervolle vermelding vanwege onze redactie krijgt het instrumentale werkstuk
“Cricketsong”. Het dichtst bij country aanleunende nummer op dit
album is “Goin’ To Kentucky”. Zoals hij zelf schrijft in zijn
autobiografie zit er heel veel zoets maar ook veel bitterheid in de songs, maar
als onderliggende toon voor de meeste liedjes wordt steeds een vleugje verlangen,
hoop en eerlijkheid verweven in de teksten. Dit album is vrij eenvoudig opgebouwd
en naakt in zijn eerlijkheid. We hebben dan ook een vermoeden dat “This
Delicate Wall” zeker niet het laatste is wat we van Jeff Johansson zullen
gehoord hebben. Hij heeft alvast de meeste kwaliteiten van een grote songschrijver
in zich verzameld en we hopen dat hij dit gauw zal bevestigen via een nieuwe
plaat.
(valsam)

TANEYTOWN
EAST OF EVERYTHING
Website Myspace
Contact
Label: CoraZong CD.Baby
VIDEO 1 VIDEO
2 VIDEO 3
De
wereld is aan doorzetters, zoveel hebben de heren van Taneytown wel van vaders
wijze raad onthouden. Deze Nederlandse band wist met hun titelloze debuutplaat
twee jaar geleden de nodige deuken in de boter te slaan om te kunnen spreken
van een lichte sensatie en bevestigt eigenlijk alleen maar al het goede wat
we toen al in hun meenden te mogen horen bij het beluisteren van hun nieuwste
cd, "East Of Everything". Na tal van optredens slaan ze keihard terug
met een zeer geslaagde opvolger. U moest al bij de dichtstbijzijnde platenwinkel
staan.
Sommige bands hoeven maar een scheet te laten en de wereldpers springt er bovenop
en haalt de betreffende groep juichend binnen. Af en toe is dat begrijpelijk
maar soms kunnen we alleen maar bedenkelijk ons hoofd schudden. Het andere uiterste
bestaat ook: bands die jarenlang aan de weg timmeren, de ene kwalitatief hoogstaande
plaat na de andere uitbrengen, zichzelf te pletter toeren, maar geen kat die
er om maalt. Het uit Groningen afkomstige Taneytown valt onder de eerste categorie.
"East Of Everything" is hun tweede cd waarvoor ze een platencontract
met het kwaliteitslabel Corazong tekenden. Maar of ze met dit album eindelijk
een publiek gaan aanboren dat qua grootte bij hun talent aansluit? We vragen
het ons eerlijk gezegd af. Hun debuutalbum verdween hier in de vergetelheid
nog voor ze goed en wel uitgebracht was. "Waarom?" vraagt een mens
zich dan af, als hij even geen zin heeft om zich met andere wereldproblemen
bezig te houden. Hopelijk komt er met deze nieuwe plaat eindelijk verandering
in de ongeïnteresseerde houding van pers en publiek. Wie of wat is Taneytown
eigenlijk? Laten we dat om te beginnen misschien eens uitleggen, dan weet u
tenminste wat u de voorbije jaren gemist heeft. De sixties begonnen pas echt
op de ochtend - de zon kwam net op - dat Roger McGuinn voor het eerst z'n Rickenbacker
aansloeg. Sindsdien wil de muziek uit die gouden jaren maar niet verslijten,
en daar hebben al duizenden groepen hun voordeel mee gedaan, The Jayhawks of
The Eagles misschien voorop maar nu hebben we ook Taneytown. Over hun debuut
schreven we twee jaar geleden dat hun muziek in eerste instantie vooral liet
denken aan Bruce Springsteen, Reckless Kelly, Kris Kristofferson en John Mellencamp,
artiesten die steeds op de een of andere manier van invloed geweest zijn op
hun songs, maar heel treffend zijn de overeenkomsten nooit. Na enkele draaibeurten
waren zelfs ook invloeden van The Cash Brothers hoorbaar en kwam de jonge Steve
Earle geregeld om de hoek kijken. "Taneytown" is dan ook het stadje
waar Steve Earle over zong op diens album "El Corazon". Door de keuze
voor deze naam, kwam frontman Edwin Jongedijk via internet in contact met een
inwoonster van het stadje Taneytown, een contact dat uitgegroeid is tot drie
Amerikaanse tours en een hechte vriendschap tussen de band en het stadje. Maar
goed, hun nieuwe album: die klinkt - wat dacht u - misschien niet veel anders
dan hun debuut, dat wil zeggen: goed tot fantastisch. Niet dat ze nooit eens
over het muurtje kijken. De twaalf nieuwe songs klinken helemaal zoals men van
Taneytown kan verwachten: zeer fris en spannend. Van opener "Picking Up
the Pieces" tot afsluiter "The Way I Feel Tonight" grijpt de
groep je bij de lurven met hun Amerikaanse mix van onbezorgde Westcoast in combinatie
met singer/songwriter met lichte country-tic. Deze opener en opvolger "Lie
to Me" ruiken meteen al naar het vroegere werk van The Byrds en Eagles,
daartegenover zijn de daaropvolgende songs "Train of Thought" en "Perfect
Sins" meer familie van Chris Knight. "Moonlight Serenade" is
één van de mooiste nummers die we dit najaar hoorden, even ingetogen
als groots, met een prachtige akoestische gitaar, een subtiele pedal steel gitaar
van Dave Hadley (Shane Gamble & The Gentlemen) en Amanda Shires (Billy Joe
Shaver, Rod Picott) op viool en backing vocals op de achtergrond. "It Was
Cold That Night" om bij de dromerige nummers te blijven, met Dave Hadley
wederom in een glansrol, vindt net zoals de nummers van Tom Waits zijn oorsprong
in de onderkant van een harde samenleving, al vult Taneytown dat op een eigen
muzikale manier in, er is namelijk al een Tom Waits. Moe worden ze er niet van.
Want songs als "Dog Eat Dog" en "Harvest Time", liggen meer
in het vaarwater als diezelfde Waits of een Springsteen. Gelukkig wordt er naast
al dit moois ook een potje gerockt in "I Don't Need You Anymore" en
dat maakt dit album tot een prettig afwisselende plaat en bewijst nogmaals dat
we in de toekomst wellicht rekening moeten gaan houden met Taneytown. Op "East
Of Everything" brengt deze vijfmansformatie in zijn songs gewoon zoveel
boeiends te berde, dat een beoordeling op eigen merites niet anders dan zeer
positief kan uitvallen. "East Of Everything" is behalve een hele mooie
titel een prachtplaat van een groep die z’n plaats in het muzieklandschap
aan het vinden is. Het enige waar Taneytown nog naar op zoek is, is een publiek
dat de schoonheid van zijn werk inziet. Misschien voelt u zich wel aangesproken?
Taneytown bestaat uit:
Edwin Jongedijk: zang, gitaar
Joost Prinsen: gitaar, zang
Benjamin Vernooij: toetsen, zang
Martin Wieringa: bas, harmonica, zang
Niek Stok: drums, zang
TANEYTOWN LIVE
03/10'08 CD release party,
CC van Berestijn, Veendam
(aanvang: 20:00)
12/10'08 One for the road 2008, Purmerend
www.stichting-amp.nl aanvang: 16:00
18/10'08 Cafe Bax,
Amsterdam
aanvang: 21:30
30/11'08 Cafe Koster, Groningen
aanvang: 16:30
13/12'08 Cafe 't Keerpunt, Spijkerboor
aanvang: 21:00
10/04'09 Muziek cafe de Cerck, Beilen
aanvang: 21:30

ROGER
SALLOOM
LA TE DA
Website Myspace
Label : Florence Records
CDBaby
Waar
maakt een singer-songwriter het verschil ? Juist, met in het oog springende
teksten, mooie melodieën en zeker met een opvallend stemtimbre. Roger Salloom
is gezegend met al die kwaliteiten. Zijn stem is een kruising tussen Steve Forbert
en het nasale, scherpe van Bob Dylan. Zijn teksten zijn gevat, uit het leven
gegrepen en doorspekt met humor. Zijn nieuw album “La Te Da” is
het ultieme bewijs van zijn groot talent. In 2006 werd Salloom’s boeiend
levensverhaal zelfs verfilmd in “So Glad I Made It, the saga of Roger
Salloom, America's Best Unknown Songwriter “, een aangrijpend verhaal
over man’s carrière en voortdurende tweestrijd tussen roem en vaderlijke
plicht om zijn alleen zijn twee zonen op te voeden. De film won maar liefst
zes awards. De lovende kritieken van de film zorgden ervoor dat Roger opnieuw
in the picture kwam als muzikant. Velen waren al vergeten dat hij in de zestiger
jaren podia deelde met muzikanten zoals Van Morrisson, Santana, Procul Harum,
BB King en andere grootheden. Op het openingsnummer en titelsong van het album
“La Te Da” staan er twee andere kleppers hem bij om dit jazzy nummer
de juiste originele toets te geven. De warme saxofoonklanken van Charles Neville
van The Neville Brothers voeren je samen met Eilen Jewell, die een omhelzend,
hartverwarmend duet vormt met Roger Salloom, recht naar de rokerige sferen van
een saloon in New Orleans. We blijven rondzwerven in de buurt van de Missippi
River met “The Grayson Capps” die Roger vocaal en met slidegitaar
bijtreden in de rootsblues en vrolijke meezinger “Tappin’ That Thing”.
Protestsong in pure Bob Dylan stijl krijgen we te horen in het antioorlogslied
“Gotta Stop Killin’ Them”, waar hij het schrijnende verlies
en het grote verdriet van moeders die hun zonen verliezen aanklaagt. Roger is
niet te beroerd om zijn eigen zwakke kantjes bloot te leggen in een paar intrigerende
songs zoals het niets verhullende “Mr. Jealous” en de bekentenis
dat hij geen verstand heeft van vrouwen in “When It Comes To Women”.
In “So Glad I Mad I It” schotelt hij je dan weer zo’n prachtig
arrangement voor dat het eigenhandig door Paul McCartney zou kunnen geschreven
zijn. “I Love You Baby” ruikt sterk naar een swingende Travelling
Willburry’s in hun glorieperiode. Roger Salloom is een duizendpoot als
singer-songwriter. Hij heeft een hoop ervaring en dit is duidelijk merkbaar
in de manier waarop hij elke song de juiste gevoelsnoot weet mee te geven. Fenomenaal
bewijs hiervan is het melancholische en instrumentaal sobere “Wrong Thing”,
waar hij met een hoge tremolostem en gevoelig uitgezongen noten de droevigste
Ryan Adams naar de kroon steekt. Deze Roger Salloom hoort gewoon bij de top.
Niet twijfelen en laat je verleiden door de charmes en de veelzijdigheid van
deze man en zijn aanstekelijke muziek.
Blowfish

THE
WATER CALLERS
SPRINGBOARD
Website Myspace
Contact CD-Baby
De
in 2005 ontstane groep ‘The Water Callers’ is eigenlijk een duo
bestaande uit zanger-gitarist-percussionist Jason Fagg en zanger-gitarist Bart
Matthews. Beide muzikanten schrijven hun songs zelf en ze opereren vanuit Durham,
North Carolina. Hun sound is beïnvloed door de traditionele Amerikaanse
muziekstijlen uit het Zuiden zoals jazz, country, bluegrass, gospel en folk.
De heren schrijven ook muziek voor film en theaterprojecten maar voor hun cd-project
“Springboard” doken ze 11 songs op uit hun eigen repertoire en voegden
er één echte traditional aan toe met het nummer “Green Pastures”.
“Springboard” is de tweede cd van dit duo en werd eind 2006 voorafgegaan
door “The Finest Of The Wheat” dat ook al volledig uit originele
maar op traditionele muziek geïnspireerde Americana-songs bestond en gekenmerkt
wordt door de typische samenzang van Fagg en Matthews. Op het hoesje van hun
nieuwe cd bedanken ze Jason Merritt uitvoerig. Hij is de zanger van ‘Timesbold’
en ook bekend als ‘Whip’ en stond in voor de opnames en de mixing
van “Springboard”. Merritt is zelf ook een fervente aanhanger en
performer van dergelijke traditionele muziek met een hedendaags tintje. Het
aanstekelijke en vlot meezingbare nummer “A Night Like This” steekt
het vuur aan de lont op dit album en songs als “Requiem” en “Magnolia”
houden het vuurtje brandend - zij het op een waakvlam – want ze missen
toch wat kracht. Het liedje “Hold Out” doet ons vooral denken aan
de akoestische sound van de jonge James Taylor. Pas in de song “Caroline”
over een verloren liefde en de bijhorende hartenpijn kunnen ze onze verhoogde
aandacht terug opeisen. Zuivere Americana-rootsmuziek die je eigenlijk op een
78-toerenplaat zou verwachten. De traditionele pedal steel country in het langzame
walsje “She Was The One” is vrij onopvallend en zou eigenlijk op
elke plaat van een countryzanger kunnen staan. “Mama” is countryfolk
unplugged net als de uptempo cd-afsluiter “Time After Time”. Beide
liedjes kunnen zo met enkele andere cowboys rond het kampvuur meegezongen worden.
Dat geldt ook voor de songs “Remember To Breathe” en “Miner’s
Lullaby”. ‘Woody Guthrie revisited’ zou je kunnen stellen.
The Water Callers brengen ouderwetse muziek in een actueel kleedje gestoken
maar kunnen er ons niet helemaal mee overtuigen, ondanks het feit dat er ergens
zeker een luisterpubliek voor hun sound gevonden zal worden. Of dat in Europa
zal zijn valt echter te betwijfelen.
(valsam)