CHICK COREA’S FREEDOM BAND @ GENT JAZZ 09/07/10 |
||||||||||
|
|
English version below Op dit moment zullen velen al wel gehoord hebben over het 25 minuten durende “Sex Machine/Roy Haynes” bisnummer dat startte rond kwart over middernacht en je verstand te boven ging. Dit was het vervolg op het optreden van de Freedom Band, op zich al overweldigend, op het Jazz festival in Gent. Voornamelijk ingeleid door de jongeren uit de groep, bassist Christian Mc Bride en saxofonist Kenny Garrett en verder aangevuurd door een enthousiaste en swingende menigte en de slogan “let’s get this party started”, terwijl een horde scandeerde “Roy Haynes!/Roy Haynes!”, beleefde men hier de climax van een wederzijdse-bewonderings-gezelschaps-liefdesfeest waaraan muzikanten van vorige optredens deelnamen en anderen in afwachting van hun optreden voor de dag nadien. In dat halfuur stonden ze op een bepaald moment allemaal op het podium met elkaars instrumenten en hadden de tijd van hun leven. Spijtig als je het gemist hebt! Chick Corea’s trefwoord voor
deze band is “vrijheid van expressie”. Wat een gedroomde kans voor deze
goede vrienden hier om zich samen uit te drukken! Ik moest er voortdurend
aan denken dat deze ervaring op mij helemaal niet de indruk maakte van
“werk” of “opdracht”, maar meer leek op die van vier mensen die hun
lol niet op konden. Maar we zouden al moeten weten dat het werk van
de besten er uitziet als spel. Vrijheid van expressie is zoveel gemakkelijker als je speelt met mensen met wie je al vaak samengewerkt hebt. Die avond was er op het podium geen zweem van ego te bespeuren, de vier lieten elkaar genoeg ruimte, vulden elkaar onberispelijk aan en deden de avond voorbijvliegen hoewel ze na 90 minuten optreden enkel vijf nummers afgewerkt hadden. De band swingde, rockte, brulde en kirde, altijd samen, altijd in het spoor. Christian McBride demonstreerde zijn koele, ruwe bas die soms vertraagde tot wandelpas. Corea speelde met de virtuositeit die we kennen en waar we van houden en deed de piano kabbelen als een beekje. Intensiteit en galop contrasteerden met een interpretatie die aan een ballade deed denken – “Well Be Together Again” (mijn favoriete nummer, zegt de zangeres die ik ben) waarvan de tonen uit Kenny’s altsaxo mij deden smelten in mijn zitje op de eerste rij (of kwam het door de hitte?). Het “klapstuk” voor mij kwam uiteindelijk toen ik Roy Haynes in levenden lijve op het podium zag en hoorde dat zijn kracht en energie nog in niets verminderd waren sinds zijn bijdrage aan, bijvoorbeeld, mijn favoriete Sarah Vaughn album van meer dan een halve eeuw geleden. Houtsplinters vlogen van zijn stokken en de jongere drummers die er later bijkwamen om met het bisnummer mee te doen, onder wie zijn kleinzoon Marcus Gilmore, konden in de verste verte niet aan hem tippen. Er is echter hoop voor hen: blijkbaar worden de besten in jazz nog beter met de jaren. Nooit heb ik een 69-jarige gezien die er jonger uitzag dan meneer Corea en ik had ook nooit kunnen denken dat 85 zo sexy kon zijn als meneer Haynes. Het was al bijna middernacht toen de uitzinnige menigte smeekte om nog meer en beloond werd met een relaxed en perfect bisnummer. Het deed hen opnieuw roepen om meer en wat er toen gebeurde zal niemand van de aanwezigen ooit vergeten (zie eerste alinea). De party begon! The Freedom Band: Chick Corea
(piano), Kenny Garrett (altsax), Christian McBride (bas), Roy Haynes
(drums) Faith Gibson Vertaling: Monique Deryckere ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- By now, word will have gotten around about the mind-boggling, 25-minute “Sex Machine/Roy Haynes” encore that began around quarter past midnight following the Freedom Band’s already overwhelming set at the Ghent Jazz Festival. Initiated mainly by the youngsters of the group, bassist Christian McBride and saxophonist Kenny Garrett, and egged on by an enthused and moving crowd and the cry “Let’s get this party started” and a horde chanting “Roy Haynes! Roy Haynes!” it was merely the culmination of a mutual-admiration-society-love-fest that had musicians from earlier sets and musicians awaiting their gigs the next day all on stage at some point during that half hour sharing instruments and having the time of their lives. Pity if you missed it! Chick Corea’s catchword for this band is “freedom of expression,” and what an opportunity it was for these good friends to get together and express themselves. It went through my head many times that what I was experiencing did not look anything like “work” or “a job,” but more like four men having one hell of a good time. Yet, we all should know by now that the best make work look like play. Freedom of expression is all the easier, though, if you’re playing with people you’ve worked with many times. There was not one sign of ego on stage that night, the four graciously left one another space, complemented one another impeccably and made the evening fly by, although by the end of the 90 minute set they had gone through only five tunes. The band swung, rocked, roared and cooed, always together, always on track. Christian McBride demonstrated his cool, rough bass that occasionally slowed to a walk. Corea played with the virtuosity we know and love and made the piano ripple like a brook. Intensity and galloping speed contrasted with an almost ballad-like interpretation of “We’ll Be Together Again” (my favorite number of the set, singer that I am) with the tones emerging from Kenny Garrett’s alto saxophone making me melt in my front row seat (or was that the heat?). The “big thing” for me was to finally see Roy Haynes live on stage and hear that his energy and power hadn’t diminished in the slightest since his collaboration, for example, on my favorite Sarah Vaughn album from over half a century ago. Wood chips were flying from his sticks and the younger drummers who came on stage later to join the encore, including his grandson Marcus Gilmore, could not really hold a candle to him. There’s hope for them, though: in jazz, obviously, the best get better with age. I’ve never seen a younger looking 69-year-old than Mr. Corea and had no idea 85 could be as sexy as Mr. Haynes. It was nearly midnight when the mad crowd begged for more and was rewarded with a relaxed and perfect blues encore. It had them shouting for even more and what happened next will never be forgotten by anyone who was there (see first paragraph). The party started! The Freedom Band: Chick Corea (piano), Kenny Garrett (Alto Saxophone), Christian McBride (bass), Roy Haynes (drums) Faith Gibson
|
|||||||||