ARCHIEF - OKTOBER 2008 - NOVEMBER 2008 - DECEMBER 2008 - JANUARI 2009

EACH MONTH MORE THAN 100 REVIEWS FOR YOUR ROOTS LOVIN' EARS!

 

TODD THIBAUD - BROKEN

MEMO GONZALEZ & THE BLUESCASTERS - DYNOMITE

ANDY CONRAD - THIS IS NOT A REVOLUTION 1 & 2

THE REFUGEES - UNBOUND

HORSE FEATHERS - HOUSE WITH NO HOME

RICKY GENE HALL & THE GOODS - BAM!

NAOMI SOMMERS - GENTLE AS THE SUN

LEE PENN SKY - PRELUDE TO HINDSIGHT

CADILLAC SKY - GRAVITY’S OUR ENEMY

MARIEE SIOUX - FACES IN THE ROCKS

 



TODD THIBAUD
BROKEN
Website Myspace
Label: Blue Rose Records
Distr.: Sonic Rendezvous

 

 

We hebben weer een absolute aanrader ontvangen van distributeur Sonic Rendezvous. De nieuwe cd van de uit Boston afkomstige singer-songwriter Todd Thibaud bevestigt voor ons de reputatie die hij al had, want het is weer een heerlijk meesterwerkje geworden. Zo'n plaat die je eigenlijk even aan iedereen wil laten horen omdat hij zo verschrikkelijk goed is. Todd Thibaud begon ooit als een soort kruising tussen Tom Petty, Freedy Johnston en John Hiatt, al had hij ook al in het begin een duidelijk eigen geluid. In de jaren negentig was Thibaud nog voorman van een gezelschap dat luisterde naar de obscure naam The Courage Brothers. Ondertussen heeft hij een aantal soloplaten op zijn naam staan. "Little Mystery" uit 1999 liet al een volwassen rootsrocker horen met een poppy randje. "Squash" uit 2000 trok die lijn door, en deed hier en daar denken aan Matthew Sweet. Ondanks lovende recensies, bleef een doorbraak in Amerika uit. Dankzij een hoogoplopende ruzie met zijn Amerikaanse distributeur ‘vluchtte’ Thibaud samen met gelijkgestemde songwriters Chris Burroughs, Terry Lee Hale en Joseph Parsons in de gelegenheidsband Hardpan. Die ervaring heeft Thibaud duidelijk goed gedaan, want "Northern Skies" (2004) is minder poppy, al zijn de ijzersterke melodieën nooit ver te zoeken. Na deze platen had hij zijn draai helemaal gevonden, bij het label Blue Rose zit hij perfect op zijn plaats, en nu vond hij de hoogste tijd voor een opvolger: "Broken". Liedjesschrijver Thibaud is wat lastig in te delen. Hij zingt zijn eigen liedjes, en zou daarom in het genre singer/songwriter geplaatst kunnen worden anderzijds zijn er van die zelfgepende liedjes die klinken dan weer als rock. Het interessantste is hij als hij ergens daar tussenin gaat zitten. Dan kom je in een ondefinieerbaar genre met rootsy arrangementen. Eigenlijk lijken Thibauds veelal radiovriendelijke gitaarliedjes vooral geschikt voor lange autoritten. Zijn laatste studioplaat, "Northern Skies", was een nauwelijks te overtreffen meesterwerkje, dat aan John Mellencamp in zijn beste dagen deed denken, met name in de inventieve arrangementen en de schitterende teksten. Doordat die plaat juist door die fantastische arrangementen uitblonk was ik benieuwd naar dit nieuwe album. Op deze nieuwe studioplaat "Broken" gaat hij een beetje tussen de twee benaderingen inzitten. Het is een wat steviger plaat geworden met wat minder ingenieuze arrangementen, waardoor de aandacht toch meer naar de liedjes gaat. En die zijn weer goed tot zeer goed. Het steviger geluid sluit geraffineerde arrangementen overigens niet uit. Verwacht van Thibaud niet een stoffig folkproduct, maar eerder een schijfje waarop elementen uit de beste pop en roots tradities versmolten zijn met hedendaagse rock. En voelbaar is zijn streven de liedjes toegankelijk te houden. Hij is een singer-songwriter met een lekker warme stem, die best weet zijn teksten weet te voorzien van verrassende arrangementen, die hem soms richting pop/rock brengen. Dat resulteert in een dertiental prima nummers, variërend van rockend tot aangenaam ingetogen. Het gitaarspel is gedegen, charmant, maar niet uitzonderlijk. Nee, de kracht zit hem behalve die frisse stem vooral in de sterke melodielijnen die de meer rootsy gerichte popsongs als het rockabilly-getinte "Changing Now" dat we best kunnen omschrijven als Rodney Crowell-meets-Buddy Holly, de Americana pop'n'roll song "Drifting" en het met twangende gitaar gedreven "Blue Skies Back" laten vlinderen. Andere tracks die de luisteraar zullen aanspreken zijn voornamelijk de ballads die allen hoogtepunten vormen op deze cd, die door Thibaud zelf werd geproduceerd. Het openende "I Go On" is meteen al een melancholieke song die je meteen laat vooruitblikken en hopen op meer van deze ingetogen tracks. "Simple Man" is dan zo'n grootse roots ballad. De dominante en heerlijk zoemende bottleneck begeleiding is van gast/gitarist Adam Steinberg (Patty Griffin, Reto Burrell, Dixie Chicks) die Thibaud’s eerdere albums "Squash" en "Northern Skies" heeft geproduceerd. Ook de song "Man That I Am" is een echte killer ballad die met zijn Memphis / Muscle Shoals gevoel doet denken aan Kris Kristofferson of John Hiatt. Het knappe van deze plaat is dat Thibaud deze ballads weet te combineren met rockers waarbij we zeker ook het fragiele "The Right One" willen vernoemen. Bij insiders is dit nummer vertrouwd door het Parsons Thibaud album, maar waarvan we nu een akoestische versie horen samen met de schitterende singer-songwriter Lori McKenna die in het afsluitende "You & Me" nog even komt meezingen - een happy end voor een echt bijzondere Todd Thibaud oeuvre - je gaat vanzelf denken: wanneer krijgt Todd Thibaud de roem die hij verdient? "Broken" is fraai geproduceerd en zit vol muzikale hoogstandjes, maar de songs staan gelukkig altijd centraal. Songs die ondanks hun diepgang lekker in het gehoor liggen en stuk voor stuk tijdloos klinken. Verschillend met zijn voorgangers is dat Thibaud met wat blueprints van de songs de studio introk, en samen met zijn band prachtige arrangementen zonder overdubs wist in elkaar te knutselen. "Broken" is dan ook volgens ons de beste tot dusver en verdient absoluut om in bredere kring gehoord te worden.



 

 

MEMO GONZALEZ & THE BLUESCASTERS
DYNOMITE
Website VIDEO 1 VIDEO 2
Label: Crosscut records Distr: Bertus

 

Memo en de zijnen voorstellen is niet echt nodig, maar voor de weinigen die hem niet mochten kennen, even een situatieschets. Hij zingt, speelt bluesharp is afkomstig uit Dallas,Texas, maar werkt momenteel vanuit Duitsland en zijn bandleden komen respectievelijk uit Duitsland (gitarist Kai), Holland (drummer Henk) en Turkije (bassist Erkan). Van "an international bluesband" gesproken. Grootste kracht van deze band is natuurlijk het feestgehalte tijdens hun optredens, daar zal iedereen die de kans kreeg deze band ooit aan het werk te zien (kansen te over) van meespreken. Zuivere Texasblues hoofdzakelijk zoals we dat gewoon zijn van streekgenoten Johnny Moeller, Jimmy Vaughan, Jim Suhler, Alan Haynes en Anson Funderburg en ook wat pure rock en roll zoals in het knappe "Mary Lynn". Invloeden op mondharmonica vooral van Little Walter zoals in "D-Jump" en Jimmy Reed in "Mary Lynn". "Double Eyed Whammy" een veel gecoverde song weet Memo toch weer nieuw leven in te blazen met zijn door The Fabulous Thunderbirds en Jimmy Vaughan geïnspireerde bewerking, een geluid dat ook in "One Day" terug opduikt. In "Bad Luck" laat gitarist Kai Strauss de slide lekker scheuren en "Please Come Home" lijkt wel geschreven als tribute voor het geluid van Eddy Jones a.k.a Guitar Slim, en herinnert aan diens lijflied "The Things That I Used To Do", een nummer dat ondertussen een klassieker geworden is. Misschien nergens vernieuwend, deze "Dynomite" van Memo Gonzalez, maar hij staat zoals steeds wel garant voor een portie puur Texaanse blues, rock en ambiance. Fans van hoger vernoemde voorbeelden zullen dus hiermee zeker hun voordeel doen, en als je 'm live kan meemaken, zeker niet twijfelen, want Memo blijft in de eerste plaats een artiest die je live moet meemaken.
(RON)



 

 

ANDY CONRAD
THIS IS NOT A REVOLUTION 1 & 2
Website Myspace Contact
Label : Machine Records Contact

 

Op twaalfjarige leeftijd kreeg Andy Conrad uit St. Louis, Missouri als cadeau voor zijn verjaardag een unieke verzamelplaat van de Beatles. Dat veranderde en bepaalde nadien zijn verdere leven. De muziekmicrobe kreeg hem te pakken en hij spendeerde elke vrije minuut aan het componeren van zijn eigen liedjes. Vele jaren later leverde hij het resultaat van die arbeid af. Eerst in de vorm van zijn solo-debuutplaat “Artificial Junk” uit 2003 en nadien als ‘Andy Conrad & the Bellheads’ in het album “Everyday Peepholes” uit 2005. En nu dus opnieuw in de vorm van 2 bij elkaar horende cd’s die samen onder de titel “This Is Not A Revolution” worden uitgebracht. Een waarachtig levenswerk met 33 liedjes in het hedendaagse pop- en rockgenre. Stuk voor stuk gekenmerkt door catchy deuntjes en riffs die ongewild in het hoofd blijven vastkleven als je ze éénmaal beluisterd hebt. Het rockende “Evergreen” en het synthesizerpopnummer “Be A Light” geven al van bij de aanvang aan wat je als luisteraar op deze cd’s mag verwachten. Zowat het hele arsenaal aan muziekinstrumenten passeert de revue op deze verzameling songs. En ze werden haast allemaal door Andy Conrad zelf ingespeeld op deze overigens ook zelf geproduceerde cd’s die samen misschien de vergelijking willen aangaan met de rode en de blauwe albums van de Beatles. Andy Conrad is een muzikale autodidact en dus wellicht tevens een freak wat betreft instrumenten bespelen. Zo zorgde hij op dit werkstuk voor enkele instrumentale nummers in zeer diverse muziekstijlen. “Sunshine Alley” is bijvoorbeeld een jazzy soundtrack en “Airplane” is experimentele noise met ijl geschreeuw dat zo uit de kelders lijkt te komen. “Passengers” is filmische achtergrondmuziek en “Down To The Moon” is bluegrass- en countrymuziek gespeeld op banjo. “Neosho Beach 1” kabbelt lekker voort op een bluesy Booker T & the MG’s-achtige orgeldeuntje. De pers zadelt Andy Conrad op met al dan niet terechte vergelijkingen met artiesten als Wilco, Elliott Smith, Badly Drawn Boy en Ryan Adams. Maar we hebben de indruk dat hij zich daar niet al te veel van aantrekt en liefst van al ongestoord zijn geheel eigen weg inslaat. Enkele titels van songs die wij binnenkort weer zullen selecteren om opnieuw af te spelen zijn: “Tumbleweed Woman”, de Ryan Adams-schatplichtige song “Build For Yourself” evenals enkele tracks uit het tweede album: de titeltrack “This Is Not A Revolution”, “Ring The Bell”, “Summer American”, “Plastic American Car” en de leuke instrumentaaltjes “Space Pop” en “Under The Balloon”. Deze beide albums zullen inderdaad geen echte revolutie veroorzaken, maar laten wel vermoeden dat deze artiest nog heel wat in zijn mars heeft. Aan hem om ons daarvan te overtuigen via zijn binnenkort volgende releases. (valsam)



 

THE REFUGEES
UNBOUND
Website Myspace
Label: Wabuho Records
Distr.: Sonic Rendezvous

 

 

Wanneer meer dan twee vrouwen zich verenigen dan is het om over hun venten te zagen, plastieken potten aan mekaar te verpatsen of... om hemelse muziek te maken. De dames zullen mij deze introductie op-het-randje hopelijk kunnen vergeven. Het kan niet alle dagen Shakespeare zijn. Cindy Bullens, Deborah Holland en Wendy Waldman doen op Unbound wat Emmylou Harris, Dolly Parton en Linda Ronstadt hen al voor deden. Bullens, Holland en Waldman zijn namen die nét iets minder ronken dat die van dat andere gelegenheidstrio. Nochtans hebben de dames hebben elk individueel een indrukwekkende barcode aan strepen bij mekaar verdiend. Cindy Bullens begon als backing vocaliste bij Elton John en heeft daarna vanuit Nashville een solo-carriere uitgebouwd. Deborah Holland zat in Animal Logic en heeft het via solo-werk intussen geschopt tot professor in de muziek in Los Angeles. Wendy Waldman was al in de jaren ‘70 aan de slag bij Bryndle en leverde de voorbije decennia muziekale hand-en spandiensten (lees productie en songschrijverij) voor oa Vanessa Williams en de Nitty Gritty Dirt Band. Voor die laatste band schreef zij mee aan ‘Fishin’ In The Dark’, een behoorlijk meezingbare folk-rock song. En voor Vanessa Williams het heel erg mooie ‘Save The Best For Last’, hier nagenoeg a capella gebracht. De dames zingen indrukwekkend mooi samen, het moet gezegd. Dit is meteen de sterkste troef van de plaat. Muzikaal en tekstueel worden hier geen grenzen verlegd, maar je blijft van de eerste tot de laatste track geboeid luisteren naar die drie door mekaar geweefde stemmen. Ik heb er mezelf op betrapt dat ik in het boekje ging zoeken naar wie de muzikanten waren. Dat zijn de dames dus zélf. Gitaren, bas, dobro, mandoline, harmonica, accordeon, dulcimer, de usual suspects op een Americana-plaat. Twee erg sterke tracks van de plaat kwamen al aan bod. Maar er zijn er nog. In ‘The Violin Song’ laat Wendy Holland haar moeder weten wat ze met de viool en de broccoli van plan is. Laat ik u verklappen dat een van beide tegen de muur gekwakt eindigt. Nah. En ook ‘Unbound’, het titelnummer, is een één/drie-mans/vrouws-onafhankelijkheidsverklaring. En dan zijn er natuurlijk ook een paar love songs: Stickin’ With My Baby’s Love’ en ‘(There’s A) Spy In The House Of Love’. Wij kijken ernaar uit om The Refugees eens op een podium in de buurt aan het werk te zien. In afwachting herbeluisteren wij Unbound tot ons hoofd op een Tupperware gelijkt... sorry, ik kon het niet laten.
Duke J



 

 

HORSE FEATHERS
HOUSE WITH NO HOME
Myspace
Label: Kill Rock Stars

 

Mocht je ooit ingesneeuwd geraken, zorg dan dat je het gepaste Cd’tje in huis hebt om ter mijmering in de lader te steken. Geen beter album denkbaar dan ‘House With No Home’ van Justin Ringle, singer-songwriter uit Lewiston, Idaho. Onder de groepsnaam ‘Horse Feathers’, slaagt hij erin om met zijn band een weemoedige sfeer te creëren alsof het winterlandschap tot leven komt met alle verloren gewaande herinneringen. Justin zingt als een herrezen Nick Drake met broze stem over het verlies van de jeugd, falen en reiken naar nieuwe kansen, verlatingsangst en zoektocht naar de liefde. Bij ‘This Is What’ zou je zweren dat deze uit ‘Fruit Tree’ werd geplukt. Ook Justin’s beeldtaal is poëtisch, soms cryptisch maar vol dichterlijke metaforen alsof hij zich tastend een weg zoekt door de sneeuw. Maar hij beweegt zich niet alleen in het melodische landschap. Multi-instrumentalist Peter Broderick met banjo, mandoline, viool en viola en zijn zus Heather met cello musiceren naast hem als twee verdwaalde engelen die de strijkstok hanteren als een tevergeefs reiken naar het verloren paradijs. Vooral in ‘Helen’ en ‘Heathen’s Kiss’, teder en breekbaar, waar viool of banjo aanzwellend of uitstervend de hunkering evoceren, tonen zij zich uiterst gevoelige muzikanten. Toen Justin in 2004 van Idaho naar Oregon verhuisde vond hij Peter op zijn weg, met als gevolg een eerste geïnspireerd album ‘Words Are Dead’. De samenwerking bleef duren en dit tweede album, minimalistisch in opzet, maar rijk in weerklank, combineert klassiek met intimistische neo-folk. Bij ‘Burden’ denk je even dat de schaduw van het ‘Penguin Café’ ensemble zich tegen de horizon aftekent. Zoals Simon Jeffes speelt Justin eveneens piano, naast gitaar en trompet. ‘Father Reprise’ komt over als een instrumenteel pareltje, subliem in zijn breekbare schoonheid. Maar de impressionistische muziek van ‘Horse Feathers’ herinnert qua sfeer ook vaag aan Bright Eyes, Timesbold of Bruce Springsteen’s ‘Nebraska’ dat in Van Morrison’s ‘Avalon Sunset’ overvloeit. Toch creëert Horse Feathers een geheel eigen sound, die als feeërieke kamermuziek kan worden omschreven. Peter Broderick nam de arrangementen op zich. De backing zang van Heather en het geheel van snaarinstrumenten vormen de gedroomde bedding voor Justin om er zijn soms surrealistisch songteksten in uit te schilderen, zoals ‘Different Gray’, met fijne pianotoetsen. Een gevederd paard, uitdrukking overgenomen van Justin’s grootvader, bestaat alleen in de mythologie of in de wereld van magiërs. Ook de elf desolate songs op dit album zijn als het ware niet van deze wereld maar treffen wel raak in het gemoed, alsof je tegelijk blootgesteld wordt aan het vuur en de kou van muzische elementen.
Marcie

 

 

 

 

 

 

 

 

HORSE FEATHERS LIVE
Feb 25 2009 - Rotonde - Brussels
Feb 26 2009 - Trix - Antwerpen

 



 

 

RICKY GENE HALL & THE GOODS
BAM!
Website Myspace Contact
Info: Blind Raccoon
Label: Yard Dawg Records

 

Wat heb ik genoten van Ricky Gene Hall’s debuut met zijn band The Goods twee jaar geleden, een release die in feite al zijn derde cd was. Eindelijk een zanger die dicht in de buurt kwam van mijn twee favorieten, Jimmy Hall (verre familie?) en Delbert McClinton, wiens "Read Me My Rights" hier trouwens adequaat neergezet wordt. Samen met bassist Tom Martin en drummer Rocky Evans zorgt Ricky voor diezelfde stijl van songs, een gelijkaardige stem met evenveel "grit" en een echt zuiderse gevoel, een sterk debuut dat reikhalzend deed uitkijken naar de opvolger. Die is er nu, en wat voor ééntje: "BAM!" een toepasselijke titel, dat is het minste wat we kunnen zeggen, want deze cd slaat je pal in 't gezicht met zijn recht voor de raap-se Southern ritmes. Iemand die wat het gitaarwerk betreft onder meer Johnny Winter, Sonny Landreth, David Lindley en Scott Henderson als zijn grote voorbeelden noemt en als zangers Paul Rodgers en Delbert McClinton en Bonnie Raitt kan voor mij al geen kwaad meer doen. Geen doordeweekse blues dus, geen gitarist van het type "Kijk mama zonder handen" maar heerlijke in Southern blues en gospel saus gedrenkte songs. "Revelation Radio" is zo 'n nummer met een hoog gospel gehalte, en het zuiden zit ook ingebakken in de song "Amos Moses" een swampy ding dat het verhaal vertelt van een Cajun, de enige andere cover trouwens, een song van Jerry Hubbard. Al het andere materiaal is van de hand van Ricky Gene, en dat blijkt behoorlijk straf spul. Hoogtepunten te over op deze cd van de man uit Ohio. "Way I Feel" is een funky blues zoals we die kenden van Wet Willie vroeger. Het langzame, bluesy "This Old Guitar" is een van de songs die mijn voorkeur wegdraagt, en niet in het minst voor het prachtige gitaarwerk van Ricky Gene Hall, dat trouwens doorheen de ganse productie schittert zonder ergens te leen te gaan en zijn voorbeelden te willen imiteren. Kortom, nog eens een cd van een man die op twee fronten ijzersterk is, een snarenwonder met een stem die klinkt als honing over schuurpapier. Aanradertje!
(RON)



 

 

NAOMI SOMMERS
GENTLE AS THE SUN
Website Myspace Contact CD-Baby
Label : American Melody Contact

 

De roots van zangeres en liedjesschrijfster Naomi Sommers liggen in de bluegrass, de blues, jazz, folk en country. Zowat overal dus. Deze dame lijkt van heel wat markten thuis te zijn en dus uitstekend gewapend om al die muzikale invloeden in haar eigen liedjes te verwerken. Voeg daar bovenop ook nog haar heel warme stem en een grote belofte in de hedendaagse muziekwereld lijkt geboren te zijn. Muziek werd er bij haar al van bij de geboorte ingelepeld door haar muzikale ouders, waar ze overigens samen met broerlief Daniel nog steeds samen mee optreedt in de ‘Sommers Rosenthal Family Band’. Haar vader Phil Rosenthal heeft bovendien een eigen platenlabel waarop zij haar cd’s mag uitbrengen. En familievriend Jim Rooney - bekend van zijn werk met John Prine, Irish Dement, Bonnie Raitt en Nanci Griffith - bood zich spontaan aan om na een lange afwezigheid nog eens in de producerstoel plaats te nemen. De veertien liedjes op deze cd zijn allemaal eigen composities op één cover van de sixties countryklassieker “Sea Of Heartbreak” na. De voortreffelijke songarrangementen zorgen voor een erg professioneel cachet en tonen tegelijkertijd ook aan dat de nummers sterk zijn. Naomi Sommers is eveneens een getalenteerde bespeelster van diverse instrumenten. Zo speelt ze virtuoos op fluit, banjo, piano en gitaar en speelde en zong ze ook mee op platen van enkele andere artiesten. Ze studeerde muziek en literatuur aan de universiteit van Connecticut waarna ze zich volledig ging toeleggen op het componeren van muziek en het schrijven van songteksten. Sinds 2001 treedt ze op als soloartieste, bracht ze een soloalbum “Hypnotized” uit in 2004 en vormde ze duo’s met Noam Weinstein in ‘Broken Dreams’ en met Lisa Bastoni in ‘Gray Sky Girl’ waarmee ze ook een cd uitbracht. Deze beide collega’s dragen ook hun steentje bij aan deze nieuwe plaat “Gentle As The Sun” die het resultaat is van meerdere jaren intensief werken aan liedjes, ze live uitproberen en verfijnen. Daardoor duurden de officiële studio-opnamen in Nashville amper één week en werden de nummers er zo goed als live ingezongen. Deze cd is een meesterwerkje geworden dat bij ons maar moeilijk uit de cd-speler te verwijderen blijkt. Er staan enkele zeer sterke, haast klassieke liedjes op deze plaat. Onze lievelingstracks – ik zet ze intussen nog maar eens opnieuw op – zijn “Two Sparrows” en de songs “Hypnotizing“, “February”, titeltrack “Gentle As The Sun” en “Mama’s House”, allen nummers waarin de zangstijl van Naomi Sommers op die van ‘10.000 Maniacs’-zangeres Natalie Merchant lijkt. De vergelijkingen met soundalikes en countrygrootheden Nanci Griffth en Iris Dement in de pers zijn volgens ons te wijten aan de nummers “Come Home”, “Now He’s Gone”, “Fine Morning” en het op een positieve noot afsluitende “It’ll Be Alright”. Het jazzy “Hard To Love You” laat broer Daniel even horen uitblinken in een trompetsolo, net zoals in het nummer “Mama’s House” overigens. En qua bluegrass-stijl is het swingende walsje “Gray Sky Girls” een schoolvoorbeeld met knappe dobro- en vioolklanken. Eind mei 2009 komt Naomi Sommers voor een optreden op het ‘European World Of Bluegrass Festival’ naar het Nederlandse Voorthuizen. Vooraleer ze echt een heel grote ster zal zijn is dit misschien de laatste gelegenheid om haar nog eens in wat intiemere kring aan het werk te kunnen horen. Laat je vooral zelf overtuigen maar neem van mij aan dat dit een zeer sterk album is.
(valsam)



 

 

LEE PENN SKY
PRELUDE TO HINDSIGHT
Website MySpace CD Baby

 

 

Een schokkende gebeurtenis in iemands leven kan een mens kraken, maar Lee Penn Sky integendeel putte er de kracht uit om als songwriter zelf met zijn nummers het podium op te trekken in plaats van in de schaduw van één of andere band te blijven werken. Bijna verloor hij zijn been en zijn leven toen hij aangereden werd door een auto op een snelweg, terwijl hij hulp bood aan een slachtoffers van een ongeval. Dit noodlottig voorval heeft nochtans voor een pareltje van een Americana album gezorgd. Op zijn MySpace verwijst Lee naar artiesten als Counting Crowes en Greg Brown, maar hij voegt er toch nog een extra folktintje aan toe. De stem van Lee Penn Sky heeft inderdaad iets weg van Adam Duritz en “I’m Spinning” leunt heel dicht aan bij het werk en het geluid van Counting Crowes, maar de originele storytelling van Lee Penn maakt het verschil. Ooit al eens Jezus en Buddha samen aan de toog zien hangen in een nachtclub? Je zou voor minder spinnen in deze wereld. Ook de instrumentatie is uitmuntend met mooie nuances van mandoline of orgel. Het album gaat van start met de folkie ballade “Do As I Say (Not As I Do)”, waar een levenswijze vader zijn zoon de goede raad meegeeft niet dezelfde weg als hem te volgen. Wat is er meer toepasselijk in deze romantische periode van het jaar als een song als “Valentine’s Day”? De mooie opvulling met nylonsnarige gitaar en accordeon van John Cazan voeren de romantiek ten top. Mooie song om weg te dromen in een verhalende stijl die me aan Tom Robinson doet denken. “Roll On” ontluikt dan weer de melancholische kant van Lee Penn Sky, die even ontroerend klinkt als een Grand Willard of Kurt Wagner. Als metaforen zijn landschappen, rivieren en steden natuurlijk een populair gegeven, maar Lee Penn plakt er telkens een naam op. Zo voert ons in “Nebraska” langs Brendan Crocker en brengt “Michigan” ons zelfs dicht bij het countrygetinte werk van Frank Black. “Carolina Sings Softly” breekt je hart en geeft dat warme gevoel van een Knopfler schijfje, met mooi harmonisch gezang en een prachtige gitaarsolo van multiinstrumentalist John Cazan. Als orgelpunt geeft hij ons een live versie van “Willy And Poncho”, zijn manier om zijn helden Willie Nelson en Townes Van Zandt te eren. Lee Penn Sky heeft een prachtig debuutalbum geschreven en het zal zeker het niet laatste werkstuk zijn van deze artiest uit Idaho. Tijd voor jullie om van dit lekkers te proeven.
Blowfish



 

CADILLAC SKY
GRAVITY’S OUR ENEMY
Website Myspace VIDEO
Label: Skaggs Family
Distr.: Proper Music

 

 

Het grass is altijd blauwer aan de andere kant van de heuvels, denken de mannen van Cadillac Sky steevast want ze trekken met hun muziek kris kras door de Verenigde Staten. Dezer dagen stellen ze live hun nieuwe (tweede) plaat voor die verschenen is bij het Skaggs Family Records Label onder de mooie titel ‘Gravity Is Our Enemy’. Eerst even voorstellen. Cadillac Sky is een Texaans vijftal dat bestaat uit frontman Bryan Simpson (mandoline, zang), Matt Menfee (banjo, piano, zang), Mike Jump (gitaar, zang), Ross Holmes (viool, gitaar, zang) en Andy Moritz (Bass, cello, zang). Men kan hier als het ware van een vrij klassieke Bluegrass opstelling spreken, maar toch heeft deze band net dat ietsje méér , wat je verwacht van een goeie groep. Zelf wil Cadillac Sky liever niet in het vakje ‘Bluegrass’ geduwd worden want voor hen bestaat er alleen goede en slechte muziek, waarbij ze hopen dat zij zich langs de goede kant van de scheiding bevinden. Ze beweren evenveel beïnvloed te zijn door Radiohead als door Bill Monroe, de vader van de Bluegrass en wanneer je aandachtig naar hun plaat luistert, merk je dat ook wel. De teksten gaan bijvoorbeeld ergens over. Zo beschrijft ‘Bible By The Bed’ de angst van een vrouw die door haar man mishandeld wordt en gaat ‘Everybody’s Favorite’ over de pijn van een Beauty om populair te zijn. Origineel is vaak ook de opbouw van de nummers, zoals in het tweeluik ‘My Precious Waltz / I Hate How Happy She Is’, dat begint als een trage wals, gedragen door een emotioneel klinkende viool en plots een duizelingwekkende vaart krijgt door middel van een op hol geslagen banjo om tenslotte te eindigen in een soort bluegrass country punk. Verder staan er ook nog enkele instrumentaaltjes (cfr. ‘The Magestic Swan’) op deze plaat die bewijzen dat we hier zonder meer met virtuoze muzikanten te doen hebben. Dat de mannen van Cadillac Sky een mooie muzikale toekomst voor zich hebben lijdt zeker geen twijfel. Wanneer wij bijvoorbeeld kilometervretend over de Vlaamse country roads rijden, zullen wij in ieder geval van deze ‘Gravity Is Our Enemy’ blijvend genieten.
Shake



 

MARIEE SIOUX
FACES IN THE ROCKS
Myspace
Label: Grass Roots Records
Distr.: Bang! Records CDBaby

 

 

Na Alela Diane verschijnt nu ook de jeugdige Mariee Sioux aan de zandkleurige horizonten van Californië. Beide waren schoolvriendinnen en groeiden op in Nevada City. Mariee stond recent nog in het voorprogramma van Alela, die inmiddels internationaal is doorgebroken. Maar ook Mariee’s doortocht in Brussel bleef niet ongemerkt en na beluistering van ‘Faces in the Rocks’ begrijp je waarom. Geboren in februari 1985 schreef Mariee al verzen toen zij nog op de schoolbanken zat. Ook de natuur en de muziek waren haar van kindsbeen af vertrouwd, evident als je een vader hebt die mandoline speelt. Haar vader en deze van Alena speelden trouwens vaak samen. Maar ook haar gemengde afkomst laat zich horen in haar songteksten. Met een Pools/Hongaarse vader en een Spaans/Mexicaanse moeder met Indiaans bloed stel je je als vanzelfsprekend open voor alle culturen waarin familiewaarden en het respect voor de natuur centraal staan. Ook de Indiaanse cultuur blijkt dus een voorname inspiratiebron, wat nog meer verklanking krijgt wanneer een Indiaanse fluit de melodielijnen beschuttend of optillend begeleidt. Maar de poëzie van Mariee lijkt uit zichzelf te ontspringen met metaforen en beeldtaal die bol staan van betekenis en ietwat herinnert aan de Joni Mitchell van ‘Ladies In The Canyon’. Mariee’s etherische zang doet echter meer aan Laura Nyro of Vashti Bunyan denken. Alle acht songs op dit album ademen spiritualiteit uit, alsof Mariee’s prille geest alle imaginaire grenzen tussen hemel en aarde verkent. In ‘Bravitzlana Rubakalva’ bouwt Mariee zo aan een spookachtige droomwereld. De indiaanse thema’s zitten verborgen tussen de lijnen, zoals in ‘Two Tongues’ of ‘Wild Eyes’. Aan dit album gingen al twee albums vooraf, beiden in eigen beheer uitgegeven. Op deze ‘Faces In The Rocks’ omringt zij zich echter met begeleiders, die allen bijdragen aan de exotische rijkdom van dit album. Behalve haar vader, Gary Sobonya met mandoline kon Mariee rekenen op Gentle Thunder die niet alleen met de Indiaanse fluit mystieke sfeer creëert maar ook met de Buffalo- en Basdrum magie inbrengt, zoals op ‘Buried In Teeth’. ‘Bundles’, een tien minutensong, komt je echter tegemoet als een geschenk van de Grote Geest, want gitaar, mandoline en de invallende cello van Luke Janela verglijden als in een verwarmend zielsmooi Credo. Ergens zou je kunnen gissen dat Mariee een onzichtbaar medicijnzakje rond de hals draagt waarin zij het geheim bewaart om haar dichtkunst de vlucht van een ‘Sioux’ gebedsvogel te geven. Met deze ‘Faces In The Rocks’ doet de songschrijfster een gooi naar internationale erkenning. Wat haar ongetwijfeld zal lukken.
Marcie

Mariee Sioux Live
AB - Brussel - ma. 23 feb. 2009