CONOR OBERST + M. WARD + BIG THIEF @ OLT RIVIERENHOF, DEURNE – 14/08/17

Big Thief

 

Vanavond in het OLT een niet te versmaden americana avond met 3 artiesten voor de prijs van 1.

Big Thief is de in Europa nog onbekende groep rond singer songwriter Adrianne Lenker. Samen met gitarist Buck Meek vormt ze een duo tot in 2014. In 2016 verschijnt hun debuutalbum ‘Masterpiece’. Tegen die tijd is de folky sound van het duo met de inbreng van bas en drums geëvolueerd naar een groepssound met een meer indie rock geluid maar de songs en het stemgeluid van Lenker blijven bepalend.

Adrianne bezit een hoge folk stem. Het wordt een emotioneel half uur met fragiele persoonlijke songs gezongen door de breekbaar zachte stem van Adrianne die zichzelf begeleidt op gitaar. Gitarist Buck Meek is er niet bij vanavond. In trio met bas en drums zonder gitarist klinken de songs directer en rauwer. “Masterpiece” is hun beste song, een catchy popnummer met aansprekend refrein gedragen door de emotioneel hoge stem van Adrianne. Het laatste nummer “Real Love” over misbruik klinkt bij aanvang bedrieglijk simpel maar gaat gestadig intenser met aan het eind Adrianne die haar gitaar minutenlang de pijn laat uitschreeuwen. In deze setting niet direct ieders cup of tea maar het loont de moeite om ‘Masterpiece’ (2016) en ‘Capacity’ (2017) te gaan uitchecken.

Uit de Setlist: Mythological Beauty/ Shoulders/ Masterpiece/ Real Love

De 43 jarige uit Portland, Oregon afkomstige M. Ward staat voor zowel vintage rock ’n’ roll als voor ingetogen luisterpop liedjes op de grens van folk, blues en country. M. Ward oftewel Matthew Stephen Ward maakt al sinds 1999 solo platen. Het trio albums ‘Transfiguration Of Vincent’(2003), ‘Transister Radio’ (2005) en vooral ‘Post-War’(2006) bevatten pareltjes van schrijfmanskunst en bevestigen voorgoed zijn naam bij liefhebbers van Amerikaanse singer songwriters. De laatste albums ‘A Wasteland Companion’ (2012) en ‘More Rain’, (2016) worden te zeer overheerst door retro in breed gearrangeerde composities.

Songsmid M. Ward was in onze contreien slechts sporadisch te zien afgezien van een handvol optredens: een kort voorprogramma voor Joan As Police Woman bij de opening van Trix in Borgerhout in 2006, als bandlid van Monsters of Folk op het Crossing Border Festival in Arenbergschouwburg Antwerpen in 2009, op Rock Werchter in 2009 en 2012 en op Cactusfestival in Brugge in 2014. Het is dus met meer dan gewone belangstelling dat hier naar uitgekeken wordt temeer daar het gaat om een solo optreden waarbij hopelijk zijn meer intimistische liedjes voorrang krijgen op zijn rock ‘n’ roll nummers in pastiche op de jaren vijftig.

Met de niet zo geslaagde rockabilly imitaties van zijn laatste Belgische festival optredens in gedachten zal vanavond niemand er rouwig om zijn dat M. Ward bijna uitsluitend teruggrijpt naar de gevoelige songs van ‘Transfiguration of Vincent’ uit 2003. Al lijkt M. Ward’s optreden achteraf meer een voorwendsel om met zijn vriend-muzikant samen nog eens op een podium te kunnen staan en liedjes te spelen. En dat gebeurt al bij de eerste twee songs waarbij Ward al meteen ruggesteun krijgt van The Felice Brothers én Conor Oberst die later in zijn set op zijn beurt M. Ward erbij zou halen.

“Poison Cup” lijkt het geknipte nummer dat vrolijk als een verkoelend lentjebriesje ons terug laat aanknopen bij de hese, ruwdonkere stem van deze gevoelige singer songwriter. Uptempo gaat het in “Get To The Table On Time” met losjes uit de pols geschudde rock ‘n’ roll. Knap! De twee boezemvrienden Conor en Matt vinden elkaar voor een kort maar krachtig “Poor Boy, Minor Key” en het wondermooie “Lullaby + Exile” dat ze folkgewijs samen tokkelen terwijl Conor de tweede strofe mag zingen. M. Ward gaat nu toch voor het eerst solo op akoestische gitaar met een invoelend “ Sad, Sad Song” en een uitgepuurde versie van “Girl From Conejo Valley” de enige song uit het recente ‘More Rain’(2016). Het is vervolgens genieten van Ward’s fingerpickend gitaarspel in het relaxte “Outta My Head” in samenspel met een geloopte gitaarpartij en een spannend “Duet for Guitars #3”, een akoestisch hoogstandje al was het maar om te zien hoe Ward er telkens opnieuw in slaagt de melodie nog net bij te benen zonder dat het vals gaat klinken. Een smachtend, dromerig in nostalgie gedrenkt “Chinese Translation” is romantiek en onthaasting in 1 verpakking. De mooie catchy melodie blijft nog minutenlang lo(o)pen als outro maar weg is Ward, klappen helpt niet want hij komt niet meer terug. Een professioneel optreden dat naar meer smaakt na amper 30 minuten met een Ward die er niet al te veel zin in had.

Setlist

1.Poison Cup (Post-War, 2006)
2.Get To The Table On Time (Transfiguration of Vincent, 2003)
3.Poor Boy, Minor Key (Transfiguration of Vincent, 2003)
4.Lullaby + Exile (Transistor Radio, 2005)
5.Sad, Sad Song (Transfiguration of Vincent, 2003)
6.Girl From Conejo Valley (More Rain, 2016)
7.Outta My Head (Transfiguration of Vincent, 2003)
8.Duet for Guitars #3 (Transfiguration of Vincent, 2003)
9.Chinese Translation (Post-War, 2006)

Maar wat volgt maakt veel goed. Een half u vroeger dan aangekondigd komen Conor Oberst en The Felice Brothers op het podium.

We weten niet met welke gemoedstoestand Oberst tegenwoordig op het podium staat na alle heisa van de voorbije jaren (valselijk beschuldigd van verkrachting , mogelijks een cyste op de hersenen, de mentale weerslag met frustraties, pijn en verwarring) feit is dat de 37 jarige oud frontman van Bright Eyes zijn songteksten met een overgave zingt die doet denken aan zijn beste jaren. Geruggesteund door de folk-rock band The Felice Brothers heeft Oberst de juiste backing band gevonden om de poëtische kracht van zijn songs muzikaal te onderlijnen zonder ze te overschaduwen. Op het laatste album ‘Salutations’ met een heropname met band van ‘Ruminations’ aangevuld met 7 nieuwe songs gaat Oberst voluit voor een groepssound met sierlijke arrangementen in tegenstelling tot de uitgebeende sound van ‘Ruminations’. Zeker is dat Conor Oberst met 'Ruminations' vorig jaar één van de meest indringende platen uit zijn carrière afleverde.

Met “Barbary Coast (Later)” kunnen we meteen live kennismaken met de upgedate bandversie. En het moet gezegd de strakke folk-rock sound van viool, bas, drums, gitaar en toetsen/accordeon past Oberst als een goede jas die nog lang kan meegaan. De verschroeiende impact van iemand die de pedalen kwijt is en vervat ligt in zinsneden als “I don't wanna feel stuck, baby/ I just wanna get drunk before noon” en “Cause once all the friends I had/Have used me up and left” die voelbaar is in het origineel klinkt in deze contekst eerder vrijblijvend. Toch blijft het een goede song. Meteen schakelt Oberst al een versnelling hoger voor een losgeslagen ‘Four Winds’, een Bright Eyes klassieker uit het ‘Cassadaga’ album dat voorts geheel drijft op een urgente vioollijn. Oberst houdt zijn bindteksten kort en laat de songs voor zich spreken. “A song about forgiveness” is de inleiding tot “Get-Well-Cards” een song die Oberst zoals de meeste rustig opbouwt met gitaar waarna lagen instrumenten langzaam worden toegevoegd tot een groter wordend geluid. “Till St. Dymphna Kicks Us Out” over een bar in NYC waar je drinkt tot de laatste stamgast de deur wordt gewezen is vergelijkbaar met Cheers van de gelijknamige tv serie, viool en accordeon en een streepje mondharmonica zorgen voor de gemoedelijke barroom sfeer. “Southern State” start met een gebroken stem maar brandt dan in volle hevigheid los met een zwierige gitaarsolo erdoorheen. Oberst is danig op dreef tijdens “Well Whiskey” een country rocker en zingt met overslaande stem terwijl de viool de country toets levert.
Het kon niet uitblijven of Conor’s boezemvriend M. Ward komt terug op het podium. Eerst als vocale steun voor een luchtig “Map of the World”, “a folksong” uit het Monsters of Folk repertoire en dan in duo voor een broederlijk akoestisch “O’Brien/O’Brien’s Nocturne” dat nog dateert uit M. Ward’s 2de soloplaat (End Of Amnesia, 2001). Het zijn de laatste rustpunten voor het heviger werk herneemt.

“Artifact #1” aangekondigd als “a love song” is Oberst ten voeten uit, afwisselend ernstig en speels : “This world is full of missing persons/All of these unsolved mysteries/If someone says they know for certain/They are selling something certainly” naar het dramatische toe met een hecht spelende band waarin Conor op zijn beurt heftig soleert en schreeuwt “I keep looking back for artifacts/To prove that you were here/A sound that has been keeps echoing/It never disappears”, geweldig! De sfeer blijft zinderen in een overtuigend “Salutations”. Conor twijfelt even maar speelt dan toch een emotioneel krachtig “Poison Oak” (Bright Eyes song). Vooraleer de zeer sprekende protestsong “Roosevelt Room” los te laten vuurt Conor een 5 minuten durende scheldtirade af aan het adres van zijn zo verguisde president. Een kwade Conor beantwoordt met een verschroeiend hard rockend “Roosevelt Room”, verlaat het podium en maakt gelijk het V-teken. Minutenlang applaus volgt.

Een lieflijk maar nog altijd gevoelig gezongen “Lua” luidt de bis reeks in. De frele melodie en Oberst gebroken stem, alleen met gitaar spreken voor zich. Daarna komt de band en M. Ward erbij. “A Little Uncanny” over ex-president Ronald Reagan die lachte met de kleine man alsook de rockende afsluiter “Napalm” klinken als felle protestsongs in Bob Dylan’s mondharmonicastijl anno ‘Blonde On Blonde’ (1966) en jagen de intensiteit de hoogte in met een ontketende Oberst die schreeuwt en uithaalt. M. Ward op electrische gitaar en veel viool geven extra kleur. Een sterk einde van een goed Conor Oberst concert en in zijn geheel een boeiende concertavond voor de talrijke muziekliefhebbers.

Setlist
1.Barbary Coast (Later) (Ruminations, 2016/ Salutations, 2017)
2.Four Winds (Bright Eyes song) (EP Four Winds, 2007/ Cassadaga, 2007)
3.Get-Well-Cards (Conor Oberst, 2008)
4.Till St. Dymphna Kicks Us Out (Ruminations, 2016/ Salutations, 2017)
5.Southern State (Bright Eyes song) (Bright Eyes / Britt Daniel: EP Home, Vol. 4, 2004)
6.Well Whiskey (Bright Eyes song) ( EP Lua, 2004)
7.Map of the World (Monsters of Folk cover) (Monsters of Folk, 2009)
8.O’Brien/O’Brien’s Nocturne (M. Ward: End Of Amnesia, 2001)
9.Artifact #1 (Upside-Down Mountain, 2014)
10.Salutations (Salutations, 2017)
11.Poison Oak (Bright Eyes song) (I'm Wide Awake It’s Morning, 2005)
12.Roosevelt Room (Conor Oberst and the Mystic Valley Band song) (Outer South, 2009)
Encore:
13.Lua (Bright Eyes song) (I'm Wide Awake It’s Morning, 2005) (single, 2004)
14.A Little Uncanny (Ruminations, 2016/ Salutations, 2017)
15.Napalm (Salutations, 2017)

Marc Buggenhoudt

Foto's © JiVe

 

 

 

 

 


 

Artiest info
website  
facebook  

OLT, ANTWEROPEN - 14/08/17

 

M. Ward

Conor Oberst