THE BLUES GIANTS @ DE KORENBLOEM, ZINGEM - 05/02/17

‘Een langdurig applaus valt dit kwintet bluesreuzen te beurt. Volkomen terecht… Naar verluidt zijn The Blues Giants maar een kort bestaan beschoren. We zouden het goed vinden dat ze die intentie herroepen: wat zou dit een feest geven op pakweg Peer!’

The Blues Giants hebben hun naam niet gestolen, dat staat wel vast na hun passage in De Korenbloem, zaal in het dorp met de bepaald muzikaal klinkende naam: Zingem. De vzw Bluesnight en zijn sympathieke ploeg vrijwilligers mogen dit zeer geslaagde concert in gouden letters bijschrijven op het intussen al rijk gevulde palmares. Er was een tijd dat je voor ‘supergroepen’ moest opletten omdat die zelden het niveau haalden van de individuele grootheden. Maar die tijd lijkt voorbij. Op enkele dagen tijd vaagden twee bands die bedenkingen weg. Eerst was er HARP4, het samengaan van bluesharpisten Baby Paul, Big Dave, Steven Troch en Steven De bruyn met een uitstekend combo begeleiders in de N9 te Eeklo op zaterdag 28 januari, en acht dagen later waren The Blues Giants aan zet, zondag 5 februari dus. Niet slecht voor een band die eigenlijk nog maar negen concerten gaf (en dat op tien dagen tijd!)

Dat succes komt uiteraard niet zomaar uit de lucht vallen… De vijf ‘blues giants’ kennen mekaar van vroegere bands of zijn vertrouwd met gelegenheidsgroepen. Zo werkte gitarist Mike Zito mee aan het recentste album ‘Big Dog’ van de andere snarenplukker Albert Castiglia (ze zitten beide op hetzelfde Duitse label, het veelgeprezen Ruf Records) Zito kent het klappen van de ‘superzweep’ via Royal Southern Brotherhood dat hij in 2010 oprichtte met Devon Allman en Cyril Neville en in 2014 weer verliet om zich toe te leggen op zijn sololoopbaan, die met ‘Greyhound’ en ‘Make Blues Not War’ hoge toppen scheert. Zito’s concert in de intussen helaas ‘verkavelde’ De Blauwe Wolk in Zottegem, in mei 2010 staat voor eeuwig in onze memorie gegrift als ons beste blanke bluesconcert ooit.

Castiglia kan je, net als Zito, zowat overal tegenkomen in bluesland. Hij speelde met of bij Pinetop Perkins, Eddy Clearwater, Billy Boy Arnold, Melvin Taylor, Ronnie Baker Brooks, Ronnie Earl, Otis Clay, Phil Guy, John Primer en Lurrie Bell, om het bij die te houden. Vooral aan de jaren als sideman van Junior Wells, die hij als zijn ‘godfather’ beschouwt, heeft Castiglia goede herinneringen. Hij bleef hem trouw tot diens dood in 1998. De andere drie kennen mekaar ook al door en door: in 2011 vervoegde zanger Caron Nimoy ‘Sugaray’ Rayford, een boom van een vent met een klok van een stem, The Mannish Boys, waarvan de ritmesectie nog steeds bestaat uit de felle bassist Willie J. Campbell en drummer Jimi Bott. The Mannish Boys zijn al een supergroep op zich. Sugaray’s derde soloalbum ‘Southside’ bevestigt de groeiende reputatie van deze bijna vijftiger, die indruk maakte op Moulin Blues 2014. Bott is een onvervalste drummer’s drummer, speelt als sessieman mee op tientallen platen, en drumde bij de Fabulous Thunderbirds en Rod Piazza & The Mighty Flyers (met deze laatste was Jimi al eens in de Banana Peel in Ruiselede)

Een in dit geval klein minpunt was het geluidsniveau. Deze vijf geweldenaars spelen uiteraard geen kamermuziek en het moet nu eenmaal luid, maar het was op het randje, vooral omdat De Korenbloem van origine geen concertzaal is en niet zo erg veel power kan hebben. Het leverde af en toe een warrige sound op, maar het was, althans wat ons betreft, allemaal nog te harden. Een aantal fans van pure blues hadden moeite met het rockgehalte van sommige songs, vooral in het stuk voor de pauze. In de eerste plaats is dat het speelterrein van Albert Castiglia: telkens hij het voortouw neemt, gaat het een versnelling hoger, tot groot jolijt van de meeste aanwezigen trouwens, want de man beschikt over een ronduit verbazingwekkend technisch kunnen. Net als Mike Zito overigens, maar zijn inbreng was steevast georiënteerd naar meer speelse, soepele klassieke blues, wat een aardig tegengewicht vormde. Eens te meer, wat ons betreft: geen vuiltje aan de lucht, want de power stond het genieten niet in de weg, integendeel.

Vermits de drie frontmannen ook doorwinterde songschrijvers zijn, lag het voor de hand dat ze voor het repertoire van deze toer niet alleen zouden putten in de klassiekers in de blues of de nummers van hun eigen helden en voorbeelden, maar ook eigen werk zouden brengen. Dat zorgde voor een mooi uitgebalanceerde en gevarieerde mix. De registers gaan meteen open in ‘Try To Make A Living’ (Eatmon-Daniel voor Bobby Saxton in 1960, maar vooral bekend gemaakt door Koko Taylor) Zito begint fijntjes de song (de intro’s nam hij wel vaker voor zijn rekening), maar al snel slaat Castiglia toe in een ziedende solo, Rayford vult in met zijn krachtige stem, de ritmesectie pompt, de goesting druipt van het podium. De Texaanse kolos vrijt al snel het publiek op in ‘Rub My Back’ (Albert King) Dat heeft hij nog gedaan, vermoed je, en met succes, want hij windt de aanwezigen vlot rond zijn vinger. Deze uitvoering van ‘Spoonful’ doet auteur Willie Dixon alle eer aan. De dubbele, uitgesproken ‘psychedelische’ interventie van Zito is wellicht een verwijzing naar de periode van Cream, dat ‘Spoonful’ grote bekendheid bezorgde.

‘Woman Don’t Lie’ zet Castiglia helemaal naar zijn hand, maar Rayford zingt zich een glansrol temidden van het dynamiet: ‘Going down tot he real nitty gritty’! In de daaropvolgende shuffle (titel niet genoteerd) is het de beurt aan Zito om te schitteren. Op een bepaald moment gaat Mike vooraan zingen, zonder micro dus, een kunstgreep die het ‘m altijd doet… Een succulente uitgewerkte solo bekroont deze heerlijke brok zuivere blues. In het erg meezingbare ’I Love My Baby So (Everything Is Alright)’ verdeelt Rayford het publiek in drie zangkoren. Vaak lukken zo’n spelletjes niet, maar goedlachse, spontane Sugaray loopt ermee weg. Zo goed dat het publiek gewoon verder blijft zingen. Eén man weet zelfs van geen ophouden, tot groot plezier van band en publiek. ‘The Feeling Is Gone’ (Albert King) en ‘Bricks In My Pillow’ (van Robert Nighthawk, maar in 2012 op ‘Double Dynamite’ van The Mannish Boys gezet) ronden het eerste deel af. Intussen heeft Sugaray de kans gezien in de zaal te duiken en iedereen op zijn ronde een handje te schudden of een wollige hug te geven, een sympathieke manier om de harten te winnen. Alsof dat nog nodig zou zijn.

Het eerste deel was uitstekend, maar het beste moet nog komen. We weten niet wie er jarig was, mogelijk iemand uit het publiek, maar iedereen deed wel mee met het gebruikelijke ‘Happy birthday to you!’. ‘Born Under A Bad Sign’ (Albert King) en ‘Ain’t No Lie’ monden uit bij een gevoelige versie van ‘Same Old Blues’ van Freddie King (1971) Nog een hommage is ‘Messin’ With The Kid’ van Junior Wells waar uiteraard Albert Castiglia zijn schouders onder zet. Deze ultrasnelle versie krijgt opvallend veel applaus. Het tweede deel piekt met de tribuut aan het adres van ‘Butch’ Trucks, de op 24 januari overleden drummer van The Allman Brothers Band. Op hun legendarische ‘At Filmore East’ staat een geweldige versie van ‘Statesboro Blues’ van Blind Willie McTell (1928) In een splijtende climax gaan de twee gitaristen met mekaar in duel. Net als het niet hoger meer kan, volgt zonder overgang ‘Going Down’ van Don Nix (ook te vinden op Colin James’ meest recente ‘Blue Highway’) Het ‘Down… down… down…’ zorgt, ondanks de betekenis van de vaak herhaalde slagzin, voor nieuwe hoogtepunten. Het enthousiasme van het publiek is navenant.

Voordat de bisronde van start gaat, ‘bekent’ Mike Zito dat België het eerste land was waar hij in Europa speelde bij zijn comeback (Zito heeft na een eerste succesrijke periode eind jaren negentig in een diep dal gezeten: hij is er dubbel zo gemotiveerd weer uit gekropen) Er volgt een wat vreemde maar best indrukwekkende ronde ‘Led Zeppelin en Jimi intro’s spelen’ Er volgt geen enkele van die intro’s als song, maar de groep etaleert hier wel een impressionant technisch meesterschap. Er volgen nog festiviteiten met Sugaray Rayford in de hoofdrol, eerst in een expressief gezongen slow blues en dan in een uitgelaten bluesrocker. Een langdurig applaus valt dit kwintet bluesreuzen te beurt. Volkomen terecht… Naar verluidt zijn The Blues Giants maar een kort bestaan beschoren. We zouden het goed vinden dat ze die intentie herroepen: wat zou dit een feest geven op pakweg Peer!


Antoine Légat.

Foto © Karim Hamid

meer foto © Karim Hamid

 


 

Artiest info
website  
facebook  

DE KORENBLOEM, ZINGEM - 05/02/17