ARCHIEF

OKTOBER 2007 - NOVEMBER 2007 - DECEMBER 2007

JANUARI 2008 - FEBRUARI 2008


JEFF HEALEY & THE JAZZ WIZARDS - IT'S TIGHT LIKE THAT

NECO NOVELLAS - NEW DAWN – KU KHATA

WILLIE NELSON - MOMENT OF FOREVER

MORCHEEBA - DIVE DEEP

FERRABY LIONHEART - CATCH THE BRASS RING

DeVotchKa - A MAD & FAITHFUL TELLING

MINOR MAJORITY - CANDY STORE

THE BRANDOS - TOWN TO TOWN, SUN TO SUN

STEVE HACKETT - TRIBUTE

OUTLAW X - OUT OF THE BOX


JEFF HEALEY
(25 maart 1966 – 2 maart 2008)

Healey brak in 1988 door met de cd, "See the Light". Het nummer ,"Hideaway"' werd genomineerd voor een Grammy voor het beste instrumentale nummer. Healey viel op door zijn unieke manier van spelen. Hij zat op een stoel en had de gitaar plat op zijn schoot liggen (zie video). Healey speelde onder anderen samen met B.B. King, Stevie Ray Vaughn, George Harrison en Mark Knopfler. Toen hij 1 jaar oud was kreeg Healey een retinoblastoom, een tumor in het oog. Zijn ogen moesten geamputeerd worden. In 2005 kreeg hij opnieuw kanker, in zijn benen. In 2007 werden er ook tumoren uit zijn longen verwijderd. Hij kreeg bestraling en chemotherapie, maar dit mocht niet baten. Healey is 41 jaar geworden. Net rond het tijdstip van zijn overlijden staat zijn eerste rockalbum in acht jaar op stapel, "Mess of Blues", waarvan de recensie later deze maand zal volgen. Maar in zijn laatste album "It's Tight Like That" had hij zich toegelegd op zijn eerste liefde, de jazz. Zie hier de recensie uit 2006:


 

 

JEFF HEALEY & THE JAZZ WIZARDS
IT'S TIGHT LIKE THAT
Website
Label : Stony Plain Records
Dist.: Rounder Europe / Munich Records
VIDEO 1 VIDEO 2

 

In 1985 was daar plots de Jeff Healey Band met als leden Jeff Healey (zang en gitaar), Joe Rockman (bas) en Tom Stephen (drums). De cd "See The Light" kreeg aandacht omdat de gitarist blind was en met de gitaar op z'n knieëen speelde, maar ook omdat hij voor zo'n jochie heel volwassen blues maakte. Na die eerste cd leek de onbevangenheid en zelfs de interesse in het opnemen van cd's snel te verdwijnen bij Jeff Healey. In 1995 was de vierde cd bij gebrek aan materiaal al een weinig geïnspireerde covers-cd en de volgende twee cd's waren zelfs verzamelaars. In 2000 volgde eindelijk weer nieuw werk maar sindsdien is zelfs de bandsite al niet meer bijgewerkt! De laatste platen van Healey waren dus niet echt om over naar huis te schrijven en hij is bij zichzelf te rade gegaan. Meer aandacht lijkt Healey te hebben voor zijn eigen bluesclub, waar hij wekelijks optreedt, maar ook naar zijn echte passie, de jazz roots en populaire muziek uit de jaren '30 en '40. Op "It's Tight Like That" speelt hij samen met de legendarische jazz trombonist Chris Barber, de vader van de Britse traditionale jazz & blues scène, zijn favoriete nummers. Door Barber te horen op drie tracks is er een prima muzikant bij, die ook mag laten horen dat hij nog kan. En toch, de band lijkt zich erg bewust van het feit dat er live-opnamen gemaakt worden en speelt vaak net iets te braaf. Met als gevolg dat dit een goede live-cd is zonder dat de vonken er vanaf spatten. Het hele album werd namelijk live opgenomen in de Hugh's Room, in Toronto op 23/8/05. Er valt op "It's Tight Like That" echter wel veel te genieten, want Jeff geeft zich helemaal op trompet en gitaar, bijgestaan door een zeventallig combo, getalenteerde muzikanten uit Toronto die samen the Jazz Wizards vormen. Vocaliste Terra Hazleton is ook te horen op één track, maar het zijn in het bijzonder Healeys kunsten op gitaar, trompet en valve trombone die hier de show stelen waarvan de invloeden te zoeken zijn bij o.a. Louis Armstrong, Bix Beiderbecke, Charlie Christian, en zoveel andere jazz grootheden. Hoogtepunten? Jazeker, meteen met de in New Orleans stijl gebrachte opener, Red Allen’s "Bugle Call Rag". Het door Chris Barber vocaal geintroduceerde “Basin Street Blues” en het licht swingende "Someday Sweetheart" met Healey's mooie intro op gitaar. Maar daar tegenover brengt het meer up-swingende "Sheik of Araby" u recht naar 'the deep south'. Het droevige "Going Up the River" geeft meer een Fats Domino gevoel, waar Healey’s prachtige stem, zijn gitaarspel en Barber’s trombone u echt weten te ontroeren. Mensen die Healey nog steeds zien als een bluesgitarist moeten deze plaat links laten liggen. Maar wie houdt van lekkere dixieland en swing klassiekers, zeg maar gezellige 'feel-good music' kan hier wel eens een fijn plaatje aan overhouden.

Discography:

* 1988: See the Light
* 1989: Road House Soundtrack
* 1990: Hell to Pay
* 1992: Feel This
* 1995: Cover to Cover
* 2000: Get Me Some
* 2002: Among Friends
* 2004: Adventures in Jazzland
* 2006: It's Tight Like That
* 2008: Mess of Blues



NECO NOVELLAS
NEW DAWN – KU KHATA
Label: World Connection
Website - Contact
Distr.: Munich records


 

‘New Dawn’ opent met aangrijpende magie, waarbij je denkt te belanden in de atmosfeer van de Ladysmith Black Mambazo’s om dan even later over te schakelen naar de Braziliaanse sound uit een soundtrack van Orfeu Negro of de ritmes van de Zap Mama’s. Wat illustreert dat Neco Novellas en zijn broers plus zussen erin slagen om overal ter wereld invloeden op te pikken en deze tot iets eigens te verwerken. Dat eigens is een mengeling van Afrobeat, soul, reggae, jazz, ska, pop, samba, dansritmes en etnische verklanking, met soms de verlokking van dierengeluiden op de achtergrond. Op dit album met veertien nummers spelen vijf van de acht kinderen mee uit het Mozambikaans gezin, waartoe ook Anselmo João Johanhane alias Neco Novellas behoort. Zijn twee zussen, Cidalia en Isabel verzorgen de achtergrondvocalen terwijl Neco met zijn diepdonkere stem de Afrikaanse klankkleur verrijkt. Zijn broers Nelson en Isildo begeleiden hem met percussie, zang en met respectievelijk elektrische en basgitaar. Verder is er nog de Braziliaanse zangeres Lilian Vieira, die als gastartieste haar warme stem aan dit ‘Novellas’ familieproduct leent. En dan zijn er nog de broers Gideon en Ben van Gelder met een aparte inbreng. Gideon op piano vanuit een New Yorkse studio en Ben met sax op het sprankelende ‘Yeke Yo’. Neco Novellas, geboren in Maputo-Mozambique, groeide op in een muzikale familie, waar de vader o.m. gitaar en orgel speelde, terwijl zijn moeder in de Kerk zong. Normaal dus dat alle kinderen open stonden voor de traditionele muziek uit hun omgeving of via de radio Westerse klanken opvingen. Dit groeide uit tot hun karakteristieke universele muziek. ‘Tsanganane’ gaat over dat plezier om dingen samen te doen, waartoe muziek zich nog het meest leent, zeker grensoverschrijdend. Ik hield vooral van ‘Phumela’ dat ritmisch deint op de reggaegolfjes van een speels riviertje of het grappige ‘Zuma Luei’ dat dartelt als rondhuppelende kinderen. Naast de creaties in muzikale broeder- en zusterschap, wordt ook persoonlijke tragiek in de songs verwerkt. Is het niet over desillusies en verlangen dan toch over de onmacht ten overstaan van de natuur, zoals in ‘Hi Rwama’ wanneer het water delen van Mozambique overstroomt, zodat zelfs het kerkje vlakbij niet meer te bereiken is. De songs zijn afwisselend en divers van taalgebruik, gaande van Mozambikaans, Zuid-Afrikaans tot Braziliaans en spreken allen tot de verbeelding. ‘Tikona’ bijvoorbeeld opent zich als een wilde bloem uit Mozambique, die de vreugde en het leed van de bewoners absorbeert om deze als een geurig aroma terug te geven aan de luisteraars. Daarin is ook wat Portugese ‘saudade’ vermengd. Singer-songwriter Neco Novellas slaagt er tevens in om zijn ‘klassieke’ scholing subtiel te vermengen in zijn composities wat een origineel effect geeft aan de gevarieerde vaak meergelaagde songs. Hij ging in Portugal klassieke gitaar studeren en volgde het conservatorium in Rotterdam, maar richtte zich tegelijkertijd op jazzritmes en wereldmuziek. Om maar te zeggen dat Neco’s muzikale reis doorheen verschillende landen en stijlen hoe dan ook de kiem in zich draagt om zich telkens weer te vernieuwen.
Marcie


Shows Neco Novellas 2008


Zo 23 maart Ancienne Belgique, Brussel-België (double bill met Daby Touré)
Vr 28 maart Sugarfactory, Amsterdam: CD presentatie + special guest Lilian Vieira (Zuco 103)
Za 5 april WMDC, Rotterdam
Za 24 mei Africa Festival, Würzburg - Duitsland
Do 25 sept World Sessions: Burgerweeshuis, Deventer
Vr 26 sept World Sessions: Vredenburg, Utrecht
Za 27 sept World Sessions: Podium Mozaiek, Amsterdam
Zo 28 sept World Sessions: Theaters Tilburg, Tilburg
Wo 1 okt World Sessions: Lantaren Venster, Rotterdam
Vr 3 okt World Sessions: Poppodium Romein, Leeuwarden
Zo 5 okt World Sessions: Luxor Live, Arnhem



 

 

 

 

WILLIE NELSON
MOMENT OF FOREVER
Website
Label: Lost Highway Records
Distr.: Universal Music

 

Amerikaanse zanger en songschrijver Willie Nelson werd in 1933 geboren te Abbott, Texas. Groeide op bij zijn grootouders en vanaf zijn tiende jaar speelde Willie gitaar in diverse lokale bands. Na een periode bij de luchtmacht had Willie Nelson vele baantjes. Hij verkocht bijvoorbeeld huis aan huis bijbels en encyclopedieën. Met het geld dat hij aan zijn eerste song "Family bible" verdiende reisde Willie Nelson naar Nashville, het hart van de country muziek. Toen in het voorjaar van 1960 Nelson in een roestige Buick Nashville binnenreedt was hij vastbesloten het te gaan maken. Twee jaar later was zijn faam als songschrijver gevestigd middels klassieke hits voor Faron Young, Ray Price en vooral Patsy Cline die van "Crazy" een evergreen maakte. Andere songs uit die periode, dan denken we graag terug aan "Funny how time slips away" (Jimmy Elledge), "Wake me when it's over" (Andy Williams) en "Pretty paper" (Roy Orbison). In 1970 brandde het huis van Nelson in Nashville tot de grond toe af. Hij verhuisde naar Texas. Met Texas als basis tourde Willie Nelson in de jaren zeventig onophoudelijk door de Verenigde Staten van Amerika. In deze periode veranderde zijn stijl in een modernere countrystijl. Na zijn creatieve hoogtepunt aan het begin van die jaren zeventig, zijn alom gewaardeerde meesterwerk "Red Headed Stranger", volgt het legendarische tv-programma Austin City Limits, waar Nelson in 1974 de eerste pilot-aflevering deed. Hoeveel platen levende legende Willie Nelson precies op zijn naam heeft staan weten we niet, maar dat dit aantal de honderd al lang gepasseerd is is absoluut zeker. Hieronder een aantal absolute meesterwerken, maar ook voor dramatisch slechte platen draait de singer-songwriter uit Forth Worth, Texas, zijn hand niet om (denk maar eens aan zijn reggaeplaat "Countryman"). De man die sneller albums uitbrengt dan dat wij ze kunnen kopen of luisteren, komt nu dan toch gelukkig wederom met een volwaardig album dat echt de moeite waard is. Zo wist hij ons twee jaar geleden reeds te verrassen met het album "Songbird", een plaat in een productie van Ryan Adams. Hij was er in geslaagd om het beste uit Willie Nelson naar boven te halen: doorleefde countrymuziek, precies die muziek waarmee Nelson het diepst weet te ontroeren. En dat Nelson graag samen werkt met jonger talent is nu ook te horen op zijn nieuwste cd, "Moment Of Forever". Hij kan zo zijn kennis en ervaring delen met deze nieuwe generatie en vervolgens de frisse kijk van de 'leerling' toevoegen aan zijn eigen bagage. Ook op dit nieuwe album is het resultaat verrassend goed, want de oude meester werkt hier samen met de veel jongere countryheld, Kenny Chesney, die samen met Buddy Cannon de kraakheldere productie van "Moment of Forever" verzorgde en tevens te horen is in het duet "Worry B. Gone". Willie Nelson schreef drie nummers zelf, waaronder de gevoelige, typische Nelson ballad "Always Now"; en zingt ook een aantal covers waaronder de titeltrack, "Moment Of Forever" van Kris Kristofferson, de eerste single "Gravedigger" van Dave Matthews en "Louisiana" van Randy Newman. Het hoogtepunt van dit even sfeervolle als krachtige album is misschien wel het afsluitende "Gotta Serve Somebody" van Bob Dylan. Warm aanbevolen voor Nelson-fans! Op donderdag 15 mei komt hij naar de Elisabethzaal in Antwerpen!

WILLIE NELSON LIVE
ELIZABETHZAAL, ANTWERPEN
15 MEI 2008 - 20.00



 

 

MORCHEEBA
DIVE DEEP
Website - Myspace - Contact
Label : PIAS Recordings
Distr. : Play It Again Sam - PIAS

 

Morcheeba is de naam van een groep die momenteel bestaat uit het Britse broederpaar Paul en Ross Godfrey. Ze maken muziek die in één adem vernoemd wordt met bands als Massive Attack, Portishead en Wu Tang Clan en ze experimenteren regelmatig met klanken zoals ook Tricky en Pink Floyd dat pleegden te doen. Wereldwijd verkocht Morcheeba al meer dan zes miljoen platen die ze met ontelbare optredens veelvuldig gepromoot hebben. Op de eerste vier platen zorgde zangeres Skye Edwards nog voor de vocalen maar onderlinge ruzies leidden tot een breuk, waardoor de broers Godfrey besloten om voortaan alleen nog met gastzangers te gaan werken. Hun vorige album “The Antidote” was al een voorteken van wat er in de toekomst van Morcheeba kon verwacht worden. Onlangs hebben ze hun zesde plaat uitgebracht onder de titel “Dive Deep”. Bij live optredens breiden ze de band uit tot zes leden met o.a. de Franse zangeres Manda en zanger Bradley Burgess. Voor de opnames van deze studioplaat hebben ze echter twee zeer sterke stemmen aangetrokken met zangeres en liedjesschrijfster Judie Tzuke en de Noorse topzanger Thomas Dybdahl. Judie Tzuke neemt de vocalen voor haar rekening in de soulsong “Enjoy The Ride” – dat ook de eerste single uit deze plaat is – en in het erg mooie “Blue Chair”. Ze doet dit op indrukwekkende wijze en maakt zich de songs helemaal eigen door haar subtiele zangkwaliteiten. “Enjoy The Ride” heeft veel hitpotentieel en zal mits de nodige airplay zeker ook in diverse hitlijsten terecht komen. Toch zijn het vooral de nummers die door Thomas Dybdahl worden ingezongen die opvallen op “Dive Deep”. De vocale capaciteiten van deze Viking zijn werkelijk onuitputbaar zoals je kan beluisteren op “Riverbed” waar je water hoort vloeien, de mooie - deels uit gitaar en deels uit elektronica samengestelde – Americana song “Sleep On It” en het ronduit schitterende “Washed Away” waarin zijn stem tot op Orbison-niveau uitstijgt. De aandacht die wordt besteed aan de melodie en de dansbaarheid in alle nummers op “Dive Deep” is opvallend. Ook rapper Cool Calm Pete mag de microfoon hanteren op één song “One Love Karma”, waarbij naast scratching en samples ook knap geëxperimenteerd wordt met een nieuwe beatboxtechniek gezongen door een fluit. Zangeres “Manda” mag haar best doen in het korte maar leuke “Au-delà” en in het fluweelzachte “Gained The World”. Judie Tzuke brengt daarna “Blue Chair” als een sfeervolle jazzsong vermengd met alweer scratching. Dan vermelden we graag ook nog even de enige cover die Morcheeba ooit op plaat heeft gezet: de song “Run Honey Run” van folkzanger John Martyn en hier gezongen door Bradley Burgess. “Dive Deep” is een erg mooie relaxplaat die de progressie van Morcheeba op uitstekende wijze etaleert. Heel leuk voor bij kaarslicht en een wijntje.
(valsam)



 

 

 

FERRABY LIONHEART
CATCH THE BRASS RING
Website - Myspace - Contact
Label : Nettwerk
Distr. : Munich Records

 

Ferraby Lionheart is een man met een goed hart die steeds het beste wil voor al zijn medemensen op deze aardbol. Zelf woont hij momenteel in Los Angeles maar zijn jeugd bracht hij door in Nashville. De country muziek die hij daar in zijn kinderjaren overvloedig te horen kreeg zit ook nu nog een beetje vervat in de liedjes die deze singer-songwriter geschreven heeft voor zijn eerste cd “Catch The Brass Ring”. Toen hij pas 18 jaar geworden was begon hij zijn eigen muzikale probeerseltjes op te nemen en terwijl hij om te overleven pizza’s verkocht bleef hij naarstig verder vijlen aan zijn liedjes die hij nu uiteindelijk op dit album heeft gezet. Zelf noemt hij zich een “heel zachte zanger”, doelend op het rustigere werk dat hij in zijn nummers brengt. Er wordt speels begonnen op deze zelf geproduceerde cd met een zorgeloos niemendalletje “Un Ballo Della Luna”, gevolgd door het wat ernstigere singeltje “Small Planet” waarin Ferraby Lionheart zingt in de stijl van de Canadese bard en muzikaal voorbeeld Ron Sexsmith. Ik betrap me erop dat mijn voet continue mee swingt met het zachtjes kabbelende “Vermont Avenue” en nog altijd niet moe is tijdens de pianoballade “Call Me The Sea”. Als luisteraar hoef je zeker geen wonderbaarlijke verrassingen te verwachten op deze plaat. Alles blijft intimistisch zacht en beleefd in de melodieuze mix van folk met indie zoals in bijvoorbeeld “The Car Maker” en “A Bell And Tumble”. Naast de vergelijking met Sexsmith zou ook iemand als Devendra Banhart zich waarschijnlijk thuis voelen in de meeste liedjes op “Catch The Brass Ring”. Dat geldt zeker voor “Under The Texas Sky” dat zo gevoelig en intimistisch gebracht wordt dat je er nog wat stiller bij wordt dan je al was bij het beluisteren van deze cd. Alleen in het nummer “Before We’re Dead” wordt een stevige zijsprong gemaakt en laat Ferraby Lionheart horen dat hij ook af en toe eens graag swingt. De New Orleans brassbandmuziek waarmee de song begint biedt hem daartoe de ideale gelegenheid. Helemaal verliefd ben ik geworden op “Put Me In Your Play”, de heerlijke afsluiter van deze cd waarbij Lionheart zingt zoals het godenkind Rufus Wainwright. Deze debuutplaat is een knap gestructureerd stukje muziek met afwisselend gitaar- en pianosongs. Bovendien is er meeslepend zangwerk van een knappe stem die de luisteraar magnetisch wat dichter tot bij de geluidsboxen zuigt omdat je vooral geen woord wil missen van wat Ferraby Lionheart te vertellen heeft in de teksten van zijn liedjes. Toffe en zeemzoete luisterplaat. Je houdt deze man best nauwgezet in de gaten voor de nabije toekomst.
(valsam)



 

 

 

DeVotchKa
A MAD & FAITHFUL TELLING
Website - Myspace - Contact
Label : ANTI
Distr. : Play It Again Sam - PIAS

 

Met een naam als DeVotchKa verwacht je allicht één of ander Russisch slavenkoor maar niets is minder waar. DeVotchKa – hetgeen “jong meisje” betekent - is een Amerikaans kwartet uit Denver dat telkens verwondering en verbazing opwekt als ze hun instrumenten beginnen uit te pakken in een rockclub. Hun instrumentarium is dan ook hoogst ongebruikelijk voor een rockgroep waarvan je wellicht geen accordeon, tuba, trompet, bouzouki of violen verwacht. Deze opvallende band tekende nochtans voor zowat de gehele soundtrack van de in 2006 meerdere Oscars winnende film “Little Miss Sunshine”. Tot onlangs werden hun albums in eigen beheer uitgebracht maar vorig jaar konden ze een exclusieve deal tekenen met Anti Records voor de release van hun album “How It Ends” dat ze in de States reeds in 2004 hadden opgenomen. Hun muzikale mix van Amerikaanse prairiemuziek, Oost-Europese Boheemse zigeunermuziek, mariachi en opvallende indie rootsgeluiden is werkelijk uniek te noemen in de hedendaagse popscène, al kan je mits wat goede wil wel enige links leggen naar o.a. Calexico, Arcade Fire, Decemberists en Beirut. De groep trad doorheen de laatste jaren in Amerika op naast grootheden als Calexico, Belle & Sebastian, Los Lobos en M. Ward. Hun cd “How It Ends” is één van de allermooiste platen van vorig jaar en kreeg een zeer eervolle negende plaats toegekend in het jaarlijstje 2007 van ondergetekende. Het is een schijfje dat haast elke week even door de cd-speler gaat en zorgt voor vrolijke taferelen ten huize (valsam). De tragische, passionele zigeunersound afgewisseld met vrolijke dansdeuntjes is bij momenten echt indrukwekkend te noemen. DeVotchKa is nu helemaal klaar om de wereld te veroveren en dat komen ze in de Brusselse AB-Club demonstreren op zaterdag 19 april. De groep bestaat uit vier leden met frontman en zanger Nick Urata, toetsenist en violist Tom Hagerman, bassiste Jeanie Schroder en percussionist Shawn King. Vocaal wordt Nick Urata’s croonerstem vergeleken met die van Bryan Ferry en zelfs Roy Orbison omwille van het brede stemregister dat hij uitstekend beheerst. Live durven zo ook wel eens onverwachte covers brengen, zoals “Somethin’ Stupid” van Nancy & Frank Sinatra, “Venus In Furs” van Velvet Underground en van “The Last Beat Of My Heart”, de hit van Siouxie and the Banshees. Die coversongs staan ook op hun recentst verschenen ep-tje “Curse Your Little Heart” op eenvoudig verzoek aan de band van Arcade Fire-zanger en DeVotchKa-fan Win Butler. Het nieuwste album “A Mad & Faithful Telling” is pas de tweede full-cd voor het Anti-label. De verwachtingen voor deze nieuwe plaat die vanaf 17 maart voor iedereen beschikbaar is lagen daardoor bijzonder hoog. En ze worden voor de volle 100 procent ingelost door DeVotchKa. De eerste single uit dit nieuwe album zal “Transliterator” zijn, een rustig beginnend speelgoedpianoriedeltje gevolgd door violen en vibrato in de stem van Nick Urata en daarna langzaamaan overgaand in muzikale chaos. Toch vind ik dat er op deze cd enkele sterkere songs staan zoals het Mariachi-walsje “Blessing In Disguise”, het vrolijke meezingertje “Basso Profundo” en het muzikaal zeer knap opgebouwde en vocaal ijzersterke zigueunerdeuntje “Along The Way”. “The Clockwise Witness” is melodramatiek ten top. Er staan ook twee instrumentale nummers op de plaat, hetgeen de filmische kwaliteit ervan enkel sterker accentueert. “Comrade Z” bestaat uit een blend van allerlei geluiden en bevat een zeer knap stukje blazersmuziek. “Strizzalo” is een kort walsje voor tussen de woonwagens met accordeon en viool. “Blessing In Disguise” roept herinneringen op aan het paardenmolenwalsje waarmee het bruiloftsfeest in de maffiafilm “The Godfather” begint: beklijvend, intrigerend en meeslepend. Het meest episch klinkende nummer is het tragische, verlangende verhaal en dito muziek in de prachtige Argentijnse tango “Undone”. De afsluitende ballad “New World” bevestigt tenslotte nog maar eens al het goede dat we hierboven al over DeVotchKa geschreven hebben. Koop deze plaat op de eerste dag dat je ze kan verkrijgen en mocht je ze nog niet hebben dan doe je er best ook een exemplaar van “How It Ends” bij. Je zult je dit echt nooit beklagen. Wereldklasse van een schitterende groep die we op 19 april in de AB met héél veel plezier zullen gaan bekijken van op de eerste rij.
(valsam)


DeVotchKa LIVE

19 april - AB - BRUSSEL

 



 

 

MINOR MAJORITY
CANDY STORE
Website - Myspace - Contact
Label : Strange Ways Records
Distr. : Sonic Rendezvous

 

Met de groep “Minor Majority” zijn we aanbeland in het Hoge Noorden waar de vijfkoppige band uit Oslo, Noorwegen in 2000 werd opgericht. In eigen land zijn ze behoorlijk populair gezien het feit dat ze vorig jaar de “Spellemannsprisen” - de lokale Grammy-award - voor hun muzikale prestatie en hun recentste album “Reasons To Hang Around” konden verwerven. Met de dubbel-cd “Candy Store” willen ze nu proberen internationaal door te breken. De cd’s bestaan uit een opeenvolging van 27 songs die ze eerder in Noorwegen uitbrachten en die aan de rest van Europa een goed overzicht wil geven van de hits die Minor Majority in eigen land op het palmares hebben staan. De eerste cd vat de 4 studioalbums samen die de groep al uitbracht. De tweede schijf bestaat uit B-kantjes van singles en uit drie splinternieuwe nummers van deze Vikings. Op de songs “Dancing In The Backyard” en “What I Deserve” zingt de Noorse zangeres Karen Jo Fields mee, een dame waarvan we eerder ook al eens een cd bespraken bij Rootstime. Maar het meeste vocale werk wordt verzorgd door de man die ook de meeste songs van deze groep schrijft: Paal Angelskaar. Ook dat zangwerk is trouwens van zeer goede kwaliteit hetgeen je kan horen in de prachtsongs “This Time” (wat zijn Tindersticks hier zo dichtbij) en “She Gave Me Away”, beiden emotioneel gezongen ballades. Hun tot nu toe grootste hit in eigen land is “Supergirl”, een aangrijpende song die met veel gevoeligheid ten gehore wordt gebracht. Enkele andere titels om te onthouden zijn “Let The Night Begin”, “Wish You’d Hold That Smile” en “Alison”, “Smile At Everyone”, “Electrolove” en het wonderbare “(Think I’m) Up For You & I”. Omwille van hun afkomst zullen er allicht enkele vergelijkingen getroffen worden met die andere topband uit Noorwegen: “Midnight Choir”. “Minor Majority” is echter wat meer commerciëler en wat minder pure pop in vergelijking met hun succesvolle landgenoten. De tweede cd gaat veel minder over hits maar geeft een mooi historisch overzicht van de geschiedenis van deze groep. De elegante, intimistische akoestische folk-popsongs zijn een verademing voor de liefhebbers van het wat gemakkelijkere verteerbare genre en deze compilatie-cd “Candy Store” is een ideale kennismaking met een groep uit Noorwegen die goed op weg om zich een plaats als gevestigde waarde te veroveren in de internationale popscène.
(valsam)



 

 

 

 

 

 

 

 


 

THE BRANDOS
TOWN TO TOWN, SUN TO SUN
Website - Myspace
Label: Blue Rose records
Distr.: Sonic Rendezvous

 

 

In de jaren 80 en 90 maakten The Brandos al een aantal uitstekende platen, maar de laatste jaren was het stil rond deze roots-rockers uit New York. Tot in 2006 hun comebackplaat "Over The Border" verscheen. Een plaat waarmee ze weer verder gaan waar ze een tien jaar geleden ophielden, nl. het album "Nowhere Zone" (1998). In 1985 werd de band opgericht door Dave Kincaid, Ernie Mendillo, Ed Rupprecht en Larry Mason. Tot 1993 traden ze op in deze samenstelling. Dat jaar stappen Ed en Larry uit de band. Voor de tour van 1994 werden 2 bandleden van de Dell Lords ingehuurd nl. Scott Kempner en Frank Funaro. In 1996 verlaat Scott Kempner de band. De plaatvervanger van Scott is Frank Giordano. In 1997 komt Tom Goss als drummer in de band voor de tour door Europa en in 1998 komt in zijn plaats Tom Engels. Na heel wat wisselingen is de bezetting gestabiliseerd tot wat ze nu is, sinds 2006 is deze bezetting van The Brandos: Dave Kincaid , Ernie Mendillo, Patrick Fitzsimmons en Ziga Stanovic. Sinds hun oprichting zijn ze eigenlijk nooit echt doorgebroken naar het grote publiek. Al waren ze regelmatig live te bewonderen in de Nederlandse concertzalen, waar de heren inmiddels een vaste schare fans verzameld hebben. The Brandos hebben voornamelijk enige bekendheid verworven onder de muziekliefhebbers door middel van het radiohitje "The Solution" (1992) en in Amerika kwam in 1987 de debuutsingle "Gettysburg" regelmatig voorbij op MTV. De band moet het dan ook niet echt hebben van de hits maar meer van de live-optredens. Zo langzamerhand heeft het Duitse Blue Rose Records een respectabel aantal klasse-live uitgaven uitgebracht, als nu ook "Town To Town, Sun To Sun" opgenomen tijdens het Rockpalast/Crossroads festival op 20.10.2007 in Bonn en 7 songs van een 4 dagen latere show in de K4 in Nürnberg. Met deze plaat gaan ze zoals het toen pas verschenen "Over The Border"- album, verder waar ze jaren geleden mee ophielden. Kincaid’s rauw gevezelde stem klinkt zo mogelijk nog doorleefder en de muziek loopt over van bezieling en energie. Ook dit live album bevat weer die intense rock met invloeden uit de blues, Ierse folk, Southern Rock en zelfs Mexicaanse muziek. Iedere plaat die ze tot dusver uitbrachten werd vergeleken met Creedence Clearwater Revival, en hoewel er slechtere voorbeelden te vinden zijn is het hoog tijd de Brandos op zijn eigen waarde te schatten. "Town To Town, Sun To Sun" bevat een verzameling geweldige, indringende songs die een muziekgeschiedenis van decennia met zich mee draagt, maar desondanks volstrekt eigentijds klinkt. Deze songs zijn te horen op twee CD’s en één DVD verpakt in een mooi digipack, en bewijzen eens te meer wat een klasseband The Brandos is. Zonder opsmuk, gewoon een eerlijke live-registratie maar wel gedetailleerd klinkend aangevuld met een aantal bonustracks is deze release uitgebreid tot 22 nummers op de DVD en 24 nummers op de CD's samen. En dat door hun sensationele live optredens, waar de vonken van afspatten de groep door de jaren heen een grote schare trouwe fans opbouwt, is best te geloven bij het beluisteren van hun heerlijke rootsrock. De Brandos zijn in hun beste vorm. Na een tijd van "betrekkelijke" rust zijn ze terug met "Town To Town, Sun To Sun", een plaat die het oude werk moeiteloos overtreft. Luister maar even naar hun back to basic rock & roll, want deze rock and roll gitaarklanken worden door de heren echter op sublieme wijze samengevoegd en zorgt er voor dat je vanaf het begin af aan gepakt wordt door dit concert. Dit vanaf het openingsnummer "Fight For Love" en de volgende tracks, veelal uit het toen pas verschenen "Over The Border". Zo horen we van deze plaat o.a. "Walking Home", een rootsrocker met een mega-refrein, naast meer swamprock op "The Only Love I Can Get" en "She’s The One". Het zijn zeker niet de enige tracks die de aandacht verdienen want met een geschiedenis als die van deze band staat een avond bol van de klassiekers als "The Solution", "Gettysburg", "The Warriors Son", "The Light Of Day", "The Keeper" en "Gunfire At Midnight". Het geheel wordt ook nog eens magistraal gebracht voor een uitzinnig publiek. "Town To Town, Sun To Sun" is twee uur genieten van een meesterlijk concert, dat nog eens weergeeft dat na drieentwintig jaar The Brandos nog steeds een act is om rekening mee te houden.

Tracks:
CD 1
1. Fight For Love
2. Let It Go
3. The Keeper
4. The Only Love I Can Get
5. Anna Lee
6. The Light Of Day
7. The Other Side
8. She's The One
9. The Triangle Fire
10. Dino's Song
11. Tell Her That I Love Her
12. Merrily Kissed The Quaker/The New York Volunteer

CD 2
1. The Solution
2. Walking Home
3. Over The Border
4. Gettysburg
5. Gunfire At Midnight
6. The Siege
7. He's Waiting
8. Nothing To Fear
9. The Warrior's Son
10. Pass The Hat
11. The Last Tambourine
12. Can't Go Home

DVD
recorded live at the Rockpalast/Crossroads Festival in Bonn/Germany at the Harmonie on October 20, 2007
1. Fight For Love
2. The Solution
3. Let It Go
4. The Only Love I Can Get
5. The Keeper
6. She's The One
7. The Triangle Fire
8. Gunfire At Midnight
9. Tell Her That I Love Her
10. Merrily Kissed The Quaker/The New York Volunteer
11. Over The Border
12. Walking Home
13. The Light Of Day
14. The Last Tambourine
15. Pass The Hat
16. Can't Go Home
17. Gettysburg

Bonus Live Performance
recorded in Nuremberg/Germany at the K4 on October 24, 2007
1. Anna Lee
2. The Other Side
3. Dino's Song
4. The Siege
5. He's Waiting
6. Nothing To Fear
7. The Warrior's Son



 

STEVE HACKETT
TRIBUTE
Website
Label: Camino Records
Distr. : V2 Music
VIDEO

In de stroomversnellingen van het leven heb je soms nood aan een rustplaats, liefst in de bocht van een riviertje onder een loverboom waar je dan wilt luisteren naar een plaat met akoestische klassieke gitaar. Van Steve Hackett bijvoorbeeld, ooit Genesis gitarist, die met zijn ‘Tribute’ album hulde brengt aan zijn mentors, waaronder Bach, William Byrd, Barrios en Granados. De Gavottes, Preludes en Bach’s ‘Jesu Joy’ speelt hij met ingehouden passie, aanleunend bij zijn adoratie voor die oude meesters en componisten. Daartussen plaatst hij drie eigen composities, die elegisch opgaan tussen de klassieke stukken van zijn grote voorbeelden. In zijn ‘Sapphires’ weet hij op virtuoze wijze die oude sound te verklanken van de klassieke vinylplaten, waar emotionele diepte en vakmanschap samengaan en waar o.m. Deutsche Grammophon een patent op had. Op gans dit album valt de zuiverheid van opname op en de verfijnde klanken die hij aan zijn klassieke gitaar K. Yairi weet te ontlokken. In het acht minuten lange ‘The Fountain Suite’, opgebouwd als een eerbetoon aan Andrés Segovia, weet hij alle gevoelsnuances in het eigen gemoed sereen over te brengen. Op de traditional ‘El Noy De La Mare’ verklankt hij subliem als in een bitterzoete ballade universele gevoelens. Sinds Peter Gabriel hem in 1970 bij de formatie Genesis introduceerde, heeft Steve Hackett een lange weg afgelegd. Zijn fascinatie voor klassieke gitaar manifesteerde zich doorheen alle volgende jaren. Zijn aandacht voor het detail en elegant gitaarspel kwam al aan het licht in zijn soloplaten en ook tijdens Live optredens. Zijn ‘Momentum’ uit 1988 en zijn ‘Blues With A Feeling’ uit 1995 illustreren daarbij zijn veelzijdigheid. Daarnaast speelde hij met het Londense Kamerorkest en het Koninklijk Filharmonisch Orkest, waarmee hij ‘A Midsummer Night’s Dream’ opnam. Hij waagde zich ook aan experimentele projecten. Zijn vertolking van klassieke stukken werden bijeengebracht op zijn Live Archive Series. Zijn motto om zichzelf trouw te blijven bleef al die jaren overeind. Als je zijn Genesis plaat ‘Selling England By The Pound’ uit 1973 oplegt en deze vergelijkt met het recente ‘Tribute’ dan merk je dat Steve Hackett dan wel in die vijfendertig jaren muzikaal geëvolueerd is, maar zonder zijn artistieke integriteit te verliezen. Dit houdt in dat hij in de eerste plaats muziek wil componeren en spelen die aansluit bij zijn eigen aanvoelen, met respect voor zijn inspirators in de geest die hem blijven gidsen.
Marcie



 

 

OUTLAW X
OUT OF THE BOX
Website - Myspace - Contact
Label: eigen beheer
VIDEO


Een goed half jaartje geleden stuurde topdrummer Herman Matthews ons zijn solo cd toe, waar wij ten volle van genoten. Herman is onder andere drummer bij de band van Tom Jones, en net als alle andere bandleden op en top professioneel. Die andere leden zijn - leadzanger/bassist Larry Kimpel (ex zanger van Frank Beverly en Maze, de beste funkband die er volgens mij ooit was, en die onder meer speelde op cd's van en in de live bands van Alanis Morrisette, Whitney Houston, Stevie Wonder, Al Jarreau, Larry Carlton, Mary J. Blidge, Patti Labelle, George Duke, George Benson, Branford Marsalis, Tom Scott, David Sanborn, Natalie Cole, Stanley Clarke, Michael Bolton, Jonathan Butler, Vanessa Williams, en vele vele anderen van hetzelfde kaliber) - de supergitarist Ricky "Z" Zahariades (van o.a Jessica Simpson, Lauryn Hill, Wayne Henderson, Don Grusin, Ronnie Laws, Stix Hooper, Alejandro Sanz, en ook nog honderd anderen) - Bill Steinway, zijn naam zegt 't zelf , alle soorten keyboards en deze waslijst laten we gewoon weg. Topmuzikanten dus, kwaliteit op alle fronten. Dat merk je al aan de persmap, die is veel luxueuzer dan we gewoon zijn. Hi Gloss foto's, extra dik luxueze briefpapier. In die map de typering van hun muziek met hun eigen woorden "Robert Cray meets The Allman Brothers". Op instrumentaal gebied klopt dat zeker, op vocaal gebied is het Larry's R & B getinte stem en zijn gelijkaardige productie die het geheel toch wat wegstuurt van de echte roots. Daar tegenover staat een perfect geluid zoals ik er al lang geen meer gehoord heb. Rootsmuziek heeft zelden zo tot in de puntjes afgewerkt geklonken, zelfs Donald Fagen kan hierover niet klagen, en dat wil wat zeggen. De opener "Backyard" is een shuffle van het zuiverste water, letterlijk deze keer, en Ricky Z maakt daar met zijn gitaarwerk voor even vuurwater van. Super! De kleine technische snufjes die het gitaarfragment in "No Love" een extra dimensie geven verhogen het luisterplezier nog eens. Een mooie portie soulinvloeden in het langzame "Waters Of Love", allemaal kleine pluspuntjes die dit een genot voor het oor maken. In "Shoulda Known Better" met zijn funky baslijn lijkt het Maze verleden terug de kop op te steken en krijgen we "Rhythm and Blues meets the rhythm of the Blues". Song na song blijft het niveau hoog, "Old Fashioned Girl" voldoet nog het meest aan de beschrijving die ze hun muziek zelf geven, want vooral de dubbele slidegitaren klinken hier erg op zijn Allman's. De ijzersterke ballad "I Cry" klinkt het puurst en heeft weinig last van de moderne productie, een goed gedoseerde mix van blues en soul met dat kleine snuifje hedendaagse R&B is het geworden en een van de mooiste songs op het hele schijfje. Als "Southern Funk" nog niet bestaat is 't bij deze uitgevonden: "Dancin' Shoes" verweeft deze twee uiteenlopende genres tot één coherent geheel, en het werkt perfect hier. De Allman Brothers blijven aanwezig, in "Two Of A Kind" scheuren de slides in de intro als tijdens hun hoogdagen, maar de stem van Julie Delgado, die hier lead zingt geeft het nummer weer een aparte "twist". Als uitsmijter de werkelijk prachtige versie van The Faces' "Stay With Me" doen zelfs (even) Rod Stewart vergeten, al is zijn schuurpapieren strot natuurlijk moeilijk te evenaren. Toch weer even wat anders, deze "Outlaw X" , het gevoel van gisteren met de sound van morgen.
(RON)