BLUES PEER - 15/07/18

Diversiteit alom op de festivalweide in Peer, waar bluesfreaks, excentriekelingen, zonnekloppers, voetbalfanaten, senioren, Bourgondiërs, asceten en getatoeëerde sportievelingen zich mengen met ouderparen, verliefde koppeltjes, tienermama’s, danslustigen en artiesten in alle bruintinten. Daartussen ook vieve spruiten op hun jacht naar lege bekertjes, maar ook muzikanten die, zich verschuilend in anonimiteit, toch even het festivalterrein komen verkennen. De grasweide zag er met zijn schroeiplekken enigszins verdord uit, maar verfrissende sprinklers zorgden voor zowel kinder- als grote mensen vermaak. De eetkraampjes geurden, de koffiearoma’s verleidden, de tapkranen beloofden overvloed en de Rode Kruis post waakte. En elders op de weide werd er tijdens de pauzes naar hartenlust gejamd in een compact zijtentje. Alles was in gereedheid gebracht om de zondag tot een geslaagde festivaldag te maken, niet in het minst omwille van de affiche met internationale bluesbands en grote namen.

Als wij op de wekkerradio op een zondagochtend met zicht op een festivaldag een song mochten programmeren dan zou het er wellicht één van Guy Verlinde zijn, hoogstwaarschijnlijk ‘I’ve Been Waiting’ oftewel ‘Roll Your Money Maker’ in de aanloop van een feestelijke dag met het oog op de aanschaf van veel cd’s en verkoelende drankjes. Maar deze song ontleende de Belgische bluesman van Hound Dog Taylor, terwijl hij met de ‘ Mighty Gators’, met wie hij een tienjarig jubileum viert, voor andere songs kiest. Guy Verlinde & The Mighty Gators’frontman en muziekmaten, verleidden het publiek vooreerst om tot vlak vooraan het podium te komen met het gepassioneerde ‘Ain’t No Sunshine’, klassieker van Bill Withers, en nog wat later met het aanstekelijke ‘Soul Jivin’ van Muddy Waters. Recent bracht hij een nieuw album uit, een compilatie met songs die nog niet op plaat uitkwamen of die hij live speelde. Al sinds zijn tienerjaren is Guy Verlinde bezeten van de blues, die hij belijdt in velerlei vormen, zowel live, op plaat als in scholen. Als je hem ‘Powered By The Blues’ hoort vertolken, met doorrookte stem, zich begeleidend met gitaar of bluesharp, dan komt zijn overtuiging over als was hij een Afro-Amerikaanse predikant bij een hoogmis in Haarlem. Bassist en drummer delen zijn passie. Hoogtepunt was het pakkende ‘Sacred Ground’ in herinnering aan zijn vader. In het najaar brengt deze formatie hun afscheidsconcert in de AB in Brussel maar daar zal bluesman Verlinde het niet bij laten. Hetzij als one-man band of met ‘The Houserockers’ hij zal doorgaan. Ooit heeft hij op zijn persoonlijke crossroad met viersprong beslist dat bluesmuziek zijn levenspad blijvend zal markeren.

Albert Lee

Na dit geïnspireerd groepje bracht de zeventig-plusser Albert Lee, befaamde countryboy, die o.m. naast Emmylou Harris, Bill Wyman, Joe Cocker en Chris Farlowe speelde, een andere muziekstijl met eengans eigen dynamiek. De Londenaar groeide op met Britse muziek allerhande maar voegde daar ook Amerikaanse invloeden aan toe. Met zijn gitaarspel kan hij toveren en tot dansen aanzetten, ongeacht detropische temperaturen. Countryrock of boogie rollen van zijn gitaarbody als was hij ermee vergroeid, meegesleurd in de vaart van zijn ‘Runaway Train’. Maar ook wanneer hij zich aan de piano zette leek de veelzijdige Highwayman zich te verliezen in herinneringen zoals bij het weemoedige ‘Till I Gain Control Again’, bekend van Rodney Crowell. Zijn muziekmaten zongen vaak mee en zetten er bij de boogies mee vaart achter. Maar vooral in de melodische songs en bij zijn uitmuntend gitaarspel kon je opvangen waarom deze allround muzikant zo gegeerd is als gastmuzikant hetzij als vast lid van elke countryband op zoek naar verrijking. De daaropvolgende groep ‘The Lachy Doley Group kon geen grotere tegenstelling vormen, waarin de Hammond centraal staat en Australiër Lachy Doley zich met volle energie op de toetsen van zijn Hammond orgel of Whammy Clavinet wierp, hetzij zittend, rechtopstaand of al dansend. Soms leek het alsof hij zichzelf in trance bracht zoals bij ‘Conviction’ of bij het dreigend uitgeschreeuwde ‘The Killer’. Bij ‘Still In Love’ gaf hij de orgelklanken een sacrale toets. Het funky ‘Frankly My Dear I Don't Give a Damn’ ontleende hij aan de slotzin van het boek ‘Gejaagd door de wind’. Ook al was het groepje dat zich rond het podium schaarde niet bijzonder talrijk, toch was het applaus van hun fans het grootst evenals de verkoop naderhand aan de merchandising tafel, waarbij de liefhebbers van Hammond en excentrieke klaviersound, genre souterrain bluesrock, met graagte 20 euro gaven voor elk van de trioalbums. Het trio blijkt een sensatie te zijn op het internet. Zo ook voor het publiek in Peer dat gebiologeerd vol bewondering toekeek hoe het pianoklavier, mits uiteraard deskundig gehanteerd, als een gitaar kan opklinken, schroeien, snijden en doorzinderen.


Ruthie Foster

De legendarische ‘Walter ‘Wolfman’ Washington & The Roadmasters hadden het daarom niet gemakkelijk om met hun meer traditionele funky of jazzy blues uit Louisiana het publiek teenthousiasmeren. Vooreerst is dit boegbeeld van de New Orleans blues het gewoon om vooral ‘s avonds en ‘s nachts in nachtclubs op te treden, zoals nog niet zo lang geleden in Puurs en Wespelaar. Bovendien leek hij te beseffen dat hij voor een publiek speelde bij wie namen als Ernie-K-Doe, Duke Ellington en Allen Toussaint minder indruk maken. Ook de tropische hitte deed zijn werk en ondanks dat saxofonist Tom Fitzpatrick de flappen van de tent speelde -variatie op de pannen van het dak- leek het vuur niet over te slaan. Op zijn kruk gezeten met de gitaar op zijn schoot speelde hij nochtans met overgave tijdloze covers of eigen songs, waarbij de Roadmasters hem soulvol begeleiden of hem in de funky ritmes volgden. Onlangs bracht hij nog het album ‘My Future Is My Past’ uit, opgenomen in New Orleans met Jon Cleary op de toetsen. De titel is veelzeggend want de 74-jarige ‘wolfman’ zal zijn eigensoortige blues nooit ontrouw worden en overal in zijn ziel meedragen waar hij gaat of tourt. Wellicht keek het publiek toen al met spanning uit naar de komst van de TexaanseRuthie Foster’, de eerste vrouwelijke verschijning op de festivaldag, bijgevolg een welkome afwisseling na alle mannelijke bluesmuzikanten en zangers. Al bij het eerste ingezette ‘Brand New Day’, opgedragen aan haar grootmoeder, groeide het applaus en toen zij a capella met haar oproep ‘take me back to the old church’ een gospel aanhief was het even alsof zij het publiek mee in een zondagsmis betrok. De songs van Mississippi John Hurt of Pete Seeger leunden nog aan bij haar folky verleden als singer-songwriter maar bij het intense ‘Grinnin’ In Your Face’ van Son House ontpopte zij zich als een regelrechte blueszangeres die zich oprecht kan inleven in eeuwenoude bluesthema’s. Als veertienjarig zong zij al als solozangeres in een koor, later in een marine-band. In clubs, tijdens cruises of op festivalpodia steeds weer weet Ruthie Foster te ontroeren of te begeesteren. Zowel het soulvolle ‘Singing Te Blues’, het relaxte ‘It Might Not Be Right’ als de ballad ‘The Ghetto’ waren hoogtepunten met Brannen Temple op drums en de Texaan Larry Fucher op bas. Toen zij met ‘Up Above My Head (I Hear Music in the Air)’ het publiek deelachtig maakte in haar levensvreugde kondigde zij daarmee het einde aan, waarna het onverzadigde publiek haar terugriep voor een toegift.

John Hiatt

Boogie-woogie pianist Mitch Woods had de dag voordien al even met Van Morrison meegespeeld maar zondag om acht uur ‘s avonds mocht hij meer dan een uur lang als Mitch Woods & His Rocket 88’s de teugels vieren, waarbij hij het optimisme, de levensmoed en de grooves van New Orleans introduceerde. Hij koos voor covers van Professor Longhair en Fats Domino en samen met saxofonist, de ritmesectie en de knappe gitarist Pete Hopkinson wisselde hij soepel af van jump en jive naar boogie-woogie, swing en rhythm-and-blues, samen te vatten onder de noemer Gumbo of Big Easy Blues. Het swingende ‘Down Boy Down’ en de pianoboogie ‘Solid Gold Cadillac’ lokten het volk als een magneet. Mitch Woods groeide op in Brooklyn en heeft zowel jazz als klassieke muziek gestudeerd, maar met zijn Rocket 88’s gaat zijn liefde eveneens uit naar de jaren ‘40-’50 old time blues en jump van vorige eeuw, waar voortrekkers als Louis Jourdan en Smiley Lewis blijvend indruk op hem maakten. De ‘Friends Along The Way’, ook titel van zijn laatste album, beperken zich al lang niet tot Ruthie Foster en Kenny Neal en zijn intussen niet meer te tellen, waaronder John Lee Hooker, James Cotton, Pinetop Perkins en Taj Mahal. Als Mitch Woods, Keeper of the Flame, liet hij niet na om tussendoor ook herinneringen op te halen of met het ludieke ‘Crawfish’ het publiek over te halen om mee te scanderen. En ook toen hij zijn terugtocht aankondigde met ‘Walking To New Orleans’ zong het publiek uitbundig mee. En toen was het tijd voor de afsluiter John Hiatt & The Goners met Sonny Landreth als extra gitarist, de schepper van onsterfelijke songs als ‘Have a Little Faith In Me’ , ‘Cry Love’, ‘Georgia Ray’ en ‘Lipstick Sunset’, maar ook deze van recentere datum zoals ‘Same Old Man’, ‘Ride My Pony’, ‘Winter Blues’ en het bloedmooie ‘Crossing Muddy Waters’. Jim Dickinson producete zijn ‘Master Of Disaster’, vele andere producete hij zelf. Met ‘Slow Turning’ haakte John Hiatt aan bij het verleden en met de ‘Tiki Bar Is Open’ zweepte hij het publiek op, waarmee hij de slaperige of vermoeide muziekfans nog een late boost gaf. Magiër Sony Landreth hypnotiseerde meer dan eens met zijn slidetechniek op gitaar zodat je opging in de magische groove, bezwerende nachtelijke voodoo voor het slapen gaan. De plaat ‘Bring The Family’ dateert inmiddels van 1987 en ‘Slow Turning’ van 1988. Nu dertig jaar later stond deze legendarische singer-songwriter, ook in New Orleans een gevierde held, op een Limburgs podium, in een festivaltent waar bij benadering 20.000 bluesliefhebbers waren gepasseerd. Songs alsGeorgia Ray’, ‘Drive South’ en ‘Ridin’ With The King’ maakten duidelijk waarom deze singer-songwriter tien jaar geleden al een ster kreeg in de ‘Music City Walk of Fame’ in Nashville. Deze 34ste editie kreeg aldus wederom een memorabel slotakkoord dat zich lang in de herinnering zal nestelen., met tevens dank aan de organisatie en alle vrijwilligers. Een jubileum volgend jaar wenkt.

Marcie

Foto © Manon Houtackers

meer foto's Manon Houtackers

 

 

VIDEO 1 - VIDEO 2 - VIDEO 3  

 

VIDEO 1 - VIDEO 2 - VIDEO 3

 

VIDEO 1 - VIDEO 2 - VIDEO 3

VIDEO 1 - VIDEO 2 - VIDEO 3  

VIDEO 1 - VIDEO 2  

VIDEO 1 - VIDEO 2 - VIDEO 3

Artiest info
website  

facebook

 

PEER - 15/07/18