ARCHIEF - OKTOBER 2008 - NOVEMBER 2008 - DECEMBER 2008 - JANUARI 2009 - FEBRUARI 2009

EACH MONTH MORE THAN 100 REVIEWS FOR YOUR ROOTS LOVIN' EARS!

 

LOS DEVASTRADOS - 9 BLUES

JON BROOKS - OURS AND THE SHEPHERDS

NAKIA - WATER TO WINE

SILK & OLIVE - TROUBLE IN THE TEA LEAVES

MYKUL LEE - MYKUL LEE

SAVOY BROWN - STEEL

ARTHUR GODFREY - BROKEN WINGS

JOE LOUIS WALKER - WITNESS TO THE BLUES

SUGAR BLUE - CODE BLUE

BRYAN LEE - KATRINA WAS HER NAME

 


 

 

LOS DEVASTRADOS
9 BLUES
Website Myspace CDBaby

 

 

 

In maart 2007 verliet Gabe Rosenn Boston en reed zuid en westwaarts naar L A. Op zijn lange rit naar daar bezocht hij onder meer Nahville, Memphis, Austin en New Orleans, en die muzieksteden werkten rustgevend en inspirerend op zijn geest. Als je vrienden en familie achterlaat heb je natuurlijk de blues en in deze steden was die ook volop aanwezig. Deze nine blues die hierdoor geïnspireerd werd is net wat de titel aangeeft, negen verschillende instrumentals met de blues als thema. Instrumentals in een stijl die een crossover is met blues en jazz elementen erin verwerkt afzonderlijke verhaaltjes die samen één groot verhaal vertellen, een soort van soundtrack. Om de cd wat aan te vullen zijn er 4 live songs aan toegevoegd als bonus tracks. De muzikanten die Gabe begeleiden op zijn muzikale journey zijn Doug Dickerman op drums en Jason Powell op bas. De negen blues instrumentals laten zich inderdaad beluisteren als één sfeervolle bluesy soundtrack, met Gabe's gitaar die de blues met zijn nevengebieden funk jazz en rock verkent. Zoals zijn reis hem aan het mediteren zette en rust gaf, zo laat hij ons ook met deze cd hetzelfde beleven. De muzikale reis opent rustig met "Blues Before Dawn", een zeer sfeervolle track, en eindigt met een variatie op het bekende "Amazing Grace" ondertussen of beter onderweg varieert het tempo wat van het rockerige "Empty Wallet", het dromerige "Sunday Morning" en het funky, wat Stax achtige "Metreology". De vier live bonus tracks gaan verder in dezelfde sfeer, alleen wat meer fusion jazz achtige dingen. Kwalitatief zijn ook deze tracks wat doffer en is het publiek dominant hoorbaar aanwezig. Het lijkt wel opgenomen met een microfoon midden het publiek. Liever de studiotracks dan, "13 blues" had ons beter bevallen, want bijgelovig zijn we niet. (RON)


 

 

JON BROOKS
OURS AND THE SHEPHERDS
Website Myspace
Info : Hemifrån

 

 

Jon Brooks is eigenlijk een Canadese schrijver uit Ontario die zijn ervaringen tijdens zijn aanwezigheid in de bloedige oorlog in Bosnië-Herzegovina in 1997 op indringende wijze heeft neergeschreven. Maar hij gelooft ook rotsvast in de kracht van songs om mensen een hart onder de riem te steken en om op te komen voor een grotere rechtvaardigheid in deze harde wereld. Als singer-songwriter verwerkte hij wat hij in die oorlog meemaakte door verhalen te schrijven die hij op de tonen van zijn akoestische gitaar aan het publiek wil verkondigen. Met een sterk inlevingsvermogen weet hij de gebeurtenissen op een eerlijke maar ook harde en realistische wijze te verwoorden. Zelf zegt hij dat hij de verstoorden wat comfort wil bieden en de geesten van hen die in comfort baden wat wil verstoren. In zijn folksongs probeert hij de luisteraars te sensibiliseren en tot een betere wereld te bewegen. Soms doet hij dat op louter emotionele wijze maar op andere momenten werpt hij ook de politici de harde feiten voor de ogen en wijst hij hen op hun verantwoordelijkheden. In zijn cd “Ours And The Shepherds” brengt hij twaalf nummers met verhalen over Canadese oorlogshelden die geïnspireerd zijn op teksten en gebeurtenissen uit de diverse oorlogen waarin Canadese soldaten hun leven hebben gelaten. Zo krijgen we o.a. soldaat “Jim Loney’s Prayer” in een part 1 en 2-versie te horen en wordt het verhaal van de gedecoreerde maar misprezen Aboriginal oorlogsveteraan “Sgt. Tommy Prince” in een andere song uit de doeken gedaan. Generaal Romeo Dallaire en het Royal 22nd Regiment krijgen hun gloriemoment en eerbetoon in de song “Kigali”. In “Groesbeek” eert Jon Brooks de 2338 Canadese soldaten die hun Wereldoorlog II-oorlogsgraf hebben in een begraafplaats voor gesneuvelden in de buurt van het Nederlandse Groesbeek. In het nummer “Cigarettes” declameert Jon Brooks een gedicht van soldaat Frank P. Dixon die in 1918 op 20-jarige leeftijd de dood vond in de 1ste Wereldoorlog. “The Latest Great Embarassment” eert alle soldaten die voor de Verenigde Naties deel uitmaken van de Vredestroepen die naar allerlei oorlogsgebieden worden uitgestuurd. “The Padre” zet de moedige priester William Henry Davis in de bloemen voor zijn onbaatzuchtige hulp aan de vele oorlogsslachtoffers van de 1ste Wereldoorlog. Hij werd uiteindelijk zelf het slachtoffer van een hevig bombardement en kreeg postuum de hoogste militaire onderscheiding. Deze cd wordt afgesloten met een beklijvende versie van het John McRae-gedicht “In Flanders Fields”. Het mooie aan dit album is dat ook de aandacht voor de muzikale omkadering nooit verdwijnt. Pedal steel, accordeon, piano en orgel completeren enkele nummers en verrijken de indringende teksten met knappe instrumentatie. Nergens is hier ook maar een zweem van goedkoop opportunisme waar te nemen en dat leidt er toe dat “Ours And The Shepherds” een gedenkwaardig eerbetoon is aan Canada’s oorlogshelden door een geëngageerde Jon Brooks die zijn talenten als schrijver optimaal weet te benutten. (valsam)


 

NAKIA
WATER TO WINE
Website Myspace
CDBaby
Label: Kiachia Productions
VIDEO 1 VIDEO 2 VIDEO 3

 

 

Op het Austin City Limits festival zorgde Sharon Jones vorig jaar voor de verrassing toen ze plots de onbekende artiest Nakia op het podium riep om even een duetje met haar te doen. Een nieuwe "Austin ster" kreeg plots de exposure die hij al lang verdiende en waarvan een groot gedeelte van het publiek, dat hem reeds kende van de plaatselijke clubs, helemaal niet verwonderd was. Hij kreeg een staande ovatie en was de volgende dag stond in the Austin Chronicle een laaiend enthousiast artikel vol superlatieven. "He's a soul man all the way" blokletterden ze, en dat is voor geen cent gelogen. Deze cd, die begin april in Amerika zal verschijnen is het duidelijke bewijs dat deze opschudding terecht is. Dit is een heerlijke portie Southern fried brown eyed soul, en hij krijgt de professionele hulp van zijn fantastische band "The Southern Cousins" en zijn backing zangeresjes "The Fresh Up Girls". Dit is soul in de beste traditie van het Stax en Volt label. Met als producer en gitarist de uiterst bekwame Southerner Mac McNabb en met een aantal songs geschreven door top songwriters als Micheal Fracasso en Monte Warden, staat dit album bol van het talent. Voeg daarbij die warme, wat ruige soulstem van Nakia (spreek uit Nah-Kee-Yah) en je bent vertrokken voor een dik uurtje genieten van een van de beste nieuwe Texaanse soulstemmen van het moment. Zijn vader had Spaans bloed en moeder was Ierse, en hij werd geboren in Alabama. Zijn debuut is gestoken in een prachtig hoesje van de hand van kunstenaar Ryan Walker, en de songs van Nakia passen daar wonderwel bij, want ze zijn van eenzelfde schoonheid. Tracks als de opener "Choose Your Poison" zit je zo mee te neuriën, en "On The Bus" heeft het sfeertje van "Dock Of The Bay", compleet met een gefloten stukje refrein. Andere songs hebben wat gospel invloeden, hetgeen die Southern sfeer alleen maar versterkt. "Safe Inside" is daar een voorbeeld van, maar ook nummers met de teleurgang van de buurt als thema als "There Goes The Neighborhood" en swampy bayou invloeden zoals in "Elisabeth Lee" maken dit tot een van dé Southern soulplaten van het laatste jaar. "Real Texas-bred R&B", schreef een andere krant. Inderdaad! Hier is een man die al dadelijk mag plaatsnemen tussen andere prachtstemmen als Frankie Miller en Eddie Hinton. (RON)


 

 

SILK & OLIVE
TROUBLE IN THE TEA LEAVES
Myspace
CD- Baby
Label: Spotted Frog Music

 

Silk & Olive is het muzikale soloproject van singer-songwriter, multi-instrumentalist Andy Fish uit Portland, Oregon. Zij weet zich echter zich te omringen met de juiste gastmuzikanten, wat een zeer geraffineerd geheel tot stand brengt. Andy borduurt verder op dezelfde minimalistische, melancholische toon van haar vorig album “Small Dark Light”, maar op “Trouble In The Tea Leaves” klinkt het instrumentale nog wat verfijnder, wat de nummers stuk voor stuk inkleed in een spannend, zeer meeslepend, filmisch geheel. Het uitgebreide instrumentarium wordt heel subtiel en genuanceerd in de nummers vervlochten en legt enkel de juiste accenten ter aanvulling van Andy’s prachtige stemgeluid. Haar stemtimbre situeert zich ergens tussen dat van Suzan Vega, Cat Power en Tanita Tikaram en luistert zeer sfeervol de intimistische nummers op. De songs baden in een droeve, melancholische sfeer, die nog geaccentueerd wordt door de verhalende zangstijl van Andy Fish. Het openingsnummer “Softly” begint als een klassieke compositie, maar evolueert naar een traag, slepend nummer dat perfect in een Hooverphonic plaatje zou passen. Het schilderachtige vioolspel van Michael Grosman is nadrukkelijk aanwezig in elk nummer en kleurt het landschap samen met de nodige elektronica zoals moog en mellotron, maar ook de warme klanken van een dubbelbas en een treurende lapsteel behoren tot de uitverkoren instrumenten. Luister maar eens hoe fijn het samenspel tussen viool en lapsteel van Scott Weddle een nummer als “Wapsania” herschaapt in een prachtige, nostalgische wals, die voortdrijft op de warme, licht schrapende stem van Andy. “Bad Baby Pie” krijgt een heel donker Tom Waits kleurtje dank zij de spookie percussie van Jolie Clausen, een hol klinkende, eenzaam strummende gitaar en Andy wiens stem klaagt en kreunt onder een vervormd microgeluid. De violen die je hoort weerklinken in DC Comic roepen dan weer de gloriejaren van ELO op en in “Pieces” kruisen Cat Power en Suzan Vega de degens. Andy Fish heeft haar beste beentje voorgezet en een misschien ietwat somber, maar zeer gevoelig en intens album afgeleverd dat zeker een vervolg verdient. Overtuig u in een knusse, warme zetel en laat de filmische klanken van Silk & Olive aan u voorbijdrijven. (Blowfish)


 

 

 

MYKUL LEE
Myspace CDBaby

 

 

Veel is er niet geweten over deze Mykul Lee, tenzij dat deze woonachtig is in West Hollywood, California en verder dat de man stichtend lid is van een rock groep die opereert onder de naam ‘Oh No Not Stereo’. De volledig witte hoes van zijn solodebuut met alleen zijn naam erop doet onwillekeurig denken aan de fameuze ‘dubbele witte’ van The Beatles. Dat zoiets niet geheel toevallig is blijkt al meteen na een eerste beluistering van deze plaat. Verschillende nummers tonen een zekere gelijkenis met klassieke songs uit het ‘witte’ Beatles repertoire en herinneren bijvoorbeeld aan ‘Dear Prudence’ of ‘Julia’. Mykul Lee speelt bijna allemaal rustige songs op dit album, zo rustig zelfs dat men bijna zou kunnen spreken over ‘fluistersongs’. Bij de opname van de zang werd vaak een stemvervormer gebruikt en dat schept een sfeertje dat wat doet denken aan de eerste platen van een groep als Sparklehorse. Ook de begeleiding is heel sober gehouden: soms niet meer dan een akoestische gitaar, op andere momenten aangevuld met een piano, wat eenvoudige drums, een hammond of wat blazers. En toch klinkt deze plaat op een bepaalde manier melodieus en draagt ze in elk geval de aantrekkingskracht van de eenvoud in zich. Hoogtepunten? De Beatlesesque opener ‘Who Do You Think You Are?’, het heel langzaam openbloeiende ‘Talk To Her’ en het van mooie blazers en een cello voorziene ‘Premonitions’ zijn zowat onze favorieten. Al willen we het stevig rockende ‘Fuck You’, waarin de fluisterstem van Mykul Lee de zwaar rockende gitaren weet te overstemmen zeker niet onvermeld laten. De kans dat iemand plotsklaps blijmoedig wordt door het beluisteren van deze plaat is zo goed als nihil, maar is het niet zo dat in droefenis soms de grootste schoonheid verborgen zit? Wie dezer dagen nood heeft aan een rustige, intimistische plaat met klasse is bij deze Mykul Lee aan het goede adres. (Shake)


 

 

SAVOY BROWN
STEEL
Website
VIDEO
Label: SPV / Blue Label

 

 

This CD is a back to basic no frills recording of the kind of blues I like...rock/blues...blues with energy. That's what I wanted from my music when I was a young teenager back in 1963 and the likes of Howling Wolf, Freddie King and The Yardbirds provided it for me. I still look for that in music today and I hope this record delivers the same kink of spirit found in those records from the past. . . - Kim Simmonds

 

Savoy Brown is één in 1966 opgerichte Britse bluesband, zeg maar één van die legendarische bands uit de sixties die vooral bekend werden door hun "Savoy Brown Boogie". In de seventies viel de groep uiteen maar gitarist Kim Simmonds deed verder met andere muzikanten (o.a. Stan Webb). In de jaren tachtig trok Simmonds naar de States waar hij met zijn band steeds volle zalen haalt. Behalve oprichter Kim Simmonds, die nu al weer lange tijd in de VS woont, bestaat de band verder uit Amerikanen. Hier is Savoy Brown er na jaren van bijna stilte terug, al is dit album oorspronkelijk verschenen bij het Blue Wave label in 2007 en vorig jaar opnieuw opgepikt door het Blue Label, die met de re-release van dit album, niet alleen zorgde voor een mooi verzorgd digipack, maar twee live bonustracks weet toe te voegen aan de tien tracks die deze plaat reeds oorspronkelijk bevatte. Met als afsluiter, de festivallieveling: "Hellbound Train" (zie video). Naarmate Kim Simmonds ouder wordt, wordt ook het gitaarwerk wat gezapiger, maar daarom niet minder interessant. Hij neemt de zang volledig voor zijn rekening op deze plaat, en brengt daarmee een perfecte balans tussen 'funk -feel' en 'blues-touch'. Het 'lazy' gepeelde en openende "Monday Morning Blues" geeft meteen een goede indicatie van wat je als luisteraar mag verwachten, blues met de juiste 'attitude". Perfecte uitschieters zijn volgens ondergetekende de rockers "Long as I've Got You", "You Don't Do a Thing for Me" en "Keeping the Dream Alive". Maar ook de meer rustige nummers: "I'll Keep on Singing the Blues" en de tweede bonus, "Blues Like Midnight" wisten ons te verrassen. Na al die jaren blijft Savoy Brown een krachtige en belangrijke blues/rock en boogie act. Zeker geen ontgoochelingen op deze "Steel", het is alleen maar afwachten of deze band blijft opvallen tussen de andere bands.

 


 

 

ARTHUR GODFREY
BROKEN WINGS
Website Myspace
CDBaby
Info: Americana Media Produtions

 

 

De naam Arthur Godfrey mag je misschien niet bekend in de oren klinken, maar in Amerika kaapte deze singer-songwriter al tweemaal de hoofdprijs weg in de prestigieuze “John Lennon Songwriting Contest”. Zegt dit nog niet genoeg, dan haalt het feit dat in 2004 zijn nummer “Amen” werd opgenomen in de compilatie-cd “This Is Americana”, tussen songs van grootheden zoals The Jayhawks, Willy Nelson en Lucinda Williams, zeker de laatste twijfelaars over de brug. Zij die houden van het raspende stemgeluid van een Tom Waits, gekruist met een krakende keelstem van Wolfman Jack zijn hier aan het juiste adres. In “Broken Wings” spreidt Arthur Godfrey al zijn talenten tentoon met een combinatie van zeer sterke teksten in het juiste muzikale kleedje. Een sterk ontroerend verhaal, “Richard’s Song”, van een vriend straatmuzikant wiens leven begon als vondeling en die zoals vele daklozen uit eigentrots beschaamd is om hulp te vragen, brengt hem danig van streek. Hij neemt het onvoorwaardelijk op voor deze verstotene van de maatschappij. In “March Of The Infant Children” raakt hij ons diep met de scherpe bewoordingen waarmee hij het gebrek aan respect voor de argeloze, onschuldige en onwetende kindsoldaten die hun lijf en leden offeren voor hun vaderland aanklaagt. Het Amerikaanse rechtssysteem krijgt een serieuze veeg uit de pan in het protestlied “Born Black Or White”. Het feit dat je huidskleur al bepalend kan zijn voor een zware veroordeling zit Godfrey heel hoog en ondersteund door snerende vioolklanken kraakt zijn stem in deze folksong als een echte Tom Waits. Arthur Godfrey is niet alleen een geëngageerd songwriter wiens ogen en hart open staan voor al deze onrechtvaardigheden, de manier waarop hij dit alles verhaalt maakt het zeer waarheidsgetrouw en gemeend. Niet alleen blinkt hij uit met protestsongs, ook in het tonen van diepe emoties is hij een kunstenaar. In de tedere ballade “Broken Wings” komt een ware Eric Andersen in hem boven en ontroert hij diep met de manier waarop hij ons uitlegt dat je nooit genoeg liefde kan geven en hoe gek het wel is deze gevoelens te verbergen. Vrolijk ritmisch op de dartele tonen van een pedalsteel eert hij de deelnemers aan de Special Olympics en diens oprichter Eunice Kennedy Shriver. “King Of The Little Magazine” herdoopt Godfrey in een ware hardcore troubadour. Met stevige gitaar en een scheurende mondharmonica, laat hij zijn held Charles Buckowski de hemel in rocken als een ware Steve Earl. Arthur Godfrey laat er geen gras over groeien. Niet alleen is hij een man met een uitgesproken mening die hij niet onder stoelen of banken steekt, maar ook iemand met het hart op de juiste plaats, die er niet voor terugdeinst zichzelf en zijn zielenroerselen bloot te geven. Laat je inpakken door dit album vol eerlijke, ontroerende verhalen, recht uit het hart. (Blowfish)


Al jarenlang wordt er in de maand maart in een aantal Nederlandse theaters een kwalitatief hoogstaand bluesfestival georganiseerd. Een vrij uniek concept waarbij de organisatoren samenwerken en gezamenlijk de (doorgaans Amerikaanse) hoofdacts naar Nederland halen om op bij hen op te treden. De Amerikaanse gitarist en zanger Joe Louis Walker, harmonica wizard Sugar Blue en de blinde zanger, gitarist Bryan Lee zijn de grootste trekpleisters van de Southern Bluesnight, dat op vrijdag 20 maart zijn 13e editie beleeft in het Parkstad Limburg Theater in Heerlen, van An Evening With The Blues (19e editie) op zaterdag 21 maart in de Tielse Agnietenhof en van de 9e editie van Blues Alive in de Schouwburg van Cuijk, dat precies een week later, op 28 maart plaatsvindt.

JOE LOUIS WALKER

Joe Louis Walker, tegenwoordig wonend in New York, wordt tot een van de belangrijkste bluesmannen van dit moment gerekend en bracht eind september 2008 zijn nieuwste cd ‘Witness To The Blues’ uit, die lovende kritieken kreeg van de muziekpers. Hij is geboren in San Francisco. Zijn ouders waren groot bluesliefhebbers. (T-Bone Walker, B.B. King, Meade Lux Lewis, Amos Milburn, Pete Johnson). Dan is het niet zo verwonderlijk dat hij op zijn veertiende begon met gitaarspelen. Twee jaar later verliet hij school om zich geheel aan de muziek te wijden. Hij werd goede vrienden met Mike Bloomfield (Butterfield Blues Band), die Walker introduceerde in de Bay Area scene, waar ook Santana met zijn bluesband, deel van uitmaakte. Walker opende voor vele bluesgrootheden zoals Earl Hooker, Freddy King, Mississippi Fred McDowell en Lowell Fulson. Een groot misverstand is, dat Joe Louis pas in de jaren 80 met blues begon, terwijl het al 20 jaar eerder was. Zijn zang is beïnvloed door Wilson Pickett, James Brown, Bobby Womack and Otis Redding. Ergens in 1975 kwam er verandering in zijn leven. Hij werd voor 10 jaar lid van het gospel kwartet "The Spiritual Corinthians", waarmee hij een album 'God Will Provide' opnam. Daarna richtte hij de de groep The Bosstalkers op in San Francisco. Een jaar later lag zijn eerste album "Cold Is The Night." in de winkels. Daarna volgden nog vier albums voor het label Hightone Records, voordat Joe Louis overstapt naar Verve/Gitanes. Dat leverde hem o.a. op W.C. Handy Award voor Contemporary Male Artist of the Year (1988 and 1991) en Band of the Year (1996) met zijn groep.

WITNESS TO THE BLUES

In een productie van Duke Robillard heeft meesterbluesgitarist Joe Louis Walker uit San Francisco weer eens gezorgd voor een prima release. Duke, die ook de meer dan uitstekende nieuwe van Dave Gross produceerde, is precies in een creatieve periode, want enkele maanden geleden kwam bovendien zijn eigen “Swinging Session” cd ook op de markt. Het lijkt wel of de man in de studio slaapt tegenwoordig. De troeven van Joe Louis Walker kennen we ondertussen, een stem boordevol soul, powervolle gitaar virtuositeit en een schrijver van sterke songs. Zijn samenwerking met BB King, Bonnie Raitt, Taj Mahal, Ike turner en noem maar op, maakten van hem een van de topnamen van de huidige bluesscène. Zijn carrière liep evenwijdig met die van Robert Cray, (ze maakten wat gelijkaardige muziek en brachten beiden hun debuut uit op het Hightone label in dezelfde periode), maar het verschil is dat Cray een beetje opbrandde door het grote succes en naar de poprichting verschoof, terwijl Joe Louis Walker aan een rustiger tempo, zonder manager, zijn eigen ding, de blues dus, bleef doen. Dit wierp duidelijk zijn vruchten af. Dit nieuwe album is ook de blues trouw gebleven, maar wel een ruime soort blues met al zijn facetten. Het geheel neemt een sterke start, met “It’s A Shame “ en de daverende, of moeten we hier spreken van ‘denderende’ “Midnight Train”. Shemekia Copeland brengt daarna de soul erin met het ijzersterke “Lover’s Holiday”. Voor de liefhebbers van slide (ondergetekende dus) is er het akoestische “I Got What You Need”. Wat volgt is nog meer soul in “Keep on Believing” en pure snedige bluessongs zoals “100% More Man”. Een heel sterke plaat van een prachtperformer, die je binnen enkele maanden ook zelf aan het werk kan zien. Hoe zegt men het zo mooi?: “Be There Or Be Square!” (RON)

SUGAR BLUE

Grammy award winnaar Sugar Blue wordt ook wel de Jimi Hendrix of de Charlie Parker van de harmonica genoemd. Namen die qua niveau in hetzelfde rijtje passen als de deze revolutionaire, electrische bluesharmonica artiest. Hij groeide op met jazz, en luisterde vooral naar Dexter Young en Lester Gordon... Maar hij verloor al snel zijn hart aan Muddy Waters en de grote blueshelden. Hij heeft getoerd en platen opgenomen met the Rolling Stones, Willie Dixon, Bob Dylan, Stan Getz, Ray Charles, Frank Zappa en Prince... De enorme energie van zijn muziek is altijd overweldigend, en maakt een bezoek naar zijn concerten tot onvergetelijke ervaringen! Een vurig hart, dat met de kracht van een orkaan zijn ziel in zijn muziek stopt! Blue, zijn echte naam is James Whiting (16-12-1949) groeide op in de wijk Harlem, New York. Zijn moeder was danseres en zangeres en trad op in het bekende Apollo theater. Daar bracht Blue veel tijd door, waar hij bekende mensen tegenkwam zoals Billie Holiday. De sfeer beviel hem zo, dat hij ook een van hen wilde zijn.Zijn eerst harmonica kreeg hij van zijn tante. Het blazen leerde hij door mee te spelen op de radio, wanneer hij Bob Dylan of Stevie Wonder hoorde. Daarna ging hij een stap verder doordat hij beïnvloed werd door jazzgiganten zoals Dexter Gordon en Lester Young. Door deze achtergrond ontwikkelde Blue een geheel eigen stijl, die heel herkenbaar is. Zoals zoveel bluesmuzikanten begon hij op de hoek van de straten te spelen. In 1975 maakte hij zijn eerste album met Brownie McGhee and Roosevelt Sykes. Een jaar later werd hij gevraag om mee te doen op de zwarte schijven van Victoria Spivey and Johnny Shines. Vervolgens haalde pianist Memphis Slim, die al een paar jaar in Parijs rond reed in een witte Rolls Royce, hem over om naar de lichtstad te komen. Dat heeft hem geen windeieren gelegd. Blue kwam in contact met de Rolling Stones, die voor zijn speciale geluid van harmonica blazen vielen. Het gevolg: Blue deed mee op hun hit Miss You en de albums Some Girls,  Emotional Rescue en Tattoo You. Bovendien trad hij in die periode vaak live op met de Stones. Vervolgens legde hij het aanbod van hen naast zich neer om deel uit te maken van de backing band. Liever frontman is zijn mening en hij keerde terug naar Amerika om zijn eigen band samen te stellen. Terug in Chicago, werkte en leerde hij van de grote mannen; Big Walter Horton, Carey Bell, James Cotton en Junior Wells. Daarna ging hij met zijn mentor Willie Dixon op tournee met The Chicago, Blues All Stars en deed daarmee Nederland aan tijdens het North Sea Jazz festival. In 1983 stelde hij zijn eigen band Blue's Star samen. Twee jaar later ontvangt hij een Grammy Award voor zijn album Blues Explosion, live opgenomen tijdens het fameuze Montreux Jazz festival. Zijn naam is dan gevestigd en hij toert door alle continenten. Trad op met Muddy Waters, B.B. King, Art Blakey and Lionel Hampton. Hij deed mee met Fats Domino, Ray Charles, and Jerry Lee Lewis t.b.v. the Cinemax special Fats Domino and Friends.

CODE BLUE

Sugar Blue aka James Whiting kwam ter wereld op 16 december 1949. Dit keer niet in Louisiana of Chicago maar in Harlem, New York. De typische bluesomgeving was er voor hem dus niet bij. Hij groeide op met Billy Holiday, James Brown en de entourage rond het gerenommeerde Apollo Theater waar zijn moeder werkte. Hij ontwikkelde daardoor dan ook een eigen ultramoderne bluessound. James Whiting vond zijn eigen artiestennaam na het bijwonen van een concert van Doc Watson samen met een vriend. Bij het buitenkomen zag James een vuilbak met daarin een aantal oude 78-toeren platen. Hij pikte er eentje uit en het bleek er ééntje te zijn van Sidney Bechet met als titel "Sugar Blue". En die naam behield hij, James Whiting werd voortaan "Sugar Blue". En ondertussen mag zijn curriculum zonder twijfel indrukwekkend genoemd worden. Hij speelde met zowat alle goden van de hele muziekscène als Louisiana Red, Willie Dixon, Lonnie Brooks en jazzmuzikanten als Hiram Bullock en Stan Getz om wat namen te noemen. Sommige mensen kunnen hem misschien kennen van de hit "Miss You" die de Rolling Stones hadden op hun plaat "Some Girls". Anderen kennen hem eventueel van zijn Grammy Award uit 1985 voor zijn solodebuut "Blues Explosion". Op zijn nieuwe album "Code Blue", immidels zijn derde soloalbum, vinden we elf tracks, allemaal originals. In het eerste funky nummer "Krystalline" wordt meteen even duidelijk gemaakt dat we hier niet met de eerste de beste te maken hebben. "Chicago Blues" is een ode aan deze blues stijl en in het krachtige "Bluesman" is er energie en passie in overvloed met een vervormd mondharmonica dat door merg en been snijdt. Maar er staan meer meesterwerkjes op zoals: "Walking Alone" en "Cold Blooded Man" met subtiel mondharmonicawerk en de tragere songs als het melancholische "Nola" over de ellende van de orkaan Katrina en het al even trage "Bad Boy Heaven". Up tempo nummers worden zodanig systematisch afgewisseld met slow blues waarbij mijn hart meer naar de uptempo nummers gaat, zoals ook in het afsluitende trio: "Shed No Tears", "I Don't Know Why" en "High You Can't Buy", nummers met goede riffs, maar vooral fenomenaal mondharmonicawerk. "Code Blue" is een prima CD waar Sugar Blue zijn talent en vakmanschap op de harmonica andermaal bewijst. Deze plaat zit ontzettend goed in elkaar en geeft je praktisch het echte live gevoel. Uitstekende muzikanten die prima blues spelen op een frisse en vooral aanstekelijke manier. Eens te meer een reden om deze band in levende lijve te gaan zien.

BRYAN LEE

Bryan Lee ziet op 16 maart 1943 het licht in de plaats Tow Rivers, Wisconsin. Op achtjarige leeftijd werd hij blind. In Nashville zond WLAC-AM radiostation in de jaren 50 muziek uit, waardoor hij voor het eerst met de blues in aanraking kwam. Naast muziek van de drie Kings, hoorde hij ook Elmore James, en T-Bone Walker voorbij komen. In zijn late tienerjaren speelde hij in de regionale cover band The Glaciers, dat nummers speelde van Elvis Presley, Little Richard en Chuck Berry. In de jaren zestig kwam zijn belangstelling voor de Chicago blues en speelde hij in de clubs in het middenwesten van Amerika. Dankzij de erge kou, die daar heerste, verhuisde hij in januari 1982 definitief naar New Orleans, waar hij veertien jaar lang, vijf dagen per week in verschillende clubs van New Orleans speelde! In 1991 debuteerde hij met het album "The Blues Is" op het Justin Time label, waar hij nog steeds aan verbonden is. Zijn laatste cd "Katrina Was Her Name" uit 2007, werd geproduceerd door Duke Robillard, die ook op twee nummers meespeelt, terwijl Doug James op bariton en tenor sax en "sax" Gordon Beadle op tenor sax driftig meeblazen. Bryan Lee trad voor de laatste keer op in ons land tijdens het legendarische Amsterdam Bluesfestival in de Meervaart op vrijdag 18 maart 1994!

KATRINA WAS HER NAME

We schreven nog maar pas dat Duke Robillard als producer erg actief is de laatste tijd, hij produceerde onder meer de pas besproken cd van Dave Gross en nog ééntje in diezelfde maand december waarvan de naam me nu ontschiet.... we ontvangen ook zoveel materiaal. In ieder geval, hier is er weer ééntje die op zijn diensten beroep deed. Een van de laatste original old school bluesgitaristen, afkomstig uit New Orleans: Bryan Lee. De titel van zijn cd verwijst al dadelijk naar zijn woonplaats: "Katrina Was Her Name". Alle aspecten van de Louisiana muziekcultuur komen in zijn sound aan bod, natuurlijk blues, maar evenzeer popelementen. Katrina is een hulde aan zijn stad die zo hard getroffen werd door het natuurgeweld. Hij doet dat met sterke zelfgeschreven songs, zoals het zeer emotioneel geladen titelnummer, maar ook met eigen uitvoeringen van bekende covers zoals "Barefootin" en het overbekende "Nobody's Business". Naast het produceren van de cd doet Duke Robillard ook enthousiast mee bij de opnames, zodat er 3 prima gitaristen op deze cd te horen zijn, want naast Bryan en Duke, doet ook Brent Johnson zijn duit in het zakje, hetgeen resulteert in een cd die gitaarliefhebbers duimen en vingers kan laten aflikken. Duke Robillard neemt hier wel de akoestische gitaar voor zijn rekening, zodat er geen "overkill" is. Op orgel hebben we eveneens een "ace" aan het werk, Bruce Katz. Drie gitaristen, dan ook drie bassisten moet Bryan Lee gedacht hebben, want op staande bas is er John Packer, terwijl de twee elektrische basspelers Jim Mitchell en Marty Ballou zijn. Om niemand te vergeten noemen we dan ook maar de saxofonisten Gordon Beadle en Doug James en drummer John Perkins. Een band om U tegen te zeggen, zoveel is duidelijk. Voor wie hem nog niet moest kennen: hier is ie in een notedop: Bryan Lee is blank, blind geboren, 63 jaar oud, heeft een wit baardje en je ziet hem zelden zonder zijn onafscheidelijke hoed. Het klinkt wat oneerbiedig, maar zijn bijnaam is Braille Blues Daddy. Brian werd echter niet in New Orleans geboren, maar in Wisconsin en woont sinds ‘82 in the Big Easy. De voornaamste invloeden in zijn gitaarspel zijn Elmore James, Albert King en Albert Collins. Jarenlang had hij een vaste job in the French quarter waar hij vijf dagen per week optrad. Katrina maakte daar abrupt een eind aan, maar hij is terug aan het optreden en met deze"Katrina Was Her Name " is het payback time. Verschillende cd's van Bryan zijn live cd's, en als het dan een studioplaat geworden is, zoals deze, merk je nauwelijks het verschil. Bryan speelt met zoveel vuur en passie dat je je op een optreden waant. Bryan start met "29 Ways" en ontketent al dadelijk zijn gitaar in ware Albert Collins stijl, gevolgd door knappe bijdragen van Bruce Katz op orgel (hij is ondermeer Ronnie Earl's organist) en Gordon Beadle op sax. Kim Wilson's "Don't Bite The Hand" volgt en weer kunnen Lee & Katz "shufflen" naar believen. De zelf geschreven song "Blues Singer" gaat over het ontdekken van de muziek van Freddie King en geeft Bryan de kans om even een imitatie boven te halen waar je van versteld staat. Het is niet de eerste en het zal ook niet de laatste Katrina song zijn, de titelsong van deze cd, maar het is wel één van de meest aangrijpende en doorleefde songs over de ramp, net als alle songs op deze cd prachtig gezongen. In de jump blues "Take It Like A Man" wordt de Chick Willis sound weer even afgestoft en met verse gitaarinjecties terug nieuw leven ingeblazen, en "Lowdown en Dirty" heeft zowaar Luther Allison als inspiratiebron. De afsluiter "Don't Joke With The Stroke" onderlijnt nogmaals het live karakter van Bryan's cd's. Dit nummer zal live ook wel op 't eind van het concert komen, want ieder groepslid kan zijn ding doen in dit nummer. Ik hoor er wat Marvin Gay "Inner City Blues" in doorklinken, maar dat zal wel beroepsmisvorming zijn. Teveel gehoord, je hoort overal wat anders in... Wat ik echter ook gehoord heb is dat deze Bryan Lee live en op plaat voor heel wat luisterplezier kan zorgen, niet moeilijk, want de man heeft ervaring zat. Grijp uw kans dus, want binnenkort te zien op onze podia. (RON)

Vrijdag 20 maart Heerlen – Parkstad Limburg Theater

Zaterdag 21 maart Tiel – Agnietenhof

Zaterdag 28 maart Cuijk - Schouwburg