KAREN VANHULLE EN VERMILLION HOUSE @ ARSCENE, HANSBEKE - 12/03/16

 

‘Van Karen Vanhulle wisten we het al, maar we konden niet anders dan concluderen dat Vermillion House een ontdekking is en dat Mathilde Smessaert een podiumbeest is zoals we die in ons land maar al te zelden tegenkomen’ 

Na een reeks succesvolle activiteiten (Sacri Cuori, Martyn Joseph, Derek) nam Arscene enigszins gas terug met twee erg beloftevolle jonge acts, als eerste luik van het verjaardagsweekend. Arscene in Hansbeke (Nevele) mocht immers zes kaarsjes uitblazen en deed dat, behalve met dit concert, nog met kinderyoga en mandala-dans onder de noemer van  ‘1 Meter Sessies’, gericht op kinderen van de lagere school. Om maar te zeggen: Arscene is meer dan muziek. En binnen de muziek, hebben niet enkel gevestigde namen een plek op het podium. Meer nog: ze vormen een minderheid, want Arscene zet vooral in op onontgonnen talent. Zo was er verleden jaar een showcase, ‘Lokale Helden’ (30 april) met jonge, beloftevolle musici uit de hele regio. Het aanbod was zeer verscheiden, van klassiek tot harde rock, en leverde een aantal opvallende nieuwe namen op.

Vooral de op dat ogenblik negentienjarige Karen Vanhulle, zangeres-pianiste uit Zedelgem (West-Vlaanderen) maar in Gents studerend, maakte indruk met fraai gedraaide eigen songs en een klare, soepele stem en een expressieve zang. Een grote troef blijkt haar uitstekende pianistische techniek. Ze studeerde aan het conservatorium van Brugge en ze vindt het zelf haar sterkste punt. Ze wist in elk geval de aanwezigen te overtuigen van haar potentieel. Een onbekende was ze niet helemaal: ze bracht enkele jaren terug al het duet ‘Girl From The City’ uit met de Brugse band Lemon. Ze gooide hoge ogen op de internationale Jeugd & Muziek wedstrijd ‘Imagine’. Na ‘Lokale Helden’ stond ze niet stil, in het besef dat verbeteren alleen kan via veel optredens, echter niet vanzelfsprekend voor iemand die nog volop in de studies zit. Ze dankt haar rol van support aan de release van de EP ‘Second Skin’ met vier Engelstalige liederen, één Franstalig en eentje zonder woorden, alle zes eigen werk.

Op het instrumentale ‘His Name Was Youssef’ (een ode aan de geniale ethno jazz oudspeler Dhafer Youssef) speelde ze die allemaal, die zaterdagavond 12 maart. En ze bracht nog meer… In deze setting, met alle aandacht gericht op het stemmig verlichte podium, komen de songs van het meisje met keyboards helemaal tot hun recht. Zelf heeft ze lof voor de gewijde stilte waarmee de aanwezigen haar werk, beslist nog geen vertrouwde materie, aanhoren. Maar het is niet zozeer het goed ‘afgerichte’ publiek dat zorgt voor de juiste sfeer, het zijn de liederen en uiteraard de fraaie uitvoering ervan, want sinds vorige maal is ze als uitvoerende artieste nog vooruit gegaan. Zozeer dat we er niet aan twijfelen dat haar een gouden toekomst wacht als uitvoerend artieste. Namen als Regina Spektor en Tori Amos, maar ook Carole ‘Queen of the female songwriters’ King, Vienna Teng, Fiona Apple, Sara Beth Bareilles, Jennifer Terran, Rachel Sage en anderen doemen dan voor je op. Gelukkig beseft Karen terdege welke weg ze nog af te leggen heeft voor ze in de buurt komt van die namen.

Dat de songs haar huidige leefwereld reflecteren is maar normaal. Dat ze put uit eigen ervaring is precies zoals het moet (niet alle jonge songsmeden beseffen dit, met het resultaat dat wat ze schrijven als fake overkomt) Wat ze tot op heden bijeen schreef, is al van kwaliteit, al heeft ze een, overigens gezond, wantrouwen in het eindresultaat, beseft ze dat songs somtijds nog onderhevig zijn aan veranderingen en verbetering, naargelang ze beter beseft wat ze precies wil vertellen. De kwaliteit van haar songschrijven zal automatisch verhogen naarmate ze rijpt als persoon. Mar dat zijn zorgen voor later: in Arscene speelt ze alle bedenkingen vakkundig weg met een kwartet fijne uitvoeringen: het titelnummer ‘Second Skin’, ‘Y.O.U.’, ‘Big Lady’ (’big’ moeten we hier overdrachtelijk begrijpen, zegt ze voor alle duidelijkheid bij) en ‘Downtown’ passeren de revue.

Ze speelt niet zo vaak andermans werk tijdens concerten, maar met nummer vijf is het toch zo ver. De term ‘cover’ vindt ze, net als wij, een beetje oneerbiedig, want deze ‘iemand anders’ is zowaar Joni Mitchell, en zo iemand ‘cover’ je niet. We zijn niet verrast door de keuze: ‘A Case Of You’ is een door ontelbare topzangeressen uitgevoerd liefdeslied uit het briljante, zeg maar de mijlpaal ‘Blue’ van de Canadese. De uitvoering daarentegen verrast wel, of beter: ze pàkt. Ze zet het lied naar haar hand. Je gelooft haar vertelling. Zo heeft dit publiek dat ook begrepen: ze krijgt er een lang applaus voor. ‘Game Over’, dat heeft ze de eerste maal hier gespeeld, tijdens het al vermelde ‘Lokale Helden’ op 30 april 2015. Ze vertelt dat ze hem helemaal omgebouwd heeft en dat ie misschien nog altijd niet af is, en daar is dus niks mis mee. Het was pas erg geweest als ze er niets aan zou durven veranderen. De inhoud is gelijk gebleven: dat een vriendschap door tekort aan contact helemaal kan verwateren.

Ze eindigt met een nieuw lied, en dat is écht wel work in progress: ‘Vorige week geschreven en dit is dus de try-out!’. De voorlopige titel is ‘Honesty Underrated’. Karen stelt dat ze verkiest dat mensen ‘wreed eerlijk’ zijn boven ‘schijnheilig vriendelijk’. Indien je dat doet ben je steevast ‘cruel to be kind’, ‘slaan om te zalven’. Als bis speelt ze het Franse lied van de EP, ‘D’amour et de plaisir’. Het lied charmeert de aanwezigen danig en achteraf wordt ze er meer dan eens over aangesproken. Ze onthult dat dit het allereerste lied was dat ze schreef, ‘om te zien off het ook in het Frans zou kunnen’ en dat ze bijzonder fier is dat ze het ooit in Parijs mocht brengen, dan nog in het legendarische bar-restaurant Les Trois Baudets waar ooit reuzen als Georges Brassens, Boris Vian, Juliette Gréco, Jacques Brel en Serge Gainsbourg optraden! Als het voorteken is…

Vermillion House is heel andere koek, zowat de tegenpool van de eerste act. Wat ons helemaal niet stoort, maar een enkeling heeft het lastig met het volume dat in één klap fors de hoogte in gaat (op een groot podium moet dat overigens nog exponentieel forser overkomen) Duidelijk ladies’ night want de band heeft een frontvrouw en dàt zullen we geweten hebben! Toch is de band helemaal geen klassiek rockgroepje, zoals hun finaleplaatsen in Jonge Wolven (Gentse Feesten) en De Beloften (Gents muziekconcours in samenwerking met muziekclub Democrazy) bewezen. In het Oost-Vlaamse Oost.Best! concours, ook al in 2015, werden ze zowaar runner-up. Het was trouwens de bedoeling dat vanavond de winnaars zouden concerteren, maar Siam moest afzeggen. We kunnen, mogen en willen niet vergelijken, maar Vermillion House nam op schitterende wijze de honneurs waar.

Vermillion House beschrijven is geen sinecure. Het kwartet speelt zonder gitaren, op de elektrische bas na. Drums en keyboards (vanavond hebben die de gitaar verdrongen!) maken het muzikale spectrum vol. Het aanvoelen, de spirit en de drive zijn die van rock, de muziek is veel complexer dan je doorsnee rockband. Opener ‘Tidal’ maakt dat meteen duidelijk: het zet in als een pendant van ‘Sir Duke’ van Stevie Wonder en groeit uit tot een bij jazz aanleunend epos. De drummer legt metronomisch een indrukwekkende reeks ritmische patronen neer, zonder één maal in de buurt te komen van een 4/4. Zoals vele jazzdrummers is Gregory Simons integraal ‘muzikant’ maar hij blijft doorgaans en tegelijk heel dicht bij zijn begeleidende functie. Het is dus méér dan (indrukwekkend!) technisch meesterschap, al betrapten we er ons op meer dan eens aangezogen te zijn door deze show in de show.

Vooraan staat, op blote voeten, zangeres Mathilde Smessaert, hoe je het ook draait of keert (dat zal zij wel doen!), de blikvanger van Vermillion House. Niet alleen omdat ze er patent uitziet, maar vooral omdat ze uitstekend zingt, en niet alleen in een meeslepende rockstijl, behoorlijk fel soms (‘White Song’), maar ze kan ook gevoelig uit de hoek komen (het sterke ‘Hurdle’) en in loop van de set ontpopt ze zich een paar keer tot een jazz zangeres: in een ander hoogtepunt, ‘Contours’, moesten we zelfs denken aan Melanie De Biasio. Als podiumverschijning is ze uniek: erbuiten lijkt Mathilde ons een vrij rustige dame maar op de scène weet ze met haar energie gewoonweg geen blijf. Ze onderstreept de muziek met felle gebaren, ook als dat niet aangewezen lijkt. We vermoeden dat, waar ze over een groot podium beschikt, ze ongetwijfeld niet te houden is. In Arscene moest ze zich nog enigszins inhouden.

 Niet dat het stoort, integendeel, want ze doet het allemaal met een opvallende naturel en ontwapenende charme. Dat kan je ook zeggen van haar commentaren: ze onderstreept de goede ontvangst in Arscene (het wordt echt een traditie… Geen groep slaat het over!) ‘We werden verwelkomd als goden in Frankrijk’. En ‘Angelo’ heeft te maken met ‘de mannen die vanop de bar je staan te bekijken als je danst’. ‘Ik had vanmorgen mijn haar beter niet gewassen’ is de onverwachte ludieke reactie op Mathildes haardos die zich al even rebels gedraagt als zijzelf. Nummers later zou een… haarlint de oplossing brengen. Eén stoorzender in het optreden: het basgeluid valt constant uit. Wat bassist Fabio Brison en geluidsman Wouter Labarque ook proberen, het euvel komt telkens opnieuw opduiken. Het is een uitgesproken geval van de ‘jinx’ want na het optreden blijkt alles plots perfect te werken: men kan de fout niet meer opzettelijk veroorzaken, hoezeer men ook probeert.

Mathilde zit er danig mee in. Iedereen schiet in een lach als ze er verbouwereerd ‘Normaal zijn we professioneel…’ uitflapt, bij deze verkozen tot haar beste uitspraak van de avond. De band hoeft zich echter geen zorgen te maken: aan die professionaliteit twijfelt niemand, want ook toetsenman Niek Braeckman en Gregory Simons zijn uitstekende muzikanten, die laatste als de bekabeling van zijn instrument het wilde doen. Als bis hernam de band overigens een nummer waarin de bas was uitgevallen… Ondanks enkele onderbrekingen gaat de vaart niet uit het optreden, want elk nummer zorgt voor animo. Vele rootsfans zouden het moeilijk kunnen hebben met het ‘tekort aan rechtlijnigheid’ van de songs, maar de minutieuze uitvoering van de vele breaks en wendingen, de complexe ritmes en wisselende klankkleuren horen nu eenmaal bij het jazz karakter.

Er straalt kracht uit van nummers als ‘My Sweet Delusion’ en ‘Angelo’, dat met zijn leuke basloopje inderdaad dansbaar heet te zijn. Op dit moment heeft Vermillion House nog geen plaat. Da’s enerzijds spijtig, want we zouden wat graag beter kennis maken met de songs, maar anderzijds is het goed dat ze niet over één nacht ijs gaan: deze band moet er echt haar tijd voor nemen. Liefst met een producer die hen nog doet groeien. Van Karen Vanhulle wisten we het al, maar we konden niet anders dan concluderen dat Vermillion House een ontdekking is en dat Mathilde Smessaert een podiumbeest is zoals we die in ons land maar al te zelden tegenkomen. U bent alvast verwittigd!  

 Antoine Légat.


 

 

 

Artiest info
website  
facebook  

ARSCENE, HANSBEKE - 12/03/16