DAYNA KURTZ & ROBERT MACHÉ @ Ô WERKENDAM, GENT - 13/03/17

Dayna Kurtz… Er was een tijd dat ze hier op geregelde tijdstippen te horen was… Daar waren we telkens bij. Na 2006 bleef ze wel de lage landen aandoen, maar daar hoorde België dan weer niet meer bij. En de schaarse keren dat er tussen de Nederlandse concertreeks nog een Belgische datum zat, kwam dat, wat ons betreft, niet zo goed uit. Tja, dan hoeft het niet te verwonderen dat we eind 2016 bijzonder enthousiast waren, toen bleek dat ze op 13 maart 2017 in het Gentse zou concerteren.

Ze kwam niet alleen, maar had gitarist Robert Maché mee, een man die ervaring opdeed als lid van The Continental Drifters (supergroep die begon in LA in 1991 en tien jaar later splitte in New Orleans), maar in de loop der jaren werkte met, om maar die te noemen, Klaus Nomi (cd ‘Simple Man’, 1982), de broertjes Mael van The Sparks, en Steve Wynn, stichtend lid van Dream Syndicate en hogelijk geprezen rock singer-songwriter, solo of met eigen bands. Met Wynn zou hij na deze toer trouwens opnieuw de hort op gaan. En samen met een hoop andere toppers neemt hij binnenkort deel aan een groots opgezette hommage aan The Band. Als het even meezit zou hij zelfs met Garth Hudson op één podium staan voor ‘Don’t Do It’, ongetwijfeld het ‘Napels zien en sterven’ van menig musicus. Ondanks die referenties stak Robert zijn torenhoge bewondering voor Dayna Kurtz niet onder stoelen of banken tijdens ons gesprek na het concert in Ô Werkendam in De Muide, buurt in de Haven van Gent. Het kleine jongetje dat zijn klaasgeschenk opent!

Kurtz geniet dan misschien geen grote faam bij een breed publiek, maar ze heeft een benijdenswaardige reputatie als songschrijfster (zoals haar vriendin Norah Jones) en ook als uitvoerder van andermans werk (denk aan ‘Secret Canon Vol. 1 & 2’ waarop ze minder bekende tot schier onbekende, maar desondanks uitstekende songs nieuw leven inblaast) We verkeerden dan ook in de waan dat haar komst een volksverhuizing op de been zou brengen, want ook ons land herbergt de nodige afficionados van het betere singer-songwriten. Er ging bovendien een workshop vooraf aan het concert, waarin Dayna de finesse van het songschrijven uit de doeken zou doen. Zo’n confrontatie met een songwriter’s songwriter moest fungeren als de spreekwoordelijk rode lap op de stier voor een aantal van onze songsmeden, toch?

Niets bleek minder waar: vijf mensen namen aan de workshop deel en ze kwamen, als we dat goed hebben, allen uit Nederland, uit de kring grote fans die haar ginder overal volgen op haar regelmatige concerten ginds. Ook een deel van het publiek kwam uit het noorden, want Gent is niet ver voor de ware fan. Ze speelde zelfs op een (overigens prachtig klinkende) elektrische gitaar die iemand speciaal gekocht had om ze op deze toer te gebruiken, als is de man zelf geen gitarist! Als dat geen bewijs van fanschap is, weten we ’t ook niet. De landgenoten blonken vooral uit in afwezigheid. Je kan niet overal zijn, natuurlijk, maar… Dat brengt ons tot de pijnlijke vaststelling dat onbekend nog steeds onbemind is, dat uit het oog, ook uit het hart betekent en vooral, dat onze media opnieuw schromelijk tekortschieten in de promotie van waardevolle artiesten. Geen wonder dat een organisator twee keer nadenkt voordat hij zulke lieden nog programmeert, zeker in een tijd waarin subsidies wegsmelten als sneeuw voor de zon…

Maar niet getreurd voor de aanwezigen, toch nog een man (M/V) of veertig, want die kregen als vanouds de volle dosis magie van een goed Dayna Kurtz concert voorgeschoteld. Daar hadden we al enige voorkennis van, want kort geleden kwam de liveplaat ‘Here Vol. 1’ uit van het duo. Die was indicatie van wat we konden verwachten, al kwam niet eens de helft van de acht songs vanavond langs. Zo kregen we niet het hilarische ‘I Look Good In Bad’ of ‘Nola’ (ze woont tegenwoordig in NOLA, New Orleans dus; ze komt eigenlijk van New Jersey) Dayna maakt geen formele playlist en speelt wat er op dat moment in haar opkomt… of wat het publiek vraagt. Op die verzoekjes gaat ze gretig in. Wij trouwens ook, want ‘Fred Astaire’ markeerde onze kennismaking met Kurtz’ muziek als opener van ‘Postcards Form Downtown’, nu veertien jaar geleden. Zelden een song gehoord die op niet eens vijf minuutjes zo levensecht en broeierig intens de caleidoscoop aan vaak tegenstrijdige emoties in relaties verzinnebeeldt als ‘Fred Astaire’. Ook nu weer bracht ze die op bloedstollende wijze.

Toch is de humor nooit ver te zoeken tijdens haar optredens: Robert Maché haalde voor ‘Fred’, zoals ze de song zelf noemt, zijn mandoline boven, een blijkbaar moeilijk te stemmen instrument, want ze hadden het tuig affectievol ‘Klootzakje’ gedoopt. De duiding neemt alle twijfel weg. Maar in de songs haalt de ernst de boventoon. Doorgaans houdt ze het op de songs waaruit smachtende, al dan niet beantwoorde liefde gloeit en glimt, zoals ‘If I Go First’ (geïnspireerd op een lied uit de musical ‘Camelot’, die op de zevenjarige Dayna een onuitwisbare indruk naliet) of ‘Reconsider Me’ van Margaret Lewis en Mira Smith. Maar ze verlustigde zich, bij wijze van afwisseling, ook in een heerlijk swingende versie van een lichtvoetige rockabilly song van Sunlegende Albert Austin ‘Sonny’ Burgess (straks 86 en nog altijd actief!), met slagzin ‘Better Not Catch You Begging Round My Back Door’, wis en waarachtig een… catchy deun.

Het vele stemmen gaf aanleiding tot korte tot iets langere commentaren. ‘Raise The Last Glass’ kondigt ze aan als een ‘drinking song for the Apocalyps’… waarop ze zich meteen excuseert voor de verlichte leider die nu het machtigste land van de wereld als zijn zandbak beschouwt. ‘In de tijd van Bush moesten we ons al uitgebreid verontschuldigen, maar wat dan gezegd van nu?’, daar kwam haar bedenking op neer. Nog een kleine vier jaar, Dayna! Robert hoor je nauwelijks tenzij op elektrische gitaar en mandoline. Hij gooit tussen de nummers af en toe wat korte fragmenten, bron van veel jolijt op en voor het verhoog: we horen flarden ‘Les enfants du Pirée’ van Manos Hadjidakis, ‘Chariots Of Fire’ van Vangelis, ‘El Condor Pasa’ ‘op naam van’ Paul Simon (Maché blijkt wel wat af te weten van andere muziekjes dan rock, vooral van Franse muziek van de sixties!)

Dayna Kurtz is een uitvoerende artiest die ongetwijfeld van om het even welke doorsnee song een belevenis kan maken, maar haar eigen liederen zijn nu eenmaal top, zoals ook haar keuze van andermans liederen dat is. Keuze te over, maar ze moet nu eenmaal kiezen. ‘Postcards From Downtown’, titelnummer van haar tweede (er was eerst een liveplaat in 1997, ‘Another Luscious Life’, waar o.a. dit nummer op stond en nog andere songs die later opnieuw zouden opduiken, zoals ‘Liberty’ en ‘Paterson’), snijdt door merg en been, net als ‘Last Good Taste’, ook al uit dat monument dat ‘Postcards From Downtown’. Voor ‘Last Good Taste’ moet ze de zwarte elektrische helemaal anders stemmen, in wat ze de ‘fucked up tuning’ noemt. Tja, en daar gaat Maché weer met de vuurwagens en de condors! Geen vrees dat je als een hypochonder van een Dayna Kurtz concert weerkeert!

Ze eindigt de set met het enigmatische ‘Venezuela’, maar ze neemt de tijd om die song te duiden: ‘Ik ben nooit in Venezuela geweest, maar ik heb wel gedroomd dat ik in die stad was… en heel mijn familie was daar ook geraakt, op de een of andere manier’. Ze bedoelt allicht hoofdstad Caracas. Een onbekende, hoogst vriendelijke Venezolaan toonde haar fier zijn stad en bekende aan het eind dat hij haar al graag zag van toen ze nog een kind was. Ze zag de man (die ze Fernando doopte) wel zitten… en werd toen wakker. Ze schreef de droom meteen haarfijn neer, en dat werd deze prachtige, walsende, van Sehnsucht barstende sprook…

Met het eerste bisnummer brengt ze een ode aan ons land en aan zijn grootste artiest, Jacques Brel. Ze vertelt erbij dat ze het Franse origineel niet dorst te zingen, ‘want dan krijg je vragen over de uitspraak’. Dan maar de Nederlandstalige vertaling, overigens van Brel zelf. Tekstblad in de hand brengt ze het er goed van af in deze a capella uitvoering. Er zijn zelfs tweeklanken bij die ze heel correct uitspreekt, al struikelen Angelsaksen daar meestal normaal gesproken haar op ons hoofd denkt er dus aan hierop te vitten, want de geest van Brel schemert wel degelijk door. Je verwacht ook niet anders van een gevoelige ziel als Dayna Kurtz. ‘Love Gets In The Way’ sluit af, net zoals het ‘Here Vol. 1’ passend afrondt… Het hoeft denkelijk geen betoog dat dit een juweel van een concert was… En wil er asjeblief eens iemand voor zorgen dat we deze rasartieste opnieuw vaker in ons land mogen beleven?

Antoine Légat

Playlist: 1/ It’s How You Hold Me (opener ‘Rise And Fall’) 2/ Billboards For Jesus (uit ‘American Standard’) 3/ Fred Astaire (uit ‘Postcards From Downtown’) 4/ Do I Love You (comp. Floyd Dixon; opener van ‘Secret Canon Vol. 1’) 5/ Raise The Last Glass (‘Rise And Fall’) 6/ Another Black Feather (uit ‘Another Black Feather…’) 7/ If I Go First (‘Rise And Fall’) 8/ Postcards From Downtown 9/ ‘Better Not Catch You Begging Round My Back Door’ (Albert Austin ‘Sonny’ Burgess) 10/ Reconsider Me (comp. Margaret Lewis-Mira Smith; ‘Secret Canon Vol. 2’) 11/ Last Good Taste (‘Postcards From Downtown’) 12/ Venezuela (‘Another Black Feather…’) Bis 1: Mijn Vlakke Land (Jacques Brel; a capella en in Nederlands) Bis 2: Love Gets In The Way (‘Postcards From Downtown’)

Foto's copyright Dayna Kurtz


 

Artiest info
website  
facebook  

Ô WERKENDAM - 13/03/17

 

 

Binnenkort verkrijgbaar