ARCHIEF - OKTOBER 2008 - NOVEMBER 2008 - DECEMBER 2008

EACH MONTH MORE THAN 100 REVIEWS FOR YOUR ROOTS LOVIN' EARS!

 

TODD HANNIGAN & THE HEAVY 29’S - COURTSIDE FOR THE APOCALYPSE

JACQUES STOTZEM - CATCH THE SPIRIT

ABBEY LINCOLN + ARCHIE SHEPP - PAINTED LADY

TOMMY MCCOY - TRIPLE TROUBLE

CHUMA SEGURA HOT BAND - VIEJOS TIEMPOS

THE MOLENES - SONGS OF SIN AND REDEMPTION

JZZZZZ - SWINGIN’ ALL DAY

STEVE POSTELL - TIME STILL KNOCKING

LITTLE PINK ANDERSON - SITTIN’ HERE SINGING THE BLUES

DAN HUBBARD AND THE HUMADORS - DAN HUBBARD AND THE HUMADORS

 


 

 

 

TODD HANNIGAN & THE HEAVY 29’S
COURTSIDE FOR THE APOCALYPSE
Website Myspace
Label : Brotheryn Records CD-Baby

 

Op zijn MySpace-site zegt Todd Hannigan dat hij vergeleken wordt met artiesten als Nick Drake, Cat Stevens, Mark Knopfler & Dire Straits en Jack Johnson. Of dat ook terecht zo is kan je o.a. op zijn site en op CD-Baby beluisteren. Als producer van “Thicker Than Water” van Jack Johnson verkreeg hij wereldwijd erkenning. Vast staat dat deze folkmuzikant, fanatieke surfer en politiek activist voor zijn nieuwe cd “Courtside For The Apocalypse” de hulp heeft ingeroepen van zijn band ‘The Heavy 29’s’ om zijn zelfgeschreven liedjes op plaat te zetten met zijn waarnemingen en sociale commentaren met betrekking tot de staat van deze wereld en van de dingen uit ons dagelijkse leven. Todd Hannigan werd geboren in Connecticut maar woont sinds zijn vierde levensjaar in Ventura aan de Californische kust, vandaar zijn kennis over en ervaring met het surfen. Sinds tien jaar heeft hij er ook zijn eigen platenstudio Brotheryn Studios waar hij in alle rust aan zijn songs kan werken en zijn platen zelf kan produceren voor zijn Brotheryn Records-label. In 2005 verscheen zijn eerste soloplaat, gebaseerd op een reis doorheen gevoelens en stemmingen getiteld “Volume 1” die nu door “Volume2 : Courtside For The Apocalypse” wordt opgevolgd. Muzikaal wordt Todd Hannigan beïnvloed door artiesten als Pink Floyd, David Bowie, Led Zeppelin en songwriters als Nick Drake, Bob Dylan, Woody Guthrie en J.J. Cale. Met zijn nieuwste plaat wil hij een oproep lanceren aan de bevolking om actiever deel te gaan nemen aan het wereldgebeuren in plaats van langs de zijlijn toe te kijken hoe de wereld langzaamaan naar de knoppen gaat. In “Heavy 29’s” geeft hij een aparte kijk op de wereld vanuit het perspectief van de surfer en in “Maybe” beschrijft hij zijn eeuwige drang om te reizen, hetgeen hij dan ook bijna constant gedaan heeft in de voorbije 20 jaar met o.a. trips doorheen Australië, Indonesië en Zuid-Amerika. Reflecties op die trips zijn te horen in songs als “Peace Of Mind” over zijn doortocht in Perth, Australië en in “Things Are Gonna Change” dat de schoonheid van Berkeley, Californië bezingt. Zijn oproep om enkel je gevoelens te volgen en te doen wat volgens jou het beste is in de song “Still In Your Heart” klinkt alvast heel oprecht. En zijn intieme song “Maybe” roept al snel herinneringen op aan de grote Nick Drake. De verhalen worden gebracht op muziek die diverse ritmes en songstijlen combineert en waarbij de beat en de melodie van primordiaal belang is voor Todd Hannigan. Zo is er ook een rasechte rocker op deze plaat te horen: “Weight Of The World” met alweer een oproep om tot rust te komen in deze drukke en hectische wereld. “Courtside For The Apocalypse” is een plaat vol nummers met een boodschap, maar nooit te zwaar en een continue uitnodiging om het leven van zijn mooiste zijde te bekijken, bijvoorbeeld vanaf een surfplank die over de hoge golven uitzweeft. Een boodschap dus die zeer toepasselijk is en bruikbaar in deze tijd van het jaar vol nieuwe voornemens.
(valsam)


 

JACQUES STOTZEM
CATCH THE SPIRIT
Website Myspace
Label: Acoustic Music Records
VIDEO 1 VIDEO 2 VIDEO 3
VIDEO 4 VIDEO 5 VIDEO 6

 

"Fingerstyle" gitaar is eigenlijk meer een verzamelterm voor gitaristen die zich toeleggen op het bespelen van de gitaar met allerlei rechterhandtechnieken, en bij wie de compositie centraal staat. Er wordt dus niet vastgehouden aan de traditionele fingerpicking, maar men zoekt juist naar uitbreidingen van technieken, zolang het de compositie dient. Vandaar dat fingerstyle-gitaar gerelateerd kan worden aan een persoonlijke stijl van spelen. De composities, de techniek en de persoonlijke touch van de gitarist maken het geheel. Er zijn veel goede fingerstyle gitaristen, echte gitaarkunstenaars. Voorbeelden zijn er te over: Laurence Juber, Peter Finger, Martin Simpson, Tommy Emmanuel, Leo Kottke, maar ook onze eigen Jacques Stotzem. In de huidige gitaarwereld is Jacques Stotzem, die in 1959 in Verviers geboren werd, één van de gitaristen met de meest omvattende en veelzijdige stijlen. En als er kampioenschappen gitaarspelen zouden bestaan, dan zou Stotzem wereldkampioen akoestisch gitaar zijn. Deze gitarist is gewoon fantastisch! Hij heeft inmiddels vele albums op zijn naam staan die veelal verschenen zijn bij het Duitse Acoustic Music label en in 2006 heeft de legendarische Amerikaanse gitaarfirma Martin Guitar zelfs een "OMC Jacques Stotzem Custom Signature" model uitgebracht, de droom van elke gitarist en een bekroning voor Stotzem's carrière. Stotzem heeft een unieke stijl, hij weet te verrassen met diverse ritmepatronen en met een heel scala aan akoestische klanken. Hij is één van succesvolste instrumentalisten uit ons Belgenland en heeft uiteindelijk ook wereldwijde waardering verkregen. Het nieuwe soloalbum "Catch The Spirit" is voor de akoestische gitaristen weer een meesterwerk geworden. Op de cd staan twaalf tracks, die de typische Stotzem stijl bevatten. Een mooie collectie aan verschillende soorten songs van o.a; Jimi Hendrix, the Beatles, Neil Young, U2, Sting, Radiohead en zelfs Rory Gallagher, artiesten die een grote invloed hebben gehad in zijn muzikale loopbaan, hetgeen op deze cd alleen maar een afwisseling van stijlen en sferen teweeg brengt, waarin zijn prachtige gitaarwerk centraal staat. Luister maar eens naar de prachtige versieringen van de melodie in de opener "Fire" van Jimi Hendrix of "Voodoo Child (Slight Return)" en Purple Haze", ook twee andere Hendrix' covers, dan kan u alleen maar beamen dat Stotzem, met zijn geniale muzikaliteit en improvisatie talent, zeker behoort tot één der besten onder de akoestische gitaristen. Jacques Stotzem is met "Catch The Spirit" er weer in geslaagd een fijnproevers album af te leveren, geen cd die alleen voor gitaristen is maar ook voor iedereen is die van mooie songs houdt. Ik zou over elk nummer wat kunnen schrijven maar ik zou zeggen: Laat je verrassen op "Catch The Spirit" die van mij oneindig lang mag duren en daarom voor wie Jacques Stotzem nog niet kent zijn deze coversongs een prima introductie, songs waarin hij aantoont dat zijn muziek gewoon universeel is. "Catch The Spirit" gewoon in de Spirit of 66, zijn hometown, waar hij op 30 januari en 22 maart een concert geeft.

TRACKS: FIRE (Jimi Hendrix) - AFTER THE GOLD RUSH (Neil Young) - ONE (U2) - COME TOGETHER (Beatles) - NO SURPRISES (Radiohead) - MOONCHILD (Rory Gallagher) - THE SHAPE OF MY HEART (Sting) - WITH OR WITHOUT YOU (U2) - VOODOO CHILD (Jimi Hendrix) - HEART OF GOLD (Neil Young) - FIELDS OF GOLD (Sting) - PURPLE HAZE (Jimi Hendrix)

 

JACQUES STOTZEM LIVE
Jan 9 2009 8:00P - Salle Société royale d’harmonie - Couvin
Jan 10 2009 8:00P - Centre Culturel - Rossignol
Jan 16 2009 8:00P - Salle Communale - Marchin
Jan 17 2009 11:00 - Centre Culturel MASTERCLASS - St Georges
Jan 17 2009 7:00P - Centre Culturel CONCERT - Saint Georges
Jan 23 2009 9:00P - L’Ex-Cale - Liège
Jan 24 2009 8:00P - Centre Culturel - Waremme
Jan 30 2009 8:00P - Spirit of 66 - Verviers
Mar 22 2009 6:30P - Spirit of 66 - Verviers

 


 

 

 

ABBEY LINCOLN + ARCHIE SHEPP
PAINTED LADY
Distr.: Codaex


 

Hoewel Abbey Lincoln (foto) nooit dezelfde naam en faam kreeg als haar voorgangers Billie Holiday, Ella Fitzgerald of Sarah Vaughn hoort ze absoluut in dit rijtje van sublieme zwarte jazz vocalisten thuis. Vorig jaar nog bracht ze het prachtige ‘Abbey Sings Abbey’ uit (met Larry Campbell op gitaar) waarmee ze genomineerd werd voor de Jazz Awards. Nu werd haar samenwerking met sopraan- en tenorsaxofonist Archie Shepp heruitgebracht. Archie Shepp is vooral bekend omwille van zijn periode met John Coltrane in de jaren ’60. Zowel Shepp als Lincoln waren in die periode activisten voor de zwarte burgerrechtenbeweging. Ze deelden ook vaak het podium met mekaar. De opnames voor ‘Painted Lady’ dateren uit het jaar 1987 en werden gemaakt in Parijs. Het laidback sfeertje op deze plaat doet denken aan opnames van Billie Holiday, die altijd al het grote voorbeeld voor Lincoln is geweest. Abbey’s soulvolle stem drukt vooral waardigheid uit. De cover van Ellington's "Sophisticated Lady", een reflectie over een verloren liefde, is hier het schoolvoorbeeld van. Bij de interpretatie van Stevie Wonder’s ‘Golden Lady’ vlindert de sax van Archie Shepp heerlijk door de song heen. Soms doet het spel van Shepp onwillekeurig denken aan de rijpere Lester Young en op andere momenten klinkt hij schor als Coltrane in zijn latere dagen. Het indroeve ‘What Are You Doing The Rest Of Your Life’ van M. Legrand is een mooi voorbeeld van de elegante frasering waarmee Abbey zingt. Shepp begeleidt spaarzaam en zijn solo’s zijn niet minder dan geniaal. Er staan ook drie eigen songs van Lincoln op deze plaat. Het extraverte ‘Painted Lady On The Stage’ draagt iets autobiografisch mee. Het soulvolle ‘Throw It Away’ klinkt licht filosofisch: ‘You can never loose a thing / if it belongs to you’. En tenslotte is er ‘Caged Bird’, een metafoor voor onvrijheid, waarin Abbey Lincoln aan het eind van de song op indrukwekkende wijze letterlijk krast als een kraai. Dit alles maakt van ‘Painted Lady’ een prachtplaat die meer dan de moeite waard is om te (her)ontdekken. Absoluut één van de beste jazz reissues van het jaar.
Shake


De bezetting op deze plaat: Abbey Lincoln (voc) - Archie Shepp (ss,ts) - Roy Burrows (tp) - Hilton Ruiz (p) - Jack Gregg (b) - Freddie Waits (dr)


 

 

 

 

 

TOMMY MCCOY - TRIPLE TROUBLE - Label: Blues Boulevard - Distr: Music Avenue

 

Tommy McCoy is een gitarist uit Florida die zich de persoonlijke vriend van Stevie Ray Vaughan mag noemen. Hij begon met zijn eerste band "The Screaming Bluejays" in Orlando, maar vormde wat later "The Telephone Kings" een groep bestaande uit Tommy en 3 ex Allman Brothers band leden. Hun album droeg de titel "More Than You’ 'll Ever know" een cover van de bekende Al Kooper song op het debuut van Blood Sweat and Tears. In 1980 ontmoette Tommy dan Stevie Ray Vaughan en Double Trouble, en nam een cd op "Love And Money" met Tommy Shannon en Chris Layton na Stevie Ray's dood. Het oorspronkelijke cd'tje was tamelijk kort, zes songs slechts, en deze opnames, aangevuld met enkele nummers uit Tommy's volgende cd’s vormen samen deze re-release met de naam Triple Trouble. Ook die volgende cd's bevatten enkele grote namen onder de begeleiders, zoals Lucky Peterson voor de cd "Lay My Demons Down" en twee leden van The Band, Levon Helm & Garth Hudson voor de opnames van "Angels Serenade" terwijl Commander Cody ook nog van de partij is op "Kickin The Blues". Maar de lijst bekende namen houdt hiermee niet op, tussen die namen van de muzikanten die verder nog meespeelden zien we onder meer Rockbottom en Ace Moreland. Tommy is natuurlijk in de eerste plaats een begenadigd gitarist, maar ook vocaal kan hij meer dan zijn mannetje staan. Zijn de opnames met Double Trouble nog pure blues, de fragmenten die de cd verder aanvullen bestaan meer uit Southern rock en rootsmuziek. Het thema dat echter als een constante doorheen de ganse plaat loopt is geld of beter het gebrek er aan. De cd begint al dadelijk met de Southern blues "No Love Without Any Green". Wat later duikt het mooie "Love ‘N’ Money" na de titelsong op, in feite van de originele cd waarvan dit de heruitgave is. "The Change is In" is Southern rock op zijn best, waarna de Pink Floyd klassieker "Money" opduikt, een cover die risico’s inhoudt maar Tommy komt er zonder kleerscheuren uit, zijn versie is prima. Voor het hierop volgende nummer kiezen voor nog een "Money" is al even gedurfd, maar het blijkt hier om de Beatles klassieker te gaan. Weer geldgebrek in "Broke You’re A Joke", een echte southern rocker. "Poverty", "She Worship’s Money", tja, een psychiater zou een vette kluif hebben aan de problemen die Tommy ooit had met een nooit tevreden vrouwtje zo te horen. Zoals steeds heeft Blues Boulevard hier weer een vergeten en bijna onbekend juweeltje naar boven gehaald en terug in de schijnwerpers geplaatst, wat zijn ze daar toch meesters in!
(RON)


 

 

 

CHUMA SEGURA HOT BAND
VIEJOS TIEMPOS
Website MySpace
Label : Vaso Music CDBaby

 

Als we over Spaanse gitaarvirtuozen praten flitsen ons dadelijk namen uit de flamencowereld zoals Paco De Lucia of Paco Peña door ons hoofd. Het zuiderse land wordt bijna vereenzelvigd met castagnetten en ritmisch duellerende flamencogitaren ondersteund door enthousiaste olé kreten. Natuurlijk draagt de Spaanse muziekcultuur veel verder en zijn er enorm getalenteerde mensen die in de schaduw blijven voor het grote buitenlandse publiek, maar bij insiders wel dadelijk een belletje doen rinkelen. De Baskische Chuma Segura hoort zo bij beste fusion gitaristen in Spanje, heeft als sessiemuzikant veel artiesten bijgestaan zowel in de studio als op het podium en componeerde filmmuziek. Zijn eerste muzikale stappen op gitaar deed hij in de muziekschool van Pamplona om zich daarna te vervolmaken op de jazzacademie van San Sebastian. De perfectie op gebied van compositie en electrisch gitaarspel werd hem bijgebracht in Madrid, waar hijzelf tien jaar les gaf aan de “School Voor Creatieve Muziek”. Chuma bracht in 1999 zijn eerste soloplaat “En Directo” uit en speelde voor die periode in de soulgroep The Cool Jerks, met wie hij vijf cd’s opnam. Echt virtuoze gitaristen weten dikwijls een eigen sublieme cocktail te maken van verschillende stijlen zoals jazz, blues, funk en rock en brouwen daaruit een aanstekelijk geheel. Bij Chuma Segura ligt dat niet anders. Nog meer, zoals hij zelf zegt kan je muziek verstandelijk niet vatten, maar moet je het aanvoelen en beluisteren met je hart omdat het behoort tot de taal van de ziel. Bij het aanhoren van de eerste noten van zijn nieuwe cd “Viejos Tiempos” wordt het al snel duidelijk dat we hier te maken hebben met een man wiens bezieling de hoogste toppen scheert. De opgewekt klinkende opener “Dias Felices” is een toegankelijk stukje melodische jazz dat de twee hoofdfiguren op deze cd dadelijk in de frontlinie plaatst: een meesterlijke Candido Mijares op saxofoon afgewisseld met de gitaarkunsten van Chuma Segura. Dit geniale duo vult en voelt elkaar perfect aan in elk nummer, in om het even welke stijl. Bovendien verstaan ze de kunst om het geheel transparant en harmonisch te doen klinken, een lust voor ieders oor. De gitaar van Segura staat in elk nummer centraal, maar hij laat ruimte over aan de andere muzikanten om zich uit te leven. Chuma laat zien dat hij in elke stijl hoge toppen scheert. In de bluesgetinte nummers tref je zowel een lekker swingende boogie “Trabaluengas” in de stijl van Booker T aan, als een op een stevige rockshuffle drijvende Pa’l Beethoven”, in ware Robben Ford stijl. Topper van formaat in dit genre is het trage, soulvolle “Nena Todo Es Blues”, dat naar eenzame hoogten drijft met het wonderbaarlijk mondharmonicaspel van Antonio Serrano, een ware Spaanse Toots Tielemans die niet voor niets dikwijls aan de zijde van Paco De Lucia vertoeft. George Benson is één van de grote voorbeelden van Chuma en krijgt een memorabel tribuut in “Blues For Benson” evenals John Lee Hooker, die zijn warme, diepe stem waardig geëvenaard ziet door het subtiele gitaarspel van Chuma. Verrassend is ook de originele bewerking van “Hey Jude” van het duo Lennon- McCartney. De beste Chuma Segura horen we echter in de vertederende slow “Ya Estoy Junto A TI”, waar hij moeiteloos Garry Moore’s “Still Got The Blues” naar de kroon steekt. Viejos Tiempos is de ontdekking voor iedereen die houdt van een gevarieerde mix van verschillende jazzstijlen, uitgevoerd door een meester die de kunst verstaat het geheel subtiel en toegankelijk te houden voor elke luisteraar en nergens ontaardt in uitgesponnen solopartijen. Overtuig jezelf met een door laat Chuma Segura en zijn Hot Band opgeluisterd eindejaarsdiner.
Blowfish


 

 

THE MOLENES
SONGS OF SIN AND REDEMPTION
Website Contact
Info : Hemifrån CD-Baby

 

 

De cowboys zijn weer even in het land gekomen met de uit het Amerikaanse Portsmouth, New England stammende formatie ‘The Molenes’, een groep opgebouwd rond zanger-gitarist en songschrijver Dave Hunter en met Zach Field op drums, Andrew Russell op basgitaar en Thomas Ferry op Hammondorgel. Op hun cd “Songs Of Sin And Redemption” worden twaalf catchy en melodieuze Americana-songs in sneltreinvaart gebracht. Een country & westernsound voert de boventoon in de instrumentale bluegrass cd-opener “Redemption”. Daarna is de countryrock wat meer op het voorplan aanwezig in het nummer “There’ s A Sufferin’”. Daarna worden op de tonen van drijvende, galopperende drumritmes de twee rootsrocksongs “Bring The Bottle” en “Pain Express” vlotjes door de speakers gejaagd. Maar ook de mondharmonica in de ballad “You Are Not Gone” zorgt even voor een sfeervolle alt-countrysong. Op deze tweede plaat van de in 2005 opgerichte band ‘The Molenes’ gaan ze rustig verder op de ingeslagen weg van hun debuutplaat “This Car Is Big” uit 2006. Met een sound die lichtjes aanleunt bij het werk van artiesten als Wilco, Whiskeytown en Steve Earle bezingen zij zowel de duistere als de mooie aspecten van de Amerikaanse samenleving. De typisch Amerikaanse sound van dit kwartet zal in de Verenigde Staten allicht op applaus onthaald worden en ook in Europa is er een vrij groot publiek te vinden dat dit genre best wel kan smaken. Hun mix van rockabilly en pedal steel country in de nummers “Silver Stars” en “Step On It” evenals de bluegrass van “Beacom’s Farm” zullen wellicht wat moeilijker verteerbaar zijn in onze contreien. De houthakkers-hemden die de bandleden op de hoesfoto dragen passen echter wonderwel bij dit soort songs. Geef ons dan liever opnieuw een countryballad als “Grey Haze” waarin Dave Hunter zich als een goede zanger laat horen. Gelukkig wordt er ook gekozen voor een moderne rock en bluessound om de twee laatste nummers op “Songs Of Sin And Redemption” ten gehore te brengen: “Fall For this Again” en “Trouble In The Corn” laten de voetjes vlotjes meewiebelen op de ongedwongen swingende muziek.
(valsam)


 

 

JZZZZZP
SWINGIN’ ALL DAY
Website Contact
Booking: Dynamite-Bookings

 

 

Met deze nieuwe plaat van Jzzzzzp Swingt U All Day en All Night erbij. Swingin’ All Day is het tweede album van het jumpjazz-gezelschap Jzzzzzp (spreek uit: jzzzzzp). Zoals Vlaanderen zijn Tattoo del Tigre heeft, zo heeft Nederland zijn Jzzzzzp. Al is dat iets te kort door de bocht. Jzzzzzp brengt naast licht-verteerbare latin jazz en mambo, ook nog een portie – neen, geen bitterballen, maar swing jazz in de beste traditie van Louis Jordan, Slim & Slam, Louis Prima tot zelfs Mose Allison. Swingin’ All Day is een plaat lang muzikaal vuurwerk dat geen seconde verveelt. De jongens spelen zeer strak en met een enthousiasme dat gegarandeerd overslaat. Basisingrediënten zijn een stevige fond van stand-up bass (Dré Laroughe) en drums (Daniel Casey), jazz-gitaar (Arnold Smits), kreunende sax (Tomas Streutgers) en vocals van P.P. Fischer. Hier en daar worden er nog een Hammond orgel, een schellenraam, wat extra blazers en achtergrondkoortjes in de strijd geworpen. Wij kunnen ons geen betere feestmuziek inbeelden. Minpuntje: van geen van de tracks worden de credits vermeld. En dan een mededeling voor de techneuten: de plaat is opgenomen op de ouderwetsche manier, met een analoge tape recorder en zonder samples en al te veel foefelare. Daarmee is meteen ook gezegd dat Jzzzzzp een live band is. U hoeft geen huwelijk te arrangeren of plots te gaan verjaren, maar als u het toch al van plan was, dan moet u misschien overwegen om deze heren uit te nodigen. Op deze muziek worden geen kinderen verwekt, noch wordt er weemoedig bij weggedroomd, dit is ongecompliceerd amusement. Maar wel amusement van niveau. Afspraak bij het eerstvolgende concert. U kan ons vinden ergens op de eerste rij. Wij excuseren ons bij dezen al voor het bier dat we op uw mouw gaan morsen... Duke J

 


 

 

STEVE POSTELL
TIME STILL KNOCKING
Website Myspace Contact
Label : Immergent Records
Info : Hemifran
VIDEO 1 VIDEO 2


Niet gauw zal ik Steve Postell’s debuut "Until You Get Here" uit 2005 vergeten, een spatzuivere opname die laat horen dat de plaat na vier jaren niets aan kracht heeft ingeboet. Diezelfde kracht straalt uit op Postell’s "Time Still Knocking", een release die vanaf de eerste tonen de huiskamer in dendert met de epische roadsong "Coming Through". Deze plaat verscheen op een voor hem nieuw label, Immergent Records. Van overproductie is bij Postell geen sprake, want blijkbaar komt hij alleen in de studio als hij iets zinnigs te melden heeft. Niet dat hij al deze jaren heeft stil gezeten. Zo was bij betrokken met musicals als "Evita", "The Man of LaMancha", als co-writer in de rock musical "Fallen Angel", en in 2007 coördineerde hij het album "20th Anniversary Edition of Famous Blue Raincoat" van Jennifer Warnes, met wie Postell als gitarist/vocalist mee ging touren. Wat zijn nieuwste plaat zo genietbaar maakt is de blijkbaar bezadigde rust die hij uitstraalt, een kalmte van een professional die zijn werk doet zonder routineus te zijn. Dat kan ook bijna niet anders met van het gebruik van louter topmuzikanten, zoals Paul Barrere (lead vocals), drummer Steve Ferrone, de gitaristen Buzzy Feiten, Robben Ford, Waddy Wachtel, Jeff Pevar, Marc Shulman, Eric Johnson en Michael Chapdelaine. Maar voor de backing vocals kwamen ook niet de minsten opdagen. Wat dacht je van David Crosby, John Oates, Jennifer Warnes, Gia Ciambotti, Dan Navarro, Suzan Postel, Suzanne Paris, Kip Winger, David K. Tedds & T-Bone Wolk, Michelle Wolf, Jana Anderson, Ellis Hall, Jeff Pevar en Dana Pomfret. Allemaal artiesten met wie hij de laatste jaren heeft mee samengewerkt. Dat Steve Postell een nieuwe weg is ingeslagen, is niet onopgemerkt gebleven in het glamourvolle Los Angeles waar hij een studio/productiehuis opende samen met Steve Ferrone (drummer van Average White Band, Eric Clapton, Tom Petty) en Grammy award winnende producer John Jones (Duran Duran, George Martin, Celine Dion). Dankzij zijn aanstekelijke mix van rock, folk rock en bluespop staat menig rode-loper-talent te springen om met de Amerikaanse zanger samen te werken. De akoestische set van de cd wordt grotendeels gevormd door ballads. Zoals de afsluitende titeltrack waarin hij met slechts enkele akkoorden en evenveel woorden een gevoel van gemis weet over te brengen. Maar dat Postell meer kan dan alleen sentimentele nummers ten gehore brengen, bewijst hij met de bluesy opener "Coming Through", met snerpende gitaaruithalen van Robben Ford en zijn eigen dobroklanken. Meer opzwepende klanken volgen in "Background Noise", een up-tempo melodie en een gevoelige tekst brengen je terug naar the old days en dan denken we aan het vroege werk van Hall & Oates, Steely Dan of CSN&Y. Ook in "Catch The Wind" schittert hij niet alleen op akoestische gitaar, maar zijn ook de backing vocals van Jennifer Warnes zeer smaakvol. De up-tempo popnummers "Believe In You" en "Living In The Mystery", songs met soepele baslijnen en ritmische drumslagen worden afgewisseld met gitaarsolo’s, maar het zijn vooral songs waarin Postell zijn stembereik laat horen. Na het ultieme hoogtepunt op deze cd het zeer aanstekelijke "Long Way Run", een vrolijk en hoopgevend nummer met een strakke beat en een mooie bijdrage van Dave Koz op sax worden de filosofische gedachtespinsels vertolkt in het aanhoudende country up-temponummer, waar Paul Barrere naast Postell het grootste deel van de zang voor zijn rekening neemt. Variërend tussen zoete pop, akoestische gevoeligheid en rockende folk stapt Steve Postell uit de hokjesgeest. Hopelijk laat hij live horen net zo puur en talentvol te zijn als op deze plaat.


 

LITTLE PINK ANDERSON
SITTIN’ HERE SINGING THE BLUES
Myspace VIDEO
Label: Dixiefrog Records
Distr.: Parsifal

 

Als vierjarige dreumes stond hij naast zijn vader, wanneer deze aan het werk was als straatzanger of in de minstrel of medicine shows. Zijn vader leerde hem vooreerst ‘St. James Infirmary’ spelen en nog een hoop andere dingen over het leven, geld en het publiek amuseren. Die vader, Pink Anderson, geboren in 1900 in Lawrence County, Zuid Carolina, groeide later uit tot een legende. Niet of nauwelijks tijdens zijn leven, want hij stierf in 1974 in grote armoede. Roy Book Binder en Paul Geremia zouden pas later voor een gedenkteken op zijn graf zorgen. Hij inspireerde later wel Johnny Cash en ook nog Syd Barrett tot diens artiestennaam ‘Pink Floyd’. Maar vandaag is het zoon ‘Little’ die de songerfenis van zijn vader in ere houdt. In 2002 nam Tim Duffy van ‘Music Maker Relief Foundation’ het toen al op zich om deze vergeten pionier in herinnering te brengen door twaalf songs uit te brengen van deze ‘Pink’ veteraan, allen vertolkt door de zoon. Een foto van vader en zoon staat trouwens op de ‘Carolina Bluesman’ cover. Nu wordt een selectie van deze songs samengebracht met een tiental andere en in een aantrekkelijk hoesje heruitgegeven. Opnieuw zing ‘Little’ Anderson alle traditionals, anekdotische countrysongs en enkele Gospels, zoals o.a. het ontroerende ‘Walk With Me’, opgedragen aan zijn zuster. En behalve het intense ‘St. James Infirmiry’ zingt hij ook ‘He’s In The Jailhouse Now’ en ‘I Got Mine’ die zijn destijds vijftigjarige vader op plaat zette. Alleen Tony Joe White’s ‘Rainy Night In Georgia’ vond een plaats tussen al deze tijdloze folkstandards en bluesklassiekers. De akoestische gitaarbegeleiding wordt volgens de bekende Piedmont stijl sober en gevoelvol gehouden. Cool John Ferguson is de begeleidende subtiele gitaarvirtuoos. ‘Little’ Pink zingt de songs afwisselend ingetogen, met bravoure of humor. Als je iemand kon doen lachen kreeg je immers een grotere fooi. Little Pink heeft de lessen van zijn vader goed onthouden. Behalve dat hij in het bluesklimaat van Zuid Carolina is opgegroeid, heeft hijzelf een typisch bluesverleden, drugs en gevangenisstraf inbegrepen, zodat hij met recht en reden het titelnummer mag zingen. Die roerige periode ligt gelukkig al enige tijd achter hem. Want zoals zijn vader gaat hij door met zijn eigen ‘survival’ en weet hij aan de songs een authenticiteit te geven die ook in deze eeuw nog aanspreekt, ook al zijn de boerderijthema’s dan wat achterhaald. En op de extra tien minuten durende video hoor je behalve twee songs ook zijn ideeën over de vrouwen van het Zuiden. In het korte bijhorende interview spreekt hij over zijn vader die in 1963 getroffen werd door een beroerte en wiens overlevingsstrijd hij nu pas begrijpt met alle doorworstelde pijn inbegrepen. Voor Little Pink is de Blues onlosmakelijk met het Zuiden verbonden en ‘je kan hem wel uit het land zetten, maar nooit de country uit hemzelf verwijderen’, de streek van waaruit de Blues zich verspreidde. Op die manier maakt hij onbewust promotie voor zijn eigen Cd, want dit album biedt een treffende mix van alle gevoelsnuances. De zoon volgt alzo de sporen van zijn vader, gewijd aan de ‘blues met een hart’, en houdt hierdoor de herinnering aan zijn vader levend.
Marcie



 

 

 

DAN HUBBARD AND THE HUMADORS
Website Myspace Contact CD-Baby

 

 

Dan Hubbard stuurde ons zijn cd “Dan Hubbard And The Humadors” samen met een biografie en een naamkaartje waarop hij aangeeft dat hij singer-songwriter is en zowel solo op het podium staat als optredens met zijn groep verzorgt. Dit is zijn vierde plaat maar wel de eerste met zijn nieuwe begeleidingsgroep ‘The Humadors’, bestaande uit Scott McRae en Andy Herald op gitaar en bas en Kevin Yarger op drums. De vorige drie albums waren Do It Yourself-opnamen die hij al sinds zijn zestiende levensjaar in elkaar knutselde in de kelder en de living van zijn huis in Normal, Illinois. “No Worries” uit 2003 en “I’m Still Here” uit 2005 samen met zijn broers als ‘The Hubbards’ en “Life Is Sweet” uit 2007 solo als Dan Hubbard gingen dit album vooraf maar de muziek op die platen was hooguit wat naakter dan wat we op “Dan Hubbard And The Humadors” te horen krijgen. Dit zijn vlotte en hedendaagse popsongs die zachtjes aanschuren tegen de vederlichte rock’n’roll in de actuele hitlijsten. Maar ook andere genres als folk, country, soul en blues zijn nooit veraf in de liedjes op dit album. De veertien songs worden gebracht met een brede orkestratie van zijn band en doen bij ons in minder of meerdere mate herinneringen oproepen aan Ryan Adams en ook wel aan Counting Crows, artiesten waar Dan Hubbard zeker zelf fan van is en vaak naar geluisterd heeft. Toch zouden we deze jonge artiest oneer aandoen als we hem enkel al imitator zouden omschrijven. Dat is hij zeker niet want de liedjes die hij schrijft en brengt hebben een grote mate van authenticiteit en pracht. Zo zijn wij behoorlijk onder de indruk van “Circles”, “Throwing It All Away”, “Long Road” en “Poor Life Decisions” met Jeff Buckley-allures. Maar helemaal weg zijn we van de superbe ballads “Where I Belong” en “Bad Dream” waarin de uitstekende zangstem van Dan Hubbard tot zijn volle recht komt. Op het einde kabbelt de cd wat te rustig voort op een aantal nummers die wel goed maar net niet uitstekend te noemen zijn. Enkel de afsluiter “Two-Chord Rock’n’Roll” kan onze aandacht nog even vasthouden omwille van de emotionaliteit in de stem van Dan Hubbard. Wat wel opvalt is de eerlijkheid en oprechtheid in alle teksten die recht uit het hart van de componist geschreven zijn. Dan Hubbards’ grote voorbeeld in de muziek is dan ook Tom Petty die met zijn Heartbreakers zowat dezelfde objectieven nastreeft in zijn songteksten. We wensen hem alvast alle succes toe om binnen enkele jaren een vergelijkbare roem te vergaren als zijn muzikale idool. Dit album zal daar toe bijdragen.
(valsam)