ROOTSTIME cd reviews

ARCHIEF - OKTOBER 2006 - NOVEMBER 2006 - DECEMBER 2006




 

 

 

THE DEREK TRUCKS BAND
SONGLINES
Website: www.derektrucks.com
Label: Columbia / Sony
www.columbiarecords.com
Info: Blake Budney
management@derektrucksband.com
Label: Columbia / Sony Music Entertainment
www.columbiarecords.com

 

De achternaam van Derek Trucks zal muziekliefhebbers bekend in de oren klinken. Trucks is namelijk de neef van drummer Butch Trucks van de Allman Brothers Band. Al op vroege leeftijd blijkt Derek een talent op de slide gitaar te zijn: zijn eigen benadering van deze gitaartechniek zorgt ervoor dat hij op het podium klimt om mee te spelen met Bob Dylan, Buddy Guy, Joe Walsh, Stephen Stills en Allman Brothers Band. Het Amerikaanse muziekblad Rolling Stone noemde Trucks één van de 100 invloedrijkste gitaristen aller tijden. Derek Trucks begint zijn muziekcarrière op negenjarige leeftijd. Hij krijgt van zijn moeder een tweedehands gitaar en leert zichzelf het instrument bespelen. Binnen een jaar speelt hij mee met muzikanten in de muziekscène van zijn woonplaats. De jaren die volgen zijn een muzikale leerschool voor Trucks. Zijn muzikale smaak strekt zich uit naar alle muziekgenres: van jazz tot rock; van blues tot oosterse muziek. In zijn gitaarspel zijn deze invloeden goed te horen: waar de slide guitar zich meestal leent voor de blues, tilt Trucks de muziek naar andere werelddelen. In 1999 wordt Trucks gevraagd om te komen spelen in de Allman Brothers Band. Daarnaast speelt hij ook in zijn eigen band: de Derek Trucks Band. Deze band is niet zoals de naam doet vermoeden een band waar Trucks de baas is, maar een groep waarin de rol van alle muzikanten even belangrijk is. De Derek Trucks Band bestaat naast Trucks uit Todd Smallie (bas, vocals), Kofi Burbridge (fluit, toetsen, vocals), Yonrico Scott (drums, percusie, vocals), Mike Mattison (vocalen) en Count M'Butu (congas, percussion). De band is continu bezig om hun muzikale grenzen te verkennen door het mengen van verschillende muziekgenres. Op de laatste twee studioplaten: "Joyfull Noise"(2002) en "Soul Serenade" (2003), waren ook Greg Allman, Solomon Burke, Rahat Fateh Ali Khan, Rubén Blades en Susan Tedeschi (zijn echtgenote) te horen als zijn gastmuzikanten. Na zijn liveplaat "Live at Georgia Theatre" (2004) is er nu een nieuwe studio opname "Songlines", waarop Trucks zich wederom manifesteert als een briljant slide-gitarist, maar hij is meer dan dat. Op "Songlines" horen we een geweldige band aan het werk. Een band die de pannen van het dak kan spelen, maar die ook wat te zeggen heeft. Blues doordrenkt met gospel, jazz en rock en werkelijk fenomenaal gitaarwerk. "Songlines" bevat twaalf songs die niet alleen door de band geschreven zijn maar ook afkomstig zijn van illustere namen als bijvoorbeeld Rashaan Roland Kirk. Trucks heeft qua spel zeker wat meegekregen van Duane Allman alhoewel hij op sommige momenten ook als Lowell George klinkt, iets wat ook door de muziek komt die wel ergens tussen de Allmans en Little Feat in ligt, terwijl hij ook etnische invloeden door laat klinken. Nieuwe zanger Mike Mattison is met zijn soulvolle stem zeker een aanwinst voor de band en doet het dan ook prima, zoals in de openende cover "Volunteered Slaveryet", het dromerige "This Sky", het rockende "Revolution" en zelfs brengt hij wat gospel in "I Wish I Knew (How It Would Feel to Be Free)". Andere hoogtepunten zijn hiernaast "I'd Rather Be Blind, Crippled & Crazy" en het instrumentale "Sahib Teri Bandi/Maki Madni". Kortom: Een lekkernij voor de echte fijnproever.



LITTLE RACHEL WITH THE LAZY JUMPERS
THERE'S A NEW MISS RHYTHM IN TOWN
Website: www.littlerachel.net
www.myspace.com/littlerachel
Info: lil_rachel@yahoo.com
Label: www.eltororecords.com
Distr.: Bertus / www.bertus.nl
www.cdbaby.com/cd/littlerachelcd


Kort op de bal spelen ....het is voor de jongens van Rootstime een (gezonde) obsessie aan het worden. In april 2006 ging "onze Freddy " nog lichtjes uit de bol voor Little Rachel's album "Cause I Feel Good" of de opvolger "There's a New Miss Rhythm in Town" werd nog voor de officiêle release in the U.S. tenhuize rootsrocker afgeleverd. Mijn hartelijke dank aan Mario (Promotion Dept. El Toro Records). "The little girl (only five foot tall) with the big voice" mocht voor dit album beroep doen op The Lazy Jumpers (www.lazyjumpers.com), een van Spanje's beste jump blues combo's die destijds uitvoerig onder de loepe werden genomen bij het verschijnen van het album "Bad Luck-Turn My Back on You" (Rev: sept. '05). De opnames vonden plaats in de Sentir studio's (12/13/14 december 05) en het was Carlos Diaz, de supervisor van El Toro Records, die een extra oogje in het zeil hield. Little Rachel heeft een fulltime job in haar thuishaven Kansas City en offert al haar verlofdagen op om tweemaal per jaar een Europese toer te ondernemen. Voornamelijk uit noodzaak want de verplaatsingen zijn aan deze kant van de oceaan in vergelijking met toeren door Amerika maar peanuts en bovendien, niet onbelangrijk, vallen er hier nu eenmaal meer dollars te rapen. Mocht Rachel door haar bijdrage aan the Casey Sisters (www.myspace.com/caseysisters) voornamelijk rekenen op de sympathie van de rockabilly fans onder ons dan verlegt zij met de hulp van Blas Picon (drums & harmonica), Mario Cobo (guitar), Ivan Kovacevic (stand upp bass) haar grenzen ietsiepitsie naar het jump blues gebeuren. Een logische evolutie lijkt mij want "Cause I Feel Good" ging ook al die richting uit. Opener "Bartender Baby", "Hey, Big Boy", "Bull Ridin' Mama" en "It's Always a (dom?) Blond" passen perfect in dat kraampje. "I May Be Trouble" en "Keep on Movin" kunnen rekenen op een smoelschuiver van de bovenste plank en zijn de voorbode van het aangename nieuws ... "There's a New Miss Rhythm in Town"! Voldoende gelegenheid om guest musicians David Giorcelli (piano) en Dani Perez (sax) in het zonnetje te plaatsen en beide heren schakelen nog een tandje bij in de rockertjes "Panic Attack", "Give up Honey" en mogen dan net als wij eventjes verpozen bij het jazzy "Talk to Me" of de soulsleper "Please Quit Me Baby". Als extraatje voor hun prima geleverde arbeid mochten the Lazy Jumpers hun album "Coming on like Gangbusters" met de bonustrack "Mr. Advice" eventjes promoten. Eventueel interesse in onze bescheiden mening ... Little Rachel with the Lazy Jumpers op menig festival in de Lage Landen... het lijkt mij een aangename jump/blues/rockabilly belevenis.



KATE MANN
DEVIL'S ROPE

Website:www.katemann.com
Email: kate@katemann.com
Label: Eigen Beheer
www.cdbaby.com/cd/katemann2

 

 

Met haar debuutalbum "November Songs", bevestigde Kate Mann haar naam bijna van de ene op de andere dag in de kringen van Americana-liefhebbers. Deze pracht plaat kreeg door de media het label "Dark Americana Desert Gypsy Rock" opgeplakt. Dat klinkt veelbelovend, maar het is een omschrijving waar niet iedereen iets mee zal kunnen. Ik zelf ook niet, want op "November Songs" hoorde ik toch vooral intieme en indringende folksongs. "November Songs" werd live opgenomen in Mann's thuishaven Portland, Oregon en laat naast de akoestische gitaar van Mann slechts een staande bas horen. Een sobere, maar stemmige, setting waarin het aankomt op de stem van Kate Mann. Een stem die zeer weet te overtuigen. Het ene moment krachtig, het volgende moment ingetogen. Soms meisjesachtig, soms rauw, maar altijd vol emotie. Een stem die uitstekend past bij de zwaar melancholieke songs die Mann schrijft. Ergens tussen Gillian Welch, Natalie Merchant, Lucinda Williams en P.J. Harvey. Op haar nieuwe, kleurrijker album "Devil's Rope", stapt Mann een meer twangy richting in, naast akoestische songs als "Polly’s Song" en "Cowboys Are My Weakness", horen we soms een agressieve slide gitaar, fluit ("Old Soul"), harmonica ("Devil's Rope"), accordeon ("Random Observations") en nog enkele andere instrumenten die bij ons dadelijk de beelden oproepen van rondtrekkende zigeuner caravans. De opnames gebeurden in de 8-Ball Studio in Portland, co-produceerd door Kate en studiobaas Rob Stroup die Kate op deze plaat trouwens begeleid op gitaren, toetsen en drums, samen met Chris Robly (gitaren, toetsen en accordeon), Tim Huggins (bas), Bernardo Gomes (bas), Derek Brown (drums) en Anders Bergstrom (drums). Ook op deze plaat heeft Kate tien songs zelf geschreven en gunt ze ons in sommige songs wederom een blik op haar eigen zielenroerselen en in andere boort zij maatschappelijke thema’s aan. In haar eigen leven heeft, en doet ze nog altijd, genoeg ervaring op in het relationele vlak om uit te putten en vaak ook vindt ze inspiratie uit haar jeugd, want ze groeide op dicht bij de Sandia Mountains, aan de rand van de woestijn in New Mexico, ondanks het feit dat ze nu al enkele jaren in Portland, Oregon woont. "Devil's Rope" heeft dus wel duidelijk een rijker geluid als de voorganger maar biedt een grote variatie in klank, stemming en thematiek. "Devil's Rope", bevat gewoon prachtige liedjes die vol vuur en passie worden gebracht, en laat zien dat Kate Mann bruist van zelfvertrouwen. Kortom: Kate Mann heeft een uitzonderlijk pakkend stemgeluid, dat perfect aansluit bij haar songs. Bij beluistering zul je instinctief beseffen dat je hier iets speciaals bij de kladden hebt. De songs zijn niet gekunsteld, maar vloeien op een natuurlijke en boeiende wijze. Boeiende vrouw die zich niet op de achtergrond laat drukken.