TOOTS THIELEMANS `SPECIAL PROJECT` @ GENT JAZZ 10/07/10

 

Artiest info
Website  
10/07/10
 

 

 

 

 

Jean Baptiste Frédéric Isidor (Toots) baron Thielemans (Brussel, 29 april 1922) is uniek. Gitarist, mondharmonicaspeler, fluiter, accordeonist, ket, optimist, realist, filosoof, icoon, jazzlegende, componist, sfeerschepper. De onverwoestbare, die van de mondharmonica een volwaardig solo-instrument maakte, die België als klein (jazz)landje op de wereldkaart zette door met alle Groten der Aarde bescheiden maar nadrukkelijke te concerteren en op te nemen. Met Bobbejaan Schoepen in 1951, maar het grote werk begint daarna in de USA met Charlie Parker en George Shearing, en later met Miles Davis, Benny Goodman, Ella Fitzgerald, Bill Evans, Quincy Jones. De tune van ‘Midnight Cowboy’ (1969) en vooral zijn ‘Bluesette’ (1962), zijn social-security number zoals hij het zelf noemt, behoren tot het collectief geheugen. Eergisteren sloot hij nog het Best of Belgium concert af in mooi tennisgezelschap in Brussel, vandaag concerteert hij in de Bijloke, en op 14 augustus zien we hem terug op Jazz Middelheim.

Voor dit ‘special project’ brengt hij geen onbekenden mee. Met pianist Kenny Werner deelt hij al een jaar of 15 podium en studio. Hij is een angstaanjagend virtuoze pianist die puntig en hard kan swingen, maar ook de heerlijkste melodieën uit het klavier haalt. Hij was de pianist van het Mel Lewis Orchestra en de Vanguard Jazz Orchestra, toerde intens met Archie Shepp. In New York heeft hij een kwintet met musici als Randy Brecker, David Sanchez, John Patitucci en Antonio Sanchez. Door hun jarenlange samenwerking en hun hechte vriendschapsband, is een concert met Toots Thielemans en Kenny Werner steeds een uiterst natuurlijke ode aan 'de muziek'. Met Oscar Castor-Neves erbij zal de liefde voor de Braziliaanse muziek hoog opflakkeren. De 70-jarige Braziliaanse gitarist, arrangeur en componist Oscar Castro-Neves was erbij toen enkel jonge musici zoals Antonio Carlos Jobim en Joao Gilberto in Rio de bossa nova creëerden. In 1962 gaf hij al een bossa nova concert in Carnegie Hall in New York, hij toerde met Stan Getz en werkte vele jaren met Sergio Mendes en zijn Brazil’ 66. Hij werkte ook in Los Angeles als producer en filmcomponist, en speelde met uiteenlopende musici zoals Yo Yo Ma, Barbra Streisand, Stevie Wonder, Michael Jackson, Herbie Hancock, of Harry Belafonte. Als gitarist is hij een verfijnd stilist.

Als Toots, begeleid door Kenny Werner, het podium betreedt, is het applaus in de volgelopen tent dan meer dan warm. Wanneer hij ’How High the Moon’ inzet, wordt het helemaal stil. Alleen de wonderbaarlijke sound van zijn harmonica klinkt dan door de Bijloke. Een paar eenvoudige akkoorden erbij op de piano, en als Oscar Castro-Neves daar wat lijntjes onder trekt krijgt dit meteen een bossa nova tintje. Het is een zwoele avond, en de muziek past daar wonderwel bij. De klassieker wordt meteen afgewisseld ‘Felicia and Bianca’. Een compositie van Castro-Neves over zijn beide dochters, en terug te vinden op ‘More than Yesterday (1991).

Maar het publiek verwacht toch van Toots vooral zeer herkenbare jazzstandards, en dat krijgt het ook. ‘The Days of Wine and Roses’ is er zo eentje en Kenny Werner laat hier al zien dat met het ‘Special Project’ van Toots drie maestro’s op het podium staan, en niet zomaar een begeleidingsgroepje.

Dan kondigt Toots zijn Gershwin moment aan: ‘I love you Porgy’ is een intimistisch samenspel met Kenny, waarbij deze orkestrale klanken tovert uit het keyboard dat op zijn vleugel ligt. Het publiek is muisstil en luistert aandachtig. De voetjes gaan terug bewegen als Castro-Neves een bijzonder jazzy versie van ‘Summertime’ inzet. Zwoel genieten.

Het trio gaat op dat elan verder met traag swingende nummers met veel improvisatie, waarin girls from Ipanema en ander pink panthers verloren lopen tussen piano en keyboards. Maar dan even rust. Toots heeft ondertussen niet alleen veel watertjes doorzwommen, hij er ook al wat gedronken. Het is warm, en de handdoek naast hem bewijst geregeld goede diensten. Tijd om het publiek nog even te vertellen dat hij nog maar 88 is (én een half, hé mensen) en dat hij wat Sinatra ‘gaat doen’. Het applaus is warm en oprecht, dat hoor je.

‘All the Way’ en My Way’ passeren de revue, en Kenny laat daar speels wat andere akkoordjes tussen glippen, waarin we ‘Something Stupid’ en ‘Strangers in the Night’ herkennen.
Toots kondigt dan Oscar Castro Neves aan als de Freddy Green from Brazil. Freddy Green is de legendarische ritmische gitarist die vooral in de big band van Count Basie furore maakte. Bij zo’n introductie hoort een aangepast nummer, en dat is ‘Chega de Saudade’ van Antonia Carlos Jobim.

Als Castro Neves daarna de microfoon naar zich toegeschoven krijgt zingt hij Jobim’s ‘The Waters’ of March’. Je zou het een rapnummer avant la lettre kunnen noemen en het past bij de Braziliaanse sfeer die in de tent heerst. Dat Oscar geen groot zangtalent is deert niet, de manier waarop hij het brengt, virtuoos ondersteund door niet echt alledaagse akkoorden, brengt het publiek toch op het puntje van de stoel. Helemaal muisstil wordt het wanneer Toots op zijn onnavolgbare manier rond het thema van 'Smile' zweeft. De titel, en het besef dat deze parel van Charlie Chaplin afkomstig is, breng een gevoel van collectief geluk in de Bijloke. Dit is top, Toots!

Een plagerijtje kan er ook af wanneer Toots grinnikend zijn duim naar beneden doet als hij zijn Braziliaanse vriend en gitarist interpelleert over de prestaties van de balgoochelaars uit zijn thuisland. 'Futbol' klinkt zuiders en vinnig. Hij maakt ons ook deelgenoot van zijn jarenlange samenwerking met Bill Evans, waarvan hij een aantal nummers brengt, waaronder ' Time Remembered'.

Hij sluit af met een mix van oude jazzstandards, waarbij Kenny Werner nog eens de improvisatietoer op kan en het thema van 'Autum Leaves' herkenbaar is. Duidelijk ontroerd en met de hand op het hart neemt Toots een minutenlange staande ovatie in ontvangst.

Dat vraagt om een mooi bisnummer, en wat is op een zo'n zwoele zomerdag dan het meest geschikt om iedereen gelukkig naar huis te sturen? 'What a Wonderful World' van Louis Armstrong, met een o zo sensitieve Casto-Neves in een gitaarintermezzo, Kenny Werner zachtjes op het keyboard, en Toots die toch weer de show steelt met zijn indringende en in de ziel rakende geluid van dat wonderbaarlijke instrument dat mondharmonica heet. We love you Toots, en we hopen allemaal dat je ons nog vele jaren met je muziek mag beroeren.

Toots Thielemans (mondharmonica), Kenny Werner (piano), Oscar Castro-Neves (gitaar)

JiVe

Foto© Jos L. Knaepen