ARCHIEF

JANUARI 2008 - FEBRUARI 2008 - MAART 2008 - APRIL 2008

MEI 2008 - JUNI 2008 - JULI 2008 - AUGUSTUS 2008


EACH MONTH MORE THAN 100 REVIEWS FOR YOUR ROOTS LOVIN' EARS!


RORY BLOCK - BLUES WALKIN' LIKE A MAN - A TRIBUTE TO SON HOUSE

JOHN MELLENCAMP - LIFE, DEATH, LOVE AND FREEDOM

CHUCK McCABE - CREATURES OF HABIT

DAVE SUTHERLAND - ON THE WAITING LIST

DERBY - POSTERS FADE

MICHAEL MANN - I STILL GOT MY GUITAR

VICTOR CAMOZZI - 3 PESO CIGAR

GRAND ATLANTIC - THIS IS GRAND ATLANTIC

SCRAPOMATIC - SIDEWALK CAESARS

JUDE JOHNSTONE - MR. SUN



 

 

 

RORY BLOCK
BLUES WALKIN' LIKE A MAN - A TRIBUTE TO SON HOUSE
Website Label: Stony Plain records Distr.: Munich

 

Wat een rare carrière heeft Rory Block (1949) toch. Vanaf 1976 bouwt ze in de Verenigde Staten een enorme live-reputatie op als vertolker van de akoestische Delta-blues, maar weet ze in Europa geen potten te breken. Vervolgens wordt er in 1987 een succesvolle verzamelaar "Best Blues And Originals", uitgebracht die wereldwijd wordt genegeerd, maar juist hier in de Lage Landen twee enorme hits oplevert, nl. "Lovin' Whiskey" en "Gypsie Boy", waarna Rory Block weer gewoon in de anonimiteit verdween. Onder de ruim 20 cd’s die ze sinds 1976 heeft uitgebracht zitten een aantal klassiekers, maar de afgelopen jaren viel eigenlijk iedere nieuwe cd van Rory Block vies tegen. Tot de overstap naar een nieuw label, het blueslabel Telarc, waar Rory Block een creatieve impuls kreeg met de prachtige albums "Last Fair Deal" (2004) en "From The Dust" (2005). Na deze albums te hebben uitgebracht bij Telarc, had Block onderdak gevonden bij het Ryko label en zo verscheen in 2006 het album "The Lady And Mr. Johnson". Dit waren drie albums meteen in de goede richting: akoestische Delta-blues in zijn puurste vorm. Rory Block vindt haar inspiratie in de countryblues uit de eerste helft van de vorige eeuw. Nu geldt dat voor meer muzikanten in deze tijd, maar weinigen grijpen zo rechtstreeks terug op deze bij uitstek zwarte muziek als deze blanke muzikante. Niet alleen zijn haar eigen songs doordrenkt van de blues, ook vertolkt zij op elk album wel een song van Robert Johnson, Son House of Charlie Patton. Zo helpt zij een even belangrijke als mooie muzikale traditie te conserveren en in ere te houden. Dit was reden genoeg om een album uit te brengen met werk van blueslegende Robert Johnson. En dit moet haar goed gedaan hebben want haar nieuwste album "Blues Walkin' Like A Man" is ook een tribuut, met daarop weergaloze vertolkingen van legendarische Son House-songs.

Son House kan wellicht worden beschouwd als de krachtigste Delta bluesman. Hij was misschien technisch niet zo ontwikkeld als zijn leerling Robert Johnson, maar zijn gitaarspel had een rauw kantje en ook zijn stem en teksten waren sterk. Tijdens een ruzie schoot Son House in 1928 een man dood. Hiervoor werd hij veroordeeld tot een verblijf in de beruchte Parchman Farm. Maar binnen twee jaar werd hij weer vrijgelaten toen de zaak nogmaals werd beoordeeld en toen bleek dat Son uit zelfverdediging had geschoten. De rechter adviseerde hem de omgeving van Clarksdale te verlaten. In Robinsonville werd hij steeds lastiggevallen door een jongeman, die hem steeds maar vroeg hem gitaar te leren spelen. Af en toe kreeg deze jongeman Son's gitaar te pakken en begon er, tegen de zin van Son, op te spelen en hij stuurde hem steeds weg. Enkele jaren later kwamen zij deze jonge muzikant weer tegen en deze bleek een fabelachtige techniek te hebben ontwikkeld. De naam van deze gitarist was Robert Johnson. Rory Block was 15 jaar toen ze Son House ontmoette, zij groeide toen in de 60er jaren op in de legendarische wijk Greenwich Village (NY). Rory raakte toen al verslingerd aan de blues, maakte zich een eigen opmerkelijke gitaartechniek aan en groeide uit tot één van de grootste live en akoestische bluesartiesten. Met "Blues Walkin' Like A Man: A Tribute To Son House" wil ze dus wederom een hulde aan haar inspiratie brengen, hetgeen ze ook met verve doet. Dit is een buitengewone opname. Alleen Block, haar stem en haar gitaar zorgen voor een enerverende rit, enkel bijgestaan op drie tracks door Block's vriend, Lovin' Spoonful frontman John Sebastian, op harmonica. Hoewel de schijnwerper voor het ego goed kan zijn, laat het de muzikant ook alleen en naakt. Van de openingssong "My Black Mama" tot aan "I Want To Go Home On The Morning Train", het enige dat dit album onthult is dat Block één van de beste vrouwelijke Delta Blues ’slide gitaar’ speelster is. Zij zuigt je in haar wereld van de Delta Blues doordat zij emoties kan overbrengen als geen ander. Tijdens het beluisteren van deze plaat kunnen wij maar enkele albums opnoemen welke eenzelfde emotionele eerlijkheid bezitten als deze, en dan denken we meteen aan haar voorganger: "The Lady And Mr. Johnson". Lied na lied trekt zij ons binnen en houdt ons in de palm van haar hand; we luisteren zorgvuldig wanneer zij haar vingers laat dansen op de snaren van haar gitaar. Daarbij ontfermt zich hier over dertien House klassiekers zoals "Death Letter", "Preachin' Blues" en "Grinnin' In Your Face" en vertolkt deze met een bezieling die niet onder doet voor haar grote voorgangers. De overige liedjes steunen louter op haar soulvolle zang en zeer vaardige (slide-)gitaarspel. Haar uitvoeringen blijven dicht bij hun originelen, maar dat maakt "Blues Walkin' Like A Man: A Tribute To Son House" zeker niet tot een overbodige plaat. Kortweg: "Blues Walkin' Like A Man: A Tribute To Son House" is wederom het hoogtepunt van jaren de Delta Blues Mississippi te spelen, de muziek die voor haar een obsessie is sinds een dag in het jaar 1965 dat zij Son House ontmoette. Er zijn maar weinig muzikanten welke dergelijke muziek authentiek en tegelijk origineel kunnen brengen, maar Block lukt het. In haar handen is de muziek van House geen stoffige, te zien en aan te raken museumstuk, maar muziek dat leeft. Block zingt met haar rauwe stemgeluid liedjes die zich in je hersenen kronkelen waar zij een emotionele resonantie teweegbrengen. Zij is gewoon één van de beste akoestische vandaag nog levend zijnde spelers van de Mississipi Delta Blues en dit album is een perfecte showcase voor dat talent.


Track Listings
1. My Black Mama
2. Downhearted Blues
3. Preachin' Blues
4. Jinx Blues
5. Dry Spell Blues
6. Shetland Pony Blues
7. Death Letter
8. County Farm Blues
9. Grinnin' in Your Face
10. Low Down Dirty Dog Blues
11. Depot Blues
12. Government Fleet Blues
13. I Want to Go Home on the Morning Train



 

 

 

JOHN MELLENCAMP
LIFE, DEATH, LOVE AND FREEDOM
Website VIDEO
Label: Hear Music
Distr.: Universal Music


Mellencamp, in de jaren '70 van de vorige eeuw begonnen als John Cougar, een naam die David Bowie's manager Tony DeFries voor hem had bedacht en zelf verantwoordelijk is voor een aanzienlijk aantal klassiek geworden Amerikaanse songs, brengt op zijn nieuwste album, "Life, Death, Love and Freedom", uitgebracht op Hear Music, zoals op zijn vorig album, "Freedom Road" (2007) allemaal songs door John zelf geschreven, dit in tegenstelling met "Trouble No More" uit 2003. Dit was in feite zijn eerste CD met louter covers, een fraai eerbetoon aan invloedrijke voorgangers uit de country, blues en folk. John Mellencamp bracht begin jaren tachtig de albums "Uh-Huh en Scarecrow" uit. Zijn Heartland Rock was erg in trek bij de boerengemeenschap in de VS. Na afloop van Live Aid vroeg Bob Dylan zich af of er misschien een paar miljoen van de opbrengst beschikbaar was voor de noodlijdende Amerikaanse boeren. Hierop organiseerde Mellencamp samen met Neil Young en Willie Nelson de benefietrally "Farm Aid". Het maakte van hem een volksheld in de Mid-West en voor velen een jukeboxheld dankzij een rijk oeuvre aan albums dat zulke American classics als "I Need A Lover", "Jack And Diane", "Paper In Fire" en "Teardrops Will Fall" omvat. Maar gelukkig neemt hij toch met regelmaat de tijd om een nieuwe plaat te maken, al was het met "Freedom Road" (2007) vier jaar geleden dat Mellencamp met nieuw werk op de proppen kwam. Deze plaat is gebaseerd op de zestiger jaren garage rock, en Mellencamp en zijn band namen het zelfs op in de oefenruimte (wat van origine eigenlijk een garage was) van zijn eigen studio in Belmont, waar hij alle albums heeft gemaakt sinds "Scarecrow". Mellencamp schreef en produceerde alle 10 songs op "Freedom's Road", songs over de huidige situatie en het politieke klimaat in de Verenigde Staten. Mellencamp komt nu op de proppen met zijn nieuwste album, "Life Death Love And Freedom" getiteld. Deze plaat is speciaal voor de geluidspuristen uitgebracht op audio-dvd en opgenomen volgens de nieuwe ???? CODE-techniek waarbij de muziek vrijwel identiek klinkt aan de high resolution mastertapes, dus nog warmer en voller. Het is voor het eerst dat deze CODE-technology wordt toegepast. Omdat de opslag van deze high-definition muziek behoorlijk wat ruimte kost staat de CODE-versie van "Life, Death, Love & Freedom" op een aparte dvd, maar ook een gewone standaard cd wordt meegeleverd voor fans zonder dvd-speler. "Life, Death, Love & Freedom" werd geproduceerd door Amerikaans songwriter T-Bone Burnett (Roy Orbison, Elvis Costello, Counting Crows). T-bone toerde in 1975 met nog Bob Dylan, als muzikant met Dylan’s Rolling Thunder Revue en schreef liedjes voor artiesten als Tony Bennett en k.d.lang. Dylan en diens voorbeelden Woody Guthrie en Robert Johnson zijn ongetwijfeld meer dan ooit van invloed geweest op Mellencamp (vocals, gitaren) voor dit organische album dat louter bestaat uit atmosferische folk en country blues. Het sfeertapijt dat Burnett achter de knoppen neerlegt zorgt ervoor dat de songs stuk voor stuk blijven boeien. De hoofdzakelijk akoestische setup klinkt atmosferisch, technisch en dit in een absolute topproductie van deze T-Bone Burnett die zelf ook meespeelt (elektr. gitaar) op deze plaat. De verdere bezetting bestaat uit Andy York (gitaren), Troye Kinnett (melodica, piano) en John Gunnell (upright bass). Zijn maatschappelijke betrokkenheid is nog steeds voelbaar in zijn songs, net als Bruce Springsteen (niet toevallig iemand waarmee Mellencamp veelvuldig vergeleken is) is Mellencamp niet blijven steken in oude idealen, maar is in de loop der jaren behoorlijk veranderd. Mijmerend met een melancholische droefgeestigheid vertolkt hij nu thema’s als: ouder worden, ziekte, eenzaamheid en pessimisme. De single "My Sweet Love" is nog een opgewekt liedje dat muzikaal sterk doet denken aan eerder werk toen Mellencamp nog zong over small towns, farms en every day struggles. Maar de combinatie van slide gitaar, piano en Mellencamp’s rasperige soulvolle vocalen, is mooi, zeker als Karen Fairchild van de countryband "Little Big Town" op een aantal nummers Mellencamp terzijde komt staan. Naast het rustige "Mean", de tekst de melodie en de manier waarop John "A Ride Back Home" met die rauwe ingetogen stem zingt en het nummer "Don't Need This Body" behoren tot de betere nummers van dit album, een plaat die donkerder en rauwer klinkt dan zijn voorgaande materiaal. Zo zingt hij in deze laatste song: "Ain't gonna need this body much longer / I can't see much like I used to / and I can't run like the wind / I don't sleep more than just a few hours / I can't remember where I've been". Hoorbaar gaat Mellencamp Springsteen voorbij, sterker nog hij laat hem mijlenver achter zich. John Mellencamp werpt met "Life, Death, Love And Freedom" zijn meest zwartgallige blik op het leven. Het persoonlijke doel van Mellencamp voor deze plaat was om erachter te komen of hij net als vele legendarische voorgangers ook droevige songs kon schrijven en opnemen, dat is hem met verve gelukt! Zoals Bruce Springsteen zijn ingetogen "Nebraska" maakte, zo heeft Mellencamp nu ook een memorabel zwart/wit album als nalatenschap.

TRACKLISTING:
1. Longest Days
2. My Sweet Love
3. If I Die Sudden
4. Troubled Land
5. Young Without Lovers
6. John Cockers
7. Don't Need This Body
8. A Ride Back Home
9. Without A Shot
10. Jena
11. Mean
12. County Fair
13. For The Children
14. A Brand New Song



 

 

CHUCK McCABE
CREATURES OF HABIT
Website Myspace CDBaby

 

Al twintig jaar is Chuck McCabe op pad met zijn songs en zijn gitaar of banjo, en niet zonder succes. Of het nu gaat om de lounge van een hotel, een koffiehuis of Nashville’s Bluebird café, de veelzijdige en humoristische Chuck is overal een graag geziene performer. Naast zijn soloprojecten speelt hij nog bas in een Ierse folkgroep, leadgitaar in een oldies-band en banjo in een folkensemble en is hij ondertussen zijn tweede boek aan het schrijven. Als songwriter viel hij al verschillende malen in de prijzen met als uitschieter de eerste plaats in de prestigieuze “Woody Guthrie Songwriting Competition” . McCabe is een man van veel talenten en zijn nieuw album “Creatures Of Habit” is daar een mooi voorbeeld van. Volgens Chuck zijn we echte gewoontedieren, verknocht aan een vertrouwde omgeving en gewoontes en dat is ook zo. Waarom doen we elk jaar mee aan de zich jaarlijks herhalende vakantiegekte? In “Holidaze” ridiculiseert hij de oncontroleerbare behoefte van sommigen om erop korte tijd hun dikwijls zuur verdiende centjes in een oogwenk, bijna dwangmatig, door te jagen. Deze song typeert volledig de zeer humoristische schrijfstijl van Chuck McCabe, die soms op het absurde af zijn onderwerpen kiest. Heeft er ooit al iemand een lyrische beschrijving gegeven van ingeblikte vleeswaren? Chuck doet het dichterlijk mooi in “Meats In A Can”. Er komen ook ernstiger onderwerpen aan bod, maar altijd met een humoristische of ironische inslag. In dit Amerikaans verkiezingsjaar mag een politieke noot niet ontbreken en met een tekst om duimen en vingers af te likken geeft hij de ideale oplossing voor alle problemen aan in “Al Figured Out”. Het naar Paul Simon ruikende “Creatures Of Habit I A Changing “ verwijst naar de niets ontziende bulldozer die ons verleden in de vernieling rijdt onder het mom van de vooruitgang. In “Partisan Of Polka” is hij nog scherper in zijn cryptische bewoordingen en drijft spot met bevooroordeelde en bekrompen mensen die uit hun elitaire trots anderen proberen te overhalen om hun kamp te kiezen. McCabe is hier de perfecte Amerikaanse kloon voor Drs. P. De vernietigende sporen die een oorlog nalaat maken een diepe indruk op Chuck en hij beschrijft dit kritisch in de nochtans romantisch klinkende Mexicaanse ballade “Cortez And Coronado”, warm opgevuld met mooie dobro en accordeonklanken. Zij die houden van een mooi sfeervol verhaal met humoristische inslag, verweven in typerende melodieën en passende instrumenten doen een gouden zaak aan “Creatures Of Habit”. Hou het tekstboekje in aanslag en laat je verrassen door McCabe’s dichterlijke liederen en wijsheden.
Blowfish



DAVE SUTHERLAND
ON THE WAITING LIST
Website Myspace
Label: Red Kite Records Myspace
VIDEO 1 VIDEO 2 VIDEO 3

 

In Engeland is Brit Dave Sutherland al lang een bekende singer-songwriter die zoals zijn mentor Bert Jansch de aandacht trekt omwille van zijn poëtische songs en delicaat gitaarspel. Aan de overkant van het kanaal is hij minder bekend, althans in België, maar daar zou met deze ‘On The Waiting List’ wel eens verandering in kunnen komen. Het is zijn vierde studioalbum, maar zijn eerste op het label Red Kite Records. Mogelijk dat dit een nieuwe impuls geeft aan zijn songwritercarrière. In het spoor van Ralph McTell schrijft en zingt Londenaar Dave gevoelvolle songs die melodisch bekoren. Als twintiger werd hij al aangetrokken door de muziekscène. Zelf ook de stap zetten leek hem volkomen natuurlijk. Geboren in 1970 mocht hij al in 1994 optreden tijdens het Phoenix Festival waar Van Morrison eveneens op de affiche stond. Daarna begon hij zelf rond te toeren, eerst nog dichtbij in Ierland, maar al spoedig verder naar Georgia en andere Staten in Amerika. De thema’s van de troubadours boeiden hem eveneens, zodat ook in zijn songs de roads en rails, dromen en hobo’s, gezochte en verloren liefdes lyrisch worden bezongen. Hij zingt zijn strofes met een warme stem die aan een kruising van John Prine, Donovan en een jonge Loudon Wainwright doet denken. Townes Van Zandt voelt hij ook goed aan, wiens ‘If I Needed You’ hij tot iets persoonlijks herwerkt. De andere songs schreef hij zelf. Die baden soms in een countrysfeertje door de bluesgrass instrumentatie. Het onstuimige orgel en de pedalsteel van Gunnar Frick, de mandoline van Martin Brown en de achtergrondzang van Siobhan Parr stuwen Dave’s songs dan liefdevol richting Americana. Maar violen, viola en cello hevelen de songs dan weer terug naar Engelse tradities in meer folky richting. Zo switcht Dave vloeiend tussen verschillende stijlen, zoals zijn intuïtie hem dit ingeeft. ‘When Tomorrow Comes’ met mondharmonica meer slepend, ‘Coming Apart at the Seams’ meer countryrockend en ‘Cold Light of the Morning’ meer folky. Deze laatste song met accordeon en in duet met Siobhan. Mijn favoriet op deze Cd is echter de meest ingetogen, waarop alleen sobere pianobegeleiding de zanglijnen van Dave vergezelt. In het verstilde ‘You Got A Man Like Me Loving You’ hoor je hoe Dave breekbare gevoelens universeel weet te vertalen. In het slotnummer ‘On the Waiting List’ hult de cello van Jenny Adejayan de ‘singer in the band’ in een waas van droevig vaarwel. Een mooie afsluiting voor een Cd die elk folk/countryfan gerust op zijn/haar verlanglijstje mag zetten.
Marcie



 

DERBY
POSTERS FADE
Website Myspace Contact
Distr.: Hemifran CD-Baby

 

‘Derby’ is de verzamelnaam van een driemansformatie uit Portland, Oregon in de Verenigde Staten. Groepsleden van dienst zijn Nat Johnson, Dave Gulick en Isaac Frost. De jongens hebben de goede gewoonte om alles zelf te doen: songs schrijven, spelen en zingen, de engineering en de productie van hun cd. Allicht een kwestie van de controle over het eindproduct niet uit handen te geven. De muziek op de cd “Posters Fade” is hedendaagse popmuziek: poppy, catchy dus vlot in het gehoor liggende deuntjes met een hoge graad aan meezingbaarheid. Persvergelijking met bands als ‘The Shins’ en ‘Wilco’ zijn niet helemaal onterecht. Integendeel, de sixties- en Britpop van ‘The Shins’ of ‘Teenage Fanclub’ is wat ook wij in heel wat van de liedjes menen terug te horen. Een paar van de songs hebben zelfs hitparadekwaliteiten zoals de eerste single “All Or Nothing” die erg veel op een song van ‘The Magic Numbers’ lijkt (zoals overigens ook enkele andere songs op dit album), het melodieuze en sentimentele “Only What She’s Selling” en het opzwepende “Streetlight” zijn hitgevoelig en kunnen mits de nodige airplay voor een sterke verkoop van deze cd zorgen. Cd-opener “Why Don’t You Do It” en “Stop Stalling” vertonen veel respect voor The Beatles en hun populaire songmateriaal. Handjes klappen en meezingen mag op het vrolijke liedje “If Ever There’s A Reason” en hun seventies hommage in de titeltrack “Posters Fade” kan mee op het lijstje van de hoogtepunten van deze plaat. Harmony vocals vormen de basis van het nummer “Stumps” naast knap violenwerk en een zacht akoestisch gitaartje. In het nummer “Tree Tops” wordt zelfs de pedal steel bovengehaald en wanen we ons even in countryland. De kracht van dit album ligt in de kwaliteit en diversiteit van de nummers die geselecteerd werden voor deze cd. Van vrolijke meestampers tot gevoelige en intieme ballads: er is van alles wat terug te vinden op “Posters Fade”. We zijn ook probleemloos overtuigd dat de drie jongens zich geweldig hebben geamuseerd bij de opnamen van dit album en daar is het in de eerste plaats toch om te doen als rechtgeaard muzikant. Een recensent vergelijkt de songs “Michigan” en “As My Own” met New Order-nummers, weliswaar met een stevige invloed van sixtiesrock. Met de opvolger van hun debuutplaat “This Is The New You” uit 2005 heeft ‘Derby’ met “Posters Fade” muziek gebracht voor de grote massa en voorspellen we hen een voorspoedige muzikale carrière in het popland van de 21ste eeuw.
(valsam)



 

 

MICHAEL MANN
I STILL GOT MY GUITAR
Website Myspace CDBaby

 

Oh, wat hou ik van die muziek uit Georgia... Atlanta en Macon, het zijn steden wiens namen me als muziek in de oren klinken. Een groot gedeelte van mijn lp en cd collectie komt uit de zuiderse staten: zoals Allman Brothers of Wet Willie uit Alabama met de fantastische Jimmie Hall. Ik hield van die muziek in de jaren zeventig, die Southern rock, met bands als Lynyrd Skynyrd,.Marshall Tucker en het Capricorn label en al zijn heerlijke bands, en ik ben er altijd van blijven houden. Momenteel lijkt er een nieuwe lichting van die muziek onze richting uit te komen, wat ik allerminst betreur. Zo zijn er ondermeer de releases van het nieuwe label van Johnny Sandlin, Rockin Camel. Jimmy Hall startte "Renegades of Southern Rock" op en deze week kregen we weer een cd met heerlijke Southern rock uit Atlanta toegestuurd "I still Got My Guitar" heet het kleinood, en de man die ons op het hoesje trots zijn gitaar toont heet Michael Mann. Neen, niet die, met Miami Vice heeft deze Michael niks te maken. Hij brengt ons de echte, pure onvervalste Southern Rock op zijn sterke debuut, met sterke Lynyrd Skynyrd invloeden. Michael Mann heeft twee sterke troeven, zijn powervolle stem, die bij momenten Ronnie van Zandt doet herleven en zijn gitaar, waaruit hij nu eens zware Southern riffs tovert, en wat later gevoelige ballads van het nodige ingetogen gitaarwerk voorziet. Een van die gevoelsvolle ballads is "My Faith's In You" een knappe song die de zuiderse sfeer met zich meedraagt, de "Free Bird" van de 21ste eeuw. De titelsong echter, een nummer in dezelfde sfeer, spant de kroon, en na het horen ervan kunnen we nog een derde troef bijvoegen: Micheal Mann is een prima songschrijver. "Highs And Lows" doet me onwillekeurig denken aan de muziek van Greg Allman en Marshall Tucker band. De ballads dragen mijn voorkeur weg omdat ze zo sfeervol gebracht zijn, het ijzersterke "When I'm Alone" is daar nog maar eens een voorbeeld van. Het daarop volgende rockende "Where has the Good Gone" kon zo op een Lynyrd Skynyrd cd zonder dat het iemand zou opvallen, een sterke song toch. Afsluiter "I'm not Staying Long" is de zoveelste in de rij van mooie ballads, de kers op de taart zoals dat heet. Laat ons hopen dat hij dat laatste niet echt meent. Stay for long, Mr.Mann, My Faith's In You!
(RON)



 

VICTOR CAMOZZI
3 PESO CIGAR
Website CD-Baby
Label : Volco Records

 

Het verrassend mooie nieuwe album “3 Peso Cigar” van would-be cowboy Victor Camozzi begint met pure en overheerlijke tex-mex-muziek in het swingende “Drunken Breeze”. Die muziekstijl wordt later niet helemaal doorgetrokken in de overige nummers op de plaat maar drijft eerder af in de richting van moderne country en countryrock. Wat betoverend is in alle twaalf liedjes op deze cd - het dertiende is de hidden titeltrack - is de intrigerende stem van outlaw Victor Camozzi. Soms klinkt hij halfdronken, soms intriest en eerder zeldzaam even vrolijk. Hij neuzelt zijn teksten zoals een Tom Waits dat pleegt te doen. De pedal steel in het nummer “Normal People’ benadrukt die laid back en “who cares”-attitude die Camozzi in dit nummer probeert weer te geven. “California Time” gaat op de ingeslagen weg verder en klinkt als een verward verhaal van één door liefdesverdriet overmande dronkaard. Als je Victor Camozzi’s naam googelt levert dat maar bitter weinig informatie op. Het lijkt zelfs alsof hij bewust het mysterie in stand wil houden. In een heel korte bio vertelt hij dat hij geboren werd in Waco, Texas (what’s in a name) en in de diepste ellende zat toen hij besloot om naar Idaho te verhuizen. Zijn vader werkte als psycholoog in de gevangenis en zijn moeder gaf les aan kinderen met leerachterstand. Zelf leerde hij veel over het reilen en zeilen in de wereld tijdens de dagelijkse conversatie bij het avondeten met zijn ouders. Zelf studeerde hij ook nog een aantal jaren psychologie maar zijn aandacht werd al snel afgeleid door de meisjes en hij besloot zijn zwerftocht verder te zetten naar Californië om tenslotte in Texas te belanden, het mekka van het muziekgenre dat hij op deze cd brengt. In die muzikaal interessante omgeving kreeg hij een eigen kijk op de wereld en begon hij verhaaltjes te verzinnen die hij later op muziek zette. Zo ontstonden de nummers die nu dienst doen als tracks voor “3 Peso Cigar”. Eén van de beste songs op het album heet “Don Juan De Suburbia”, van heel dichtbij gevolgd door het liedje “Doug Saldana”, een tribute aan Doug Sahm, de veel te vroeg overleden leider van ‘Sir Douglas Quintet’. Anders van opbouw maar het hoogtepunt voor ons bij Rootstime is het nummer “Fistful Of Nails” waar de ene vloek de andere vervloeking opvolgt en waar Victor Camozzi klinkt als een stomdronken straatzanger. Als afsluiter nog snel een speciale vermelding voor het schitterende, door accordeonklanken ondersteunde “I’m Gold” en het evenzo mooie “Light It Up”. Dit debuutalbum werd voorzien van een reeks ijzersterke songs waardoor de waarde van de plaat wat ons betreft ver boven de “3 Peso” uitstijgt. Zoals gezegd bij het begin: dit is voor ons een verrassing van formaat. Alle krediet van ons voor Victor Camozzi die ons hopelijk snel zal verblijden met een opvolger voor deze prachtplaat.
(valsam)



 

GRAND ATLANTIC
THIS IS GRAND ATLANTIC
Website Myspace Contact
Label : Pop Boomerang Records
Distr. : Hemifran CD-Baby

 

Grand Atlantic is een Australisch kwartet uit Brisbane, Queensland en wordt gevormd door zanger, songschrijver en producer Phil Usher, Scott Mullane, Sean Bower en Nigel Smith. De band werd opgericht in 2005 in een kleine koffieshop waar de heren de koppen bij elkaar hadden gestoken en tot het besluit kwamen om het met een nieuwe formatie te proberen. Eind 2006 verscheen een eerste ep op de markt onder de titel “Smoke & Mirrors”. Op de cd “This Is Grand Atlantic” presenteert de groep zich als een volwassen eigen band met een eigen ontwikkelde sound en stappen de heren definitief uit de schaduw van de bands die hen doorheen de jaren in ruime mate beïnvloed hebben. Groepen als The Beatles en The Beach Boys hebben duidelijk een stempel gedrukt op de wijze waarop Grand Atlantic zich muzikaal wil gaan profileren. In een nummer als “Coolite” - dat als eerste single uit dit album werd uitgebracht - is dat nog het best te horen. Wij menen ook wat U2-achtig gitaarwerk te ontwaren in de song “Smoke And Mirrors” waarop ook de moderne electronica-pop veelvuldig aanwezig is. Doorgaans kan je de nummers katalogeren onder moderne popmuziek. Een symfonische rocksound en wat melodieuzer zangwerk valt te beluisteren in het rustigere nummer “Chaos Theory”. Hetzelfde ongeveer in de volgende song “Wonderful Tragedy” maar die song neigt naar het einde toe meer naar de reverb-klanken die we kennen van Jim James en zijn groep ‘My Morning Jacket’. Het muzikale pad was nochtans niet netjes geplaveid voor Grand Atlantic want ze gingen door enkele heel moeilijke periodes in hun loopbaan, getekend door momenten van wanhoop en andere van triomf, bijna-doodervaringen en relatiebreuken. “This Is Grand Atlantic” is een visitekaartje voor liefhebbers van de symfonische popsound uit de sixties en seventies die op meer dan behoorlijke wijze verrijkt werd met hedendaagse klanken, instrumenten en zelfs enkele samples. De Australische muziekpers dicht hen al een internationale toekomst toe en die mogelijkheid bestaat zeker, maar voorlopig houden we het nog even bij een “wait and see”-houding. Songs als “Nice Guys?”, “Burning Brighter” en “Moth And Rust” zijn vlotte popliedjes maar missen nog net dat tikkeltje extra om echte hitcapaciteiten toegewezen te krijgen. Het afsluitende 7 minuten durende epos “Peace Be With You” mag anderzijds door de leden van Grand Atlantic als bijzonder hoopgevend voor de toekomst worden beschouwd.
(valsam)



 

 

SCRAPOMATIC
SIDEWALK CAESARS
Website Myspace
Info: Blind Raccoon
Label: Landslide records
Distr.: Sonic Rendezvous

 

Hier zaten we al een tijdje naar uit te kijken, en plots is ie er, de nieuwe van Scrapomatic, het hybride bluesbandje rond de zanger Mike Mattison, die met zijn prachtige vocals ook voor het mooie weer zorgt bij Derek Trucks, samen met de gerenommeerde songschrijver en zanger Paul Olsen, die reeds verschillende awards verdiende met zijn songs maakt deel uit van de kern van Scrapomatic, of beter gezegd, ze zijn Scrapomatic met hun tweetjes. De andere muzikanten: Dave Yoke op gitaar, bassist Ted Pecchio en percussionist Count M'Butu zijn losse medewerkers. Wat echter nog belangrijker is, is de bijdrage van Derek Trucks zelf, maar liefst op drie songs tilt hij met zijn fenomenaal gitaarspel het nummer naar een hoger niveau. Die slide die je nekharen laat overeind staan is inderdaad (zeker voor mij) toch één van de belangrijke elementen van deze "Sidewalk Ceasars". Maar natuurlijk blijft het Mattison's band en zijn sterke soulvolle vocals maken van deze cd, in combinatie met de eerder vermelde bijdragen van de heren Trucks en Olsen, een juweeltje dat soul en blues zo mooi laat samensmelten. Daardoor zullen ze ook het ideale voorprogramma zijn van het zomer/winter tour van Derek Trucks en Susan Tedeschi - Soul Stew Revival - die immers diezelfde combinatie hanteren. Als in de opener "He Called My Name" die prachtige schuurpapieren stem van Mattison na enkele seconden steun krijgt van Trucks kermende slide weet je al, dit kan niet meer kapot. Dat dit inderdaad zo is blijft als vier nummers later het gehalte nog song voor song even hoog blijft. "Drink House" is één van de sterkste songs op de cd, een song die je eens gehoord, de volgende dagen in je hoofd meezingt, neuriet of zelfs luidop zingt. "Killing Yourself on Purpose" is net zo sterk, een song over jezelf in de vernieling zuipen. 'I want The Thruth" kon net zogoed op Trucks laatste eigen cd terechtgekomen zijn want hij speelt er een zeer prominente rol in. Zij die me kennen weten dat ik dan voor 200% geniet. "Remem ber This Day" is even wat minder, wat hier nog "gewoon" goed betekent, maar voor het volgende nummer "Long Gone" krijg ik weer zin om superlatieven te gaan gebruiken. Als laatste aanrader is er nog het energieke "I Just Wanna Hang Around With You." Kortom, een zeer sterke cd met soulvolle stemmen, bluesy gitaarwerk, straffe songs en funky ritmes. Wat wil eens mens nog meer, waren er maar meer van dit soort platen!
(RON)



 

JUDE JOHNSTONE
MR. SUN
Website Myspace Contact
Label : BoJak Records
Distr. : Hemifran CD-Baby

 

Toen we begin vorig jaar de cd “Blue Light” van Jude Johnstone bespraken waren we al lichtjes enthousiast over de kwaliteiten van deze dame die zich gespecialiseerd heeft in jazzy en bluesy muziek en hoogstaand pianospel, aangevuld met passioneel en emotioneel zangwerk. Deze Californische artieste is uitgegroeid tot een stevig gevestigde naam in de hedendaagse muziekscène, niet in het minst omwille van het feit dat vele van haar liedjes inmiddels door grote namen in de business gecoverd werden. Zo kennen we “Hold On” in de versie van Emmylou Harris op haar recentste cd “All I Intended To Be”, Stevie Nicks coverde “Cry Wolf”, Bonnie Raitt deed hetzelfde met “Wounded Heart”, Jennifer Warnes nam een bloedstollende versie op van “The Nightingale”, Bette Midler coverde “The Girl Is On To You”, Trisha Yearwood koos voor eigen versies van “Hearts in Armor” en “The Women Before Me” en Johnny Cash plaatste “Unchained” op zijn gelijknamige cd uit 1997 waarmee hij toen een Grammy Award kon binnenrijven. Het moge derhalve duidelijk zijn dat wij met grote belangstelling uitkeken naar de nieuwste eigen plaat van Jude Johnstone die onder de titel “Mr. Sun” is verschenen. Nergens op dit album wordt ons reeds grote vertrouwen geschaad. Elke song heeft zijn eigen emotionaliteit, zijn eigen prachtmelodie en zijn eigen schitterende vocale interpretatie door deze rasartieste. Zij levert haar handelsmerk af op elk liedje dat we op dit schijfje mogen aanhoren. En wellicht zullen meerdere van deze songs ook later weer op een interpretatie door andere sterren mogen rekenen. Sterke ritmische melodieën vormen de basis van elk nummer en de muzikale inbreng van enkele topmuzikanten voor dit album zal daar niet vreemd aan zijn. Zo ontwaren we Braziliaanse invloeden in de catchy upbeat mambo-titeltrack “Mr. Sun” en kunnen we samba dansen op de tonen van “Over Easy”. Ook prachtige ballads maken deel uit van “Mr. Sun”. Zo is de songs “Don’t Tell Me That It’s Over” één van de absolute hoogtepunten van de cd. De wanhoop en de angst om de zo begeerde liefde te verliezen druipen van dit nummer af en alles moet al goed zitten in het eigen liefdesleven om niet meegezogen te worden in het verdriet van de zangeres bij dit nummer. Nog meer tranen en liefdesverdriet in het liedje “Sunday Evening” waarbij Stephen Bishop bloedstollende backing vocals verzorgt. Gelukkig volgt daarna opnieuw pure romantiek en een hart onder de riem van de believers in de ware liefde in het liedje “When My Ship Comes In”. En ook in één van de volgende tracks “Winding Back My Heart” zijn tekstueel poëtische hoogstandjes te beluisteren. Tussendoor kan je nog genieten van enkele perfecte jazz-liedjes zoals “Echoes Of Blue”, “Baby, Don’t You Call My Name” en “So Bad” dat een vleugje Norah Jones in zich heeft. Tenslotte nog een pluim voor de cd-afsluiter “One For Us” dat dienst kan doen als de bijna perfecte “break-up” song. Over deze cd hoef je niet te twijfelen als je van haast perfecte songs houdt: gewoon aanschaffen en genieten.
(valsam)