ROOTSTIME cd reviews

ARCHIEF - OKTOBER 2006 - NOVEMBER 2006 - DECEMBER 2006

JANUARI 2007 - FEBRUARI 2007




ROBERT MICHAEL
FEEL IT COMING
Website: www.robertmsanders.com
www.myspace.com
Mail: silenceband@comcast.net
Label: Eigen Beheer
www.cdbaby.com

 

 

Robert Michael Sanders schrijft liedjes, zingt ze en speelt gitaar sinds zijn 17e jaar. Hij woont in Denver, Colorado en werd in zijn carrière beïnvloed door mensen als Elton John, Billy Joel, Marc Cohn en een hele reeks andere singer-songwriters. Hij is tevens de frontman van de groep "Silence" en verdient de kost vooral door zich te laten contracteren voor feestjes en bruiloften waar hij gedurende 2 uurtjes een afwisselende show geeft en een reeks covers speelt van wat je de betere popsongs zou kunnen noemen. Zowel op akoestische gitaar als achter de piano weet hij zijn plan te trekken en zichzelf te begeleiden bij de rock, country, blues, pop en easy listening nummers die hij brengt. "Feel It Coming" is zijn eerste echte solo-CD en het dient gezegd: het is een zeer genietbaar album geworden. Bij het eerste nummer "Time Away" valt me al meteen op dat het lijkt of ik die stem al vaker gehoord heb. Na wat zoeken kwam ik uit bij Darius Rucker van "Hootie And The Blowfish" waar je de meeste nummers op deze CD ook mee in verwantschap kan stellen. Een andere frappante vergelijking die bij me opkomt is Counting Crows, voornamelijk door de opbouw van de songs, rustig in de aanvangsfase en dan uitgroeiend tot monumentale rocksongs. Ook de stem van CC's Adam Duritz heeft raakvlakken met deze van Robert Michael. De twee covers op "Feel It Coming" zijn "Love Is On The Way" van Saigon Kick (in Doobie Brothers-stijl) en "Don't Dream It's Over" van Crowded House dat een persoonlijk tintje meekrijgt en meer akoestisch gebracht wordt. Afsluiter "Tell Me" maakt een einde aan het luisterplezier. Er staat niets onvergetelijks op dit album maar ook geen enkele keer slaat verveling toe of krijg je een verlangen om door te spoelen. Dat kan tegenwoordig niet meer van zoveel CD's gezegd worden, vandaar volgende kwotering: onderhoudend, mooi en professioneel.
(valsam)



RYAN PRICE
TIME IS A HEALER
Website: www.ryanpricemusic.com
www.myspace.com
Mail:ryanpricemusic@gmail.com
Label: Eigen Beheer
www.cdbaby.com/cd/ryanprice

 

 

"Time Is A Healer" is de titel van een song op de CD "Songbird" van de veel te vroeg overleden zangeres Eva Cassidy. Het is niet toevallig dat deze Ryan Price deze betekenisvolle song gekozen heeft als titel voor zijn eigen debuutalbum want zelf steekt hij ook boodschappen in de teksten van de 10 nummers die op deze CD zijn terug te vinden. Na enkele jaren in een groepje met de naam "Alkai Diggings" gespeeld te hebben als gitarist besloot hij om in 2004 zijn geluk als singer-songwriter solo te gaan beproeven. Hij speelt op deze CD alle instrumenten zelf hetgeen zijn talent nogmaals onderstreept. Alleen voor drums en een stukje viool heeft hij een beroep gedaan op vrienden. Zijn muziek komt recht uit het hart en heeft een opvallende diversiteit zowel wat betreft stijl als teksten. Americana, blues, folk en rock komen allemaal een beetje voor in de nummers en zijn muzikale voorbeelden zijn Bob Dylan, Van Morrison, Ben Harper en Jeff Buckley. Hij bewondert deze artiesten omdat zij er steeds in slagen om een persoonlijke toets in hun songs te steken ongeacht de stijl die ze spelen. Ook zijn liedjes zijn goed opgebouwd en songs als "Put It To Rest", "Time Is A Healer", "Shilo", "Carry It With Me" and "Storyteller" zijn sterk genoeg om een plaatsje af te dwingen in de muziekwereld. Maar er is jammer genoeg wel een ander probleem : vocaal komt de baritonstem van Ryan Price niet goed uit de hoek. De stemvastheid laat vaak te wensen over en hier dient absoluut aan gewerkt te worden vooraleer terug de studio in te trekken voor een tweede album. In "Put It To Rest" en in "Happened To Me" wordt dit nog vakkundig verborgen door de speelse wijze van zingen (à la Jesse Malin) maar in de andere nummers stoort dit bijwijlen vals zingen jammer genoeg te vaak. Slotsom is dat het een verdienstelijke CD geworden is en dat Ryan Price mits nog wat bijscholing een blijver kan worden, vooral omwille van zijn goede teksten.
(valsam)



BLUE HAVEN
HIGH ROAD
BLUES PARTY ‘LIVE’
Website: www.blue-haven.com
Contact: slideshark@gbis.com
Label : eigen beheer
www.cdbaby.com/cd/bluehaven2
www.cdbaby.com/cd/bluehaven3

 

Een pakket van twee cd’s kreeg ik via de redactie van deze band genaamd Blue Haven uit Reno Nevada. Een vierkoppige bluesband die er prat op gaat dansbare blues met soulinvloeden te spelen. Ze speelden ons dus hun 2de studio cd toe samen met een vorige live cd en dat vind ik prima, zo kan ik ook eens horen wat deze heren live te bieden hebben. Maar laat ik van start gaan met hun 2de studioalbum genaamd ‘High Road’, hierop vinden we 13 songs terug waaronder 3 covers nml. ‘Rocket 88 , ‘Shake Your Moneymaker’ en ‘Shakin’ All Over’. Wat ongewoon is een bluesband waar de drummer de meeste leadvocalen voor zijn rekening neemt, bij deze band is dat de normaalste zaak. Geopend wordt er met het korte instrumentaaltje ‘Left Field’ waar al duidelijk een prominente rol is weg gelegd voor Michael Thompson op bluesharp en dat doet hij niet onaardig. De eerste cover ‘Rocket 88’ staat als 5de nummers op deze cd en daar valt me duidelijk op dat deze heren ook vlot overweg kunnen met andermans nummers herwerken tot een eigen sound. ‘Devil In My Bottle’ begint met een mysterieus opzwepend ritme en dat ritme houdt je aandacht het gehele nummer. Het is ook op dit nummer dat me het eerst opvalt dat meneer Michael Thompson niet alleen goed overweg kan met de bluesharp maar ook op gitaar z’n mannetje kan staan. Elke muzikant in Blue Haven beheerst perfect zijn instrument en sommigen zelfs meerderen, toch blijf ik regelmatig met een leeg gevoel zitten. Het is allemaal aanwezig maar komt er meestal net niet uit, alsof telkens juist voor de climax afgehaakt wordt. En die climax bereiken ze wel op de covers gebracht op deze cd. Om niet dadelijk hierop af te knappen stop ik vlug de live-cd in m’n speler, wat me hier opvalt is dat er maar 3 eigen nummers gespeeld worden, de andere 9 songs zijn bekende covers van alweer bekende componisten. Geopend wordt er met een eigen instrumentaaltje genaamd ‘Fourth Street Bounce’, een nummer dat lekker swingt. Daarna gaan ze verder met een nummer Van Tommy Castro genaamd ‘All Night Long’ waarop we regelmatig getrakteerd worden op knappe samenzang van deze heren. En, hier werken de heren wel degelijk naar een climax toe wat me doet vermoeden dat deze band live beter tot zijn recht komt dan in een studio. Hierdoor komt hun eigen nummer ‘Legs Like Bettie Page’ dan ook veel beter tot zijn recht dan op de studio-cd. Ook live zorgen de heren voor mooie samenzang, luister maar eens naar het mooie ‘Big Blues Party’ van Rod Piazza. Deze band is dus live veel meer waard dan in een studio en zo hoort het volgens mij ook in de blues. Om de blues met “feel” te spelen heb je nu eenmaal de steun nodig van een publiek. Blue Haven is in mijn ogen dan ook een band die live veel beter tot zijn recht komt en hun muziek zet zeker aan tot hupwiegen en dansen.
Blueswalker.



JEREMY ALAN MARSHALL
I'M A LITTLE CRAZY
Website: www.jeremyallanmarshall.com
E-mail:Booking@jeremyallanmarshall.com
Label: Eigen beheer
www.cdbaby.com/cd/jamarshall

 

 

Als je zoals Jeremy Allan Marshall op het platteland opgroeit, dan krijg je een liefde voor het buitenleven. Oregon, waar hij vandaan komt heeft daarenboven nog een prachtige natuur met wilde, ongerepte plekjes. Het is daarover dat veel van Jeremy's countrysongs gaan. Titels zoals "Country Born & Raised" en "Over that Mountain" zeggen genoeg, hij is “a real country boy”. Jeremy speelt gitaar van zijn twaalfde, richtte reeds 2 bands op en schrijft alle materiaal zelf. Spijtig genoeg krijgen we geen info over zijn band, maar op verschillende nummers horen we een fiddle en pedal-steel die het geheel van een mooi geluid voorzien, dit zijn jongens die hun vak onder de knie hebben. Zijn songs houden ‘t midden tussen de traditionele country en country rock, zo begint de cd al dadelijk met een Creedence-achtige intro van het openingsnummer “She Wants To Go Honky Tonkin’”, een nummer met een catchy refrein dat mits de nodige airplay zeker hitpotentieel heeft. ”Dance With Me Tonight” en “Lies” zijn mooie ingetogen ballads die even herinneren aan de oudere Eagles opnames, zoals eveneens het melancholische “Girl”. Het overgrote deel van de cd zijn rustige laidback countrysong, maar enkele malen toont Jeremy ook dat hij ook uptempo een goeie song weet te schrijven. ”Over That Mountain” is zelfs een funky, vrolijke meezinger, en “Country Born , Country Raised” is een stevig countryrock nummer met een mooie slide-gitaar. Bij elke beluistering begin ik meer en meer van deze cd te houden en begint Jeremy Allan Marshall me te overtuigen van zijn kunnen. Wat wij noemen een groeiplaat!
(RON)



 

 

 

KELLY DALTON
THE LOVE IN EVERY BAR
Website: www.kellydalton.com
www.myspace.com
Info: www.hemifran.com
Label: eigen beheer
www.cdbaby.com/cd/kellydalton

 

 

Kelly Dalton komt niet rechtstreeks uit de strip van Lucky Luke geslopen, maar hij timmert hard aan de weg om wat bekender te worden en zo te horen op zijn debuutalbum "The Love In Every Bar", gaat dit best lukken. Zelf zegt hij: 'I can't just sit down and say "Okay, now I'm going to write a song" I think the real, true songs from my heart come out at anytime depending on what I'm going through in my own life. I've had more song ideas written on the back of a business card while driving or called in singing on my own voicemail then written in my studio.' Dalton is echt opgegroeid in een muzikale familie, zijn ouders zaten in The Back Porch Majority, een bandje in de jaren 60. Als je als kind al omgeven werd door musici, dan kan het bijna niet anders of je kan zelf ook liedjes schrijven en instrumenten bespelen, zo ook Kelly (gitaar, piano, harmonica). Dalton is een singer-songwriter die zijn inspiratie zoek bij folk en rock, zo heeft hij invloeden als Cat Stevens, Simon & Garfunkel en James Taylor. "The Love In Every Bar" is een prettige combinatie van gitaar en zang, zeer mooi voor op de achtergrond, maar ook heel geschikt om intensief naar te luisteren. Soms doet hij een beetje aan Jack Johnson denken, maar Kelly heeft echt een geheel eigen stijl! In het jaar dat hij hard aan het werk was aan dit album verloor hij twee mensen die heel belangrijk voor hem waren. De dood van zijn beste vriend en zijn ex-vriendin heeft hem heel hard aangegrepen, bijna had hij zijn album niet kunnen voltooien. Toch is hij ermee doorgegaan omdat zij waarschijnlijk ook graag hadden gezien dat hij zijn dromen aan het waarmaken is. Met deze gedachte heeft hij echt een heel mooi album aangeleverd, waarin zijn levensverhalen natuurlijk over liefde en verlies gaan. "Kelly's songs are like finely aged wine poured directly from the heart. If you listen closely to his songs you can't help but feel his pain" ... een getuigenis die ik volledig kan beamen, want Dalton is daadwerkelijk een romanticus met een gebroken hart. Dalton weet heel veel oprechte emotie in z'n helende stemgeluid te verwerken en daarmee zo'n beetje alle aandacht naar zich toe te trekken. Hij is zo’n songwriter die zonder echt op te vallen de mooiste dingen maakt. De songs hebben een relaxte sfeer en zijn ijzersterk. De sound is aangekleed met een orgel of een steelguitar van Joshua Grange (Dwight Yoakum). Maar de basis is toch de stem van Dalton, zijn gitaar en een bescheiden ritmesectie bestaande uit Milo Decruz (Ryan Adams, Dunken Shiek) op bas, Jebin Bruni (Fiona Apple, Aimee Mann) op Hammond/keyboards en drummer Mick Flowers (The Rentals, The Lap Dancers). Op "The Love In Every Bar", in een productie van Thom Flowers en Emile Millar, staan tien mooie, ingetogen country en folk-liedjes, waarin de voornaamste kracht schuilt in de glasheldere, wat dromerige vocalen van Dalton. Uitschieters zijn voornamelijk de songs waar hij zijn pijn en weemoed ten top drijft, zoals "Leave This Town", "Come Again", "Coming Home" en "Save It For Me". "The Love In Every Bar" is zo'n typisch album, dat je voorzichtig voortkabbelend bij elke beluistering wat meer inpalmt. Waar dit debuut het eerst eigenlijk maar heel gewoontjes lijkt, nodigt het vervolgens uit tot keer op keer opnieuw beluisteren en wordt het zelfs een bijzonder graag geziene gast in de late uurtjes. Laten we er niet omheen draaien: Moge Kelly Dalton een gouden toekomst tegemoet gaan!



 

 

 

 

 

MIC HARRISON AND THE HIGH SCORE
PUSH ME ON HOME

Website: www.micharrison.com
www.myspace.com
www.archive.org/details/MicHarrison
Info: mic865@comcast.net
Label : Lynn Point Records
www.lynnpoint.com
www.cdbaby.com/cd/mhaths

 

 

"If you crave rootsy, rollicking rock 'n' roll with a country flavor, slap native Tennessean Mic Harrison's CD on your player"
-(Palo Alto Daily News)

 

"Sing-along drinking songs" ... het leek wel of zij van de aardbodem verdwenen waren. Gelukkig hebben Mic Harrison & the High Score de draad terug opgenomen en mogen vanaf heden beschouwd worden als de vaandeldragers van dit nauw aan ons hart (?) liggend genre. Mic Harrison bracht in een vorig leven nog een cassette uit die onlangs nog op cd werd geremasterd en schreef samen met Scott Miller geschiedenis als gitarist/singer/songwriter bij de Knoxville-based band the V-Roys. De verhuis naar het E-Squared Record label van Steve Earle leverde hen de albums "Just Add Ice" en "All About Town" op en een wereltoernee met de meester himself. Jammer genoeg liep het muzikale huwelijk toen op de klippen en hield Harrison zich bezig met gelegenheidgroepjes als the Faults (lynnpoint) en Superdrag. Maar de ex-leden van the V-Roys waren nooit niet ver uit de buurt en toen Harrison in 2003 besloot het album "Pallbearer's Shoes" op te nemen kon hij rekenen op zijn ouwe makkers. (Available at Itunes). Voor het onlangs verschenen album " Push Me On Home" deed Harrison beroep op The High Score en dat was een niet voor de hand liggende keuze want Robbie Trosper (vocals & guitar), Brad Henderson (vocals & drums), Vance hillard (vocals & bass), Chris Cook (lapsteel) en Paxton Sellers (studio bass) werden voornamelijk beschouwd als "An unassuming collection of pure, no-nonsense rock-n-roll laced with powerful pop sentiment. "Was het hun gezamelijke voorliefde voor Waylon Jennings, CCR en Johnny Paycheck die tot samenwerking en het bijzonder fraaie album "Push Me On Home" leidde .. who knows? Een feit is zeker ... met een voetje in de honky-tonk en de andere in het rock & roll/roots wereldje geven de jongens van jetje en de titels (en inhoud) liegen er niet om ... opener "Mighty Good Wine" en "Hey Driver", zetten meteen de doelstellingen in de verf. "We were going for just a good, bare - knuckle Southern rock album, really. We wanted to keep it simple". De erg leuk countrydeuntjes "Willfully" en "Saving the Widow", de honky - tonkertjes "Mandie Mc Manus" en "Long time" maken van dit album een feest. Enige waarschuwingen en aanbevelingen ... zuipschuiten, feestvarkens allerhande ... watch out for "Wiser the Whiskey" en "Tomorrows Bloodshot Eyes" en voor the truck driving country liefhebbers .... "Turn it up, head out on the highway, roll down the windows and sing it out" I Love It !



 

THE BLUES BAND
THANK YOU BROTHER RAY
www.thebluesband.com
Label: Pepper Cake / Bronze Records
Distr.: ZYX Music
music.garden@ZYX.DE

 

 

Het lijkt er op dat de stroom tribute- cd’s wat aan het opdrogen is. Nu was het ook steeds moeilijker om tussen al die tributes echt bijzondere dingen te vinden. Een van de toppers van vorig jaar is deze plaat van The Blues Band, vol met songs van Ray Charles, je weet wel, de man van "I can't stop loving you" en "Georgia on my mind". Natuurlijk is Ray Charles die stierf op 10 juni 2004 op 73-jarige leeftijd, ten gevolge van leverkanker, al ontelbare malen geëerd en terecht. Toch voegt deze cd nadrukkelijk iets toe en echt verwonderlijk is dat niet, want het betreft hier een release van Pepper Cake, het label dat in korte tijd de harten en het respect van menig bluesliefhebber gewonnen heeft. Om de haverklap verschijnt er wel weer een Ray Charles tributeplaat en ze willen ook nog wel eens variëren in kwaliteit. "Thank You Brother Ray" is nu een plaat die beter te verteren is. The Blues Band bestaat nog steeds uit Paul Jones, Dave Kelly, Tom McGuiness, Rob Townsend en Gary Fletcher, muzikanten die met hun eigen projecten meer dan behoorlijk scoren maar die al meer dan 25 jaar hun gemeenschappelijke missie hebben: de blues. Einde jaren 70 waren ze mee verantwoordelijk voor de revival van de bluesmuziek. Hun debuutalbum was een groot succes en het succes heeft nooit opgehouden. 17 albums, honderden optredens en tienduizenden fans. In 1980 stonden ze nog op het podium van Rock Werchter. Een gevestigde waarde in originele bezetting maar nog steeds springlevend, hetgeen ze ook bewijzen aan deze ode aan Brother Ray. 14 songs hebben dadelijk betrekking tot deze blinde zanger/pianist. Het laatste nummer, de titeltrack, is geschreven door Paul Jones en Tom McGuinness en gaat over de invloed van Ray Charles in hun muzikale carrière. Paul Jones, Dave Kelly en Tom McGuinness zorgen afwisselend voor het vocale, maar daarbuiten is de instrumentale bezetting nog steeds zoals vroeger: Paul Jones aan de bluesharp, Dave Kelly en Tom McGuiness op gitaar, Gary Fletcher op bas en Rob Townsend op drums. En hoewel dit geen onverdienstelijke bluesmuzikanten zijn en zeker al wat jaartjes werkervaring hebben, presenteert zich hier een gematigde supergroep, die op z’n zachts gezegd een conservatieve, ietwat oubollige verzameling van – hoe kan het ook anders – bluessongs aflevert. Maar in eerste plaats is dit een plaatje waar vooral diezelfde Engelse gentlemen een lol aan beleven. Maar de rechtgeaarde bluesliefhebber weet er anders ook wel raad mee. Zeker de meer rustige songs als "Busted", "Hard Times" en "Georgia on My Mind" zijn best te pruimen. Voor een meer upbeat nummer gaat onze voorkeur naar "Let the Good Times Roll", niet bepaald omdat we hier een fantastische Jools Holland horen op keyboards, maar in dit afsluitende nummer tijdens de hun optreden in de Nacht van de Blues in Wuurtwezel van vorig jaar, liet Paul Jones niet achterwege een muzikaal spelletje te spelen met het dolenthousiaste publiek. Lekkere nummers met prettige muzikale omlijsting maakt dat "Thank You Brother Ray" regelmatig een rondje zal maken in mijn speler. Liefhebbers weten nu denk ik wel genoeg en kunnen met een gerust hart tot aanschaf overgaan.



HOLLY O'REILLY (FIGUEROA)
GIFTS & BURDENS
Website : www.hollyfigueroa.com
Info: holly@hollyoreilly.com
www.myspace.com
Label: Eigen Beheer
www.cdbaby.com/cd/figueroa5

 

Holly O' Reilly, based in Seatlle and founder of Indiegrrl.com (a 2000 member international organization for women in the independent music industry) kan je nu niet bepaald als een nieuwkomer beschouwen in het country-tingled Americana - folkwereldje. Haar eerste opname dateert al van 1998 en ondertussen is zij met "Gifts & Burdens" al aan haar vijfde album toe. Ondanks dit bleef zij zelfs voor de jongens van Rootstime een goed bewaard geheim dat wij op het spoor kwamen toen wij het schitterend album "the Bootlegger's Daughter" van Rachel Harrington onder handen namen. (Onze voorspelling dat het schijfje geschiedenis gaat schrijven is ondertussen bevestigt, want het album debuteert zo maar eventjes op plaats 3 in de Euro Americana Chart -editie maart, www.euroamericanachart.nl). Ondermeer Zak Borden (mandolin) is van de partij op dat album en via hem geraakten wij bij Holly O' Reilly die voor het album "Gifts & Burdens" ook beroep deed op deze klasse muzikant. Blijkbaar is het einde van haar vijftienjarig huwelijk erg bepalend geweest in haar songwriting want met het prachtige openingsnummer "Lay Them Down" en de song "New York" bedankt zij haar inmiddels ex-man voor de steun en toeverlaat in al die jaren en de wijze waarop zij zich zowel persoonlijk als muzikaal kon ontplooien. Het titelnummer "Gifts and Burdens" is dan ook veelzeggend ... "When friendship becomes something else, and it's not better, someone has to say goodbye, I'm sorry it had to be me, but I am so glad you are happy now". De tijd zal wellicht vele wonden helen maar het machteloos toezien hoe iemand die je liefhebt zijn en jouw leven in de vernieling stort blijft toch knagen ("Misunderstood") net als het uiteindelijke besef dat er blijkbaar iets verkeerd liep al die jaren ..."I did my best ...but I never knew what you wanted from me " ("What you Wanted"). Singer-songwriter Holly O' Reilly trekt met dit album een streep onder een periode die haar niet alleen deed nadenken over haar huwelijk maar ook deed mijmeren hoe een stomme regendag je humeur om zeep kan helpen ("One More Time") of hoe het mysterie of fabeltje van "hoe word ik zwanger worden van de H. Geest" zou verkocht worden in het jaar 2007 ("Forgiven"). Haar bewuste keuze om Leonard Cohen's "Everybody Knows", Richard Buckner's "Boys, the Night Will Bury You" en Doc Watson's traditional "And Am I Born to Die" te coveren is dan ook logisch ....verhaaltjes "Based on a true story" en gebracht door een zangeres die te lang in de schaduw is gebleven ... dit schreeuwt om erkenning!



OKEANAS
BUTLER COUNTY
Website: www.okeanas.com
www.myspace.com
E-mail: admin@okeanas.com
Label: Eigen beheer
www.cdbaby.com/cd/okeanas

 

 

Pure alt.country uit Ohio, dat is wat deze jongens brengen op hun debuut dat enkele weken geleden het levenslicht zag. Een uitgebalanceerde mix van rock en hillbilly met veel streekgebonden ingredienten en invloeden. Zo is er de mooie song "Joe Nuxhall" over de plaatselijke baseball legende, ook bekend als the Ol' lefthander. Of "Obediah" het droeve verhaal van een mijnwerker uit Kentucky. Okeanas is in feite de band van Ernie Mills, de leadzanger, die alle teksten schrijft. Hijzelf houdt van de sombere poezie van traditionele country, maar voorziet zijn teksten van een stevige rockbasis. Hij houdt ervan zoveel mogelijk verschillende stijlen te gebruiken zodat het moeilijk wordt om de groep in een vakje te plaatsen. "Kiss My Breath Away" is zo’n stevig rockende song, waarop gitarist Dan Andrews lekker tekeer kan gaan, net als op het van een Stones intro voorziene "The Rust And The Rain". Dan is momenteel ook nog gitarist in de band "Big in Iowa", waarvan de ex-drummer nu ook de rangen versterkt heeft van Okeanas. Vocaal zijn de heren geen echte hoogvliegers, maar eerder goede middelmaat. De cd is over de ganse lijn tamelijk sterk qua songkeuze, met zoals ik al zei, Americana en alt.country in een mooie balans op een stevige basis van rockende gitaren. Beste songs op de cd zijn echter het slotnummer "Back Home Again" met Dan Andrews die erg goed op dreef is en de hidden-track, die 3 minuten later de kop opsteekt en die zo te horen "Love Is Harder" heet, hillbilly rock anno 2007 en schatpichtig aan de Georgia Sattelites’"Keep Your Hands To Yourself". Geen slecht debuut uit Hamilton, Ohio!
(RON)



THE LAZY JUMPERS
COMIN' ON LIKE GANGBUSTERS
Website: www.lazyjumpers.com
www.myspace.com
Info: info@lazyjumpers.com
Label : www.eltororecords.com
www.cdbaby.com/cd/lazyjumpers2

 

 

The Fabulous Thunderbirds mogen dan op sterven na dood zijn, onlangs verlieten drummer Jimi Bott en levende legende Gene Taylor de band, de liefhebbers van stomende jump-blues moeten zeker niet wanhopen. Met the Lazy Jumpers, nb. uit Barcelona, lijkt de opvolging verzekerd. Zo lieten wij in september '05 al een ballonnetje op toen de heren met hun album "Bad Luck, turn my back on you" al aardig voor de dag kwamen en onlangs deden zij dat huzarenstukje nog eens over toen zij fungeerden als begeleidingsband van Little Rachel. Met hun onlangs verschenen schijfje "Comin' On Like Gangbusters" solliciteren duivel doet al Blas Picon (vocals & harmonica), Mario Cobo (guitars), Ivan Kovacevic (double bass) en nieuwkomer David Garcia (drums) nadrukkelijk voor een plaatsje op de talloze zomer (blues) festivals. Zoals wij al aangaven bij de recensie van Little Rachel lijkt mij dit de spreekwoordelijke twee-vliegen-in een-klap combinatie die ongetwijfeld borg staan voor een (h)eerlijk uurtje swingende jump/swing West Coast/Chicago blues in combinatie met een ferme scheut rockabilly. Frontman Picon en het duo Cobo/Rowdon kropen in de pen voor een dertiental songs, hielden ook de produktie in eigen handjes en mochten rekenen op de gewaardeerde steun van Lluis Coloma (piano) en een trio blazers die van katoen geven op "Cry Baby Boogie" en "Girls". Natuurlijk halen de jongens hun mosterd in de roemrijke jaren '40 & 50 en zijn boegbeelden als Sonny Boy Williamson, Little Walter, T-Bone Walker nooit niet ver uit de buurt, the Lazy Jumpers zijn misschien wel "het" perfecte gezelschap om the blues, rhythm & blues, swing & boogie nieuw leven in te blazen. Interesse? De jongens zijn van 11 tot 23 April in Engeland op toernee en hebben in Juli een aantal optredens gepland met Little Rachel ... is dat niet de periode rond BRBF editie 2007? Prima band en voortreffelijk album!