JAN DE BRUYN & PIETER VAN BOGAERT @ SOUL BAR, ZOMERGEM - 28/04/17

In de loop van 1980... Of toch al 1981? Tijdens een repetitie van de heropgerichte hardrockband Mustang (erg populair in de Kempen in de seventies en auteur van een LP) krijgen we een ‘gouden’ tip. In Hoogstraten speelt een (rhythm &) bluesband van een ongekend niveau in onze lage landen. Je kreeg en krijgt wel vaker zo’n tips, die je heel dikwijls met een korrel zout moet nemen. De zangeres krijgt een aantal vergelijkingen mee, die ons nogal overdreven lijken, maar we zijn toch maar benieuwd. Op een laat uur dan maar naar Meersel-Dreef, in Hoogstraten, naar café Moskes, letterlijk op de grens van onze beide landen, het herentoilet in België, maar de dames in Nederland! Een gok maar de trip heeft ons niet gespeten.

The Crew heette het gezelschap, met leden uit de grensstreek. Een broer en een zus stalen de show, Jan De Bruijn op gitaar en Ann(eke) De Bruijn aan zang. De eerdere vergelijkingen bleken inderdaad niet te kloppen: Anneke bleek die met gemak te overstijgen en vormde, toen al, lang voor enig succes, een categorie op zich. De rest van het verhaal kent men: The Crew haalde de finale op Humo’s Rock Rally 1982 (het jaar van The Chrome en 2 Belgen), bouwde een solide livereputatie op, niet alleen door Anneke, en bracht twee goedverkopende platen uit (‘Doin’ Overtime’ in 1986 en ‘No Peace Of Mind’ in 1988) In 1985 vervoegde Hammond organist-pianist Pieter Van Bogaert de band, schreef de eigen songs… en werd Annekes echtgenoot. The Crew stond ondermeer in 1985 en 1987 op het Belgium Rhythm & Blues Festival in Peer. In 1990 was het gedaan met The Crew, maar de band deed dat blijkbaar bewust vooraleer de mot erin kwam en had in dat handvol jaren diepe voren getrokken in het bluesbewustzijn van de twee landen…

Sindsdien kwamen we Jan en Pieter geregeld tegen langs Vlaamse wegen in één of ander verband, steeds vanop afstand, of lazen we hun namen op cd hoezen. In de Gonnabee’z bundelden Jan en Pieter nog eens de krachten, evenals in The Blues Angels, waarin Anneke zong, maar ook Kathleen Vandenhoudt en Pascale Michiels (samen vormen ze nu Billy & Bloomfish en spelen ze in de Rielemans Family) We waren te laat op de hoogte van het boeiende project van Anneke en Pieter rond Nina Simone (‘Thank You Nina’, 2015), maar Jan zagen we dan weer in The Rat Pack Blues Band (Deinze, 18.08.15) als zanger in een geweldige bezetting (gitaristen Marty Townsend en Patrick Deltenre, bassist Bart Buls en topdrummer van Franse megasterren Marcel ‘Toto’ Poznantek) We mogen dit vermelden omdat Jan toen al bij enkele helden uitkwam, wier lof hij ook in de Zomergemse Soul Bar bezong.

Het zou er wel minder geweldig aan toe gaan in deze knusse bar, met amper plaats voor een dertigtal mensen, met Pieter aan keys en Jan aan zang en akoestische gitaar. Over Van Bogaert kunnen we kort zijn, en dat is niet omdat zijn inbreng minimaal zou zijn, integendeel: ‘Ik speel al dertig jaar met schoonbroer Pieter en hij slaagt er nog altijd in om me te verrassen’ stelt Jan tijdens het concert, na een zoveelste puntige solo van Pieter. Die neemt inderdaad de gelegenheid te baat om nieuwe dingen uit te proberen. Een klassenbak als hij valt altijd op zijn poten. Maar in deze context houdt hij het op een dienende functie aan het klavier. Doordat de twee al zo lang met elkaar spelen, kan je gewagen van een verregaande symbiose.

Jan heeft meteen al een verrassende mededeling: ‘Het was in Zomergem dat we ruim drie decennia geleden onze eerste elpee opnamen en tot op vandaag ben ik hier nooit meer geweest’ Van een homecoming gesproken. Dat was de muziek ook: thuiskomen, en dat aan de hand van een stel klassiekers die je telkens weer als hommage kon en mocht beschouwen, maar ook via het citeren uit eigen werk, vooral dan van de meest recente plaat van Jan De Bruijn, ‘Bittersweet’, gevuld met zelf gepende nummers en opgenomen met schoon volk. ‘The Singer’ en het aan zijn vrouw opgedragen ‘She’ tonen dat Jan hondsfraaie songs kan schrijven. Ook ‘She Loves A Fool’ gaat over zijn vrouw… en natuurlijk ook over hemzelf! ‘Come On Over’ schreef hij voor iemand die hij… pas later zou ontmoeten. Toen hij haar zag, wist hij dat het over haar ging. Het werd een wals die de stijl van de betreurde Kevin Ayers opriep. Jan heeft een uitstekende, gerijpte bluesy stem, behoorlijk ‘rough around the edges’, rafelig aan de randjes, maar dat belet hem niet een rijk palet aan emoties uit te drukken: hij meent wat hij zingt. Jan gaat erg diep, ook in zijn doorwrochte spel op de akoestische gitaar. Dat leidt tot heerlijke uitvoeringen van songs die hun finale vorm al lang vonden bij hun auteurs, maar waar Jan en Pietrer toch nieuw leven in scheppen.

‘Nobody’s Fault But Mine’ is een traditional die Blind Willie Johnson als eerste opnam in 1927 en er zijn vele versies van. Jan had het al opgenomen voor ‘Long Way Home’ (2013), ‘Rainy Night In Georgia’ van Tony Joe White, ‘Borderline’ van John Hiatt maar opgenomen voor, met en door Ry Cooder voor de gelijknamige LP, en, ‘Stormy Monday’ gelinkt aan T-Bone Walker en ‘Georgia On My Mind’ (Hoagy Carmichael, al kent men vooral de uitvoering van Ray Charles) zijn heerlijk moody, stemmige songs, maar al te vaak gecoverd. Jan en Pieter lopen ermee weg. In ‘Stormy Monday’ is het barista Dries D’havé die de show steelt: hij krijgt een elektrische gitaar in de handen gestopt en tot ieders verbazing speelt hij een reeks solo’s, alsof hij nooit iets anders deed. Van ‘Bring It On Home To Me’ vindt Jan zelf dat het platgespeeld is, maar hij brengt het toch (‘Het zal de leeftijd zijn…’) en hoe! ‘Falling Back In Love With You’ van Lonnie Mack is dan weer veel minder bekend, onterecht, maar ook hier trakteert het duo ons op een bloedstollende versie. Die rafelige randjes nemen we er grif bij.

Het is niet iedereen gegeven ‘Heaven Stood Still’ van Willy De Ville zo ingetogen en toch meeslepend te brengen. Het mag voor ons het hoogtepunt van de avond heten. Het is bij de intro van deze meest… hemelse van alle love ballads dat Jan zijn drie grootste helden bij naam noemt: B.B. King, Willie Nelson en Django Reinhardt (over wie net een bioscoopfilm uitkwam) Om hen te eren speelt hij veel later in de uitgebreide dubbele set drie solo’s in de stijl van deze drie tenoren. Die geven leven aan ‘Saint James Infirmary’, morbide ballad die je zeker in één bluesconcert op drie, vier te horen krijgt. Je krijgt altijd wel dezelfde verzen te horen, al verzekert Hans Theessink ons dat er zo’n driehonderd strofes van bestaan. Nog een held is Curtis Mayfield: als voorlaatste song spelen Jan en Pieter het onverwoestbare ‘People Get Ready’ van de geëngageerde en invloedrijke soul- en funkzanger en tot aan zijn ongeval productieve componist, die zijn deel van menselijk leed kende. Opnieuw laten de twee horen dat ze niet zomaar ‘coveren’.

Was ‘Have A Little Faith In Me’ van John Hiatt als eerste bis misschien een al te gemakkelijke keus? Het is nu eenmaal een onsterfelijk lied en bracht Hiatt er meteen de definitieve versie van op het historische ‘Bring The Family’ (geholpen door Ry Cooder, Nick Lowe en Jim Keltner), dan gaat het er ook in de Soul Bar als koek in. En kan je mooier afsluiten dan met de einde-van-de-wereldballade ‘Morning Dew’ (dat Bonnie Dobson schreef maar waar Tim Rose een kwart van de royalties van wist te pakken te krijgen, iets wat hem dan weer mislukte bij ‘Hey Joe’)? Een goed bestede avond, daar in de Soul Bar…

Antoine Légat

Foto's Facebookpagina Pieter Van Bogaert en Keizershof (Copyright voor credits onbekend)

 



 

 

 

 

 


 

Artiest info
website  
facebook  

SOUL BAR, ZOMERGEM - 28/04/17