BJØRN BERGE @ ABclub, BRUSSEL - 27/01/12 |
|||||||||
|
Bjørn Berge houdt van Brussel en deze liefde is wederzijds. Vanavond stond de stoere Noor weer te popelen om een uitverkochte ABclub te verbazen met zijn razendsnelle en unieke fingerpicking techniek die hij ooit als bezeten bluegrass speler op banjo demonstreerde. Bjørn transponeerde deze clawhammer stijl echter op de potige hals van een akoestische twelve string gitaar en veroverde er gans de wereld mee. Vandaag doet hij er, zoals hij meermaals liet blijken, nog een schepje bovenop, door het publiek regelmatig te bedwelmen met emotioneel geladen songs uit zijn twee laatste cd’s “Fretwork” en “Blackwood”, waar hij laat zien dat hij ook een gedegen singer-songwriter is. Als struise bink, met armen en schouders om menig houthakker te verbleken, die elk optreden aanhaalde dat een gitaar met zes snaren bespelen iets was voor sissy boys en girly man, heeft Berge een imago te verdedigen. Daarom siert het hem des te meer dat hij deze mythe durft te doorbreken en toont dat er in deze gespierde Vikingborst ook een gevoelig hart klopt. Dat hij zelfs de donkerste oerkreten die uit het publiek opstegen deed verstommen in deze trance opwekkende momenten, moet ook voor Berge een geruststellende ervaring zijn geweest. Het was alsof het vrijdag de dertiende was, dermate teisterden de technische mankementen het podium. Eerst blies de dolgekke one man band en Jimi Hendrix lookalike, Lewis Floyd Henry, in een drieste psychedelische bluesbui zijn zelf in elkaar geknutselde “In de valies” versterker op, waarna ook Bjørn Berge niet gespaard bleef van de nodige hardware perikelen. Hoewel alle materiaal van de Noor dubbel gecheckt was vooraleer hij het podium besteeg, kwam er helaas geen noot uit zijn zangmicro toen hij de opener “In & Out”, uit zijn recente Blackwood album aanhief. Fijn is anders, maar we kregen als compensatie een extra sfeervolle en intieme instrumentale twelve string aanloop naar deze opgewekt rockende starter, mooi opgevolgd door “Once Again”, een donker nummer, waar de Noor zelf op zoek is naar vergane zielsrust. De meesterlijke solo’s rollen uit Bjørn’s vingers alsof het kinderspel is, maar de kunst is om dit juist af te meten zodat de verveling geen kans krijgt om toe te slaan. Geen gemakkelijke opgave voor een artiest die weet dat een groot deel van zijn publiek kickt op deze demonstraties van zijn virtuoos gitaarspel. Zo dreigt alles een beetje te technisch te worden en schop je de ziel uit een nummer. Het is een beetje als spurten met de handrem op en Berge verdwaalt zich gelukkig maar één keer in te uitgesponnen gesolleer tijdens het nochtans beklemmend vol echo en op vibrerende slide gestart “See That My Grave Is Kept Clean” van Blind Lemmon Jefferson, dat echter zijn draad vol droefheid verliest in donderende percussieve passages en andere effectomzwervingen. Dat hij ons ook anders moeiteloos bij de les kan houden, bewijst hij in de schitterende les in peace, love and understanding , tijdens het van Joni Mitchell geleende “Woodstock”, dat ons zonder geestverruimende middelen meeneemt op een trancevolle trip vol met weidse echo’s en flageoletten.Zijn stoere imago mag dan volgens hem fucked up zijn, voor ons stijgt Bjørn Berge met zulke nummers nog meer in onze achting. Ook “Going To Brownsville” van John Estes is wat je noemt een klassieker eer aandoen met een lekker klagende, donkere stem en een simpel repetitief blueslickje dat mooi uitgebouwd wordt met heerlijk genuanceerd six string slidegitaarspel. Wat dan gezegd van de terugblik naar het Fretwork album in Johnny Moore’s “Driftin’ Blues”, dat zich opwerpt als het meest hypnotische moment van de avond, waar eindeloos ver klinkende gitaarnoten en knarsende snaren ons doen deinen op de golven van de zeven wereldzeeën. Deze droeve nummers zitten Bjørn gegoten als een echte bluesman en vormen de perfecte afwisseling met zijn uptempo meezingers en ambiancemakers. Ook die fans worden tijdens de bijna twee uur durende show uitermate verwend met bekende covers zoals het dreunende “Give It Away” van Rage Against The Machine, het uitzinnige meezingmoment in Black Jezus” van Everlast, of wat gezegd van de mix van “Hocus Pocus” van Focus en het funky “Stringmachine”. Wanneer hij als afsluiter de hoogste kaart trekt met “Ace Of Spades” van Motörhead, heeft Bjørn er duidelijk nog evenveel zin in en schudt hij onvermoeibaar een medley van “Dualing Banjo’s”, een Argentijnse tango en een trillend stukje Indo-Rock uit zijn mouw. We kennen Bjørn Berge al jaren als de ultieme Stringmachine en dat zo voor eeuwig blijven. De sympathieke Noor toonde zich vanavond echter een duizendpoot vol afwisseling, die met een vingerknip overtuigend kan omschakelen tussen grappen en grollen, emotionele geladenheid of voet stampende ambiance. Wat kan een mens nog meer verwachten van een concert? Yvo Zels Meer foto's Bjørn Berge © Yvo Zels
|
||||||||