ARCHIEF - OKTOBER 2008 - NOVEMBER 2008 - DECEMBER 2008 - JANUARI 2009 - FEBRUARI 2009

EACH MONTH MORE THAN 100 REVIEWS FOR YOUR ROOTS LOVIN' EARS!

 

JENN GRANT - ECHOES

VAN MORRISON - ASTRAL WEEKS - LIVE AT THE HOLLYWOOD BOWL

CHRIS CARMICHAEL - CHRIS CARMICHAEL

JJ CALE - ROLL ON

MARK EASTON - MONEY IS THE ROOT OF ALL EVIL

JOHN FRUSCIANTE - THE EMPYREAN

SARAH McQUAID - I WON’T GO HOME ‘TIL MORNING

JOANNE SHAW TAYLOR - WHITE SUGAR

SEAN CARNEY BAND - LIVE BLUES ON WHYTE

LARRY GARNER - HERE TODAY GONE TOMORROW

 


 

JENN GRANT
ECHOES
Website Myspace
Label : Six Shooter Records
Info: Bertus

 

Toen we in 2007 het eerste album “Orchestra For The Moon” van de uit Halifax, Canada afkomstige zangeres en songschrijfster Jenn Grant mochten bespreken wisten we al te concluderen dat we nog meer moois van dit pittige dametje mochten verwachten. En zie, met haar nieuwste cd “Echoes” komt ze snel even al die positieve verwachtingen bevestigen. De intussen 28-jarige artieste heeft nog sterk aan maturiteit gewonnen en spiegelt dit af op de teksten die ze schreef voor de dertien songs op dit album. Ook haar selectie van die ene coversong “Only Love Can Break Your Heart” van landgenoot Neil Young getuigt van haar uitstekende muzikale smaak. Voor haar debuutplaat werkte ze reeds samen met Ron Sexsmith en enkele andere lokale muzikanten en mocht ze haar cd komen promoten in Europa tijdens een korte maar geslaagde tournee doorheen Duitsland. In Canada trad ze samen met o.a. Great Lake Swimmers, Justin Rutledge en Hayden op. Ook op “Echoes” vallen enkele elementen van haar eerste plaat terug te vinden. Dingen die haar eigen stijlkeuze bepaald hebben zoals intieme liedjes, beperkte orkestratie en heel veel emotionaliteit in de lyrische songteksten. De mooie vioolklanken die Kinley Dowling aflevert accentueren de sfeer die Jenn Grant met haar liedjes wil creëren: eerlijke verhalen die recht vanuit het hart geschreven werden en die gaan over de dingen die haar dagelijkse leven kleuren, overschaduwen of zelfs helemaal verduisteren. Melancholische klanken en donkere songteksten die je o.a. kan horen in songs als “Heartbreaker”, “Where Are You Now” en “Blue Mountains”. Liedjes die stuk voor stuk verhalen over de aspecten als pijn en verdriet die opduiken bij het beëindigen van een langdurige relatie. “Echoes” moest en zou haar levensverhaal worden waarbij ze geen hulp van anderen nodig had om die songs aan de eeuwigheid toe te vertrouwen. Gelukkig valt er met de liedjes “Parachutes” en “Fireflies” ook wat uptempo te beluisteren op dit album. Maar de algemene teneur van de plaat is toch droefheid en verdriet zoals te horen valt in “Sailing By Silverships”, “Hawaii” en “I Was Your Woman”. Echt beklijvend wordt het in haar door vele tranen geplengde versie van Neil Youngs’ “Only Love Can Break Your Heart”. In “Everybody Loves You” spreekt ze zichzelf tenslotte de nodige moed in om te blijven doorzetten en iets geheel nieuws met haar leven aan te vangen na het afspringen van die langdurende relatie. De gebroken klinkende en fragiele, kristalheldere stem van Jenn Grant doet de rest en maakt van “Echoes” een album dat de nodige troost zal kunnen brengen voor lotgenoten die een gebroken relatie proberen te verwerken. (valsam)


 

VAN MORRISON
ASTRAL WEEKS - LIVE AT THE HOLLYWOOD BOWL
Website
Label: Listen To The Lion Records
Distr.: EMI http://www.emimusic.be/
VIDEO 1 VIDEO 2

 

Na zijn verscheiden van de R&B-band Them in 1967 begon Van Morrison (op 31 augustus 1944 geboren in het Noord-Ierse Belfast) aan een solocarrière die tot op de dag van vandaag voortduurt. In meer dan veertig jaar maakte Van The Man even zovele platen. Op elke plaat neemt Van Morrison ons mee op een muzikale reis die voert van zijn geboorteland, naar het Zuiden van de Verenigde Staten en weer terug. Soms verwijlt hij wat langer aan de overkant van de oceaan en maakt daar diverse omzwervingen, andere keren reiken zijn muzikale expedities niet veel verder dan de grenzen van zijn geboortegrond. Met klassiekers als "Brown Eyed Girl", "Bright Side Of The Road" en het melancholieke "Have I Told You Lately", heeft de wereldberoemde Ier geschiedenis geschreven. Hij heeft met bijna ieder genre geflirt en is daardoor niet gemakkelijk in één hokje te stoppen. Of het nou om blues, jazz, folk, rock, R&B of gospel gaat, Morrison draait zijn hand er niet voor om. In de 40 jaar die zijn muzikale loopbaan inmiddels omspant is deze Ierse troubadour vele muzikale paden ingeslagen en heeft hij gaandeweg een ontzagwekkend groot oeuvre opgebouwd. In welke richting de muziek van Morrison zich ook bewoog, op alle platen waart zijn geest vanaf de eerste noten onmiskenbaar rond.

Met op R’n B geschoolde garage rock heeft Them hits met "Baby Please Don’t Go" en "Gloria", maar toch voelt Van Morrison zich niet thuis in de groep. Nadat hij er in eerste instantie helemaal de brui aan geeft, wordt hij niet veel later overgehaald om als soloartiest verder te gaan en de vraag of dat een goede keuze blijkt, wordt overweldigend bevestigd met "Brown-Eyed Girl" uit 1967. Een jaar later volgt het album dat velen als zijn beste beschouwen, "Astral Weeks", een gedurfd en aftastend werk dat kenmerkend is voor de artiest Van Morrison, die zijn inspiratie haalt uit soul, folk, blues, jazz, R’n B en Keltische invloeden, maar nooit teveel uitwijkt naar een van die genres en dus ook altijd zijn eigen stempel behoudt. En voor briljante teksten draait Morrison zijn hand ook niet om (Sweet Thing - video 2):

"And I will stroll the merry way
And jump the hedges first
And I will drink the clear
Clean water for to quench my thirst
And I shall watch the ferry-boats
And they'll get high
On a bluer ocean
Against tomorrow's sky
And I will walk and talk
In gardens all wet with rain
And I will never grow so old again"

De prachtige LP "Astral Weeks", met een keur aan uitstekende jazzmuzikanten, is altijd één van mijn favoriete Van the Man platen gebleven, en tot mijn verrassing heeft hij afgelopen november "Astral Weeks" op twee opeenvolgende avonden in The Hollywood Bowl uitgevoerd, met grotendeels dezelfde musici als destijds in 1968. De akoestische jazzy basis, de mysterieuze, elastische bluesy stem en die fabelachtige teksten over volwassen worden in Belfast. Van alle acht liedjes zijn al historische live-opnamen bekend, maar Van Morrison zong ze nooit als één geheel. Tot afgelopen jaar, veertig jaar na de release. Van the Man bracht een band op het podium die herinneringen opriep aan zijn beroemde Caledonian Soul Orchestra uit de jaren zeventig. De shows werden gefilmd, dus de dvd laat niet lang op zich wachten. Maar ook zonder beelden van de inmiddels 63-jarige legende is "Astral Weeks" live een belevenis. Lang, heel lang, klonk Van Morrison niet zo enerverend. Zo’n beroemde openingsregel als "Well I’m caught one more time, way up on Cypress Avenue" komt eindelijk weer eens aan als een mokerslag. De meeste liedjes worden moeiteloos uitgesponnen tot acht, negen, bijna tien minuten. De band krijgt alle ruimte en ’The Man’ zwerft er ontspannen tussendoor. Deze plaat opent met "Astral Weeks/I Believe I’ve Transcended" en reeds bij de eerste klanken teweeggebracht door het plukken aan de snaren van de staande bas (Jay Berliner), wanen we ons ergens ver terug in de tijd, en zo is het eigenlijk met alle nummers op deze plaat. Ze brengen het beste van Van naar boven! De gitaren worden mooi aangevuld door instrumenten als viool (Tony Fitsgibbon) en fluit (Richie Buckley). Deze muzikale hoogtepunten in combinatie met een jazzy sfeertje betoveren je gewoon. De arrangementen zijn goeddeels gehandhaafd en klinken vertrouwd, het is de in de loop van vele jaren gerijpte stem van Morrison die de songs in deze tijd plaatst. Absolute hoogtepunt is de adembenemende uitvoering van "Slim Slow Slider", het sluitingsnummer op de LP dat hier reeds in de aanvangsfase gespeeld wordt, al is het bluesy "You Came Walking Down" en het slotnummer "Madame George" evenmin te versmaden. Het album bevat bovendien nog enkele bonustracks die niet op Astral Weeks staan: "Listen to the Lion/The Lion Speaks" en "Common One" (respectievelijk uit de albums "Saint Dominics Preview" en "Common One"). "Astral Weeks" was niet het makkelijkst in het gehoor liggende album, bij meer mensen heeft het lang geduurd voor ze het gingen waarderen...maar misschien dankzij deze prachtige "Live at the Hollywood Bowl" uitvoering, een (hernieuwde) kennismaking en waardering ervoor. Voor zij die de platen van Van Morrison weten te appreciëren, mag ook deze niet ontbreken in de muziekcollectie, want deze live cd voegt werkelijk wat toe aan zijn oeuvre.

Tracklist
1. Astral Weeks – I believe I’ve transcended
2. Beside you
3. Slim Slow Slider – I start breaking down
4. Sweet thing
5. The way you young lovers do
6. Cyprus Avenue – You cam walking down
7. ballerina – Move on up
8. Madame George
9. Listen to the lion – the lion speaks
10. Common One


 

 

CHRIS CARMICHAEL
Website CDBaby
VIDEO 1 VIDEO 2

 

 

Als één van de belangrijke, maar spijtig genoeg minder bekende vertegenwoordigers van de Winnipeg muziekscène is Chris Carmichael. Terwijl Canadese acts als Big Dave McLean, Romi Mayes, The Perpetrators en Scott Nolan hier stilaan beginnen opmars te maken, hebben ze echter allemaal één ding gemeen: namelijk Chris Carmichael. Als zowat de meest getalenteerde gitarist en drummer van Winnipeg heeft hij op hun releases en bij live optredens dikwijls met zijn vakmanschap en talent kunnen bijdragen tot hun succes. Eindelijk is er nu ook zijn langverwachte debuut, een titelloze release waar hij al zijn talent volop in kwijt kan. Zijn roots, blues en rock 'n' roll muziek toont invloeden van onder meer Mississippi John Hurt, Neil Young en Keith Richards en onderstreept zijn meesterschap op zowat elk instrument (hij is bekend als gitarist en drummer, maar speelt evengoed bas en andere instrumenten). Daardoor switcht hij hier van het ene naar het andere instrument, en heeft weinig anderen nodig voor dit debuut. Vrienden als Joanna Miller en Romi Mayes voor de backing vocals en Bill Western op pedal steel steken echter met plezier een handje toe. Bescheidenheid siert de man, want hij gedraagt zich ondanks dit sterke debuut nog altijd eerder als side-man. Op het internet kan je wel naamgenoten van hem vinden, onder meer een wielrenner en een Amerikaanse fiddle speler, maar van onze Canadese broeder zo goed als niks; enkel zijn ‘myspace’ die een zevental weken geleden startte. "Ik wou nooit de man in de spotlights zijn" zegt hij, "ik voel me dan ongemakkelijk, nog altijd nu het zover is". Maar nu hij dan de stap genomen heeft en zijn eigen cd uitbrengt, met de nadruk op "zijn" zal dat wel moeten. We kenden John Scoles, eigenaar van the "Times Change(d), High & Lonesome", de beroemde kleine roots en bluesclub in Winnipeg al van onze gesprekken met Big Dave McLean en The Perpetrators, maar ook hier was hij de man die alles in gang zette..Ook Chris is er kind aan huis, en John Scoles noemde hem de enige echte Neil Young "gitaar hero". Inderdaad, al laat hij duidelijk zijn voorliefde voor Young en vooral diens gitaarstijl horen, toch laat Chris zich hierop niet vastpinnen. "Voor deze cd moest ik op het buikgevoel afgaan " zegt hij, "want ik had nooit mijn eigen muziek geschreven". En dat buikgevoel heeft hem niet misleid, het is een stevige rootsrock cd geworden, met af en toe een hint naar zijn verleden als bluesmuzikant. Zo was hij lange tijd Big Dave McLean's gitarist en zelfs nu blijft hij sideman en wel als nieuwe drummer van the Perps. Bij toeval ontdekten we bovendien net ook nog dat hij een belangrijke bijdrage leverde bij de pas besproken cd van Paul Reddick, "Sugar Bird", hij zorgde voor de arrangementen, dat bleek toen we bij het beluisteren zijn naam bij de credits ontdekten. "Chopper" zoals hij bij de vrienden bekend staat, schildert ons hier muzikaal de open prairies van de Manitoba streek in Canada, met zijn eenzame boerderijen, de lange stoffige wegen. Een prachtige stem heeft Chris, omlijst door zijn aparte gitaarsound, die tegelijkertijd complex is, maar moeiteloos gebracht wordt, met de souplesse en ervaring van een oude rat in het vak. Waarom zong hij voorheen niet méér, vraag je je dan af? Nummers als "Bitter To The End" en zeker "Gone" roepen die sfeer van verlaten vlaktes perfect op, en je kan het inderdaad niet ontkennen, Neil Young drukt vooral op gitaristisch gebied, zijn stempel, maar eveneens Wilco en Tom Petty komen voor de geest tijdens het beluisteren. Het mooie "Popsong" met Romi Mayes als backing zangeres, is voor ons één van de meest sfeervolle songs op deze prachtig klinkende roots-rock cd, die wij alleen maar ten volle kunnen aanraden. (RON)


 

 

 

 

 

 

 

 

JJ CALE
ROLL ON
Website Myspace
Label: Because Music
Distr.: Warner Music http://www.warnermusic.be/

 

De grootmeester van de Tulsa-sound kan er geen genoeg van krijgen. Ook na zijn zeventigste verjaardag blijft J.J. Cale nieuwe muziek maken, maar eigenlijk was hij zijn hele leven al een oude man. Toegegeven: J.J. Cale's broeierige rootsmuziek heeft altijd precies hetzelfde geklonken. En ook met het nieuwe album, "Roll On", dat vijf jaar na zijn laatste solo-album "To Tulsa And Back" en één jaar nadat hij samen met Eric Clapton een Grammy Award kreeg voor hun album "The Road To Escondido", is hij godzijdank de oude, vertrouwde troubadour.

"Roll On", inmiddels zijn 16e album, is een verrassend album geworden. Niet vanwege de muziekstijl natuurlijk, want de man die hoogst persoonlijk het begrip laidback inhoud heeft gegeven, kiest wederom een melange van blues, rock, jazz en country, en weet dit met zijn karakteristieke en economische manier van gitaar spelen om te toveren tot de beroemde en vooral ook unieke J.J. Cale sound. "Roll On" is verrassend omdat het herinneringen oproept aan zijn albums uit de jaren zeventig, alom toch gezien als zijn artistieke hoogdagen. Zijn zeer herkenbare shuffle groove en bubbelende gitaarsound roepen daadwerkelijk herinneringen op aan deze periode met zijn tijdloze albums, als "Naturally", toch vind ik de tracks naar mijn mening daar niet sterk genoeg voor en is zijn stem door de jaren een beetje hoger, waardoor de songs misschien iets minder indringend geworden zijn. Neemt niet weg, dat het wel een goed album is! JJ Cale vond zichzelf nota bene al te oud voor de rock-'n-roll toen hij in 1972 als goede dertiger met "Naturally" de arena betrad. Hij heeft inmiddels ontdekt dat je met een relaxte stijl kennelijk moeiteloos oud kunt worden. En relaxt is en blijft hij wederom op "Roll On". Het album begint met twee nogal jazzy klinkende nummers, "Who Knew" en "Former Me", waarna via de rocker "Where The Sun Don't Shine" de plaat doorgaat met een mooie combinatie van rocksongs zoals "Cherry Street", "Oh Mary" en het titelnummer "Roll On". Country vinden we in het nummer "Leaving In The Morning", een flirt met latin in "Fonda-Lina" en verder een aantal songs die niet anders zijn te beschrijven dan de uit duizenden herkenbare J.J. Cale sound, de Tulsa Sound. "Roll On" is grotendeels door J.J. Cale alleen opgenomen. In zijn eigen huisstudio speelde hij de meeste partijen in van de songs, daarbij geholpen door een drummachine en diverse elektronische snufjes, waardoor hij dat unieke geluid steeds verder weet te verfijnen. Maar voor drie nummers keerde hij weer terug naar zijn geboortegrond in Tulsa, Oklahoma. Op "Who Knew", "Oh Mary" en "Old Friend" spelen niet de geringste musici mee: Eric Clapton behoeft geen introductie, gitarist Steven Ripley is bekend van The Tractors en als maker van gitaren voor John Hiatt en Ry Cooder. Drummer Jim Keltner is een veelgevraagd sessiemuzikant (John Lennon, George Harrison, Ringo Star, Steve Miller) en natuurlijk speelt ook Cale's vriendin Christine Lakeland op akoestische gitaar mee. Maar in de meeste tracks doet Cale werkelijk alles zelf. Het geeft "Roll On" het intieme en ontspannen gevoel dat liefhebbers van de muziek van J.J. Cale de afgelopen decennia zo dierbaar is geworden. En dat gaat hem prima af. Om een indruk te krijgen van het resultaat kan je hier enkele nummers beluisteren. Verder is er nog meer nieuws want J.J. Cale gaat zowaar weer op tournee. Eind maart en in april van dit jaar speelt hij voornamelijk in kleine zalen aan de westkust van Amerika en Canada. Of hij ooit nog kan worden overgehaald om voor de derde keer in zijn leven Europa aan te doen zal wel altijd de vraag blijven. Voorlopig moeten we het stellen met zijn nieuwe pure en geïnspireerd klinkende plaat die overloopt van kwaliteit, waarmee hij zoals steeds signeert met zijn onmiddellijk herkenbare laid-back stijl.


 

 

MARK EASTON
MONEY IS THE ROOT OF ALL EVIL
Website CDBaby VIDEO
Label: Plastic Donut

 

"Geld is de wortel van alle kwaad" zegt Mark Easton, en daarin heeft hij zeker gelijk. Een hoopvolle gedachte als je denkt dat in 2009 de wereld een stukje beter zal moeten worden, want er is heel wat geld verloren gegaan wereldwijd de laatste maanden. Mark komt uit Australië (Queensland) en hij lijkt zijn hoes speciaal ontworpen te hebben voor Rootstime, het kon wel bijna ons nieuwe logo worden. Zijn muziek doet me meteen denken aan wat ik de laatste paar jaren hoorde van een paar van zijn landgenoten, namelijk Matt Corcoran en Juzzie Smith, die beiden eenzelfde soort busker-achtige "one man band" slidegitaar blues maken die hypnotiserend klinkt. Het lijkt wel een bijna aparte stijl te zijn die je enkel zo hoort in Australië. Dallas Frasca is er nog een voorbeeld van. In ieder geval, mij bevalt het soundje enorm, en Mark Easton weet je er veertien nummers lang mee te boeien. In 2007 jaar werd Mark dan ook terecht als "Best New Talent and Band" op de Australian Blues Awards genomineerd en bij de Bluestar Awards gebeurde hetzelfde voor "Best Electric Guitarist", "Best Album" en "Best Band". Vijf nominaties in een jaar, dat betekent dat Mark Easton heel wat begint te betekenen down under. Met zijn Trio Mark Easton Limousine maakte hij een iets ruigere full cd's "Bandwagon" in 2006 en "Greener" in 2004 vooraf gegaan door zijn debuut e.p. "Coast To Coast". Op deze "Money Is the Root.." brengt hij dit geluid terug naar de naakte essentie, dit is voer voor hen die (zoals wij) verslingerd zijn op de sound van messcherpe slide gitaren in al hun puurheid. Fans van bijvoorbeeld Hounddog Taylor zullen duimen en vingers kunnen aflikken bij sommige tracks op deze cd, luister maar naar "She's Gone", maar gelukkig gaat het in sommige tracks heel wat beheerster aan toe. Mark's sterke stem is die van een echte Delta Bluesman, soms grommend en met woede, soms beheerst en teder. De schijf is volgepropt met stompende grooves gebracht met zijn slide en andere gitaren, die hij op loops laat terugkeren en er lagen bijvoegd, wat mondharmonica erbij en een bas drum zorgt voor het stompende hypnotiserende ritme. Daar bovenop komt dan nog die bezwerende stem van Mark en je zit goed voor een uurtje "One man blues and boogie" van de bovenste plank. (RON)


 

JOHN FRUSCIANTE
THE EMPYREAN
Website Myspace
Label: Record Collection
Info: EMI Music

 

 

“The Empyrean” is haast goddelijke en religieuze muziek van een man die het grootste deel van zijn muzikale carrière gespendeerd heeft aan het voortbrengen van demonische gitaarklanken bij zijn groep ‘Red Hot Chili Peppers’. John Frusciante blijkt echter over een tweede leven te beschikken dat hij toegewijd heeft aan het maken van eigen solo-cd’s die meestal een heel ander deel van zijn persoonlijkheid weerspiegelen. Zijn reputatie als één der beste gitaristen van de wereld bevestigt hij telkens weer op zijn soloplaten. Toch heeft hij voor de opnamen van dit elfde soloalbum ook weer beroep gedaan op collega-gitaristen met een vlekkeloze reputatie. Zo treedt Johnny Marr (ex-gitarist bij The Smiths) ter hulp bij twee nummers op dit album en hanteert Peppers-bassist Flea de basgitaar op vier andere songs. Maar het overgrote deel van de aanwezige snaarinstrumenten worden door John Frusciante zelf gespeeld en alle instrumenten met toetsen door vriend Josh Klinghoffer die ook de drums bespeelt. Frusciante begon in 1989 bij de Peppers, verliet de groep in 1992 om van een depressie en drugsverslaving af te komen en sloot zich op verzoek van de andere bandleden terug bij de formatie aan in 1998 toen hij genezen was. Daarmee begon de grote succesperiode van ‘Red Hot Chili Peppers’ en kon John Frusciante zijn eigen muzikale creaties en inspiratie kwijt in de soloplaten die met wisselend succes op de markt werden gebracht. Het gitaarspel van deze Californische muzikant op zijn onafscheidelijke Fender Stratocaster is intussen legendarisch geworden. Op dit nieuwe en 11e album “The Empyrean” bewijst Frusciante ook dat zijn zangprestaties met de jaren continu verbeterd zijn. Deze cd luistert zeer aangenaam weg en bevat enkele pareltjes van songs die allemaal zelfgeschreven zijn, op die ene cover van Tim Buckley’s “Song To The Siren” na. Van de tien nummers is de 9 minuten durende begintrack “Before The Beginning” een mooie instrumentale topper met veel elektronica en één zeer lange, knappe gitaarsolo van Frusciante. Andere hoogtepunten zijn “Unreachable”, “God”, “Heaven” en “Central” met ijzersterke gitaarklanken van Frusciante en Johnny Marr. Doorheen het ganse album worden de etherische klanken - soms ook van synthesizers en van een heus strijkorkest - op de juiste wijze gedoseerd aan de songs toegevoegd. Piano en viool zijn zelfs de enige instrumenten op het absolute hoogtepunt van “The Empyrean”: het naakte en innemend door Frusciante gezongen “One More Of Me”. Nergens op deze plaat hoor je de harde rockmuziek waarmee hij samen met ‘Red Hot Chili Peppers’ zo beroemd werd. Wij zijn helemaal overtuigd van deze experimentele sound waarvoor John Frusciante gekozen heeft bij zijn muzikale escapades. De tijd zal aantonen dat deze muziek meer tijdloos is dan de hardrock van zijn vaste band. Eerder zeiden we al dat John Frusciante met elke plaat beter wordt. Vanzelfsprekend zijn we dan ook nu weer in blijde verwachting van de opvolger. In afwachting vermaken wij ons opperbest met “The Empyrean”. (valsam)


 

 

SARAH McQUAID
I WON’T GO HOME ‘TIL MORNING
Website Myspace CDBaby
VIDEO 1 VIDEO 2 VIDEO 3

 

 

Sarah McQuaid werd geboren in Spanje, groeide op in Chicago met een dubbele Amerikaans-Ierse nationaliteit. Ze woonde in Ierland van 1994 tot 2007 en verhuisde onlangs naar het zuiden van Engeland, waar ze haar intrek nam in het huis waar haar ouders ooit woonden. Een paar maanden geleden was deze artieste nog te bewonderen in Toogenblik in Haren en verder maakte ze ook recent een tournee door Nederland. Haar debuutalbum ‘When two Lovers Meet’ verscheen in 1997 en bevatte vooral traditionele Ierse folksongs. Haar nieuwe plaat is volledig opgedragen aan haar Amerikaanse moeder, die enkele jaren geleden overleed. Muzikaal zoemt McQuaid vooral in op de ‘Appalachian Folk’, die haar wortels kent in de muziek die door de Schotse, Engelse en Ierse immigranten werd meegebracht naar het oosten van de Verenigde Staten. De traditionele songs op dit album leerde McQuaid van haar moeder, die net als zijzelf ook zong en gitaar speelde. Zo treffen we hier mooie versies aan van onder andere ‘In The Pines’ en ‘East Virginia’. McQuaid’s heldere, warme stem brengt de traditionals met een grote waardigheid. Soms klinkt er een zekere droefheid of melancholie in haar stem, maar ze laat zich nooit door haar emoties overmannen. Een paar keer zingt McQuaid volledig a capella, zoals in ‘The Wagoner’s Lad’ en ook dat is zondermeer indrukwekkend. Hier worden we echt stil van. De enige cover waarvan de auteur bekend is, is ‘Ode To Billie Joe’ van Bobby Gentry waarvan Sarah een slepende versie neerzet, die onder meer opgefleurd wordt door spaarzaam werk op de slide gitaar van Gerry O’Beirne. Twee nummers werden door McQuaid zelf geschreven. ‘Only An Emotion’ gaat over ‘droefenis’ en hoe deze door dokters als een ziekte wordt beschouwd die kost wat kost met pillen moet genezen worden. En in ‘Last Song’ verwijst Sarah een laatste keer naar haar moeder die toen ze nog kind was songs voor haar speelde, net voor het slapengaan. Nu McQuaid zelf jonge kinderen heeft, zet ze deze traditie voort als een liefdevolle nagedachtenis voor haar overleden moeder. ‘I Won’t Go Home ‘Til Morning’ is een rustige, sfeervolle folkplaat van een artieste die vooral maturiteit en waardigheid uitstraalt. Zo moesten er meer zijn. (Shake)


6e Bierbeek Blues’d Up Festival - zaterdag 4 april 2009 - CC De Borre te Bierbeek

 

(19.30-20.30) JOANNE SHAW TAYLOR (UK)
Op haar 16e ontdekt door Dave Stewart (Eurythmics): “I heard something I thought I would never hear.... a British white girl playing blues guitar so deep and passionately it made the hairs on the back of my neck stand on end!” Dit jonge Britse talent moet je absoluut live aan het werk zien. Een zwoele rokerige stem, vurig gitaarspel met heel veel passie gespeeld. Haar nieuwste CD “White Sugar” met op 1 na allemaal eigen nummers ontvangt heel wat goeie recensies. Wees tijdig op post in Bierbeek en ervaar welke mooie toekomst er voor de blues weggelegd is.

 


 

JOANNE SHAW TAYLOR
WHITE SUGAR
Website Myspace Contact
Label: Ruf Records
VIDEO 1 VIDEO 2

 

 

Als je deze cd beluistert zonder het meekrijgen van enige achtergrondinformatie, dan zal er geen haar op je hoofd ook maar denken dat dit product afkomstig is van Groot Brittannië. En toch beste lezers, Joanne Shaw Taylor is een rasechte Britse jonge dame maar eentje uit het juiste hout gesneden. En niet alleen Thomas Ruff had al snel in de gaten welk talent deze blonde schone bezat maar ook Dave Stewart ( Eurythmics ), die regelmatig wat gaat jammen in de Britse kroegen. Zeker nog even vermelden dat Joanne toentertijd nog maar net 16 was. Ondertussen is er 5 jaar verstreken en heeft het talent nog wat meer kunnen en mogen rijpen. En het resultaat van dat rijpingsproces draait nu al enkele tijd mee in de cd-speler van mijn firmawagen en regelmatig gaat het volumeknopje wat meer richting plus. De jonge dame beweert beïnvloedt te zijn door o.a. SRV, Jimi Hendrix en Albert Collins, niet van de minsten en dat is duidelijk te horen in haar gitaarspel. Maar ook hoor ik hier en daar wat invloeden van de 3 King’s en dat geheel zorgt ervoor dat White Sugar een zeer gevarieerd schijfje is geworden. Geopend wordt er met de song ‘Going Home’, een songs die stuwt op een riff die je zo in Mississippi doet wanen. ‘Just Another Word’ begint dan weer met een lekkere basgroove welke overgenomen wordt door heerlijk gitaargetokkel van Joanne. Negen van de tien songs op deze CD zijn dan ook nog eens door deze jonge dame zelf neergepend. Enkel track nr drie ‘Bones’ is er eentje van uit de rasstal van The Hoax. Als deze dame werkelijk zoveel talent en noten in haar mars heeft dan ze hier op deze CD laat horen dan zal volgens mij het culturele centrum van Bierbeek op 4 april regelmatig op zijn fundamenten daveren. En voor wie dan de cd nog niet in huis heeft zal het drummen worden aan de cd stand want dit kleingoed gaat volgens mij de kans niet krijgen de toonbank te raken. Enkele songs waar ik al naar uit kijk op 4 april zijn ‘Just Another Word’, de lekker vettige slowblues ‘Time Has Come’ en ‘Watch ‘Em Burn’. En ik durf nu al te voorspellen dat zij die er niet bij zullen zijn op 4 april meer dan spijt gaan hebben. (Blueswalker)

 

 

(21.00-22.30) SEAN CARNEY BAND (USA)
35 jaar en al een veteraan in het club en festivalcircuit. De laatste tijd tref je deze sympathiekeling uit Columbus, Ohio in de Midwest ook meer en meer in clubs en op festivals in onze contreien. En telkens grift hij een onvergetelijke indruk in je geheugen. Deze man laat onuitwisbare bluessporen na. Sean Carney moest en zou naar Bierbeek komen en zo geschiedt. Steeds energie te over op het podium en nooit schuw om de lat voor zichzelf weer wat hoger te leggen. Sean Carney is een nieuwe grote blueslegende in wording. Na elk optreden weer ietsje meer. Laat je onderdompelen in de sfeer van de vooroorlogse gezelligheid.

 

 

SEAN CARNEY BAND
LIVE BLUES ON WHYTE
Website CDBaby
Booking: Bluebridge-Network
Label: Nite Owlz Records
VIDEO 1 VIDEO 2

 

 

Blues On Whyte is voor Canada zowat het belangrijkste bluesfestival van het jaar. Edmonton in Alberta is dan even het centrum van de blueswereld. Dit is de live registratie van het concert dat Sean Carney daar in februari 2007 gaf. Toen was zijn debuut nog niet zo lang verschenen en bij het verschijnen van zijn opvolger, ter gelegenheid van het Bluesfestival in Ecaussines in mei vorig jaar hadden wij een gesprek met hem. Wie de man ooit bezig zag weet dat zijn optredens de "real deal" zijn. Hij maakte op ons een overdonderende indruk toen en deze live registratie is daar een duidelijke weergave van. Blues die de link tussen het verleden en zijn hedendaagse invloeden perfect legt. Sean is een virtuoze gitarist en daar bovenop ook een behoorlijk sterke zanger, invloeden van T.Bone Walker en Ronnie Earl zijn duidelijk aanwezig. Toen we als één van de eersten zijn debuut bespraken was onze eindquote dan ook "This is real blues!". En daar staan we natuurlijk nog steeds achter, want drie jaar later is de kwaliteit alleen nog maar gegroeid en is Sean één van de topvertegenwoordigers van de Canadese en internationale bluesscène. Luister maar even naar "What Can I Say" een van de mooiste songs uit die "Life Of Ease" cd. Hier in zijn wat uitgesponnen live uitvoering zit je na enkele minuten met open mond te luisteren, want wat Sean hier uit zijn gitaar tovert op 't einde van de song is inderdaad fenomenaal en laat velen ver achter zich. Vol zelfvertrouwen en met een natuurlijke flair speelt hij de sterren van de hemel. Net als Ronnie Earl heeft hij de gave om zijn gitaar van fluisterend naar fel uithalend te laten gaan in één ogenblik. Naast die traditionelere langzame bluesnummers is hij eveneens een meester van de swing, de afsluiter "Bad Side Baby" en Jimmy Witherspoon's "Money's Gettin' Cheaper" tonen hem hierin van zijn beste zijde. Bobby Bland's "It's My Life Baby", waarmee het concert opent krijgt ook een zeer overtuigende uitvoering mee. Het snelle "Why'd You Lie" tenslotte zet het aanwezige publiek helemaal in vuur en vlam. Naast Carney vinden we hier in Edmonton natuurlijk zijn onafscheidelijke drummer Eric Blume en verder pianist en Hammond B3 speler Graham Guest, terwijl op bas Chris Brzezecki van de partij was. Wie de vorige concerten op Belgische bodem moest gemist hebben, laat dan het Blues D'Up festival in Bierbeek op 4 april niet aan je voorbij gaan, want als bluesfan moet je deze man gezien hebben. Ben je niet zo'n festivalganger en luister je echter liever vanuit je luie zetel, dan is deze "Live Blues On Whyte" het enige alternatief. (RON)

INTERVIEW

 

 

(23.00- 01.00) LARRY GARNER & BAND (USA) featuring Raphael Wressnig

Deze 6e editie sluiten we af in pure schoonheid met overheerlijke blues van een begenadigd gitarist. Twee jaar geleden nog een uitschieter op het Belgium Rhythm & Blues Festival in Peer. Subtiel gitaarspel bijgestaan door een schitterende band met ondermeer de master at the keys: Raphael Wressnig. Kom genieten van de Blues met grote B en van dit hartverwarmend concert.

 

 

 

LARRY GARNER
HERE TODAY GONE TOMORROW
Website Myspace Contact
Label: Dixiefrog Distr.: Parsifal
VIDEO 1

 

 

‘Here Today Gone Tomorrow’, met deze veelzeggende titel draagt Larry Garner zijn achtste album op aan zijn vader en allen die er niet meer zijn. Het scheelde niet veel of Larry had zich bij hen gevoegd, want ziekte en een hartoperatie hield hem een tijdje uit het zicht van publiek en platenmaatschappij. Maar nu is hij er terug op Dixiefrog met zijn diepdonkere stem en Gadow gitaren. Zijn fans zullen hier blij om zijn, want op het Bluesfestival in Peer stond een horde fans aan de signeertafel op hem te wachten, tevergeefs, vermits er al jaren geen nieuw album was verschenen. Larry Garner is een minzame bluesman van het integere soort. Hij die ooit op zijn ‘Standing Room Only’ de raad gaf ‘Do Your Personal Thing’ blijft zijn eigensoortige blues getrouw. Die is geworteld in de traditie van de swampblues in New Orleans met invloeden van Silas Hogan. In deze regio telt de in Baton Rouge geboren bluesman vele vrienden waaronder Henry Gray en Stanley Dural, beter bekend als ‘Buckwheat Zydeco’. Beiden verlenen hun bijdrage met respectievelijk piano en accordeon. Hierdoor wordt ‘Heavy Pieces’ heerlijk ondergedompeld in het zompig zuiders aardgewoel van de Louisiana bewoners. ‘Raised In The Country” klinkt al even energiek. Bassist Miguel Hernandez is er bij als vaste waarde. Deze vergezelde Larry ook op zijn Europese tournee, toen daar destijds in Duitsland, Larry’s Live CD werd opgenomen. Het aanzwengelende ‘Funk It Up’ doet de temperatuur nog stijgen. Hier neemt bassist Shedrick Nellon het over. Zijn zware bas is opmerkelijk, nog het meest in ‘Keep Singing The Blues’ dat een vermenging is van een tien minuten lange muzikale conversatie met een jonge gast, waarbij de hiphopcultuur, de blues, terloopse vermelding van Big Mama Thornton en tijdgenoten ter sprake komen, naast eeuwige blueswaarden en het terloopse ‘Make Love, No Hate’. Hier levert Larry Garner weer een staaltje van inventieve vertelkunst, want op één na schreef hij alle nummers zelf. Ironie zit verweven in ‘Bull Rider’ en ‘The Last Coke’. ‘Someplace For Evil’ is diepzinniger. En het mooie ‘For You Mr. King’ is een hulde aan zijn bluesidool, Riley King, wiens visie op de blues hij hooglijk waardeerde. Daarin stuwen de sax van J.R. Daniels en de background vocalen van The Joe Sisters het eerbetoon nog de hoogte in. Larry, die twintig jaar geleden de BB King ‘Lucille’ Award won voor zijn song ‘Doghouse Blues’, kende aanvankelijk een late start. Al speelde hij al als kind gitaar, zat hij in gospelgroepjes, trad hij vaak op in de regio, o.m. in Tabby Thomas Blues Box in Baton Rouge, toch kwamen zijn eerste albums pas uit in 1991 en liep niet alles van een leien dakje. Ondanks alle tegenwind en de bezonken opdracht van dit album, zijn Larry’s songs nergens zwaarmoedig. In New Orleans en omstreken zijn ze gewoon om de vreugde van het leven te laten overheersen, zeker als zij dit kunnen laten gepaard gaan met troostende funky muziek. En als toemaatje kan je hem Live zien op de Video wanneer hij in 2003 in Parijs Henry Gray’s ‘Cold Chills’ zingt en speelt. Want dat vergat ik nog. Larry Garner is naast een intelligente empathische observator van het dagdagelijkse ook een meesterlijke gitaarspeler. (Marcie)

INTERVIEW

INF0