CALEXICO @ OLT RIVIERENHOF, DEURNE – 01/07/18

Met wat verbeelding kon je zondagavond in het Rivierenhof zowel de woestijnhitte vanuit het stadje Tucson als een verkoelend briesje voelen overwaaien, stad in Arizona waar het ‘Calexico’ kerngroepje oorspronkelijk vandaan komt. De kring van bomen creëerden een oase van rust. Zanger Joey Burns loofde regelmatig de locatie en het familiale karakter van het luisterbereid publiek, die elke aanhef van hun bekendste hits met applaus begroette. De zwoele ritmes, de instrumentale rijkdom, het lichtspel en het enthousiasme van alle bandleden werkten aanstekelijk op het zowel zittend als staand publiek dat heupwiegend meedanste op de klanken van drum, marimba, accordeon, contrabas, Tex Mex en cumbia ritmes of de groove van mariachi koperblazers, waarbij de trompettisten telkens voor nog meer feestelijkheid zorgden.


De tijden dat zanger/gitarist Joey Burns en de veelzijdige drummer John Convertino nog deel uitmaakten van het ‘Giant Sand’ collectief uit Los Angeles ligt inmiddels ver achter hen. Als voortrekkers van de indie-rockband ‘Calexico’ zijn zij inmiddels een begrip omwille van hun aparte sound die refereert naar Tucson in Arizona en het grensgebied met Mexico op grond van de Latin ritmes en de combinatie van feestelijke Mariachi trompettisten vermengd met ‘desert noir’ melancholie. In het voorjaar brachten zij hun negende album ‘The Thread That Keeps Us’ uit, de soundtrack albums niet meegerekend, van waaruit zij zondagavond een ruime selectie brachten. Joey Burns zei ooit in een interview dat hun motto is ‘het juk van de schouders gooien en op je intuïtie meevaren’, de meanderende uitgezette lijn ook tijdens hun concert. Zij appelleerden op het publiek met hun vitalistische muziek, maar vermengden daarnaast ook rebellie, protest, passie, poëzie, wat saudade en mededogen in hun songs, zoals o.m. bij ‘Voices In The Field’ waarin de zanger zijn sympathie betuigde voor de deelnemers aan de recente protestmarsen tegen het beleid van een president die lak heeft aan universele rechten en kinderen van hun ouders scheidt. Joey Burns vroeg het publiek daarbij om allen even recht te staan als een soort spiritueel gedeeld statement, waar iedereen uiteraard op inging.

Nadat de Spaanse gitarist Jairo Zavala, onder zijn alias Depedro, het publiek reeds in stemming had gebracht nam het zevenkoppig collectief ‘Calexico’ het van hem over, met inbegrip van Jairo zelf. Zij openden met het poëtische ‘Town & Miss Lorraine’ uit hun recente langspeler ‘The Thread That Keeps Us’. Bij het sombere ‘Under The Wheels’ met Latin ritmes tekenden zich lichtsterren af tegen het decor. Bij het tijdloze ‘Across The Wire’ , met mooie intro van beide trompettisten, versprongen de bandleden naar een eerste succesnummer waarbij gitaristen, blazers en accordeonist de zo bekende Mexicaans/Texaanse woestijnrocksound van Calexico genereerden, nadien nog gevolgd door hun hit ‘Cumbia De Donde’. Maar daarvóór werd je nog ingekapseld door het broeierige ‘Dead In The Water’, met zware onheilspellende drum van John Convertino, hetzij aangezogen door het begeesterende zwoele ‘Stray’ met een magistraal solerende contrabassist. Het verschroeiende mooie intrieste ‘Thrown To The Wild’, dat voor de zanger veel betekende, kroop onder de huid, waarbij alle instrumenten en de strijkstok leken te delen in de jammerklacht ‘in an instant it could all go away’.

En toen waren zij nog maar halverwege en wachtten nog andere hoogtepunten. De ongeëvenaarde muziek van Calexico nodigt steeds uit tot superlatieven en is als een onderdompeling in hun her en der geabsorbeerde fusiemuziek. Muzikaal sluiten zij zowel aan bij de culturen van Noord- en Zuid-Amerika, Cuba en Jamaica als bij de fado van Portugal, de jazzgitaar van Spanje en de Texas blues van Lightnin’ Hopkins. Het ‘Nao Queiras’ van Raul Marques met bouzouki begeleiding was een buitenbeentje evenals het onnoemlijk trieste ‘Unconditional Waltz’, dat wat weg heeft van een korte ceremoniële taptoecompositie. Ook dat paste in de feeërieke sfeer van de groepsmuziek die behalve bij multiculturaliteit ook zweert bij solidariteit, humaniteit, lyriek en poëzie, ‘pushed by the wind, fed by the need for moving on...’ Het dromerige poëtische ‘Sunken Waltz’ contrasteerde alzo met het heftig rockende ‘Bridge To Nowhere’ of het gepassioneerde ‘Minas De Cobre’, waarin de koperen jubelklanken van Martins trompet en het handgeklap opzweepten, gevolgd door het exotische ‘Flores Y Tamales’ uit hun laatste langspeler, waarbij Zavala de zang op zich nam. Ook het ingetogen ‘Music Box’ charmeerde.

En toen moesten hun grootste hits ‘Splitter’, ‘Alone Again Or’ en ‘Christal Frontier’, met wederom mariachi trompetten, nog losbarsten waarbij de gloed van het vuurrode lichtspel zich over alle hoofden heen in het duistere halfrond verspreidde. In de toegift nodigde de aimabele Joey Burns de aldaar aanwezige violiste Nele Paelinck uit om bij het gevoelvolle ’Fortune Teller’ op viool te komen meespelen om dan uiteindelijk met ‘Güero Canelone’ te eindigen, een gedeelde feestroes, deinend op uitbundige Mexicaanse muziek en collectieve hartstocht als een voorspel op de begroeting van het middernachtelijke uur en de komst van een nieuwe dag. Ook nu weer zorgden de contrabasritmes voor een climax evenals het aanstekelijke samenspel. Met hun gezamenlijke groet tot drie maal toe bewees het septet hun respect voor het publiek en alle fans die hen al die jaren bleven steunen. De dank van het publiek vertaalde zich in een staande ovatie en een rush naar de merchandising stand, waar Calexico’s rijke productie aan platen en albums lag uitgestald, die alreeds twee decennia omspannen.

‘… here is a little gift from me to you,
a place to store your dreams
and your secrets too…’

Marcie

Foto's en fotoalbum © Yvo Zels

 

 

 

 

 

 

 


 

Artiest info
website  
facebook  

OLT RIVIERENHOF, ANTWERPEN