ARCHIEF

JANUARI 2008 - FEBRUARI 2008 - MAART 2008 - APRIL 2008

MEI 2008 - JUNI 2008 - JULI 2008 - AUGUSTUS 2008


EACH MONTH MORE THAN 100 REVIEWS FOR YOUR ROOTS LOVIN' EARS!


BOB DYLAN - DOWNLOAD GRATIS "MISSISSIPPI" UIT HET NIEUWE ALBUM "TELL TALE SIGNS"

MELANIE DEKKER - REVEALED / ACOUSTIC RIDE

ANA POPOVIC - STILL MAKING HISTORY

LEADFOOT RIVET - GREYBOY BLUES

NATHAN SINGLETON AND HIS SIDESHOW TRAGEDY - ITINERANT YOUTH

RANDALL BRAMBLETT - NOW IT'S TOMORROW

RON SEXSMITH - EXIT STRATEGY OF THE SOUL

BIG DAVE McLEAN - GOT ‘EM FROM THE BOTTOM

CHUCK LEAVELL - LIVE IN GERMANY GREEN LEAVES AND BLUE NOTES TOUR

 


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Download gratis “Mississippi” uit Tell Tale Signs, de nieuwe cd van Bob Dylan die op 6 oktober verschijnt. Tell Tale Signs is het achtste volume uit de geprezen Bootleg Series en bevat 27 zeldzame en nooit eerder uitgebrachte nummers uit de periode 1989-2006. Op de dubbelcd staan studiodemo’s, alternatieve albumversies, concertfragmenten en nummers die Dylan voor films schreef. De cd bevat ook een kleurenboekje van 60 pagina’s met zeldzame foto’s van deze levende legende.

 

 


 

 

MELANIE DEKKER
REVEALED / ACOUSTIC RIDE
Website Myspace:Contact
Label : Sonoma Mountain Records
Distr. : Hemifran

 

 

“Haven’t Even Kissed U Yet”. Met die song begint de cd “Revealed” van de Canadese zangeres met Nederlandse roots Melanie Dekker. Dat klopt, maar lettend op de foto’s denk ik toch dat ze niet te hard zal moeten aandringen. We kregen twee cd’s van dit knappe talent uit Vancouver toegestuurd met naast de nieuwe cd “Revealed” ook een tweede album met de titel “Acoustic Ride”. Melanie Dekker schrijft al haar liedjes zelf en brengt die regelmatig op de planken in Canada waar ze al samen optrad met o.a. Diana Krall, Bryan Adams en Faith Hill. Vocaal doet ze me denken aan Shania Twain en aan Martina McBride. De nummers zijn vrij stereotiepe singer-songwritersverhalen zonder te veel scherpe kantjes maar met een behoorlijke portie soul in de melodie en het zangwerk. Afwisselend ballads en songs met wat meer swing in een productie van David Kershenbaum, die dat eerder ook al deed voor o.a. Tracy Chapman, Tori Amos, Joe Jackson en Bryan Adams. Bijzondere aandacht werd besteed aan de tekstuele inhoud van de songs. Vooral met het engagement tonende “Fall In (Wounded Soldier)” viel Melanie Dekker in de prijzen en ze zal een deel van de opbrengst van de verkoop van deze cd ook overmaken aan een vereniging die zorgt voor gewonde soldaten en hun familie. Als je de cd via CD Baby koopt legt deze internet-verkoopsorganisatie er nog één dollar bovenop voor dat goede doel. Enkele titels van betere songs op “Revealed” zijn “I Said I” dat ook veel airplay krijgt, “Sweet Bitter”, “Calling”, “Shakespeare Says” en de eerder vermelde radiohitsingle “Haven’t Even Kissed U Yet”. Ook de tweede cd “Acoustic Ride” is samengesteld met elf tracks in hetzelfde genre. Er zijn geen echt uitspringende songs maar wel allemaal goed verzorgde en mooi gearrangeerde liedjes. De moderne folkliedjes van Melanie Dekker duiken ook regelmatig op in films en tv-series als sfeerbepalende nummers. Als je haar muziek ergens zou moeten plaatsen dan vind ik dat ze vrij nauw aansluit met het werk dat we kennen van artiesten zoals Shawn Colvin en Jann Arden. Overtuig u van Melanie Dekker's innemende podiumpersoonlijkheid en vooral haar muzikale kwaliteiten want de liefhebbers van dit soort muziek kunnen kennismaken met deze nieuwe Canadese ster in het Toogenblik op vrijdag 26 sep 2008. Die avond zal er een dubbelprogramma zijn van 2 vrouwelijke singer-songwriters, naast Melanie Dekker staat ook Marjan Debaene op het programma.

Marjan Debaene + Melanie Dekker
Toogenblik, Haren - Vrijdag 26 sep 2008

 


 

 

 

 

 

 

ANA POPOVIC
STILL MAKING HISTORY
Website Myspace Contact
Label : Delta Groove Records
Distr.: Coast To Coast

 

Wie denkt dat Ana Popovic enkel vrij stevig scheurt met de gitaar moet zeker eens naar deze CD gaan luisteren. De CD bevat in totaal 13 tracks en een 14de bonustrack van het openingsnummer ‘U Complete Me’ maar dan in een bluesversie. De opener van deze CD, hier net reeds vernoemt, scheurt lekker als we van haar gewoon zijn en is naar gewoonte voorzien van messcherpe solo’s. Maar ga nu niet dadelijk een oordeel vellen want nummer 2 schiet dat oordeel meteen in duizend stukjes. ‘Hold On’ is funky fusion met catchy gitaarriffs en melodieuze samenzang en mogen ze wat mij betreft nomineren als Nederlandse song voor Eurosong, wedden dat ze hoog scoren? Het 3de nummer ‘Between Our Worlds’ tapt dan weer uit een swingend reggae vaatje met alweer die vlot in het gehoor liggende koortjes, een song die zeker ook geschreven zou kunnen zijn door bvb UB40 maar neen hoor dit is werk van Ana. ‘Is This Everything There Is?’ doet me dan weer denken aan die lekkere FM-Rock uit de jaren ’80 die we kennen van o.a. REO Speedwagon en Foreigner. En de song ‘Hungry’ gaat lekker voort op dit elan, dit is tevens de eerste song op deze CD niet van de hand van Ana maar wel van Marcella Levy/Dick Sims. Met het nummer ‘Doubt Everyone But You’ duiken we in het straatje van de donkere jazzclubs uit weleer, zelfs Ana haar stem leent zich meer dan uitstekend voor dit werk, wat mij betreft graag meer van dit Ana. Maar de versie die Ana neerzet van Willie Mae Thornton’s ‘You Don’t Move Me’ mag er zeer zeker ook zijn. Met heerlijk Hammond B3 werk van John Cleary en knappe blazers waarvoor Joe Sublet en Darrell Leonard tekenden. Ik kan maar één ding benadrukken na het beluisteren van deze CD en dat is dat de titel zeker niet verkeerd gekozen is, Ana Popovic is ‘Still Making History’ en niet alleen met de wel zeer gedurfde titeltrack maar met elke song die deze CD rijk is. Komt het misschien omdat Ana ons met elke song een beetje in haar hart laat kijken? Want deze CD of het begin ervan is ontstaan door het feit dat Ana ons eraan wilde herinneren welk moeilijk pad ze heeft afgelegd. En ook een manier om iedereen te bedanken dat ze deze unieke kans gekregen heeft om te verhuizen naar West-Europa op een moment dat haar land leed aan onderdrukking. Verder vertellen de songs natuurlijk verhalen over liefde, lust, verboden liefde en “true happiness”. Verder ook een dikke pluim voor alle muzikanten, teveel om op te noemen, die mee werkten aan deze opname. En ik wil besluiten met de opmerking graag meer van dit Ana Popovic en je zal zeker geschiedenis schrijven.
Blueswalker.

5th Anniversary Bierbeek Blues'd Up
Featuring
ANA POPOVIC BAND
zaterdag 27 september 2008
21h00 - CC De Borre te Bierbeek


 

 

 

LEADFOOT RIVET
GREYBOY BLUES
Website Myspace
Label: DixieFrog Records
Distr.: Parsifal

 

 

Alain Rivet aka Leadfoot Rivet is een Fransman en was te horen op twee albums met zijn band Rockin’ Chair op het eind van de zeventiger jaren, en op zijn laatste album "Bluesmaniac" uit 1998 voor het DixieFrog Records label. En nu bijna tien jaar later verschijnt bij ditzelfde label zijn nieuwe "Greyboy Blues". Hij speelde ooit of deelde het podium met Junior Wells, Johnny Copeland, Bo Diddley, Wilson Pickett, Johnny Adams, Bobby Blue Bland, Little Milton, Honeyboy Edwards, Homesick James, Amos Garrett, Joanna Connor, Sue Foley, Debbie Davies, Jimmy Thackery, Tom Principaro en Larry Garner. Van deze laatste kreeg Rivet trouwens de bijnaam ‘Leadfoot’ opgeprikt. Zijn stijl kan stevige southern soul, blues, en .... genoemd worden. Hij produceerde de plaat samen met Phillippe Langlois en liet de boel mixen en remasteren door Fred Chapellier in de Dream Record Studios in het Franse Chalons-en-Champagne. Op de voorganger "Bluesmaniac" kreeg hij de medewerking van o.a. Popa Chubby, Tommy Castro, Amos Garrett en Larry Garner en was het een beetje onduidelijk in welk vakje we deze plaat moesten plaatsen. Op zijn nieuwe album horen we zijn in blues en country gewortelde songs waarbij deze keer een uitstekende rol is weggelegd voor de gitaristen Tom Principato en Neil Black, en het resultaat mag er best zijn: vijftien uitstekende songs waarbij dynamiek wordt afgewisseld met subtiele ballads en traditionals met als meest uitschietende nummers "Road To Cairo" met Fred Chapellier op gitaar, "Between A Woman And A Man", een duet met Joanna Connor en het rustig afsluitende "Road Kill". Hij verwoordt in zijn songs wat hij allemaal heeft meegemaakt en geloof me vrij, een turbulent verleden heeft hij wel gekend. Een leven zoals de echte Bluesmen! Leadfoot Rivet is een songwriter met een eigen stijl. Alleen zijn rauwe stem al, daarmee doet hij meer dan de geijkte paden van de countryblues bewandelen. De man heeft gezien zijn leeftijd, een prachtige stem en het moet een lust voor oog en oor zijn om hem bezig te zien. Je doet jezelf ernstig tekort als je "Greyboy Blues" niet op zijn minst een luisterbeurt gunt, dat zou namelijk moeten volstaan om je van Rivet's enorme kwaliteiten te overtuigen. Daarbij heeft hij een uitstekende band, en levert daar zijn beste plaat tot nu toe mee af. Dat hij uit Frankrijk komt hoor je eigenlijk nauwelijks. Hopelijk moeten we voor de volgende release weer geen 10 jaar wachten.

LEADFOOT RIVET & THE BLUESMAKERS
DINSDAG 30 SEPTEMBER 2008
Spirit Of 66, Verviers

 


 

 

 

NATHAN SINGLETON AND HIS SIDESHOW TRAGEDY
ITINERANT YOUTH
Website Myspace CDBaby
VIDEO 1 VIDEO 2


 

Het zware leven van een jonge artiest op tournee hebben duidelijk sporen nagelaten bij Nathan Singleton. Zowel fysiek als gevoelsmatig word je persoon zwaar op de proef gesteld en heb je geen andere keuze dan mee te draaien in deze mallemolen en de mooie momenten te koesteren. Geen gemakkelijke opdracht voor een vijfentwintigjarige gezonde jongen als Singleton om aan alle verleidingen te weerstaan. Al deze ervaringen zijn wel de ideale voedingsbodem voor klinkende nummers als de titelsong “Itinarent Youth” , dat van start gaat met de grommende versterkerklank van een gitaar, opgevolgd door een dissonant klinkende, op ritme bespeelde Dobro, die met de opsomming van al de voorbijflitsende speellocaties je lichtjes doet duizelen. Het geheel vloeit mooi over in de razende countryrocker “A Pint Of Whiskey And A Pound Of Grace”, waar we al kennis maken met al de risico’s van het vak, drank, slaaptekort, oververmoeidheid, politie, kortom een gevaarlijke, niet vol te houden levensstijl. “A Few More Days” doet met een echte Keith Richards gitaarrif de afstand tot zijn geliefde van dag tot dag verkleinen, maar brengt wel geen oplossing voor de vele vragen die hij zichzelf stelt. Ambiance in de keet van bij de eerste tonen van “Pascal’s Wager”, waar hij als een volleerde Waterboy dit nummer kleur geeft samen met een gospelkoor op de heldere tonen van een buffetpiano. In dit nummer begrijpt hij maar niet hoe duizenden mensen bijna in extase geraken door hun geloof in Jezus en hem als hun beste vriend beschouwen, zonder hem ooit gekend te hebben. Hij besluit wijselijk zijn hemel hier te nemen en voegt de daad bij het woord in de hartverscheurende akoestische tearjerker, “Thief In The Night” , over twee verliefde harten die als bij wonder terug verenigd worden. Het legendarische verhaal “The Balad Of Stagolee And The Preacher Man” heeft er een volwaardige vertolker bij. Nathan Singleton toverde dit moordverhaal tussen twee gokkers om tot een driftig agressieve countryrocker die van in het begin met een repetitieve gitaarrif vooruit galoppeert als een bende op hol geslagen paarden en tijdens de ontknoping losbarst in elektrisch gitaargeweld. Mooiste nummer is echter de zeer intense liefdesballade “Leaving Texas”, met een van verlangen zuchtende stem en een Dobro die je met zijn slides kippenvel doet krijgen, over een geplande droomvlucht van een smoorverliefd koppeltje die hun zielen eindelijk één zal maken. Onze countryrockers uit Austin Texas hebben een pareltje van een album afgeleverd, met een heel origineel geluid, alsof alles live opgenomen is. Dit maakt van “Intinerant Youth” een heel aangrijpende plaat die zelfs je woonkamer kan herschapen in een rokerige muziekcafé. Laat je bekeren in deze sideshow tragedy.
Blowfish



RANDALL BRAMBLETT
NOW IT'S TOMORROW
Website Myspace VIDEO
Label: New West
Distr.: Sonic Rendezvous


Voor de echte liefhebber van rootsmuziek is deze singer-songwriter uit Athens, Georgia, de multi-instrumentalist Randall Bramblett al lang een bekende. Bramblett is een drukbezet baasje. Zijn dertig jaar omspannende loopbaan stond bijna geheel in dienst van derden. Als sessiemuzikant speelde hij met de groten der aarde, zoals een Steve Winwood, Robbie Robertson of een Gregg Allman, terwijl Bonnie Raitt ook eens een liedje van hem opnam. Als soloartiest wist de Amerikaan echter nooit op te vallen, onterecht, want de afgelopen jaren verschenen bijzonder sterke albums van hem. Ik ontdekte hem zeven jaar geleden met zijn album "No More Mr. Lucky" (2001). Vervolgens kwam ik hem tegen in rootsmuziektijdschriften met zijn opvolgende albums: "Thin Places" (2004) en "Rich Someday" (2006), allemaal platen die verschenen bij het New West label. Ook op "Now It's Tomorrow" schotelt deze multi-instrumentalist ons immers een portie oerdegelijke, maar o zo aangename, Southern rock voor. Geweldig gitaarwerk, prima zang, aanstekelijke songs en invloeden uit de soul, de funk en vooral de rock. Dampende, stampende, stevige muziek waarbij je de volumeknop automatisch harder zet. Fantastisch, wat een muziek. Van genres trekt Bramblett zich niks aan. Je hoort rock, je hoort funk, je hoort soul, en meestal in een unieke eigen Randall Bramblettmix. Met knauwende zwanenzang verpakt hij beeldende verhalen in ambachtelijke songs, ze regelmatig overgietend met een flinke dosis humor. "Now It's Tomorrow" blijf ik nu al enkele dagen draaien, en steeds weer op andere manieren. En hoe vaker je deze plaat hoort, hoe beter je ook hoort hoe geraffineerd en subtiel het allemaal in elkaar zit. En dat zonder ook maar iets aan kracht te verliezen. Een gitaaraccent wordt bijvoorbeeld aangevuld door een orgellick, en daaronder zit dan weer een andere gitaarlick die de boel weer versterkt of juist licht ontwricht. En dan die ruige, maar toch zeer relaxte gruizige stem van Bramblett. Met andere woorden: ga naar de winkel en beluister "Now It's Tomorrow" op de koptelefoon. Het moet al heel gek lopen als je hem niet na het tweede nummer al koopt. Echt veel nieuws brengt "Now It's Tomorrow" niet, maar de plaat bevat elf zeer sterke en diep in de Zuidelijke traditie gewortelde liedjes zonder overbodige franje en daarin schuilt juist de kracht van het album. Maar wees gewaarschuwd: een ernstige verslaving kan het gevolg zijn. Bramblett schreef alles zelf en heeft een stijl, waarin soul ("Everybody Glows", "Some Mean God"), rock ("Mess About It", "Sun Runs") en funk (”Used To Rule The World") een een plaatsje vinden. Met zijn hese stem krijgen de meer gewichtige songs als "Blue Road" en het afsluitende "Where A Life Goes" nog een extra serieuze ondertoon. Luisteren naar hem is dan ook luisteren naar alles wat Amerika te bieden heeft en hij heeft met zijn meer moderne technieken, een volstrekt eigen plaats verworven. Het wordt dus hoog tijd dat de man niet alleen erkenning krijgt van zijn collega’s, maar ook van het publiek.



 

 

 

RON SEXSMITH
EXIT STRATEGY OF THE SOUL
Website Myspace Distr.: V2
VIDEO 1 VIDEO 2

 

Singer-songwriter Ron Sexsmith werd voor het eerst opgemerkt in 1991, bij de release van zijn debuut "Grand Opera Lane". Bij critici viel hij in de smaak om zijn oprechte, doorleefde teksten en melodieën. Een nieuw album van "Golden Voice" Sexsmith is daarom altijd iets om naar uit te kijken. Gelukkig is zijn productiviteit groot en dus het wachten op nieuw werk van deze Canadees is nooit lang. De inmiddels 44-jarige Sexsmith heeft al tien albums uit sinds zijn debuutjaar, maar van een grote doorbraak is nog steeds geen sprake. Sexsmith weet met zijn nieuwste album, "Exit Strategy Of The Soul" andermaal te ontroeren met ongecompliceerde akoestische liedjes. Dit album doet qua arrangementen weer iets soberder aan dan de rijk van strijkers en blazers voorziene voorgangers "Time Being" of "Retriever", maar is er niets minder mooi of sfeervol door. Daardoor komt een soberdere, nog intiemere kant van hem naar boven. Meer dan ooit lijkt de invloed van een zekere Elvis Costello - wel een gepaste vergelijking - en melodie- en zanglijnen door te druppelen. Voor deze plaat werkte Sexsmith opnieuw samen met Martin Terefe, de man die eerder al meewerkte aan het sterke "Retriever". Behalve de kracht van de eenvoud in zijn zelfgepende songs is Sexsmith's sterkste troef zijn voordracht. Zijn nonchalante vocalen doen sommigen misschien vermoeden dat er van doping sprake is. Niets is minder waar, we hebben hier namelijk te maken met soul. Je weet wel, recht vanuit het hart en zo. Ron Sexsmith zingt met een onvervalste snik en een natuurlijk vibrato. Zijn stem lijkt de laatste jaren aan kracht te winnen en moet minder vaak de hoogte in. Vaak wordt hij, niet onterecht overigens, geplaatst in het rijtje van Tim Hardin, Townes van Zandt en de eerder vernoemde Elvis Costello maar wat mij betreft kan daar evengoed Al Green, Marvin Gaye, Bill Withers of Chet Baker aan toegevoegd worden. De manier waarop Sexsmith zijn liedjes vertolkt is dusdanig goed geproportioneerd en zó op het scherpst van de snede dat ze ondanks hun toegankelijkheid, iedere verdenking van vals sentiment achter zich laten en, zonder een woord teveel te zeggen, raken waar ze raken moeten. Van opener tot de afsluiter, twee korte instrumentals is dit gewoon puur genieten! Want daar tussendoor horen we weer twaalf fraaie songs: lekker weemoedig en verhalend over misgelopen liefdes, maar ook altijd hoopgevend. De Cubaanse blazerssectie die de muziek van Sexsmith voorzien van diverse leuke percussie, trompet, saxofoon en allerlei andere exotisch aandoende instrumenten kleurt de liedjes namelijk net even anders in dan je van Sexsmith gewend bent, en voegt een verrassende klank toe. Mooi voorbeeld is het van Feist bekende "Brandy Alexander" de enige cover op deze plaat. Deze song, op Feist’s laatste album één van de sterkste liedjes, heeft door deze Cubaanse inbreng zo’n eigen sound dat je de versie van Feist er bijna door zou vergeten. Luister ook maar eens naar "Hard Time", het zwoele "Brighter Still" of het uptempo "One Last Round", deze liedjes klinken authentiek, maar vooral zeer soulvol. Op "Travelling Alone" kunnen we vaststellen dat Sexsmith bij deze song aangaande songwriting dicht bij perfectie komt, en hij maakt het de critici daarom niet echt eenvoudig om de zwakke puntjes te vinden. Zijn liedjes zijn zo melodieus, luistervriendelijke songs, die een tijdloos karakter hebben, en daarom laat "Exit Strategy Of The Soul" zich beluisteren als een warme afwisselende plaat, een plaat waarmee Sexsmith opnieuw niet zal doorbreken. Toch durven we te stellen dat dit zijn beste plaat ooit is. Zo goed zelfs dat er dit jaar weinig mooiers gaat uitkomen binnen dit genre. Zo blijft hij toch nog onze interesse prikkelen en zal dat doorbraakalbum er misschien wel ooit komen. Niet te min is "Exit Strategy Of The Soul" weer een echte Ron Sexsmith plaat geworden, zijn warmste en soulvolste plaat tot hiertoe.

Voor de fijnproevers geeft Sexsmith in november concerten in Belgie en Nederland, ter ere van z'n nieuwe plaat "Exit Strategy Of The Soul". Ziehier zijn Belgische en Nederlandse concertdata:

Nov. 8 Amsterdam, Melkweg
Nov. 10 Antwerpen, Arenburg Theater
Nov. 11 Brussel, Botanique
Nov. 12 Den Haag, Paard van Troje



 

 

BIG DAVE McLEAN
GOT ‘EM FROM THE BOTTOM
Myspace
Label: Stony Plain Records
Distr.: Munich Records

 

Vier decennia lang verdiept deze integere bluesman uit Winnipeg zich nu al in de pure blues zoals menig bluesartiest vóór hem die ooit in de streek rond Winnipeg passeerde. Het schijnt dat lang geleden Muddy Waters en Johnny Shines daar de weekends in feesttenten of op podia doorbrachten en wie weet zijn daar de bluesdromen van Big Dave niet begonnen. Al kan de genese van zijn bluesfeeling ook iets te maken hebben met zijn voorouders, want op dit album zingt zijn tweeënnegentigjarige grootmoeder nog mee in de gospel ‘Needed Time’ van Lightnin’ Hopkins. Eén van zijn andere invloeden was John Hammond van wie hij in 1969 op het Mariposa Folkfestival zijn eerste gitaarles kreeg. De Deltablues is hij ook genegen en tussen de bluespioniers kiest hij songs van Sleepy John Estes, Sonny Boy Williamson en uiteraard ook één van zijn held Muddy Waters. Hij zingt het allemaal heel intens. Vooral ‘Atlanta Moan’ van Barbecue Bob zingt hij verschroeiend indringend met mooie slidegitaar. Veertien songs ontsproten echter uit zijn eigen creatieve en muzikale geest en daar zijn er enkele authentiek oorstrelende tussen, zoals ‘Michael Hendersen’ en ‘Kanadiana’. Big Dave is een eerste klas slidegitarist. Hij speelt al jaren harmonica en zingt gruizig met een soms stoppelige stem die hij gemeen heeft met de oude blueszangers uit Alabama en Georgia. Soms wordt die stem breekbaar, als hij bijvoorbeeld ‘Comin’ Home To You’ zingt alsof hij zelf aan de bar in een weghotel zijn hunkering vooruit stuurt. Daarnaast creëren de akoestische gitaar van Chris Carmichael en de drum van Ken McMahon sfeer over heel de lijn. Op ‘Don’t Shy Away’ met de drumhartslag van Ken krijgt deze song zelfs iets nostalgisch Mexicaans. Reeds tien jaar duurt de samenwerking met Stony Plain Records en die samenwerking leidt tot een soort Manitobablues, waarvan de wederzijdse Canadese bluesgehechtheid de motor is. Als zelfs de leden van de ‘Winnipeg Music Community’ een Tribute aan McLean opdragen, dan mag je dit zeker interpreteren als een respectvolle hulde aan een rasartiest van eigen bodem, in 1991 reeds winnaar van een Juno Award. Gewoonlijk worden bluesmuzikanten erkend als het te laat is, maar bij McLean is dit gelukkig niet het geval. Fans zitten immers te wachten op nog meer akoestische blues van zijn delicate gitaarspelende hand.
Marcie



 

CHUCK LEAVELL
LIVE IN GERMANY GREEN LEAVES AND BLUE NOTES TOUR
Website Myspace Contact VIDEO
Label: Pepper Cake DIstr: ZYX Myspace

 

Chuck Leavell kennen jullie natuurkijk allemaal, velen kennen hem waarschijnlijk als één van de "backline" Rolling Stones en hebben hem aan het werk gezien tijdens één van de wereldtournees van hen. Als toetsenman verwierf hij echter eerst bekendheid door zijn werk met de Allman Brothers waar hij als twintigjarige in dienst trad en vier cd's lang groepslid was, tot de groep splitte. Voordien was hij echter als vijftienjarige reeds te horen op sommige van de eerste Muscle Shoals opnamen, begon enkele jaartjes later als begeleider van Alex Taylor, James Taylor broer en daarna werkte hij een half jaar voor Dr. John, waarvan hij zegt dat dit een onbetaalbaar belangrijke periode voor hem was, omdat hij daar zoveel leerde door de meester aan het werk te zien. Na de Allman' Brothers volgde zijn eigen band Sea Level, een band die het wat jazzy verlengde vormde van deze Capricorn act, ook drummer Jaimoe Johanson van de Allman's maakte er deel van uit. Hij blijft echter nog altijd vooral een veel gevraagde studiomuzikant, de lijst met bekende namen is zo lang dat we zelfs niet beginnen aan de opsomming ervan, maar als we Clapton en George Harrison noemen zegt dat wel voldoende. Na een kennismaking met Ian Stewart, de befaamde zesde Stone was de basis gelegd bij de Stones en in 1982 werd hij uitgenodigd om bij hun te komen als losse medewerker op hun tournees, iets wat tot op heden voortduurt. Hij maakte ondertussen enkele solo albums, drie in totaal, zonder deze albums waarvan vooral het laatste word omschreven als "Southern Jazz", een omschrijving die inderdaad goed de inhoud weergeeft. Het is een soort instrumentale schilderij van het zuiden. Na het laatste Stones tournee bleef Chuck in Europa om een eigen tour te doen met als titel "Green Leaves & Blue Notes". Deze titel is een verwijzing naar een ander stokpaardje van Chuck: hij is namelijk een verwoedde milieuactivist, vooral bomen en het woud, de rol van de groene longen van de wereld houden hem bezig. Hij schreef er meerder boeken over, geeft lezingen en heeft een grote bomenplantage. De muzikanten die hem hier begeleiden zijn Duitse topmuzikanten en het dubbele album werd ook daar opgenomen. De optredens waren een combinatie van wat Chuck's ganse carrière voorstelt: wat eigen jazzy instrumentale nummers, herbewerkingen van Allman Brothers en Stones songs en wat covers die tot zijn favorieten behoren, zoals George Harrison's "Here Comes The Sun" en Ray Charles' "Georgia" (de staat waar hij woont) en standaards als "Route 66" en I"n The Wee Wee Hours". Zijn sfeervolle, prachtige pianogeluid, dat onmiddellijk herkenbaar is doet me regelmatig terugdenken aan de tijden van Allman Brothers en Sea Level, zeker in de tweede helft van het concert, want op de tweede cd komen pareltjes als "Jessica" en "Statesboro Blues" terug, en is de sfeer meer Southern, terwijl op de eerste de Stones songs zich afwisselen met covers van blues en New Orleans klassiekers. Het ijzig mooie instrumentale "Savannah", uit zijn "Southscape" solo-cd, waarmee het concert eindigt behoort tot een van onze favorieten en sluit dit lange concert vol afwisseling van deze topmuzikant waardig af.
(RON)