BLUES PEER - 14/07/18

Zaterdag opende zich op vele punten als een hoogdag. Behalve de Franse nationale feestdag en de laatste WK wedstrijd van de Rode Duivels bood ook Blues Peer een topevenement met een reeksmuzikanten van wereldniveau die in de loop der jaren geschiedenis schreven, al is het dan in hun decennia lange muziekcarrière. Zowel de Ier Van Morrison als de Louisiana bluesman Kenny Neal waren en zijn nog steeds bejubelde vedetten in het bluescircuit, die al in hun jeugd doorbraken en bekendheid verwierven. Om ook Little Steven niet te vergeten met zijn indrukwekkend palmares, die o.m. aan de zijde van Bruce Springsteen meermaals de show stal. Al die artiesten inspireerden zowel de oudere als nieuwe generatie en gaven in de bloedhete tent in Peer op hun eigen manier een geweldige prestatie, omringd door rasmuzikanten die het beste gaven van zichzelf.

Maar vooreerst was er de Nederlandse The Ragtime Rumours band, een groepje muzikanten met eveneens een winnaarsmentaliteit. Recent werden zij nog in Hell, Noorwegen, tot laureaten uitgeroepen tijdens de 8ste editie van de ‘European Blues Challenge’, met als gevolg een zeer drukke touragenda in Europa en daarbuiten. Dat zij het festival op zaterdag openden hield een garantie in dat er reeds om 12 uur ‘s middags volk zou komen opdagen, ondanks de zwoele hitte en de verlokkingen van terrasjesverkoeling. Frontman en gitarist/zanger Tom Janssens bekende weinig geslapen te hebben. Hij dankte daarom voor de energie die hem vanaf het publiek tegemoet stroomde en weer oplaadde, zodat hij van de weeromstuit voluit kon gaan met in de aanvang het aanstekelijke ‘Way To Smart For That’ over ‘Ain’t Nobody’, -met heerlijke honk-tonk piano van Thimo Gijezen-, tot het laatste ludieke ‘Everywhere I Go’ . Het publiek waardeerde hun mix van ragtime, gipsy jazz en swampblues alsmede de spontaneïteit waarmee zij hun songs aaneen regen. Het spelplezier was aanstekelijk in die opwindende stijl die ook Pokey Lafarge en Django Reinhards zo typeert. De vier bandleden, blijkbaar allen multi-instrumentalisten, vonden elkaar enkele jaren terug, nadat zij eerst in andere formaties de smaak te pakken kregen. Het liefst zoeken zij de crazy ritmes op. Drummer Sjaak Korsten speelt nog kazoo en wasbord, terwijl contrabassiste Niki van de Schuren afwisselt met dwarsfluit en saxofoon, zoals o.m. in het mooie ‘Faker’. Met brio slaagden zij erin om met hun groovy muziek de vroegste festivalgangers in de juiste festivalstemming te brengen. Ook de vijf volbloedmuzikanten uit de Belgische Mudvibe band hebben elkaar na wat omzwervingen gevonden al is het dan om ter gelegenheid van Peer Blues een tijdelijke unit te vormen. Uiteraard hebben zij maar te graaien en op te delven uit hun gezamenlijke erfenis, hetzij individueel of groepsgebonden, -’Elmore D’, ‘John Henry Orchestra’, ‘The Electric Kings’, ‘Last Call’, enz-. Maar de drassige modder waarin zij stevig als een vijfvoudige eenheid in geplant stonden was het soort van een samenklontering van groovy Delta blues en aanstekelijke boogie-woogie, incluis met drumroffels en junglebeats. Het bezwerende ‘Commit A Crime’ van Howlin’ Wolf, de boogie ‘Who Do You Love’ of ook nog het hypnotische ‘ Ramblin’, compositie van Luc Alexander, brachten zowel de mood van de Mississippi Hill Country Blues in herinnering als de brandhaarden van spontaan ontstane boogie-woogie buurtfeestjes. Zangers Big Dave, tevens harmonicaspeler, Henk Vandersypt, tevens gitarist, gitarist Luc Alexander en de ritmesectie met RC Stock en Steve Wouters kennen het blueslegaat als de zakken van hun jeansbroek en alsof zij vanaf hun tienertijd in het Antwerpse alle importvinylelpees hebben gekocht en in de  huiskamer gestockeerd. De naam ‘mudvibe’ paste hen als gegoten.

Band Of Friends

Tussendoor maakte gastheer/muzikant Rick De Leeuw zijn rondgang op de festivalweide, bereid om op elke vraag van een fan voor een selfie in te gaan, om daarna tijdig op post de volgende groep aan te kondigen, weliswaar niet Rory Gallagher zelf, maar zijn loyale Band Of Friends met oude bandleden die met hem mee optrokken en hem jaren na zijn dood in 1995 nog graag eer bewijzen met eenhuldebetoon. Bassist Gerry McAvoy en drummer Ted McKenna hebben als ritmesectie jarenlang de Ierse zanger begeleid en met hem getourd. Met gitarist Marcel Scherpenzeel als derde man in het trio, brachten zij een bruisende set die vooral de muziek van de bluesrocker in herinnering wilde brengen. Iemand evenaren die door de muziekbladen gerangschikt wordt bij de beste gitaristen ooit, is een moeilijke klus. De Nederlander Scherpenzeel maakte er echter een respectvolle erezaak van. Dat Gallagher, die in 1977 zijn grote doorbraak beleefde, nog lang niet vergeten is bewijst, behalve de jaarlijkse herdenkingen in zijn geboortestad Ballyshannon’, het feit dat hedendaagse muzikanten hem nog steeds graag coveren. De ‘Band of Friends’ liet echter vooral de gitaarsound en de groove van Rory’s rhythm-and-blues herleven waardoor de frase ‘in the half light, on this mad night, I hear a voice in time’ een symbolische betekenis kreeg. Dat het trio zich daarbij wat vrijheid toestaat met in gedachte ‘A Sense Of Freedom’ kwam de originaliteit ten goede. Het bluesrockende ‘Bullfrog Blues’, destijds een grote hit, kreeg een persoonlijke hectische uitvoering mee. Het publiek was er wild van en ging extatisch mee op in de groove. Met Layla Zoe kreeg je ook powerblues, maar dan een conform een vaatje vol vrouwelijke passie. Alhoewel de Canadese op één van haar talrijke albums de song ‘Backstage Queen’ heeft opgenomen is zij in alle opzichten een ‘Frontstage Queen’ die met haar stem en lange blonde lokken alle aandacht naar zich toetrekt en uiteraard ook met haar temperamentvolle sensuele persoonlijkheid. Het funky ‘Workhorse’, rockblues of een bluesballad gaat haar allemaal even goed af. Tussendoor sprak zij het publiek toe, droeg de lyrische song ‘Sweet Angel’ op aan een overleden vriendin, met nameMarcia, en vertelde over de wreedheden die de Aboriginals vrouwen worden aangedaan. Wel had zij de pech dat er tijdens haar optreden een stelselmatige exodus plaats vond. De grote beeldschermen, waar Belgische voetbalkampioenen met Eden Hazard streden om de troostfinale, stonden immers een eind weegs in het centrum opgesteld. Terwijl zij met heel haar frêle lijf en krachtige stem het jazzy ‘Never Met A Man Like You’ vertolkte, klonk er ergens backstage een gejuich op dat de zegetocht van de Rode Duivels bevestigde. De uittocht was echter maar tijdelijk.

Little Steven

Bij de komst van ‘Little Steven & The Disciples Of Soul’ sloten zich in de festivaltent opnieuw de dichte rijen. Dit ensemble van een twaalftal muzikanten, met drie exotische gratiën als backing zangeressen, luidde het eerste hoogtepunt in van de zaterdagse festivaldag. De sociaal geëngageerde muzikant Steven Van Zandt, tevens acteur en producer, -die o.m. backingzangeres Darlene Love opnieuw in de kijker plaatste door een album van haar te producen-, liet en laat zich niet begrenzen, ook niet in zijn muziek. Met een blazerssectie, toetsenisten en gitaristen, hield hij meer dan een uur lang ‘Lying In A Bed Of Fire’ het publiek in de ban, althans metaforisch gesproken. Je kon horen dat hij jaren lang deel uitmaakte van de band van Bruce Springsteen en eenzelfde explosieve vitaliteit kan genereren. Zijn introteksten stoorden niet en verbraken zelden de energieke drive die zijn ‘Disciples Of Soul’ als het ware naar de hemel of naar de nok van de tent opstuwden. Af en toe trad een van de koperblazers naar voren om in een solomoment zijn virtuositeit te tonen. Ook dat verbrak de magie niet, integendeel. ‘Love On The Wrong Side’, ‘Ride The Night Away’ en het laatste verkillend mooie ‘Out Of The Darkness’ waren slechts enkele van de vele hoogtepunten met als laatste oproep ‘as long as we stick together, we find our way out the darkness’, waarbij de decibels de hoogte ingingen om alsnog elk onwillig hart te kunnen bereiken. Gelukkig dat de programmatoren deze band aan het historisch lijstje toevoegden.

Kenny Neal

De Ier Van Morrison stond al meermaals op het festivalpodium in Peer. Met enige ironie kondigde Rick De Leeuw hem aan als een legende en met de geruststelling dat ditmaal de bar mocht open blijven. In zijn gestreept kostuum straalt de weerbarstige Ier uit Belfast hoe dan ook, behalve gezag, ook soul en blues uit en dit uit al zijn poriën en gans zijn wezen. Wat hij ook mag zingen of met welk instrument hij zich ook mag begeleiden, hetzij met gitaar, bluesharp of met saxofoon, hij blijft begeesteren. Behalve zijn gitarist en bassist had hij ook een toetsenist en violist meegebracht die het klanktapijt verrijkten.Ooit vertelde Van dat hij steeds muzikanten zoekt die zijn songs beter maken, wat hem siert. De achtkoppige band stond bijgevolg als een trouwe garde rond hem vanaf het eerste ‘Baby Please Don’t Go’ waarna Van vooral zijn bekendere songs bracht, het equivalent van een soort ‘best of’. Met zijn unieke stem vertolkte de rebelse zanger, ook nog ‘de moeilijkste man uit de hedendaagse muziek’ genoemd,ditmaal goed geluimd, tijdloze songs als ‘Days Like This’, ‘Brown Eyed Girl’, ‘I Got My Mojo Working’, de slowblues ‘Automobile Blues’ en het soulvolle ‘Bring It On Home To Me’. Blues, jazz of soul,standaards of eigen materiaal, hij hoefde ogenschijnlijk maar lukraak te graaien in zijn geweldig geheugen en gevarieerd liedboek om daarin een van de parels op te diepen die zich jaren geleden of zelfs kortelings in het collectief geheugen nestelden. De excentrieke Ier gunde zich daarbij geen adempauzes. Wat hij ook brengt, slowblues of hippere jazz, het smaakt altijd naar meer. Op het einde vervoegde zich ook Mitch Woods naast hem achter de pianotoetsen, één van zijn vrienden zoals blijkt op Mitch’ gezamenlijke album ‘Friends Along The Way’. Volgend jaar mag Van The Man terugkomen, vervelen doet hij nooit. Als laatste vervoegde bluesman Kenny Neal uit Louisiana zich op het podium samen met zijn broers Frederick en Darnell. Samen groeiden zij op in een kroostrijke muzikale familie waarin vader Raful het muzikale DNA doorgaf aan zijn zonen. Zowat een halve eeuw geleden nam Kenny als tiener de fakkel over om de blues te verspreiden, wat hij deed via een dozijn albums en intensief toeren. Uit zijn laatste album ‘Lifeline’ bracht de aimabele bluesman het gevoelvolle ‘Funny How Time Slips Away’ waarin hij zich bezint over het verglijden van de tijd. Zijn stem heeft aan diepgang en rauwheid gewonnen zodat ook de slowblues ‘You’ve Got To Hurt Before You Heal’ doorleefd en pakkend overkwam. Hierbij leek drummer Bryan Morris de drumvellen te strelen. Het lot heeft Kenny, die tegen ziekte vocht en familie en vrienden zag sterven, in de loop der jaren niet gespaard. Het belette hem echter niet om ook funky blues te spelen volgens de levenslustige en veerkrachtige traditie van New Orleans en bij uitbreiding dus heel Louisiana. Kenny nodigde derhalve het publiek uit om alle stress overboord te gooien en simpelweg van het leven te genieten ‘Let Life Flow’! De festivalgangers, op weg naar huis, logement of camping namen deze boodschap ter harte: ‘don’t need nobody te tell my troubles to, all I Need Is You’ . De nacht is kort en de zondagse festivaldag wacht.

 

Marcie

Foto © Manon Houtackers

meer foto's Manon Houtackers

 

VIDEO 1 - VIDEO 2 - VIDEO 3  

 

VIDEO 1 - VIDEO 2 - VIDEO 3

VIDEO 1 - VIDEO 2 - VIDEO 3 - VIDEO 4 - VIDEO 5 

 

 

Artiest info
website  

facebook

 

PEER - 14/07/18