ARCHIEF - OKTOBER 2008 - NOVEMBER 2008 - DECEMBER 2008

EACH MONTH MORE THAN 100 REVIEWS FOR YOUR ROOTS LOVIN' EARS!

 

BOB CORRITORE - BROADCASTING THE BLUES!

DAVE RILEY AND BOB CORRITORE - TRAVELIN' THE DIRT ROAD

LIGHTNING RED - THE GROOVEMASTER

STEVE MEDNICK - SUNSET AT THE NORTH POLE

PATTY LOVELESS - SLEEPLESS NIGHTS

BIG SHANTY - SOLD OUT ...

BARRY DARNELL & THE MOBILE SLIM BAND - RETURN OF MOBILE SLIM

CROSBY TYLER - 10 SONGS OF AMERICA TODAY

THE CALIFORNIA HONEYDROPS - SOUL TUB

STEVE COFFEY & THE LOKELS - TWIRLIN' GIRL BOOGIE


 

 

 

 

BOB CORRITORE
BROADCASTING THE BLUES!
Website Myspace VIDEO

 

De echte diehard bluesfans kennen hem natuurlijk al, de archivaris en deejay van traditionele bluesmuziek die met zijn show "The Lowdown Blues" in Phoenix Arizona op KJZZ gedurende 25 jaar, zorgde voor het in leven houden van de bluescultuur. Meer dan verdiend ontving hij dan ook de "Keeping The Blues Alive" award in 2007. Niet alleen draait hij zeldzame en unieke bluesopnames uit zijn privé collectie, hij haalt ook levende legendes en jong opkomend talent naar zijn studio. Daarbij is hij ook nog de eigenaar van de befaamde "Rhythm Room", een blues club met faam. Om nu dat 25 jarig bestaan van zijn bluesprogramma te vieren, is deze "Broadcasting The Blues" uitgebracht, een verzamelaar met de beste live opnames van optredens tijdens het programma vanaf 1984 tot nu. Wil je de uitzending ook eens horen, door de wondere wereld van het internet kan dit, ik luister er zelfs momenteel naar, want het is zondag, en zondag is bluesdag op KJZZ. Al wat je moet doen is surfen naar en luister naar de live stream van "The Lowdown blues", je kiest gewoon je speler en je kan luisteren (alleen even 't tijdsverschil in 't oog houden). Zelf speelt Bob een behoorlijk stukje bluesharp en in die hoedanigheid maakte hij dan ook al enkele cd’s, zoals vorig jaar die met gitarist/zanger Dave Riley. Hier laat hij het werk aan de anderen, de echte legendarische bluesgrootheden, zoals Lowell Fulson, Billy Boy Arnold, Otis Clay en Willie Dixon. Veel van de nummers zijn jams van artiesten die speciaal voor dit programma met elkaar optreden, zo is er onder meer een prachtcombinatie van Johnny Dyer met Chris James en Patrick Rynn "Johnny’s Crazy Blues" of Tomcat Courtney & Chris James met "The World Is Mad" allemaal prachtmomenten uit deze legendarische bluesuitzendingen. Hoogtepunt blijft voor mij echter "I Need You Bad" van Cedell Davis, echte juke joint Mississippi Delta blues zoals hij gebracht moet worden, al is het dan hier vanuit de rolstoel. Ik hou van dit soort opnames, hier hoor je nog de echte blues door de laatste vertegenwoordigers van "old bluesmen". We kunnen dan ook niet beter afsluiten dan met het citaat van de grote Willie Dixon dat ook op deze cd staat: "Bob, Keep On Playing The Blues!".
(RON)

Tracks:
Lowell Fulson - Sinner's Prayer
Otis Clay & Johnny Rawls - I Want To Be At The Meeting
Tomcat Courtney & Chris James - Tell Me Where You Stayed Last Night
Chief Schabuttie, Johnny Rapp & Mario Moreno - The World Is Awful
Billy Boy Arnold - Shake Your Boogie
Dave Riley - My Baby's Gone
Jerry Lawson - Who Stole The Chicken
Tomcat Courtney & Chris James - The World Is Mad
Billy Flinn & Chris James - Billy's Bounce
Louisiana Red - Home In The Rock
Lazy Lester - Out On The Road
Willie Dixon - Bob, Keep Away Playing The Blues
Johnny Dyer,Chris James & Patrick Rynn - Johnny's Crazy Blues
Chief Schabuttie, Johnny Rapp & Mario Moreno - When The Saints Go Marhing In
Cedell Davis - I Need You Bad
Henry Gray, Billy Flinn & Chris James - Cold Chills
Louisiana Red - Look What A Wonder
Lazy Lester - OJ Shuffle
Margo Reed - Eye On The Sparrow

The Rhythm Room All-Stars
Big Pete Pearson, Bob Corritore, Chris James, Patrick Rynn en Brian Fahey
LIVE - Spring Blues Festival Ecaussinnes - 16 MEI 2009

 


 

 

 

 

DAVE RILEY AND BOB CORRITORE
TRAVELIN' THE DIRT ROAD
Website Label: Blue Witch records

 

In de bovenstaande bespreking vertelden we al wat Bob Corritore betekent voor de blueswereld en zijn zo belangrijke deejaywerk. Hier kunnen we hem aan het werk horen als muzikant samen met vriend en bluesgitarist Dave Riley. Bob laat hier horen een begenadigd bluesharpspeler te zijn. Zijn geluid is heel herkenbaar, een wat omfloerst geluid, dat je doet denken aan een avondlijke jamsessie tussen vrienden op een "backporch" bij een of andere "one room country shack" zoals dat zo mooi in het Engels bekt. Bob heeft zo te horen duidelijk wat opgestoken bij Little Walter en Big Walter Horton. De ganse cd heeft wat van de hoogdagen van Chess, en niet alleen omdat Dave's stem wat van dat typisch geraspte timbre heeft van Muddy Waters, ook de jongere Bob Corritore weet het geluid van zijn voorbeelden met veel authenticiteit neer te zetten. Met de hulp van Dave Riley jr en Paul Thomas op bas, Johnny Rapp op gitaar; Matt Bishop (piano) en Tom Coulson (drums) krijgen we hier een hechte portie Chicago blues voorgeschoteld om U tegen te zeggen. "Save At Last" met zijn diep gewortelde gospel roots is een pracht van een song net als "Voodoo Woman, Voodoo Man" in pure Chicago stijl. De jongens laten zich duidelijk meeslepen in hun jams, zodat de meeste songs niet op een minuutje minder of meer kijken, zes minuten is de gemiddelde tijd van het merendeel van de songs. "Way Back Home" wil ik ook nog graag vermelden, vooral Bob is hier op zijn best, een nummer met een heerlijk aanstekelijk ritme en zowat de pièce de resistance van het album. Bob Corritore is niet alleen een levende bluesencyclopedie en radiomaker, samen met Dave Riley en andere blueslegendes weet hij ook de blues zelf te brengen zoals het hoort. Deze uitstekende release is er het bewijs van. (RON)

 

The Rhythm Room All-Stars
Big Pete Pearson, Bob Corritore, Chris James, Patrick Rynn en Brian Fahey
LIVE - Spring Blues Festival Ecaussinnes - 16 MEI 2009

 


 

 

LIGHTNING RED
THE GROOVEMASTER
Website Myspace
Contact CDBaby
VIDEO 1 VIDEO 2

 

Hij is een van de zovele Texaanse gitaar meesters, en misschien is hij door het grote aanbod daar wel wat verdrongen, maar als je deze "Groovemaster" gehoord hebt, denk je daar wel anders over. Zijn "mean slide" en bijbehorend stemgeluid laten de nekhaartjes overeind staan van het moment je 'm hoort, en afwisseling en vooral originaliteit is troef bij Ligtning Red. Van funky shuffles, over pure Texas boogies, tot moderne jazzy instrumentals, hij levert 't allemaal en laat zijn gitaar janken en grommen, terwijl de wah wah pedalen voor bijkomende actie zorgen. De opnames gebeurden in de Stoneoak studio in Austin, the music city. Bijgestaan op meerdere songs door de soulvolle, krachtige gospelstem van LZ Love en de scheurende mondharmonica van Jimi Lee, zorgt deze combinatie voor extra gensters. Tot slot vervolledigen de broertjes Krecz het geluid, respectievelijk Austin (what's in a name?) op percussie en Chuck achter de toetsen. Afwisseling en originaliteit zei ik reeds, en dat is een van de vele troeven van dit werkstuk. Een van de sterkste songs is "Change Is Gonna Come" een door LZ en Lightnin prachtig gezongen akoestische gospel/blues, een combinatie waarbij ook het heerlijke geluid van Lightnin's resonator zo mooi combineert. Hoogtepunten genoeg, "Don't Have To Worry" bijvoorbeeld, weer met de prachtige backing vocals van LZ Love. De funky instrumental "Voluptuous" is een buitenbeentje dat de eentonigheid die zou kunnen uitgaan van een blues-cd volledig doorbreekt. Niet dat we daarvoor moeten vrezen bij Red, want het merendeel van zijn nummers is voorzien van genoeg elementen die het boeiend houden. Neem nu "The Meek" bijvoorbeeld, wat begint als een doordeweeks bluesnummer blijkt al vlug een wat dreigend, half vertelde song te zijn, met wat lichte P-funk en Zappa invloeden, heel apart. Het nummer wat daarna volgt: "Lie No More" is echter weer pure Southern-blues met heerlijke slide gitaren, dat we best kunnen typeren als Duane Allman meets Joe Walsh. Een sterke cd, zeker voor de gitaar blues liefhebbers. Dat de vocalen in enkele songs wat slordig en "live" klinken zullen we door de vingers zien. Een schoonheidsfoutje. Wie had kunnen vermoeden dat achter dit simpele, wat goedkoop aandoende hoesje zo'n sterke plaat schuil zou gaan. Keep on groovin', master!
(RON)


 

 

 

STEVE MEDNICK
SUNSET AT THE NORTH POLE
Website Myspace CDBaby

 

"The way Steve Mednick discovered himself during the last few years and produces one album after the other is just admirable. He is gradually getting acknowledged and more people realize this singing lawyers' strength as singer and as songwriter. We want to shout out loud that Steve Mednick should be cherished as songwriter and deserves an attentive audience for this addictive masterpiece. We also like to compliment Hemifrån who is positioning themselves more and more as a promotor of top quality."

 

Sinds Steve Mednick bij promotor Hemifrån zit, komt hij met het ene na het andere mooie album. Ook zijn nieuwste "Sunset At the North Pole" getuigt weer van een groot vakmanschap. Het geheel klinkt goed, maar op de voorgangers "Ambling Toward The Unknow" (2007), "Bucket of Steam" (2006) en "Dark Ages Reprise" (2006) (Zie special) was de singer/songwriter uit New Haven, Connecticut, wel een stuk eigenzinniger. "Sunset At the North Pole" is een prime plaat met meer doorsnee dan we gewend zijn van deze keurige advocaat. Mednick toont zich wederom een interessant singer/songwriter die zich niet eenvoudig een label laat opplakken. "Sunset At the North Pole" bevat veel invloeden en doet hier en daar denken aan Randy Newman, maar qua stem doet hij sterk denken aan Warren Zevon of Bob Dylan. Waarmee niet gezegd is dat Steve Mednick die acts zou naspelen, dat absoluut niet, het is meer een verre echo van de genoemden die doorklinkt. Zijn vorig verschenen EP'je "Time For a Change Here" (2008) is ons volledig ontgaan en na zorgvuldige beluistering van zijn nieuwste cd blijkt dat waarschijnlijk een gemis, want zijn nieuwe plaat bevat van deze EP twee zeer smaakvolle liedjes: het Dylan achtige "5761" met knap harmonicawerk en de Irak-song "The Road Home", deze prachtige pianoballade is wel van ongekende klasse. Het is opnieuw een bewijs dat je met een relatief eenvoudig akkoordenschema toch perfect in staat kunt zijn om een mooie slepende song te maken. Dat eenvoud siert, wordt hiermee eens te meer bewezen. Mednick is in staat zeer beluisterbare composities af te kunnen leveren en heeft daarbij ook nog eens een goed oog voor details. Dat komt naar voren in de instrumentatie en arrangementen. Zo zijn het veelal niet alleen fraaie liedjes, maar is er wat betreft de begeleiding ook heel wat te ontdekken. Knap is de manier waarop Bob Loveday op viool, viola en mandolin, Tony Casagrande op accordeon hun bijdragen in de songs weten te integreren. Zelfs hoe gitarist Billy Kotsaftis tekeer gaat in "The Stones Of Venice", zonder het singer/songwriter- en folky idioom geweld aan te doen, is bijzonder smaakvol. Maar ook de andere begeleiders zitten de meeslepende composities nergens in de weg, maar versterken het geluidsbeeld alleen maar. Die aanpak valt in eerste instantie nauwelijks op, maar bij elke draaibeurt vallen de puzzelstukjes beter op zijn plaats. Een puzzel die in handen ligt van producer Eddie Sevilla, die als multi-instrumentalist ook te horen is op drums, gitaar en percussie. Tevens zingt hij ook mee in een viertal songs. Elke draaibeurt maakt de songs ook een tikkeltje meer vertrouwd tot het moment dat een groot deel van de liedjes niet meer uit je hoofd wil en je de neiging om de repeatknop maar aan te laten niet meer wilt onderdrukken. Mednick weet aan zijn teksten een universele draai te geven waardoor ze vaak aangrijpend zijn. Zoals in het nummer "Fragments" - Sunset At the North Pole - waarin hij zich zorgen maakt om de opwarming van de aarde en deze grote ijsbergen. Deze plaat omvat gewoon 14 songs waarin hij uitblinkt in zijn storytelling. De manier waarop Mednick de afgelopen jaren zichzelf heeft gevonden en het ene na het andere album produceert is bewonderenswaardig. Stukje bij beetje wordt hij bekender en komen steeds meer mensen erachter wat een originele singer/songwriter deze zingende advocaat is. Het laatste dat we dan ook willen is Steve Mednick uitroepen, sterker nog, deze (song)writer moet gekoesterd worden en verdient een aandachtig publiek voor dit verslavend mooie werkstuk! Als afsluiter delen we eveneens complimenten uit aan Hemifrån die zich meer en meer manifesteert als kwaliteitspromotor.


 

 

PATTY LOVELESS
SLEEPLESS NIGHTS
Website Myspace
Label: Time Life
Distr.: Rough Trade
VIDEO 1 VIDEO 2


De in Kentucky opgegroeide Patty Loveless is één van de bekendste vertegenwoordigers van de Amerikaanse neotraditionele Country en scoorde in de Verenigde Staten al verschillende nummer 1 hits, in een carrière die nu al meer dan twintig jaar aan de gang is. Haar nieuwste studioalbum ‘Sleepless Nights’ is reeds de veertiende in de rij, als je allerlei compilaties niet meerekent. Het album werd geproduced door Patty’s echtgenoot Emory Gordy, Jr., ooit nog bassist bij Elvis’ TCB Band en later ook van Emmylou Harris’ Hot Band maar nu vooral bekend om zijn productiewerk. Ook op deze plaat (waarop hij zelf meespeelt) heeft de man zijn uiterste best gedaan. ‘Sleepless Nights’ bevat 14 versies van bekende en minder bekende countrysongs van Dolly Parton tot Hank Williams. In de liners notes op dit album zegt Loveless ‘I want to inspire and remind people of what country is made of’ en in dat opzet lijkt de zangeres absoluut geslaagd. Op deze plaat komen dan ook alle zonden van de man (ontrouw, onachtzaamheid, drank,…) en de hartenpijn die deze opleveren bij de vrouw uitvoerig aan bod. De pittige opener ‘Why Baby Why’ zet meteen de toon in dit verband: een man laat zijn vrouw met de dure rekeningen achter terwijl hij flierefluitend met haar beste vriendin honkytonkt. Tja, het leven is soms hard in the country. Een ander voorbeeld is de mooie Dolly Partoncover ‘The Pain of Loving You’ waar het uiteraard ook miserie troef is, al het levert wel mooie muziek op. Loveless’ versie kan hier moeiteloos staan naast het origineel. De titelsong van de plaat blijft het meest bekend in de definitieve versie van Gram Parsons en Emmylou Harris, maar Patty slaagt er ook hier in om er een prachtige tearjerker van te maken. Dat geldt evenzeer voor de met steel guitar overgoten countryklassiekers ‘Crazy Arms’, ‘There Stands The Glass’ (laatst ook nog gecoverd door Van Morisson) en het schitterende ‘Color Of The Blues’. Het smachtende ‘There Goes My Everything’ , verwijzend naar de zeemzoeterige Elvis, had voor ons niet echt gemoeten (maar wie zijn wij?) Gelukkig volgt er nog een mooie versie van ‘Cold Cold Heart’, geschreven door countrygod Hank Williams, dat meteen ook de afsluiter is van deze bijzondere countryplaat. ‘Sleepless Nights’ heeft in de Verenigde Staten ondertussen al de Grammy Nominatie binnen voor ‘Best Country Album of the Year’ en hopelijk wint Patty Loveless deze ook op 8 februari wanneer de prijzen worden uitgereikt. We gunnen het haar alvast van harte.
Shake


 

 

 

 

BIG SHANTY
SOLD OUT ...
Myspace
VIDEO
Label: King Mojo Records


Er wordt heel veel goede muziek gemaakt op onze planeet. Maar af en toe duikt er een band of artiest op die méér doet met een mens. Om met de popmuziek te beginnen: De Pistols en de Ramones, bijvoorbeeld, of The Velvet Underground en de Stooges. De Stones ten tijde van "Exile on Main Street", Hüsker Dü ten tijde van "Warehouse: Songs and Stories", en de Pixies. Het soort groepen waarvan je heel zeker weet: dit is anders, unieker en beter dan de concurrentie, dit is muziek die door de komende generaties ontdekt en herontdekt zal worden.
Ook in de blues bestaan van die zeldzame groepjes. Dat bewijst nu Big Shanty met zijn nieuwste album, "Sold Out ..." en voor de hardhorigen en hardleersen onder u hebben ze deze plaat gemaakt, hun bij vlagen uitermate verrassende album, die alle twijfels die iemand nog zou kunnen hebben onverbiddelijk van tafel veegt. Yeah yeah, retro in een mix met techno, Delta Blues en alternatieve beats vooruit! Voorgangers "World Of Trouble" (2004) en "Ride With The Wind" (2007) met begeleidende single, de anti-war song "Killing Fields" waren al een heerlijk lapje rock ’n’ roll. Met "Sold Out ..." hebben Big Shanty en band definitief ons hart veroverd. Drum, gitaar en zang: meer moet dat niet zijn. Eerlijk gezegd: we vertrouwden die hele vernieuwde blueshype niet. Dat zo’n hele cd's interessant genoeg bleven, was maar de vraag. Uiteindelijk bleek "Ride With The Wind" een verdomd opwindend en afwisselend plaatje. Maar dan vroegen we ons weer af of Big Shanty zou kunnen blijven boeien. Een muziekrecensent wordt geacht een beetje kritisch te zijn, nietwaar? Maar goed, we zijn verkocht. It’s only rock ’n’ roll, but we like it, zo wil het cliché. Na twee beluisteringen gingen alle reserves samen met de stoelen aan de kant voor een primair rockende slidegitaar- en drumsessie. De openers "Big Shanty, From Lower Alabama To Hollywood", "Love Train" en "Kiss The Eight Ball" doen meteen denken aan de songs van de voorganger, maar het maakt niets uit: het rockt als de beesten met een zekere Liz Melendez als backing vocals. Dat deze dame ook een uitzonderlijke bluesgitaar diva is mag ze bewijzen in het afsluitende "Uncle Sam Go To Rehab". Maar ook in de andere songs met vettige bluesrock akkoorden en pompende ritmes, weten naast Big Shanty de legendarische 'Godfather of Jam-Bands', Col. Bruce Hampton, de zeer gedreven gitaristen, Spencer Kirkpatrick en Chris Blackwell, de bassisten Dustin Sargent en Kevin Scott en drummer/producer Scott T.Robertson ons te bekoren. Na acht power songs, horen we het rustige "Tybee Town", met Big Shanty op akoestische slide en bovengenoemde Col. Bruce Hampton als gast op sitar, om dan met de afsluiter weer gezellig verder te rocken. Het is verbazend hoe Big Shanty en band erin geslaagd zijn een heel nieuw album te maken dat slechts bij vlagen expliciet aan de voorganger herinnert. Soms klinkt het als the White Stripes, Lonnie Brooks dan weer Jimi Hendrix, Root Boy Slim maar altijd en vooral ook als Big Shanty. Blijven veel bands - zeker in dit genre - uit veiligheid hetzelfde truukje herhalen, Big Shanty gaat verder en breder. Met "Sold Out ..." heeft Big Shanty de wereld definitief laten weten dat hij meer dan een kunstje verstaat en dat de voorganger wat dat betreft geen eenmalige exercitie was. Wij vinden het geweldig 'm zomaar in huis te hebben en elke dag te kunnen spelen. Moet u echt ook eens proberen.


 

 

 

BARRY DARNELL & THE MOBILE SLIM BAND
RETURN OF MOBILE SLIM
Myspace CDBaby

Label: Preferred records

 

Zeer toevallig kwam ik de ‘legendarische’ naam Mobile Slim op een Amerikaanse blues site tegen, verwijzend naar Barry Darnell en CD-Baby, en na een nadere kennismaking kan ik zeggen dat Barry "Slim" Darnell een talent is op het gebied van rock-, soul-, blues- en zelfs gospel muziek. De nu in Macon, Georgia, wonende bluesman, met ‘black soul’ in zijn genen werd in zijn jeugd meteen gepakt door soul, blues en Southern rock grootheden als James Brown, Ray Charles, The Allman Brothers Band, Howlin' Wolf en Muddy Waters. Zijn muzikale smaak strekt zich uit naar elektrische blues, voornamelijk bluesy Southern Rock. Naast een soulvolle zanger is hij ook een gedreven gitaarspeler, en horen we hem soms ook op harp en piano op deze veertien tracks, die in de Wild Bean Recording Studio terug boven water kwamen en nu op "Return Of Mobile Slim" met de The Mobile Slim Band als herboren klinken. Deze band is niet zoals de naam doet vermoeden een band waar Barry "Slim" Darnell de baas is, maar een groep waarin de rol van alle muzikanten even belangrijk is. The Mobile Slim Band bestaat naast Darnell uit Billy "Big Bang" Rivers (drums), Michael "Goose" Goodrich (bas), Charles "Mr. Precision" Reynolds (gitaar, slide), Elbert "Wailer" Durham (tenor sax) en Tom "New York" Harling (trompet). Op een aantal songs is er ook een vocale bijdrage van The Barrettes: Kim Coalter, Lisa Darnell, en Emma Darnell. De band wil op dit album hun muzikale grenzen verkennen door het mengen van verschillende muziekgenres, een album waarop Barry Darnell zich manifesteert als een briljant songwriter- zanger- gitarist, maar er is meer dan dat. Op "Return Of Mobile Slim" horen we een geweldige band aan het werk. Een band die de pannen van het dak kan spelen, maar die ook wat te zeggen heeft. Blues doordrenkt met R&B, blues- en Southern rock, zoals we die kennen van de Alabama’s Muscle Shoals. Muzikaal ligt hun muziek ergens tussen de Allmans en B.B. King. Twee dingen die direct opvallen zijn de heerlijke liedjes met kop en staart die zich al gauw in je hoofd beitelen en het superbe bluesy slidespel van Charles Reynolds. Barry "Slim" Darnell heeft daarbij een aangename stem waarmee hij de songs ten gehore brengt. De blazers Elbert Durham en Tom Harling zorgen ondertussen voor een stevig fundament waarop de liedjes gebouwd kunnen worden. Meestal is gekozen voor een midtempo, waarbij de versiering van de nummers verzorgd wordt door het samenspel van vocalen en gitaarsoli. Een mooi voorbeeld daarvan zijn de nummers "Too Big For My Britches" en "Everybody Tells Me", waarin Barry Darnell vocaal het best is. Ander hoogtepunt is hiernaast "No Place Like Home", een swingende jump blues waarin het prachtige gitaarwerk van Darnell doet denken aan B.B. King. Andere songs die ook meer in de spotlight staan zijn: het atmosferische "Never Been Loved Before", het Southern rockende "Nature Boy", het soulvolle "Me, Myself & I", een Percy Sledge - achtige song waar het funky "Like James Brown" natuurlijk doet denken aan deze legende zelf. Zeer sterk is ook de afsluiter, de gospel "Mary Don’t You Weep". Een lekkernij voor de echte fijnproever, deze "Return Of Mobile Slim", het motto van The Mobile Slim Band!


 

 

CROSBY TYLER
10 SONGS OF AMERICA TODAY
Website Myspace
Label: Bohemia Music
CDBaby VIDEO

 

Op de achterkant van de hoes ziet men in grote letters: 'Produced by Peter Case' en dat is niet te veel eer voor iemand die ooit als jongeling met The Nerves en The Plimsouls stuiterende powerpop boetseerde, maar met het klimmen der jaren gelukkig deze franjes uit zijn liedjes heeft gebannen. Case heeft de laatste jaren indringende, soms beklemmende rootsplaten afgeleverd met prachtige dusty road poetry, zoals we dit zo graag van deze folk troubadour horen.
Van zanger/gitarist Crosby Tyler verscheen in 1996 zijn album "Black Canary" op zijn eigen Bohemia record label. Een plaat waarop alle Americana stijlen aanwezig zijn, zoals rock, blues, folk en jazz, met stuk voor stuk uitstekende nummers die in deze mix volledig tot leven komen. Tyler vervreemdde langzaam maar zeker van de muziek, en nu na dertien jaar afwezigheid kwam hij in aanraking met Peter Case, die voor hem deze plaat meer dan voortreffelijk produceerde, maar bovendien ook op deze 10 songs gitaar speelt en meestal de backing vocals voor zijn rekening neemt. Crosby Tyler is in zijn loopbaan niet erg productief geweest, maar sinds het begin van het nieuwe millennium is Tyler blijkbaar met een schone lei begonnen, aan een tweede jeugd om het zo te zeggen, getuige zijn nieuwe album: "10 Songs Of America Today", het vervolg op het moeilijk verkrijgbare "Black Canary", dat hopelijk ook opnieuw in de roulatie wordt gebracht. Op de nieuwe plaat van Tyler staan vele gastbijdragen van onder andere Amy Farris die niet alleen zingt maar ook afwisselend viool en viola speelt. Duane Jarvis is buiten een geweldig gitarist ook zeer vaardig met de elektrische sitar. Naast Phil Parlapiano (accordeon, keyboards) en drummer DJ Bonebreak passen de bijdragen van trompettist Mike Fortunato en het fraaie saxwerk van Jeff Turmes er perfect tussen. Zoals de titel van deze plaat laat vermoeden is het Amerika van nu, gezien vanuit Los Angeles, de plek waar Tyler nu woont de rode draad in zijn zelfgeschreven songs. Zoals in "Leave It All In The Hands Of The Lord" waarin je zijn ergernis best hoort, hoe hij tegen George W Bush aankijkt. De grommend gruizelige stem en de arrangementen doen ontegenzeggelijk veel denken aan Waits, Springsteen en Doug Sahm, waarbij de sfeervolle grotestadsmuziek met Mexicaanse trompetten voor een bijzondere ervaring zorgt. Ik kan er niet omheen: "10 Songs Of America Today" doet mij op sommige momenten denken aan laatst vernoemde Doug Sahm. Het beste bewijs daarvoor is te horen in Tyler's "Payasos Borrachos y Locas". Gelukkig zijn niet alle songs politiek getint. Naast het meer bluesy "No Vegans Here", zijn er ook meer doordeweekse songs als "Six Tattoos and a Tongue Ring" en "I Don’t Want to Ride that Train No More", om het voor iedereen interessant te houden. Songs die we zeker gaan terugvinden op vele radio playlisten. Wie dus iets bijzonders willen horen, popmuziek van de sixties met jazz- en bluesinvloeden, waar ook normaal naar te luisteren valt, raad ik "10 Songs Of America Today" van Crosby Tyler aan te schaffen. Dit album smaakt duidelijk naar meer.


 

 

 

THE CALIFORNIA HONEYDROPS
SOUL TUB
Myspace
CDBaby
Label: TubTone Records

 

Met hun gevieren willen ‘The California Honeydrops’ op dit debuutalbum een ode brengen aan alle Afro-Amerikaanse zangers/muzikanten die nooit of veel te weinig vergoed werden voor hun muziek, vooral deze die als instrumenten de jug, wasbord en wasteil verkozen. Zij doen dit door hun eigen songs in te pluggen in de oude traditie en deze te vermengen met New Orleans funk, soul, ragtime en jazz. Aanvankelijk speelden zij in de ondergrondse in Oakland, Californië. In 2007 vormden zij een vast rondreizend groepje dat op feestjes en andere evenementen voor leute en plezier zorgde. Dat feestelijk fun gevoel is ook op ‘Soul Tub’ te horen. Al vanaf het eerste dansbare ‘Miss Louise’ blaast zanger/trompettist Lech Wierzynski enthousiaste vuurvlammetjes boven de hoofden uit. ‘Rain’ volgt ietwat melancholisch met een achtergrondkoortje en Chris Burns’ tintelende pianoklanken. ‘Soul Tub’ klinkt als een uitgelaten dan weer intieme party ergens op een straathoek alsof er verzameling werd geblazen voor eenieder die afstudeerde in de vakken spontane muziek, amicale ambiance, instrumentale finesse en vocale expressie. Ook gastmuzikante Danielle Taylor zingt even mee. Nansamba Ssensalo wisselt af met sensueel jazzy zang in ‘All You Got To Do’ of soulvol in ‘In My Dreams’. In het gospelachtige ‘Cry For Me’ met extra saxofonisten zou je je willen invoegen aan de staart van de straatparade. Maar evengoed wordt er geswingd en dan houden percussie en piano een wedloop om het meest pittige ritme. Het meest hield ik nog van hun ‘Honeydrops Theme’ met trompet en harmonische zang dat tegelijk prettig ouderwets en hip eigentijds aandoet, alsof je uitgenodigd wordt om te gaan tapdansen of headbangen. De zelf ineengestoken wasteilbas, basinstrument met emmer, en de speciale beat maken alle songs authentiek alsof het gezelschap ging afkijken in het landelijke zuiden of het stedelijk New Orleans. Maar frontman Lech is van Poolse afkomst en leerde blues en jazz spelen in Washington DC met de jamsessies als oefenterrein. Trompetlessen kreeg hij van Marcus Belgrave, gelinkt aan Ray Charles, en hij begeleidde o.a. Maria Muldaur, toch niet de eerste de beste. Pianist Chris Burns trouwens ook, al decennia lang een gerenommeerd barrelhouse pianist, die verder nog Albert Collins en Elvin Bishop begeleidde. Als een moderne ‘Memphis Jug Band’ combineert dit prettig vindingrijk ensemble hun eigen fantasie met de aanstekelijke ritmes van hun Afro-Amerikaanse voorgangers of met de ‘Help Me Now’ soulverzuchtingen van de bluespioniers. Maar in tegenstelling tot hen toeren zij wereldwijd rond waar zij gelukkig nu wèl verdiensten en succes oogsten met hun aanvurende Rhythm & blues en hun speelse ‘Soul Tub’.
Marcie


 

 

 

STEVE COFFEY & THE LOKELS
TWIRLIN' GIRL BOOGIE
Website Myspace CDBaby Paintings

 

Weer een release die ons bereikt uit de prairies van Canada, uit Alberta meer bepaald. Ik zei het al een paar weken geleden, de Canadese "golf" die ons momenteel overspoelt is enorm. Met een tamelijk hoog hoe-down gehalte en een spontaan, bijna live geluid krijg je het gevoel dit rootsgezelschap mee te maken in een kleine plaatselijke club. Het is reeds de vierde release van deze zevenkoppige band. Hun sound beschrijven is niet simpel: country swing, honky tonk, hillbilly, bluegrass, het zit er allemaal in. Hun cover van Johnny Cash' "I Got Stripes" is alleen al de aankoop waard wat mij betreft. De rest is echter volledig eigen materiaal. Steve's stem is ideaal voor dit soort muziek, en om de één of andere reden doet zijn muziek me denken aan die van zijn landgenoot Fred Eaglesmith, zeker in zijn vroegere werk. Bovendien merk ik dat er buiten zijn geluid toevallig nog wat andere overeenkomsten zijn. Hij schildert, is een echte storyteller en ook duiken treinen hier en daar op in zijn songs (en in zijn schilderijen). "Rolling Beds" is hier een mooi voorbeeld van. Maar ook sociaal culturele en politieke thema's schuwt Steve Coffey niet. Zo zingt hij in "Contradict", ook een erg sterk nummer met een prima tekst: "It's an artist's job to contradict, not a politicians" en gelijk heeft ie! De titelsong heeft een vrolijke "Twangy" melodielijn die je niet vlug meer vergeet, en met wat airplay zo een hit kan worden. "The Woman In You" vertoont zowel wat lichte Neil Young als Dylan invloeden, maar is bovendien een zeer sterke song met een eigen stempel. Neen, deze Steve Coffey is met zijn Lokels goed op weg om een van de belangrijk Canadese rootsartiesten van het moment te worden. Met deze "Twirlin' Girl Boogie" heeft hij mij in ieder geval al volledig gewonnen. Nu jullie nog.
(RON)